HOMO SAPIENS SAPIENS IN AFRIKA

°

°

MENSENRASSEN,  <—

afrika -10.000 tot nu.docx (186.1 KB)

°

 

 

https://tsjok45.wordpress.com/2012/11/28/ras/san-bosjesman/

 

 

‘Eerste kampvuren versterkten sociale banden’

 

'Eerste kampvuren versterkten sociale banden'

De eerste kampvuren versterkten mogelijk de sociale banden tussen mensen, zo blijkt uit onderzoek onder bosjesmannen in Afrika.

http://www.nu.nl/wetenschap/3885152/eerste-kampvuren-versterkten-sociale-banden-.html

23 september 2014

Als bosjesmannen in de Kalahari-woestijn zich ’s avonds rond een kampvuur verzamelen, veranderen hun conversaties.

Hun gesprekken gaan bij het vuur opvallend vaak over sociale relaties en religie, terwijl de stamleden overdag vooral economische problemen bespreken.

Waarschijnlijk beïnvloedden de eerste kampvuren de conversaties van onze verre vooroudersop dezelfde manier, zo melden onderzoekers van de Universiteit van Utah in het wetenschappelijk tijdschrift PNAS.

Verschil

De wetenschappers brachten tussen 1970 en 2013 verschillende malen een bezoek aan de Ju’/Hoan, een groep bosjesmannen die in de Kalahari-woestijn in Namibië en Botswana leven.

Ze registreerden conversaties van de stamleden overdag en ’s avonds als ze zich rond een kampvuur verzamelden.

“We vonden een opvallend verschil tussen de gesprekken in het licht van het kampvuur en de conversaties overdag”,

verklaart onderzoekster Polly Wiessner op ABC News.

Anekdotes

De wetenschappers classificeerden 81 procent van gesprekken rond het kampvuur als ‘sociale vertellingen’. Bij deze gesprekken werd er zeer beeldend gesproken over de belevenissen van voorouders, familieleden of kennissen. Overdag vonden dit soort uitwisselingen van sociale anekdotes bijna niet plaats.

Volgens Wiessner suggereert de studie dat het vermogen van mensen om vuur te maken ertoe leidde dat hun gesprekken veranderden en hun sociale banden sterker werden.

Slaappatroon

“Het vuur veranderde ons slaappatroon. We bleven langer wakker en er ontstond dus extra tijd waarin niet gewerkt kon worden”, zo speculeert de onderzoekster.

Rond het kampvuur ontstonden daardoor volgens Wiessner als vanzelf gesprekken die niet over werk gingen, maar over sociale relaties.

De sfeer van rond het kampvuur is in de huidige maatschappij nog steeds terug te vinden, benadrukt de antropologe.

“Zelfs vandaag de dag houden we nog van een open haarden en in restaurants steken we vaak kaarsen aan, zodat er een sfeer ontstaat die intimiteit en sociale binding stimuleert.”

Door: NU.nl/Dennis Rijnvis

Starting a fire

trance dancers around the fire 

 

Afbeeldingen van Ju’/Hoan  <–

 

 

Avonden rond kampvuur gaven moderne samenleving mee vorm

Bosjesmannen 1124606107

Marc van Dessel
23.09.2014
De verhalen die ’s avonds rond het kampvuur werden verteld hebben de verschillende samenlevingen in de loop van de geschiedenis mee vormgegeven door tradities te versterken en de harmonie en gelijkheid binnen een groep te bevorderen. Dat blijkt uit een Amerikaanse studie over de Bosjesmannen in de Afrikaanse Kalahari-woestijn.

Tot hiertoe bogen de wetenschappers zich vooral over de invloed van een bepaalde keuken op de voeding en de anatomie, maar over bijvoorbeeld het belang van een kampvuur bij wijze van het verlengen van de dag was weinig tot niets geweten. Zo zou het vuur niet enkel hebben gediend om voedsel te bereiden en roofdieren af te schrikken, maar bevorderde het ook de sociale activiteiten na het vallen van de nacht.

Om de precieze impact van een kampvuur op een samenleving te proberen bepalen, bestudeerden wetenschappers van de universiteit van Utah de gesprekken rond het kampvuur van de Kalahari-Bosjesmannen, aangezien hun huidige bestaan de meeste overeenkomsten vertoont met de levens van onze voorouders zo vele jaren geleden.

Antropologe Polly Wiessner vergeleek onder andere 174 conversaties over een periode van dertig jaar en stelde vast dat de gesprekken overdag veelal handelden over economische activiteiten zoals de jacht, terwijl de nachtelijke uurtjes eerder gereserveerd waren voor zang, dans, religieuze plechtigheden en het vertellen van boeiende verhalen.

“Versterking van sociale weefsel”

Ook werd er ’s nachts rond het vuur druk gepraat over de geestenwereld en over denkbeeldige gemeenschappen die ver van de Bosjesmannen zouden bestaan. Tijdens die avondlijke gesprekken werd ook informatie uitgewisseld over culturele gewoonten en sociale normen.

Volgens de onderzoekster droegen de avonden rond het kampvuur op die manier bij tot een versterking van het sociale weefsel binnen een samenleving en tot de ontwikkeling van menselijke cognitieve capaciteiten op vlak van culturele uitwisseling, wederzijds begrip en een doorgedreven onderlinge samenwerking.

De analyse van de gesprekken rond het kampvuur kan met andere woorden een antwoord bieden op de vraag hoe deze intieme momenten hebben bijgedragen tot de evolutie van de menselijke samenleving, luidt het tot slot.

 

(1)

Overdag zijn die mensen die men onderzocht – en die als model voor onze prehistorische voorouders werden gebruikt – hard aan het werk voor o.a. het vangen, verzamelen …etc….van voedsel e.d.

’s Avonds in het donker kan dat niet en dus eet men en rust men uit bij het enige licht en de warmtebron die men heeft: het centrale kampvuur (die ook voor bescherming zorgde tegen roofdieren).

Uiteraard komen dan de sociale uitwisselingen tot leven.(1b)

(1b)

Er waren overdag ook sociale uitwisselingen … Jagen vergt immers samenwerking , kinderen oppassen verloopt ook veel beter  wanneer er wordt samengewerkt in vrouwengroepen   etc ….  Het gaat om ; de INHOUDELIJKE  AARD van de gesprekken  ( =over  religie , overpeinzingen en  culturele gedachtenwisselingen  ,    trance dansen etc … )die blijkbaar onderwerpen aansnijden die overdag veel minder aan bod komen

Dat heeft met de sfeer van een vuur weinig tot niets te maken.
Het is eerder andersom dat men vuur als sfeervol is gaan beschouwen omdat die geassocieerd werd met sociaal contact, dan dat vuur een goede sfeer voor sociaal contact bevorderde.

 Ik weet niet of onze associatie van vuur met gezellig – die we blijkbaar met de Bosjesmannen delen , genetisch bepaald is.

Het kan goed cultureel bepaald zijn, en dat zou kunnen betekenen dat weliswaar alle culturen dit kennen, maar dat daarmee nog niet gezegd is dat onze voorouders dit ook  zo hebben ervaren .

Het is best mogelijk dat ze eerst het vuur ontdekten en er toen achter kwamen dat het weliswaar prettig is om bij het vuur te zitten

°

 

 

Firelight talk of the Kalahari Bushmen: Did tales told over fires aid our social and cultural evolution?

September 22, 2014   Source:  University of Utah
Summary:
A study of Africa’s Kalahari Bushmen suggests that stories told over firelight helped human culture and thought evolve by reinforcing social traditions, promoting harmony and equality, and sparking the imagination to envision a broad sense of community, both with distant people and the spirit world.
Ifung man sitting in camp

Ifung man sitting in camp

!Kung Kalahari Bushmen in Africa sit in camp. A University of Utah study of nighttime gatherings around fires by these hunter-gatherers suggests that human cultural development was advanced when human ancestors started telling stories around the fire at night to reinforce social traditions, promote harmony and spark the imagination.
Credit: Polly Wiessner, University of Utah

EMOTIES

BREIN EN EVO  INHOUD       

EMOTIES HERSENDOSSIERS 3.docx (1 MB)

evolutionair voordeel gedrag.docx (374.3 KB)

°

zie ook

__________________________________________________________________

Acht gezichtsuitdrukkingen: blijdschap, boosheid, verdriet, minachting, walging, neutraal, angst en verbazing

In de Nijmeegse database zijn acht belangrijke emoties opgenomen: blijdschap, boosheid, verdriet, minachting, walging, neutraal, angst en verbazing.

http://www.ru.nl/@746910/pagina/

FacialExpressions

 

facial-expressions1  chimps

 

 

 

°

 

Chimps are good at showing their moods and do so using the expressions on their faces. The shape of the mouth and whether or not the teeth are bared are important signals. The chimps pictured above are showing (1) a desire to play, (2) how they beg for food, (3) fear, and (4) anxiety.

 

 

heel herkenbare basale emoties en gezichtuitdrukking

°

De meeste onderzoekers zijn het erover eens dat wij mensen zes basale emoties hebben die te herkennen zijn aan de hand van specifieke gezichtsuitdrukkingen. Maar die zes basale emoties gaan nu op de schop: nieuw onderzoek suggereert dat we er maar vier hebben.

Onderzoeker Paul Ekman stelde dat er zes basale emoties zijn die we middels een bepaalde gezichtsuitdrukking communiceren en die mensen wereldwijd – ongeacht hun taal of cultuur – begrijpen. Die zes emoties zijn: vreugde, verdriet, angst, woede, verbazing en walging. Als u een gezicht trekt dat getuigt van walging, dan maakt het dus niet uit waar u dat gezicht trekt: of u nu in China of in Noorwegen of in Arabië bent, iedereen herkent de gezichtsuitdrukking en weet dat u walgt.

Onderzoek
Tenminste: dat dacht Ekman. Nieuw onderzoek suggereert namelijk dat er eigenlijk maar vier basale emoties zijn die we heel gemakkelijk aan een bepaalde gezichtsuitdrukking kunnen verbinden. Onderzoekers van de universiteit van Glasgow bestudeerden de spieren in het gezicht en het moment waarop bepaalde spieren bij het vertonen van een bepaalde emotie actief werden.

Angst en verbazing
Uit het onderzoek blijkt dat de gezichtsuitdrukkingen die horen bij blijheid en verdriet vanaf het begin al duidelijk onderscheidend zijn van de rest van de basale emoties.

 

(verdriet ? )

http://www.scientias.nl/rouw-in-het-dierenrijk/29966

blije chimpansee ? 

lachende chimps 

http://nl.wikipedia.org/wiki/Chimpansee

http://nl.wikipedia.org/wiki/Lachen_(gedrag)

Chimpansees, gorilla’s, bonobo’s en orang-oetans produceren bij speelse activiteiten als stoeien, elkaar nazitten of kietelen geluiden die verwant lijken aan de lach van mensen. Het lachen van jonge chimpansees en bonobo’s gaat vaak gepaard het een typisch spelgezicht(play-face) en is vooral opvallend bij het kietelen. Bij het spelgezicht staat de bek iets open, en is alleen de bovenrand van de ondertanden zichtbaar. De vocale lach van chimpansees verschilt echter qua geluidspatroon van die van mensen, en is meer een soort hijgerig in- en uitademen. Hij verandert ook niet bij het ouder worden. Ook blijken deze dieren gevoelig in dezelfde ‘kietelgebieden’ op het lichaam, zoals buik en oksels.

een “lachende “orang oetang

°

curious and  exited  df2fa600d48714f85f29b243af968b00_mediumCurious , baffled   and ….. exited 

 

Maar voor angst en verbazing ligt dat anders. Zij delen in de eerste fase waarin mensen deze emoties uiten de wijdopengesperde ogen en zijn dan moeilijk van elkaar te onderscheiden.

 

1358243740_chimpansee_flickr_patries71

De verbazing van de porno-verslaafde  chimp Gina 

 

http://www.kennislink.nl/publicaties/het-bange-dier

 

Chimpansees die gebruikt worden voor medische proeven vertonen dezelfde psychiatrische symptomen als mensen die gefolterd worden.

In een studie met 116 chimpansees bleek dat 95 procent minstens één van de patronen vertoont die we ook bij mensen terugvinden die lijden aan de posttraumatische stressstoornis. De dieren in kwestie werden ooit gebruikt voor medische proeven en leven intussen in een reservaat in de VS. Maar hun gedrag wekt jaren later nog steeds bezorgdheid, zo melde de Britse krant The Independent.

Voor de studie werd het gedrag van de apen vergeleken met het gedrag bij menselijke patiënten. De chimpansees hebben last van meerdere symptomen: ze blijven weg uit bepaalde ruimten in hun leefomgeving, ze vertonen angstuitbarstingen, ze hebben moeite met sociaal contact en ze kunnen amper slapen.

 

 

°

 

Datzelfde geldt voor woede en walging: zij delen in het begin de gerimpelde neus en zijn in eerste instantie meer aanwijzingen dat gevaar dreigt.

Pas in een later stadium zijn angst en verbazing en woede en walging van elkaar te onderscheiden en dus zijn er  vier verschillende gelaatsuitdrukkingen horend bij vier verschillende emoties.

Evolutie
De onderzoekers stellen dan ook dat er eigenlijk maar vier basale emoties zijn die gemakkelijk van het gezicht af te lezen zijn. Dat is volgens de onderzoekers met het oog op de evolutietheorie goed te verklaren.

Gelaatsuitdrukkingen kunnen we om twee redenen maken: om ons vege lijf te redden of om anderen te waarschuwen.

Evolutionair gezien is het eerste het belangrijkste.

In het geval van gevaar zijn onze ogen dan ook wijd opengesperd, zodat we zoveel mogelijk informatie tot ons kunnen nemen en we trekken onze neus op om te voorkomen dat we eventuele schadelijke stofjes binnen zullen krijgen.

In dat prille stadium kan een ander die gelaatsuitdrukking nog niet aan een bepaalde emotie koppelen.

Later worden andere spieren in het gezicht actief waardoor de ander dat wel kan en dus weet of iemand angstig of gewoon verbaasd is en op basis daarvan kan handelen (in het geval van angst bijvoorbeeld op de vlucht slaan).

“Wat ons onderzoek laat zien is dat niet alle spieren in het gezicht tegelijkertijd actief worden wanneer we een bepaalde gezichtsuitdrukking vormen,”

stelt onderzoeker Rachael Jack. In plaats daarvan worden eerst spieren actief die ons kunnen redden en pas later worden de spieren waarmee we iets naar anderen kunnen communiceren, actief.

“Ze veranderen van in de biologie gewortelde signalen in de complexere specifieke signalen met een sociale functie.”

Bronmateriaal:
Written all over your face: humans express four basic emotions rather than six, says new study” – Gla.ac.uk

*

…wetenschappers  hebben onlangs kaartjes van ons lichaam gemaakt  waarop te zien is waar elke emotie te voelen is?
Kaartje van uw lichaam laat zien waar elke emotie te voelen isEmoties hebben ook een fysiek effect. Zo kan een gevoel van verliefdheid ons warm van binnen maken, terwijl…

°

BOOSHEID  

 

De evolutie van het boze gezicht ontrafeld

 Boze  verwanten 

edinburg zoo

edinburg zoo

angrty gorilla    759211749_6f6642c0f5

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

angry  and menacing  gorilla 

 

 

Vraag tien mensen om een boos gezicht te trekken en ze zullen alle tien dezelfde spieren aanspannen. Waarom? Wetenschappers zijn eruit: het boze gezicht is evolutionair gezien voordelig, omdat het ons sterker laat lijken dan we zijn.

Waar ter wereld je ook komt: een boos gezicht is overal hetzelfde. “Zelfs kinderen die blind geboren zijn, trekken dit gezicht als ze boos zijn ook al hebben ze het zelf nog nooit gezien,” vertelt onderzoeker Aaron Sell. Wereldwijd gooien mensen zeven spiergroepen in de strijd om een boos gezicht te maken. En dat is fascinerend. Want waarom deze zeven spiergroepen? Amerikaanse en Australische wetenschappers wilden dat ook wel eens weten.

Onderhandelingen
Tijdens een eerder onderzoek deden deze wetenschappers al de ontdekking dat de emotie ‘woede’ waarschijnlijk ontstond en zich wist te handhaven omdat het een nuttige emotie is tijdens onderhandelingen. Een eerste stap tijdens onderhandelingen is de ander laten weten dat je het niet eens bent met zijn voorstel en dat het conflict pas voorbij is als er een voor beide partijen aanvaardbare oplossing is gevonden. Dat verklaart volgens de onderzoekers waarom de emotie ‘woede’ gepaard gaat met een specifieke gezichtsuitdrukking: met die gezichtsuitrukking laat je aan anderen weten dat je het niet eens bent met het voorstel. “Maar het boze gezicht geeft niet alleen de start van een conflict weer,” benadrukt Sell. “Elke specifieke gezichtsuitdrukking zou dat immers kunnen doen. Wij bedachten dat het boze gezicht deze specifieke vorm heeft, omdat het nog een boodschap afgeeft: elk element ervan is ontworpen om de ander te intimideren.” Volgens de onderzoekers draagt elk element van het boze gezicht eraan bij dat een individu gevaarlijker oogt. En hoe gevaarlijker een individu oogt, hoe groter de kans is dat hij zijn zin krijgt.

Experiment
Een mooie hypothese. Maar is dat werkelijk zo? De onderzoekers namen de proef op de som. Met behulp van de computer genereerden ze verschillende gezichten. Die gezichten gaven ze de verschillende elementen van een boos gezicht mee. Het resultaat was een gezicht dat niet boos keek, maar wel één element van woede bezat. Eén zo’n element dat je in een boos gezicht aantreft, is bijvoorbeeld de lage wenkbrauwen. De onderzoekers genereerden een gezicht met lage en met hoge wenkbrauwen en lieten proefpersonen de gezichten bekijken. Vervolgens moesten die proefpersonen aangeven hoe sterk ze de afgebeelde persoon achten. De proefpersonen die een gezicht met lage wenkbrauwen (slechts één element van een boos gezicht) zagen, dachten dat de afgebeelde persoon veel sterker was dan de persoon met hoge wenkbrauwen. En dat gold niet alleen voor de wenkbrauwen, maar voor elk individueel element van een boos gezicht: de samengeknepen lippen, de hoge kin, enzovoort.

“Ons eerdere onderzoek toonde aan dat mensen uitzonderlijk goed in staat zijn om de vechtvaardigheden van een individu vast te stellen door naar zijn gezicht te kijken,” vertelt Sell. “Aangezien mensen die sterker lijken vaker hun zin krijgen – zelfs als anderen even sterk zijn – concluderen we dat de evolutie van het boze mensengezicht verrassend eenvoudig verklaard kan worden: het is het etaleren van dreiging.”

Net zoals sommige dieren zich wanneer ze bedreigd worden groter maken dan ze in werkelijkheid zijn, wekken bedreigde mensen het idee dat ze groter en sterke zijn dan ze in werkelijkheid zijn door boos te kijken.

“Het verklaart waarom de evolutie deze specifieke gezichtsuitdrukking selecteerde om samen te gaan met woede,”

voegt onderzoeker John Tooby toe.

“Woede ontstaat doordat je weigert om de situatie te accepteren en het gezicht organiseert zich vervolgens zo dat je de andere partij duidelijk laat weten welke gevolgen het heeft als deze de situatie niet acceptabeler maakt. Wat vooral zo prettig is aan deze onderzoeksresultaten is dat geen enkel element van het boze gezicht toeval is: ze geven allemaal dezelfde boodschap af.”

 

Bronmateriaal:
The Universal ‘Anger Face’” – UCSB.edu

 

“Een boos gezicht trekken is geen toeval”

http://deredactie.be/cm/vrtnieuws/wetenschap/1.2076467

 

VRT

di 02/09/2014 
Gianni Paelinck
Lage wenkbrauwen, opengesperde neusgaten en gespannen lippen: het zijn de kenmerken van een boos gezicht en dat is niet toevallig, ontdekten onderzoekers van de universiteit van Santa Barbara in Californië. Ons gezicht is zo geëvolueerd omdat het ons sterker doet lijken. Elk element van een boos gezicht helpt ons een ander te intimideren en dat is evolutionair voordelig.

We gebruiken 7 spiergroepen om tot de specifieke constellatie van een boos gezicht te komen en dat alles is te herleiden tot de evolutietheorie. Een boos gezicht biedt ons functionele voordelen, zo stellen de onderzoekers.

“In een eerder onderzoek toonden we al aan dat de emotie woede ons helpt om te onderhandelen bij een conflict”, zegt onderzoeker Aaron Sell.

Met woede gaat ook een specifieke gezichtsuitdrukking gepaard en die is overal ter wereld hetzelfde. Meer nog: de uitdrukking is aangeboren want ook blinde kinderen trekken eenzelfde boos gezicht, zo stellen de wetenschappers.

“Een boos gezicht doet ons sterker lijken dan we zijn”

De onderzoekers van de universiteit van Santa Barbara genereerden met computers enkele gezichten met telkens een boos element en lieten dat vervolgens zien aan proefpersonen. Wat bleek? De proefpersonen dachten dat de mensen met ook maar één boos element in het gezicht veel sterker waren dan wanneer dat element niet te zien was.

“Elk element van een boos gezicht helpt dus om een ander te intimideren omdat de boze persoon sterker gaat lijken”, aldus onderzoek Sell.

Op die manier kunnen mensen zich dus sterker voordoen dan ze eigenlijk zijn, waardoor ze in een conflict een sterkere onderhandelingspositie krijgen. En dat is volgens de onderzoekers het resultaat van onze biologische evolutie.

“Woede ontstaat wanneer een persoon een gegeven situatie niet kan aanvaarden en het gezicht organiseert zichzelf onmiddellijk om aan de andere persoon te tonen wat het hem kan kosten als die de situatie niet acceptabeler maakt.

Ons onderzoek toont nu aan dat alle elementen in een boos gezicht niet toevallig zijn, maar allemaal dezelfde functie hebben: het etaleren van een dreiging”,

luidt de conclusie van het onderzoek.

Het onderzoek is gepubliceerd in het vakblad “Evolution & human behavior”.

The anger face

 

http://www.sciencedaily.com/releases/2014/08/140828184811.htm

The anger face is a constellation of features, each of which makes a person appear physically stronger.
Credit: © Vera Kuttelvaserova / Fotolia

Rimpels helpen ons om te schatten hoe oud iemand is. Maar nieuw onderzoek wijst erop dat we (onbewust)…
 °
AGRESSIE 
Agressie  <– doc (chimps and  war )
agressie.docx (1.3 MB) <– 
°
 http://www.nu.nl/wetenschap/3880353/evolutie-maakte-menselijke-gezichten-sterk-verschillend–.html

‘Evolutie maakte menselijke gezichten sterk verschillend’

Menselijke gezichten zijn waarschijnlijk geëvolueerd om zo veel mogelijk uniek te zijn. Dat beweren Amerikaanse wetenschappers in een nieuwe studie.

 

individual faces ( homo sapiens )

individual faces ( homo sapiens )

De verschillen tussen gezichten van individuen zijn bij mensen veel groter dan bij dieren.

Dat is waarschijnlijk in de loop van de evolutie zo gegroeid, omdat de herkenbaarheid van individuen van groot belang is bij sociale interacties tussen mensen.

Dat melden onderzoekers van de Universiteit van Californië in het wetenschappelijk tijdschrift Nature Communications.

Genen

De wetenschappers analyseerden de DNA-volgorde van een groot aantal mensen over de hele wereld. Genen waarvan bekend is dat ze de vorm en bouw van het gezicht bepalen, bleken veel sterker te variëren dan genen die het uiterlijk van andere lichaamsdelen beïnvloeden.

Volgens hoofdonderzoeker Michael Sheenan suggereren de bevindingen dat het gezicht van mensen is geëvolueerd om zo veel mogelijk uniek te zijn.

Waar de meeste dieren vooral op geuren afgaan om elkaar te herkennen, zijn sociale interacties bij mensen vooral visueel gericht.

Hersenen

“Mensen zijn fenomenaal goed in het herkennen van gezichten, er is zelfs een hersendeel gespecialiseerd in deze taak”, verklaart Sheenan op nieuwssite ScienceDaily.

“Onze studie toont aan dat mensen in de loop van de evolutie zijn geslecteerd om uniek en herkenbaar te zijn.”

Sheenan neemt zichzelf als voorbeeld om het bijzondere staaltje evolutie uit te leggen. “Het is duidelijk in mijn voordeel dat ik anderen gemakkelijk kan herkennen, maar het is ook handig dat ik herkenbaar ben voor anderen. Als het geen evolutionair voordeel zou zijn om een uniek gezicht te hebben, dan zouden we er allemaal ongeveer hetzelfde uitzien.”

Door: NU.nl/Dennis Rijnvis

http://www.sciencedaily.com/releases/2014/09/140916112240.htm

Human faces are so variable because we evolved to look unique

Date:September 16, 2014
Source:University of California – Berkeley
Summary:
Why are human faces so variable compared to other animals, from lizards and penguins to dogs and monkeys? Scientists analyzed human faces and the genes that code for facial features and found a high variability that could only be explained by selection for variable faces, probably because of the importance of social interactions in human relationships and the need for humans to be recognizable.
The amazing variety of human faces — far greater than that of most other animals — is the result of evolutionary pressure to make each of us unique and easily recognizable.
Credit: UC Berkeley
human faces variety

human faces variety

Humans have much more individually distinctive faces than many animals. (a) Human populations show extensive variability in facial morphology that is used for individual recognition. Patterns of elevated variability are even maintained in more genetically homogeneous populations such as the Finnish, as demonstrated by the portraits of six male soldiers. (b) In contrast to the variability present in human faces, many animals such as king penguins have much more uniform appearances. While king penguins are not known to visually recognize individuals, they do have highly distinctive vocalizations that are used for individual recognition. (Photo credits: SA-kuva, Finnish Armed Forces photograph; Wikimedia commons.)
°
Apen gezichten  —>
primaten gezichten

primaten gezichten

HOMO SAP

http://www.nature.com/nature/journal/v513/n7518/full/nature13673.html*

°AFSTAMMING  VAN DE  MENS  en de mensachtige              

°

Homo leeftijd (mln) herseninhoud (1000cc)°HOMO SAPIENS.docx (4.4 MB)°ngandong , mungo , archaic africa.docx (.2 KB)
sapiens 0,15 – heden 1100 – 1400Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen. TANDEN UIT DE QESEM GROT Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Xuchang mensAFRICAN HOMO SAPIENShttp://phys.org/news/2013-06-beachcombing-early-humans-africa.html#nRlvhttp://phys.org/news/2013-05-human-culture-linked-rapid-climate.html#nRlvhttp://phys.org/news/2012-12-africa-homo-sapiens-techies.html#nRlv

*

Kernwoorden

, , , , , , , ,

*

maandag 13 januari 2014

200.000 jaar mens, maar niet altijd dezelfde!

Hoewel het voor het ongeoefende oog misschien lastig is om de mens van tienduizenden jaren geleden te onderscheiden van de mens van nu, is dat voor wetenschappers een eitje. Regionale variatie in huidskleur, afweersysteem en stofwisseling laten zien dat evolutie zeker niet tot stilstand is gekomen.

door

Hoewel de meest kenmerkende eigenschappen van de mens in Afrika zijn ontstaan, ziet ons lichaam er nu toch anders uit dan toen de eerste homo sapiens [1] Afrika verliet.

Dit blijkt uit onderzoek van het menselijk genoom en van overblijfselen van menselijke skeletten.

Van genen is vaak onduidelijk wat ze precies met het lichaam doen. Als onderzoek van het genoom dus laat zien dat de frequentie waarmee een bepaalde genvariant voorkomt is veranderd, is dat niet per se terug te zien in menselijke overblijfselen. Waarschijnlijk is dat bij het merendeel van de gevallen van genetische verandering zelfs niet zo. Meestal gaat het immers ook maar om heel subtiele verschillen.

Map-of-human-migrations

Kaart van hoe de mens zich over de wereld verspreidde. De gekleurde strepen geven aan hoeveel duizendtal jaar geleden groepen mensen (weergegeven met zwarte pijlen en strepen) wegtrokken. Wikimedia

Andersom hoeven veranderingen van het skelet niet voort te komen uit genetische verandering. De omgeving oefent namelijk ook na bevruchting van de eicel invloed uit op het lichaam en op welke genen aan en uit worden gezet. Aan het feit dat ons lichaam er anders uit is gaan zien liggen dus meerdere processen ten grondslag.

Versnelling van menselijke evolutie

Aan regionale variatie in lichaamskenmerken (zoals huidskleur) is goed te zien dat er nadat onze voorouders uit Afrika wegtrokken nog genetische verandering heeft plaatsgevonden. Recent onderzoek laat zelfs zien dat Noord-Nederlanders genetisch verschillen van Zuid-Nederlanders. Dit soort regionale verschillen wijst op recente selectie.

Niet alleen heeft er sinds onze laatste gemeenschappelijke voorouder dus nog genetische verandering plaatsgevonden, het heeft er alle schijn van dat evolutie zelfs versneld is. Deze versnelling is te verklaren vanuit drastische veranderingen in de leefomgeving gecombineerd met een sterke bevolkingsgroei. In nieuwe leefomgevingen werden andere lichamelijke kenmerken gunstig. En omdat er in een grotere bevolking meer mutaties (toevallige veranderingen in het erfelijk materiaal) worden gegenereerd, is er ook een grotere kans dat er geselecteerd kan gaan worden op zo’n nu gunstig geworden kenmerk.

Vermoedelijk werden genetische oplossingen voor de uitdagingen waarvoor de nieuwe omgeving ons stelde, ook aangedragen doordat homo sapiens zich met andere mensachtigen (zoals de Neanderthaler) heeft gekruist. Deze kruisingen hebben vast ook voor veel ongunstige eigenschappen gezorgd. Maar ongunstige eigenschappen werden door selectie gauw genoeg weer geëlimineerd, terwijl de eigenschappen die voortplantingsvoordeel boden, konden blijven bestaan.

Xrayricketslegssmall

Tekort aan vitamine D kan resulteren in de Engelse ziekte, met als kenmerkend verschijnsel de kromme benen te zien op deze röntgenfoto. Mrich

Huidskleur

De duidelijkste genetische verandering is wel huidskleur. Onderzoek toont aan dat er in niet-Afrikaanse populaties de afgelopen tienduizend jaar sterk is geselecteerd op genen die hierop van invloed zijn. Homo sapiens ontstond niet ver van de evenaar. Mensen die van die plek wegtrokken, kregen door de verminderde blootstelling aan de zon te maken met vitamine D-tekorten.

Omdat deze tekorten aandoeningen als de Engelse ziekte tot gevolg konden hebben, hadden mensen die meer vitamine D opnamen omdat ze net wat lichter getint waren een voortplantingsvoordeel.

Huidskleur hangt niet perfect samen met breedtegraad, onder andere omdat ook voeding (met name vlees en vis) een bron is van vitamine D. Mogelijk heeft dus niet alleen het wegtrekken van de evenaar, maar ook het door de komst van de landbouw veranderende voedingspatroon voor de lichtere huidskleur gezorgd.

Afweersysteem

Een tweede terrein waarop zich sinds de uittocht uit Afrika belangrijke genetische verandering heeft voorgedaan, is dat van ons afweersysteem. Ook hierin zijn grote regionale verschillen ontstaan.

Door domesticatie nam de omgang met dieren in Eurazië [15] sterk toe en eveneens kwamen mensen veel dichter op elkaar te wonen. Infectieziekten kregen hierdoor vrij spel. Omdat infectieziekten dodelijk kunnen zijn en de kans op voortplanting dus sterk inperken, was een mutatie die infectieziekten minder dodelijk maakt in deze gebieden enorm gunstig.

Egyptian_domesticated_animals

Domesticatie: Een koe wordt gemolken in het Antieke Egypte. wikimedia commons

De ziekten die Europeanen met zich meedroegen en voor hen al lang niet meer dodelijk waren, bleken dat bij de verovering van Amerika voor de Indianen nog wel te zijn. In Afrika werden Europese kolonisten echter geconfronteerd met malaria. Hiertegen hadden de Afrikanen in de loop der tijd genetische bescherming ontwikkeld. Mogelijk kan dit verklaren waarom het de Europeanen wel lukte om de Amerika’s maar niet om Afrika te veroveren.

Stofwisseling

Ook is er de afgelopen tienduizend jaar sterk geselecteerd op genen die te maken hebben met het verwerken van voedsel. Niet zo gek misschien als je weet hoe zeer de komst van de landbouw ons voedingspatroon heeft veranderd. Granen en zuivelproducten zijn we tienduizend jaar geleden pas in grote hoeveelheden gaan consumeren.

Hoe langer er ergens al landbouw bedreven wordt, hoe langer geleden het is dat mutaties op het gebied van stofwisseling optraden en hoe minder gevoelig mensen zijn voor welvaartsziekten. Een bekend voorbeeld van zo’n mutatie is ons, door de domesticatie van dieren, toegenomen vermogen om zuivel te verteren. In Noord-Europa maken tegenwoordig bijna alle volwassenen het enzym lactase aan, wat het mogelijk maakt melksuikers af te breken [21].

Tuareg

Ook onder bepaalde groepen Afrikanen heeft zich lactosetolerantie ontwikkeld. Door de Sahara rondtrekkende Toearegs bijvoorbeeld konden de melk van hun kamelen goed gebruiken; hier op de foto’s begeleiden zij overigens toeristen op een rondreisje. Rainer Voegeli

De toename in de hoeveelheid geconsumeerde koolhydraten had aandoeningen gerelateerd aan insulineresistentie (zoals diabetes) en daarmee een selectie op hogere insulinegevoeligheid [23] tot gevolg. Daarnaast zijn er veranderingen opgetreden in de frequentie waarmee genvarianten die te maken hebben met het vervoer van vitaminen voorkomen.

Seksuele selectie

Verder blijkt er recentelijk onder andere geselecteerd te zijn op genen die van invloed zijn op hersenen, botten, reuk, smaak, haargroei en oogkleur. De meeste van de in dit artikel beschreven genetische veranderingen lijken overigens eerder het resultaat van natuurlijke dan van seksuele selectie. Een andere huidskleur, afweer en stofwisseling ging namelijk gepaard met een grotere kans om gezond de reproductieve [25] leeftijd te bereiken. Maar tussen bruine en blauwe ogen en tussen kroeshaar en steil haar lijken geen functionele verschillen te bestaan. Dat maakt het waarschijnlijker dat de selectie op haargroei en oogkleur seksueel van aard was.

Veranderende menselijke overblijfselen

Naast onderzoek van het menselijk genoom, laat ook onderzoek van overblijfselen van menselijke skeletten zien dat ons lichaam is veranderd. Dit onderzoek heeft bijvoorbeeld duidelijk aangetoond dat de mens gedurende de afgelopen tienduizenden jaren niet altijd even lang is geweest. Lange tijd krompen we en het dieptepunt in lichaamslengte werd vermoedelijk zo’n vijfduizend jaar geleden bereikt. Tegenwoordig zijn we weer bijna net zo lang als onze jagende en verzamelende voorouders.

Ook is onze hersenomvang afgenomen. Deze krimp heeft vermoedelijk geen genetische grondslag. Hoewel er tegenwoordig weinig effect meer lijkt te zijn van intelligentie op voortplantingssucces, lijkt het ook weer niet waarschijnlijk dat een kleiner brein een groter nageslacht met zich meebracht, zeker honderden of duizenden jaren geleden niet. Ons krimpende brein lijkt, net als ons krimpende lichaam, eerder een uiting van een slechtere gezondheid.

Dagwater_concrete_jungle1

We zijn pas vrij recentelijk landbouw gaan bedrijven. Op de voeding die landbouw ons biedt, is ons lichaam daarom nog niet afgestemd. Deze mismatch zou resulteren in een slechtere gezondheid, met een kleiner brein, een kleiner lichaam en slechter gebit tot gevolg. Wikimedia Commons

Het aantal generaties ná de komst van de landbouw is namelijk te klein om ons genetisch volledig aan het nieuwe voedingspatroon aan te passen. Wat we dankzij de landbouw zijn gaan eten, deed ons lichaam dus niet per se goed. Ook ons verslechterde gebit en onze kleiner geworden bekkeningang zouden aan deze mismatch te wijten kunnen zijn.

Sterke veranderingen in de leefomgeving brachten dus ook een veranderend menselijk lichaam met zich mee. In hoeverre het veranderen van de mens zelf vervolgens ook weer zorgde voor verdere culturele veranderingen (bijvoorbeeld de industriële revolutie [31]) blijft nog onduidelijk. Er valt dus nog veel meer te ontdekken over de wederzijdse beïnvloeding van onze omgeving en onze biologie.

Fransje Smits is als postdoctoraal onderzoeker in de sociologie verbonden aan de Universiteit van Luxemburg.

Bronvermelding

  1. Homo sapiens http://nl.wikipedia.org/wiki/Mens
  2. Eurazië http://nl.wikipedia.org/wiki/Eurazi%C3%AB
  3. Melksuikers af te breken http://www.mlds.nl/ziekten/130/lactose-intolerantie/
  4. Insulinegevoeligheid http://nl.wikipedia.org/wiki/Insuline
  5. Reproductieve http://nl.wikipedia.org/wiki/Voortplanting_%28biologie%29
  6. Industriële revolutie http://nl.wikipedia.org/wiki/Industriele_revolutie

 

Eerste ontmoeting mensen en neanderthalers in Saudi-Arabië?

In saoudi arabie liggen de resten vaak aan het oppervlak (Foto Greta Jans )

ma 05/05/2014 –Luc De Roy
Archeologen van de KU Leuven en hun Saudische collega’s hebben in de woestijn in centraal Saudi-Arabië prehistorische artefacten gevonden van moderne mensen en neanderthalers. Mogelijk hebben homo sapiens en de neanderthaler elkaar daar voor het eerst ontmoet en zich met elkaar vermengd. De vondsten hebben ook implicaties voor de Out-of-Africa-theorie.

Professor Joachim Bretschneider van de Onderzoeksgroep Nabije Oosten Studies van de KU Leuven was in Saudi-Arabië om er in de centraal gelegen regio Al-Ghat 3.000 jaar oude inscripties en rotstekeningen te bestuderen. Omdat er ook veel prehistorische artefacten te vinden waren, in de woestijn van centraal Saudi-Arabië liggen die vaak aan de oppervlakte door de erosie, vooral de wind, haalde hij zijn collega Philip Van Peer van de Eenheid Prehistorische Archeologie erbij.

Op de site Jebel Samar vonden ze stenen voorwerpen waarvan het productieproces duidelijk Afrikaanse eigenschappen vertoont, vertelt Van Peer: “Het gaat om dezelfde technologie die de vroege homo sapiens in Noord-Afrika zo’n 130.000 jaar geleden toepaste. En die heeft zo’n specifieke combinatie van kenmerken dat een meervoudige ontwikkeling ervan haast onmogelijk is: het is geen Arabische technologie die toevallig lijkt op een Afrikaanse technologie”, zegt hij op de site van de KU Leuven.

“Klimatologisch gezien klopt het plaatje ook: het was een vochtiger periode tussen de droge ijstijden. De Sahara en Arabië bestonden toen uit savanne, met graslanden en galerijwouden langs permanente rivieren. Met andere woorden, de ideale omstandigheden voor homo sapiens om zich verder te verspreiden. In Al-Ghat vonden ze water en de goede grondstoffen om voorwerpen te maken, voornamelijk silex of vuursteen: een hard en breekbaar gesteente dat goed te bewerken is.”

Out-of-Africa

De vondsten lijken te suggereren dat we de Out of Africa-hypothese anders moeten invullen, legt Van Peer uit.

“De genetica vertelt ons dat onze soort – homo sapiens – ontstaan is in Afrika en zich dan in een aantal bewegingen heeft verspreid over heel de wereld. De poort om uit Afrika te raken ligt in het noordoosten, langs de kust van de Rode Zee. Op haar zuidelijkste punt is de zee op haar smalst – nauwelijks 18 kilometer tijdens de laagste zeestanden van de ijstijd. Een oversteek daar lijkt logisch en het gebruik van deze zuidelijke route is ook wat de vele studies van de genetische variatie in moderne populaties lijken aan te geven. Langs de kustlijn van het Arabisch schiereiland heeft Homo sapiens zich 74.000 jaar geleden dan snel verder verspreid naar Azië en Australië.”

“Maar een belangrijke kanttekening is dat een dergelijk genetisch model enkel gebaseerd is op de overlevers die vandaag rondlopen, en geen rekening houdt met alle homo sapiens-populaties die in de loop der tijden geheel verdwenen zijn. Daarvan vinden we wel sporen terug via archeologische resten. Die vormen dus een test voor theorieën die op genetische informatie gebouwd zijn. Dat maakt Saudi-Arabië net zo interessant voor archeologen.”

“Onze vondsten in Al-Ghat bevestigen de Out of Africa-hypothese, maar werpen wel enkele nieuwe vragen op. Wat we vinden in Jebel Samar, wijst duidelijk op geïmporteerde Afrikaanse technologie. Maar die lijkt verrassend vroeg aanwezig geweest te zijn. Bovendien bevinden we ons hier in centraal Saudi-Arabië, ver weg van de kusten van het Arabisch schiereiland. Beide observaties stellen de hypothese van een éénmalige, snelle kustmigratie dus serieus in vraag.”

In de plaats van een eenmalige snelle migratie langs de kust, lijkt het er dus op dat de eerste moderne mensen zich lange tijd gevestigd hebben in het binnenland van Saudi-Arabië.

Neanderthalers

Bovendien werpen de vondsten mogelijk ook een nieuw licht op de eerste ontmoetingen tussen homo sapiens en neanderthalers, zegt Van Peer.

“Een paar jaar geleden deed ik een verkennende missie een tiental kilometer ten westen van Jebel Samar. Toen vonden we ook stenen voorwerpen uit dezelfde periode, maar dan van een technologie die veel meer op die van de neanderthalers lijkt. Zijn neanderthalers ooit zover naar het zuiden afgezakt en hebben ze daar de eerste homo sapiens ontmoet?”

“Het is al langer bekend dat neanderthalers aan het begin van de laatste ijstijd in het gebied aanwezig waren. Maar het is zeker de moeite om verder te onderzoeken of homo sapiens en de neanderthaler in Saudi-Arabië voor de eerste maal met elkaar in contact gekomen zijn. Dit zou het kerngebied kunnen zijn waar een oorspronkelijke vermenging van de beide populaties plaatsvond, waarna homo sapiens zich verder verspreidde naar Azië en Australië. Het zou alvast verklaren waarom uit het meest recente genetisch onderzoek blijkt dat ook in populaties uit die gebieden een klein percentage neanderthaler-DNA voorkomt terwijl daar nooit neanderthalers hebben geleefd.

°

‘ LEVALLOIS   TECHNIEK  

27 september 2014

‘Maaktechniek gereedschap ontstond op meerdere plekken’

Een specifieke manier om stenen gereedschap te maken ontstond waarschijnlijk vrijwel gelijktijdig bij de vroege mens in Afrika en in Eurazië.(1) 

'Maaktechniek gereedschap ontstond op meerdere plekken'

Foto: AFP
Archeologen van verschillende universiteiten uit Europa en Amerika schrijven dat deze week in het tijdschrift  Science.
De studie gaat daarmee in tegen de leidende theorie dat deze zogeheten Levalloistechniek een resultaat was van de exodus van de vroege mens uit Afrika.

Met de Levalloistechniek worden werktuigen gemaakt door eerst een grotere steen te bewerken, waarna de dunne en zeer scherpe afslagen, of splinters, van deze steen goed bruikbaar zijn als snijvoorwerpen, zoals messen.
De in Armenië gevonden gereedschappen zijn tussen de 325.000 en 335.000 jaar oud. De vindplaats is nabij het plaatsje Nor Geghi.
Door de leeftijd van de site in Armenië beter te bepalen konden de onderzoekers ook de duizenden gevonden uit steen vervaardigde werktuigen beter dateren. De verbeterde datering kon gedaan worden door analyse van twee nabijgelegen oude lavastromen.

This image shows stone tools found at the site of Nor Geghi, Armenia: top - biface tool; bottom - a Levallois core. Image credit: © Dan Adler.

This image shows stone tools found at the site of Nor Geghi, Armenia: top – biface tool; bottom – a Levallois core. Image credit: © Dan Adler.

http://www.sci-news.com/othersciences/anthropology/science-stone-tool-discovery-nor-geghi-armenia-human-innovation-02177.html

Innovative Stone Age tools were not African invention, say researchers

Levallois and biface tools. Credit: Royal Holloway, University of London

http://phys.org/news/2014-09-stone-age-tools-african.html

http://www.iflscience.com/plants-and-animals/ancient-stone-toolmaking-evolved-multiple-times-across-continents

Vuistbijl
Naast de relatief vooruitstrevende voorwerpen die met de Levalloistechniek gemaakt werden, vonden de archeologen ook veel vuistbijlen en vergelijkbare voorwerpen die gemaakt werden met de bifaciale techniek.

Deze techniek is minstens een miljoen jaar ouder.
Vuistbijlen werden vaak van vuursteen gemaakt en zijn meestal aan twee kanten op eenzelfde manier afgeplat. Hier komt ook de eigenlijk Franse term ‘bifaciaal’ vandaan, maar bifaciaal kan slaan op meerdere voorwerpen en niet alleen vuistbijlen.

De vervanging van vuistbijlen en andere bifaciale voorwerpen door voorwerpen gemaakt met de Levalloistechniek wordt beschouwd als een van de belangrijkste veranderingen in het productieproces van stenen voorwerpen sinds de komst van de bifaciale techniek.
Door: NU.nl/Krijn Soeteman

 (1)

Waarschijnlijk zijn er ook vandaag nog genoeg voorbeelden te vinden waarbij een standaard product een hapering of een kinderziekte vertoond,en mensen dan op geheel verschillende plekken daarop reageren  door  toch dezelfde  geimproviseerde oplossingen of  nieuwe  vervangprodukten te ontwikkelen   .Sommige van die “verbeteringen ”  zullen  dus   weer nieuwe producten hebben opgeleverd.

°

Gerelateerde artikelen

°

Ook dit is jouw voorouder: de Oude Noord-Euraziër

 

Wetenschappers dachten tot nu toe dat moderne Europeanen het resultaat waren van een mix van twee populaties: Europese jager-verzamelaars en neolitische boeren uit het oosten. Nu blijkt er nog een populatie te zijn, die zeker toegevoegd moet worden aan de familieboom.

 

Inheemse’ blauwogige jagers met donkere trekken vermengden zich millennia geleden met bruinogige boeren met een bleke huid, die vanuit landen als het huidige Turkije, Syrië en Israël naar Europa waren gekomen

Al lange tijd blijkt er sprake te zijn van een genetische connectie tussen Europeanen en inheemse Amerikanen.

Nu blijkt dat de derde genetische voorouder van de Europeanen de brug vormt.

Een internationaal team van onderzoekers analyseerde het DNA van negen oude skeletten : zeven ‘jager-verzamelaars’ uit Scandinavië (8.000 jaar oud), een jager wiens resten zijn gevonden in een grot in Luxemburg (8.000 jaar oud) en een boer uit Duitsland (7.000 jaar oud),  en   werd het genoom van    2.345 moderne mensen geanalyseerd e: Men vond een derde genetische voorouder: de Oude Noord-Euraziërs.

De Oude Noord-Euraziërs kwamen vanuit het noorden van Eurazië, denk aan het huidige Rusland, en reisden naar Europa en over de Beringstraat naar Noord-Amerika.

Hierdoor vermengde het DNA van de Oude Noord-Euraziërs zich met het DNA van inheemse Amerikanen en Europeanen.

°

Waaruit bestaat jouw DNA?
“Bijna alle Europeanen hebben DNA van deze drie groepen,” beweert professor David Reich van de Harvard Medical School. Zijn onderzoek verschijnt vandaag in Nature.

“Noord-Europeanen hebben meer DNA van jager-verzamelaars, terwijl Zuid-Europeanen genetisch gezien meer gemeen hebben met de neolitische boeren.”

 

Vooral Litouwers hebben veel genen van de jager-verzamelaars, tot wel 50%.

De Oude Noord-Euraziërs hebben in mindere mate bijgedragen aan de hedendaagse Europeaan. Hoewel de genen van de Oude Noord-Euraziër in vrijwel iedere Europeaan terug te vinden zijn, is het percentage nooit meer dan twintig procent.

Bijzondere vondst
Toen Reich en zijn collega’s aan het onderzoek begonnen, waren er nog geen Oude Noord-Euraziërs gevonden. Verrassend genoeg trof een ander team archeologen in januari de resten aan van twee Oude Noord-Euraziërs in Siberië.

“Nu kunnen we bestuderen of zij gerelateerd zijn aan andere populaties.”

 

Bronmateriaal:
New Branch Added to European Family Tree” – Harvard Medical School
°

New branch added to European family tree: Europeans descended from at least 3, not 2, groups of ancient humans

September 17, 2014
Harvard Medical School
Summary:
Previous work suggested that Europeans descended from two ancestral groups: indigenous hunter-gatherers and early European farmers. This new study shows that there was also a third ancestral group, the Ancient North Eurasians, who contributed genetic material to almost all present-day Europeans. The research also reveals an even older lineage, the Basal Eurasians.
This skull of a 7,000-year-old German farmer was among the ancient human bones that revealed more about the genetic heritage of present-day Europeans.
Credit: Joanna Drath/University of Tübingen
°
°
Modelling the relationship of European to non-European populations. A three-way mixture model that is a fit to the data for many populations. Present-day samples are coloured in blue, ancient in red, and reconstructed ancestral populations in green. Solid lines represent descent without mixture, and dashed lines represent admixture. We print mixture proportions and one standard error for the two mixtures relating the highly divergent ancestral populations. (We do not print the estimate for the ‘European’ population as it varies depending on the population.)
°

Oudste menselijke genoom bevat Neanderthaler-DNA

NEANDERTHAL GENEN EN UST ‘-ISHIM MENS 

Wetenschappers hebben het genoom van een 45.000-jaar oude mens in kaart gebracht om te ontrafelen wanneer Neanderthalers en moderne mensen seks hadden. Zij concluderen dat de vermenging van DNA zo’n 50.000 tot 60.000 jaar geleden plaatsvond.

In 2008 werd het dijbeen van een man gevonden langs de rivier Irtysh in het westen van Siberië. Deze man leefde 45.000 jaar geleden. Het is tot op het heden de oudste moderne mens waarvan het genoom is ontrafeld.

“Het is daarnaast één van de oudste mensen die ooit buiten Afrika of het Midden-Oosten is gevonden”, concludeert antropoloog Bence Viola.

Vroege vermenging
De onderzoekers beweren dat de desbetreffende man Neanderthaler-DNA heeft. Sterker nog, de hoeveelheid Neanderthaler-DNA is vergelijkbaar met het percentage in mensen die vandaag de dag op aarde leven. De gemiddelde Nederlander of Belg heeft 1,5 tot 2,1 procent Neanderthaler-DNA in zijn lichaam. Omdat dit percentage 45.000 jaar geleden niet anders was, concluderen wetenschappers dat de vermenging van DNA zeker 7.000 tot 13.000 jaar daarvoor plaatsvond. Dit betekent dat moderne mensen en Neanderthalers 50.000 tot 60.000 jaar geleden seks hadden, kort nadat mensen zich vanuit Afrika en het Midden-Oosten over de aarde verspreidden.

Menu
Het dijbeen onthulde overigens nog meer geheimen. Zo at deze man voornamelijk planten en groenten, zoals knoflook, aubergines, peren, bonen en tarwe. Dit is af te leiden uit koolstof- en stikstofisotopen in het dijbeen. Daarnaast had de man zoetwatervissen en dieren op het menu staan.

Mutaties
Omdat het 45.000 jaar oude genoom van extreem goede kwaliteit is, hebben wetenschappers het aantal mutaties kunnen berekenen. Hieruit blijkt dat er ongeveer één tot twee mutaties per jaar plaatsvinden in de genomen van mensen in Europa en Azië. Dit komt overeen met andere onderzoeken naar de genetische verschillen tussen ouders en kinderen.

Bronmateriaal:

Earliest modern human sequenced” – Max Planck Insituut

*
( Jente )
Hier is een mooie uitleg (en figuur) hoe de auteurs de tijd van vermenging konden berekenen.
°
 Fu, Q., et al. 2014.Genome sequence of a 45,000-year-old modern human from western Siberia. Nature 514:445-449. abstract
( fossil found in 2008)
Usht'-Ishim Man's femur (from Nature).
 Uit een beetje collageen, het bindweefsel in het lichaam van mens en dier, uit het oude bot, kon de erfelijke informatie van de Homo sapiens afgelezen worden. Er bleken sporen van DNA van de Neanderthaler in te zitten.

‘Kalender’

Het stuk dijbeen uit de Irtyush-rivier vlakbij Ust’-Ishm, draagt een klein beetje meer Neanderthaler-DNA bij zich dan hedendaagse niet-Afrikanen.

Het grote verschil tussen de overblijfselen van het Neanderthaler-DNA bij de Siberiër en de nu levende mens, is dat het bij de Siberiër in vrij lange strips voorkomt, iets wat na tienduizenden jaren overerving niet meer het geval is.

Deze verschillen zorgen voor een soort ‘kalender’. Er is bekend hoeveel tijd er zit tussen mutaties gedurende duizenden jaren.

Le fémur de l'"Homme d'Ust'Hishim", un Sibérien vieux de 45 000 ans.
 
 ‘”Ust’-Hishim Man ” FEMUR,     45 000  years old Siberian  | Viola et al. Nature
  Svante Pääbo (Institut Max Planck d'anthropologie évolutionnaire, Leipzig) examine le fémur d'Ust'-Ishim, à Omsk, en Sibérie Occidentale, où le fossile a été retrouvé en 2008.
Svante Pääbo
Figure 5: Regions of Neanderthal ancestry on chromosome 12 in the Ust’-Ishim individual and fifteen present-day non-Africans. The analysis is based on SNPs where African genomes carry the ancestral allele and the Neanderthal genome carries the derived allele. Homozygous ancestral alleles are black, heterozygous derived alleles yellow, and homozygous derived alleles blue. (From Fu et al. 2014).
Figure 5: Regions of Neanderthal ancestry on chromosome 12 in the Ust’-Ishim individual and fifteen present-day non-Africans. The analysis is based on SNPs where African genomes carry the ancestral allele and the Neanderthal genome carries the derived allele. Homozygous ancestral alleles are black, heterozygous derived alleles yellow, and homozygous derived alleles blue. (From Fu et al. 2014).
 (**)
 °

Late gang

Uit al de verkregen   informatie kunnen de wetenschappers nu aflezen hoeveel tijd het Neanderthaler-DNA al in de Siberische mens voorkwam. De schatting is dat de mens en de Neanderthaler tussen de 7.000 en 13.000 jaar eerder met elkaar kruisten, dus niet meer dan 60.000 jaar geleden.

De uitkomst laat ook zien dat de voorouders van hedendaagse Australaziaten met eenzelfde hoeveelheid Neanderthaler-DNA in hun genen als Euraziaten, onderdeel moeten zijn geweest van een vrij late gang door Neanderthaler-territorium, zegt een van de onderzoekers op

Phys.org.

 

‘IJsbrug’

Ondanks dat, kan het wel zijn dat de vroege mens al eerder dan 60.000 jaar geleden door Zuidoost-Azië trok, maar van deze groep is niet voldoende overgebleven om nu nog terug te kunnen vinden.

Antropologen denken dat de noordelijke Euraziaten het hedendaagse Alaska meer dan 15.000 jaar geleden introkken via een ‘ijsbrug’ die de eilanden in de Beringstraat met elkaar verbond en dat de kolonisatie van Amerika via die weg plaatsvond.

( NU.nl/Krijn Soeteman)

Neanderthalers   <—

 

 Reacties : 
(**)
– Eerder onderzoek heeft laten zien dat het Neanderthaler DNA  bij homo sapiens sapiens(vrijwel) grotendeels uitgeschakeld staat.
Slechts een klein deel van ons gehele DNA staat “aan”.
= DNA-bevat veel  ballast ( of ezit  een hele grote rommelzolder met ooit nog bruikbare spullen  ?)-Toch  werd er al  over gespeculeerd of neanderthalgenen misschien zoiets als autisme zouden kunnen verklaren
en
– weerstand tegen bepaalde ziekten heb je van de Neanderthaler
*
” …..Homo sap en  Neanderthaler  waren toch verschillende soorten mens en  dat  zou  ten hoogste onvruchtbare nakomelingen kunnen opleveren. Dus hoe komt dat dna dus in ons genoom terecht  ….”
Zo simpel is het allemaal niet. De meeste soorten zijn genetisch vrijwel identiek aan hun nauwste verwanten – het label ‘soort’ is tenslotte een arbitrair iets.
De moderne mens is in de biologie een van de weinige soorten die door competitie zijn nauwste verwanten tot uitsterven heeft gedreven (1).
En voordat dat gebeurde kon je er van uitgaan dat ook de mens in staat was met zijn nauwste verwanten te kruisen. (net zoals  hond en grijze  wolf kunnen kruisen en vruchtbare (fertiele) nakomelingen kunnen krijgen  ) Wellicht is dat zelfs na 6 miljoen jaar ( de split tussen chimp en  vtroegste  mensachtigen lijnen ) van divergentie nog mogelijk:
het is nooit getest (om voordehandliggende redenen), maar het is goed mogelijk dat een kruising tussen mens en chimp levensvatbare (hoewel waarschijnlijk niet vruchtbare) nakomelingen oplevert.(2)
(=net zoals bij paard en ezel ) 
(1)…….. hoe en waarom de Neanderthaler is uitgestorven is nog steeds een raadsel …..
(2)…….. ’t Is wel geprobeerd, door ene Ilja Ivanov. Zie de wiki.
http://en.wikipedia.org/wiki/Humanzee#The_Ivanov_experimentsDaarnaast zijn er aanwijzingen dat na de eerste splitsing tussen mens en chimp er nog lange tijd sex is geweest tussen mens en chimp, waarna er een tweede afsplitsing volgde. Die aanwijzingen zitten in de x-chromosomen van mens en chimp, die ruim een miljoen jaar later uit elkaar gingen dan andere chromosomen.Bron: wederom wiki:
–> Humanzee //
.
°

 watis een soort <–Doc archief 

soortbastaarden  <–Doc archief

 

°

I)   Neanderthaler dna :
volgens de laatste onderzoeken delen we 1.5 tot 2.1%(al hoewel het wel per continent verschilt wij delen rond de 2% )

We delen iets met de Neanderthaler wat de mens in midden en zuid Afrika niet deelt,

maar   of wij die genen  werkelijk  gekregen hebben van de Neanderthaler staat daarmee allerminst vast.(*)
.

*

-Denisova mens is er ook nog , maar sommigen menen dat Denisova een siberisch ras is van de neanderthaler

-De onderzoekers hebben gekeken naar o.a. het dna afkomstig uit fossiele resten
en ze hebben ons(moderne) dna vergeleken met Afrikanen die dus geen Neanderthaler dna bezitten
….die 2% komt overeen met gedeeltes van het dna die ze gevonden hebben  in de fossiele resten van Neanderthalers
Ook Denisovaz DNA is onderzocht en vergeleken met de mens … Genetische poren van Denisova DNA komen o.a. ook v oor bij melanesiers

Blijkbaar is er ook gekruist met denisova …..

Het kan net zo goed zijn dat er een afscheiding in Afrika is gebeurd  en dat daar die 2% vandaan kwam(van een afrikaanse Homo Heidelbergensis ? ) VOORDAT de uitwisseling met de(EUROPESE ) Neanderthaler kon plaats vinden.
Dat we het van NEANDERTHALERS hebben overgenomen kan alleen maar bewezen worden uit vondsten van onze net intrekkend voorouders, waar die 2% uitdrukkelijk ontbreken.
Wel die zijn er niet zover ik weet, dus is de vraag gewoon open.

Neen
–> Men heeft niet veel DNA van de neanderthaler( en al helemaal niet van de prille neanderthaler )  en van onze voorouders uit die  tijd zo’n 60.000 (of later ) .
De DNA vergelijkingen zijn veel jonger. (—> 47.000 jaar voor de geanalyseere homo sap /en dat is zo rond de tijd dat homo sapiens in Europa aankwam )
Anders had men  toch  zat vondsten van   neanderthaler ontmoette waar die paar % niet inzaten
Dit ontbreekt maar is wel essentieel, dus blijft alles speculatief.

http://nos.nl/artikel/155603-moderne-mens-toch-familie-van-neanderthaler.html
(-
In de zin dat huidige mens ook Neanderthaler genen heeft geeerfd had, maar NIET dat de neanderthaler de Homo sapiens heeft voortgebracht.
De boom des levens heeft niet alleen afstammingslijnen-takken(eigenlijk bundels van kleine takjes) : maar ook plaatsen op die takken waar verschillende takjes werden geeent met stukjes van takjes uit andere( maar verwante )stam- lijnen  )

http://nl.wikipedia.org/wiki/Evolutie_van_de_mens
Er is eerder aangetoond dat op het Arabisch schiereiland H.S. en Neanderthaler elkaar vaker ontmoet moeten hebben .
Dit  huidige  onderzoek gaat me wat te snel .

De voorouders van de moderne mens evolueerdenin Africa.(zo’n 200.000 jaar geleden  / de neanderthaler  onstond zo’n 500.000 jaar geleden (volgens de jongste beviondingen ) ….vanuit het begin in  midden en Zuid-afrika (en later de hoorn van afrika)  hebben verschillende ‘migratiegolven’ zich verspreid over Eurazie.
Er waren daar dus tegen de tijd dat de moderne mens zich over het continent verspreidden reeds een aantal verschillende nauw verwante zustersoorten en ondersoorten van H. sapiens: H. (sapiens) neanderthalensis, en H. (sapiens) denisovan (als dat de juiste aanduiding is),en mogelijk nog andere derivaten van H. heidelbergensis of zelfs H. antecessor.
Er heeft in Europa en Azie vermenging plaatsgevonden tussen een aantal daarvan, wat  resulterende in een complex patroon van verwantschappen.
Uiteindelijk was H. sapiens sapiens de enige overlevende soort en ondersoort van het genus Homo.

°
“de conclusies van de onderzoeken zijn aanvechtbaar.”

klopt, want alle conclusies zijn aanvechtbaar…… maar of ze stand zullen houden is de ham vraag

°

DNA uit fossielen is een nieuwe discipline in volle ontwikkeling :
(Bijvoorbeeld )

-Er werd een bot van een paardachtige van ruim 550.000 jaar terug gevonden in permafrost, waardoor het DNA goed bewaard is gebleven.
Uit de DNA analyse, in combinatie met radiometrische datering, heeft men nauwkeuriger de afsplitsing van paard, zebra en ezel van een gezamenlijke voorouder in de tijd kunnen bepalen.
http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/23803765/

-Men is ondertussen begonnen met het sequensen van het DNA van mammoeten (eveneens in permafrost  en ijsgrotten gevonden )

 

TAAL als communicatie netwerk

°

°

Taal  <—-Archief document

 

‘Spraak en vogelgezang aangestuurd door zelfde genen’

Menselijke spraak en het gezang van vogels worden aangestuurd door dezelfde genen, zo blijkt uit nieuw wetenschappelijk onderzoek.

Mensen en vogels beschikken over zeker 55 vergelijkbare genen die betrokken zijn bij spraak of gezang.

De genen komen min of meer op dezelfde manier tot uiting in de hersenen.

Dat melden Amerikaanse onderzoekers in het wetenschappelijk tijdschriftScience.

 

Apen

De onderzoekers kwamen tot hun bevindingen door genen te onderzoeken in de hersenen van verschillende soorten zangvogels en enkele overleden mensen die hun hersenen ter beschikking hadden gesteld aan de wetenschap.

Ter vergelijking werd er ook genetisch onderzoek verricht op het brein van enkele overleden apen, omdat deze dieren geen vermogen tot spraak of zang hebben.

De wetenschappers vonden een overeenkomstig genetisch patroon in de hersenen van zangvogels en mensen dat hun vocale prestaties kan verklaren.

 

Proefdieren

De bevinding sluit aan bij de eerdere ontdekking van het taalgen FOXP2 dat voorkomt bij zowel zangvogels als mensen.

“Maar de overeenkomsten houden niet op bij een handjevol genen”, verklaart hoofdonderzoeker Andreas Pfenning op nieuwssite New Scientist. “Er blijken systematische moleculaire overeenkomsten te bestaan tussen mensen en zangvogels.”

Het is nog onduidelijk hoe groot de rol is van de geïdentificeerde genen bij het leren van spraak of zang.

“Om dat uit te zoeken zouden we de genen van zangvogels moeten manipuleren zodat we vervolgens kunnen kijken hoe hun gedrag wordt beïnvloed.”

, , , , , ,

 

°

FOX P2

Neanderthalers konden praten, net als moderne mensen. In elk geval hadden ze hetzelfde gen voor taal dat mensen vandaag de dag hebben.
Het gen, FoxP2, is tot dusver het enige gen dat we in verband kunnen brengen met taal. Vrijwel alle zoogdieren hebben het, maar mensen hebben, dankzij twee mutaties in de DNA-code van FoxP2, blijkbaar unieke taalvermogens ontwikkeld. Een internationaal onderzoeksteam heeft het DNA van twee circa 40.000 jaar oude neanderthalerbotten bekeken en vond dezelfde ‘taalmutaties’. Homo neanderthalensis kan dus net zo’n complexe taal hebben gehad als homo sapiens.

°

Voor de meesten van ons roept het word ‘Neanderthaler’ het beeld op van primitieve grotbewoners die grommend door het leven gingen. Fout, zo meldt de Sunday Telegraph, de Neanderthalers beschikten over de mogelijkheid om heel behoorlijk te converseren. Die ontdekking werd gedaan door professor Svante Paabo, leider van een Neanderthaler-project aan het Duitse Max Planck-instituut voor Evolutionaire Antropologie.

Genoom-project
Hij stond aan het hoofd van een genoom-project en kon uit Neanderthaler-DNA opmaken dat deze uitgestorven mensensoort wel degelijk beschikte over een ‘taalgen’ zoals dat verder alleen bij de moderne homo sapiens wordt aangetroffen.

Eigen taaltje
Dat betekent dat de Neanderthalers over de capaciteit beschikten om met elkaar te communiceren in hun eigen taal, een aangezien taal een van de elementen is die mens onderscheidt van dier, zou dat ook kunnen betekenen dat de Neanderthalers konden bogen op een eigen cultuur. Wat dan weer ons traditionele, neerbuigende, beeld van de Neanderthaler op losse schroeven zet.

“Neanderthaler compliment”
Of om met professor Paabo te spreken: “het is tot dusver niet bepaald een compliment om ‘Neanderthaler’ te worden genoemd, maar we weten nu dat hun DNA veel meer gelijkenissen vertoont met dat van de hedendaagse mens dan met dat van een chimpansee. Ons onderzoek maakt duidelijk dat er geen reden is waarom de Neanderthalers niet in staat geweest zouden zijn om gesprekken te voeren”.

Deze bevinding sluit aan bij ander recent onderzoek waarbij de keel en het strottenhoofd van Neanderthalers werden ‘gereconstrueerd’. Het op het Max Planck gevonden taalgen, FOXP2 controleert de spieren die nodig zijn om, met behulp van strottenhoofd, lippen en tong woorden te vormen, wat dus aansluit bij die eerdere studies. (belga/vsv)

Hadden de Neanderthalers een eigen taal?

10 juli 2013 13

neanderthaler

Neanderthalers en de moderne mens blijken meer met elkaar gemeen te hebben dan we denken. Neanderthalers hadden mogelijk seks met homo sapiens. Ook leerden zij om gereedschappen en verfijnde lichaamsversieringen te maken door stiekem te kijken hoe de moderne mens dat deed.(1)

Twee onderzoekers uit Nijmegen denken dat Neanderthalers ook een eigen taal hadden. De grote vraag is: wat voor taal?

Onderzoekers Dan Dediu en professor Dr. Stephen C. Levinson van het Max Planck Instituut voor Psycholinguïstiek in Nijmegen beweren in hun paper dat we voor de oorsprong van taal en spraak ongeveer een half miljoen jaar terug in de tijd moeten plaatsen naar de laatste gezamenlijke voorouder die de Neanderthaler en de homo sapiens deelden: de homo heidelbergensis.

 

Dediu en Levinson hebben een uitgebreid literatuuronderzoek gedaan. Op basis hiervan zijn de onderzoekers van mening dat moderne taal en spraak twee oude eigenschappen zijn, die te herleiden zijn naar de meest recente voorouder die we met de Neanderthalers en Denisovans deelden.

De homo heidelbergensis was een  vroegere  stoere  en  ruwere  versie van de homo sapiens. De homo heidelbergensis wandelde ongeveer 500.000 jaar geleden op aarde. Deze laatste  voorouderlijke  verwant van de homo sapiens was  minder intelligent, zwaarder en steviger dan ons. Doordat de homo sapiens langere benen en lichtere botten kreeg, konden de eerste moderne mensen harder rennen en grotere afstanden afleggen. Hierdoor werden de homo heidelbergensis, de Denisovans en de Neanderthaler op veel gebieden afgetroefd.

Genetische mutaties of geleidelijk proces?
Op dit moment denken veel wetenschappers dat taal en spraak plotseling is ontstaan door enkele genetische mutaties. Volgens Dediu en Levinson is er weinig bewijs dat dit is gebeurd, en is de ontwikkeling van taal en spraak veel geleidelijker gegaan door biologische en culture innovaties. Deze andere invalshoek verlegt de oorsprong van de moderne taal met minimaal een factor tien van 50.000 jaar geleden tot – misschien wel – één miljoen jaar geleden.

Beïnvloeding?
De conclusies van Dediu en Levinson komen niet uit de lucht vallen. Tijdens de verspreiding over de aarde kwam de moderne mens regelmatig in aanraking met Neanderthalers en Denisovans. Wellicht dat de talen die we vandaag de dag spreken ooit zijn beïnvloed door Neanderthalers en Denisovans. Maar hoe komen we daar achter? De onderzoekers stellen dat het mogelijk moet zijn om niet-Afrikaanse talen te vergelijken met Afrikaanse talen. De Neanderthaler leefde namelijk niet in Afrika, dus Afrikaanse talen zijn niet beïnvloed door deze neef van de moderne mens. Ook computersimulaties van hoe taal zich verspreidde kunnen helpen om dit mysterie te ontrafelen.

bronnen  :

http://www.frontiersin.org/Language_Sciences/10.3389/fpsyg.2013.00397/abstract

Figure 1. A graphical summary of our proposal. Dates, lineage names, and genealogical relationships between them are tentative. “Tools” lists the main toolkits in use, “Speech” describes the main evidence for advanced vocal capacities and “Communication” describes the inferred communication systems and their properties, as argued in the paper. The arrows represent admixture.

(1) …. Het klinkt wel wat arrogant om te stellen dat de Neanderthaler van de moderne mensen afkeken,…..zij leefden hier al 300.000 jaar lang zonder de bemoeienis van de homo sapiens…toch ?

Neanderthalers en onze voorouders kenden al een soort taal

Door: Marc Seijlhouwer − 10/07/13,
© JOHN GURCHE, TIM EVANSON. Zo zou de Neanderthaler eruit hebben gezien.

De Neanderthaler en zijn voorouders kenden een zekere vorm van taal. Dat is de conclusie van een literatuuronderzoek van twee  taalkundigen van het Max Planck-instituut. Taal ontstond volgens hun studie niet 50.000 jaar geleden, zoals sommige paleontologen denken, maar wel een miljoen jaar terug. Toen waren de gemeenschappelijke voorouders van zowel de Neanderthaler als de moderne mens nog op aarde.

  • © Luna04, Wikimedia Commons.
    De schedel van een Neanderthaler

De studie verschijnt in het blad Frontiers of language science. De twee onderzoekers hebben de ontdekkingen over het taalgebruik van de Neanderthalers op een rijtje gezet en doorgenomen. De laatste jaren zijn er steeds meer aanwijzingen gevonden dat Neanderthalers een zekere vorm van verbale communicatie gebruikten.

Fossielen van schedels en kaken laten dezelfde ontwikkelingen zien als bij mensen. Ook DNA-analyses van Neanderthalers, die pas in de laatste paar jaar mogelijk zijn geworden, laten zien dat de oermensen meer konden dan grommen en brullen.

Wat dat betekende voor de ontwikkeling van communicatie, was tot nu toe niet helemaal duidelijk. Volgens de onderzoekers is nu een aantal conclusies te trekken over het ontstaan van taal. Ten eerste ontstond dit niet pas in de Homo Sapiens, maar bij één van de voorlopers, zoals de Homo heidelbergensis.

Taalgen
Daarmee moet ook de theorie dat het ‘taalgen’ plotseling is ontstaan bij moderne mensen, het raam uit. Deze theorie werd in 2010 nog voorgesteld door de bekende taalkundige Noam Chompsky. Maar, zo zeggen de onderzoekers, het feit dat de Neanderthaler ook taal kende is een bewijs dat taal langzaam is ontwikkeld en niet in één klap.

De Neanderthalers werden in de vorige decennia vaak gezien als onnadenkende grotmensen, die inferieur waren aan de slimmere mensen, waarmee ze in hetzelfde gebied leefden. Steeds meer onderzoek heeft echter laten zien dat de Neanderthalers niet onderdeden voor moderne mensen; ze hadden gereedschap en leefden in stabiele relaties. Waarom de homo sapiens het uiteindelijk won in de overlevingsstrijd, daarover kunnen wetenschappers dan ook nog geen concensus bereiken.

Het zou zelfs kunnen dat onze huidige talen gedeeltelijk ‘Neanderthaals’ zijn. Er zijn namelijk aanwijzingen dat de genen van de mens vroeger met die van de Neanderthaler gemixed zijn. Mogelijk is daardoor een deel van hun taalbesef in ons DNA terechtgekomen, zo speculeren de taalkundigen.

°

23 december 2013

Neanderthalers hadden waarschijnlijk net als moderne mensen het vermogen om te spreken

Foto:  Thinkstock
Reconstructed face of a Neanderthal hominid

Een botje in de hals dat bij moderne mensen de bewegingen van de tong aanstuurt tijdens het praten, werkte bij Neanderthalers op dezelfde manier.

Dat suggereert dat de oermensen het vermogen hadden om klanken te vormen die nodig zijn voor spraak.

Tot die conclusie komen Australische onderzoekers in het wetenschappelijk tijdschrift PLOS One.

Hoefijzer

De wetenschappers bestudeerden het zogenoemde tongbeen,( hyoid bone ) een hoefijzervormig botje in de hals, dat voorkomt bij moderne mensen, maar ook in enkele fossielen van Neanderthalers is aangetroffen.(1)

Neanderthal remains found in the Kebara Cave in Israel

60,000-year-old Neanderthal remains (replica pictured) also included a hyoid bone (not visible)

Kebara 2 skeleton 

Met een computermodel brachten de onderzoekers in kaart hoe het botje uit een specifiek Neanderthalerfossiel ( Kebara 2) bewoog in relatie tot andere botten.

Uit de simulatie zou blijken dat het tongbeen van de oermensen geschikt was voor spraak en taal.(2)

Het tongbeen van Neanderthalers week wel  een beetje   af  van dat van moderne mensen.(1bis)  “Maar het werd wel op dezelfde manier gebruikt”, verklaart hoofdonderzoeker Stephen Wroe op BBC News.

Menselijk

Wroe gelooft dan ook dat Neanderthalers een eigen taal hadden en qua gedrag meer op moderne mensen leken dan tot nu toe wordt aangenomen. (2)

“Veel onderzoekers stellen dat spraak en taal tot de eigenschappen behoren die ons tot mensen maken. Als Neanderthalers ook een eigen taal hadden, kunnen we ze meer beschouwen als echte mensen”, verklaart Wroe op BBC News.

De meeste wetenschappers gaan ervan uit dat gesproken taal ongeveer honderdduizend jaar (3)geleden ontstond, maar alleen bij moderne mensen.

Wroe benadrukt dat zijn onderzoeksresultaten het tegendeel nog niet definitief bewijzen. “Maar ik denk wel dat ons werk veel specialisten zal overtuigen en de heersende mening zal doen kantelen.”

Door: NU.nl/Dennis Rijnvis

An illustration of the neck and location of the hyoid bone in modern human
Kebara HyoidNeanderthaler Hyoid bone.Photo: Photograph by David Brill, Michigan State University, https://www.msu.edu/~heslipst/contents/ANP440/images/Kebara_2_hyoid.jpg
 http://donsmaps.com/neanderthalskeletons.html
neanderthal hyoid bone
The hyoid bone of a Neanderthal - a horseshoe-shaped bone in the neck - looks like a modern human's and now computer modelling shows that it was used in a similar way. A male Homo sapiens and Pan troglodytes hyoid bone used in the study are pictured
The hyoid bone of a Neanderthal – a horseshoe-shaped bone in the neck – looks like a modern human’s and now computer modelling shows that it was used in a similar way.
A male Homo sapiens and Pan troglodytes hyoid bone used in the study are picturedMensaap tongbeen

Read more: http://www.dailymail.co.uk/sciencetech/article-2528311/Did-Neanderthals-speak-like-US-Horseshoe-shed-neck-bone-suggests-ancestors-used-complex-speech.html#ixzz2oTdBuYLH

  1.  Het is kraakbeen, dus wellicht is het niet in alle gevallen mee-gefossiliseerd….                                                                                                  1bis )—> Tongbeen van mens en Neanderthaler anders dan dat van hun voorouders ( H. erectus ? )
    Anatomisch in staat tot praten houdt ook voor Neanderthalers in dat ze bepaalde klanken konden voortbrengen.
    –> Echter om van klanken een taal te maken zijn ook vaardigheden in de hersenen nodig.Overeenkomsten tussen de uiterlijke vorm van het tongbeen van de Neanderthaler en het tongbeen van moderne mensen zorgden ervoor dat sommige onderzoekers vaststelden dat de Neanderthaler aan wie dit botje toebehoorde, kon praten. “Anderen trokken die conclusie in twijfel,” zo schrijven de onderzoekers in hun paper. “En of Neanderthalers konden praten bleef een twistpunt.”Om meer duidelijkheid te scheppen, moesten de onderzoekers dan ook een stapje verder gaan en zich niet alleen richten op het uiterlijk van het botje, maar nagaan waartoe het in staat was. Met behulp van scans en computermodellen achterhaalden de onderzoekers dat. En ze moeten concluderen dat alles erop wijst dat dit botje niet alleen sterk op het tongbeen van moderne mensen lijkt, maar waarschijnlijk ook op dezelfde manier werkte. In andere woorden: het suggereert dat in ieder geval deze Neanderthaler in staat was om te spreken.Hoewel de onderzoekers voorzichtig zijn – het is nog geen bewijs dat Neanderthalers konden praten – wijzen ze alvast wel op een aantal interessante vragen die kunnen opdoemen wanneer blijkt dat Neanderthalers inderdaad konden praten.Zo is het bijvoorbeeld nog de vraag of de Neanderthalers over onder meer het denkvermogen beschikten dat nodig is om een complexe taal te spreken en begrijpen. De onderzoekers benadrukken dat we momenteel nog niet over de gegevens en analytische gereedschappen beschikken om dat vraagstuk op te lossen.Vermenging
    Het grootste deel van de wereldbevolking bezit zo’n 2 procent Neanderthaler DNA ( ook Denisova blijkt nauw verwant aan Heidelbergensis en dus neanderthaler ? )
    –>bij Papoea’s en Australische aborignals zelfs zo’n 6 procent. (Het Denisova aandeel is bij melanesiers expliciet )
    –> Afrikanen beneden de Sahara hebben dan weer GEEN Neanderthaler DNA. Hetgeen erop wijst dat de vermenging van moderne mensen en neanderthalers plaats vond na het vertrek van een gedeelte van de mensheid uit Afrika, waarschijnlijk ergens in het nabije Midden Oosten

    Wanneer deelden Neanderthalers en moderne mensen voor het laatst de lakens?

  2.  -> Informeel was het al langer gedacht dat Neanderthalers wat  konden praten. Ze waren trouwens  onze nauwste verwanten  en mensen (=uit het genus homo ) waar homo sap zelfs  genenmateriaal ( en met anderen )  kon mee  uitwissele–>Nu nog wachten op het moment dat “wetenschappers ” erachter komen dat ook Homo Erectus kon praten.?°Wie heeft er trouwens ooit  definitief  aangetoond dat Neanderthalers( en anderen uit het genus homo ? )geen” spraak” konden bezitten  ?
    1. sabeltand tijgers  konden   niet  grommen he ? en een dino-vogel heeft niemand ooit horen  fluiten  ?……Waarom zou de manier waarop auditief  gecommuniceerd (boodschappen overgebracht ) werd bij primaten  ,  ineens totaal anders zijn( ipv  gewoon verder uitgebreid en “geoptimaliseerd” )  ?
  3.  Hé … welke “wetenschappers” zijn  dat dan wél ? …. In elk geval geen vak-paleoantropologen  ….—>” Gedacht “werd( door journalisten ?  en  vroegere allang gefossilieerde ,  vaklui )  …… dat alleen de “moderne mens” kon praten. Homo sapiens is echter ( volgens de jongste inzichten ) minstens   200.000 (of zelfs nog ouder ?) jaar geleden onstaan ergens in zuidoost afrika : die eerste mensen  spraken toen hoogstwaarschijnlijk ook al  —> Spraak dateerd   ook al  voorafgaand aan Homo Sapiens ? (net zoals rechtopgaande gang ook al bestond voor het verschijnen van het genus homo )

 

“Via taal zijn wij mensen aangesloten op een soort superbrein”

Interview met taalfilosoof Max van Duijn

Mensen kunnen heel ingewikkelde redeneringen maken over wat anderen denken. Zij hebben daarin een enorme voorsprong op andere primaten. Volgens promovendus Max van Duijn komt dat deels doordat ons brein de verhaalstructuur van onze eigen én andermans ervaringen opslaat. Door een enkel woord kan zo’n structuur al geactiveerd worden in ons brein.

Vanduijn

Het promotieonderzoek van Van Duijn is interdisciplinair van aard. Dat heeft ook met zijn achtergrond te maken: behalve taalwetenschap, studeerde hij literatuurwetenschap en filosofie. Nu probeert hij aan de hand van bestaande theorieën in de taalkunde, ook een bijdrage te leveren aan een langslepend debat binnen de psychologie.

Hij verzet zich vooral tegen het ‘geloof’ dat veel psychologen aanhangen dat mensen een niet-talig redeneerorgaan hebben. En dat taal slechts een kwestie is van het labelen van het redeneerproces.

Van Duijn is van mening dat taal veel meer invloed heeft op ons denken. Zijn favoriete metafoor is die van de iPad. “Je zult nooit een app kunnen installeren die ervoor zorgt dat een iPad gaat vliegen. Maar je kunt wel apps installeren binnen de marges van de hardware van dat apparaat. Ik denk dat dat een adequate metafoor is van wat taal kan doen. Taal kan ons denken, gegeven allerlei hardwarebeperkingen zoals ons geheugen, wel efficiënter maken.”

Sociaal brein

Mensen kunnen heel goed andermans gedachten raden. En dat is niet voor niks. Van Duijn legt uit dat ‘gedachtelezen’ van levensbelang is. Niet alleen voor mensen, maar voor alle primaten. Primaten leven namelijk in groepen: ieder individu is deel van een netwerk. Van Duijn: “Die groep is cruciaal voor de overleving van elk individu. Op het moment dat je verstoten wordt, is dat eigenlijk een doodsoordeel. Dus het is heel belangrijk om je sociale relaties op een goeie manier te onderhouden.” Om die relaties te onderhouden, moet je behoorlijk complexe redeneringen kunnen maken, aldus de promovendus.

 

groep chimpansees

Groep chimpansees

 

 

 

 

 

“Ten eerste moet je je af kunnen vragen wat iemand anders denkt. Maar dat is niet genoeg. Je moet je ook kunnen afvragen wat iemand anders denkt dat iemand anders denkt. Dat maakt het cognitief zwaar. De sociaal brein-hypothese zegt dat er een correlatie is tussen groepsgrootte en breingrootte bij primaten. Kapucijnapen leven in relatief kleine groepen en hebben een relatief klein brein. Chimpansees leven in grotere groepen en hebben een groter brein.”

“Als je die lijn doortrekt naar mensen dan leven wij in nog veel grotere groepen en wij hebben ook een nog veel groter brein. De grootte van die groepen in primaten ligt vaak redelijk vast. Bij chimpansees is dat tussen de 40 en 60 individuen in een groep. Mensen hebben ongeveer 150 sociale relaties, afhankelijk van de intensiviteit. Als je een heleboel intensieve relaties hebt, heb je er in totaal minder. Het idee is dat ieder mens er ongeveer evenveel energie in steekt.”

Wildobservaties

Net als mensen kunnen chimpansees redeneringen maken over wat iemand anders denkt. En wat iemand anders denkt dat iemand anders denkt. Maar er zijn meer slimme dieren, weet Van Duijn: “Er zijn ook aanwijzingen dat er vogels zijn die dat kunnen, met name kraaiachtigen, en dolfijnen. Uit onderzoek van Frans de Waal blijkt dat olifanten net zo goed zijn in het uitvoeren van bepaalde testjes als chimpansees.” Maar hoe weten we eigenlijk wat dieren denken? Door te kijken naar hun gedrag, aldus Van Duijn.

“Denk maar aan het gezicht van een vrouw die op een trap een koffer omhoog aan het zeulen is. De ultieme test om te kijken of je de juiste redeneringen hebt gemaakt over wat die vrouw bedoelt te doen, is of je wel of niet te hulp schiet. Bij dieren worden wildobservaties gedaan, waarbij bijvoorbeeld gekeken wordt naar anticipatie tijdens jacht. Daarbij kun je zien of het ene dier begrepen heeft wat het andere dier van plan was.”

Ook bij het onderzoek van Van Duijn kun je spreken van wildobservaties, maar dan van mensen. Die spontane gesprekken zijn te vinden in het Corpus Gesproken Nederlands, een grote dataverzameling met onder andere uitgeschreven conversaties.

Recursiviteit

Uit het gedrag van dieren en mensen kun je redeneringen afleiden. En die kun je weergeven in zinnen van het type ‘X denkt dat Y denkt dat Z.’ Het zijn recursieve zinnen, die je oneindig kunt uitbreiden. Het aantal bijzinnen of inbeddingen in de zin geeft aan hoeveel denkstappen er gemaakt zijn. De onderzoeker spreekt liever over ordes binnen een structuur. “Chimpansees kunnen redeneringen uitvoeren over twee ordes. Maar mensen kunnen wel iets van vijf ordes aan.”

Othello

Als voorbeeld noemt Van Duijn het toneelstuk Othello. “Daarin heb je na een half uur ongeveer de situatie dat het publiek begrijpt dat Jago de bedoeling heeft Cassio te laten denken dat Desdemona van plan is Othello ervan te overtuigen dat Cassio het juiste deed op het moment dat (…). Dat is wat er na een half uur met Othello aan de hand is. Als je het toneelstuk ziet is het geen enkel probleem om dat te begrijpen, hoewel de zin tamelijk ingewikkeld is.”

In gesproken taal komen zulke zinnen niet voor, benadrukt de promovendus. “Een belangrijke vraag in mijn onderzoek is waarom je wel het narratief begrijpt, maar niet de zin. Wat doet het verhaal om ons te helpen die ingewikkelde redeneertaak uit te voeren? Dat het procedé recursief is, betekent niet dat we het eindeloos kunnen begrijpen. Na drie inbeddingen wordt het tamelijk ondoorzichtig; in het wild kom je zulke zinnen ook niet tegen.”

Schaakcomputer

“De puzzel die er ligt is dus dat onze naaste verwanten in de natuur twee ordes aankunnen, terwijl wij er vijf of zes aankunnen. En dat terwijl er evolutionair maar heel weinig tijd tussen zit. Een oplossing die vaak geopperd is, is dat ons brein veel groter is en daardoor veel beter kan rekenen. Daardoor kunnen wij die vijf orde redeneringen uitrekenen. Maar ik denk dat we ze helemaal niet uitrekenen, want wij zijn helemaal niet zo goed in uitrekenen. In plaats daarvan passen we allerlei slimme trucs toe, net als een goeie schaker.”

 

Brein

“Wat een schaakcomputer doet op het moment dat hij een zet doet, is alle mogelijke volgende zetten doorrekenen. Een goeie schaker heeft scenario’s in zijn hoofd. Die scenario’s construeren toekomstige mogelijkheden. Ik denk dat wij een hoeveelheid scenario’s aangeleerd krijgen, die we in dit soort situaties kunnen toepassen.
Die scenario’s zijn een beetje dwingend, maar tegelijkertijd kun je met losse delen aan de slag. Als je nu kijkt naar taalgebruik in corpora, is de indruk die je krijgt, dat het los construeren van wie wat denkt in bepaalde situaties, niet de gebruikelijke is, maar een herstelstrategie op het moment dat het misgaat.”

Kant-en-klare pakketjes

Volgens Van Duijn maken we doorgaans gebruik van vaste bundeltjes informatie, die hij viewpoint packages noemt. Deze worden geactiveerd door een enkel woord, of een zin. “Bijvoorbeeld het woord moord heeft de onderliggende structuur dat er een partij is die iets veroorzaakt heeft. Dus op het moment dat we ermee geconfronteerd worden gaan we niet denken: hij dacht dat X dacht dat Y dacht, enzovoorts. De structuur hebben we al kant-en-klaar in ons hoofd als ‘pakketje’, terwijl de delen toch toegankelijk blijven.”

“Mijn idee is dat je tijdens het leren van taal ook die kant-en-klare structuren verwerft. Zo kun je bij iedere nieuwe situatie niet alleen gebruik maken van je eigen ervaring, maar vooral ook van die van anderen. Eigenlijk zijn we via taal aangesloten op een soort superbrein. Daarmee leren we van de ervaring van mensen die generaties terug geleefd hebben, en van tijdgenoten en van verzonnen personages. Daarom zijn wij veel beter in gedachtelezen dan onze naaste verwanten in de natuur. Door al die pakketjes die in omloop zijn.”

Lees ook:

BIPEDALISME (updatings )

°AFSTAMMING  VAN DE  MENS  en de mensachtige   

http://nl.wikipedia.org/wiki/Bipedie

Bipedie

Een struisvogel beweegt zich bipedisch voort.

Bipedie of tweevoetigheid is de eigenschap zich te kunnen bewegen op de twee achterste ledematen. Een diersoort wordt als tweevoetig beschouwd indien ze zich voornamelijk op de achterste ledematen beweegt. Dieren die af en toe enkele seconden zich op dergelijke manier voortbewegen zijn niet tweevoetig.

De mens is de bekendste tweevoetige soort op aarde. Andere primaten met dezelfde voorouders als de mens, zoals de gorilla en de chimpansee, zijn eveneens in staat zich op de achterste ledematen te begeven.

Bipedie is niet altijd hetzelfde als rechtop lopen: de australopithecus bewoog zich al bipedisch voort, maar het is pas sinds de homo erectus dat de mens ook rechtop loopt, waarbij ‘rechtop’ wordt opgevat als ‘met het hoofd boven de nek’.

Tweevoetige diersoorten

http://en.wikipedia.org/wiki/Bipedalism

File:Muybridge runner.jpg

A Man Running – Eadweard Muybridge

 

 

Convergenties tot op het bot uitgekleed

© bionieuws

Wat hebben de bolosauriërs, kangoeroe, springhaas en mens met elkaar gemeen? Inderdaad: rechtoplopen of bipedalisme, een adaptatie met consequenties voor zuurstofopname, predatordetectie en het vrijkomen van de voorpoten.

In Convergent Evolution analyseert de Amerikaanse paleobioloog George McGhee zulke evolutionaire convergenties tot op het bot. Niet alleen convergenties tussen dieren- en plantensoorten, maar ook vergelijkbare oplossingen in ecosystemen, moleculen en zelfs gedrag.

Steeds bekijkt McGhee aan de hand van fylogenie hoe vaak zo’n vergelijkbare oplossing onafhankelijk is ontstaan. Voor ogen is dat bijvoorbeeld 49 keer, en dat gegeven heeft grote wetenschappelijke en filosofische implicaties: evolutie is voorspelbaar. Vandaar de ondertitel: een bewuste verbastering van Darwins beroemde volzin endless forms most beautiful.

Convergent Evolution – Limited Forms Most Beautiful
George R. McGhee
The MIT Press
ISBN 9780262016421

 

° 

bipedalisme.docx (1.5 MB) <–archief document 

Wat is eigenlijk het verschil tussen mens en mensaap?
Drie aspecten cruciaal:
– Bipedalisme: rechtop lopen, mens is efficiënte lange afstand loper, aap
is klimmer
– Kleine bovenhoektanden, geen diastema in onderkaak, kaken
bewegen vrij
– Hersenvolume: Chimpansee en Australopithecus ½ lt, Home Erectus
1 lt., H. Sapiens 1½ lt.

Eerst zijn het rechtop lopen en de gebitsveranderingen ontstaan, misschien door de overgang van een oerwoud naar een savanne milieu, een droger dieet en later de jacht. Daar kwamen geleidelijk bij een vlakker voorhoofd, minder zware wenkbrauwen, een meer voorwaartse positie van het ruggenmergsgat (foramen major), een opponeerbare duim en als laatste, een snelle vergroting van de hersens.

 

 

Step%20by%20Step-Bipedalism%20Evolution_1[1]   <— PDF

De eerste rechtoploper van het  geslacht “Homo “…?

In April-Mei 2000 deden Martin Pickford (archeoloog) en Brigitte Senut (morfoloog) opgravingen in de Tugen Hills (Kenia), wel vaker de bakermat van de mens genoemd. Kiptalam Cheboi (een van de Keniaanse wetenschappers die hielp bij de opgravingen) was de eerste die tanden vond die waarschijnlijk van menselijke oorsprong waren. De kiezen hadden kenmerken van de mens, want ze waren klein en hadden een dikke laag glazuur. Terwijl de snij- of voortanden meer eigenschappen vertoonden van de chimpansee. Zijn tanden waren van het platte, vermalende type. Dat betekent dat hij veel noten, zaden, vruchten en insecten at. Later vond Pickford een dijbeen op de site, en Senut vond ook nog een opperarmbeen. Al deze vondsten werden gedaan in vulkanische aardlagen die de ondergrond voor een meer vormden, de Lukeido-formatie. Deze laag lag tussen trachiet van 6.2 miljoen jaar oud en basalt van 5.65 miljoen jaar (periode van het laat-mioceen). Het “wezen” had nog altijd geen naam. Orrorin is een legende van de oorspronkelijke bewoner van het gebied. Dus werd het wezen Orrorin Tugenensis, een moeilijke naam. Dat vond de pers ook en noemde hem, omdat hij in 2000 gevonden was, de millenniumman.

Als je iemand neemt en je plaats daar zijn vader achter en achter die man zijn vader, en daarachter zijn vader etz… Dan komt de Homo Sapiens ongeveer 7 km ver in die rij (150.000 jaar oud). Nog verder hebben we de Homo Habilis, de mens die de eerste werktuigen maakte die staat 100 km ver in de rij (2.000.000 jaar oud). Als ‘eerste’ hadden in die rij hadden we tot voor kort het ‘dier’ met een naam waar je duizelig van wordt, de Australopithecus Afarensis, die staat ongeveer 200 km ver. Het is 3 à 4 miljoen jaar oud. Het bekendste skelet hiervan is Lucy.

De millenniumman had zijn nesten in bomen. Hij sliep er waarschijnlijk ook in. Hij was zo groot als een chimpansee, maar met langere benen. Als je er een zou zien lopen zou je er geen mens in herkennen. Het waren sociale dieren. Ze vormden dus een groep en die was meestal multi-male, multi-female. Ze kenden ook geen stenen voorwerpen (dat verscheen pas 2.500.000 jaar geleden. Het was een bosdier dat veel water nodig had om te overleven. Hij had sterke bovenarmen en vingerkootjes die gekromd waren è voor de grip op takken. En in deze periode was hij de prooi niet het roofdier. Maar er moest een dringender reden zijn om op 2 benen te gaan lopen. Marc Raibert, expert op het vlak van robotica zegt dat het maken van een robot met 2 benen makkelijker is dan een met 4 benen, de onderlinge coördinatie is minder ingewikkeld en er zijn minder onderdelen nodig. Voor een dier/mens ligt dat anders. Op 2 benen kon je je gemakkelijk voorbewegen dan op 4. Je bent ook wendbaarder en het belangrijkste: ‘het’ heeft zijn handen vrij. Alleen creëer je met bipedalisme (2-voetigheid) een groot probleem; het evenwicht. Het kon een aap zijn evenwicht leren houden. Ook hiervoor is een tamelijk voor de hand liggende verklaring. Het komt door een verandering in de natuur van Kenia in het laat-mioceen. Toen moest het dichte bos plaats maken voor grote, open savanne met heel veel roofdieren. Maar volgens Robin Crompton (een van de weinige onderzoekers naar het looppatroon van vroege mensen) is bipedalisme ontstaan in de bomen. Want daar zijn overal takken om je heen voor als het mocht misgaan. Maar ook apen vallen uit bomen. In de savanne MOESTEN ze op 2 benen lopen, in de bomen KONDEN ze dat doen.

Dat bipedalisme is heel belangrijk voor de Orrorin. Als hij dat deed zijn we 99% zeker dat hij tot het geslacht(GENUS HOMO )  van de mens behoort.

  • Het is typisch menselijk.
  • Dijbenen moeten licht gebogen worden voor de ondersteuning.
  • Er is een groef in de kop van het dijbeen door een spier die daar gespannen staat door op 2 benen te lopen.
  • Door ons gewicht buigt de kop ook licht naar beneden en wordt het net onder de kop dikker.
  • Kniegewricht wordt aangepast voor een stand van die benen die naar achter plooien. – jammer genoeg zijn er (nog) geen knieschijven of zo gevonden. –

Orrorin stond, liep en wandelde veel in zijn leven. Dat toont zich in de botten. Orrorin is dus hoogstwaarschijnlijk een voorouder van de  miljarden mensen vandaag. 

Hoe onze handen , handen geworden zijn tijdens   het ontwikkelen van het bipedalisme

Er zijn in de 20ste eeuw zoveel vondsten gedaan van fossiele hominiden, dat de evolutie van de mens nu op hoofdlijnen bekend is. We weten inmiddels welke opeenvolgende mensachtigen in de afgelopen vier miljoen jaar op aarde leefden en hoe hun ontwikkeling heeft geleid tot het ontstaan van de moderne mens Homo sapiens. Door vondsten van schedels, delen van skeletten, maar ook van gereedschappen die onze voorouders gebruikten, is bekend dat de evolutie van de mens in vier grote stappen (ontwikkelingsfasen) is verlopen. Door fossiele botten te vergelijken met het skelet van de moderne mens en met dat van de verschillende mensapen die nog op aarde leven, kunnen we iets zeggen over de eigenschappen van de verschillende mensachtigen. De vondsten zeggen ook iets over de handen van onze verre voorouders. Al zijn er van onze voorlopers nog geen complete handen gevonden, het is in grote lijnen toch duidelijk hoe de menselijke hand is geëvolueerd.

Evolutie van de hand: van 4 poten naar 2 poten en 2 armen.

Wij mensen lopen op twee benen. We hebben een zogenaamde bipedale wijze van voortbewegen. Dat is een van de meest fundamentele stappen in de ontwikkeling van de menselijke soort. We onderscheiden ons zo van alle andere zoogdieren (kangoeroes en springhazen vormen een uitzondering). Op onze achterste benen lopen, betekende dat onze handen vrijkwamen. Onze voorpoten hadden we niet meer nodig om ons op voort te bewegen. Omdat deze functie niet meer nodig was, kon de hand zich in de evolutie specialiseren in het hanteren van werktuigen.

Chimpansees, bonobos en gorillas bewegen zich quadrupedaal (op vier poten) voort. Ze kunnen slechts kleine stukjes rechtoplopen op een vrij stuntelige manier. Anders dan andere dieren die zich op vier benen voortbewegen, steunen de grondbewonende mensapen op hun knokkels (knuckle walking), inplaats van op de vingers of de palm van de hand. Dit zorgt ervoor dat ze hun lange vingers hebben kunnen behouden, die zijn namelijk niet praktisch om op te lopen, maar wel om mee te klimmen. De hand had van met name de chimpansee heeft drie functies; lopen op de grond, klimmen in bomen en dingen kunnen hanteren.

Zes miljoen jaar geleden waren onze verre voorouders nog aapachtig. Zij leefden in regenwouden en waren vergelijkbaar met mensapen zoals we die nu kennen. Ze hadden dus ook handen die voldeden aan de drie genoemde functies. Doordat de leefomgeving veranderde -het bos werd langzaam een open savanne- waren onze voorlopers langzaam genoodzaakt zich meer op de vlakte te gaan begeven. Zo ontwikkelde zich langzaam een andere manier van voortbewegen; een vroege vorm van het bipedale voortbewegen (meer hierover vind je onder het volgende kopje “Evolutie van rechtoplopen”). Hierdoor kwamen de handen vaker los van de grond en zo werd de functie van voortbewegen minder belangrijk. Verre rechtoplopende voorouders konden in de beginfase waarschijnlijk nog gemakkelijk in bomen vluchten voor gevaar, ze hadden nog lange armen waarmee klimmen goed mogelijk was. Op langer termijn waren er bij gevaar ook andere mogelijkheden. Met een tak slaan of zwaaien kon soms al genoeg zijn een roofdier weg te jagen. Je kon jezelf ook beschermen door bijvoorbeeld zelf een schuilplaats te bouwen.

De bouw en werking van de hand was een compromis tussen de verschillende functies. Doordat we rechtop gingen lopen, werden twee van de drie functies van de hand minder belangrijk; voortbewegen en klimmen. Hierdoor kreeg de functie die overbleef, het kunnen hanteren, de ruimte om verder te ontwikkelen. Beter gezegd: Veranderingen in de eigenschappen van de hand, die ten tijde van het klimmen en voort met de handen nog nadelig zouden zijn, werden nu behouden omdat ze praktisch bleken voor het hanteren. Het hebben van kortere vingers is bijvoorbeeld voor klimmen niet handig, maar wel praktisch voor hanteren.

Evolutie van het rechtoplopen

Rechtoplopen was dus een voorwaarde voor de hand om te kunnen evolueren. Als we daar van uitgaan, vragen we ons natuurlijk direct af hoe het kwam dat onze verre voorouders rechtop gingen lopen (bipedalisme).Om dit toe te kunnen lichten, is gebruik gemaakt van de werken paleontoloog Dr. John de Vos (1998,2004).

1 Verandering van leefomgeving

Er zijn veel verschillende theorieën over het ontstaan van het bipedale voortbewegen van onze voorouders. In veel van deze theorieën speelt verandering van leefomgeving een rol. Een mogelijke oorzaak van het veranderen van de leefomgeving is een klimaatverandering. (e.g. Dart, 1925; Robinson, 1963; Coppens, 1975; Howell, 1978; Brain, 1981; Vrba, 1985, 1988, 1995, 2000; Stanley, 1992; Potts, 1996) In de loop van het Mioceen (25 -5 miljoen jaar geleden) en Plioceen (5 2 miljoen jaar geleden) kwam het oostelijke deel van Afrika door bewegingen in de ondergrond (tektoniek) omhoog. Het klimaat werd koeler. Tropische bossen, leefgebied van onze aap-achtige voorouders,trokken zich steeds verder tergu naar de evenaar; in Oost-Afrika maakten ze plaats voor (boom)savannes, gebieden met veel gras en verspreid staande bomen. Zon leefgebied zou voor onze verre voorouders, die zich eerder altijd voortbewogen in de bomen, betekenen dat ze zich meer en meer op de grond moesten voortbewegen. Maar voortbewegen over de grond hoeft niet perce op twee poten. Mensapen bewegen zich over het algemeen ook quadrupedaal voort, ze lopen op vier poten. Wat bracht de mensaap waar de mens van afstamt er toe rechtop te gaan lopen?

2 Verandering van gedrag

Door verschillende paleontologen en paleoantropologen worden hiervoor uiteenlopende verklaringen gegeven. Er zijn veel theorieën die te maken hebben met het gedrag van onze verre voorouders.

Zo zouden ze langzamerhand rechtop zijn gaan lopen om dingen als gereedschap en voedsel te dragen (o.a. Hewes 1961, Kortlandt 1967 , Leakey,Lewin 1979). Verre voorouders zouden sociaal gedrag vertonen; voor elkaar voedsel zoeken en dit op een gemeenschappelijke plek (thuisbasis) met elkaar delen (food sharing) Het voedsel moest dan natuurlijk worden gedragen. Ook het maken en gebruik van gereedschap en het kunnen gooien van stenen wordt wel als argument gebruikt (o.a. Washburn 1950, 1960, 1967, Darwin 1871, Tobias 1967,1981, Washburn &Moore 1980). Zelfs het kunnen plukken van bessen uit hoge bosjes wordt genoemd als reden (o.a. Pilbeam 1980). Een andere oorzaak die wordt genoemd, is dat onze voorouders indruk zouden willen maken op elkaar en andere dieren: Door rechtop te lopen zie je er groter uit en zijn de geslachtsdelen beter zichtbaar. Volgens deze theorie is het rechtoplopen en het vrijkomen van de handen ontstaan door seksuele selectie. Een bijkomend effect van rechtoplopen is dat je een beter zicht hebt: de ogen zitten hoger zodat je beter over lang gras heen kunt kijken(o.a. Livingstone 1962). Ook zou rechtoplopen gunstig zijn voor het regelen van de temperatuur: minder huidoppeervlak staat zo bloot aan de zon (e.g. Wheeler 1984, 1985)

Dit is een lange lijst met verklaringen die eenvoudig nog langer te maken is (de Vos, 1998). De ene theorie is wat aannemelijker dan de andere, maar ze zijn allemaal speculatief en moeilijk te bewijzen. Aan bijvoorbeeld een stuk schedel kunnen we tenslotte niet zien hoe de eigenaar zich gedroeg. De meeste van deze theorieën zijn bovendien teleologisch, dat wil zeggen: ze redeneren naar een doel toe: het vrijmaken van de handen. Ze redeneren naar het rechtoplopen toe. Dit is in strijd met de wetenschappelijke opvatting dat evolutie geen voorgedefinieerde richting heeft en nooit naar een doel toewerkt. Evolutie is meer een proces van toevalligheden.

De theorieën hebben verder met elkaar gemeen dat ze grotendeels vanuit een antropocentrisch standpunt zijn beredeneerd. Dat wil zeggen dat het wordt bekeken vanuit de manier waarop wij mensen zouden reageren op een situatie. Eigenlijk kunnen we er niet van uitgaan dat de mensachtige, die toen leefde, ook zo reageerde. Ook hebben we het over een heel erg lange periode van ontwikkeling. Zo lang dat het voor ons mensen moeilijk te bevatten is dat ook erg kleine veranderingen over een dergelijke periode uiteindelijk grote gevolgen kunnen hebben.

Uiteindelijk zijn er veel aanpassingen van de anatomie nodig geweest om bipedalisme mogelijk te maken. Een verre voorouder die zich nog met vier poten voorbewoog, dacht niet op een ochtend toen hij wakker werd: Laat ik vandaag eens rechtop gaan lopen.

3 Energie-efficiëntie (Theorie van De Vos)

De evolutie van mensen wordt vaak anders uitgelegd dan de evolutie van dieren. De verklaring van de evolutie van dieren wordt vaak gedaan aan de hand van een zo optimaal mogelijk gebruik van energie.

Je kunt deze theorie ook toepassen op het ontstaan van onze manier van lopen. In een landschap waarin langzaam minder bomen kwamen, moest een aapachtige zich steeds meer over de grond voortbewegen. Van boom naar boom klimmen was er niet meer bij: hij moest over de grond om bij de volgende boom te komen. Daar was hij veilig voor roofdieren en hij kon er voedsel (vruchten) vinden. Op vier poten over de grond voortbewegen kost relatief veel energie. Energetisch gezien is rechtoplopen op twee benen veel efficiënter. Het kost minder energie. Er was dus een selectiedruk op dieren die zich goed op hun achterste benen konden voortbewegen. Chimpansees doen dat ook om korte stukjes te overbruggen. Er waren nog meer voordelen aan het rechtoplopen: je bent groter en je kunt je beter roofdieren afschrikken. Je kunt er ook soortgenoten mee aftroeven die bij dezelfde vruchtdragende boom willen komen. Loop je het meest rechtop, dan maak je de meeste indruk en heb je het voedsel voor jezelf. Dat kun je vervolgens met de vrouwtjes delen, en zo vergroot je je kans op paren en nakomelingen verwekken, die weer de loopeigenschappen van jou erven.

Voortbewegen op twee inplaats van vier ledematen kost al minder energie. Daarnaast kost ook stilstaan minder energie: je hoeft immers minder spieren aan te spannen. Deze energiewinst is een verklaring van de ontwikkeling van bipedaal voortbewegen. Deze theorie heeft als een van de weinige dus niet als doel, maar als gevolg dat de handen vrij kwamen. En hij is niet gebaseerd op gedrag, maar op zo efficient mogelijk omgaan met energie.

Zeven belangrijke aanpassingen voor het rechtoplopen

Rechtop lopen is niet zomaar iets. Om efficiënt rechtoplopen mogelijk te maken zijn in de bouw van een viervoeter fundamentele wijzigingen noodzakelijk. Deze zijn in de bouw van ons lichaam terug te vinden.

Een van de lastige dingen aan het voortbewegen op twee benen is dat je gewicht voortdurend boven een klein steunvlak moet worden gebalanceerd. Soms boven twee, maar vaak ook maar boven één voet. Dit vraagt een goede coördinatie en evenwicht. Daarnaast komen er heel andere krachten op de wervelkolom te staan. Ook het rechtop houden van ons grote hoofd vergt de nodige aanpassingen.

Hieronder staan de belangrijkste aanpassingen op een rijtje (in willekeurige volgorde).

1. Onze ogen staan meer voor in onze schedel. We hebben grotere hersenen en een beter evenwichtsorgaan. Lopen is eigenlijk met het lichaam naar voren vallen en net op tijd het andere been bijzetten om te voorkomen dat je valt. Dit vereist veel coördinatie tussen ogen, spieren, hersenen en evenwichtsorgaan.

2. Het achterhoofdsgat, de bevestiging aan de nekwervels, is meer recht onder de schedel komen te staan. Op die wijze is het gewicht van ons grote hoofd meer verdeeld en steunt het op de wervelkolom. Het dragen van het hoofd kost zo minder energie.

3. De mens heeft een ton-vormige borstkas in plaats van de vorm van een omgekeerde trechter, zoals bij apen. Bij apen is dit nog nodig om de armen langs het lichaam te bewegen tijdens het voortbewegen.

4. De wervelkolom heeft een andere, grotere curve in nek en onderrug. Deze S-vorm is erg belangrijk voor het verdelen van krachten tijdens het lopen op twee benen. De bochten vangen als het ware de klappen van het lopen op.

5. Wij hebben een aangepast, breder, maar minder lang bekken. Van bovenaf gezien meer een S-profiel. Dit heeft gevolgen voor het verloop van de spieren tussen bekken en bovenbeen, zodat de benen anders bewogen kunnen worden.

6. Mensen hebben langere benen dan armen, bij apen is dit andersom. Onze benen hebben ook een groter gewicht dan die van apen, hierdoor wordt ons zwaartepunt in het lichaam verlaagd, wat gunstig is voor het bewaren van het evenwicht tijdens het lopen.

7. Wij hebben een grotere “Carrying Angle”. Dat is de hoek die het bovenbeen(bot), de femur maakt ten opzichte van de knie en het heupgewricht. Onze knieën en dus onze onderbenen staan zo meer onder ons lichaam, zo kunnen we ons steunvlak (onze voeten) makkelijker onder ons gewicht plaatsen.

8. Mensen hebben een andere voet dan apen: Wij hebben een grote hiel, voor het vergroten van het steunvlak. Ook hebben wij niet meer de mogelijkheid om de grote teen te opponeren. De grote teen heeft een belangrijk plaats gekregen naast de andere tenen. De grote teen is belangrijk voor de krachtverdeling tijdens het afrollen van de voet.
Bron: Fleagle (1980)

Handigere hand, minder handige voet, alhoewel…

Het probleem met de theorieën is dat ze lastig te bewijzen zijn. Ze zijn misschien allemaal een beetje waar. Welke theorie we ook volgen, uiteindelijk kwam de hand vrij. Hierdoor kon de hand zich ontwikkelen tot een fijn gereedschap. Maar ook de voet, die eerder nog ook voor grijpen en klimmen werd gebruikt, kreeg een andere vorm. Deze werd langzamerhand meer een loop-gereedschap. Steeds minder handig om mee te klimmen, steeds handiger om op te lopen dus. In figuur is een apenvoet en een mensenvoet te zien. Er is duidelijk te zien dat bij ons mensen de grote teen helemaal naast de andere tenen is komen te staan, terwijl bij de aap de grote teen meer lijkt op een duim. De grote teen is bij het afrollen van de voet belangrijk geworden voor de krachtverdeling in de voet. In de laatste fase van het afrollen van de voet tijdens het lopen steunen we op de grote teen.

 apenvoet_mensenvoet

Sommige mensen worden soms door complicaties zonder armen geboren. Die mensen kunnen dan nog verrassend veel met hun voeten, maar het is geen optimaal gereedschap.

Wat maakt de hand van de mens tot de menshand?

De belangrijkste eigenschap van de mensenhand is dat hij de precisiegreep beheerst. Dat betekent dat het topje van de duim naar de andere vingers gebracht kan worden, waardoor we iets precies tussen de vingertopjes kunnen vastpakken, zelfs heel precies tussen twee vingers. Hiervoor moet de duim kunnen opponeren en de lengteverhouding tussen vingers en duim moet precies goed zijn.

Het vermogen om de duim opponeren (Dat is duim tegenover de vingers plaatsen en wordt onder andere mogelijk gemaakt door de vorm van het zogenaamde CMC1 gewricht. Zie ook Bouw en Werking.)

Hierdoor kan de mens heel precies dingen tussen zijn vingers beethouden, terwijl een aap alleen dingen tussen vingers en handpalm kan klemmen (krachtgreep).

Huidige mensapen kunnen vrijwel niet opponeren, hun CMC1 gewricht heeft een andere vorm en de verhoudingen van de vingers zijn heel anders dan bij de hand van de mens. Een chimpansee heeft in verhouding met zijn duim erg lange vingers. Hij kan dus geen precisiegreep maken en is dus niet in staat tot fijne manipulatie van voorwerpen. Ook zijn er verschillen tussen spieren van mensen en apen. Vooral de spieren van de duim zijn veel meer ontwikkeld bij de mens dan bij een aap. Dit moet ook wel, omdat we de duim heel precies moeten kunnen besturen.

Er zijn verschillende fossiele onderdelen van handen van onze mensachtige voorouders gevonden. Dit zijn mensachtigen die vanwege de vorm van de fossielen en vanwege verschillen in ouderdom in bepaalde groepen zijn ingedeeld.

Complete skeletten van mensachtigen zijn nog niet gevonden, maar gelukkig kunnen losse botjes veel vertellen over de bouw en de gebruiksmogelijkheden van de handen van onze voorouders.

We kunnen dan bijvoorbeeld letten op de vorm van het CMC1 gewricht en de lengteverhoudingen van de vingers. Spieren zijn natuurlijk niet bewaard gebleven, maar aanhechtingsvlakken op de botten kunnen soms wel iets zeggen over de spieren van de hand.

Hieronder worden de hoofdfasen van de evolutie van de mens(J. de Vos ,2004) kort besproken. We proberen aan de hand van wat er van de handen gevonden is iets te zeggen over de eigenschappen van die handen.

Prehistorisch gereedschappen vertellen ook veel over de de werking van de handen van de maker.

Fossiele resten van vroege mensachtigen, zijn vooral gevonden in Afrika en Azië. Het gaat al met al om meer dan twintig soorten. Ze laten zien dat de mens in de afgelopen vier miljoen jaar drie grote stappen of ontwikkelingsfasen heeft doorlopen: de Australopithecus-fase, de Homo erectus-fase en de Homo sapiens-fase.

Australopithecus-fase
{65_Australopithecus-fase?}

Wie? Wanneer?

Onder de Australopithecus fase, de fase van de eerste aapmens-achtigen die rechtop gingen lopen, rekenen we de volgende soorten: Australopithecus afarensis, , Australopithecus robustus, Australopithecus africanus, Paranthropus, Sahelanthropus, Kenyaanthropus, Australopithecus (homo) habilis/rudolfensis. Deze soorten leefden tussen 4 en 2 miljoen jaar geleden. (de Vos, 2004)

Uiterlijk

Deze aapmens-achtigen hadden lange armen en korte benen. De vondst van voetstappen in Laetoli (Tanzania) bewijst dat ze rechtop liepen. Ze worden dan ook wel gezien als rechtoplopende apen. (de Vos, 2004)

Vondsten van de hand?

Van verschillende soorten van deze fase zijn handbotjes gevonden, maar lang niet van alle soorten Maar er is geen complete hand gevonden. Hoe komt dat? Handen en voeten hebben veel kleine botjes. Als een dier of mensachtige ergens dood ligt en het is nog niet bedekt door bijvoorbeeld afzetting van een rivier, zullen deze kleine botjes eerder door aaseters worden meegenomen.

De hand in de Australopithecus-fase

Over de hele australopithecus fase kunnen we stellen dat de mensachtigen een vrij aapachtige hand had, waarmee geen precisiegreep mee kon worden uitgevoerd. Wel zien we steeds meer mensachtige eigenschappen in de aapachtige hand verschijnen. Ook zien we een ontwikkeling in het maken van gereedschap. Hoewel de mensachtigen tijdens de fase nog wel aapachtig waren, ontwikkelde zich het inzicht dat nodig is om gereedschap te maken.

De voeten hebben nog niet de grote teen zoals wij, maar nog een meer losstaande grote teen. De manier van lopen was al wel bipedaal, maar moet anders zijn geweest dan onze manier van voortbewegen.

Dit hele beeld past ook erg goed in de theorie dat er een tussenvorm moet zijn geweest. Een tussenvorm tussen het voortbewegen in de bomen met klim en klauter-handen en het uiteindelijke bipedaal voortbewegen met handige handen, zoals we nu zelf hebben.

GENUS HOMO 

  1. De totstandkoming van het bipedalisme resulteerde in het permanent vrijmaken van de hand en het toenemend gebruik en later ook de bewerking van tuigen

Homo erectus fase

 

Wie? Wanneer?

Onder de Homo erectus fase, de fase van de mensachtigen die gingen lopen zoals wij, rekenen we de volgende soorten: Homo erectus, Homo ergaster, Homo antecessor, Homo heidelbergensis.

Deze fase loopt tussen 2 miljoen en 300.000 jaar geleden. (Vos, 2004)

Uiterlijk

De soorten in deze groep, worden gezien als mensachtige figuren met menselijke verhoudingen en een menselijke manier van lopen, maar met een relatief klein brein. (Vos, 2004)

Vondsten van de hand?

Hoewel deze fase een kleine 2 miljoen jaar duurde, is er erg weinig gevonden van handen en voeten uit deze fase.

Wat weten we van de hand?

Van de anatomie van de hand van de Homo erectus weten we niet veel, omdat er heel weinig onderdelen van zijn gevonden. De meer op de mens lijkende bouw in vergelijking met soorten uit de Australopithecusfase, de ontwikkeling van de voet naar een echte mensenvoet, de ontwikkeling van het menselijk bipedaal lopen en de ontwikkeling van de symmetrische vuistbijl en andere fijnere gereedschappen doen vermoeden dat ook de hand in de tussentijd verder ontwikkeld was. Dat er meer grepen mee konden worden gemaakt, dat ze al een fijner gereedschap waren geworden. De mogelijkheid bestaat dat de hand nog niet zo handig was als de mensenhand zoals we die nu kennen. We weten niet of de soorten uit deze fase de precisiegreep konden maken.

Hopelijk worden er in de toekomst nog fossielen gevonden van de hand uit de homo erectus fase die ons meer antwoorden.

Neandertaler (Homo neanderthalensis)

De Homo neanderthalensis, wordt ook wel de Neandertaler genoemd. De neandertaler werd altijd gezien als het schoolvoorbeeld van de holenmens. Ruwe, grote, domme mensachtigen die in barre omstandigheden overleefden. Tijdens de laatste ijstijd levend en op den duur verdrongen door de nieuwe slimme soort: de Homo sapiens. Maar de laatste jaren vraagt men zich af hoe ruw en dom de Homo Neanderthalensis eigenlijk echt was. Daar verschillen de meningen over (Hecht, 2004).

Er is ook veel discussie geweest of de Homo neanderthalensis zich nu wel of niet heeft voortgeplant heeft met de Homo sapiens.(Jones, 2007) Aan die discussie lijkt door recent onderzoek naar DNA een eind te zijn gekomen. Na het vergelijken van delen van het DNA van de Neanderthaler en DNA van de mens is berekend dat de soorten al tussen 660,000 en 140,000 eerder van elkaar gesplitst waren. Ze zouden na die tijd geen DNA met elkaar hebben uitgewisseld (Green et alii, 2008). De Homo neandertalensis was dus echt een ander soort dan de Homo sapiens. Eerder werd de Homo Neanderthalensis nog wel gezien als een ondersoort van de mens en werd dus Homo sapiens neanderthalensis genoemd. Daarom werd hij bij de Homo sapiens fase gerekend. Dit blijkt dus niet te hoeven en nu wordt er ook wel gezegd dat de Homo neanderthalensis juist nog bij de Homo erectus fase hoort.

Wie?  Wanneer? De Homo Neanderthalensis leefde tussen de 100.000-10.000 jaar geleden in Europa.

Uiterlijk

De Homo neandertalensis had een groot hoofd met veel hersenen, meer dan de Homo sapiens (meer hersenen hoeft niet direct te betekenen dat hij slimmer was), boven de ogen hadden ze dikke wenkbrauwbogen. Ze hadden geen kin en waren klein en gedrongen gebouwd, als eskimos. Ze hadden meer krachtige armen dan mensen (Trinkaus & Chirchil, 1988) Vaak worden ze kaal afgebeeld, maar ze waren waarschijnlijk bedekt met haar (Liebermann, 1989). Helemaal aangepast aan het leven op de Mammoet steppe ten tijde van de laatste ijstijd.

Vondsten van de hand?

Er is iets waar we de Homo neanderthalensis dankbaar voor zijn. Ze begroeven degene die overleed. Tenminste, dat zeggen sommige paleontologen, anderen trekken dat weer in twijfel (Gargett, 1989 a, b)

Begraven of niet, een aantal doden moeten snel onder de grond terecht zijn gekomen. Dat is namelijk erg goed voor de fossilisering, zo hebben ze ons veel informatie nagelaten. In Ferrassie, Frankrijk is dus ook een vrijwel complete hand gevonden. Een hand van een Homo Neanderthalensis van zon 60.000 jaar oud.

In het werk van Villemeur (1994) wordt de hand van de Homo neanderthalensis vergeleken met de mensenhand. Uit dit werk blijkt dat de mensenhand en de hand van de Homo neanderthalensis anatomisch wel veel van elkaar weg hebben. Maar, het sleutelwoord bij de Homo neanderthalensis is kracht. De hand is robuuster en heeft grotere aanhechtingen voor grotere spieren. De krachtgreep van de Homo neanderthalensis moet heel krachtig zijn geweest (als je jarig was, gaf je hem liever geen hand). Ook de handwortelbeentjes hebben een andere. Daarbij komt dat de duim een grotere abductie en oppositie kon maken dan de menselijke hand; de hand kon goed open. De lengteverhoudingen van de Neanderthalensis hand lijken wel op die van de mens. Dit alles bijelkaar lijkt er op dat de Homo Neanderthalensis ook een precisiegreep kon. Door zijn grove gespierde bouw lijkt er wel op dat hij op een andere manier met zijn handen omging.

Wat weten we van de hand?

Hoewel de hand veel meer gespierd is en er op andere manieren met krachten in de hand werd omgegaan, lijkt de hand qua verhoudingen op die van de mens. Of de Homo Neanderthalensis ook een precisiegreep kon wordt over gediscussieerd. De soort kon er in ieder geval wel heel nauwkeurige stenen vuistbijlen mee maken. Fysiek was de Homo Neanderthalensis sterk, maar misschien moeten we het uiteindelijke falen van de soort wel zoeken in de combinatie: brein/handen. Misschien was de Homo Neanderthalensis minder goed in het zien van verbanden, het zoeken naar oplossingen, het omgaan met veranderingen. Minder goed dan de Homo Sapiens, de mens die zijn veerkracht wel heeft bewezen. We weten het niet.

Homo sapiens fase

Wie?

Wanneer? De  Homo sapiens Fase, de fase waar we gelukkig nog niet van weten tot wanneer hij loopt, begon zon 150.000 jaar geleden.

Vondsten van de hand?

De eerste aanwijzingen voor een nieuwe soort in het geslacht homo zijn gevonden in zuid-afrika en zijn zon 100000- 120000 jaar oud. (Stringer & Andrews, 1988; Deacon et alii 1986) De hersenen en de handen, de combinatie was er. Het inzicht en bewustzijn dat nodig was en het lichaam die de plannen uit kon voeren waren aanwezig. Langzaam bevolkte de Homo sapiens de wereld.

Gereedschap?

De eerste Homo sapiens hadden een nieuw soort steenbewerkingstechniek. Met deze techniek maakten ze lange, dunne messen van steen.(Tattersall,2000). Hier konden ze erg veel mee. Over de verdere ontwikkeling van de Homo sapiens valt ook iets te lezen in het artikel hand in de tijd.

Wat weten we van de hand?

De hand van de van de vroege mens is niet te onderscheiden van een atletische levend mens, in termen van gewrichtsvormen, verhoudingen van handbeentjes en armen en gespierdheid. (Trinkhaus, 1980)

Conclusie:

Hoewel er door de kleine hoeveelheid vondsten nog veel gaten zitten in wat we van de hand tijdens de evolutie weten, zijn we toch redelijk wat te weten gekomen van de ontwikkeling van de hand. We zien in grote lijnen waar de hand veranderd, maar we kunnen toch nog niet duidelijk zeggen wanneer bijvoorbeeld de precisiegreep precies zijn intrede deed. De eerste Homo sapiens kon het, maar wat konden de soorten in de Homo erectusfase? Werden zij alleen beperkt door de manier waarop zij dachten? Of hadden zij ook minder handige handen?

Uiteindelijk is de hele evolutie van de mens een ingewikkelde samensmelting van ontwikkelen van het voortbewegen, ontwikkeling van de anatomie, het ontwikkelen van de hersenen, invloeden van buitenaf, zoals voedsel en klimaat. Allemaal bepalend zijn voor wat we nu. Van wezens met aap-achtige handen tot individuen met handen die kunnen wat de handen kunnen.

– Ferry Kruiswijk, Bwegingstechnologie Haagse Hogeschool & Naturalis © 2009

http://www.museumkennis.nl/nnm.dossiers/museumkennis/i006260.html

Rotsen en kloven lieten de mens rechtop lopen

 27 mei 2013 24

SONY DSC

Waarom ging de mens rechtop lopen? Waren onze voorouders gedwongen rechtop te lopen doordat de bossen door klimaatverandering afnamen of had het een andere reden?

Volgens nieuw onderzoek dat in Antiquity staat, gebeurde het al eerder. De mensachtigen  jaagden  namelijk naar voedsel en hadden hierbij meer succes in steil, ruig landschap.  Ze  moesten  door bergen en dalen en werden  zo uiteindelijk  die behendige, sprintende mens die kan grijpen en springen tegelijk omdat hij op twee benen loopt.

Afrika
Archeologen aan de University of York namen verschillende evolutietheorieën op de proef die ons eerder vertelden hoe onze viervoetige voorouders rechtop gingen lopen. Ze stellen dat de oorsprong van de rechtopstaande mens in het ruige landschap van Oost- en Zuid-Afrika ligt dat door de plaatverschuivingen en vulkanen in het Plioceen gevormd was. Hetzelfde tijdperk waar de eerste mensachtigen (Hominini) verschenen, zo blijkt uit gevonden resten in dit gebied.

Hominini
Onze voorouders trokken mogelijk richting de rotspartijen en kloven omdat deze onderdak boden en er eveneens goed gejaagd kon worden. Om ergens te komen, moesten ze wel rechtop klauteren en zich rechtop door de kloven bewegen.

“Uit ons onderzoekt blijkt dat tweevoetigheid ontwikkeld kan zijn als reactie op het terrein, in plaats van als reactie op veranderingen van de begroeiing door het veranderde klimaat,” zegt Dr Isabelle Winder, één van de onderzoekers.

Het terrein was ruw en dit bood voor mensachtigen voordelen zoals veiligheid en voedsel, vertelt Winder.

“Het bleek ook een motivatie(  beter nog  ___> selectieve druk  ) te zijn om hun motorische vaardigheden te verbeteren door snel te klimmen, balanceren, klauteren en bewegen over die gebroken grond.

” Het moest snel gebeuren, anders konden onze voorouders door de grond heen zakken of er tussen vallen of blijven steken. En daarom was rechtop lopen vereist voor deze bewegingen. Op die manier hadden de mensachtigen tegelijk de handen en armen vrij om beter te kunnen klimmen of dingen zoals gereedschap beter te gebruiken.

Dat de voeten en het skelet zich verder ontwikkelden, kan komen doordat de mensachtigen later tripjes maakten verder weg in de omliggende vlaktes; op zoek naar nieuwe leef- en jaaggebieden.

“Het gevarieerde terrein heeft misschien ook bijgedragen aan de verbeterde cognitieve vaardigheden zoals navigatie en communicatie die goed waren voor de verdere evolutie van onze hersenen en sociale functies zoals samenwerken en teamwerk,”

zegt Winder.

Bronmateriaal:
The Ascent of Man: why our early ancestors took to two feet” – University of York.
De foto bovenaan dit artikel is gemaakt door e_monk (cc via Flickr.com).

Warmte dwong ons niet om rechtop te lopen

13 december 2011  2

Waarom gingen mensachtigen op twee benen lopen?

In ieder geval niet omdat het op vier te heet was, zo blijkt uit nieuw onderzoek.

Het  volgende kan dus in de papiermand (volgens deze nieuwe hypothese )  : 

Lang liepen onze voorouders op vier pootjes. Maar op een gegeven moment veranderde dat en gingen ze op twee benen verder. Over de oorzaak van die omschakeling wordt nog altijd druk gespeculeerd.

Warmte
Wetenschappers bedachten dat het misschien iets te maken had met de warmte. Onze voorouders zouden door rechtop te lopen, voorkomen hebben dat ze tijdens een lange wandeling oververhit raakten. Ze baseerden hun conclusies op onderzoeken waarin ze stilstaande voorouders bestudeerden.

 

Klopt niet
Maar klopten die conclusies wel?

Onderzoekers Graeme Ruxton en David Wilkinson beten zich in die vraag vast en besloten eens te kijken wat er gebeurde als zo’n voorouder die rechtop liep ook daadwerkelijk ging lopen.

En ze moeten concluderen dat hitte niet de reden kan zijn geweest dat onze voorouders rechtop gingen lopen.

Of onze voorouders zich nu op vier of twee ledematen voortbewogen: de kans dat ze oververhit raakten, bleek even groot. Rechtop lopen, zou dan ook niet het gevolg zijn van warmte. Onduidelijk blijft waarom  mensen zich dan op twee benen gingen voortbewegen.

Zweten
En ook het probleem van de hitte bleef: hoe konden mensen – als rechtop lopen niet hielp – het hoofd koel houden?

Uit het onderzoek blijkt dat het verlies van lichaamshaar en de mogelijkheid om te zweten hielp. Pas wanneer het lichaam qua zweetklieren en lichaamsbeharing op dat van de moderne mens begon te lijken, bleek het in staat om ook op het heetste moment van de dag in open veld actief te zijn.

Het volledige onderzoek is terug te vinden in het blad Proceedings of the National Academy of Sciences.

Bronmateriaal:
Avoidance of overheating and selection for both hair loss and bipedality in hominins” – PNAS.org
De foto bovenaan dit artikel is gemaakt door Iris Young (cc via Flickr.com).

‘Mens is opgestaan om beter te kunnen vechten’

Geschreven op 23 mei 2011 door mvdb

Op twee benen slaan (vechtvoordeel bij overeind staan)

Waarom is de mens op twee benen gaan staan en lopen? Rechtovereind kunnen we de vijand een hardere rechtse verkopen, zo beweert een Amerikaanse wetenschapper.Onze voorouders besloten enkele miljoenen jaren geleden hun vier benen in te ruilen voor twee, om daarmee de andere twee ledematen vrij te houden voor andere zaken. Zaken zoals het verzamelen van voedsel en het hanteren van gereedschappen. Of, zoals een aantal wetenschappers heeft geopperd, om beter te kunnen vechten. Dit laatste besloot David Carrier (Universiteit van Utah) aan een test te onderwerpen. Heeft de tweebenige houding ofwel het bipedalisme ons echt voordeel opgeleverd op dat vlak?

Carrier vroeg vijftien getrainde boxers en martial-arts-beoefenaars (allemaal mannen) staande of op handen en knieën met hun vuist een blok raken waarin een sensor zat om de kracht van de stomp te meten. De proefpersonen moesten een zijwaartse, een opwaartse en een neerwaartse stomp uitvoeren. Bij elke stomp vanuit de staande positie bleek de kracht zeker 1,5 keer groter dan wanneer de mannen op handen en knieën hetzelfde deden.

Staand vechten levert dus een aanzienlijk voordeel op. Dat verklaart waarom mensapen als chimpansees en gorilla’s vaak op hun achterpoten gaan staan om hun tegenstanders te slaan bij het gevecht om territoria en de vrouwtjes. Dat zou ook weleens voor mensen kunnen gelden, in ieder geval vroeger.

Maar dat is niet het enige wat Carrier constateert op basis van zijn onderzoek. De neerwaartse stomp bleek krachtiger te zijn dan de opwaartse stomp en dat gold voor beide houdingen. De conclusie? Lange mannen hebben een voordeel ten opzichte van kortere tegenstanders bij een vuistgevecht. Dat zou goed kunnen verklaren waarom vrouwen lange mannen aantrekkelijker vinden en als gezonder, intelligenter en sociaal dominanter beoordelen. Niet omdat ze van gewelddadige mannen houden, maar omdat een lange man beter in staat zou moeten zijn om haar en de kinderen te beschermen tegen rivalen.

Hoe logisch het ook allemaal klinkt, toch zijn er tegengeluiden te horen over de vechthypothese. Zo vindt Herman Pontzer (Universiteit van Washington) de studie een goede test van het menselijke boksvermogen, maar beoordeelt hij het bewijs voor de evolutie van het bipedalisme als niet erg sterk. “Als chimpansees en sommige andere vierbenigen in staat zijn om op twee benen gaan staan om te vechten, waarom zouden wij dan zo’n radicale evolutie in onze anatomie moeten doorstaan, als dit niet eens nodig is?”, legt hij uit aan LiveScience. Carrier brengt daar tegenin dat het vechtvoordeel volgens hem maar één van de factoren is die de mens rechtop heeft doen lopen.

Bronnen: University of Utah, LiveScience, PLoS ONE

Beeld: David Carrier/University of Utah

WIST U DAT…

Archicebus achilles

°

°

Oudste vrijwel complete skelet van een primaat

ontdekt

 06 juni 2013  1

primaat

Wetenschappers hebben in China  de resultaten  van een tien jaar durende  analyse  gepubliceert (1)….  Het  gaat om het vrijwel complete skelet van een 55 miljoen jaar oude primaat .

Het zijn de oudste resten die ooit van een primaat zijn teruggevonden en ze kunnen ons wellicht een beter beeld geven van de evolutie van de primaten en de mens.

De wetenschappers doen hun ontdekkingen  in het blad Nature uit de doeken

“Hoewel wetenschappers eerder tanden, kaken en enkele schedels of een paar beenderen van primaten uit deze periode hebben teruggevonden, is geen enkel bewijsstuk zo compleet als dit nieuwe skelet uit China,” vertelt onderzoeker Dan Gebo.

Het skelet van deze primaat is zo’n zeven miljoen jaar ouder dan het skelet van een primaat dat wetenschappers eerder als ‘oudste skelet’ aanduidden.

Gebo benadrukt dat zo’n compleet skelet ons van beter bewijs voorziet als het gaat om de evolutie die primaten en uiteindelijk ook mensen hebben doorgemaakt. “We hoeven daar niet meer naar te raden.”

De naam

De onderzoekers hebben de primaat de naam Archicebus achilles gegeven.
Archi‘ is Grieks voor ‘het begin’ en
cebus‘ betekent zoveel als ‘aap met lange staart’.
Achilles‘ verwijst naar de bijzondere anatomie van de hielen van de primaat.

Piepklein primaatje
De fossiele resten van de primaat werden in eerste instantie ontdekt door een boer. Hij trof de resten ten zuiden van de Yangtze-rivier aan. In de tijd van de primaat telde dit gebied verschillende meren die omringd werden door tropische bossen.

“Onze analyse laat zien dat deze primaat heel klein was en minder woog dan een ounce (ongeveer 28 gram, red.),” vertelt onderzoeker Xijun Ni, één van de wetenschappers die nadat de boer de fossiele resten aan de wetenschap schonk, mocht onderzoeken. “De primaat had slanke ledematen en een lange staart.” Waarschijnlijk was het dier voornamelijk overdag actief en at het insecten.

Belangrijk
De onderzoekers kunnen niet vaak genoeg benadrukken hoe belangrijk de vondst is. Het vrijwel complete skelet heeft de potentie om ons een veel beter beeld te geven van de allereerste fase in de evolutie van  de haplorini . Dat wil echter niet zeggen dat we met deze vondst moeiteloos alle geheimen uit die tijd kunnen ontrafelen.

De primaat beschikt over een  unieke  combinatie van eigenschappen  (Mozaik )  die nog nooit in één  Haplorine primaat  zijn aangetroffen.

Archicebus verschilt radicaal van andere primaten, zowel levende als uitgestorven exemplaren, die ons bekend zijn,” stelt onderzoeker K. Christopher Beard.

“Het lijkt op een vreemde kruising met de voeten van een kleine aap, de armen, benen en tanden van een heel primitieve primaat en een primitieve schedel met verrassend kleine ogen. De vondst dwingt ons om de manier waarop de (vroegste)  primaten  zijn geëvolueerd, te herschrijven.”

Een reconstructie van het skelet van de primaat. Afbeelding: Xijun Ni / Chinese Academy of Sciences, Paul Tafforeau / European Synchrotron Radiation Facility.

Een reconstructie van het skelet van de primaat. Afbeelding: Xijun Ni / Chinese Academy of Sciences, Paul Tafforeau / European Synchrotron Radiation Facility.

Bijzondere voeten
Met name de voeten van de primaat zijn bijzonder.

“We zien robuuste, grote tenen waarmee het dier kon grijpen, lange tenen en eigenschappen die horen bij primitieve primaten die in bomen leefden, maar we hebben ook te maken met hielbeenderen die doen denken aan apen en aapachtige middenvoetsbeenderen die je normaal gesproken niet zou vinden bij een primitieve primaat uit het Eoceen,”

stelt Gebo.

“Deze nieuwe(mozaik)  combinatie van eigenschappen is door ons geïnterpreteerd als bewijs dat dit fossiel vrij primitief was en dat zijn unieke anatomische combinaties een verband leggen tussen de Tarsiidae (spookdieren) en apen.”

De vondst geeft ons meer duidelijkheid over de evolutie van primaten en mensen. Afbeelding: M.A. Klingler / Carnegie Museum of Natural History.

De vondst geeft ons meer duidelijkheid over de evolutie van primaten en mensen. Afbeelding: M.A. Klingler / Carnegie Museum of Natural History.

Archicebus achilles  2

Archicebus achilles I

 

De vondst werpt ook weer een nieuw licht op een prangende vraag van een heel andere aard: waar ontstonden de primaten? Lang werd gedacht dat de wieg van de primaten in Afrika stond.

“Maar het laatste decennium lijkt het erop dat Azië een aannemelijker continent van oorsprong is en dit nieuwe skelet onderschrijft die visie.”

De afbeelding bovenaan dit artikel is gemaakt door Xijun Ni, Institute of Vertebrate Paleontology and Paleoanthropology, Chinese Academy of Sciences.
CITATEN  

°Dr Chris Beard,

one of the team who has been studying the fossil at the Carnegie Museum of Natural History in Pittsburgh, Pennsylvania, said:

“This is an amazingly complete fossil primate for this time period – there is nothing else known from the fossil record that resembles this.

“For the very first time, this fossil shines a light on a part of the primate tree that is very close to the divergence of the lineage that will lead on one hand to living tarsiers and on the other to anthropoids – monkeys, apes and humans.

“The evidence that early primate evolution was restricted to Asia is becoming more compelling by the day.”

“This( fossil )was a tiny delicate primate, It was probably quite a frenetic animal, and even anxious. It would have moved around a lot looking for its next meal climbing and leaping around in the canopy.”

“Here is a fossil that is very, very close to the evolutionary divergence of tarsiers and anthropoids.

“The heel and foot in general was one of the most shocking parts of this fossil when we first saw it. The foot looks like one from a small monkey, a marmoset.

The heel bone is the reason we named it Achilles in the end and it looks like one from the earliest anthropoid we had evidence for.

“I think what it means is that the common ancestors of anthropoids and tarsiers had features that were more like anthropoids than tarsiers.”

“It differs radically from any other primate, living or fossil, known to science.

“It looks like an odd hybrid with the feet of a small monkey, the arms, legs and teeth of a very primitive primate, and a primitive skull bearing surprisingly small eyes.

“It will force us to rewrite how the anthropoid lineage evolved.

Check out all the latest News, Sport & Celeb gossip at Mirror.co.uk http://www.mirror.co.uk/news/world-news/archicebus-achilles-skeleton-discovered-tiny-1934333#ixzz2VQl2W1yP
Follow us: @DailyMirror on Twitter | DailyMirror on Facebook

Archicebus achilles. (MAT SEVERSON/AFP)

°Dr Xijun Ni,

from the Chinese Academy of Sciences, in Beijing, China, who was one of the leading members of the research team, said:

“We spent a long time with this fossil and examined a lot of other specimens so we could place it as accurately as we can.(2)                      It will tell us a lot of stories about the origins of primates and our remote ancestors.”

http://www.science20.com/news_articles/archicebus_achilles_oldest_known_primate_discovered-113751

Dr. Jin Meng of the American Museum of Natural History in New York.

“To test these different hypotheses (3) and determine the phylogenetic position of the new primate, we developed a massive data matrix including more than 1000 anatomical characters and scored for 157 mammals,

Dr. Marian Dagosto notes that,

“Even though Archicebus appears to be a very basal member of the tarsier lineage, it resembles early anthropoids in several features, including its small eyes and monkey-like feet. It suggests that the common ancestor of tarsiers and anthropoids was in some ways more similar than most scientists have thought.”

 Dr. Daniel Gebo

of Northern Illinois University said that, “The tiny size and very basal evolutionary position of Archicebus support the idea that the earliest primates, as well as the common ancestor of tarsiers and anthropoids, were miniscule. This overturns earlier ideas suggesting that the earliest members of the anthropoid lineage were quite large, the size of modern monkeys.”

(1) The fossil, which is also  named after the Greek hero  Achilles due to an odd heel bone it has, was discovered in a slab of slate in the Jingzhou area of eastern China, just south of the Yangtze river, by a local farmer around 10 years ago.

The  fossil  was  recovered from ancient lake strata, the skeleton of Archicebus was found by splitting apart the thin layers of rock containing the fossil. As a result, the skeleton of Archicebus is now preserved in two complementary pieces (of the matrix)  called a “part” and a “counterpart,” each of which contain elements of the actual skeleton as well as impressions of bones from the other side.

°The scientists then spent 10 years analysing the fossil using advanced imaging facilities at the European Synchrotron Radiation Facility in Grenoble, France.This allowed them to peer inside the rock to look at details of the skeleton that were hidden and produce a three dimensional image of the remains.

(2) de analyse duurde ongeveer 10 jaar 

 http://www.science20.com/news_articles/archicebus_achilles_oldest_known_primate_discovered-113751          Dr. John Flynn,dean of the Richard Gilder Graduate School and curator of the American Museum of Natural History.

“People may see this simply as another discovery of a well preserved fossil, but to reveal the remarkable secrets that have been hidden in the rock for millions of years, we undertook extensive work, applied state-of-the-art technology, and intensive international cooperation took place behind the scenes at several museums. It took us ten years,” 

 

(3) The evolutionary relationships among primates and their potential relatives, and among the major lineages within the Primate order have been debated intensively for many years
LINKS 

oude split mensapen – apen

°

overzicht en commentaren <— SCHEDELS EN SKELETTEN  (beeldmateriaal)

Fossiele primaten en co <—-(beeldmateriaal)

Mensapen

Splitsing 1

Tijdens het Mioceen, tussen de 8 en 4,5 miljoen jaar geleden vond van de stam Hominini de laatste aftakking plaats tussen nu nog levende geslachten Homo en Pan, waartoe de Chimpansees en de Bonobo behoren. De Sahelantrhopus Tchadenis en de Orrorin tugunensis waren mogelijk de voorouders die wij met de Chimpansee delen.

Ardipithecus is ook een serieuse kandidaat 

Splitsing 2    De scheiding tussen deze voorouder en de tak van de gorilla’s wordt geschat op circa 8 tot 10 miljoen jaar geleden.

Splitsing 3   De gemeenschappelijke voorouder van ons en de orang-oetans wordt geschat tussen de 13 en de 16 miljoen jaar geleden.

Splitsing 4  De scheiding tussen lagere mensapen (Hylobatidae) en de hogere mensapen wordt geschat op 15 à 19 miljoen jaar geleden.

(  ?   <—zie ook  )

Sivapithecus  en   Anoiapithecus brevirostris.  zijn door mij(speculatief )  toegevoegd aan deze stamboom 

– aegyptopithecus en dergelijke.docx (4.3 MB)

(evodisku2)

Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Orang oetan

Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen. Nog een aap uit de mouw
Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Saadanius hijazensi

Iyad S. Zalmout/University of Michigan Museum of Paleontology//A primate skull unearthed in Saudi Arabia suggests the split may have occurred 24 million to 29 million years ago.

Splitsing  5  ….Splitsing tussen mensapen en apen zou ongeveer 30 miljoen jaar geleden plaats hebben gevonden

(the evolutionary split )

At the crossroads. Fossils of two primates, an early ape ancestorRukwapithecus fleaglei(left foreground) and an early Old World monkey  Nsungwepithecus gunnelli..(right background) were found in Tanzania’s Rukwa Rift Basin.
Credit: (left) Nancy J. Stevens; (right) Illustration by Mauricio Antón
Old World monkeys (cercopithecoids).
genus Rukwapithecus, an early member of the hominoids, the group containing the great apes (gorillas, chimpanzees, bonobos, orangutans and humans) and lesser apes (gibbons).
Rukwapithecus fleaglei

Twee fossielen getuigen van splitsing aap en mensaap

Artikel | 16 mei, 2013 – EOS 

Wetenschappers hebben de oudste restanten van apen en mensapen gevonden.

Een fossiele onderkaak en enkele tanden geven aan dat de evolutionaire tak van mensen en mensapen zich 25 tot 30 miljoen jaar geleden afscheidde van de zogenoemde apen van de Oude Wereld.

De genen van huidige primaten vertellen ons dat de evolutionaire tak van mensapen – waaronder ook mensen – zich zo’n 25 à 30 miljoen jaar geleden afscheidde van de zogenoemde apen van de Oude Wereld, zoals bonobo’s en makaken. Het was tot nu toe moeilijk die theorie te staven aangezien de oudste relevante fossielen dateren van ongeveer 20 miljoen jaar geleden. De ontdekking van twee nieuwe, oudere fossielen werpt nu nieuw licht op de zaak.

Nancy Stevens van University of Ohio documenteert in een studie in Nature twee nieuwe fossielen, één van een mensaap, en één van een aap van de zogenoemde Oude Wereld. Beide vondsten zijn afkomstig van de Rukwa Rift, een onderdeel van het Oost-Afrikaanse Rift in Tanzania. De onderzoekers konden met grote zekerheid vaststellen dat de fossielen 25,2 miljoen jaar oud zijn. Concreet gaat het om de onderkaak, inclusief enkele tanden, van wat de onderzoekers een Rukwapithecus fleaglei doopten, en een kies van een Nsungwepithecus.

Onderzoek van de dierenrestanten wijst uit dat de Nsungwepithecus een oudewereld-aap was die tot de Cercopithecoidea behoorde, een familie binnen de clade van de Catarrhini (een onderverdeling binnen de primaten). Een andere familie binnen die clade is de Hominidae, waartoe de chimpansees, bonobo’s, gorilla’s, oerang-oetans en ook de mensen behoren. De Rukwapithecus vertoont dan weer kenmerken die geassocieerd worden met de Hominidae. Die aap valt dus te klasseren als een vroeg soort mensaap, en niet als een oudewereld-aap.

De Nsungwepithecus en de Rukwapithecus zijn de oudste beschreven primaten en tonen aan dat de clade van de Catarrhini 25 miljoen jaar geleden al bestond. De vondst van de fossielen impliceert dat de splitsing van mensapen en oudewereld-apen meer dan 25 miljoen jaar geleden plaatsvond, en dat bevestigt de bestaande hypothese op basis van DNA-onderzoek.

Het onderzoek suggereert bovendien dat de evolutionaire lijnen uiteenliepen in een tijd met veel geologische veranderingen. Toen Rukwapithecus en Nsungwepithecus ten tonele verschenen, was het klimaat warmer en was het vlakke Tanzaniaanse landschap al voor een deel opengebroken in bergen, diepe kloven en meren. (ma)

old Split Between Old World Monkeys and Apes
http://www.nature.com/nature/journal/vaop/ncurrent/fig_tab/nature12161_F3.html

http://www.nature.com/nature/journal/vaop/ncurrent/fig_tab/nature12161_F1.html

Oldest Evidence of Split Between Old World Monkeys and Apes(

b)=Nsungwepithecus gunnelli.

 

http://www.nature.com/nature/journal/vaop/ncurrent/fig_tab/nature12161_F2.html

http://www.the-scientist.com/?articles.view/articleNo/35555/title/Oldest-Fossil-of-Ape-Discovered/

Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Fossiele apen in 2010
Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Darwinius masillae
Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.GANLEA megacanina