Notes C ; Causaal en correlatie

notes

 

 

°

Correlatie

Men spreekt van correlatie als er sprake is van een samenhang tussen variabelen in (reeksen van) metingen. Zo bestaat er bijvoorbeeld een logische correlatie tussen de temperatuur en het jaargetijde.
Gevonden op http://www.multiscope.nl/kennis/begrippen.html

 

CAUSAAL  EN CORRELATIE 

Correlation does not imply causation – Wikipedia, the free encyclopedia// // //

°
Het is aantoonbaar dat bepaalde oorzaken gevolgen hebben.

°
Het is aantoonbaar dat correlatie vaak een indicatie is van causatie.

°

MAAR DAT BETEKENT NIET DAT gefocuste  CORRELATIE uitspraken ALTIJD de CAUSATIE heeft gevonden  en dus ook  bij naam impliceert en aanduidt :…… of zelfs  DE ECHTE OORZAKEN  al heeft gevonden of   zelfs KAN VINDEN( bijvoorbeeld ) omdat de correlatie gegevens te beperkt of onvoldoende zijn )

*

en

*

dat geld in het bijzonder voor  statistische  gegevens waarbij men voorbarig  en (onnauwkeurige of regelrecht onzinnige of “uitgevonden ”   ) causale verbanden legt (bijvoorbeeld wanneer men oorzaken aanhaalt die  supernaturalistisch zijn —> Goddidit , de ( maar -dan- placebo) effekten van bijvoorbeeld “bidden ” )

of oorzaken vind door gewoon  massa’s nieuwe ( bijvoorbeeld  psychiatrische ) termen uit te vinden die men vervolgens  gebruikt als (mogelijk)stigma en/of gaat vervolgens die mensen (= kinderen ?) behandelen  met  “geneesmiddelen “(1)

°

Causaal verband

Dit is het verband tussen oorzaak en gevolg.
Hierbij dient rekening gehouden te worden met de toepasselijke causaliteitsleer.
Gevonden op http://www.encyclo.nl/lokaal/10251

Causaal verband is duidelijk empirisch aantoonbaar  dmv  (in)directe waarnemingen die gebeuren in een bepaalde opstelling waarvan de  parameters  gecontroleerd  kunnen worden gevarieerd  ….. Voorwaarde is  dat

  • oorzaak en  gevolgen onafhankelijk van elkaar  en buiten de opstelling  als werkeleijk bestaand  kunnen worden aangetoond  en/of gemeten
  • de   redenering  of het verband    Oorzaak —> gevolg ,  kan dus niet zomaar worden omgekeerd (logisch wél valabel  natuurlijk)  :  geconstateerde fenomenen  —> (bekende )oorzaak  …. omdat men onafhankelijke waarnemingen moet beritten die aantonen dat de ( veronderstelde ) oorzaak  werkelijke bestaat  ……

Filosofie   :

de drogreden : 

Cum hoc ergo propter hoc

Correlation does not imply causation is a phrase in science and statistics that emphasizes that a correlation between two variables does not necessarily imply that one causes the other.

Many statistical tests calculate correlation between variables. A few go further and calculate the likelihood of a true causal relationship; examples are the Granger causality test and convergent cross mapping.

The counter assumption, that correlation proves causation, is considered a questionable cause logical fallacy in that two events occurring together are taken to have a cause-and-effect relationship. This fallacy is also known as cum hoc ergo propter hoc, Latin for “with this, therefore because of this”, and “false cause”. A similar fallacy, that an event that follows another was necessarily a consequence of the first event, is sometimes described as post hoc ergo propter hoc (Latin for “after this, therefore because of this”).

 

(Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie)

Cum hoc ergo propter hoc(Latijn voor “met dit, dus vanwege dit”) is een drogreden waarbij twee gebeurtenissen die samen optreden verkeerdelijk voorgesteld worden als oorzaak en gevolg. Een verband wordt dus ten onrechte voorgesteld als een oorzakelijk verband.

Bijvoorbeeld:

Tieners gaan veel uit.                          (propositie ) p1
Tieners hebben puistjes.                     (propositie) p2
________________________
Dus: uitgaan veroorzaakt puistjes.  (afgeleide conclusie)  C1

Soms is het verband gewoon toeval, zoals hierboven, soms kan een derde gebeurtenis de oorzaak zijn van beide gebeurtenissen.

Bijvoorbeeld:

Er is een sterk verband tussen de verkoop van roomijs en de misdaadcijfers.
Dus: roomijs veroorzaakt misdaad.

Dit is een “cum hoc ergo propter hoc” drogreden, omdat in de werkelijkheid warmte zowel de verkoop van roomijs als de misdaad bevordert.

Soms worden oorzaak en gevolg gewoon verwisseld. Bijvoorbeeld:

Mensen die in een rolstoel zitten hebben meer ongevallen gehad dan gemiddeld.
Dus: mensen in een rolstoel lopen meer risico.

Natuurlijk is het omgekeerd: mensen die een ongeval hebben gehad zitten daarom vaker in een rolstoel. Zie ook: Omkering van oorzaak en gevolg

Cum hoc ergo propter hoc – Wikipedia// // //

°

 

(1) …..Net zoals men vroeger (het  tegenwoordig  als normaal en bepaald geen ongezond verschijnsel , = )”masturbatie ” beteugelde  omdat het een  “zondige “( of “schadelijke”=   je zou er bijvoorbeeld een zwakke rug van kunnen krijgen, beweerde men   🙂 ) handeling was die men ook medisch kon intomen (kalmeermiddelen , plantextracten (valeriaan ) valium  etc …)…..

Veel van die geneesmiddelen hebben echter  (zoals alle geneesmiddelen ) ongewenste bijwerkingen  …men kan zelfs in sommige gevallen spreken van chemische castratie …..

°

Zie ook(gerelateerd ) =

Teologie argument en causaal verband  <— archief doc 

 

 

°

 

Advertenties

Computer simulaties en computer- aided modeleren

°

  FYSICA /Toegepaste wiskunde en informatica 

°

°

Overal in natuurwetenschap en techniek worden modellen gebruikt om de werkelijkheid te begrijpen en te voorspellen. Computermodellen gebruik je om berekeningen uit te voeren waar je met de hand niet uit zou komen. Het behoort ook  in toenemende mate   tot  de wetenschappelijke standaard  praktijk ( en operationeel instrumentarium )  … Moest het niet zo zijn dat er slechts een relevant gedeelte  wordt gebruikt ( of bij het modelleren alles  voor de invoer zorgt )… dat zou het modeleren  ineenzakken onder de  oneindige  toevoer  van een  massa’s  aan alle nieuwe  gegevens  (relevante en niet relevante samen )  …. M.a.w. het  modelering systeem “crasht ” 

 

°

Alle modellen zijn dus ( uit noodzaak)  altijd vereenvoudigingen  van een  uitgekozen (= de relevante ) werkelijkheid  en de daar in optredende (uitrekenbare ) fenomenen …. Uiteraard zullen  computer aided modellen  (afhankelijk van hun rekenkracht ) veel uitgebreider  complexere modellen  vlugger(kunnen )berekenen (simulaties ) dan de klassieke “handmatige ” modellen (bijvoorbeeld  ; grafische  organigrammen ) …. Maar ook deze  computermodellen  blijven allemaal  slechts  benaderingen ( misschien wel de beste die we  routinematig  en erg snel  kunnen  (laten) construeren wat  zonder die computers te traag zou verlopen ) van een gedeelte van een  (verondersteld ) grotere  “totale “werkelijkheid   …. 

°

Maar je hoeft ook niet de (echte en veronderstelde ) “totale werkelijkheid “van (bijvoorbeeld) een appel te vatten  om die appel  te herkennen , te bemachtigen en hem in zijn ” totaliteit  ” op te kunnen eten  …. Dat is een  filosofisch leithmotiv (dat   o.a.  Immanuel Kant al heeft  ontwikkeld –> in het  “Ding an Sich ” verhaal )

°

LINKS

°

http://bw.newton-online.nl/newton3/pagina.asp?pagkey=58866 http://home.kpn.nl/h.bruning/dict-enz/dict/modelleren.pdf

°

 

Labyrint: computermodellen

//

Voor de makers van animatiefilms was het lange tijd het meest frustrerende onderdeel : het animeren van haar. Hoe kan een computer deze complexe natuurkundige materie nabootsen zonder maanden van rekenen? En wat voor wiskundige modellen zijn er nog meer mogelijk dankzij computers? 

door

Labyrint: de kapper van Disney

Bekende studio’s als Pixar en Disney zoeken hulp bij wetenschapper Eitan Grinspun. Grinspun weet als een van de weinigen met welke wetten hij een bierbuik kan laten bewegen of een bos krullen kan laten dansen. Inmiddels heeft hij aan films als Avatar, Hobbit en Brave meegewerkt en leidt hij aan Columbia University op speelse wijze zijn eigen onderzoeksgroep. Labyrint, het wetenschapsprogramma van NTR en VPRO Dit dossier is gemaakt in samenwerking met partnerwebsite Wetenschap24.   °

Computer imiteert de werkelijkheid

Computers zijn tegenwoordig razendsnel – snel genoeg om de natuurkunde van dansend haar na te bootsen, maar ook om de werking van criminele netwerken te imiteren. Ze kunnen zelfs uitrekenen hoe sociale netwerken van drugsverslaafden lopen. Handig om hulpverleners bij te staan in het behandelen van verslaving. Geen systeem is gek genoeg, of het kan wel door een computer worden nagebootst, zo lijkt… Mits die computer ‘slim’ genoeg is.


2165411154_5062562365_o

Wiskunde vindt prins op witte paard

Veel datingsites maken gebruik van wiskundige modellen om mensen met elkaar te matchen. Om jouw prins op het witte paard te vinden moeten die modellen veel informatie kunnen verwerken.

Voedselpiramide

Model voorspelt stabiliteit ecosysteem

Met een nieuw wiskundig model kunnen Nederlandse biologen veranderingen in ecosystemen beter voorspellen dan voorheen werd gedacht. Dat doen ze door te berekenen hoe sterk de relaties zijn tussen roofdieren en hun prooien. Ook het bepalen van de invloed van klimaatverandering komt een stukje dichterbij. In theorie, in elk geval.

Autos-file_20178772

Eenvoudig model voor files

Cellulaire automaten klinken misschien als iets heel ingewikkelds. Maar ze geven juist een verbluffend makkelijk te begrijpen wiskundig model voor filevorming.

Dokters_mondkapje

Ziekteverspreiding voorkomen met hulp van wiskunde

Vogelgriep en de gewone griep zijn heel besmettelijke ziektes. Ze worden snel overgedragen van mens op mens. Maar ook de besmettelijke ziekenhuisbacterie MRSA kan heel gevaarlijk zijn. Hoe verspreiden zulke ziekte zich precies? Dat kun je zichtbaar maken met wiskundige modellen.

Go

Go computer!

Sinds de computer Deep Blue schaakgrootmeester Kasparov versloeg, verlegden computerprogrammeurs hun blik naar het Aziatische bordspel Go. Tot op de dag van vandaag is het nog geen computer gelukt een Go-prof te overmeesteren. Terwijl de spelregels eenvoudiger zijn dan van schaken. Ook wetenschappelijk onderzoekers doen mee aan de internationale strijd om deze uitdaging als eerste te volbrengen, waaronder Guillaume Chaslot van de Universiteit Maastricht.

De kracht van supercomputers

Wanneer is een computer ‘slim’ genoeg om een ingewikkeld model te berekenen? Veel modellen zijn nog wel met (een cluster van) desktopcomputers uit te vogelen. Maar wanneer het gaat om zwarte gaten, het meedoen aan een televisiequiz, of het voorspellen van het weer, dan moet er echt wel een tandje bijgezet worden. En dan komen de supercomputers in actie: immense rekenmachines die bijna elk probleem met brute rekenkracht te lijf gaan.


Botsende_zwarte_gaten

Supercomputer simuleert botsing van drie zwarte gaten

Onderzoekers van het Rochester Institute of Technology in de Verenigde Staten zijn erin geslaagd om de botsing en versmelting van drie zwarte gaten te simuleren met behulp van een krachtige supercomputer.

Spspimg2007

Supercomputers rekenen aan donkere materie

Voor het eerst is het wetenschappers gelukt om twee geavanceerde supercomputers samen aan hetzelfde probleem te laten rekenen – aan verschillende kanten van de wereld, wel te verstaan. De Nederlandse supercomputer Huygens simuleert samen met de Japanse Cray XT4 een deel van het heelal: op zoek naar informatie over donkere materie.

Watson

Watson weet het beter

Watson, de supercomputer van IBM, heeft het geflikt: na drie avonden in het Amerikaanse programma Jeopardy! heeft hij de twee beste menselijke spelers ooit verslagen. Een hele prestatie, want het spel draait om taal, en Watson kan eigenlijk alleen rekenen. Hoe deed hij dat? En hoe lang gaat het duren voordat iedereen een Watson in huis heeft?

Supercomputer_knmi

Supercomputer bij het KNMI

Bij het doen van een verantwoorde weersverwachting komt heel wat zware wiskunde kijken. Voor het rekenwerk dat met de voorspelling gemoeid gaat, is dan ook een zeer krachtige computer nodig, een zogenaamde supercomputer. Hoe dat alles precies in zijn werk gaat, kun je in dit artikel lezen.

Above and beyond met quantumcomputers

Maar sommige problemen zijn zelfs te moeilijk voor de allersnelste supercomputers. Wiskundigen zitten echter niet bij de pakken neer. Ze weten namelijk dat er een revolutie op komst is in computerland, in de vorm van de quantumcomputer. Deze computer rekent niet alleen met enen en nullen, maar ook met alles daar tussen in. Zo kan een piepkleine quantumcomputer meer berekeningen uitvoeren als een kelder vol gewone computers. De exotische wereld van de quantummechanica maakt dit allemaal mogelijk.


Fotonengun

Kwantumcomputers

Computers zijn tegenwoordig niet meer weg te denken. Supercomputers verwerken miljoenen zoekresultaten of berekenen wat het weer over een paar dagen zal zijn. Naast sneller zijn computers tegenwoordig ook kleiner dan ooit. Zo bestond één van de eerste computers uit ongeveer 18000 vacuümbuizen, 800 kilometer draad en woog zo’n 30 ton! Daarom verbaast het wellicht dat de computers van vandaag in principe niet wezenlijk verschillen van de allereerste modellen. Net als zijn voorouders manipuleert de pc ‘nulletjes en eentjes’ tot het gewenste resultaat. Maar daar komt misschien verandering in met de kwantumcomputer.

Afbeelding_1

Rekenen aan de gedroomde kwantumcomputer

Fundamenteel onderzoek naar de grondslagen van de kwantummechanica levert onverwacht praktisch inzicht in de bouweisen van een toekomstige kwantumcomputer.

Pw_rydbergjun

Quantumcomputer van silicium?

Een bekend theoretisch quantumtrucje is dat een deeltje zich op twee plaatsen tegelijkertijd kan bevinden. Nederlandse en Engelse wetenschappers hebben nu laten zien dat ze deze truc in de praktijk uit kunnen halen met een elektron in silicium. Een belangrijke stap naar een werkende quantumcomputer van silicium.

Majorana-graphic-2

Exotisch Majorana-deeltje duikt op in Delft

Al sinds 1937 is men er naar op zoek, maar nu denken Delftse natuurkundigen hem voor het eerst te hebben gezien: het Majorana-fermion. Als de resultaten kloppen is het een spectaculaire vondst. De mysterieuze deeltjes kunnen van groot belang zijn voor zeer krachtige quantumcomputers. Deze week publiceren de wetenschappers hun onderzoek in Science.

Beveiligen met quantumtechnologie

De komst van de quantumcomputer wordt ook gevreesd, met name door bankiers en beveiligingsexperts. Digitale beveiliging werkt nu met een vergrendeling die zó ingewikkeld is, dat zelfs de snelste supercomputer er jaren over zou doen om die te kraken. Maar voor een quantumcomputer zou dit een peulenschil zijn. Daarom moet er een nieuwe verdediging komen: quantumcryptografie.


20521666415032888949ab7

Doorbraak in quantumcryptografie

Door de komst van quantumcomputers loopt de houdbaarheid van de traditionele cryptografie af. Want het is niet ondenkbaar dat quantumcomputers binnen afzienbare tijd grote getallen kunnen ontbinden in priemfactoren. Het feit dat zoiets tot nog toe níét kan, is juist de kracht van veelgebruikte methoden die nu in de cryptografie worden gebruikt.

____________________________________________________________________

Relevante DISCUSSIES  geplukt van Scientias nl 

°  1.- Waarom zouden computer modellen niet waarheidsgetrouw kunnen zijn?

  • ”    Wat je erin stopt komt  er ook   weer  uit. “

 

  • Dus als je de wetten van de natuur ( en de parameters ) erin stopt, komt wat er gebeurd volgens die wetten (die we voor het dagelijks leven hier op aarde helemaal kennen) uit. Lijkt mij behoorlijk waarheidsgetrouw.

 

  • Wetten die we helemaal kennen, “nu ben je wel echt grappig aan het doen:

    Computer simulaties zijn geen feiten..geen discussie daarover, anders gaan we andere computer simulaties er ook eens bij gaan halen, die keer op keer de mist in gaan.

    – Als wetenschap tegenwoordig alleen maar wiskundige formules en wiskundige computer simulaties zouden  zijn, dan zou het wel heel erg gesteld  zijn met die wetenschap.

    °

(Tsjok )

oftewel =  “Wetenschap die alleen maar bestaat uit wiskundige formules is geen wetenschap  ..”… Omdat “wetenschap” zowel theoretisch als  empirisch is … het is een   en dezelfde medaille met  met twee  complementaire kanten  

Theoretische  wetenschap is trouwens niet alleen meer   de klassieke “formules ” 

Lees bijvoorbeeld eens  Stephan  wolfram  en je krijgt wel een ander  idee van wat de  nieuwe ( nieuw in 2002 )huidige wetenschappelijke  toepassingen van de wiskundige en toegepast wiskundige wetenschap   eigenlijk  (tegenwoordig ) vermag

Bovendien – NATUUR SLUIT helemaal geen   kennisvergaring  dmv  emperische  wetenschap uit  …  (dus   complementair aan theoretische wetenschap )   die is gebaseerd op een  accumulatie van  kontroleerbare provisionele , fractaire en  e  (in)directe waarnemingen     binnen het menselijke    tijdsbesef  ( waarnemingen  in “uitgesteld relais “dus ) en wat de wetenschap dus nog altijd  blijft doen  ter verdere uitbouw van haar  paraat kenniscorpus  …. ° Wetenschap ( en  wiskunde )  die alleen maar bestaan uit wiskundige formules ” is  geen  komplete wetenschap   maar  eerder  een oefening in creatief denken  en de “wiskunde” verdere  verwerking ervan  dan niet meer dan een  cirkelredenering in het groot (die weliswaar esthetisch veel voldoening kan schenken  omdat het allemaal  zo mooi “klopt” )  ….. ° Onze waarnemingen zijn nooit  waarheden … je moet ze kunnen inpassen in modellen die steunen op  ( de momenteel )bereikte  modellen die onderling consistent moeten zijn … en daar speelt wiskunde en toegepaste wiskunde (waaronder “computer  aided modelering “de volgende stap is  geworden bij het ontwerpen van complexere modellen ) een hoofrol bij het voorspellen van  de uitdraaien  wanneer men die  modellen  laat draaien  ( die eveneens zullen kunnen nagechecks worden door doenbare metingen  en onder varierende parameter ….oftewel  controleerbaar falsifieerbaar  blijken   van buiten  het  gebruikte programma /systeem )  ° Zie daarover ook  Gödell en zijn stelling dat de werkelijkheid van  een  axioma ( = niet gelijk  zijn plausibiliteit ) slecht te bewijzen valt door  een  geeven uit een metasysteem ( dt ook klan zijn gebaseerd op een  metasaxioma … enzoverder”  ad infinitum ” ) Daarom is  wetenschap die alleen theorie is  , ( of alleen empirie )  een   stroman-constructie  :en dat is ook al een (ongewilde  ? ) drogredenering …..   Tenslotte is  spreken over wetenschap niet hetzelfde dan aan wetenschap doen . Over wetenschap “ is  nml   wetenschapsfilosofie   ( een onderdeel van het filosofische  hoofdvak  de epistemologie  of kennisleer )  ….     –

*

 “kwantum mechanica, is puur wiskundige en hypothetisch en geen feit.” Ruimte-tijd, is puur wiskundig en hypothetisch en geen feit. Je weet niet waaruit die ruimte bestaat en zo dus kun je ook niet weten of tijd echt wel bestaat, dat is relatief. Tijd is een meeteenheid in het leven geroepen door een mensenvolk, die op universele schaal nog rondlopen met pampers aan. ° Zwaartekracht theorieën, want men gebruikt verschillende theorieën, los en of samen met elkaar, hangt er van af hoe het de ene of de andere uitkomt, eens we buiten ons planetenstelsel komen, laten elk’s van deze theorieën het radicaal afweten. ° Materie, we kennen maar x% van alle bestaande elementen, want om de haverklap komen we nieuwe elementen tegen, waarvan we dachten (alles weten) dat deze niet konden of zouden bestaan. ° Higs, nog steeds niet overtuigd, ieder deeltje materie is niet het zelfde, dus of te wel is er geen higs of te wel is er meer dan 1 type higs. We hebben het ook niet rechtstreeks waargenomen, er is niets tastbaars. ° Andere krachten, ° we kennen maar X % van de bestaande elementen en de invloeden wat deze elementen zouden kunnen hebben. Als je zegt we weten alles, dan ben je arrogant en heb je tunnelvisie, als je zou zeggen we weten niet alles maar wel veel, dan ben je bescheiden en open minded en vooral menselijk. °

-Wiskundige formules, statistieken (gemiddelde waardes) computer simulaties (wiskundige algoritmes) zijn geen feiten, gezien men altijd zit opgescheept met het onzekerheid principe. Wiskunde formules etc.. kan ons alleen maar een beeld geven hoe het kan zijn, maar geeft ons geen beeld hoe het echt-feitelijk is.

°

–> Het standaard model beschrijft en voorspeld dingen met onvoorstelbare precisie. Het is gewoon hoe de natuur zich gedraagt. Algemene relativiteit doet dat met dezelfde onvoorstelbare precisie. Het is gewoon hoe de natuur zich gedraagt. – Beide zullen in de toekomst uitgebreid worden, maar die uitbreidingen hebben geen invloed op hoe onze dagelijkse wereld in elkaar steekt. Er zijn nu 118 elementen bekend. Er zullen nog meer elementen gemaakt worden, maar dit zal geen invloed hebben op ons dagelijks bestaan. En omdat ik denk dat je je in de terminologie vergist heb: De donkere energie en massa, waarvan we nog niet weten wat het is, hebben geen invloed op ons dagelijks bestaan. Of je het nu wilt of niet, deze wiskundige modellen beschrijven de dagelijkse natuur zeer nauwkeurig. En kunnen dus prima gebruikt worden in computer modellen om dingen te voorspellen.. Als dat niet kon, zouden we nu niet op deze manier kunnen discussiëren. Kijk maar eens goed om je heen. Vrijwel alles wat je ziet is het resultaat van computer modellen. –

 

°

—> Er wordt nooit iets direct waargenomen  … Ook niet  als je er met je neus opzit —>

 

°

Elke  “waarneming” is indirect en is slechts datgene  wat door het object is uitgezonden (uitgestraald  , gereflecteerd , als scheikundig aroma uitgescheiden , een drukgolf veroorzakend  die ons bereikt en die we  “gewaar “worden  ) en na een tijdje onze zintuigen bereikt  ….

 

°

Het zijn ons zenuwstelsel   onze hersenen  die het vervolgens in een vorm gieten (die evengoed illusoir kan zijn )en altijd partieel en provisioneel  …..

°

en dat is genoeg om een redelijke kans van overleven  in dit ondermaanse te waarborgen  (want onze hersenen zijn een navigatiesysteem en een  overlevingsinrichting )

° .

..Simpel : indien het  model van de dagdagelijkse  werkelijkheid  té illusoir is  kan het een vervroegde  dood betekenen  ..

 

°

Echter  het  is de taal van wiskunde die deze waarnemingen ordent , selekteer( m.a.w.interpreteerd en bijstuurt en filtert )  en een aanneembaar  en  vervolgens een  innerlijk  consistent  theoretisch model  van de werkelijkheid kan  construeren  …. Dat in het “geheugen”  opgeslagen “kenniscorpus ”  kan evenwel worden omvergehaald door de volgende waarnemingen en modelleringen ( bijvoorbeeld ook door de inspanningen van anderen    die aan een  groot  verzameld “wetenschappelijk kenniscorpus ” meewerken .).

°

Het zijn dus een  verzameling “denk-oefeningen  “die vooraf  aftasten welke  beelden van de werkelijheid  illusoir zijn (en de  voorstelbare vervroegde dood zouden kunnen betekenen …..)

°

Deze  gedachten-modellen en hun (bij)sturingen   anticiperen en voorspellen en kijken dan of die voorspellingen kloppen( en in samenwerking met het nog aanwezige geheugen  uiteraard /: en het eventueel aanwezige publieke geheugen )als een achteraf  en  vervolgens(idealiter )  bijgestuurd  door vele  nieuw te ontdekken  data en andere  feedback  en  inputs (idealiter ) toe te passen  , zodat het corpus aan parate kennis kan groeien en/of gecorrigeerd of  “aangepast  ”  ….. 

°

Wiskunde is de taal  (en  toepasbaar operationeel instrument ) van de wetenschap en wordt  als een belangrijk onderdeel van de wetenschappelijke methode  gebruikt om de werkelijkheid (steeds  verfijnder en preciezer  )te beschrijven ( en te ontrafelen ) en om bovenbeschreven methode beter toepasbaar  te maken    .

 

°

Voorspellingen zijn geen feiten, voorspellingen doen kan iedereen en is geen exacte wetenschap, het is berekend gokken. Daarom, vind je zelden tot nooit twee exacte computer modellen van het ene of het andere, wat je er in stopt komt ook weer der uit, willen of niet. Wiskundige mensen zien overal wiskunde om zich heen, mensen met een rijke fantasie zien overal gezichten (zie artikel gezicht op komeet) De natuur doet wat het doet, met of zonder daar wiskunde op los te laten, de natuur gebruikt geen wiskunde, het zijn de mensen die wiskunde gebruiken op die natuur. En begrijp me niet verkeerd, wiskunde is zeker nuttig, ik ben niet naïef, maar er zijn wel grenzen…..Het leven is veel meer dan nullen en enen (0-1 computer taal)

°

 

  • Een van de belangrijkste taken van de wetenschap is het doen van gedetailleerde voorspellingen. Ik denk hierbij aan de voorspelling van Pauli over het neutrino, of het Higgs boson, of het weer. Komt de voorspelling uit, dan komt de wiskunde overeen met de natuur.Het verschil tussen een wetenschapper en een “Nostradamus” is de gedetailleerdheid van de voorspelling. Iedereen kan “voorspellen” dat het gaat regenen. Het word natuurlijk pas interessant als je kan voorspellen hoeveel regen er gaat vallen en exact waar. En alweer ; wetenschappers kunnen dat behoorlijk nauwkeurig.
  • Zelfs mieren gebruiken wiskunde om hun eten te vinden en om weer terug te komen. Het pedometer effect: http://www.npr.org/blogs/krulw…

 

  • Ik kan me voorstellen dat het frustrerend is voor mensen die zelfs geen beetje wiskunde vaardig zijn en dat ze zouden willen dat het anders was.

Dat is jammer voor die mensen en voor sommigen die om de een of andere reden niet in staat zijn wiskundige vaardigheden te ontwikkelen misschien ook een groot probleem, maar niets aan te doen. Wiskunde is de taal van de wetenschap  en als je het niet spreekt dan kennelijk ga je vanzelf wartaal uitslaan.

  • En we  weten exact wat de natuur  van  onze wiskundige  beschrijvingen van de werkelijkheid vind.

We kunnen namelijk de wiskundige modellen vergelijken met de realiteit. 

  • Het feit dat je huis overeind blijft staan en je gps goed werkt en dat we een machine in omloop van een komeet kunnen plaatsen enzovoort, bewijzen dat de wiskundige modellen de natuur erg goed beschrijven.

°

Huizen vallen in elkaar, gps stuurt je de verkeerde kant uit, een machine rond een komeet plaatsen, daar zijn we meermaals in geslaagd, eens te meer hebben we daar in gefaald:P Ondertussen zitten we opgescheept met atoombommen, kerncentrales, kijk maar naar chernobyl, of Japan, zitten we opgescheept met die ruimtevervuiling, waar als het zo doorgaat geen gaatje meer is om iets anders te lanceren…..jaja, de mens is echt goed bezig, ze kennen alles, van arrogantie gesproken.

(Gailgrathor )

“Huizen vallen in elkaar, gps stuurt je de verkeerde kant uit, een machine rond een komeet plaatsen”

  • Dat is allemaal werktuigbouwkunde, engineering.
  • Weten hoe de natuur zich gedraagt en apparatuur volgens exacte specificaties bouwen en bedienen zijn twee verschillende dingen

.

wiskundige vormen in de natuur 

Wiskunde in de natuur: http://4.bp.blogspot.com/-6Ur5… http://www.onlineinvestingai.c… http://84d1f3.medialib.glogste… Zonnebloemmotief (zie reacties onderaan  ) 

http://4.bp.blogspot.com/-6Ur5… http://www.onlineinvestingai.c… http://84d1f3.medialib.glogste…     http://thereisnocavalry.files…. http://thereisnocavalry.files…. http://2.bp.blogspot.com/-BtRb… http://4.bp.blogspot.com/-QCdm… http://1.bp.blogspot.com/–h0T… http://1.bp.blogspot.com/-4vgm…

En dan hebben we nog de banen van de planeten die zich perfect gedragen volgens eenvoudige wiskundige modellen.
°
Hoe elektriciteit zich gedraagt in mijn luidsprekers om Dave Brubeck te laten klinken. Ik kan mijn hele leven wel doorgaan……
°
LINKS 
(zie ook reacties onderaan )

Cellulaire automaat  <—Wikipedia 

Cell Morphs      Natural shells (top) and  simulated ones (bottom ) . Meinhardt, H. (1995). The Algorithmic Beauty of Sea Shells. Springer Verlag. (p. 179, 180)

VERKLARENDE WOORDENLIJST PALEONTOLOGIE C

  / PALEONTOLOGIE

EXTERNE  LINKS  & bronnen  

–> Nederlands WOORDENLIJST 

http://www.fossiel.net/information/article.php

–> English 

http://palaeos.com/paleontology/glossary.html

A | B | C | D | E | F | G | H | I | J | K | L | M | N | O | P | Q | R | S | T | U | V | W | X | Y | Z

Paleontological glossary Choose the first letter of the the term you’re interested in: A | B | C | D | E | F | G | H | I | J | K | L | M | N | O | P | Q | R | S | T | U | V | W | X | Y | Z |

_________________________________________________________________________________________________

Verklarende woordenlijst Paleontologie


 

°

Caddis- flies –> TRICHOPTERA –> http://en.wikipedia.org/wiki/Caddisfly   —> Schietmotten  

http://www.fossilmuseum.net/Fossil_Galleries/Insect_Galleries_by_Order/Trichoptera/Trichoptera_fossil_gallery.htm

________________________________________________________________________________________

°

Cadomella  —> Brachiopoden  uit de jura  

http://www.palass-pubs.org/palaeontology/pdf/Vol15/Pages%20405-411.pdf    (1971)

Umbonal regions of spiriferida

_______________________________________________________________________________________

° CALAMARY(Loligo) //–> Mollusca   (orde)  Dibranchia  –>teuthoidea  //(fr)calmars ou teuthides (Teuthida

  • pijlinktvissen     

    • Loligo is een geslacht van pijlinktvissen uit de familie van Loliginidae. Het geslacht is onderverdeeld in 2 subgroepen, die elk weer nader gespecificeerd kunnen worden: Subgeslacht Loligo Wülker, 1920: Afrikaanse inktvis, Loligo africana Wikipedia

—>  De familie lolligo is  fossiel aanwezig  sinds het  Lias 

Fossil Pens and Ink Bags of Loligo, from the Lias.

Large fossil Pen(gladius) of’ Loligo, from the Lias.

Pens and Ink Bag of recent and fossil Loligo.

http://www.geology.19thcenturyscience.org/books/Bridgewater-Treatises/06-1837-BW-Buckland/plates.htm

Belemnoteuthis antiquus

_________________________________________________________________________________________

°

Calamites 2    Paardestaartachtigen  —> CALAMITES  zijn een geslacht van uitgestorven planten, bekend uit het Carboon. Fossielen van Calamites zijn gevonden in Noord-Amerika, Europa, Siberië en Oost-Azië. Wikipedia

Meer afbeeldingen

http://www.plantsystematics.org/imgs/robbin/r/F_Calamites_sp_14727.html

Paleozoic Earth - Calamites & Drepanophycus against a clear sky & waxing gibbous moon (Horsetail, Equisetum) - Natural History Illustration

Arborescent (tree-like) horsetails of the genus Calamites of varying size (10 to 50 feet tall) populate lowlands near the brackish waters of an inland sea 390 million years ago. Closer to the ground at about 6 feet tall is a variety of Drepanophycus, a genus of the division Lycopodiophyta, ancient plants that preceded the Calamites by about 20 million years and coexisted with them for 35 million years.

Fossil of Calamites-species, Carboniferous. Villers-Saint-Ghislain, Mons region, Belgium

°Fossil of Calamites-species, Carboniferous. Villers-Saint-Ghislain, Mons region, Belgium. Found by Tim Verfaillie on November 11, 2005.

°

paardestaartachtigen Calamites

_________________________________________________________________________________________

Calantica   : cirripedes   uit het krijt   —>Crustacee –> Barnacle ( zeepok )

http://en.wikipedia.org/wiki/Calantica                                                                                                     http://en.wikipedia.org/wiki/Calantica_darwini                                                                                                                                             http://darwin-online.org.uk/content/frameset?viewtype=text&itemID=F342.1&pageseq=1

_________________________________________________________________________________________

°

Calcarea

http://nl.wikipedia.org/wiki/Kalksponzen

File:Haeckel Calcispongiae.jpg

“Calcispongiae” van Ernst Haeckels
Kunstformen der Natur (1904)

Class Calcarea

________________________________________________________________________________________

Calcareous nanofossils: Fossil remains of calcareous nanoplankton. Calcareous Nanoplankton are protists that normally produce coccoliths during some phase in their life cycle. (USGS Paleontology glossary)

°

Calcified demosponge: Demosponges are sponges (Phylum Porifera) that have skeletons composed of spongin, or a mixture of spongin and siliceous spicules.  Calcified demosponges (also called sclerosponges, contain a massive basal layer of aragonite or calcite below the spongin layer. This basal layer enables fossilization to occur even though the spongin layer quickly disintegrates into spicular remnants upon death.

351 toc

A new plate-like hypercalcified chaetetid demosponge (Loiscupula bachendensi gen. nov. sp. nov) from the Cantabrian Zone (Moscovian, Pennsylvanian, NW Spain)
Diego Corrochano and Ronald R. West

http://palaeo-electronica.org/content/2013/493-demosponge-from-spa

_____________________________________________________________________________________

CALCARINA   foraminiferen ;

Test lenticular , spiral , with only the last whorl visible on the base  . Supplementat skeleton gretly developed , traversed by numerous canals , and projecting as   long spines  from the margin . Krijt – heden : Ex     C. calcitrapoides .. Limestone

Afbeeldingen van calcarina

http://www.foraminifera.eu/calcarina.html

Calcarina sp.

(click)

Benthic foraminifera Calcarina Benthic foraminifera Calcarina Benthic foraminifera Calcarina Benthic foraminifera Calcarina

_______________________________________________________________________________________

Calcification in sponges —>Endosymbiontic Calcifying bacteria ?

calcifying bacteria

TEM micrographs. (A) Early calcibacteria (arrows) within calcibacteriocyte vacuoles; scale bar 1μm. (B) Calcibacteria (cb) starting biocalcification (arrow points to calcification vesicles); scale bar 0.2 μm. (C) Calcibacteria division within a vacuole (arrows); scale bar 1 μm. (D) Calcibacteriocyte (cbc) with dividing calcified bacteria; scale bar 1 μm. The bacteria calcareous coat is not stained by the osmium tetroxide. (E) Calcified calcibacteriocytes, released to the sponge mesohyle; scale bar 1 μm. (F) Sponge larva with dividing calcibacteria, transmitted from a maternal calcibacteriocyte (cbc): larval cilia (c and arrows); larval pseudoepithelial cell; (e) scale bar 2 μm.

http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/23025593

__________________________________________________________________________________

CALLAVIA (genus )/

  • (=Cephalacanthus; =Callavalonia; =Cobboldus)

—> TRILOBIET    

http://en.wikipedia.org/wiki/Callavia

Callavia is een uitgestorven monotypisch geslacht van trilobieten, dat leefde in het Vroeg-Cambrium.  ….Deze 15 cm lange trilobiet kenmerkt zich door de ovale omtrek, een halfronde cephalon met halvemaanvormige ogen, lange en smalle glabella, bezet met een lange stekel en een zeer kleine, driedelige staart.

Species previously assigned to Callavia

   Callavia  – A Cambrian trilobite.

callavia

_________________________________________________________________________________

°

Callianassa  :(genus ) (vanaf het boven jura  ) Een van de vele uit het Limburgse Krijt bekende kreeftachtigen.  Decapoda  Anomura  /

Gallianassa

http://nl.wikipedia.org/wiki/Callianassidae

http://en.wikipedia.org/wiki/Callianassa_

–> (genus)… “mud shrimp” and “ghost shrimp”.

Afbeeldingen van Callianassa

________________________________________________________________________________________

Calliderma  –> asteroidae  ::Krijt hedendaags   :    vijfpuntige zeester   , plat lijf , dikke “platen” aan de randen

Calliderma smithae (Forbes, 1848)

A large starfish from the Grey Chalk, with elongate, upturned arms and a very broad and flat disc.  Many spectacular specimens are seen in old museum collections, typically from Kent or Sussex, but the modern amateur is very unlikely to encounter anything but isolated marginal ossicles.  These can be recognised by their densely pitted surface ornament.

_________________________________________________________________________________________

°

Calliostoma  ; Krijt – recent.  Gastropoda (Slakken)  //  (genus )Tolhorens zijn een geslacht van mollusken, dat fossiel bekend is vanaf het Vroeg-Krijt. Wikipedia

Meer afbeeldingen

Calliostoma swinneniCalliostoma mariaeCalliostoma gloriosumCalliostoma grantiCalliostoma ligatumCalliostoma bairdiiCalliostoma blackiCalliostoma megaloprepesCalliostoma turnerarumCalliostoma trotiniCalliostoma spectabileCalliostoma selectumCalliostoma benthicolaCalliostoma waikanaeCalliostoma osborneiCalliostoma anseeuwiCalliostoma tigrisCalliostoma punctulatumCalliostoma annulatumCalliostoma pellucidumCalliostoma foveauxanumCalliostoma canaliculatum

http://en.wikipedia.org/wiki/Calliostoma

Fossil calliostoma

______________________________________________________________________________________

  • Calyx  ; ( bij zee lelies )  Anatomische term voor het kelkvormig deel van de kop van een crinoïde of zeelelie.//Dieren van de klasse Crinoidea bezitten een mondschijf (Calyx) die gewoonlijk uit een kalkring bestaat
    = bij crinoidea liggen mondschijf (calyx) en de anus beiden aan de bovenzijde.         ……. Zowel de Calyx als de armen zijn met geordende kalkplaatjes bezet.
  • (opmerking ook andere echinodermata ( bv  zeeanemonen )  bezitten een mondschijf = eveneens   calyx  genoemd   )

Skeleton of the calyx of a primitive sea-lily (Hyocrinus bethellianus) with high calyx walls composed of :   basalia- (B) and radial plates (R), and with arms (A) only to emerge from the calyx’s edge. The arms with long arm segments (Br), that branch only further up (Av). Af anus, M oral aperture, Co stem, composed of discs (columnaria). Diameter of calyx 0.5 cm.
( After KILIAS, R., 1971, in Neue grosse Tier-enzyklopädie, Band 6.

Sea Lilies are gonochoric and brood their young until the embryo develops into a doliolarian larva or a fully formed juvenile crinoid.

Crinoids are echinoderms and are true animals even though they are commonly called “sea lilies”. The body lies in a cup-shaped skeleton (calyx) made out of interlocking calcium carbonate plates. Arms attached to the calyx also have a plated skeleton and are used to capture food particles. In most species, the calyx is anchored to the sea floor by a stem made of a stack of disk-shaped plates.

The tissue that holds the plates of the stem, calyx and arms together will decay quickly after death. The skeleton usually falls apart and the plates are scattered by waves, currents or scavenging animals. Rare complete specimens, like those in the images above, were probably preserved when the skeleton was buried soon after death.

______________________________________________________________________________________

°

Cambrian Explosion

The sudden flourishing of  multicellular life forms 530 million years ago, at the start of the    CAMBRIAN 

Scientists don’t yet know what caused the Cambrian Explosion, but it may have been related to increased levels of oxygen in the earth’s atmosphere and oceans.( as the result of  for example  cyanobacteria  en   microbial symbiotism cases  –> as found   in concretions and  traces  of biofilms   —>   stromatolites  )

  • (door mijzelf aangepast ) Met de Cambrische explosie wordt het ontstaan aangeduid van veel nieuwe bouwplannen in het dierenrijk (meestal dus voorzien van  harde delen ) tijdens het Cambrium. Het wordt soms ook (verkeerdelijk )de Oerknal van het leven genoemd.
    zie ook   Wikipedia
     http://www.kennislink.nl/publicaties/ontwikkeling-van-de-biodiversiteit
    —————————————————————————————–(intermezzo)————————–

CREA HOEKJE  (als intermezzo) 

( crea-site  ) ” ….Het Cambrium is gevuld met leven. Een enorme verscheidenheid aan soorten. Wetenschappers v1nden het  (1)  nogal  lastig te verklaren dat er in korte tijd zoveel verschillende soorten levensvormen ontstaan zijn. In de aardlagen onder het Cambrium vind je namelijk nauwelijks fossielen en dan opeens zoveel (2)

    

Er rezen vragen op ( die de huidige creationisten nog steeds  als onoplosbaar (3)  blijven  aanhalen ) zoals:

–> Hoe zagen de “voorouders “van al die levensvormen eruit?–>  Waarom zijn die “voorouders “niet te vinden in de lagen voor het Cambrium?–>Hoe kan  de genetische informatie van dergelijke  biodiversiteit  zo snel ontstaan zijn ?–>Hoe kan het dat de dieren in het Cambrium ‘af’ zijn?> Je verwacht vele tussenvormen  ....(4)

° Opmerkingen  als aanzet tot antwoorden  

(1) het moet zijn = “vonden ” , want ondertussen zijn veel fossielen van voor de cambrische explosie /geidentificeerd/bekend /  gevonden

(2)… alweer mot men hier lezen   = “vonden  “….Het aantal verschillende  fossielen uit die pre-cambrische tijd is spectaculair toegenomen  :   we weten nu  na twintig jaar  van  minstens twee  andere  “explosies “voorafgaand aan de “cambrische explosie” ( AVALON / EDIACARAN ) ….

Bovendien zijn” fossielen” niet alleen maar overblijfselen van harde delen : er bestaan  ook ichnofossielen  :  eveneens als afdrukken van weke lichamsdelen   en  soms ook  versteende overblijfsel:en van de weke delen zelf   ( –>niets bijzonders eigenlijk —>  bijvoorbeeld coprolieten ( toch ook “week” materiaal  ” ) kunnen   worden bewaard in fossiele toestand  )

(3).- Creationisten gebruiken graag simplistische en vereenvoudigde  verklaringen van de reeele werkelijkheid ; bovendien doen ze aan data selectie zodat slechts die gegevens worden aangehaald die in hun straatje passen ( en vooral de feiten die hun bevindingen  tegenspreken worden verzwegen ) ….Uiteindelijk word dat allemaal veel  gemakkelijker  te verkopen ; zeker    wanneer je  als creationist  slechts  (ver)ouderde wetenschappelijke ( bijvoorbeeld  ouder dan 10 jaar) kennis en hypothesen ( met alleen nog wat historische  waarde )  voorsteld als de “nieuwste consensus” op het relevante vakterrein in kwestie  …..   

(4) Uiteraard zijn al  die vragen nog steeds niet tot  volledige tevredenheid ( en vooral definitief ) opgelost…. Immers  ,  geen enkel wetenschappelijk  kennis corpus is “af ”  … Maar de meest waarschijnlijke   antwoorden komen wel dichterbij dank zij de nieuwe ontdekte fossielen  en vooral ook nieuwe technische  methoden van onderzoek (bijvoorbeeld scanning / Tomography  )… m.a.w.   de marge voor andere alternatieve niet-wetenschappelijke of pseudo-wetenschappelijke  ” absolute ” verklaringen en antwoorden  (van  ideologische en/of  religieus-creationistische origine   ) krimpt voortdurend in  ….

Overigens stikt het hier weer van de creationistische  en intelligent design mantra’s  zoals  ;  de  (onmogelijk geachte  Irreducible Complexity )  toename van de “informatie” en  de ontbrekende   “transitionnal” insteek 

*   —-> lees hier verder voor een min of meer ge-updated antwoord  op de creationistische  simplicismen  —>(OPGELET  !!! Alhoewel dit  hier overgenomen  oorspronkelijke  populair wetenschappelijk   artikel een paar  gewaagde speculaties en niet voldoende bewezen  extrapolaties  bevat is het toch een goede  beknopte samenvatting van een redelijk   antwoord  gebaseerd op bestaand  feitenmateriaal) —>   cambrische explosie   doc 

*   Major diversification of life in the Cambrian Explosion.

Numerous fossils; most modern animal phyla appear. First chordates appear, along with a number of extinct, problematic phyla. Reef-building Archaeocyatha abundant; then vanish.

Trilobites, priapulid worms, sponges, inarticulate brachiopods, and many other animals numerous.

Anomalocarids are giant predators, while many Ediacaran fauna die out. Prokaryotes, protists (e.g., forams), fungi and algae continue to present day.

_______________________________________________________________________________

CAMBRIAN

Cambrian: The earliest period of the Paleozoic era, spanning the time between 544 and 505 million years ago. Its name derives from Cambria, the Roman name for Wales, where rocks of this age were first studied. (USGS Paleontology glossary)

Gondwana emerges. Petermann Orogeny on the Australian Continent tapers off (550–535 Ma).

Ross Orogeny in Antarctica. Adelaide Geosyncline (Delamerian Orogeny), majority of orogenic activity from 514–500 Ma. Lachlan Orogeny on Australian Continent, c. 540–440 Ma.

Atmospheric CO2 content ( after the  precambrium  oxygene revolutions ) roughly 20–35 times present-day (Holocene) levels (6000 ppmv compared to today’s 385 ppmv). (Wikipedia) More

°

  

Systeem Serie Etage Ouderdom (Ma)
Ordovicium Onder Tremadocien jonger
Cambrium Furongien 10e etage 485,4–489,5
Jiangshanien 489,5494
Paibien 494497
3e serie Guzhangien 497500,5
Drumien 500,5504,5
5e etage 504,5509
2e serie 4e etage 509514
3e etage 514521
Terreneuvien 2e etage 521529
Fortunien 529–541,0
Ediacarium ouder
Indeling van het Cambrium volgens de ICS.[2] Cursieve
ouderdommen zijn slechts indicaties.

Afbeeldingen van cambrium

cambrian 1

°

wonderfull life

http://en.wikipedia.org/wiki/Cambrian

De snelle diversificatie van levensvormen die plaatsvond in het Cambrium staat bekend als de Cambrische explosie. Er ontstonden in deze periode algensoorten en levensvormen met een pantser of schild. Er kwamen veel trilobieten voor, evenalskwallensponzengraptolieten, stekelhuidigen, brachiopoden en inktvissen. De eerste primitieve gewervelde dieren ontwikkelden zich, evenals de eerste primitieve vissen en de eerste (zee)planten, de zogeheten psilophyten.

Situering van het Cambrium in de geologische tijdschaal

CAMBRIUM 

https://tsjok45.wordpress.com/2012/09/01/cambrische-explosie/° Misvattingen ° /wat toont het fossielen verslag°

Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.AVALON

Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.GABONESE chips

http://ascendenza.wordpress.com/tag/gabon/

_____________________________________________________________________________

CAMERATA  De klasse Crinoidea is opgesplitst in 4 subklassen te weten: Camerata, Inadunata, Flexibilia en Articulata.

______________________________________________________________________________________

Campostromatoidea. behorende tot de  onderstam —>    Echinozoa   //  Onder-Cambrium.

_____________________________________________________________________________________

°

Carbonisation: A form of fossilisation where an organism’s organic content is reduced to a thin carbon film. Commonly encountered in plant fossils.

Ashdown Sandstone pebble containing carbonised fossil plant material

A rolled beach pebble from the Ashdown Sandstone containing fragments of carbonised plant material.

________________________________________________________________________________________

Carboniferous:

A period of time in the Paleozoic era that includes the Mississippian and Pennsylvanian subperiods and extended from 360 to 286 million years ago. The later Carboniferous was the time of great Coal Swamps. (USGS Paleontology glossary) More

  • CARBOON
Systeem Subsysteem
(NW-Europa)
Etage
(NW-Europa)
Serie
(ICS)
Etage
(ICS)
Ouderdom
(Ma)
Perm Rotliegend Autunien Cisuralien Asselien jonger
Carboon Silesien Stephanien Pennsylvanien Gzhelien 298,9–303,7
Westfalien Kasimovien 303,7–307,0
Moscovien 307,0–315,2
Bashkirien 315,2–323,2
Namurien
Mississippien Serpukhovien 323,2–330,9
Dinantien Viséen Viséen 330,9–346,7
Tournaisien Tournaisien 346,7–358,9
Devoon Boven Famennien Boven Famennien ouder
Indeling van het Carboon volgens de ICS,[2] samen met de Noord-Europese
indeling.

Meer afbeeldingen

  • Het Carboon is een periode in de geologische tijdschaal die duurde van 358,9 ± 0,4 tot 298,9 ± 0,2 miljoen jaar geleden. Het Carboon is onderdeel van het Paleozoïcum. Het volgt op het Devoon en wordt gevolgd door het Perm. Wikipedia
    carboonbos
    Reconstructie Erik-Jan Bosch, Naturalis
    Het is vochtig en beklemmend heet. Een stam van een zegelboom met een kunstig schorspatroon ligt halfvergaan in het ondiepe water. De bomen doen vreemd aan. Reuzenpaardenstaarten en varens domineren de ondergroei. Een luid geknisper kondigt de nadering van een reusachtige libel aan. Tijdens het Carboon was Nederland grotendeels bedekt met tropisch laaglandmoeras. In de moerassen werd veen gevormd, waaruit later steenkool ontstond. Als bijproduct is ons aardgas gevormd.

    Carboon: ca. 360 tot 290 miljoen jaar geleden

    Deze periode is genoemd naar steenkool (= koolstof = carbon).  De grondstof (planten)  voor steenkool was in deze periode in grote hoeveelheden aanwezig én de omstandigheden voor de vorming van steenkool waren gunstig in deze periode.
    Ongeveer de helft van alle bekende steenkoolvoorraden op aarde is afkomstig uit het Carboon

    Aanblik van de aarde in het Carboon

    Gondwana en het Old Red Continent (Laurentia, Baltica en Avalonia samen) bewogen zich steeds meer naar elkaar toe en begonnen een aaneengesloten landmassa (Pangea) te vormen.
    Avalonia – met daarop Nederland – lag in het noordelijk deel van deze landmassa. Door de positie bij de evenaar heerste er een tropisch klimaat.


    de ligging van de continenten in het Carboon
    De atmosfeer in het Carboon

    Het zuurstofgehalte in de atmosfeer bereikte een hoogtepunt: Zo’n 35 % van de atmosfeer bestond uit zuurstof.
    Het kooldioxide gehalte daalde tot het huidige niveau (4 % van de atmosfeer).

    De temperatuur in het Carboon

    Aan het begin van het Carboon was het nog steeds warm op aarde. Halverwege dit tijdperk begon er op Gondwana een ijstijd. Met het periodieke afsmelten en weer aangroeien van de zuidelijke landijskappen steeg en daalde de zeespiegel vele malen sterk, waarbij de Tethys Zee ontstond. De Middellandse Zee is hier een overblijfsel van.


    Gondwana: koud en dor
    Het leven in het Carboon

    In de kustgebieden van Laurazië (Laurentia) ontstonden weelderige moerasbossen, die gonsden van het leven.  Vooral reusachtige insecten zijn hier opvallend. Sommige libellen hadden een spanwijdte van 70 cm !

    Uit bepaalde amfibieën ontwikkelden zich de eerste reptielen. Reptielen waren de eerste landdieren die voor hun voortplanting geen water nodig hadden. Hun eieren waren namelijk bestand tegen uitdroging. Zo konden zij het land verder veroveren.

    Verder ontwikkelden de slakken en de mosselachtigen zich sterk.

    Van de vissen vormden de kraakbeenvissen, zoals de haaien, de belangrijkste groep.

    Op het land kwamen bijna alle hoofdgroepen van de tegenwoordige planten voor, behalve de bloemplanten en de coniferen.
    De landflora werd overheerst door wolfsklauwachtigen, paardestaartachtigen en varenachtigen. Veel soorten, met name de wolfsklauwachtigen, bereikten de afmetingen van bomen.
    Net zoals nu hadden tropische gebieden een weelderige plantengroei. Rond de polen was de vegetatie schaars en vertoonden de planten dwerggroei of wierpen in de winter hun bladeren af.
    In zee bleven de algen van belang.


    Moerasbossen met reuzelibellen
  • CarboonDe eerste reptielen verschenen, en allerlei (vliegende) insecten en amfibieën ontwikkelden zich verder. Aan het begin van het Carboon stierven de graptolieten uit. De eerste zegel- en schubbomen ontstonden, evenals de grote naaktzadigen (planten nog zonder bloemen).In het Carboon tijdperk groeiden wereldwijd grote moerasbossen. Hierdoor ontstonden dikke paketten plantenresten die later op grote schaal tot steenkool zijn geworden.

CARBOON    

______________________________________________________________________________________

Cardium : = Kokkel =Hartschelp . Fossiel o.a. uit het Krijt en uit de Eemlagen

Fossiele hartschelpen

Veel hartschelpen op het(Noordzee) strand zijn fossiel. Ze komen uit de Eemtijd. Toen heerste er in het Noordzeegebied een warmer klimaat. Er waren toen veel soorten die nu niet meer voorkomen: tere hartschelp, grote hartschelp, geknobbelde hartschelp en scheve kokkel. De meeste lijken wel wat op de huidige kokkels, maar zijn over het algemeen dikker. Door de ouderdom zijn de schelpen ondoorschijnend en donkerbruin tot zwart verkleurd, en vaak ook afgesleten.

Cerastodema edule ; (gewone kokkel) Tot 6 cm groot. fossiele kokkels.
Klasse bivalvia (tweekleppigen cardiidae hartschelpen).
Fossiel voorkomen vanaf vroeg pleistoceen.

http://www.bloggen.be/schelpen_zoogdieren/archief.php?catID=14186

Cerastoderma Glaucum ; Brakwaterkokkel, vindplaats Heist- Aan- Zee (dit zijn fossiele schelpen, tot 5-6cm groot)
Brakwaterkokkel : Lijkt heel sterk op de gewone kokkel.

Doorgaans zijn de kleppen asymmetrisch : aan  een kant wigvormig verlengd; deribben stralen dan schuin uit over de schelpen . Soms is de brakwaterkokkel hieraan te onderscheiden.

Er is echter een belangrijker kenmerk: neem een doublet zo naar je toe dat je zijdelings de twee kleppen ziet en het slotbandje; bij de brakwaterkokkel sluiten de twee kleppen bijelkaar aan in een rechte lijn; bij de gewone kokkel verloopt deze lijn golvend.

Zoals de naam te kennen geeft , te vinden bij laagwater in de bodem van schorren achterhaven Zeebrugge, de spuitkom in Oostende en het Zwin. De brakwaterkokkel leeft in rustig brakke’ binnen wateren.
De brakwaterkokkel leeft niet in de open Noordzee.(Fossiel voorkomen vroeg pleistoceen)

zie ook 

 

_______________________________________________________________________________________

http://nl.wikipedia.org/wiki/Carnivoor

Carnivoren zijn organismen die vlees eten. Dit in tegenstelling tot (dierlijke ) herbivoren die uitsluitend planten eten.(dierlijke ) Omnivoren eten beide …..

* Opmerking er bestaan ook carnivore planten die het vlees als  bijvoeding gebruiken of als (obligate) bron van op hun standplaats zeldzame ingredienten en mineralen  …

Carnivore dieren  bezitten  specifieke  carnivore  tandstructuren( bv= knipkiezen , scheurkiezen en/of  dolktanden ) of bek/snavel aanpassingen  , aanvalswapens     en   relatief kort darmstelsel en /of  verteringskanalen  

Voorbeelden bij enkele diergroepen

  • Zoogdieren: bij zoogdieren valt het verschil tussen carnivoren en herbivoren (planteneters) goed te zien doordat carnivoren een relatief kort darmstelsel en een gebit met knipkiezen hebben.

 

Hondengebit 

  • Vissen: voorbeelden van carnivoren zijn snoek, kabeljauw, tonijn, piranha, zwaardvis, haai. Ze worden ook wel roofvissen genoemd.
  • Reptielen: onder reptielen zijn de krokodillen en slangen bekende carnivoren. Een specialist is de eieretende slang, die alleen eieren van vogels eet (Ovivoor). De meeste hagedissen zijn vleesetend, er bestaan soorten die uitsluitend mieren eten en soorten die zelfs herten als prooi hebben. Kameleons vangen insecten met hun razendsnelle tong. Ook sommige schildpadden eten dierlijk voedsel, zoals insecten en vissen.

    De visarend heeft zich gespecialiseerd in vissen

  • Amfibieën: kikkers zijn hoofdzakelijk vleesetend. Larven van kikkers en padden (kikervisjes) zijn vaak wel plantenetend, waardoor de overgang van larve naar volwassen dier een heel snelle en ingrijpende aanpassing van kaken en spijsverteringskanaal inhoudt (metamorfose). Salamanders zijn vleesetend, ze eten wormen, spinnen, slakken. Er zijn geen herbivore salamanders bekend, ook de larven van salamanders zijn vleesetend.
  • Vogels: bij vogels zijn vooral roofvogels en uilen vleesetend maar daarnaast zijn er veel insectivore (insectenetende) vogels zoals zwaluwen. Veel zangvogels (Passeriformes) foerageren op kleine dieren als regenwormen, slakken en insecten. Andere carnivore vogels hebben suggestieve namen als bijeneter, vliegenvangers, wespendief, slangenarend (het eten van slangen heet ophifaag). Visetende specialisten onder de vogels zijn: visarend, aalscholver, jan-van-gent en de verschillende soorten sterns. Uitzonderlijke gevallen zijn: sommige darwinvinken die bloed of eieren consumeren en koolmezen die ’s winters bij gebrek aan ander voedsel vleermuizen eten.[2] Lang niet alle vogels zijn vleesetend.
  • Geleedpotigen:

    De libel is een predator

    onder de geleedpotigen komen veel carnivoren voor. Voorbeelden: libellen, sluipwespen, bidsprinkhanen, lieveheersbeestjes, roofvliegen, roofwantsen, spinnen. Vrijwel alle 40 000 soorten spinnen zijn carnivoren. Een bekend voorbeeld zijn de vogelspinnen, die uitsluitend levend voedsel, zoals vliegen, sprinkhanen, andere spinnen en kleine gewervelden consumeren. De enige tot nu toe bekende vegetarische spin is de Centraal-Amerikaanse spin Bagheera kiplingi die nectar van acacia’s eet.[3] Onder de kevers bevinden zich zowel carnivoren als herbivoren. Steekmuggen kunnen tot carnivore insecten gerekend worden omdat ze bloed van dieren consumeren en dus van dieren leven (zonder ze te doden). Bij deze dieren kan de scheidslijn carnivoor/herbivoor dwars door de soort lopen: alleen de vrouwtjes zuigen bloed, de mannetjes zijn planteneters (nectar). Dit kan een reden zijn ze in te delen bij de omnivore insecten. Duizendpoten zijn carnivoren (ze eten insecten, slakken, wormen, pissebedden, spinnen). Tenslotte zijn er primaire carnivore insecten die plantaardig materiaal als onmisbaar onderdeel van hun voeding hebben.[4]

  • Weekdieren (mollusken): de wulk is een in zee levende carnivore kieuwslak die leeft van kokkels, borstelwormen, en kreeftachtigen. Alle inktvissen zijn carnivoren.

http://en.wikipedia.org/wiki/Carnivore

Carnivoren <–

__________________________________________________________________________________

De carpalia zijn de handwortelbeentjes die liggen tussen de ulna (ellepijp) en radius (spaakbeen) aan de bovenzijde en demetacarpalia (middenhandsbeentjes).

Zie ook de lijst met soorten botten van gewervelden.

______________________________________________________________________________________

Carpoidea  : Echinodermata : stam = Homalozoa.

<The carpoids or Carpoidea are a group of Palaeozoic extinct echinoderms.

<(paleontology) An assemblage of three classes of enigmatic, rare Paleozoic echinoderms formerly grouped together as the class Carpoidea.

Carpoids

Bundenbach Carpoid fossil.

Photo: Fossil Museum

Virtually all animals have some kind of symmetry – either bilateral like humans where your right hand is the mirror image of your left hand, or radial like a starfish, which looks the same no matter which arm is pointing up.

But carpoids were completely asymmetrical. This distant relation of the sand dollar lived in the oceans of the Northern Hemisphere from 500 to about 350 million years ago. It looked something like a misshapen armored tadpole, with a bulging body covered with stony plates and a long, segmented tail that it used for swimming.

Some scientists think that carpoids may have been the ancestors of vertebrates. 

______________________________________________________________________________________

Cartilaginous fishes:

Class Chondrichthyes; fish having a skeleton composed mostly of cartilage, as sharks and rays. Cartilage is gristle or a firm, elastic, flexible type of connective tissue. (USGS Paleontology glossary)

_______________________________________________________________________________________


Cassiduloida

Zeeëgels —>
Atelostomata—>  ordeCassiduloida,

Cassiduloida

______________________________________________________________________________________

CAST (AFGIETSEL ) : The infill of a fossil mould

<A three dimensional, fossilised representation of the original organism, part of an organism or traces left by an organism. The counterpart to a mould.

A cast fossil is a fossil that is formed when an animal, plant, or other organism dies, its flesh decays and bones deteriorate; minerals gradually enter into the cavity, resulting in a cast.

The counterpart of t his type of fossil is  known as a mould fossil, which is in the general form or mould of the original organism.

Mould (left ) cast (right )

photo credit: R.Weller/Cochise College)

* An  endocast is a fossilised  inside of a skull

Figure 3 - Unfortunately we are unable to provide accessible alternative text for this. If you require assistance to access this image, or to obtain a text description, please contact npg@nature.com

Restored endocast of the brain of BMNH 37001 (archeopteryx)  rendered as a shell.

Full size figure and legend (100K)

Cast:

1.-Lithified sediment (rock) infilling a natural mold, and providing a replica of the original organism.

2.-A similar process is also used to create man-made casts of fragile or rare specimens for display, research, or exchange with other museums.

______________________________________________________________________

Anatomische aanduiding: bij of vanaf de staart (tegengestelde is rostraal).

Het Cenozoïcum is een era uit de geologische tijdschaal die begint op ruim 65 miljoen jaar geleden tot nu. Het omvat de geologische tijdperken het Paleogeen, Neogeen en Kwartair.

Cenozoic: (“new animal life”) the current of the three Phanerozoic eras in the geological timescale. It began 65.5 million years ago. The era when the modern continents formed, mammals and birds filled the ecological niches vacated by dinosaurs, and modern taxa of plants and invertebrates evolved. The later part of the Cenozoic was marked by a pronounced cooling, culminating in the Pleistocene ice age. Includes two periods, the Tertiary and Quaternary, and seven epochs, the PaleoceneEoceneOligoceneMiocenePliocenePleistocene, and Holocene. More

—> KENOZOICUM 

___________________________________________________________________________________

_*

Cephalocardia  —> klasse van de schaaldieren  —> Cephalocarida

beautiful shrimp

 

horseshoe shrimp   —>There are nine  species in this class. All are marine, shrimp-like  and less than 4 mm long. Most have an eight-segmented thorax, and a twelve-segmented abdomen. They have very primitive features, are hermaphroditic, and are without eyes or carapace. They are found in fine sediments.

cepalocardia, crustacean    http://www.bumblebee.org/invertebrates/CRUSTACEAc.htm

Horseshoe shrimp

San Francisco horseshoe shrimp (Lightiella serendipita)illustration by Devin Cecil-Wishing.

http://en.wikipedia.org/wiki/Cephalocarida

  • De Cephalocarida, vanwege hun bizarre lichaamsvorm ook wel strijkboutkreeftjes (–> horseshoe shrimps ) genoemd, vormen een kleine klasse van de kreeftachtigen. Wikipedia

Afbeeldingen van horseshoe shrimps

_____________________________________________________________________________________

Het cephalon is het kopstuk van het pantser van een trilobiet.

___________________________________________________________________________

 

De Cephalopoda of cephalopoden zijn inktvisachtigen die behoren tot de Mollusca, de stam der weekdieren. Cephalopoden komen al sinds het Cambrium voor in zee. De voorouders van de nautilus ontstonden in het Ordovicium en in het Mesozoicum waren cephalopoden waaronder ammonieten dominant aanwezig in zee.

Binnen de cephalopoden onderscheiden we onder meer de:

Een groot aantal cephalopoden, waaronder de ammonieten en belemnieten, is uitgestorven aan het einde van het Krijt tijdperk.

Sommige cephalopoden zoals de nautilus en de ammonieten hebben een exoskelet. Andere soorten hebben een inwendig skelet zoals de huidige zeekat, en dit geldt ook voor de belemnieten.

Veel huidige soorten hebben helemaal geen skeletdelen meer zoals de octopus.

Cephalopoden kunnen zich voortbewegen in zee door water uit te persen. Het dier beweegt dan in de tegengestelde richting van de waterstroom. Ammonieten bijvoorbeeld bewogen dan ook achteruit, met hun lijf en kop in de richting waar ze vandaan kwamen. Andere inktvisachtigen konden wel vooruit zwemmen.

Alle cephalopoden zijn carnivoren.

___________________________________________________________________________________

Ceratites

Een Ceratiet is een ammonietachtige waarvan de schelp vaak gegolfd is met ribben en knobbels. De orde van Ceratitida behoort tot de klasse Inktvisachtigen (Cephalopoda) en het phylum Weekdieren (Mollusca). De sutuurlijnen zijn in typische zin geplooid, maar missen de complexiteit van deze van ammonieten. Ze komen voor in afzettingen uit het Perm tot en met het Trias tijdperk.

Beschrijving van de sutuurlijnen bij goniatieten, ceratieten en ammonieten.                                                                                                                _

Cephalopod:mollusc of the class Cephalopoda, which includes squids, cuttlefish, octopi, nautiloids, and ammonoids.

———————————————————————————————————————————————————-

Anatomische aanduiding; ter hoogte van de nek van een gewerveld dier.

De afkorting cf. staat voor het Latijnse ‘confer’ en betekent dat het fossiel lijkt op de genoemde soort. Een voorbeeld van een koraal: Favosites cf. basaltiformis. Het fossiel valt binnen het genus Favosites en lijkt op de soort basaltiformis. Hiermee wordt dus een onzekerheid in de determinatie aangegeven. Als helemaal onbekend is welke soort binnen een Genus het betreft wordt sp. of indet. gebruikt.

°

Chaetetids: Unusual sponges of the Paleozoic era, resembling tabulate corals in certain structural aspects and originally placed within the Phylum Cnidaria. The chaetetid sponge contained spicules and is thought to have been related to calcified demosponges (sclerosponges)They were important ‘reef’ builders in the later Paleozoic.  (Unusual sponges)

http://www.ucmp.berkeley.edu/porifera/chaetetids.html

Afbeeldingen van Chaetetids

https://www.utexas.edu/tmm/npl/collections/invertebrates/chaetetid.html

chaetetids in cross-section <–The rock surface on the left shows a mass of chaetetid heads in cross-section.  The upper par have been eroded away.   The partial specimen to the right is much larger.
an example with partial chemical alteration of the original structure

°

Chaetognatha   Pijlwormen.

Meer afbeeldingen            —> De pijlwormen vormen een stam van kleine ongewervelde mariene wormen. De stam telt iets meer dan 125 soorten, die tussen 2 en 120 millimeter lang worden. Ongeveer 20% van hen komen voor in de bentische zone van de oceaan. Wikipedia

http://en.wikipedia.org/wiki/Chaetognatha                                                                                                                   http://eol.org/pages/1740/overview                                                                                               http://www.earthlife.net/inverts/chaetognatha.html

https://www.app.pan.pl/archive/published/app50/app50-001.pdf             <—  (Burgess shale )

Afbeeldingen van chaetognatha fossils

The chaetognaths do not have a very extensive fossil history, as they do not contain a mineralized skeleton (Chen & Huang 2002, Szaniawski 2002). However, there has been one fossil specimen found, Paucijaculum samamithion (figure 1), which dates from the Carboniferous (360-286 MYA). More recently though, Chen & Huang (2002) proposed that a second fossil chaetognath, Eognathacantha ercainella, may have been found from the Lower Cambrian Maotianshan Shale (520 MYA). This specimen bares similar features to modern chaetognaths, including three segments (head, trunk, and possible tail), 12 grasping spines, possible teeth, and possibly a hood – which is chaetognath synapomorphy. Despite these similarities, there are some differences between E. ercainella and modern chaetognaths, including: a narrow, non-rayed tail fin (c.f. wide, rayed tail fin).

Other suggestions regarding the evolution of chaetognaths are that they may be one of the earliest active predators, and that their ancestor was probably planktonic, and lived in close associated with the benthos (Harzsc et al. 2009).

Figure 1: Possible Lower Cambrian fossil Chaetognath. From Chen & Huang 2002.

________________________________________________________________________________

°

Chalk:   A very pure limestone from the Upper Cretaceous.

Chalk: soft, earthy, fine-grained white to greyish limestone of marine origin. It is composed almost entirely of by shallow-water accumulations of coccoliths and other microscopic organisms and forms in a sea predominantly free from terrestrial sediment. (from Glossary – Bristol University)

-Kalk  : http://nl.wikipedia.org/wiki/Kalk   / Kalksteen =  (CaCO3)

-Krijt  :   http://nl.wikipedia.org/wiki/Krijtgesteente

-“Talkpoeder”  (in de sport en de verzorging  )  :http://nl.wikipedia.org/wiki/Chalk                                                      basisch magnesiumcarbonaat, Mg(OH)2.4MgCO3.4H2O.

Opgelet   : TALKMINERAAL   / TALKGESTEENTE —> TALC  –> Talg  —> SPEKSTEEN

°

    Chelicerate: “claw horn bearing”. Subphylum Chelicerata , Morphologically distinct arthropod clade characterized by have chelicera (a pair of pre-oral appendages), including arachnids (spiders, mites, etc), horseshoe crabs, scorpions and eurypterids (“sea scorpions”). Cambrian to recent. (University of Arizona Geosciences 308 Paleontology glossary)

°

Chert:/Vuursteen Rocks composed of silica, found in layers, sheets and nodules.

 
Chert is a very hard sedimentary rock that is usually found in nodules in limestone.Chert is light gray to dark gray in color. It probably formed from the remains of ancient sea sponges or other ocean animals that have been fossilized. Silica has replaced the tissue forming the sedimentary rock. Flint is a very dark form of chert. It breaks like obsidian with conchoidal fractures making it widely used by ancient people to make arrowheads, spear heads, and knives

Cochise College
Photos of Rocks
Sedimentary Rocks
Virtual Geology Museum 
Hall of Rocks
Geology Home Page
Roger Weller, geology instructor

wellerr@cochise.edu

Chert
last edited: 1/12/11 number of photos: 9
Chert is a chemical sedimentary rock made of
cryptocrystalline (very fine-grained) quartz, SiO2.
It has a surface that is duller than flint, with
which it is closely related.

photos
chert, brown: A

chert, fossiliferous: A B

chert, gray: A B
chert, grayish brown: A

chert, varigated: A

chert nodules in limestone: A
chert arrowheads: A

.

 

Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.CHICXULUB   09-03-2010

Sluit dit venster

https://tsjok45.wordpress.com/2012/11/09/uitstervingen/

In Chicxulub (Yucatan, Mexico) is aan het einde van het Krijt tijdperk een meteoriet ingeslagen. Er is een krater ontstaan van 180 kilometer bij het plaatsje Chicxulub. De inslag heeft wereldwijd grote gevolgen gehad voor het klimaat en het leven. Zie het artikel K-Pg grens voor een uitgebreide beschrijving.

  • De Chicxulubkrater is het 180 kilometer brede restant van een meteorietinslag die ongeveer 65 miljoen jaar geleden heeft plaatsgevonden. De inslag heeft misschien geleid tot het einde van het tijdperk der dinosauriërs. Wikipedia

_____________________________________________________________________________

Cidaroida

orde  –> subklasse  Perichoechinoidea

http://en.wikipedia.org/wiki/Cidaroida

Afbeeldingen van Cidaroida.

Order Cidaroida Claus, 1880

Regular echinoids with:

  • test composed of 20 columns of plates; pairs of ambulacral columns alternating with pairs of interambulacral columns
  • ambulacral plating simple or at most pseudocompound (i.e. every second or third element enlarged to accommodate a larger tubercle and spine, but individual elements not fused together by tubercle overgrowth)
  • interambulacral plates dominated by a single large primary tubercle (except Tetracidaris which has two)
  • perignathic girdle of interambulacral elements only (apophyses).
  • ambulacral plates continuing as a series across the peristomial membrane
  • teeth crescentic to U-shaped in cross-section; pyramids without a foramen magnum
  • primary spines with external cortex (except in most primitive members)
  • globiferous and tridentate pedicellariae only.
Lower Permian to Recent; worldwide.
Type genus Cidaris Leske, 1778,  p. 74,
There is currently only a single order in the subclass Cidaroidea.  See Cidaroidea for key.The following taxon is spine-based and probably belongs here:
Minicidaris Deraniyagala, 1961Claus, C. F. W. 1880. Grundzuge der Zoologie. N. G. Elwertsche, Marburg & Leipzig. 1254 pp (4th edition).

_______________________________________________________________________________

Chimaeriformes of Chimaera’s zijn een klasse binnen de kraakbeenvissen die reeds in het fossielenbestand voorkomen vanaf het late Siluur of vroege Devoon. Er zijn nog steeds levende vertegenwoordigers, welke ook wel draakvissen genoemd worden.

Binnen de Benelux worden fossiele resten van Chimaeriformes wel eens aangetroffen in de vorm van kauwplaten uit het Neogeen.

     Globe.png

Foto’s of locaties voor Chimaeriformes bekijken

_________________________________________________________________________________

Chitine is een polysacharide dat een belangrijke bouwsteen vormt voor het exoskelet van verschillende groepen geleedpotigen, zoals insecten, crustacea en spinnen. Chitine lijkt sterk op cellulose, een bouwstof voor de celwanden van planten. Bij schimmels (fungi) is de celwand uit chitine opgebouwd. Trilobieten vormen een belangrijke groep arthropoden waarvan het exoskelet niet uit chitine bestaat, maar wel uit Calciet.

__________________________________________________________________________________

Chlamys  –>Trias – recent.—>  Versiering met sterke spiraalsgewijs geplaatste ribben.

I collected these samples from Calvert Cliffs in Maryland. Chlamys (Lyropecten) santamaria  is a Miocene scallop. As you can see from the scale the sample is huge! It also is very fragile

http://www.fossilshells.nl/itplia67.html                          Afbeeldingen van chlamys fossil

familie  —>      http://nl.wikipedia.org/wiki/Pectinidae

___________________________________________________________________________________

Chlorofyl

Chlorophyta zijn groenwieren. Deze protisten zijn qua cellulaire opbouw erg verwant aan de planten. Ze leven vrij zwevend in zowel zout als zoet water. Meestal leven ze als ééncellige, soms echter ook in kolonies. Korstmossen zijn een symbiose tussen een schimmel en een groenwier.

De Choanoflagellaten zijn een klasse van vrijzwemmende eencellige organismen.

Chondrichthyes 2

De Chondrichthyes of kraakbeenvissen zijn een klasse van kaakvissen waarvan het skelet grotendeels uit kraakbeen bestaat, vaak met uitzondering van tanden, tandplaten of huidstekels. Uitzonderlijk worden ook eikapsels fossiel aangetroffen. (overzicht door Fischer et al 2013 – PDF, 4.8 MB)

Goed bewaarde kraakbeenvis uit de lithografische kalksteen van Solnhofen

Binnen deze klasse treffen we onder meer de volgende groepen aan:

Fossiele tanden en tandplaten van kraakbeenvissen

Binnen de Benelux zijn fossiele vertegenwoordigers van deze groep voornamelijk gekend uit Paleogene en Neogene mariene afzettingen, waarin plaatselijk grote aantallen tanden en huidstekels aangetroffen kunnen worden. Kraakbeen zelf blijft slechts in uitzonderlijke omstandigheden bewaard, maar skeletonderdelen zoals wervels en zelfs neusbotten zijn gekend, ook uit Neogene zanden in Antwerpen en Noord-Brabant.

_______________________________________________________________________________________

Chondrites

Chordadieren 2

Chordata 2 3

De stam Chordata omvat de zgn. chordadieren. Dit zijn dieren die een Chorda hebben, een verstevigde streng die door de rug heen loopt. De voornaamste groep binnen de Chordata is de onderstam van de Vertebrata of gewervelden.

°

Chronospecies: One or more species which continually changes from an ancestral form along an evolutionary scale. This sequence of alterations eventually produces a population which is physically, morphologically, and/or genetically distinct from the original ancestors. Throughout this change, there is only one species in the lineage at any point in time, as opposed to cases where divergent evolution produces contemporary species with a common ancestor. Relies on an extensive fossil record, since morphological changes accumulate over time and two very different organisms could be connected by a series of intermediaries. The related term paleospecies indicates an extinct species only identified with fossil material. To avoid unnecessary multiplication of terminology (and paleontology-neontological distinctions) these terms are here synonymised. For example, changes in the Permian lepospondyl amphibian Diplocaulus over time may imply a chronospecies (= paleospecies). (MAK, Wikipedia)

°

CICHLIDS  doc archief 

°

Een clade is een fylogenetische groep die bestaat uit een voorouder (dit kan een individu, paar, populatie of soort zijn) en alle nakomelingen van deze voorouder. Synoniem: monofyletische groep.

Cladistiek is een methode die wetenschappers gebruiken om inzicht te krijgen in de evolutionaire verwantschap tussen organismen. Bij nog levende soorten kunnen biologen verwantschap ook aantonen met DNA onderzoek. Bij fossielen is dit meestal niet mogelijk en zal verwantschap moeten worden aangetoond door onderzoek naar gemeenschappelijke eigenschappen van soorten. Door het onderzoek kunnen stambomen ofwel cladogrammen worden gemaakt.

Een cladogram is een schematische weergave van de evolutionaire afstamming van organismen. Door middel van onderzoek naar gemeenschappelijke eigenschappen bij verschillende soorten kan de evolutionaire afstamming worden onderzocht. Dit wordt cladistiek genoemd.

Clastic rocks: Rocks that have been formed from eroded or weathered particles of other rocks, e.g. sandstones, breccias etc.

°

Clay: A rock composed of particles smaller than 1/256mm. It can be distorted easily (it is plastic) when wet.

*Coal: A rock composed of plant material that has undergone compaction. There are numerous types of coal, with the younger, brown coloured lignite being regarded as low quality, while older, black anthracite is regarded as being of high quality. Deposits of coal tend to be found among sandstones and shales.

°

   Cnidaria: meaning “nettle bearing”, is a phylum of solitary or colonial, sessile or free-living, predatory organisms with specialized stinging cells called nematocytes (or cnidoblasts), and frequently having distinctive morphologies for asexual and sexual reproduction. Cnidarians include jellyfish, corals, hydrozoans and others. In older books the name Coelenterate is used instead. (University of Arizona Geosciences 308 Paleontology glossary) More

Cnidaria: A phylum, encompassing corals, sea anemones, jelly fish, and colonial hydroids.  These groups used to be included with the ctenophores (comb-jellies) in Phylum Coelenterata, but cnidarians and ctenophores are now regarded as distinct phyla.  Cnidarians are the simplest true metazoans, although they have more organized cells than do poriferans (sponges).

°

Coal swamp: name given to the vast equatorial tropical forests and swamplands of the late Carboniferous, from which most modern black coal comes from (brown coal in contrast is Tertiary in age). Despite the name, coal swamps did not themselves contain any coal. (MAK) Page with links to dioramas

°

Cobble: A rock with a size of between 64mm and 256mm.

°

Coccoliths: Tiny circular plates produced by plankton and composed of CaCO3 > Chalk is largely composed of coccoliths.

Coccoliths: Microscopic structures of varying shape and size that are made of calcite, are secreted by calcareous nanoplankton, and are found in marine deposits from the Triassic period to the Recent. Coccoliths range in size from one to thirty-five micrometers in size. (USGS Paleontology glossary), found only in warm, low-latitude waters and hence useful for understanding ancient climates. (Glossary – Bristol University)

http://en.wikipedia.org/wiki/Coccolith

Coccolieten zijn microscopisch kleine plaatjes van calciet, die dienen als exoskelet van eencellige mariene algen: de coccolithoforen

Coccolithophoren  : Fytoplankton = zwevende plantaardige organismen =  algen, diatomeeën, coccolithophoren en dinoflagellaten

COCCOLITHOPHORES    Eukaryota   Chromalveolata   Haptophyta    Prymnesiophyceae   Isochrysidales   Noelaerhabdaceae   Emilia E. huxleyi

<– KLIK  voor vergroting op de fotoChalk coccolithophores: they might be tiny, but they can be very valuable.

http://www.soes.soton.ac.uk/staff/tt/eh/coccoliths.html

         

—————————————————————————————————————————————————————-

Coelenterata 2 3 4

Coelenterata zijn holtedieren.

Ze omvatten Hydroïdpoliepen,, Kwallen, Zeeanemonen en Koralen. Het zijn voornamelijk zoutwaterorganismen.
Eenvoudig voorgesteld bestaat een holtedier uit een soort zak, omgeven door een lichaamswand, die uit twee cellagen is opgebouwd. Deze wand omsluit een centrale holte, de coelenteron. Deze staat in verbinding met de buitenwereld, maar kan naar believen worden afgesloten.
Holtedieren kunnen, zowel solitair als kolonievormend zijn.

Müller (1965) geeft de volgende indeling van de Coelenterata:
Stam: Coelenterata.
Substam: Cnidaria = Neteldieren.
Klassen:
I.   Protomedusea.
II.  Dipleurozoa.
III. Scyphozoa. Vb. Kwallen.
IV. Hydrozoa. Vb. Zoetwaterpoliepen.
V.  Anthozoa. Vb. Zeeanemonen en koralen. Fossiele Anthozoa zijn bekend vanaf het Cambrium.

De Anthozoa = Bloemdieren worden onderverdeeld in de onderklassen:
1.  Rugosa.
2.  Octocorallia.
3.  Scleractinia.

ad 1. Rugosa zijn te beschouwen als de voorlopers van de huidige rifbouwende koralen, de Scleractinia.
Rugose koralen kwamen voor in het Paleozoïcum. Ze omvatten zowel solitaire als kolonievormende soorten.
Bekende vindplaatsen ervan liggen in de Eifel in het Midden-Devoon in de omgeving van Gerolstein.
Op het eiland Gotland in de Oostzee zijn langs de kust heel veel solitaire Rugosa te vinden. Kolonievormende soorten zijn daar in talrijke stromatoporenriffen te vinden.
Voorbeelden van Rugosa zijn:
Acervularia. Siluur.  Gotland.
Entelophyllum. Siluur. Gotland.
Cyathophyllum. Midden-Devoon. Eifel en Ardennen.
Hexagonaria. Midden-Devoon. Eifel en Ardennen.
Lithostrotion. Onder-Carboon. Kolenkalk. België.

Coelenterata: A phylum, encompassing corals, sea anemones, jelly fish, colonial hydroids, and ctenophores (comb jellies).  It is more common to split  the corals, sea anemones, jelly fish, and colonial hydroids into the phylum Cnidaria.

_________________________________________________________________________________________

Coelopleuris

Coelopleurus is a genus of echinoids.

Its fossil records date back to the Eocene, with remains found in Europe and North America.

http://en.wikipedia.org/wiki/Coelopleurus_exquisitus

(extant specimen )

File:Coelopleurus exquisitus.jpg

(orde Arbacioida), Eoceen-recent, wereldwijde verspreiding.

—> behoort tot de  — Regulaire zeeëgels = Regularia.
Deze groep omvat zeeëgels met een globaal ronde schaal met een opening aan de top en recht daar tegenover het ondervlak = het orale vlak.De onderste opening is de mond. De bovengelegen opening is de anus.

Simon Coppard, October 2006

Coelopleurus (Keraiophorus) maculatus A. Agassiz in Agassiz & Clark, 1907, p. 116

Specimen Specimen Specimen Specimen Specimen Specimen Specimen Specimen Specimen

  • The test is subcircular and has short and narrow naked median interambulacral regions which have slightly undulating lines down the sutures of the interambulacra. These naked regions have undulating red borders that continue to just above the ambitus.
  • Primary spines are highly curved, and banded red and light green/yellow down the entire length of their dorsal surface. The spine’s collar has only granules either side of the central dorsal ridge, with longitudinal ridges ventrally.
  • Secondary spines are distinctly club-shaped.
  • Ophicephalous pedicellariae are abundant both orally and aborally. These have moderately constricted valves aborally (distal and proximal regions of equal length), but are unconstricted on the oral surface.
Recent, Japan and Philippines
Arbacioida, Arbaciidae, Coelopleurus.
This species is distinguished from all other Recent Coelopleurus by its aboral primary spines that are banded red and green down their entire length (banded purple and green in C. (K.) maillardi). It is similar to C. (K.) undulatus in having narrow, short naked interambulacral regions and club-shaped secondary spines.Agassiz, A. & Clark, H. L. 1907. Preliminary report on the Echini etc. Bulletin of the Museum of Comparative Zoology, Harvard College, 51 (5), 109-139.

__

Coelopleurus mm | eBay

_______________________________________________________________________________________

Columella

_______________________________________________________________________________________

Colluvium is erosiemateriaal dat zich onderaan een helling kan ophopen. Erosie door water en hellingprocessen zijn de oorzaak van deze soort afzetting.

This picture was shot in western Wyoming 30 years ago.

You may be asking why the scree material is different from the landslide/soil material?

The scree is clean and loose, so I believe individual piece slid and rolled down the mountain side probably during a drier climate. Maybe wind and frost got the pieces off the outcrop, then gravity took them from there. Note the scree deposit off the older scree.

The soil/landslide on top of the scree also slide down the slope perhaps due to a wetter more recent climate, or simply as a result of a prolonged rainy spell.

You will never see large steeply dipping bedding like this in alluvium (water deposited sediments).

Compaction: The process whereby, during diagenesis, a sediment’s grains are packed together and pore spaces and water are largely eliminated.

Conchoidal: Denoting a rock fracture that is curved and has concentric ripples radiating from the point of impact.

Concretions: Masses formed, usually around a nucleus, during diagenesis. Two examples are flint nodules within chalk, and mudstone nodules within shale. Concretions are often fossiliferous, with the fossil providing the nucleus for growth.

Cone-in-cone structure: A structure, often formed of calcite, that is sometimes mistakenly identified as a fossil. Its appearance is that of a suite of cones stacked within each other.

Conformable: Denoting a sequence of deposits that has accumulated without a break in deposition.

Een conglomeraat is een klastisch gesteente die afgeronde stenen bevat in een fijnere matrix. Dit sediment ontstaat vaak in rivieren met een steile gradiënt waarin afbraakproducten (erosie) van gebergten worden getransporteerd. Als het niet verhard is tot een gesteente, dan wordt het grind genoemd. Het verschil met een breccie is dat een breccie hoekige brokken bevat, en een conglomeraat afgeronde klasten. Volgens de definitie moeten de klasten groter zijn dan 2 millimeter. Als het kleiner is behoort hetsediment tot zand.


Fijn conglomeraat. Foto Erwin Duys

Conglomerates: Rocks composed of rounded pebbles cemented together.

De plantengroep Coniferophyta behoort tot de naaktzadigen (Gymnospermen) en omvat de coniferen. Deze houtachtige planten dragen meestal kegelvormige vruchten met zaden.

     Globe.png

Foto’s en locaties voor Coniferophyta bekijken

Conodonten zijn een uitgestorven groep lancetvis-achtige chordata die voorkwam vanaf het Cambrium tot het einde van het Trias tijdperk. De diertjes zijn zelden geheel fossiel gevonden, maar de kleine onderdelen van het kauwapparaat komen erg veel voor in gesteenten. en door de soortenrijkdom en herkenbaarheid zijn deze skeletdelen erg geschikte gidsfossielen. Conodonten spelen bijgevolg een erg belangrijke rol in onderzoek naar de stratigrafie, vnl. bij de relatieve datering van gesteentelagen.

Conodonts

Various conodonts.Image: USGS

For more than a century scientists kept finding microscopic, teethlike objects in marine rocks dating from 510 to 210 million years ago. They looked like tiny, cone-shaped teeth or combs, but there was no sign of a jaw or any other bit of skeleton associated with them. There were quite a few theories about what class of animal these conodonts belonged to, but it wasn’t until about 20 years ago that a fossil of the whole animal was found. In appearance it was not spectacular. It was long and thin like a worm, but it had eyes and a low dorsal fin, and the teeth were located in the mouth. Many scientists now believe that the conodont may be one of the earliest-known vertebrates.

Continentendrift is het geologisch fenomeen dat continentale platen niet vastliggen maar bewegen, een beweging die ook meetbaar is. De achterliggende oorzaak is platentectoniek.

Convergentie is het verschijnsel dat in de evolutie bepaalde gelijke eigenschappen zich ontwikkelen bij verschillende taxonomische groepen die niet aan elkaar verwant zijn. Dit kan ontstaan doordat organismen in een vergelijkbaar milieu leven. Een voorbeeld van convergente evolutie is de min of meer gelijke vorm van een Mosasaurus (uitgestorven reptiel) en een dolfijn.

Copal is hars van bepaalde soorten tropische bomen. Vaak wordt het verward met barnsteen, fossiele hars.

Copal is echter veel minder oud. De ouderdom kan variëren van enkele honderden tot duizenden jaren oud. Copal is te herkennen omdat het nog iets kleverig is, in tegenstelling tot barnsteen.

De meeste copal is afkomstig uit Madagascar.

Van sommige lokaties worden de vondsten copal genoemd, terwijl gezien de ouderdom en ontstaansgeschiedenis tot de barnsteen behoren.

Dit kan erg verwarrend zijn.

Copal uit Madagascar met inclusies.

Coprolieten zijn versteende uitwerpselen van dieren. Deze worden onder andere gevonden van Dinosauriërs en zoogdieren. Coprolieten worden meestal gevonden in landafzettingen, en kunnen ons veel vertellen over het eetpatroon van het dier. Er kan bijvoorbeeld worden gezocht naar vegetatieresten en stuifmeel (pollen), zodat het toenmalige klimaat kan worden bepaald. Soms worden er ook coprolieten gevonden van zeedieren zoals haaien. De grootste coproliet tot nu toe werd gevonden in Canada. Deze is wellicht afkomstig van een Tyrannosaurus rex, was 45 centimeter groot en woog 7 kilo! Coprolieten zijn niet erg zeldzaam, maar vaak wel lastig herkenbaar.

Coproliet van een haai.

°

Consolidation: Another word for ‘diagenesis’ – the process during which sediments are compacted and/or cemented, to become rocks.

Contact metamorphism: A change in the character of surrounding rocks when subjected to intense heat from magma intrusions.

De costae zijn de ribben van gewervelde dieren. De ribben zitten aan de achterzijde vast aan de vertebrae thoracicae, de borstwervels. De bovenste ribben kunnen vastzitten aan het sternum (borstbeen).

°

Coral: Class Anthozoa, sessile Cnidaria, solitary or colonial polyp-like animals, may be soft-bodied (sea anemone) or secret a stony skeleton (this is the familiar coral). Often reef-building organisms. Include the Paleozoic Rugose and Tabulate corals, both common or very common as fossils in rocks of Ordovician to Permian age, and the Mesozoic to Recent scleractinian corals.

Het cranidium is het centrale deel van het cephalon van een trilobiet. Een cephalon of kopstuk bestaat doorgaans uit een cranidium en twee vrije wangen of librigena. De naad tussen beide wordt gezichtssutuur of gewoon sutuur genoemd. Hierlangs brak het kopschild open bij vervelling. Losse cranidia en librigena worden vaak aangetroffen. Het gaat dan vrijwel steeds om vervellingsresten.

Cephalon1.png

Het cranium is de schedel van gewervelden. Het bestaat uit verschillende samengegroeide onderdelen. Het primaire doel van de schedel is om de hersenen te beschermen. //  Zie ook de lijst met soorten botten van gewervelden.

°

Cratinaster:

 Austinaster mccarteri)
Formation: Austin Chalk
Period:  Cretaceous
Location: Travis co., Tx.  1930s.

Cratinaster mccarteri is the famous starfish species on the large Cretaceous slab currently on display at TMM.

You may know it better as Austinaster mccarteri Adkins; unfortunately, this species  had already been described and assigned a name before Adkins named his specimen, and so this ‘local’ name is incorrect!  (Starfish and sea urchins

Crateraster texensis (Pentagonaster texensis)
Formation:  Pawpaw
Period:  Cretaceous  (c. 97-98 mya)
Location: Tarrant co., Tx.  Dec. 2010.
Found by Wes K.

_________________________________________________________________________________________

Cretaceous:  (KRIJT)

The final period of the Mesozoic era, spanning the time between 145 and 65 million years ago. The name is derived from the Latin word for chalk (“creta”) and was first applied to extensive deposits of this age that form white cliffs along the English Channel between Great Britain and France. (USGS Paleontology glossary) Flowering plants proliferate, along with new types of insects. More modern teleost fish begin to appear. Ammonites, belemnites, rudist bivalves, echinoids and sponges all common. Many new types of dinosaurs (e.g. tyrannosaurs, titanosaurs, duck bills, and horned dinosaurs) evolve on land, as do Eusuchia (modern crocodilians); and mosasaurs and modern sharks appear in the sea. Primitive birds gradually replace pterosaurs. Monotremes, marsupials and placental mammals appear. Break up of Gondwana. Beginning of Laramide and Sevier Orogenies of the Rocky Mountains. Atmospheric CO2 close to present-day levels. (Wikipedia) More

Cretaceous: The last period of the Mesozoic era, after the Jurassic period of the Mesozoic era and before the Tertiary period of the Cenozoic era. Covers the time from about 135 million years ago to about 65 million years ago.  (Texas Geologic History)

  • Crinoid: sea lily, (Subphylum Crinozoa, Class Crinoidea) a type stalked and filter-feeding echinoderm that was very common during the Paleozoic, especially the early Carboniferous, and continues to flourish today, mostly in deep sea environments.
  • Crinoids: A member of the Phylum Echinodermata and in the Class Crinoidea. Consists of a globular body (calyx) from which extend flexible arms (brachia), and often rests on a flexible stalk.  Both arms and stalk are jointed. Crinoids were very important in the Paleozoic era, with many genera having stalks.  Most modern genera of crinoids do not have stalks.
  • Crinoidea

Crinoiden (Crinoidea) of zeelelies behoren tot het Phylum stekelhuidigen (Echinodermata). Net als andere Echinodermen hebben ze een vijfstralige symmetrie. Dus ondanks hun Nederlandse naam zijn het wel degelijk dieren. Crinoiden zijn momenteel zeldzaam in ondiep water, maar vroeger waren ze even algemeen als hun verwante “echinodermen” als zeesterren en zee-egels. Ze leefden meestal op de zeebodem waar ze zich met een steel vasthechtten aan de bodem, al zijn er ook vrijzwemmende soorten gekend. Andere soorten hadden dan weer een loboliet, een drijforgaan, waarmee ze ondersteboven aan het wateroppervlak hingen en op die manier ook een mobiele levenswijze hadden.

Bovenop de steel bevond zich een kelk (of knop) met een mondopening en vangarmen om voedsel uit het water te filteren. De meeste recente vormen zijn vrij zwemmend en hechten zich niet vast. Ze komen voornamelijk voor in afzettingen vanaf het Ordovicium tijdperk tot recent. In het afzettingen uit het Paleozoicum komen ze plaatselijk voor in grote hoeveelheden.

Stengeldelen van crinoïden komen plaatselijk massaal voor.

Vaak worden alleen de stengeldelen gevonden. De “koppen” van deze dieren zijn een stuk zeldzamer. De stengels vallen na het sterven van het dier vaak snel uit elkaar in afzonderlijke schijfjes. Soms zijn hele dikke gesteentelagen gevormd door opeenhoping van crinoidenstengels (zgn. crinoïdenkalk).

Kelk met basis van de vangarmen uit het Devoon van België

     Globe.png

°

http://www.humboldt.edu/natmus/impFossilTypes/Echinoderms/

Crinoid form and anatomy

Crinoid form and anatomy can be explored in two linked engravings from the 11th edition of the Encyclopedia Britannica (1911): modern crinoid; simple crinoid parts diagram. Crinoid features can be seen and explored in the specimens in this case:

Two plates contain complete and partial specimens of crinoids showing all the major parts:

  • A Mississippian plate has numerous partial and complete specimens of Eretmocrinus tentor with both top and side views of the arms/theca along with the stems and occasional holdfasts of these organisms.
  • An Oligocene plate with multiple specimens of Isocrinus sp. including holdfasts (the dark object is a leaf fossil).

Details of the arms, body (theca), stems and holdfasts are illustrated in different specimens:

Pyritized Crinoids

As with many other fossils crinoids sometimes have their mineral skeletons partially or completely replaced by pyrite (iron sulfide) through bacterial action in anerobic muds.

  • Two pyritized specimens of the Devonian crinoid, Arthrocantha sp. with Platycerid snails attached. In the first, one can see the theca and attached arm bases with a small snail on the top.In the second the snail dominates the specimen, covering the top of the crinoid.
  • A pyritized specimen of the Devonian crinoid Arthroacantha carpenteri with highly branched arms and a partial stem.

Floating crinoids

While most crinoids are sessile, attached to the ocean bottom, some later species took on a new lifestyle as pelagic animals living among and feeding on plankton. Two specimens are on display:

  • A Jurassic plate with multiple specimens of the pelagic (floating) crinoid Saccocoma pectintta showing the pinulate arms designed to capture prey within the spiny baskets they form.
  • The body of a floating Devonian crinoid, Scyphocrinites sp.

°

Crinozoa 2

Primitive echinoderms, mainly possessing a stem, of the Subphyla Crinozoa and                             HomalozoaHomalozoa. The interclass relationships are so uncertain that no phyletic connections are implied in the diagram, except that the un                            Crinoids                            stalkedstalked comatulid crinoids, here represented by                                                           AntedonAntedon                           (Holocene), are evolved from the stalked crinoids, here represented by                                                           PtilocrinusPtilocrinus                           (Holocene). The other drawings are based on the following genera:                             EocrinoideaEocrinoidea,                                                           GogiaGogia                           (Middle Cambrian);                             CystoideaCystoidea,                                                           LepadocystisLepadocystis                           (Upper Ordovician);                             ParablastoideaParablastoidea,                                                           BlastoidocrinusBlastoidocrinus                           (Middle Ordovician);                             ParacrinoideaParacrinoidea,                                                           ComarocystitesComarocystites                           (Middle Ordovician);                             EdrioblastoideaEdrioblastoidea,                                                           AstrocystitesAstrocystites                           (Ordovician); and Homalozoa, the                             Homosteleahomostele                                                                                    TrochocystitesTrochocystites                           (Middle Cambrian).

Primitive echinoderms, mainly possessing a stem, of the Subphyla Crinozoa and Homalozoa. The interclass relationships are so uncertain that no phyletic connections are implied in the diagram, except that the un Crinoids stalked comatulid crinoids, here represented by Antedon  (Holocene), are evolved from the stalked crinoids, here represented by Ptilocrinus(Holocene).

The other drawings are based on the following genera: Eocrinoidea, Gogia (Middle Cambrian); Cystoidea,  Lepadocystis (Upper Ordovician); Parablastoidea, Blastoidocrinus  (Middle Ordovician); Paracrinoidea , Comarocystites (Middle Ordovician); Edrioblastoidea, Astrocystites(Ordovician); and Homalozoa, the Homostelea Trochocystites  (Middle Cambrian).

http://www.springerimages.com/Images/Geosciences/1-10.1007_3-540-31078-9_54-2

http://nl.wikipedia.org/wiki/Crinozoa

Afbeeldingen van crinozoa

De stam van de Crinozoa wordt verdeeld in de volgende klassen:

_____________________________________________________________________________________

De Crocodylomorpha zijn een groep binnen de klasse Reptilia, waarin de huidige krokodillen, alligators, kaaimannen en gavialen en hun uitgestorven verwachten ondergebracht zijn. Deze groep binnen de Archosauriers is gekend vanaf het Trias.

Recente vertegenwoordigers leven voornamelijk in zoet water, met de zeekrokodil als uitzondering. In het fossielenbestand zijn vertegenwoordigers gekend uit uiteenlopende biotopen, zowel marien, zoetwater als terrestrisch.

    Globe.png

Foto’s of locaties voor Crocodylomorpha bekijken

°
Crustacean:

Subphylum Crustacea. Large group of mostly marine arthropods (although there are also some freshwater types and even a few terrestrial ones). Include shrimps, lobsters, crabs, barnacles, krill, ostracods, and terrestrial slaters and pillbugs. Morphologically distinct from other arthropods (hence given their own subphylum), but according to molecular phylogeny closely related to insects. Cambrian to recent.

°

Cross/current-bedding: Bedding planes that are inclined and often cross and terminate each other. Generally formed in river sediments.

De Crustacea vormen een subphylum binnen de Arthropoda, met onder meer krabben, kreeften en zeepokken als gekende recente vertegenwoordigers. Fossiele crustacea worden reeds aangetroffen in het fossielenbestand vanaf het Cambrium. Ook de Ostracoda worden ondergebracht binnen de Crustacea. Maar hebben omwille van hun specifiek belang bij vb. biozonering van geologische lagen een aparte categorie in het determinatiesysteem gekregen.

Kreeftachtigen hebben een exoskelet van chitine. Deze groeit niet mee, dus ze moeten vervellen om te kunnen groeien. Ze hebben tussen de 10 en 14 poten. De meeste soorten leven in zee (marien).

Eryma, een crustacee uit het Tithoniaan van Beieren, Duitsland

Ostracoda     Globe.png

Foto’s of locaties voor Ostracoda bekijken

     Globe.png

Foto’s of locaties voor overige Crustacea bekijken

Cruziana is een sporenfossiel die hoogstwaarschijnlijk is gemaakt door trilobieten. Er zijn echter ook dergelijke sporen gevonden in afzettingen uit het Trias. Deze zijn waarschijnlijk gemaakt door andere Arthropoden, want de trilobieten zijn al uitgestorven aan het einde van het Perm tijdperk.

Het spoor is symmetrisch met parallelle schuine geultjes aan de zijkanten van het spoor. De geultjes zijn gemaakt door het voortbewegen van het dier met zijn pootjes.

Voorbeeld van een spoor (Cruziana) van een trilobiet.

Cruziana: A trace fossil with distinctive paired chevron markings, thought to be the track left by a trilobite.  (Tracks and trails)

jellyfish impression

°

Cyanobacteria: common name “blue-green algae”, a type of photosynthetic Eubacteria, one of the most primitive forms of life on Earth. Form stromatolites, and the “scum” on rocks and in showers. Archean to recent.

°

Cycadophyta is de plantengroep van de palmvarens. Deze zaadplanten groeien als een palm en hebben bladeren die op varens lijken. Ze zijn echter niet verwant aan beide groepen maar meer aan de coniferen. Palmvarens komen voor in (sub)tropische gebieden.

In het Jura tijdperk kwamen de palmvarens veel voor. Deze levende fossielen zijn sinds die tijd weinig veranderd.

     Globe.png

Foto’s of locaties voor Cycadophyta bekijken

Deze groep dieren behoort tot de het phylum van de echinodermen (Echinodermata), waartoe ook de zee-egels behoren. Ze zijn bolvormig en hebben met een steel aan de zeebodem vastgehecht gezeten. Uit lagen uit het Ordovicium tijdperk zijn de eerste fossielen van deze dieren bekend. In het Devoon tijdperk zijn ze uitgestorven.

Cystoïden zijn een klasse van dieren die behoren tot de stekelhuidigen en de onderstam Crinozoa. Alle vertegenwoordigers zijn alleen bekend als fossiel en zijn al lange tijd uitgestorven. Wikipedia

Afbeeldingen van Cystoidea

File:Haeckel Cystoidea.jpg  ( Ernst haeckell )

Blastoids, commonly called "sea buds," were a subclass of the class Cystoidea in the phylum
Courtesy of Kentucky Paleontological Society

Blastoids, commonly called “sea buds,” were a subclass of the class Cystoidea in the phylum Echinodermata. They dawned in the Ordovician, flourished during the Mississippian, and died out toward the end of the Permian period. A protective calcium carbonate shell surrounded the blastoid’s head, or theca, and a plated stalk connected it to the sea floor.

_________________________________________________________________________________________

°Cynodont: mostly Triassic mammal-like reptiles, from which true mammals evolved. (MAK)

CEL en CELLEER

°

_

Celleer —doc archief

cellcycle_part1_ned  pdf 

intercellular communications  pdf 

Prokaryote cel

Kernwoorden  

Biologie, Biotechnologie,   , , , , ,Nanotechnologie,

°

woensdag 4 december 2013  Kennislink

De vijf mysteries van de cel

Jongleren met evenwicht

HeaderDeze publicatie is onderdeel van thema ‘leven bouwen met moleculen’. . Meer…

Zonder het vermogen van moleculen om zichzelf te organiseren zou jij niet bestaan. In de natuur zie je het overal: verschillende moleculen klitten samen tot onderdelen van cellen, die onderdelen organiseren zich op hun beurt weer tot complete cellen. Cellen vormen weefsels, weefsels vormen organen, en organen vormen organismen. Hoe ver komen chemici met het imiteren van die werkwijze?

De machinerie van de biologische cel is tot in detail bekend. Tenminste, als we kijken naar de kennis die een paar eeuwen celonderzoek heeft opgeleverd. Op het allerkleinste niveau is de cel echter een mysterieus terra incognita.

Kennislink neemt de cel in vijf artikelen onder de loep.

 

Nog meer weten over de cel? driedelige BBC-serie The Cell op Holland Doc 24.

Holland Doc 24 is hét documentaireplatform van de publieke omroep. Het bestaat uit het televisieprogramma Holland Doc op Nederland 2, Holland Doc Radio op Radio 1, het digitale kanaal Holland Doc 24 en de website hollanddoc.nl.

Complete bibliotheken zijn vol­ geschreven over de boeiendste machinekamer ter wereld: de cel. Van wand tot kern is de cel grotendeels in kaart gebracht. Alleen de kleinste schakels wachten nog op ontdekking, maar dat is slechts een kwestie van tijd. Althans, zo lijkt het als je afgaat op de enorme stroom aan ontdekkingen die celbiologen letterlijk dagelijks bekendmaken.

Toch zijn enkele fundamentele eigenschappen van de cel nog nauwelijks bekend, terwijl die wel het gedrag van de cel in hoge mate bepalen. Cellen zijn zo complex en eigenzinnig dat het nagenoeg ondoenlijk is ze natuurgetrouw te onderzoeken.

Cell_nucleus

Een impressie van slechts enkele processen in de cel. Wikimedia Commons

De ontelbare regelnetwerken die dwars door elkaar lopen, concentraties enzymen waar de industrie een puntje aan kan zuigen, de willekeur van chemische reacties. Stuk voor stuk zijn het gebieden waar wetenschappers hun hoofden dagelijks over breken. Veelal technologische beperkingen zorgen ervoor dat de werking van de biologische cel voorlopig nog een aantal mysteries huisvest. Kennislink duikt in vijf aspecten van de cel waar wetenschappers nog wel even zoet mee zijn.

°

1.

Jongleren met evenwicht

( een bewerking van een eerder artikel dat in NWT Magazine is verschenen.)

Biologie was eeuwenlang het domein van fysiologen, ecologen en artsen. We zijn er inmiddels achter dat op het kleinste niveau van een biologische cel niets anders gebeurt dan chemische reacties. Dus zou het ook logisch zijn om die reacties op een chemische manier te bestuderen. Maar als we onze chemische theorieën op de biologische cel proberen toe te passen levert dat aanzienlijke problemen op.

De reacties zijn namelijk fundamenteel anders dan de reacties die normaal gesproken in een chemisch lab worden bestudeerd. Chemici houden van reacties die ofwel tot een product leiden, ofwel naar een chemisch evenwicht toe lopen. In het eerste geval gooi je simpel gezegd stoffen A en B bij elkaar en wacht totdat deze in product C zijn omgezet. In het tweede geval, de evenwichtssituatie, worden er uit product C ook weer de stoffen A en B gevormd. Chemici spreken dan van een chemisch evenwicht, waarbij de stofconcentratie van A, B en C uiteindelijk gelijk blijven.

Jongleur

Een biologische cel houd geen vijf ballen in de lucht, maar duizenden. Connormah

Steady state

“Maar wat gebeurt er nou in de cel?” zegt Wilhelm Huck, hoogleraar Fysisch Organische Chemie van de Radboud Universiteit in Nijmegen. “Totaal iets anders.” De chemie van de cel doet namelijk geen van beiden. Er is geen eindproduct maar evenmin een evenwichtstoestand. Immers, als we niet eten gaan we dood; er moet constant energie worden aangevoerd voor de processen in een cel.

Huck vergelijkt de cel daarom graag met een jongleur die wel duizenden ballen tegelijk in de lucht houdt. Stopt hij daar geen energie meer in dan stort het systeem in en eindigen de ballen in hun ‘evenwichtstoestand’ op de grond.

De celinhoud, met bijvoorbeeld de duizenden eiwitten, is wel altijd op zoek naar een evenwicht, maar zal dat chemisch gezien nooit bereiken. En die toestand waarin alle reacties elkaar in evenwicht proberen te krijgen maar wat ze niet lukt wordt steady state genoemd. ‘En deze niet-evenwicht, dynamische situatie van de cel is precies de kern van het probleem voor wetenschappers, omdat er geen goede methoden zijn om zulke systemen te bestuderen,’ sprak Huck in zijn oratie voor de Radboud Universiteit in 2011. Als voorbeeld daarvoor haalde Huck een onderzoek aan wat hij deed aan actine-netwerken in de cel.

Eén molecuul, meerdere evenwichten

Actine is een eiwit dat in een vrij grote concentratie in het cytoplasma van de cel zit, en dat lange, stabiele ketens kan vormen die de cel stevigheid geven. Huck liet cellen in meer of mindere mate die actinenetwerken opbouwen, door ze op verschillende ondergronden te laten groeien.

Als actine echter wordt gebruikt in het ene evenwicht (het opbouwen van de netwerken) kunnen diezelfde actine-bouwstenen niet meer gebruikt worden in andere evenwichten. Dit betekent dat het ene evenwicht onder invloed van het andere evenwicht verschuift. Huck zag dat het veranderen van het tweede evenwicht een nieuwe reactieketen veroorzaakte: er gingen meer signaaleiwitten naar de celkern om daar specifieke genen te activeren. En zoiets gebeurt vaak. Je kunt er dan ook bijna zeker van zijn dat een bepaald (signaal)molecuul in verschillende evenwichten is betrokken.

Netwerk van moleculen in een cel

Pathway

Het netwerk van verschillende moleculen dat betrokken is bij de verspreiding van het HIV-virus.

 Je kunt er donder op zeggen dat bepaalde moleculen in een cel in verschillende ‘reactie-paden’ betrokken zijn. Het totaal vormt een ingewikkelde puzzel voor wetenschappers. Elledge Lab/Harvard Medical School

“Kijk je nu naar de concentratie van het vrije actine, dan kijk je dus eigenlijk naar een aantal verschillende processen en dat maakt het onderzoek ingewikkeld”, zegt Huck. Want de wetenschapper wil in zijn proefopstelling eigen alles constant houden, behalve de variabele die hij onderzoekt. De aard van de cel maakt dat nu net onmogelijk. We kunnen voor dit probleem ook naar computer grijpen. In feite kun je alle netwerken doorrekenen. “Daar zijn al mensen mee bezig, maar dat staat nog in de kinderschoenen,” zegt Huck.

°

2.-

File in de cel

(een bewerking van een eerder artikel dat in NWT Magazine is verschenen)

2377661863_a6db865ca7_b

Afbeelding: © M_Y

Zie hier maar eens een pakketje op te halen per vrachtwagen. M_Y

Stel je een druk stadscentrum voor. Je zit in een vrachtwagen en moet een pakketje ophalen. Daarvoor moet je de vrachtwagen precies in een laadsluis rijden aan de achterzijde van een winkel. Het centrum krioelt van voetgangers, fietsers, auto’s en andere vrachtwagens. Je rijdt rond en… hebt totaal geen idee waar je heen moet. Wat is de kans dat het pakketje wordt opgehaald?

Dit is ongeveer de situatie in de cel. Waarin de vrachtwagen een groot eiwit voorstelt dat ergens aan een receptor – de laadsluis van de winkel – moet koppelen om daar een binding met een signaalmolecuul – het pakketje – aan te gaan. Bovendien is het eiwit bijna niet vooruit te branden doordat het continu botst met andere moleculen: het ‘verkeer op straat’.

Alles behalve vloeibaar

Tot wel 40 procent van het volume van een cel wordt ingenomen door eiwitten en dat beïnvloedt de vloeibaarheid van het inwendige van de cel sterk; het is eerder een stroperige brij dan een vloeibare massa. Die drukte zorgt voor een fenomeen dat in het Engels ‘crowding’ wordt genoemd. Zo op het eerste gezicht lijkt dit een enorm probleem voor de logistiek binnen een cel. Geen economie zou ook maar één cent winst maken als alle vrachtwagens willekeurig door het drukbevolkte omgeving gingen rijden, in de hoop op de juiste plek uit te komen. En toch werkt de cel zo; maar hoe?

Astronaut vrij in de ruimte

Astronaut-eva

Bruce McCandless maakte in 1984 een ruimtewandeling waarbij hij niet direct verbonden was aan de Spaceshuttle. Hij zweefde volledig los in de ruimte. 

Afbeelding: © NASA

“Nou, misschien zou de cel zelfs niet eens kunnen werken zonder het fenomeen crowding”, zegt Wilhelm Huck, hoogleraar Fysisch Organische Chemie van de Radboud Universiteit in Nijmegen. “Neem een andere vergelijking, precies het tegenovergestelde van een drukke stad: een astronaut die werkzaamheden verricht aan de buitenkant van een ruimtestation. Stel hij raakt los van het station, dan is de kans dat hij vanzelf weer terugkomt om zijn werkzaamheden af te kunnen maken bijna nul. Hij zweeft weg van zijn doel, het lege universum in. In een vloeibaar medium gebeurt in feite hetzelfde. Als een eiwit los raakt van zijn doel, is de kans dat hij nogmaals zijn doel treft klein. In een drukke omgeving is de kans dat een eiwit weer gewoon terug komt op de plek waar hij begon juist erg groot.”

Een voordeel dus, dat crowding. Maar wel één waar de cel rekening mee moet houden. “Waarschijnlijk doet de cel dat door componenten die later een reactie met elkaar moeten aangaan, bij elkaar in de buurt te fabriceren”, zegt Huck. Je hoeft dan niet met je vrachtwagen het hele stadscentrum door te ploeteren, maar je kunt gewoon naar de buurman rijden. Mocht een eiwit dan echt nodig zijn aan de andere kant van de cel, dan heeft de cel altijd nog een actief transportnetwerk tot zijn beschikking [red: meer daarover in het volgende deel van deze artikelreeks].

Crowding heeft echter nog meer voordelen. Wetenschappers ontdekten bijvoorbeeld dat de vouwing van eiwitten naar hun functionele vorm sneller gaat als botsende buren een handje helpen. Hetzelfde geldt voor het binden van twee moleculen, vaak de langzaamste stap in een chemische reactie, dat over het algemeen sterk versneld wordt in een crowded omgeving.

Experimenteren met verdunningen

“Toch vreemd dat crowding al 30 jaar bekend is, maar dat wetenschappers er nauwelijks rekening mee houden in experimenten”, zegt Huck. Vrijwel alle kennis van eiwitreacties is gebaseerd op verdunde oplossingen. Wetenschappers onderzoeken normaalgesproken eigenschappen van eiwitreacties in reageerbuizen, waar de celreacties in een verdunde, niet-crowded omgeving worden overgedaan. En aangezien crowding zo’n grote invloed kan hebben op het gedrag van eiwitten is dat op z’n minst gezegd opmerkelijk. Daarentegen ook wel weer logisch, want het is veel te duur om eiwitten in zo’n grote hoeveelheid te maken dat de concentratie overeenkomt met die in het celinterieur.

Druppeltjes voor celonderzoek

Figure_2

Professor Wilhelm Huck van de Radboud Universiteit gebruikt dergelijke druppeltjes om onderzoek te doen naar processen in de cel. De inhoud van de druppeltjes, die in grote getalen door kleine buisjes worden geleid, kan precies worden beïnvloed.

Afbeelding: © Wilhelm Huck/Radboud Universiteit

Huck werkt zelf echter aan een nieuw systeem waarin hij de inhoud van een cel kan vangen en controleren in waterdruppeltjes van een picoliter, oftewel 0,000000000001 liter. Zijn onderzoeksgroep in Nijmegen doet als één van de eerste in de wereld onderzoek met deze opstelling. “We kunnen zo eiwitten onderzoeken in natuurlijke drukke omstandigheden”, laat hij weten. Als het ware de vrachtwagen in het drukke stadscentrum.

Lees meer over het onderzoek van Wilhelm Huck:

Moleculen in de cel_slideshow

Achtergrond 28 oktober 2013

Programmeerbare chemische reacties

Normaal gesproken zijn chemische reacties overzichtelijk. Je voegt bijvoorbeeld twee stoffen bij elkaar die een reactieproduct vormen. Dat staat in schril contrast met wat de natuur chemisch gezien klaarspeelt, waar duizenden stoffen tegelijkertijd met elkaar reageren om uiteindelijk complex gedrag mogelijk te maken. “En precies dat zou wij chemici maar al te graag nadoen,” zegt Wilhelm Huck van de Radboud Universiteit, “we willen eigenlijk kunnen programmeren met chemische reacties.”

°

3.-

De snelwegen van de cel

Netwerk van actine_slideshow

Afbeelding: © Vrije Universiteit/Roos Lab 

Transport vormt een probleem in de cel. Als er geen oplossing zou zijn bedacht op de zeer trage diffusie van grote eiwitten door de cel, dan zouden ze vrijwel nooit op de plek belanden waar ze nodig zijn. En ook het doorgeven van signalen van bijvoorbeeld de kern naar de celwand zou een hele opgave zijn. De cel heeft daarom een enorm netwerk waarlangs stoffen actief getransporteerd worden, als het ware de snelwegen van de cel. Het onderzoeken van de specifieke locaties van netwerken van eiwitten in de cel is lastig, want met bestaande fluorescentietechnieken is slechts een klein aantal eiwitten te volgen.

De gewone bezorging of de dure maar snelle expressverzending? Dit is niet alleen een overweging die jij maakt als je een pakketje wilt versturen. Maar de cel doet precies hetzelfde op moleculair niveau met moleculen die op een bepaalde plek nodig zijn in de cel. Eiwitten die in de celkern worden gemaakt, kunnen bijvoorbeeld nodig zijn in de buurt van het ‘verre’ celmembraan.

Two_cups_of_tea_with_spoon

Hang een theezakje in een kop heet water voilà: diffusie. Naama ym

Nu is er zoiets als diffusie. Een ‘gratis’ kracht die ervoor zorgt dat moleculen van hetzelfde soort zich onder invloed van thermische bewegingen vanzelf verspreiden in een volume. Denk hierbij aan het proces dat gestaag je kopje heet water omtovert tot thee op het moment dat je er een theezakje in hangt.

Handig, die diffusie, maar het is niet afdoende voor de cel. Door de drukte in de cel duurt het lang voordat grote moleculen zich verspreiden. Bacteriën hebben daar met hun kleine afmetingen (zo rond de micrometer) minder last van, maar de bezorgtijden in grote eukaryote cellen van hogere organismen (tot dertig micrometer), lopen dusdanig op dat het functioneren van de cel onmogelijk wordt. De cel moet een oplossing hebben: een ware expressbezorging in de cel.

Betaalde bezorging

Die koeriersdienst voor grote moleculen vindt plaats met blaasjes die over een netwerk van buisjes vooruit worden getrokken door speciale motoreiwitten. Maar net zoals bij de echt koerier zijn daar kosten aan verbonden. En de cel betaalt niet in euro’s maar in kostbare energiemoleculen als adenosinetrifosfaat.

Wanneer een gistcel al zijn 15.000 verschillende eiwitten via deze manier zou ‘versturen’, zou dat naar schatting zo’n 60 procent van het totale energiebudget van de cel kosten. En dat kan hij zich niet veroorloven. Een eukaryotische cel gebruikt maar zo’n vier procent van zijn energie voor transport over dit snelle netwerk.

De expressbezorging van de cel in actie. Deze animatie laat zien hoe een motoreiwit een blaasje vol andere eiwitten vooruit trekt over een transportbuis.

Een groot aantal moleculen moet het dus enkel stellen met diffusie. En daar is eigenlijk niet zo veel mis mee. Voor hele kleine deeltjes is de diffusie zelfs sneller dan het actieve transport, maar met de grootte van de deeltjes loopt de diffusietijd ook snel op. Daarom heeft de cel een andere handigheid in petto.

Kettingreacties in beeld

Zogenoemde reactiediffusie-netwerken zijn in staat snel en gericht signalen te versturen door een keten van reagerende stoffen te vormen. In dat netwerk zitten eiwitten die een reactie versnellen waarvan het product weer naburige eiwitten activeert op deze manier via verschillende schakels razendsnel een signaal kunnen doorgeven.

Er is niet veel wetenschappelijke literatuur over reactiediffusie. Dat is niet gek vindt Wilhelm Huck, hoogleraar Fysisch Organische Chemie van de Radboud Universiteit Nijmegen: “Er zijn relatief weinig mensen bezig met dit onderzoek. Als je dit soort systemen wilt analyseren moet je nu eenmaal precies kunnen volgen waar moleculen zich bevinden in de cel. En daar zitten technisch gezien allerlei haken en ogen aan.”

Green Fluorescent Protein

Gfp___balachandar

Afbeelding: © balachandar, Flickr.com

Een paar buisjes met lichtgevend green fluorescent protein. balachandar, Flickr.com

We kunnen moleculen wel labelen met green fluorescent protein (gfp), een ‘geleend’ eiwit uit een lichtgevende kwal. Groot voordeel: met een ‘gewone’ lichtmicroscoop worden stoffen binnen de cel zichtbaar. Nadeel: het gfp-label kan de snelheid en de reactiviteit van een molecuul beïnvloeden.

Bovendien is het op deze manier nog steeds praktisch onmogelijk een individueel eiwit te volgen. Alleen ophopingen en dus grote concentraties van hetzelfde eiwit zijn zo zichtbaar. En je kunt maar één of hooguit een paar soorten moleculen tegelijk volgen (door ze anders te labelen). Zodra je een heel netwerk in één keer wil visualiseren loop je dus al tegen de grenzen van deze techniek aan.

Daarom werken wetenschappers hard aan andere visualisatiemanieren, bijvoorbeeld nanosensoren. Deze kunnen in de cel worden ingebracht en zenden licht uit als ze hun target tegenkomen. Deze techniek staat nu nog in de kinderschoenen maar kan wel de weg vrijmaken voor het moeilijke maar veelbelovende avontuur van het doorgronden de signaalnetwerken op celniveau.

Bronnen

  • Grzybowski B. A. et al., Reaction-diffusion systems in intracellular molecular transport and control, Angewandte Chemie (juni 2010), DOI:10.1002/anie.200905513

(Dit artikel is een bewerking van een eerder artikel dat in NWT Magazine is verschenen.)

De opbergdoos van het DNA

DNA in een doosje_slideshow

Wellicht een van de meest onderzochte moleculen in de cel is DNA. De lange streng bevat alle genetische informatie en bevindt zich in de kern van de cel. Toch is het voor wetenschappers nog grotendeels gissen naar de manieren waarop de reusachtige moleculen zijn opgeborgen in de relatief kleine celkern. En dat terwijl delen van het DNA continu worden ‘afgelezen’ door een groot aantal eiwitten.

Je genoom is vastgelegd in een langgerekt molecuul: het DNA. Uitgerold komt de lengte van het DNA van een enkele cel in de orde van meters te liggen. Maar hoe bewaart de cel dat in een kern waarvan de diameter een miljoenste van die lengte is? En hoe kan er dan nog steeds informatie worden afgelezen?

door 

We weten dat de streng tijdens de celdeling keurig geordende chromosomen vormt, die ook waarneembaar zijn onder een microscoop. Verder is bekend dat DNA zich rondom zogenoemde histonen kan wikkelen. Dat zijn eiwitten die de speciale taak hebben om de streng compacter te maken. Er zou zo een relatief ‘dikke’ DNA-worst ontstaan die ongeveer 30 nanometer (zo’n drieduizend keer dunner dan een gemiddelde haar) dik is.

“Als we een klein stuk DNA in een reageerbuis stoppen kunnen we die worst ook echt waarnemen,” laat Gijs Wuite weten, hij is hoogleraar Fysica van Levensprocessen aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. “Of zoiets in de cel ook altijd gebeurt is maar zeer de vraag.”

Organisatiestappen_van_dna

De bekende dubbele helix van het DNA (onder) rolt zich op rondom histoneiwitten die zogenoemde nucleosomen gaan vormen (midden). Zij rollen zich op hun beurt weer op tot telomeren die bij elkaar gepakt het chromosoom (rechtsboven) vormt. 23 paren van deze chromosomen vormen samen jouw genetische materiaal dat in de kern van de cel is opgeslagen. National Human Genome Research Institute

Er is van een hoop eiwitten vastgesteld dat ze een interactie aangaan met het DNA. “Die reacties kunnen in het lab onder gecontroleerde omstandigheden worden nagebootst,” zegt Wuite. Voor bijvoorbeeld het kopiëren van het DNA gebruikt de cel tientallen eiwitten die met elkaar een kopieermachine vormen en het DNA aflopen. “Maar als we ons de vraag stellen hoe ze dat precies doen, dan tasten we weer meteen in het duister.”

G-quadruplex_fluorescentie

Fluorescentie kan bepaalde eiwitten zichtbaar maken. University of Cambridge

De onderzoeksgroep van Wuite doet fluorescentie-experimenten met eiwitten die ze aan het DNA laten binden. “We hebben daarvoor iets wat we een ‘optische pincet’ noemen. Tussen de pincetpunten kunnen we DNA spannen en daar eiwitten aan toevoegen. Zo kun je bijvoorbeeld zien hoe lang die eiwitten op het DNA blijven zitten.”

Dat is overigens niet makkelijk, eiwitten met fluorescente labels zenden maar weinig licht uit en ze blijven vaak maar een paar seconden op het DNA zitten. “Het waarnemen van die eiwitten is als een spel van een sportfotograaf die met een zo lang mogelijk sluitertijd toch nog een scherpe foto wil maken,” zegt Wuite.

Trekken aan het DNA

Wie ook aan DNA-strengen trekt is Cees Dekker, hoogleraar Moleculaire Biofysica aan de Technische Universiteit Delft. “Wij spannen het DNA ook op in zo’n optische pincet. Aan een derde pincetpunt hangen we dan een eiwit waarvan we vermoeden dat het een interactie met het DNA aangaat. Door het in de buurt te brengen van de streng kunnen we ook echt voelen of dat klopt. Bovendien kunnen we de krachten meten die er spelen, die overigens erg klein zijn, in de orde van piconewton [red: 10-12 newton].”

Ook Dekker beaamt dat we nog lang niet alles weten: “Aan de ene kant weten we al behoorlijk wat van de processen waarbij één eiwit iets doet op het DNA. Maar hoe een heel gebied in het DNA (met verschillende genen) actief kan worden terwijl anderen dat niet zijn, is nog onduidelijk.”

Wuite vult aan: “Ik denk dat er nog een lange weg voor ons ligt, voordat we alles van het DNA begrijpen. Boven die worst van 30 nanometer zitten nog twee of drie organisatorische stappen waar we nauwelijks iets vanaf weten. Ik denk dat 80 procent van wat er nu over in de boeken geschreven staat fantasie is.”

(Dit artikel is een bewerking van een eerder artikel dat in NWT Magazine is verschenen.)

Onberekenbaar gedrag

Menselijke borstcellen in clusters_slideshow

Afbeelding: © Drs. Sun-Young Moonlee en Mina Bissell

Dat cellen tot één soort behoren wil allerminst zeggen dat ze zich precies hetzelfde gedragen. Zelfs cellen die in dezelfde omgeving met dezelfde geschiedenis en hetzelfde genoom zijn opgegroeid kunnen totaal van elkaar verschillen. De oorsprong van die verschillen zit hem in het willekeurige gedrag van moleculen in de cel. In het huidige onderzoek wordt hier nauwelijks rekening mee gehouden, en veel onderzoek is gebaseerd op het ‘gemiddelde’ gedrag van een groep cellen.

Geen cel is hetzelfde. Zelfs niet wanneer ze precies hetzelfde genetisch materiaal hebben, even oud zijn en dezelfde geschiedenis kennen. Dat komt omdat de willekeurige bewegingen van moleculen voor variaties tussen cellen zorgen. Geen probleem voor de natuur, maar voor het begrijpen van de cel is dit kansspel lastig.

door 

Neem een groot aantal levende cellen, verpletter ze en kijk wat je tegenkomt in de dampende resten. Dat is in een notendop hoe biochemici de cel momenteel bestuderen. Wat ze dan eigenlijk bekijken is de gemiddelde compositie de cellen op dat fatale moment. Er is veel te ontdekken op deze manier, maar toch heeft deze aanpak beperkingen voor het begrijpen van de cel.

Van het stofje in de cel dat je wilt onderzoeken meet je zo nooit de concentratie in één individuele cel. “Ik denk echt dat er in het huidige onderzoek te weinig rekening wordt gehouden met het kansspel waarin elke cel zich eigenlijk bevindt,” zegt Frank Bruggeman, die is verbonden aan de Vrije Universiteit en het Centrum voor Wiskunde en Informatica in Amsterdam.

Een kansspel. Daarmee bedoelt hij dat alle moleculaire interacties op toeval gebaseerd zijn. De bewegingen van een molecuul zijn namelijk maar lukraak. Tijdens een trip door de cel botst zij ontelbare keren met buurmoleculen, kan een reactie aangaan, weer loskoppelen, opnieuw botsen en toevalligerwijs weer precies uitkomen op de plek waar ze even daarvoor ook was. Omdat deze dronkemanswandeling totaal willekeurig is wordt het gedrag van een cel ook willekeurig. Dat gedrag wordt ook wel de stochastisch genoemd.

Brownse_beweging

Simulatie van de zogenoemde brownse beweging van een molecuul, met in (licht)blauw steeds fijnere stappen van de simulatie. Het zijn dergelijke willekeurige bewegingen die moleculen in een cel maken. Di Gama

Hetzelfde maar toch heel anders

Nu dringt die stochasticiteit niet door op alle processen in de cel. Bruggeman legt uit: “Het heeft alles te maken met het aantal moleculen dat meedoet in een reactie. Neem bijvoorbeeld het aflezen en tot expressie brengen van genen in het DNA. Daar zijn soms maar tien (identieke) moleculen bij betrokken. Het toevalsgedrag van dat tiental maakt het hele proces stochastisch, in tegenstelling tot celreacties die bij de miljoenen of miljarden plaatsvinden. Hierdoor vindt de expressie van een gen soms in uitbarstingen plaatst, met daartussen periodes waarin er helemaal niets gebeurt. Dan slaagt geen van die tien moleculen er tijdens hun dronkemanswandeling in op de juiste plek te binden aan het DNA.”

Expressie van genen in uitbarstingen heeft erg veel gevolgen voor het gedrag van losse cellen. Het kan zijn dat de ene cel een grote voorraad eiwitten met een speciale functie heeft terwijl die in zijn buurman helemaal niet voorkomen. Cellen die in dezelfde omgeving, met dezelfde geschiedenis en hetzelfde genoom zijn opgegroeid kunnen zo toch totaal van elkaar verschillen. Maar precies die variatie wordt niet opgepikt in de veel gebruikte onderzoeksmethodes.

Celclusters_menselijke_borst

De menselijke borstcellen lijken misschien hetzelfde, maar onderling kunnen ze grote verschillen vertonen door het willekeurige gedrag van de celchemie. Drs. Sun-Young Moonlee en Mina Bissell

Oppassen voor valse signalen

Bruggeman geeft een voorbeeld. Nobelprijswinnaars Jaques Monod [1] en François Jacob[2] ontdekte halverwege de vorige eeuw dat een bacteriekolonie die twee soorten suikers krijgt, glucose [3] en lactose [4], eerst glucose opeet en dan pas lactose. “Maar toen er veel later pas naar individuele cellen werd gekeken zag men dat er wel degelijk cellen tussen zitten die al meteen op lactose groeien. Wat gemiddeld geldt voor de populatie hoeft dus helemaal niet te gelden voor individuen.”

Er zijn nog veel vraagtekens te zetten bij het stochastische gedrag van cellen. Hoe gaat een cel bijvoorbeeld om met de wispelturig doorgegeven signalen vanmembraanreceptoren [5] naar de celkern? Hoeveel glucosemoleculen moeten er binden aan glucosereceptoren aan de buitenkant van de cel, voordat de celkern een duidelijk signaal ‘er is glucose’ doorkrijgt? De celkern moet ook rekening houden met valse signalen door willekeurige moleculaire interacties.

500x_deckcardsfanned

“Het zou echt een revolutie teweeg brengen als we dit soort processen goed zouden kunnen volgen in de cel,” zegt Bruggeman. “Maar je moet dan letterlijk moleculen tellen. En dat is nu praktisch onmogelijk voor meerdere moleculen in één experiment. Als een experimenteel systeem bovendien uit meer dan vier of vijf interacterende componenten bestaat komen we er al niet meer uit met ons gezond verstand. En dat is echt iets wat mij mateloos fascineert, want de cel lijkt zijn kaarten moeiteloos zo te kunnen schudden dat hij het kansspel om overleving steeds wint.”

 

Bronvermelding

  1. Jaques Monod http://nl.wikipedia.org/wiki/Jacques_Monod
  2. François Jacob http://nl.wikipedia.org/wiki/Fran%C3%A7ois_Jacob
  3. Glucose http://nl.wikipedia.org/wiki/Glucose
  4. Lactose http://nl.wikipedia.org/wiki/Lactose
  5. Membraanreceptoren http://nl.wikipedia.org/wiki/Receptor_(biochemie) 

.-

Genetische tijdmachine verklaart complexe evolutie

Wetenschappers gebruiken ‘moleculair tijdreizen’ om het ontstaan van ingewikkelde eiwitten te achterhalen.

  • Door: Chiel Versteeg (Noorderlicht)

Moleculaire machines zijn een favoriet anti-evolutie argument van creationisten. De ingewikkelde eiwitmachines moeten simpelweg wel ontworpen zijn door een hogere macht. (= IC argument van Behe )

Een moleculair reisje door de tijd laat iets anders zien.

Zoom
© NOchotny
Een V-ATPase moleculaire machine. Het paars gekleurde gedeelte is de ring van eiwitten die de wetenschappers hebben onderzocht.

Veel van wat cellen doen wordt uitgevoerd door ‘moleculaire machines’. Dit zijn ingewikkelde, gespecialiseerde eiwitten die voor beweging of energie zorgen.

Creationisten zien het bestaan ervan als bewijs dat leven ontstaan is door een scheppingsdaad, en niet door evolutie. Volgens hen is door ergens naar te kijken meteen duidelijk of het een product van een intelligent ontwerp is (dit wordt ook het horlogemakerargument genoemd). Nu zijn moleculaire machines volgens creationisten zo ingewikkeld en slim dat ze wel ontworpen moeten zijn. Een onderzoek gepubliceerd in Nature bewijst dat de moleculaire machines wel degelijk door evolutie kunnen ontstaan, zonder dat er een ontwerper aan te pas komt.

zie ook —> ZWEEPSTAART-MOTOR 

https://tsjok45.wordpress.com/2012/10/22/flagellum/

De universiteiten van Oregon en Chicago werkten onder leiding van Joseph Thornton samen aan een onderzoek naar de vraag hoe complexe moleculaire machines ontstaan via evolutie. De wetenschappers richtten zich op een enkele moleculaire machine, de V-ATPase proton pomp, die er voor zorgt dat de zuurgraad in de cel optimaal blijft. Een onderdeel van deze machine is een ring die waterstofionen vervoert. Bij de meeste organismen bestaat deze ring uit twee verschillende soorten eiwitten, maar bij paddenstoelen is er een derde bijgekomen. Het is een goed voorbeeld van hoe evolutie voor ingewikkeldere systemen kan zorgen. De wetenschappers hebben deze ring dan ook gebruikt voor hun onderzoek.

Moleculair tijdreizen

Het team wetenschappers maakte gebruik van wat zij ‘moleculair tijdreizen’ noemen. Computers analyseerden de genen van moderne eiwitten en berekenden het meest waarschijnlijke vooroudergenen. Zo werd er in het verleden gekeken. Met behulp van deze methode konden ze vaststellen dat de complexiteit van moleculaire machines simpelweg veroorzaakt is door een serie normale evolutieprocessen. Het team verwacht dat er in de toekomst ook naar de evolutie van andere moleculaire machines wordt gekeken op deze wijze.

Met behulp van de vooroudergenen uit het computermodel hebben ze de eiwitten gemaakt zoals die waren voordat er een derde eiwit bij kwam. Vervolgens konden ze de evolutie van de moleculaire machine zelf meemaken. Door kunstmatig voor mutaties te zorgen konden de wetenschappers er stap voor stap achter komen welke genetische verandering de machine complexer heeft gemaakt.

Uiteindelijk bleek een duplicatie van een van de twee voorouderlijke eiwitten de schuldige te zijn. Een mutatie zorgde er voor dat het eiwit beperkt werd in de plaatsen die het kon innemen in de moleculaire machine. Hierdoor werd het derde eiwit behouden. Het is hierom dat paddenstoelen nu een specifieke configuratie met drie eiwitten hebben in de V-ATPase moleculaire machine. De eiwitten werden zelf dus niet complexer, maar het werden er wel meer. Hierdoor werd de moleculaire machine een ingewikkelder geheel.

Niet bijzonder

Volgens de wetenschappers was er maar een enkele, weinig bijzondere mutatie nodig voor het extra eiwit. Genduplicatie komt vaak voor in cellen, en er treden fouten op bij het kopiëren van het DNA. ‘Moleculaire machines zijn niet het resultaat van precisieontwerp. Het zijn groepen moleculen die aan elkaar plakken, bij elkaar geharkt tijdens evolutie door knutselwerk van genen, willekeurige mutatie en een beetje geluk. Ze zijn behouden gebleven omdat ze onze voorouders hielpen te overleven’, aldus Joseph Thornton in het persbericht van de Universiteit van Chicago.

Bron:

Gregory C. Finnigan, Victor Hanson-Smith, Tom H. Stevens en Joseph W. Thornton. Evolution of increased complexity in a molecular machine. In: Nature.

Voorbeeld van moleculaire machines in een cel. (ongerelateerd aan het artikel)

Domesticatie Hond en evolutie hondachtigen

°

INHOUD GLOS H <– 

°

http://multivu.prnewswire.com/mnr/pg/38879/

Dog lived 31,700 years ago,
– October 17, 2008
http://learningfromdogs.com/2011/02/22/most-beautiful-relationship/
http://www.msnbc.msn.com/id/27240370/

a large and toothy canine that lived 31,700 years ago and subsisted on a diet of horse, musk ox and reindeer, according to a new study.

The discovery could push back the date for the earliest dog by 17,700 years, since the second oldest known dog, found in Russia, dates to 15,000 years ago.

Another one comes from kesserloch
http://www.swissinfo.ch/eng/science_technology/Could_the_world_s_oldest_dog_be_Swiss.html?cid=19738642

A cranial fossil found more than 100 years ago in a cave near the northern Swiss city of Schaffhausen may well belong to the oldest domestic dog in the world.

http://www.plosone.org/article/info%3Adoi%2F10.1371%2Fjournal.pone.0022821

—> Remains for the older prehistoric dog, which were excavated at Goyet Cave in Belgium, suggest to the researchers that the Aurignacian people of Europe from the Upper Paleolithic period first domesticated dogs.

Fine jewelry and tools, often decorated with depictions of big game animals, characterize this culture.

http://anthropology.net/2008/10/18/a-possible-domestication-of-dogs-during-the-aurignacian-31700-years-ago/

http://www.plosone.org/article/info%3Adoi%2F10.1371%2Fjournal.pone.0022821

honden

De hond ontstond meer dan 18.000 jaar geleden in Europa

Moderne honden stammen waarschijnlijk af van wolven die 18.000 jaar geleden werden gedomesticeerd door jagerverzamelaars in Europa.

De viervoeters zijn waarschijnlijk niet verwant aan de wolvenfamilies in Azië en het Midden-Oosten die eerder werden beschouwd als hun voorouders.

Dat melden Finse onderzoekers in het wetenschappelijk tijdschrift Science.

15 november 2013  

hond

Europese jagers en verzamelaars waren de eersten die de wolf domesticeerden en stonden dus aan de wieg van de hond zoals we die vandaag de dag kennen. Dat suggereert een nieuw onderzoek. Europeanen zouden de wolf zeker 18.000 jaar geleden al gedomesticeerd hebben.

“We ontdekten dat niet recente wolven, maar oude Europese wolven direct verwant waren aan de hond,” vertelt onderzoeker Robert Wayne, verbonden aan de University of California, Los Angeles. De vondst is in lijn met eerder onderzoek waaruit bleek dat de oudste fossiele resten van honden in Europa terug te vinden zijn.

Genen
Wayne en zijn collega’s bestudeerden tien oude, ‘wolfachtige’ dieren en acht oude ‘hondachtige’ dieren. De dieren leefden meer dan 1000 jaar geleden (sommigen zelfs 30.000 jaar geleden) en waren allemaal afkomstig uit Europa. Op basis van de genen van de dieren concluderen de onderzoekers dat de gedomesticeerde honden genetisch nauw gerelateerd waren aan inmiddels uitgestorven wolven die in Europa leefden.

Palaeolithic dog from the Goyet cave (Belgium)
Some dog-looking remains are more than 30,000 years old

Jagers en verzamelaars
De onderzoekers vermoeden dat de eerste wolven door Europese jagers en verzamelaars gedomesticeerd werden.

“De wolf is het eerste gedomesticeerde dier en de enige grote vleesetende soort die mensen ooit hebben gedomesticeerd,” stelt Wayne.

“Dat vond ik altijd een beetje apart. Andere wilde dieren werden gedurende de ontwikkeling van de landbouw gedomesticeerd en moesten daarna in de nabijheid van mensen blijven. Dat zou voor een groot, agressief roofdier (zoals de wolf, red.) een lastige situatie zijn. Maar als de domesticatie van wolven samenviel met het bestaan van jagers en verzamelaars, kan men zich voorstellen dat wolven eerst voordeel haalden uit karkassen die mensen achterlieten – een natuurlijke rol voor een grote vleeseter – en later dichter bij de mensen gingen verblijven.” Het idee van wolven die gingen waar jagers en verzamelaars gingen, kan mogelijk verklaren hoe deze wolven uiteindelijk evolueerden tot de hond

Sommige wolven volgden deze jagerverzamelaars waarschijnlijk op afstand om zich te voeden met de resten van grote prooien, zoals mammoeten en buffels, die de mensen doodden.

“Het is duidelijk dat wolven door deze grote karkassen profiteerden van hun verblijf in de buurt van mensen”, verklaart hoofdonderzoeker Olaf Thalmann op BBC News.

Maar andersom profiteerden mensen volgens hem ook van de wolven “Je moet je voorstellen dat de wolven een goed alarmsysteem vormden voor aanvallen van andere roofdieren, zoals beren en hyena’s.” Waarschijnlijk besloten de jagerverzamelaars dan ook om de dieren te gedogen en zelfs te temmen.

De wolven die de mens volgden, zouden hun territorium hebben opgegeven en waarschijnlijk niet of nauwelijks meer gepaard hebben met wolven die in dat territorium achterbleven.

“We hebben vandaag de dag een vergelijkbaar proces,” vertelt Wayne. Hij denkt dan aan wolven in Noord-Amerika die het rendier tijdens zijn duizend kilometerlange reis vergezelt. Wanneer deze wolven tijdens de winter weer terugkeren naar hun eigen territorium, paren ze niet met wolven die daar leven en nooit migreren. De onderzoekers denken dat ditzelfde proces speelde onder de wolven die achter de mens aangingen, waardoor zij zich uiteindelijk tot een aparte soort ontwikkelden.

Het onderzoek van Wayne is ongetwijfeld niet onomstreden.

Eerdere studies wezen er namelijk op dat de hond in het Midden-Oosten ontstond.

Wayne denkt die resultaten echter wel te kunnen verklaren.

“Toen we eerder overeenkomsten ontdekten tussen wolven uit het Midden-Oosten en gedomesticeerde honden, waren die overeenkomsten waarschijnlijk het resultaat van kruisingen tussen honden en wolven. Het suggereert niet per se dat de hond in het Midden-Oosten ontstond.”

Om de voorouders van moderne honden definitief in kaart te brengen zijn echter meer genetische studies nodig. Door de vele hondenrassen en het feit dat sommige honden later weer zijn gekruist met wolven, is het voor Thalman lastig om zijn theorie goed te onderbouwen.

“Maar dit is zeker een plausibel scenario voor de domesticatie van honden”, vindt hij.

HOND VAN GOYET 

Ook de hond van Goyet, het oudst bekende fossiel van een hondachtige, werd in de studie betrokken. Paleontologe Mietje Germonpré beschreef in 2009 het 32.000 jaar oude fossiel, dat gevonden werd in de grotten van Goyet, nabij Namen. De nieuwe studie wijst uit dat de hond van Goyet geen directe voorouder is van de moderne hond, maar veeleer toebehoort aan een uitgestorven zustergroep. Dit suggereert dat de schedel van Goyet stamt uit een vroege domesticatieperiode, zonder nakomelingen. De resultaten van het onderzoek werden gepubliceerd in Science

(kv)

(EOS)

EERSTE HONDEN STIERVEN UIT IN DE IJSTIJD

29 juli 2011

De eerste gedomesticeerde wolven stierven uit in de de laatste ijstijd. Dat blijkt uit onderzoek van Canadese wetenschappers.
Sommige wolven werden zeker 33.000 jaar geleden al gedomesticeerd door mensen, maar deze dieren brachten geen nakomelingen voort die het Laatste Glaciale Maximum
http://nl.wikipedia.org/wiki/Laatste_Glaciale_Maximum
overleefden.  De dieren waren zeer waarschijnlijk niet bestand tegen de kou.

Dat schrijven medewerkers van het Canadese onderzoeksinstituut Pacific Identifications
http://www.pacificid.com/
in het wetenschappelijk tijdschrift PloS ONE.
http://www.plosone.org/article/info%3Adoi%2F10.1371%2Fjournal.pone.0022821

SKELET
De onderzoekers kwamen tot hun conclusies op basis van de vondst van een 33.000 jaar oud skelet van een wolf in een grot in het Altajgebergte
http://nl.wikipedia.org/wiki/Altaj_(gebergte)
in Siberië.

razboinichya canid

razboinichya

Figure 1. The Razboinichya canid.
 

A) aerial view, B) profile, C) palate, D) left mandible, E) left lower tooth row (scale on ruler in cm). Sub-triangular hole in the skull is the place of initial sampling for 14C dating in 2007.

doi:10.1371/journal.pone.0022821.g001

Figure 2. Coronoid process (mandible) profiles, clockwise from bottom left.

Thule-age dog (<1000 years old) from Devon Island, central Canadian Arctic [17]; modern Alaskan malamute (Univ. Victoria, Canada 90/28); Razboinichya canid; and Neolithic Chinese dog from Jiahu site [31]. Many Neolithic dogs from the Middle East and North American wolves [32] have a straight profile like Arctic Thule-aged dogs illustrated on the left, while dingo and Chinese wolves [33] have the slightly hooked profile shown on the right. Prehistoric North American dogs outside the Arctic [32], [33] have a profile with a more pronounced hook than the Razboinichya and Jiahu specimens above. Photo credits: Jiahu dog, Yuan Jing; Devon Island dog, Robert W. Park; modern Malamute, Susan J. Crockford; Razboinichya canid, Nikolai D. Ovodov.

doi:10.1371/journal.pone.0022821.g002

Het skelet wees er op dat het dier enkele kenmerken van een hond had. Het gebit van het dier is echter identiek aan dat van wolven.

“De vondst van deze hond demonstreert dat de omstandigheden 33.000 jaar geleden al gunstig waren voor de domesticatie van wolven”, verklaart hoofdonderzoekster Susan Crockford op Discovery News.

STABIEL

“Maar zulke omstandigheden moeten vele generaties stabiel blijven om tot de ontwikkeling van een echte hond te leiden”, aldus Crockford. “Het lijkt er op dat zulke omstandigheden niet aanwezig waren tot de periode die aanbrak na de laatste IJstijd, ongeveer 19.000 jaar geleden.”

In de nabijheid van het wolvenskelet uit Siberië zijn geen andere resten van gedomesticeerde wolven aangetroffen. De wetenschappers gaan er dan ook vanuit dat het om een zeer primitieve hond ging die mogelijk niet bewust is getemd door mensen.

VOEDSEL

Volgens Crockford kan de domesticatie van honden ook op een natuurlijke manier plaatsvinden als wolven zich vaak ophouden in de omgeving van mensen, bijvoorbeeld omdat ze er gemakkelijk voedsel kunnen vinden.

Op die manier zijn de eerste gedomesticeerde wolven waarschijnlijk langzaam afhankelijk geworden van mensen.
Comments   Op een rijtje  ;

-Er is één skelet van een wolf/hond gevonden ergens in siberië. ouderdom is bepaald op 33.000jaar.

De huidige hond is niet hetzelfde als deze oude vertegenwoordiger van de siberische hond/wolf …
Een aantal wolven zijn geëvolueerd tot de huidige honden. Een proces dat misschien wel lang heeft geduurd …. , waarbij deze siberische wolf/hond en misschien wel, maar misschien ook niet een rol heeft gespeeld.
De vondst van slechts 1 skelet van – 33.000 lijkt mij niet statistisch voldoende om conclusies te trekken( Er is ook niet genoeg vergelijkingsmateriaal  ? ) 
* Er zijn wél wolf/hond -skeletten onderzocht uit de tijd tussen 33.000 en 20.000 jaar geleden : daar wordt (in het artikel )het gevonden skelet ook  mee vergeleken.
*-Deze Siberische hond leefde zo’n 12.000 jaar voordat de huidige hond bestond. Je kunt net zo goed zeggen dat Luxemburgers niet bestaan omdat hun aantal niet statistisch significant genoeg is in verhouding met de complete wereld bevolking.

-De oorzaak van het overlijden van de gevonden wolfshond is onbekend
Stel dat het een ‘gehandicapte’ wolf/hond was
* En dat  zou  dan statistisch gezien wel relevant wezen ? : een gehandicapte hond?= Een handicap die een wolf op een hond laat lijken, allicht  ?
Om toch maar te pogen en te blijven “ontkennen ” dat de hond(als soort )  uit de  grijze  wolf(als soort ) is geevolueerd ?

*In het artikel staat dat de onderzoekers vermoeden dat het in dit geval om een zeer primitieve hond ging, die mogelijk niet bewust is getemd door mensen.
Maar dat wil nog niet zeggen dat die ene gevonden wolfshond in de grot gehandicapt was.

Maw …
Is dat ene skelet van 33.000jaar terug wel maatgevend ?

Natuurlijk is dat ene skelet van 33.000 jaar terug , maatgevend.

* Die onderzoekers hebben toch enkele kenmerken in het skelet gevonden die overeenkomen met de hond?
* -Wat nu wel zeker is geweten door die vondst en het onderzoek van dat skelet uit een grot in het Altajgebergte in Siberië, is dat sommige wolven populaties  zeker 33.000 jaar geleden al gedomesticeerd werden ( “bewust ”  door  mensen.?)
In dit geval is dat de Siberische (grijze )wolf geweest die  gedomesticdeerd is geraakt

http://nl.wikipedia.org/wiki/Domesticatie

De eerdere jongen van het  uitgestorven Siberische wolfshonden ras,  zullen wel enkele  skeletkenmerken van (huidige ) honden hebben gehad, die ook bij het gevonden exemplaar zijn aangetroffen

Het gebit was nog wel geheel identiek aan dat van de Siberische wolf waarmee  het domesticatie proce si s gestart

En het skelet kon zich daardoor aanpassen aan de domesticerende  leefomstandigheden.
.

Daaruit  kan  vermoedelijk  geconcludeerd worden, dat dergelijke Siberische wolfshonden exemplaren heel dicht in de buurt van mensen geleefd moeten hebben, tot in de grotten dicht bij het vuur, en dat ze zelfs gevoerd werden door mensen, waardoor hun gebit zich ook kon aanpassen met enkele kenmerken aan die domesticerende leefomstandigheden.

Het is door die vondst geweten dat deze dieren geen nakomelingen voortbrachten die het Laatste Glaciale Maximum overleefden. 

1.-  Die gedomesticeerde dieren waren vast niet bestand tegen de kou van het Laatste Glaciale Maximum.
De omstandigheden zoals de kou, hebben er  dus  voor gezorgd dat de soort zich niet verder heeft kunnen ontwikkelen tot een hond  omdat de populatie uitstierf
Voor  domesticatie  heb  je  namelijk meerdere generaties over een langere periode nodig, met gunstige fok omstandigheden zoals genoeg voedsel, om tot de ontwikkeling van een echte hond te kunnen komen.

2.-  Misschien hadden de mensen de rest van het “kweek”roedel al lang opgegeten vanwege de kou tijdens het Laatste Glaciale Maximum. En zijn ze na de laatste IJstijd, ongeveer 19.000 jaar geleden, opnieuw onder gunstige omstandigheden weer begonnen met fokken van wolfshonden uit de Siberische wolf.

Dat laatste is ook niet helemaal betrouwbaar  , De siberische roedels  kunnen zichzelf grotendeels gedomesticeerd hebben voordat de mens er actief aan te pas kwam en dat staat ook in het artikel vermeld.
Dat die Siberische wolven zichzelf grotendeels gedomesticeerd hebben door zelf in de buurt van mensen te gaan leven voor het voedsel, voordat de mens er actief aan te pas kwam.

Wanneer de mens bewust is gaan fokken met de nakomelingen daarvan, om er verschillende rashonden van te kunnen maken ,dat is (mij ) eigenlijk niet bekend.

Wel  een  mooi filmpje van de Siberische wolf ,zodat je een kleine indicatie hebt, hoe koud het kan zijn in de winter voor de overlevende wolven en paarden in Siberië.Kan je nagaan,hoe bar de omstandigheden waren voor wolven in de IJstijd.

http://natgeotv.com/nl/wild-russia/videos/siberia-eurasian-wolves

18 Oct 2008

Hondenschedel uit Waalse grot is oudste ter wereld

Een prehistorische hondenschedel die werd gevonden in de grotten van Goyet (Condroz) is het oudst bekende fossiel van een hond ter wereld. De grote hond leefde zo’n 31.700 jaar geleden. Dat besluit onderzoekster Mietje Germonpré van het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen in een nieuwe studie, die binnenkort in het Journal of Archaeological Science wordt gepubliceerd. De hondenschedel lijkt erop te wijzen dat de domesticatie van de hond begon tijdens het Aurignaciaan (Jong-Paleolithicum).

Voor het onderzoek onderzocht paleontologe Germonpré, samen met collega’s uit onder meer Sint-Petersburg, Cambridge en Oxford, 117 schedels van recente en prehistorische honden, wolven en vossen. Volgens Germonpré vormt de grootte van de tanden het meest opmerkelijke verschil tussen de prehistorische hond en zijn moderne tegenhanger. Ze vergelijkt de tanden van de schedel dan ook eerder met die van wolven. Qua vorm leken de paleolithische honden wellicht op de Siberische husky, maar qua grootte hadden ze meer gemeen met grote herdershonden.

De analyse van de skeletten toonde aan dat paleolithische honden bredere en kortere snuiten hadden, en relatief bredere schedels dan fossiele en moderne wolven. DNA-onderzoek op Belgische fossiele wolven wees op een behoorlijk grote genetische diversiteit tussen de onderzochte exemplaren. Deze wolven uit het Laat-Glaciaal en het Pleniglaciaal jaagden vooral op paarden en bizons. Rendieren en muskossen daarentegen werden wellicht weinig bejaagd. Het dieet van de ‘hond van Goyet’ is nog niet gekend, aangezien het isotopenonderzoek op dit specimen nog bezig is. Ook het DNA van de hond werd nog niet onderzocht.

Germonpré vermoedt dat de domesticatie van honden begonnen zou kunnen zijn toen prehistorische jagers een vrouwelijke wolf doodden en haar jongen mee naar huis namen. Recent onderzoek op zilvervossen suggereert dat, als de meest volgzame puppies worden verzorgd en gekoesterd, er slechts tien generaties nodig zijn om morfologische veranderingen teweeg te brengen. Volgens Germonpré is het mogelijk dat de honden gebruikt werden voor de jacht op en het transport van wild. De honden konden ook gehouden worden voor hun vacht en vlees, als huisdier, of als dier met een rituele connotatie.

Lees meer: Fossil dogs and wolves from Palaeolithic sites in Belgium, the Ukraine and Russia: osteometry, ancient DNA and stable isotopes (Journal of Archaeological Science)
Bron: Discovery Channel

De hond van Goyet   <—Archief DOC 

_

Honden hielpen mogelijk honderden mammoeten om zeep

 

Als het om het uitsterven van de mammoet gaat, krijgen mensen vaak de schuld. Maar dat is niet helemaal terecht. Nieuw onderzoek suggereert dat de eerste honden een belangrijke bijdrage leverden aan de dood van vele mammoeten.

In het centrale en oostelijke deel van Eurazië werd meer dan één miljoen jaar geleden al door mensen op mammoeten gejaagd. Maar in de periode tussen 45.000 en 15.000 jaar geleden werden mensen er opeens verbazingwekkend goed in. In aardlagen uit die tijd worden in een vrij klein gebied soms wel de resten van honderden mammoeten teruggevonden. “Eén van de grootste vraagstukken omtrent deze gebieden is hoe met de wapens uit die tijd zulke grote aantallen mammoeten konden worden gedood,” vertelt onderzoeker Pat Shipman.

Techniek
Ze besloot zich in dat vraagstuk vast te bijten en stelde allereerst vast dat de mammoeten niet door een natuurramp of ouderdom of ziekte dood waren gegaan. Alles wees er dus op dat mensen in de eerdergenoemde periode een nieuwe techniek ontwikkelden om deze mammoeten te vangen en te doden en dat die techniek aanzienlijk beter werkte dan de technieken die ze in de duizenden jaren ervoor gebruikt hadden. Maar welke techniek was dat?

Dog man and mammoth

Op de foto ziet u de schedel van een hond. Na de dood van deze hond werd een groot bot – mogelijk van een mammoet – in zijn bek geplaatst. Mogelijk was het een soort begrafenisritueel waarmee mensen de hond erkenden als een succesvolle jager op mammoeten. De resten van de hond zijn afkomstig uit Tsjechië en zo’n 27.000 jaar oud.

Hond
Shipman komt met een hypothese: de allereerste honden hielpen mensen om de mammoeten te vangen. Ze baseert haar hypothese op recentelijk Belgisch onderzoek dat aantoont dat grote vleeseters in het gebied waar de mammoeten ontdekt werden geen wolven, maar honden waren. “Honden helpen jagers om hun prooi sneller en vaker te vinden en houden die prooi op zijn plaats door te grommen en aan te vallen terwijl de jagers eraan komen. Beide effecten zouden het succes van de jacht vergroot hebben.” Bovendien wijst het Belgische onderzoek erop dat deze honden bijzonder groot waren. “Ze konden helpen om de prooi naar huis te dragen of het karkas tegen andere roofdieren te beschermen en jagers in staat te stellen op de plek waar de mammoet gedood werd, te overnachten.”

Wolven
De hypothese van Shipman wordt onder meer onderschreven door het feit dat in gebieden waar de resten van veel mammoeten werden ontdekt, ook de resten van veel wolven en vossen werden aangetroffen. “Zowel honden als wolven zijn heel alert op de aanwezigheid van andere gerelateerde vleeseters en zij beschermen hun territorium en voedsel fel. Als mensen met gedomesticeerde honden of zelfs half gedomesticeerde wolven leefden en werkten, mag men verwachten dat er meer wilde wolven gedood werden.”

Nader onderzoek op plekken waar opvallend veel resten van mammoeten zijn teruggevonden, moet aantonen of de hypothese van Shipman klopt. Men zou dan op meerdere plekken met veel resten van mammoeten onder meer de resten van grote honden, wolven en vossen terug moeten vinden.

 

Bronmateriaal:
Domestication of dogs may explain large numbers of dead mammoths” – PSU.edu
De foto bovenaan dit artikel is gemaakt door Anthropos Museum / Mietje Germonpre.

 

_

_

 

 

 

Dog’s ancestry can be traced back 65 million years, from primitive carnivores called miacids,to around 16-23 million years ago Tomarctus appeared which nearly all canids descend.

afstamming 38879-hi-Dogs

°

EVOLUTIE   VAN DE  HONDACHTIGEN  

°hondachtigen<– doc archief 

Evolution_150dpi

stambom

In de loop van de zeventig miljoen jaar die ons scheiden van de aanvang het Tertiair, dat is het geologische tijdperk waarin de zoogdieren de overhand over de reptielen verwierven, verschenen talrijke hondachtigen  op aarde.

Deze hond-achtigen  waren zeer uiteenlopend van vorm : sommigen leken op beren, andere op hyena’s; weer andere op katten. Sommige waren heel klein, andere waren echte reuzen. Er moeten in het geheel minstens zeventig verschillende soorten geweest zijn.

Slechts enkele slaagden erin om die 700.000 eeuwen te overleven. De meeste zijn verdwenen, zoals ook de beer-honden (Amphicyonidae), de hyena-honden en de kat-honden niet meer bestaan.

Het is vrijwel onmogelijk voor de hondachigen  een afstamming vast te stellen die volkomen juist zou zijn. Niet echt bij gebrek aan punten van overeenkomst, maar omdat het bijzonder moeilijk is een keuze te maken tussen de talrijke dieren die enige gelijkenis met onze huidige hond vertonen.

°Miacidae

miacids

http://en.wikipedia.org/wiki/Miacids                                                                         http://nl.wikipedia.org/wiki/Miacidae

Uit de Miaciden   ontwikkelden zich in het  Vroeg Oligoceen   toen de bossen zich terugtrokken en plaats maakten voor graslanden, de familie Hondachtigen. Tot deze familie behoren onderfamilies:BorophaginaeHesperocyoninae (beiden uitgestorven wolfachtigen), Caninae (echte honden), Octocyoninae, en Symosyoninae

Borophaginae

Borophagus secundus

Borophagus is an extinct genus of the subfamily Borophaginae, a group of canids loosely known as “bone-crushing” or “hyena-like” dogs. Borophagus (boro = “carrion” or “flesh” and phagus = “to eat”) is the holotype genus. Though not one of the biggest Borophagines, it had a more highly-specialized capacity to crunch bone than larger genera such as Epicyon, which seems to be a trend of the group (Turner, 2004).

This specimen was discovered in Hemphill County, Texas in the Ogallala Formation.

Late Miocene

Borophaginae

Boraphaginae 2

°

Mesocyon, die zich ontwikkeld heeft uit de Hesperocyon leefde ca. 29 – 21 mjg. in Noord-Amerika.

____________________

A tree climber, Hesperocyon is the most common dog of the Oliogocene Hesperocyon is an extinct genus of canids (family Canidae, subfamily Hesperocyoninae). From the Duchesnean North American Land Mammal Age (NALMA).

Hesperocyon gregarius

_______________________________________________________________________________

Mesocyon,was de rechtstreekse voorvader is van de twee latere Hondachtigen uit het Oligoceen: deCynodesmus en de Tomarctus. De Mesocyon zou als schakel tussen de Daphoenus en deze  vermelde  typen kunnen worden beschouwd.

Van deze hondachtige zijn verschillende soorten bekend, met klauwen die vrijwel geen gelijkenis met die van de katachtigen vertoonden en die reeds goed aan het doel van hardlopen beantwoordden (de vijf functionele tenen bleven echter bestaan)

beer honden

bear dogs amphicyonidsmesonyx 2http://en.wikipedia.org/wiki/Bear_dog

Cynodesmus (35 – 30 mjg)

cynodesmus 1Cynodesmus

De Cynodesmus leek erg veel op een  Hyena  en had diverse katachtige trekken. Van dit dier lijken de wilde Zuid-Afrikaanse honden en de Afrikaanse hyena af te stammen. De Cynodesmus, ongetwijfeld het product van een hogere evolutie dan al zijn voorgangers, kan men als de windhond uit die tijden beschouwen, dus een hardloper bij uitstek.

afrikaanse wilde honden

afrikaanse wilde honden

African Hunting Dog Skull  // cast replica

Lycaeon pictus. Canidae. Single species. Lived in most of Africa south of Sahara and Egypt

 

Tomarctus (18 – 10 mjg )

Er zijn aanwijzingen dat deze Tomarctus minder intelligent was dan de huidige hond.

De Tomarctus, wiens schedel gelijkenis vertoont met die van de huidige hondenrassen, was eveneens een goed hardloper en leek op een das met een zware kastanjebruine vacht en een zeer dikke staart.

Tomarctus

De Canis (een benaming die niet uitsluitend de tamme hond, maar ook de wolf, de jakhals, de vos en alle soorten aanduidt die tot het geslacht ‘Canis’ behoren) verscheen in Europa, Azië en Afrika in het Plioceen, tien miljoen jaar geleden en in Noord-Amerika pas in het Pleistoceen, nauwelijks een miljoen jaar geleden.

De overgang van deze dieren van de Oude naar de Nieuwe Wereld hoeft ons niet te verbazen, daar die plaatsvond vanuit Azië dat in die tijd door een landtong met Noord-Amerika was verbonden. Nochtans bereikten deze migraties, wat betreft de honden, niet het zuidelijk halfrond. In die tijden migreerden dieren voortdurend over grote uitgestrekte gebieden heen en weer, op zoek naar gunstiger leefomstandigheden

De Hondachtigen (onze huidige gedomesticeerde hond, de wolf, de vos, de jakhals en vele wilde honden) stammen allen af van de Tomarctus.

°

CONCURENTEN . 

In het Mioceen (23,5 – 6 miljoen jaar geleden) werden de Hondachtigen door de Katachtigen voorbijgestreefd . De honden en wolven waren lichamelijk minder goed bedeeld dan de katachtige moordmachines, maar zij wisten een eigen manier van jagen te ontwikkelen door hun hersens te gebruiken en in groepen op jacht te gaan. Dus terwijl een kat het voornamelijk moest hebben van zijn geperfectioneerde lijf en ledematen gebruikte een wolf zijn verstand en sociale vaardigheden, net als de verwanten van de katten, de hyena’s die voor de hondachtige strategie hadden gekozen.

De honden ontwikkelden zich tot de Noord-Amerikaanse ‘achtervolgingsroofdieren’, zoals de hyena’s dat deden in de Oude Wereld.

Ze hebben allemaal (met uitzondering van de in het woud levende boshond) lange poten en lenige lichamen die geschikt zijn om te rennen.

De vroegste honden, in het Eoceen, hadden daarentegen korte poten en lange lijven en zagen eruit als de hedendaagse Viverridae (Civetkatten) uit de kattenfamilie. De honden hebben een bijzonder goed aanpassingvermogen.

De meesten eten vlees en wat vegetatie, maar de lepelhond eet termieten en andere insecten en af en toe een vogel of wat vruchten. Hun sociale karakter varieert eveneens sterk. Sommige leven in afzondering, terwijl anderen uiterst sociaal zijn en in groepen jagen. In feite kunnen er zelfs binnen één soort verschillende leefwijzen voorkomen.

Zo’n 5 miljoen jaar geleden wisten de honden de Oude Wereld binnen te komen en daar buitengewoon succesvol te worden. De rode vos heeft de wolf inmiddels onttroond als meest voorkomend zoogdier (afgezien van de mens) buiten de tropen.

In het verleden zijn er ook honden geweest die leken op katten (ze beslopen hun prooi in plaats van deze na te jagen) en bottenkrakende “hyenahonden” of borophaginae, maar deze stierven uit door de concurrentie van de katachtigen.

EXTANT  

Canidae

Dogs, Wolves, Foxes etc.

 

The Family Canidae is comprised of thirty-four species of wild dogs found throughout the world. They range from small foxes, coyotes, and jackals to large wolves and wild dogs, such as the dingo of Australia. Species may inhabit all terrains, from hot deserts to arctic ice fields. Many run in packs which may number up to thirty members, while others are solitary or hunt in pairs. Canids are cunning, skillful hunters with good hearing and an acute sense of smell. They utilize these skills to hunt and consume a variety of herbivorous animals, the staple of their diets. All canids belong to the Order Carnivora.

Species and taxonomy  //FAMILY CANIDAE 

Subfamily Caninae

  • True dogs – Tribe Canini
  • ** Coyotecoyte skull bc-143e-lgcoyte skullCanis latrans (also called Prairie Wolf)WTQ-105: Coyote  Skull ( Replica)WBC-143E: Coyote  Skull (Bone Clones) WSM-105: Coyote  Skull (Natural Bone Quality A)

WOP-04: Coyote  Baculum  (7cm) (Natural Bone)WCW-05: Coyote  Claw 2cm (Natural Bone)WK9-01: Coyote  Canine (SINGLE) (Natural Bone)

Coyote Baculum (7cm)                                      Claw  2cm                                                                   canines

WFP-07: Coyote  Footprint (Do Not Specify)WNT-05: Coyote  Negative Footprint (8.5x7cm) (Do Not Specify)

Thriving during the Pleistocene, the Dire Wolf is not a direct ancestor of any of today’s known species of canine. They once co-existed in North America with Grey Wolves. Dire Wolves had short, thick legs, a larger, broader skull and more massive teeth than the modern wolves. Their brain case is also notably smaller than their remaining canine cousins. Current belief is that they were likely scavengers rather than hunters. Remains of over 3,600 individuals have been recovered from the La Brea tar pits – more than any other species of mammal. This may also be an indication of their preying in packs on dead or incapacitated animals that were themselves trapped in the mire.

   

† Dire Wolf Skull  WBC-020T: Dire Wolf Skull (Tar Finish) (Bone Clones) WS-BC-020T: Dire Wolf Skull with Stand (Bone Clones)WS-BC-020A: Dire Wolf Skull with Stand (Bone Clones)WBC-020A: Dire Wolf Skull (Antique Finish) (Bone Clones)WRB-105: Dire Wolf Baculum (18cm) ( Replica)

† Dire Wolf Baculum (18cm)

 

 

 

 

  • ** Gray WolfCanis lupus (2.723 Ma to present)General , wolf (=canis lupus)

WBC-004: Gray Wolf Skull (Bone Clones)

WMO-17: Gray Wolf Canine (Museum Quality Replica)  WBC-172: Mexican Gray Wolf Skull (Bone Clones)

canine                                                                                        Mexican gray wolf

WRB-137: Gray Wolf Baculum (13cm) ( Replica)        WMO-16: Gray Wolf Claw (4cm) (Museum Quality Replica)

Baculum                                                                                 Claw

WBC-147: Red Wolf Skull (Bone Clones)Red Wolf Skull

*** Domestic DogCanis lupus familiaris

West Highland White Terrier

WSM-130: Domestic Dog Skull (Large) (Natural Bone Quality A)WSM-134: Domestic Dog Skull (small)  (Natural Bone Quality A)WSM-133: Domestic Dog Puppy Skull (Natural Bone Quality A)

Domestic Dog Skull                                                                                                                                   Puppy Skull                                                                                                                                                                           Boston Terrier

WBC-260: Bull Terrier Dog Skull (Bone Clones)Bull Terrier  WOK-2513: Boston Terrier Skull (Natural Bone) Boston terrier 

WBC-128: English Bulldog Skull (Male) (Bone Clones)WTQ-432: English Bulldog Skull (Female) ( Replica)

English Bulldog Skull (Male & female )

   

Neapolitan mastiff skull on top. Wolf skull on the bottom.

Wolf skull on the left. Neapolitan mastiff skull on right.

Bull Mastif

http://www.angelfire.com/mi/dinosaurs/dogs.html

Great dane dog

 File:Great Dane and Chihuahua Skeletons.jpg

Great  Dane                      Chihuahua Skeleton

mudwerks:</p><br /><br /><br /> <p>(via AMARANT CHIHUAHUA KENNEL - ILLUSTRATED CHIHUAHUA STANDARD)<br /><br /><br /><br /> [link via http://scientificillustration.tumblr.com/]</p><br /><br /><br /> <p>Skelechi! Even its skeleton is cute &lt;3

 

  

Lhasa Apso Dog

(shiu chiu) 

    

  • *** Dingo, most often classified as Canis lupus dingo (sometimes considered a separate taxon)

Dingo

  • ** Ethiopian WolfCanis simensis (also called Abyssinian Wolf, Simien Fox and Simien Jackal)
  • Genus Cuon
  • **
  • Cuon alpinus  ,  Aziatische wilde hond , rode hond, alpenhond , adjakDholeCuon alpinus or Canis alpinus (also called Asian Wild Dog)
  • Genus Lycaon
  • Genus Atelocynus
  • Genus Cerdocyon
  • Genus Dusicyon 

falkland island wolf

  • ** CulpeoLycalopex culpaeus
  • Genus Chrysocyon
  • manenwolf
  • Genus Speothos

 

  • True foxes – Tribe Vulpini

Poolvos

 

  • ** Red FoxVulpes vulpes (1 Ma to present)

red fox 1471-2148-13-114-4Red-fox_Flickr_Harley-Kingston

  • Genus Urocyon (2 Ma to present)
  • ** Gray FoxUrocyon cinereoargenteus

                                 

                                                       Gray Fox

      

 

  • Basal Caninae
  • Genus Otocyon (probably a vulpine close to Urocyon)

ZWARTE GATEN

 

Kernwoorden

Astronomie                                                                                                                                                                          http://www.allesoversterrenkunde.nl/#!/_search/?terms=zwart gat                                                                                                 http://www.astroblogs.nl/?s=zwarte+gaten+

°

zwarte gaten.docx (1.7 MB)       <–ARCHIEF   

http://nl.wikipedia.org/wiki/Zwart_gat

http://en.wikipedia.org/wiki/Black_hole

http://www.urania.be/astronomie/dossiers/zwarte-gaten

Vervorming van ruimte en tijd in een zwart gat

http://www.urania.be/astronomie/dossiers/zwarte-gaten/Vervorming-van-ruimte-en-tijd

Gravitatie of zwaartekracht wordt als natuurkracht volledig beschreven door de Algemene Relativiteitstheorie van Albert Einstein (1916).

Deze theorie ligt aan de basis van het begrip “zwart gat”. In een driedimensionele ruimte wordt de positie van een lichaam in de ruimte door drie coördinaten vastgelegd.
Bij Einstein zijn er vier: drie ruimtelijke coördinaten en de tijd. Men spreekt niet meer over ruimte en tijd afzonderlijk, maar over de ruimtetijd.

Zonder gravitatieveld (ver uit de buurt van massa’s) blijven ruimte en tijd onaangetast. Een kubieke meter is dezelfde overal in het heelal en de tijd verloopt zoals het constante debiet van een rivier.

Naarmate het gravitatieveld sterker wordt, bijvoorbeeld bij het naderen van een zwart gat, wordt niet alleen de ruimte steeds meer vervormd, maar ook het tijdsverloop wordt alsmaar minder lineair. Juist boven het oppervlak van een zwart gat zijn beide zo sterk vervormd en verweven, dat ze niet meer te onderscheiden zijn. De tijd staat stil.

– See more at: http://www.urania.be/astronomie/dossiers/zwarte-gaten/Vervorming-van-ruimte-en-tijd#sthash.cGGtddRd.dpuf

———————————————————————————————————————————————————————–

“THEORETISCHE   KOSMOLOGIE ” ……of  Gazettenprietpraat  ?  

  • Het  is en blijft  vandaag  meestal nog  bij  theoretische astronomie en kosmologie,  :   Vele  ” theorieën”  al dan niet wiskundig, maar niet echt veel feiten of zekerheden.

    •  wiskundige astronomie-kosmologie  ligt  al jaren onder vuur staat, omdat de praktijk-observaties dingen laten zien die op allerlei manieren kunnen worden geinterpreteerd   en  ook  steeds weer  anders   dan  bepaalde   wiskundige modellen voorspellen  :   daarom zijn en blijven het ook theorieën, theorieën met de vleet maar feiten zijn er maar heel weinig te vinden.

    Het enige  wat dat  bij het publiek veroorzaakt  , is dat vele mensen deze “theorieën”  gaan aannemen als zijnde feiten,

    Wetenschappers zelf doen daar gretig aan mee en zijn zelfs de aanzet er voor…en dat is heel erg jammer.
    Omdat mede hierdoor de geloofwaardigheid van de gehele wetenschap een deuk krijgt.

    Om het nog niet te hebben dat weerlegde theorieën, nog steeds worden gehanteerd en in stand gehouden..waarom is voor mij een raadsel..

    Maar , eens je goed beseft dat de theoretische astronomie en kosmologie niet veel feiten hebben, kan het best wel boeiend worden…ik vraag me altijd af wat word het de volgende keer weer.

    Honderden zwarte gaten          27/10/07 –

    Een internationaal team van astronomen heeft honderden zwarte gaten ontdekt. De ontdekking is het eerste concrete bewijs dat de meeste melkwegstelsels zwarte gaten produceren als ze zo’n drieëneenhalf miljard jaar oud zijn. Het heelal is ongeveer 14 miljard jaar geleden ontstaan.Het totale aantal zwarte gaten is door de recente ontdekking verdubbeld. “We hadden het topje van de ijsberg al gezien in onze zoektocht naar deze objecten, maar nu zien we de ijsberg zelf”, aldus sterrenkundige Mark Dickinson. 

    Satelliet vindt miljoenen zwarte gaten

     Met een Amerikaanse satelliet hebben sterrenkundigen ongeveer 2,5 miljoen kolossale zwarte gaten in het heelal gevonden.

    NU.nl/Allesoversterrenkunde.nl
    30 augustus 2012

    Daarnaast werden ongeveer 1000 melkwegstelsels ontdekt die waren verborgen achter dichte stofwolken Dat heeft de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA woensdag (lokale tijd) bekendgemaakt.

    Zwarte gaten zijn gebieden in de ruimte waar de zwaartekracht zo sterk is dat alles wordt opgeslokt. Zelfs licht kan niet ontsnappen. De zwarte gaten zijn daardoor niet te zien met het blote oog. Ze zijn wel op te sporen met infrarood licht.

    De geavanceerde satelliet WISE, wat staat voor Wide-field Infrared Survey Explorer, maakt gebruik van die techniek.

    IRAS

    De WISE werd eind 2009 gelanceerd. De Amerikaanse ruimtetelescoop is de opvolger van een baanbrekende Nederlandse sonde, de Infra-Rood Astronomische Satelliet (IRAS) uit 1983.

    De IRAS registreerde ongeveer 300.000 bronnen van infrarood licht, waaronder zes nieuwe kometen en meer dan 20.000 sterrenstelsels.

Astronomen weten nu ‘alles’ van  het  zwart gat dat deel

uitmaakt van de dubbelster Cygnus X-1

18 november 2011

 Voor het eerst is het astronomen gelukt om een volledige beschrijving te geven van een zwart gat.

Cygnus X-1

http://www.sun.org/images/black-hole-cygnus-x-1

De nauwkeurige metingen maken het mogelijk om de complete geschiedenis van het ongeveer zes miljoen jaar oude object te reconstrueren.

Het zwarte gat, dat deel uitmaakt van de dubbelster Cygnus X-1 draagt, is al bijna vijftig jaar een begrip in de sterrenkunde. Het heeft een normale ster als begeleider, waar hij materie van wegsnoept. Bij deze overdracht wordt de materie dermate heet, dat zij röntgenstraling uitzendt. Het zwarte gat zelf zendt geen enkele waarneembare vorm van straling uit. Hierdoor kunnen er maar drie stukjes informatie over zo’n object worden verzameld: zijn massa, zijn rotatiesnelheid en zijn elektrische lading.

Elektrische lading

Dankzij nieuwe metingen met drie röntgensatellieten en de VLBA, een groot Amerikaans netwerk van radiotelescopen, zijn de massa en rotatiesnelheid van het zwarte gat nu beter bekend dan ooit. Zijn elektrische lading is vrijwel nul. De VLBA-metingen hebben uitsluitsel gegeven over de afstand van Cygnus X-1.

Deze blijkt 6070 lichtjaar te bedragen, waar eerdere schattingen uitkwamen op 5800 tot 7800 lichtjaar. Uit de combinatie van deze nieuwe afstand en de gegevens die de afgelopen twintig jaar met de röntgensatellieten zijn verzameld, blijkt dat het zwarte gat in Cygnus X-1 bijna vijftien keer zo zwaar is als onze zon en meer dan achthonderd keer per seconde om zijn as tolt. De VLBA-metingen hebben verder laten zien dat Cygnus X-1 maar heel traag beweegt ten opzichte van de sterren in zijn omgeving.

Dat wijst erop dat het zwarte gat bij zijn geboorte geen grote ‘schop’ heeft gekregen. En dat versterkt het al bestaande vermoeden dat de ongeveer honderd zonsmassa’s wegende ster waaruit hij is voortgekomen geen supernova-explosie heeft ondergaan, maar ‘stilletjes’ in elkaar is gezakt.

Kleinste zwarte gat ooit ontdekt

16 december 2011   2

Onderzoekers hebben een piepklein zwart gat waargenomen. Het is het kleinste zwarte gat dat tot op heden is ontdekt.

Het zwarte gat heeft een massa die waarschijnlijk kleiner is dan drie zonsmassa’s. En dat is opvallend weinig. Astronomen hebben berekend dat een zwart gat met een iets kleinere massa dan dit exemplaar niet eens kan bestaan.

 

Röntgenstraling
De onderzoekers ontdekten het zwarte gat met behulp van NASA’s Rossie X-ray Timing Explorer (RXTE). Naast het zwarte gat bevindt zich een ster. Het gas hiervan stroomt richting het zwarte gat en vormt een schijf rond het zwarte gat. Het gas in deze schijf is bijzonder heet en stoot röntgenstraling uit.

Hartslag
De energie en intensiteit in de gasschijf verandert. Met de RXTE kunnen de onderzoekers die veranderingen waarnemen en conclusies trekken over de grootte en massa van het zwarte gat. RXTE meet namelijk het röntgenpatroon van het zwarte gat. Dit röntgenpatroon vormt de hartslag van een zwart gat. De onderzoeker vergeleken de hartslag van het nieuwe zwarte gat met de hartslag van het veel grotere zwarte gat GRS 1915. De verschillen zijn groot (zie ook onderstaand filmpje).

Een kleiner zwart gat heeft een snellere ‘hartslag’. Onderzoeker Diego Altamirano vergelijkt de hartslag van een groot en klein zwart gat met de hartslag van respectievelijk een olifant en muis. “de hartslag van een muis is veel sneller en dat geldt ook voor de hartslag van het veel lichtere zwarte gat dat wij hebben onderzocht.”

Bronmateriaal:
Astronomen observeren de ‘hartslag’ van een piepklein zwart gat” – Astronomie.nl
De afbeelding bovenaan dit artikel is gemaakt door ESO/L. Calçada (via Wikimedia Commons).

Grootste zwarte gaten ooit ontdekt

 05 december 2011   5

Wetenschappers hebben relatief dichtbij twee enorme zwarte gaten ontdekt die de boeken in gaan als de grootste ooit.

De twee zwarte gaten hebben een massa die bijna tien miljard groter is dan die van onze zon. Het grootste zwarte gat dat onderzoekers hiervoor aantroffen, was met een massa van 6,3 miljard keer de massa van onze zon een stuk kleiner.

De twee enorme zwarte gaten bevinden zich in het centrum van twee sterrenstelsels: NGC 3842 en NGC 4889. Hoewel de onderzoekers wel vermoedden dat zulke grote zwarte gaten bestonden, waren deze nog nooit echt gevonden.

De onderzoekers ontdekten en bestudeerden de zwarte gaten met behulp van telescopen in de ruimte en op aarde. Hun bevindingen publiceerden ze in het blad Nature.

Bronmateriaal:
Team sees biggest black holes yet” – BBC.co.uk
De foto bovenaan dit artikel is gemaakt door NASA.

°10 Miljard keer groter dan onze zon…..

  • volgens mij is OJ 287 een zwart gat van 18 miljard zonnemassa’s.

  •  ik kan me niet voorstellen hoe een enorme hoeveelheid energie dat ding opwekt, en hoeveel dat ding vernietigt.. Maar ik dacht dat de Quasar’s die ze vinden groter waren, of heb ik het dan fout?

      •  een Quasar is iets heel anders dan een zwart gat

      Een quasar is een  randverschijnsel van een zwart gat, m.a.w. de schijf materie (en gas) die rond de event horizon van een zwart gat draait.
      Uiteraard zijn deze groter dan het zwarte gat zelf…

      het bijzondere van een zwart gat is dat de massa van (hier)18 miljard zonnen is samengepakt op een bijzonder klein punt, waardoor een lucifersdoosje vol ” materie “miljoenen kilo’s zou wegen.

    Grootste zwarte gat eet van twee walletjes

    26 maart 2012 om 16:37 uur door 3

    Wetenschappers denken eindelijk te weten hoe de grootste zwarte gaten ooit zo groot konden worden.

    Sommige zwarte gaten zijn enorm groot. Neem bijvoorbeeld het zwarte gat in het hart van onze Melkweg. Het is vier miljoen keer zwaarder dan onze zon. Maar dat zwarte gat is nog niet eens het zwaarste zwarte gat ooit gevonden: er zijn ook zwarte gaten die vele malen zwaarder zijn. En in december werd nog een zwart gat ontdekt dat bijna achtien  miljard keer de massa van onze zon heeft.

    Groeispurt
    Deze enorm massieve zwarte gaten waren al volgroeid toen het universum nog heel jong was: minder dan een tiende van de huidige leeftijd,” vertelt onderzoeker Andrew King in een persbericht. Grote vraag was dan ook altijd: hoe konden deze zwarte gaten zo snel groeien?

    Twee walletjes
    Normaalgesproken groeien zwarte gaten doordat ze gas naar binnen trekken. Maar dat gaat vrij langzaam: te langzaam om binnen zo’n korte tijd een enorm zwart gat te vormen. Maar hoe waren de zwarte gaten dan zo groot geworden?

    De onderzoekers bedachten dat de grootste zwarte gaten misschien wel van meerdere walletjes aten. Wat nu als het gas (hun ‘voedsel’) niet van één kant, maar uit meerdere richtingen kwam?

    Met behulp van simulaties  probeerden ze dat te achterhalen. Ze bestudeerden met behulp van modellen een zwart gat met twee gasschijven. Na enige tijd worden de schijven groter en botsen ze, waarop een enorme hoeveelheid gas zo in het zwarte gat verdwijnt. Hierdoor kunnen zwarte gaten opeens 1000 keer sneller groeien, zo schrijven de onderzoekers in hun paper.

    Of de grootste zwarte gaten ook werkelijk op deze manier groot zijn geworden, blijft natuurlijk onduidelijk. “We weten niet precies hoe gas in het vroege universum in sterrenstelsels vloeide,” benadrukt King. Maar de theorie is overtuigend.

    Bronmateriaal:
    Astronomers put forward new theory on size of black holes” – Le.ac.uk
    De afbeelding bovenaan dit artikel is gemaakt door ESO.

    • Heeft de wetenschap enig idee hoeveel tijd het nodig heeft voor zo’n enorme zwarte gaten zulke grootte hebben,  ? —> “het is amper kort na de oerknal gebuurt,”   ik begin toch stilaan te twijfelen aan de huidige 13,7miljard jaar  , sinds  ontstaan van ons universum.

      • ( Sommige  vroegere artikels beweerden dat )…..sterren  zijn gevonden ,  amper 200 miljoen jaar na het ontstaan van ons universum,maar helaas lees ik het vervolg hier niets meer over…….,hier klop iets niet over die 13,7 miljard… ?

Superzwaar zwart gat blaast stof weg

EOS   21 juni, 2013 -| Door Eddy Echternach
c9bc241ebc9f52611d92694886ac1a8c_XL
Tekening van de omgeving van het superzware zwarte gat in melkwegstelsel NGC 3783.
Een wind van stof worden door het zwarte gat geblazen.

Gedetailleerde waarnemingen met de Europese Very Large Telescope Interferometer laten zien dat zich boven en onder de materieschijf rond het superzware zwarte gat in de kern van sterrenstelsel NGC 3783 veel koel stof bevindt. Het lijkt erop dat dit stof door het zwarte gat wordt weggeblazen.

In de afgelopen twintig jaar hebben astronomen ontdekt dat bijna alle sterrenstelsels een enorm zwart gat in hun centrum hebben. Sommige van deze zwarte gaten groeien door materie uit hun omgeving aan te trekken. Bij dat proces ontstaan de meest energierijke objecten in het heelal: actieve galactische kernen (AGN’s).

De superzware zwarte gaten in deze AGN’s zijn omringd door ‘donuts’ van kosmisch stof dat uit de omringende ruimte is opgeslokt. Vermoed werd dat de sterke infraroodstraling die de AGN’s produceren grotendeels van deze stofringen afkomstig is.

De nieuwe waarnemingen laten echter zien dat dit niet zo is: boven en onder de hoofdring, die uit heet stof bestaat, bevinden zich enorme hoeveelheden koeler stof die óók een bron van infraroodstraling zijn.

Het koele stof komt als een soort wind van het zwarte gat af.

Blijkbaar voedt het zwarte gat zijn onverzadigbare honger met materiaal uit de nabije omtrek, maar door de intense straling die hierbij ontstaat wordt een deel van het materiaal weer weggeblazen.

Het is nog onduidelijk wat het nettoresultaat van deze twee processen is en wat dit betekent voor de groei en ontwikkeling van de superzware zwarte gaten in sterrenstelsels.

De Very Large Telescope Interferometer staat in het noorden van Chili. Het instrument bestaat uit wisselende combinaties van de afzonderlijke telescopen van de Very Large Telescope (VLT). Door de lichtbundels van deze telescopen met elkaar te combineren ontstaat een instrument met een beeldscherpte die gelijk is aan die van een 130-meter telescoop. (ee)

http://www.spacepage.be/nieuws/eso-persberichten/stoffige-verrassing-rond-reusachtig-zwart-gat

Superzwaar Zwart gat laat sterren ontstaan

2 februari 2012

– De laatste tijd zijn de superzware zwarte gaten in de kernen van sterrenstelsels nogal eens beschuldigd van het afbreken van het stervormingsproces in hun omgeving.

Foto:  NU.nl/Allesoversterrenkunde.nl

Maar het blijkt ook anders te kunnen.

Een internationaal team van astronomen heeft aanwijzingen gevonden dat het zwarte gat in het nabije stelsel Centaurus A de stervorming juist lijkt te bevorderen.

http://en.wikipedia.org/wiki/Centaurus_A

De zwarte gaten in de kernen van sterrenstelsels worden soms ‘actief’. Dat wil zeggen dat ze, materie uit hun omgeving opslokken en deels met grote kracht weer terug de ruimte in blazen.

Weggeblazen

Daarbij wordt veel gas uit hun stelsel weggeblazen – gas dat anders voor de vorming van nieuwe sterren zou zijn gebruikt. Op nieuwe Hubble-opnamen van het stelsel Centaurus A is te zien hoe de ‘straalstroom’ van het zwarte gat van dit stelsel op ongeveer 10.000 lichtjaar van de kern op een gaswolk is gestuit.

Daarbij is het aanwezige gas klaarblijkelijk samengedrukt, want in de gaswolk zijn jonge sterren te zien.

Superzware zwarte gaten lijken dus een dubbelrol te spelen in het stervormingsproces.

Eerste middelzware zwarte gat ontdekt

 sterrenstelsel ESO 243-49

06 juli 2012   3

Voor het eerst is er overtuigend bewijs gevonden voor het bestaan van een zwart gat dat niet superzwaar, maar ook niet superlicht is. Het zwarte gat is middelzwaar.

Voor astronomen op dit zwarte gat stuitten, was er enkel overtuigend bewijs voor twee varianten zwarte gaten. Superzware zwarte gaten, met een massa die een miljoen tot een miljard keer groter is dan die van onze zon. En lichte zwarte gaten die slechts drie tot dertig keer de massa van de zon hebben. “Dit is het eerste object waarvan we helemaal zeker zijn dat het een middelzwaar zwart gat is,” stelt onderzoeker Sean Farrell.

HLX-1
Het zwarte gat heeft de naam HLX-1 gekregen en bevindt zich in het sterrenstelsel ESO 243-49 (zie de foto hierboven). Dit sterrenstelsel bevindt zich op een afstand van zo’n 300 miljoen lichtjaar van de aarde.

 

Röntgenstraling
De onderzoekers ontdekten het zwarte gat doordat het een heel heldere bron van röntgenstraling bleek te zijn. “Een aantal andere heldere bronnen van röntgenstraling zijn in het verleden bestempeld als mogelijke middelzware zwarte gaten. Maar al deze bronnen bleken uiteindelijk zwarte gaten met een kleine massa te zijn.” HLX-1 is dat zeker niet. “Het (zwarte gat, red.) is tien keer helderder dan deze andere kandidaten en we zijn zeker dat het een middelzwaar zwart gat is.” Het zwarte gat heeft een massa van maximaal 90.000 keer de massa van de zon. Het is een ruwe schatting: waarschijnlijker is dat het zwarte gat een massa van ongeveer 20.000 keer de massa van de zon heeft.

Eentje maar?
Dat er tot op heden maar één middelzwaar zwart gat is aangetroffen, is niet zo verwonderlijk als het lijkt. Wetenschappers ontdekken zwarte gaten aan de hand van de röntgenstraling die deze uitstoten. Maar zwarte gaten stoten die straling alleen uit wanneer ze gas tot zich nemen. Wanneer een zwart gat dus niet ‘eet’, is deze niet zichtbaar.

Wetenschappers zijn blij met de vondst van het middelzware gat. “We weten niet precies hoe supermassieve zwarte gaten tot standkomen,” vertelt onderzoeker Ron Ekers. “Maar ze kunnen het resultaat zijn van twee middelzware gaten die samensmelten. Dus bewijs vinden voor zulke middelzware zwarte gaten is geweldig.”

Bronmateriaal:
Belching black hole proves a biggie” – CSIRO.au

http://www.nu.nl/wetenschap/2852804/astronomen-ontdekken-middelzwaar-zwart-gat.html

  • “Het (zwarte gat, red.) is tien keer helderder dan deze andere kandidaten en we zijn zeker dat het een middelzwaar zwart gat is.”

    Wat bedoelen ze met helderder? zwarte gaten hebben toch z’n grote aantrekkingskracht dat zelfs licht hier niet uit ontsnapt? (m.u.v. eventueel de polen.)

    —->

    • De omgeving van  zwarte gaten   zenden wel röntgenstraling uit. als je alleen hiernaar gaat kijken zijn het dus” heldere ” röntgen-objecten ten opzichte van andere   hemellichamen ( in röntgen -licht ) . 

    • Het is helderder in de mate van röntgenstraling dat het veroorzaakt in zijn nabijheid.

      Je hebt gelijk dat het zwarte gat   zelf niet die straling uitzend.( ooit werd gedacht dat een zwart  gat  hawking- straling uitzond  en uiteindelijk  verdween  

      • Maar , weet dat Dr Hawking zijn eigen theorie kort na het publiceren er van, zelf en geheel verworpen heeft als niet mogelijk.

      De straling komt van materiaal dat in het zwarte gat wordt gezogen en daardoor zodanig wordt opgewarmd dat het röntgenstraling uitzend.

      Dit staat in het bronartikel:

      “As gas from a star or gas cloud is being sucked into a black hole, it is heated to extreme temperatures and shines in X-rays.”

      Alles wat zich nog buiten de «event horizon» van het zwarte gat bevindt is dus nog zichtbaar. Ik weet niet precies welk proces ervoor zorgt dat er  wordt opgewarmd, misschien dat iemand anders dat kan beantwoorden  ?

 

Zwarte gaten vertonen vaker activiteit dan gedacht

 Waarnemingen met een wereldwijd netwerk van radiotelescopen hebben laten zien dat de zwarte gaten in de kernen van verre sterrenstelsels vaker actief zijn – en daardoor groeien – dan werd gedacht.

Dit is het resultaat van onderzoek van de astronomen Seungyoup Chi, Peter Barthel en Michael Garrett uit Groningen en Dwingeloo, dat binnenkort in Astronomy & Astrophysics verschijnt.

Ook in op het eerste gezicht normale sterrenstelsels blijken zwarte gaten aanwezig te zijn die materie verorberen en daardoor gestaag groeien.

De intense straling die gewoonlijk het gevolg is van deze zogeheten accretieprocessen blijkt echter volledig aan het zicht te zijn onttrokken.  (1)

Alleen een netwerk van zeer gevoelige radiotelescopen kan deze processen detecteren, (2)zo concluderen de Nederlandse astronomen.

Daarmee is het vermoeden bewezen dat de zwakke radiostraling die veel sterrenstelsels in het verre, vroege heelal vertonen, voor een deel het gevolg is van accretie door hun zwarte gaten.

Westerbork

Traditionele radiotelescopen zoals die in Westerbork kunnen de precieze aard van die radiostraling niet bepalen. Daarvoor is de techniek van Very Long Baseline Interferometry (VLBI) nodig, waarbij een netwerk van ver uit elkaar staande radiotelescopen simultaan naar een en hetzelfde object kijkt.

De vele gigabytes aan gegevens van de afzonderlijke telescopen worden later samengevoegd. Deze techniek simuleert op een digitale manier een radiotelescoop met een diameter van duizenden kilometers, wat in een zeer grote beeldscherpte en gevoeligheid resulteert.

Gebruikmakend van zo’n VLBI-netwerk van zestien radiotelescopen in Europa en de VS kon een tot voor enkele jaren geleden onmogelijk geachte recordgevoeligheid en -afbeeldingsscherpte worden bereikt. Daarmee is de accretie-activiteit van de verre sterrenstelsels nu ondubbelzinnig aangetoond.

Door: NU.nl/Allesoversterrenkunde.nl

°

(1)- Een zwart gat is zo zwaar dat het alles wat in de buurt komt of wat binnen het zwaartekracht veld valt, opslokt, zelfs licht        (=fotonen )

-Omdat zwarte gaten omringende materie en energie opzuigen komt er ook onvoorstelbaar veel straling vrij.  :  Veel van het materiaal wat door een zwart gat wordt aangetrokken valt niet meteen in het zwarte gat, maar komt terecht in een schijf die draait om het zwarte gat. Dit is de accretieschijf. De temperaturen in deze schijf lopen enorm op, en als gevolg daarvan komt daar enorm veel straling vanaf. Als er veel materie aangetrokken wordt, zal er dus veel straling vrijkomen vanaf de accretieschijf.

Dat proces mag gerust worden betiteld als activiteit en is niets nieuws.Het is zelfs de reden waarom we van het bestaan van zwarte gaten weten; ze zijn immers ui zichzelf ( zonder hun accretieschijf )  onzichtbaar.

°

(2)Radiotelescopen hebben een veel lagere resolutie dan andere telescopen, omdat het golflengten van radiostraling veel groter is dan telescopen die andere vormen van electromagnetische straling, zoals infrarood en licht detecteren.

Om een beetje beter te kunnen achterhalen hoe radiobronnen zich gedragen (botsen, samensmelten), is voor het eerst een radiotelescoop met ongeëvenaard oplossend vermogen gebruikt, bestaande uit kleinere telescopen die aan weerszijden van de wereldbol staan.

Dankzij deze nieuwe configuratie, heeft men kunnen bepalen dat in het zeer vroege heelal al vele superzware zwarte gaten in sterrenstelsels waren die dit soort kapriolen vertoonden.

“Zwarte gaten waren eerder dan sterrenstelsels” …

Wat kwam   er eerst  sterrenstelsels ofde zwarte gaten in hun hun centrum. De kosmische kannibalen blijken, alvast volgens Chris Carilli van het National Radio Astronomy Observatory (NRAO), er eerder te zijn geweest.

Een internationaal team van astronomen heeft onderzoek verricht naar het eerste miljard jaar van het Universum, waarvan de leeftijd op 13,7 miljard jaar wordt geschat. De belangrijkste resultaten van deze studie zijn voorgesteld op een bijeenkomst van de Amerikaanse Vereniging van Astronomen in het Californische Long Beach.

Vroegere studies van “nabije” sterrenstelsels en het zwart gat in hun midden brachten een opmerkelijke band aan het licht tussen de massa van die zwarte gaten enerzijds en de massa van de sterren en gas die errond draaien anderzijds. De ratio tussen beide is bijna dezelfde voor een groot aantal sterrenstelsels van verschillende omvang en leeftijd. Zo bedraagt de massa van het zwart gat bijna een duizendste van de massa aan sterren en gassen errond.

Die constante ratio wijst erop dat het zwarte gat en de materie errond elkaars groei beïnvloeden in een soort van interactieve relatie”, aldus Dominik Riechers van het Calornia Institute of Technology (Caltech) in een communiqué van de NRAO. “De grote vraag is of de ene voor de andere (aan)groeit, dan wel of ze samen (aan)groeien en hun massaratio gedurende dit hele proces aanhouden”.

Om die vraag op te lossen, gebruikten wetenschappers de Amerikaanse Very Large Array Radio Telescope en de interferometer op het plateau de Bure in Frankrijk om naar de prille jeugd van het universum – tot een miljard jaar na de Big Bang – en de geboorte van de eerste sterrenstelsels te “kijken”. Aan de orde was of die massaratio al dan niet constant bleek. Volgens Fabian Walter van het Max-Planck Instituur voor Radio-Astronomie gaven de metingen aan dat de in onze buurt vastgestelde constante massaratio er toen niet was. De massa van de zwarte gaten was veel groter, wat als implicatie heeft dat zwarte gaten er eerst waren.

De volgende stap is uitvlooien hoe zwarte gaten en de sterren plus gassen errond elkaars groei hebben beïnvloed, aldus Riechers. “We weten niet welk mechanisme er speelt en waarom er op een zeker ogenblik een standaard massaratio is opgedoken”.

Daarvoor is het nodig te begrijpen hoe de eerste sterren en sterrenstelsels zich in de piepjonge kosmos hebben gevormd, zegt Carilli. (belga/jv)

08/01/09

°

Zwarte gaten bouwen eigen sterrenstelsel …

Uit recente opnamen met de extreem grote telescoop van de ESO (Europese Zuidelijke Sterrenwacht) in Chili blijkt dat zwarte gaten wellicht hun eigen sterrenstelsel bouwen. Dat meldt de Nederlandse Onderzoekschool voor Astronomie.
Geen licht
Een zwart gat is een bolvormig gebied in het heelal met zo’n sterke zwaartekracht dat er geen licht uit kan ontsnappen. Bij de zwarte gaten bevinden zich vaak sterren of andere objecten. Maar wie was daar het eerst? “Onze onderzoeksresultaten duiden erop dat superzware zwarte gaten stervorming kunnen bewerkstelligen en zo hun eigen sterrenstelsel bouwen”, zegt David Elbaz, een van de onderzoekers van ESO in het wetenschappelijk tijdschrift Astronomy & Astrophysics.

Quasar
De astronomen kwamen tot de conclusie na observatie van van een quasar, een enorm helder object miljarden lichtjaren verwijderd van de aarde. Algemeen wordt aangenomen dat het hart van een quasar bestaat uit een zwart gat. Van deze quasar HE450-2958 was geen sterrenstelsel bekend. Het zou schuilgaan achter enorme hoeveelheden stof. Met de Chileense supertelescoop ontdekten de astronomen geen stof, maar wel een sterrenstelsel in de buurt van de quasar dat aan de lopende band sterren produceert, zo’n 350 per jaar. Dat is honderd keer zoveel als gebruikelijk voor sterrenstelsels in het nabije heelal. (anp/sam)

Lees ook

30/11/09

°


Zwart gat bij Zwaan 7.800 lichtjaar ver van Aarde

4/12/09 –

(archieffoto)

De afstand van de aarde tot een zwart gat in de nabijheid van het sterrenbeeld Zwaan is ‘slechts’ 7.800 lichtjaar, meldt ruimte-instituut SRON. De afstand is veel kleiner dan deskundigen eerder dachten, staat in The Astrophysical Journal. Een lichtjaar is ongeveer 100.000 miljard kilometer.hoekverschuiving
Een internationaal team van sterrenkundigen heeft de radiostraling van het zwarte gat en zijn begeleidende ster, V404 Cygni, gemeten. Hierbij hebben zij gebruikgemaakt van zogenoemde hoekverschuiving van het duo. Deze meetmethode kent een relatief kleine foutmarge, namelijk minder dan zes procent.40 kilometer per seconde
Uit de metingen leiden de sterrenkundigen af dat dit zwarte gat is ontstaan uit een supernova-explosie. Het beweegt zich met een snelheid van 40 kilometer per seconde door de ruimte. Onderzoeker Peter de Jong hoopt via dit onderzoek een beter beeld te krijgen van het ontstaan van zwarte gaten. (belga/sam)

Lees ook

Zwarte gaten  in onze Melkweg

Op   09/11/’04  ontdekten Franse astronomen  in het centrum van onze Melkweg een tweede zwart gat, zo bericht het wetenschappelijke vakblad Nature

Een team rond Jean-Pierre Maillard van het Instiutuut voor Astrofysica in Parijs loerde naar zeven sterren die rond een zwart gat draaien en die daarmee de aanwezigheid van het anders onzichtbare object IRS 13E verraadden. Het zwart gat heeft 1.300 keer de massa van onze Zon en is daarmee relatief klein.

Drie jaar geleden ontdekten Amerikaanse astronomen een enorm zwart gat, Sagittarius A, in het centrum van ons sterrenstelsel. Het heeft 2,6 miljoen keer de massa van onze ster.

Het door het Franse team ontdekte object bevindt zich op drie lichtjaren daarvandaan, wat kosmisch gezien vlakbij is. De Fransen vermoeden dat ons sterrenstelsel, zelfs dichter bij ons, nog zwarte gaten herbergt.

Zwarte gaten zijn objecten die zodanig veel aantrekkingskracht uitoefenen dat zij alle omgevende materie opslokken en zelfs geen licht laten ontsnappen. De Franse ontdekking verschijnt ook in het vakblad Astronomy and Astrophysics.

“Grote  ZWARTE GAT  in onze Melkweg  

Zwart gat  in onze Melkweg is even hyperactief

07 november 2012 5

Wetenschappers zijn er getuige van geweest hoe het zwarte gat in het hart van onze Melkweg de helderste röntgenuitbarsting ooit geobserveerd, heeft geproduceerd. De uitbarsting was 150 keer helderder dan normaal.

De onderzoekers volgden de uitbarsting gedurende een uur. Daarna begon de activiteit van het zwarte gat – dat ook wel bekend staat als Sagittarius A – weer af te nemen.

Uitbarsting
De wetenschappers hopen dat hun waarnemingen meer duidelijkheid zullen verschaffen over de dagelijks bezigheden van een zwart gat op leeftijd. Met het oog op de grootte van het zwarte gat creëert het eigenlijk vrij weinig energie. Maar ongeveer één keer op een dag komt het zwarte gat tot leven en produceert een uitbarsting van röntgenstraling.

Trager leven
Een zwart gat verorbert materie die te dicht bij het gat in de buurt komt. Wanneer deze dat doet, geeft deze enorm veel energie af, ook in de vorm van röntgenstraling. Maar wanneer een zwart gat ouder wordt, wordt het trager en eet het minder. En dus worden die röntgenuitbarstingen ook minder helder. Sagittarius A is zo’n zwart gat op leeftijd.

Asteroïde?
En nu zorgde dat zwarte gat dus voor een toch wel behoorlijk spectaculaire uitbarsting, zo meldt het blad The Astrophysical Journal. “Opeens eet Sagittarius A om wat voor reden dan ook veel meer,” vertelt onderzoeker Michael Nowak. “Een theorie is dat een asteroïde zo nu en dan te dicht bij het zwarte gat komt, het zwarte gat zich uitstrekt en de asteroïde aan stukken scheurt, het materiaal opeet en het omzet in straling, waardoor je van die grote rontgen uitbarstingen ziet.”

Uit nader onderzoek moet blijken of zo’n plotselinge schranspartij vaak voorkomt. De onderzoekers willen het zwarte gat gedurende iets meer dan een maand gaan bestuderen om meer te weten te komen over de activiteiten ervan. Ook hopen ze natuurlijk een verklaring te vinden voor de oplevingen van het zwarte gat.

Bronmateriaal:
A burst of activity in the middle of the Milky Way” – MIT.edu
De foto bovenaan dit artikel is gemaakt door NASA / MIT / F. Baganoff et al.

  • Het lijkt me stug dat de leeftijd van een zwart gat er iets toe doet. Het enige dat telt is wat er  te dicht  in de buurt komt.

Zwart gat in Melkweg is dol op asteroïden

Alles wijst erop dat het zwarte gat in het midden van ons sterrenstelsel met regelmaat enorme asteroïden verslindt.Dat schrijven wetenschappers. Ze baseren hun conclusies op observaties van Chandra: een satelliet die röntgenstraling kan zien.

Helder
Chandra bestudeert het zwarte gat in het centrum van ons sterrenstelsel – Sagittarius A genaamd – al enige tijd. En ongeveer één keer per dag ziet de satelliet hoe het zwarte gat opeens meer röntgenstraling uitstoot. Hierdoor wordt het zwarte gat gedurende korte tijd ‘helderder’. Soms is het maar een klein verschil in helderheid. Soms wordt het zwarte gat echter honderd keer helderder dan normaal.

Asteroïde
Wetenschappers denken dat nu te kunnen verklaren. Ze denken dat zich rondom Sagittarius A biljarden asteroïden en kometen bevinden. Wanneer deze te dicht (dat wil zeggen: 160 miljoen kilometer of minder) bij het zwarte gat komen, worden ze door het zwarte gat in stukken gescheurd. Deze stukken komen in het hete gas rondom Sagittarius A terecht en veroorzaken dan zo’n röntgenuitbarsting. De brokstukken van de asteroïden en kometen verdwijnen uiteindelijk in het zwarte gat.

Groot
“De baan van een asteroïde kan veranderen wanneer deze te dicht bij een ster of planeet nabij Sagittarius A komt,” vertelt onderzoeker Sergei Nayakshin. “Als deze richting het zwarte gat wordt geslingerd is deze verdoemd.”

En het zijn ook zeker niet de kleinste asteroïden die door het zwarte gat worden verorberd. Sommige waargenomen röntgenuitbarstingen kunnen alleen ontstaan als een asteroïde met een straal van meer dan tien kilometer uit elkaar wordt getrokken. Waarschijnlijk verorbert het zwarte gat ook wel kleinere asteroïden, maar dat kunnen we moeilijk zien: die röntgenuitbarstingen zijn namelijk maar klein.

Het onderzoek doet vermoeden dat zich rondom het zwarte gat heel veel asteroïden bevinden. De onderzoekers hebben het namelijk even doorgerekend.

Het zwarte gat bestaat al zo’n tien miljard jaar. In die periode heeft het zwarte gat enkele biljaren asteroïden van hun ster of planeet verwijderd. Slechts een klein deel ervan is ook daadwerkelijk door het zwarte gat verslonden, dus er moeten zich nabij Sagittarius A nog voldoende asteroïden bevinden.

Bronmateriaal:
NASA’s Chandra Finds Milky Way’s Black Hole Grazing on Asteroids” – NASA.gov
De foto bovenaan dit artikel is gemaakt door xx (cc via Flickr.com).

  • Ik vraag me vaak af wat er gebeurd met objecten die in een zwart gat verdwijnen. Zijn ze dan volledig vernietigd of verdwijnen ze ergens naar toe?

    °Die worden geZIPed

    °  een object verdwijnt nooit erin, het wordt erin getrokken en dan komt er ‘‘hawking straling” vrij …….S.  Hawking heeft dat naar zichzelf vernoemt en dacht eerst dat die hawking straling verloren ging.    Er is een vrij gemakkelijk documentaire hierover, “through the wormhole,” ken je misschien al, er zijn 8 afleveringen met elk een onderwerp

    —>        In een zwart gat is de zwaartekracht zo groot dat alle ruimte binnen het atoom niet meer bestaat en zelf de deeltjes zo tegen elkaar worden gedrukt dat ze “verplettert” worden, resultaat: straling c.q. energie  E=M.C2 of m.a.w. de massa is vervlogen en heeft  plaats gemaakt voor energie  —>  het object  verdwijnt erin, maar het blijft “omgezet ”  bestaan—-> komt er  dus  onder de vorm van  een  hawking straling uit* weer uit  .

    ECHTER 

    •  Dr Hawking  heeft   zijn eigen theorie kort na het publiceren ervan, zelf en geheel verworpen heeft als niet mogelijk.—> Er is wel straling maar die komt  dus  NIET van  / uit het zwarte gat( of als een soort uitgebraakt   energie- restant van de materie die erin werd gezogen  ); maar van de materie aan de randen van het zwart gat  en die  op het punt staat  erin  te worden gezogen 

    Opmerkelijk    . de achterkant van een zwart gat is(WORDT VERONDERSTELD °) identiek te zijn   aan de voorkant.   ?  

*  Een zwart gat trekt naar mijn mening een deur open naar een ander universum…..Een soort wormhole.

ER gaat dus een object in …. ja  ….. en  Ik vraag me vervolgens  altijd af,wat er aan de anderen kant weer uit komt.

—–> er gaat helemaal niets door  ….. een wormgat is geen tunnel … er komt GEEN  straling uit een  zo genaamd wormgat …Dat een zwart gat zelf  straling uitzend is  fout  ….dt heeft S.Hawking  zelf heroepen  ….straling onstaat aan de randen van  het gat  door de materie/energie   die op het punt staat in het gat te vallen  

Dus  ” …..Ze geven en nemen energie van een ander universum. Het is een cyclus. Net zoals melkwegstelsels elkaar opslokken. Zwarte gaten stoten ook energie uit. Vandaar dat we ze kunnen waarnemen. (Dat is energie uit een ander universum.?   … of een terug uitbraken ?  ) ”  ………is volslagen achterhaald door  nieuwe  modellen -bouw  en verdere  meer doorgedreven  theoretische  overwegingen  

—–>  Ik dacht dat  het de de speciale relativiteitstheorie  is die  voorspelde dat de materie weer elders tevoorschijn komt. Geldt dit ook  niet  voor wormgaten?

°  relativiteitstheorie zegt allemaal   niets over zwarte gaten  . 
° de speculatie is dat een zwart gat  =een wormgat //   en dat materie dat  in een  “wit gat”   beland  ergens weer verschijnt……

°Witte gaten zijn alleen nog niet gevonden. en

°wormgaten  als tunnels  tussen twee ( of meerdere ) universa  zijn ook alleen nog maar speculatie ….(of wishtfull thinking ? ) 

°Bovendien “zwarte gaten ” hebben ze eigenlijk ook nog nooit  DIRECT   gezien( er zijn  echter  wel indirecte aanwijzingen van hun bestaan )  

—–>  *  http://www.scientias.nl/eerste-foto-van-zwart-gat-komt-eraan/53992       19 januari 2012  

Astronomen gaan de uitdaging aan. Zij gaan met de Event Horizon Telescope voor het eerst een zwart gat vereeuwigen.Een zwart gat vereeuwigen: het klinkt aanzienlijk gemakkelijker dan het is. Want een zwart gat slurpt alles wat zich in zijn omgeving voordoet naar binnen. Dus ook licht. En aangezien zwarte gaten alleen maar licht tot zich nemen en niets uitstoten, zijn ze onzichtbaar. Elke fotograaf kan u vertellen hoe lastig het is om iets onzichtbaars vast te leggen.

Hoe?
En toch zijn astronomen ervan overtuigd dat ze een zwart gat in beeld kunnen brengen. Hoe? Wanneer een zwart gat materie naar binnen slurpt dan draait het eerst nog even om het zwarte gat heen. Vergelijk het met badwater dat u weg laat lopen. Voor het door het putje gaat, vormt het een draaikolk rond het putje. Daarna verdwijnt het pas. Zo gaat dat ook met materie dat door een zwart gat naar binnen wordt getrokken. Wanneer die materie draait, wordt het samengeperst en gaat de materie gloeien. De gloed is wel waarneembaar, begrenst als het ware het zwarte gat en wordt ook wel de schaduw genoemd. En wanneer we die schaduw vereeuwigen, zien we ook het zwarte gat. Dat is namelijk de donkere ruimte binnen die schaduw.

 

Melkweg
De onderzoekers willen de proef op de som nemen met het zwarte gat dat zich in het centrum van onze Melkweg bevindt. “Tot op heden hebben we indirect bewijs dat zich in het centrum van ons sterrenstelsel een zwart gat bevindt,” legt onderzoeker Dimitrios Psaltis in een persbericht uit. “Maar zodra we de schaduw zien, is er geen twijfel meer mogelijk.”

Event Horizon Telescope
Om die schaduw waar te nemen, moet er heel wat gebeuren. Want het zwarte gat mag dan supermassief zijn. Relatief gezien is het vrij klein. Bovendien is het ook nog eens ver weg: zo’n 26.000 lichtjaar. Om het toch te kunnen zien, is dan ook een hele sterke telescoop nodig. Zo’n sterke telescoop hebben we niet, maar die kunnen we wel maken. Namelijk door zo’n vijftig grote radiotelescopen op aarde met elkaar te laten samenwerken. Samen vormen ze de Event Horizon Telescope. “In essentie maken we een virtuele telescoop met een spiegel die zo groot is als de aarde,” legt onderzoeker Sheperd Doeleman in hetzelfde persbericht uit.

Het is een prachtige uitdaging. Als het de onderzoekers lukt om de rand van een zwart gat waar te nemen dan kan onder meer Einsteins Algemene relativiteitstheorie worden getoetst.

Volgens deze theorie moet de heldere lijn die de schaduw van het zwarte gat omlijnt een perfecte cirkel vormen. Ook kan het onderzoek natuurlijk bijdragen aan een beter begrip van zwarte gaten.

Bronmateriaal:
Scientists Prepare to Take First-Ever Picture of a Black Hole” – UAnews.org
De foto bovenaan dit artikel is gemaakt door Alain r (cc via Flickr.com).

Nieuw zwart gat ontdekt in onze Melkweg

 08 oktober 2012   1

De Swift-satelliet van NASA heeft in ons sterrenstelsel een nieuw zwart gat ontdekt. De satelliet kwam het zwarte gat op het spoor toen deze nabij het hart van de Melkweg een uitbarsting van röntgenstraling zag plaatsvinden.

Deze uitbarsting werd veroorzaakt door een röntgendubbelster. Zo’n dubbelster bestaat uit twee sterren, waarvan één exemplaar super compact is en een neutronenster of een zwart gat vormt. De waarnemingen van Swift wijzen erop dat het hierbij gaat om een zwart gat en een ster die lijkt op onze zon.

Gas van de ster stroomt richting het zwarte gat. Normaal gesproken trekt het zwarte gat het gas geleidelijk naar binnen. Maar in dit geval is dat ietsje anders. Het gas verzamelt zich gedurende decennia voor de ‘poort’ van het zwarte gat en wordt dan plots naar binnen getrokken. En dat heeft Swift nu dus waar mogen nemen. Onderzoeker Neil Gehrels benadrukt dat dat heel bijzonder is. Zulke röntgendubbelsterren waarbij één van de sterren een zwart gat is geworden, worden maar zelden waargenomen en het is voor het eerst dat Swift ze waarneemt. “Dit is echt iets waar we op hebben zitten wachten.”

De röntgendubbelster heeft de naam Swift J1745-26 gekregen. Het object bevindt zich op zo’n 20.000 tot 30.000 lichtjaar afstand. Hoe groot het zwarte gat precies is, is nog onduidelijk. “Zodra de röntgenstraling wegebt, hopen we de massa te kunnen meten en te kunnen bevestigen dat het echt om een zwart gat gaat,” vertelt onderzoeker Boris Sbarufatti.

Bronmateriaal:
NASA’s Swift Satellite Discovers a New Black Hole in our Galaxy” – NASA.gov
De afbeelding bovenaan dit artikel is gemaakt door NASA / ESA.

Zwart gat in onze Melkweg is geen grote slokop

 30 augustus 2013  2

Impressie_zwart_gat

Impressie van het zwarte gat Sagittarius A* met daaromheen jonge sterren die grote hoeveelheden heet gas (geel en rood) uitstoten. Naast dat het gas in eerste instantie door het zwarte gat wordt aangetrokken wordt het overgrote deel weer uitgespuwd (blauw). NASA/CXC/M.Weiss

 

Lang dachten onderzoekers dat zwarte gaten alles wat binnen hun bereik kwam, opslokten. Maar waarnemingen van Chandra laten nu zien dat dat niet klopt. Het zijn geen onverzadigbare, holle bolle Gijzen die alles opeten, maar eerder selectieve diëters die minder dan één procent van het ‘voedsel’ dat ze aangeboden krijgen, naar binnen werken.

Vijf weken lang bestudeerde Chandra het zwarte gat in onze Melkweg: Sagittarius A*, of kortweg Sgr A*. Op basis van de waarnemingen van Chandra konden de onderzoekers voor het eerst gedetailleerd vaststellen wat het zwarte gat  opslokte . En tot hun verrassing was dat zeer weinig.

Oorzaken
Minder dan één procent van de materie in de omgeving van het zwarte gat, verdwijnt uiteindelijk ook echt in het zwarte gat. Dat heeft twee redenen, zo leggen de onderzoekers in het blad Science uit.

Rondom het zwarte gat bevinden zich massieve sterren. “De massieve sterren hebben extreem snelle winden bij zich en die winden botsen en draaien met hoge snelheden in het rond,” vertelt onderzoeker Q. Daniel Wang.

Het resultaat? De gassen worden zeer heet.

“Het zwarte gat blijkt allereerst al moeite te hebben om deze hete gassen te verzamelen. Ten tweede zijn de gassen dan ook nog eens te warm om door het zwarte gat opgeslokt te kunnen worden. Het zwarte gat stoot ongeveer 99 procent van dit superhete materiaal uit en laat slechts een hele kleine hoeveelheid binnen. Dat is logisch, want hoe heter het gas is, hoe moeilijker het voor het zwarte gat is om dit gas binnen te halen.”

 

Sagittarius_door_chandra

Een gecombineerde opname van de omgeving van het superzware zwarte gat in het centrum van de Melkweg in röntgenstraling (blauw) en infrarood (rood en geel). De inzet toont een close-up van Sagittarius A*. De doorsnede van de afgebeelde regio is een half lichtjaar. NASA/UMass/Q.D.Wang et al./STScI  //NASA /

 

 

Röntgenstraling
Het onderzoek verklaart waarom het materiaal dat zich rondom het zwarte gat bevindt bijna geen röntgenstraling afgeeft.

Het materiaal mag dan binnen handbereik van het zwarte gat zijn: slechts een klein deel ervan passeert de waarnemingshorizon, de denkbeeldige grens die materie moet oversteken wil het door het zwarte gat verorberd worden en in röntgenstraling oplichten.

“In tegenstelling tot wat sommige mensen denken, verslinden zwarte gaten niet alles wat ze naar zich toetrekken.                                            Sgr A* vindt het blijkbaar moeilijk een groot deel door te slikken.”

Bronmateriaal:
NASA’S Chandra Catches Our Galaxy’s Giant Black Hole Rejecting Food” – Harvard.edu
Wang, International Team Discover Why Massive Black Holes Consume Less Material Than Expected” – UMass.edu
De foto bovenaan dit artikel is gemaakt door xx (cc via Flickr.com).

http://www.astroblogs.nl/2013/08/29/chandra-ziet-hoe-superzwaar-zwart-gat-melkweg-voedsel-weigert/

—->Misschien  kan het zwaartekrachtveld van het zwarte gat het gas (of eigenlijk plasma) dat te heet is niet verder samen doen trekken.?

° – Dat superhete plasma heeft enorme explosieve elektromagnetische krachten, die  aan  dit zeer sterke zwaartekrachtveld kunnen weerstaan. Hierdoor wordt het hete plasma met grote kracht weggeblazen vanuit het gat in dit plaatje, dus loodrecht op de accretieschijf met de mooie kleuren hierboven.

°- Het zwarte gat ‘braakt’ dus zo alles uit wat het niet op kan slokken  . Bij deze superzware zwarte gaten zit soms een dichte plasma stroom met bijna de lichtsnelheid, die doorgaat over meer dan honderdduizend lichtjaar. Als de aarde in zo’n sterrestorm zou terechtkomen zou de hele atmosfeer er door geïoniseerd en weggeblazen worden.

°- Gelukkig kan dit niet gebeuren door Sagitarius A, want die blaast niet in onze richting. Misschien echter kunnen kleinere zwarte gaten echter soms wel in onze richting gaan blazen. Deze plasma stromen zijn dan wel niet zo heftig, maar zullen wel grote effecten hebben voor de aarde als die erin terecht komt.

 

http://www.kennislink.nl/publicaties/ons-zwarte-gat-is-een-moeilijke-eter

 

De ontdekking die het universum groter maakte

31 mei 2013 · door Roel van der Heijden

Opgelost: kosmische straling komt uit supernova’s

22 februari 2013 · door Roel van der Heijden

Zwart gat stoot recordhoeveelheid materie uit

1 december 2012 · door

Recordsnelheid voor ster rond zwart gat

5 oktober 2012 · door Roel van der Heijden

Zwart gat bestolen van sterrenstelsel

16 februari 2012 · door Roel van der Heijden

 

 

 

°

Bizar sterrenstelsel levert nieuwe inzichten in actieve zwarte

gaten

24 augustus 2013

Markarian 273

Wil je de foto in een hogere resolutie zien? Dat kan hier!

Bovenstaande Hubble-foto laat een merkwaardig sterrenstelsel zien dat bekend staat als Markarian 273. De merkwaardige vorm, inclusief het heldere centrum en de lange staart (dat 130.000 lichtjaar lang is!) doen vermoeden dat het om een samensmelting tussen twee afzonderlijke sterrenstelsels gaat.

Infrarood-waarnemingen hebben uitgewezen dat de kern van het stelsel meerdere componenten bevat, maar ons zicht wordt helaas belemmerd door dichte stofwolken. Nieuwe waarnemingen hebben echter bevestigd dat het centrum van het stelsel twee actieve galactisch kernen bevat, superheldere kernen die worden aangedreven door supermassieve zwarte gaten.

In het centrum van ieder sterrenstelsel bevindt zich een supermassief zwart gat. Ondanks de spannende naam is ons supermassieve zwarte gat (Sagittarius A*) nogal rustig. Alle jonge sterrenstelsels bevatten echter een Actieve Galactische Kern of AGN. Er zijn ook voldoende AGN’s in het lokale universum, maar de vraag blijft hetzelfde: hoe en wanneer worden deze zwarte gaten actief?

Om een antwoord te vinden op deze vraag kijken astronomen naar samensmeltende sterrenstelsels. Als twee stelsels met elkaar in botsing komen, dan vallen de zwarte gaten naar het centrum van het pasgevormde “samengevoegde” sterrenstelsel, waar ze een tijd om elkaar heen draaien – een binair zwart gat dus. Vervolgens zullen de zwarte gaten actief worden: door de botsing verliezen gaswolken voldoende hoekmoment om naar het centrum te vallen, alwaar ze binnen het bereik van de kaken van de zwarte gaten komen. Het is echter lastig te bepalen op welk moment in het samensmeltingsproces dit precies plaatsvindt.

Markarian 273 kan ons meer vertellen over AGN’s. Zoals gezegd heeft het stelsel twee actieve kernen die nog niet zijn samengesmolten. Schijnbaar worden AGN’s actief nadat het stelsel een eind gevorderd is in het samensmeltingsproces, maar voordat de actieve zwarte gaten zelf ook zijn samengesmolten.

Het volledige onderzoek kan hier teruggelezen worden

Bron: Universe Today

°

Hoe ontstaat een zwart gat? NASA toont het u
Eerst cirkelen ze om elkaar heen, alsof ze dansen. Dan beginnen ze te versmelten en voor je het weet zijn ze één. Het is geen beschrijving van een romantische film, maar wel hoe NASA ons toont hoe zwarte gaten ontstaan uit twee sterren.

 

°

 

GEOLOGIE TREFWOORD C

 

 zie onder Geologie

LINKS 

http://www.geologyrocks.co.uk/glossary/letter/c

 

__________________________________________________________________________________________

°

C14-datering  ;   …  is een methode om de ouderdom van fossiel organisch materiaal te bepalen, gebaseerd op het uitgangspunt dat in de lucht het gehalte aan de radioactieve koolstofisotoop C14 vrijwel constant is, maar in het materiaal dat niet in wisselwerking met de lucht is, afneemt door radioactief verval.   /CARBON 14 : A radioisotope of carbon. Its half-life is 5730 years

____________________________________________________________________________________________

°
Calcareniet  …..

http://nl.wikipedia.org/wiki/Calcareniet

http://en.wikipedia.org/wiki/Calcarenite

Calcarenite (Fossiliferous Limestone)

_______________________________________________________________________________________________

°

Calciet 2 3 4 5 6   /  CALCITE  : A mineral composed of calcium carbonate (CaCO3  ). It exists as two forms, low and high Magnesium (Mg). Only low Mg is stable at the Earth’s surface. Calcium Carbonate can also be found as aragonite, which is a polymorph of calcite. Calcite crystals may also show double refraction.

calciet

 //Het mineraal calciet bestaat voornamelijk uit het zout calciumcarbonaat en is één van de meest voorkomende mineralen in de aardkorst. Calciumcarbonaat ontstaat doordat oplosbare calcium-ionen in contact komen met CO2. Wikipedia           Formule: CaCO3

 

calciet  1

 

Het mineraal calciet (CaCo3) bestaat voornamelijk uit calciumcarbonaat. Calciet ontstaat bij een combinatie van in water opgeloste calcium ionen (Ca) en koolstofdioxide (CO2). Veel organismen vormen actief calciet om te gebruiken als skelet. Bijvoorbeeld de echinodermen.

Het mineraal Aragoniet (CaCo3) heeft dezelfde chemische samenstelling als calciet, maar heeft een andere kristalstructuur.Aragoniet is een onstabielere vorm van calciumcarbonaat en is gevoeliger voor oplossing. Fossiele mollusken en scleractienekoralen zijn oorspronkelijk van Aragoniet. Door diagenese wordt dit vaak in afzettingen vervangen door calciet.

Afhankelijk van de soorten en van de chemische samenstelling van de oceanen zijn er periodes geweest met meer afzetting van calciet en andere periodes met meer afzetting van Aragoniet.

CALCITE : Chemical composition: CaCO3. A mineral that is regularly found in the composition of many different types of fossils.-Aragonite (found in ammonite shells etc.) is converted to calcite under conditions of heat and pressure.

-kalkspaat = Calciet   een minerale vorm van calciumcarbonaat http://nl.wikipedia.org/wiki/Calciet

________________________________________________________________________________________________

°

Calcium

      

____________________________________________________________________________________________

°

Calciumcarbonaat//Calciumcarbonaat is het koolzure zout van calcium. —> Wikipedia     Formule: CaCO3  Molaire massa: 100,0869 g/mol   Dichtheid: 2,71 g/cm³  IUPAC-naam: Calcium carbonate  Smeltpunt: 825 °C

______________________________________________________________________________________

CALCIUMCARBONAAT 

kalksteenaragonietcalciet, aeromatt, akadama, albacar, albafil, albaglos, atomite, AX 363, BF 200, brilliant 15, brilliant 1500, britomya, calcene, calcicoll, calcidar 40, calcilit, calmos, calmote, calofil, calofort, calopake, calseeds, caltec, carbium, durkal

http://nl.wikipedia.org/wiki/Calciumcarbonaat

* De schaal van eieren en de schelp van slakken en schelpdieren bestaat grotendeels uit calciumcarbonaat. Het is ook een versterkend mineraal in de schalen van heel wat schaaldieren en insecten.

________________________________________________________________________________________

calcium carbonaat

°
Calcretes 2    CALCRETES, also called Hardpan,  calcium-rich duricrust, a hardened layer in or on a soil. It is formed on calcareous materials as a result of climatic fluctuations in arid and semiarid regions. Calcite is dissolved in groundwater and, under drying conditions, is precipitated as the water evaporates at the surface. Rainwater saturated with carbon dioxide acts as an acid and also dissolves calcite and then redeposits it as a precipitate on the surfaces of the soil particles; as the interstitial soil spaces are filled, an impermeable crust is formed.

San Miguel Island: calcrete

Calcrete on San Miguel Island, Channel Islands, California.   //Todd Clark

http://en.wikipedia.org/wiki/Caliche

Calcrete mine in Omaheke [M. Holker]
Calcrete mine in Omaheke [M. Holker]
Calcrete mine in Omaheke [M. Holker]
Calcrete mine in Omaheke [M. Holker]
Calcrete mine in Omaheke [M. Holker]
Calcrete mine in Omaheke [M. Holker]

_______________________________________________________________________________________________

°

caldera  caldera ( Volcanology) 

View of the 13x8km large caldera of Santorini, Greece, formed during several Plinian eruptions including the Minoan eruption around 1613 BC.

View of the 13x8km large caldera of Santorini, Greece, formed during several Plinian eruptions including the Minoan eruption around 1613 BC.

Öraefajökull volcano, SE-Iceland. The summit caldera of this large, explosive volcano that erupted last in 1728, is occupied by a glacier, which is part of the Vatnajökull ice cap that covers most of SE Iceland.

Öraefajökull volcano, SE-Iceland. The summit caldera of this large, explosive volcano that erupted last in 1728, is occupied by a glacier, which is paLarge crater, usually several kilometers across, formed by the collapse of the roof of a magma chamber emptied by large explosive eruptions.

A caldera is a large, usually circular depression at the summit of a volcano formed when magma is withdrawn or erupted from a shallow underground magma reservoir. The removal of large volumes of magma may result in loss of structural support for the overlying rock, thereby leading to collapse of the ground and formation of a large depression. Calderas are different from craters, which are smaller, circular depressions created primarily by explosive excavation of rock during eruptions. (From USGS Photoglossary).Actually, calderas are a very common feature with most larger volcanoes. During the lifetime of a typical volcano, larger caldera-forming eruptions (that typically discharge around 1 km3 of magma or more) tend to ocur at typical time intervals of a few 1000 years. Subsequent smaller eruptions often rebuid the cone of the volcano, so that earlier calderas often are not easily visible.Famous calderas include Santorini in Greece, the Campi Flegrei caldera, Italy, Crater Lake caldera in Oregon (USA), Yellowstone Caldera, Wyoming (USA), Long Valley Caldera in east California (USA), Batur, Tengger and Krakatoa volcanoes (Indonesia) and many more.– The largest eruption of the 20th century from the Novarupta vent in the Valley of 10,000 Smokes of Alaska, ejected about 12 km3 of magma and resulted in the formation of a caldera 3 km across. Amazingly, the caldera collapse didn’t occur at the eruption vent, but 10 km away at Katmai, a stratovolcano! Apparently magma drained away from Katmai’s magma reservoir to Novarupta’s erupting vent.– Yellowstone National Park consists of three enormous calderas that erupted about 2, 1.2, and 0.6 million years ago. The most recent caldera is 45 km across and 75 km long!– Caldera-forming eruptions are the largest eruptions on Earth. For example, the Fish Canyon eruption in southwestern Colorado (United States) about 28 million years ago erupted more than 5,000 km3 of magma from La Garita caldera. That’s enough magma to bury the entire state of California to a depth of nearly 12 m!(from: USGS Photoglossary)

Related keywords (2):  crater – photoglossary.htmlcrater

Caldera   –>Ingestorte vulkaankrater  –> Een enorme explosiekrater. Hierin kan een nieuwe vulkaan of een meer ontstaan.

°

YELLOWSTONE  PARK   CALDERA 

http://www.scientias.nl/inbeeld/yellowstone-national-park

http://www.dailygalaxy.com/my_weblog/2011/01/is-yellowstone-the-worlds-largest-supervolcano-ready-to-explode.html

 

 

Calyellow

°Groter dan gedacht  

oor:

© thinkstock.

11/12/13 – 17u13  Bron: BBC

De supervulkaan die onder Yellowstone National Park sluimert, is volgens wetenschappers veel groter dan tot nu toe werd aangenomen.

Het park met de fotogenieke geisers in de Amerikaanse staat Wyoming herbergt een krater, de caldera, die elke 600.000 jaar tot uitbarsting komt. Uit seismologisch onderzoek is naar voor gekomen dat een mogelijke eruptie veel uitgebreider zal zijn dan eerst werd gevreesd.Zo blijken de magmakamer en de hoeveelheid superheet gesmolten gesteente twee keer zo groot dan eerdere schattingen uitwezen. De holte onder het park heeft een lengte van bijna 90 kilometer en bereikt dieptes tot 15 kilometer onder het aardoppervlak.Een uitbarsting van zo’n supervulkaan zou het hele klimaat op aarde kunnen beïnvloeden. De planeet zal jarenlang in een deken van vulkanische as gehuld worden, wat zal leiden tot een ijstijd.Wanneer de supervulkaan opnieuw uitbarst, is koffiedik kijken. We kennen enkel de data uit het verleden. Yellowstone veroorzaakte al zeker drie keer eerder een supereruptie: 2,1 miljoen jaar, 1,3 miljoen jaar en 640.000 jaar geleden.

°

°Caldera  /  CALDERA : A large, more or less circular depression or basin associated with a volcanic vent. Its diameter is many times greater than that of the included vents. Calderas are believed to result from subsidence, or collapse, and mayor may not be related to explosive eruptions

___________________________________________________________________________________________________

°

Caledonische orogenese     De Caledonische orogenese was een fase van gebergtevorming of orogenese gedurende het Paleozoïcum. Deze fase van gebergtevorming heeft sporen achtergelaten in het noorden van Europa, op Groenland enen in delen van Noord-Amerika … Wikipedia

Ligging van de Caledonische gebergtegordel in het Vroeg-Devoon, na afloop van de Caledonische orogenese. De huidige kustlijnen en namen van de verschillende delen van de gebergtegordel zijn aangegeven. Later bewogen deze delen uit elkaar door het ontstaan van de Atlantische Oceaan.

_______________________________________________________________________________________________

°
Caliches 2    voorbeelden  van  duricrusts  = harde korsten

…..http://en.wikipedia.org/wiki/Caliche

_________________________________________________________________________________________________

°

CALVING ( AFKALVEN ) The breaking off of large blocks of ice from a glacier that terminates in a body of water. capacity The maximum quantity of sediment a given stream, glacier, or wind can carry under a given set of conditions

___________________________________________________________________________________________________

°  Cambrian  : The earliest defined geological period spanning 542-483Ma. Time before the Cambrian is referred to as the Pre-Cambrian, making the Cambrian the first period of thePalaeozoic Era. All fossils from this period are marine and the beginning of this period saw the Cambrian Explosion; an apparent burst of evolution.

The Cambrian is split into four Epochs, Lower Series, Series 2, Series 3 and Furongian

CAMBRIUM https://tsjok45.wordpress.com/2012/09/01/cambrische-explosie/ 

° Misvattingen ° /wat toont het fossielen verslag°      

 Cambrium 2 3

______________________________________________________________________________________________

°

CAMPECHE ESCARPEMENT

Onderzeese klif  (inslagkrater  Golf van Mexico )

Perspectiveview02_lrg
Sixty five million years ago, an asteroid or comet crashed into a shallow sea near what is now the Yucatán Peninsula of Mexico. The resulting firestorm and global dust cloud caused the extinction of many land plants and large animals, including most of the dinosaurs. At this week’s meeting of the American Geophysical Union (AGU) in San Francisco, researchers will present evidence that remnants from this devastating impact are exposed along the Campeche Escarpment—an immense underwater cliff in the southern Gulf of Mexico shown above.

Campeche-all-black-750

11 december 2013 4

Ongeveer 65 miljoen jaar geleden zette een komeet of planetoïde met een donderend geweld de ondergang van onder meer de dinosaurussen in gang. Wetenschappers denken nu restanten van die verwoestende inslag gevonden te hebben langs een immense onderzeese klif in de Golf van Mexico.

Wetenschappers zijn ervan overtuigd dat de komeet of planetoïde die ongeveer 65 miljoen jaar geleden neerstortte één van de grootste massa-extincties die onze planeet ooit doormaakte in gang zette. En door de jaren heen hebben onderzoekers ook een redelijk goed beeld van die rampzalige inslag gekregen. Zo weten we dat de komeet of planetoïde insloeg in wat tegenwoordig Yucatán is.

De Golf van Mexico, met de klif (Campeche Escarpment). Afbeelding: Google Earth.

De Golf van Mexico, met de klif (Campeche Escarpment). Afbeelding: Google Earth.

Onzichtbare krater
De inslag resulteerde in een 160 kilometer brede krater. Helaas is die krater vandaag de dag bijna onzichtbaar: honderden meters puin en bijna een kilometer aan zeesedimenten onttrekken de krater aan het zicht. Hoewel er in gesteenten wereldwijd wel sporen van de inslag zijn teruggevonden, is er naar de gesteenten in de buurt van de inslagkrater maar weinig onderzoek gedaan. Dat is goed te verklaren: de gesteenten zitten zo diep dat het heel lastig is om ze te onderzoeken. Daarvoor moeten namelijk hele diepe gaten geboord worden.

De klif
Onderzoeker Charlie Paull, verbonden aan het Monterey Bay Aquarium Research Institute, speelde echter al enige tijd met de gedachte dat het misschien wel veel gemakkelijker was dan gedacht om de gesteenten in de buurt van de krater te bestuderen. Hij vermoedde dat gesteenten die verband houden met de inslag wel eens bloot zouden kunnen zijn komen te liggen langs een 600 kilometer lange onderzeese klif ten noordwesten van Yucatán. De klif in kwestie is bijna 4000 meter hoog en enigszins vergelijkbaar met de wanden van de Grand Canyon. Die wanden bestaan uit netjes op elkaar gestapelde laagjes gesteenten die ons stuk voor stuk iets kunnen vertellen over de tijd waarin zij tot stand kwamen.

Een kaart van de klif, met een laagje gesteenten dat wel eens uit de tijd van de inslag zou kunnen stammen. Afbeelding: © 2013 MBARI.

Een kaart van de klif, met een laagje gesteenten dat wel eens uit de tijd van de inslag zou kunnen stammen. Afbeelding: © 2013 MBARI.

In maart van dit jaar maakte Paull met behulp van sonarapparatuur een gedetailleerde kaart van de klif. Die kaarten zijn nu terug te vinden in Google Maps en Google Earth. Vooralsnog lijken ze het vermoeden van Paull te onderschrijven. In de toekomst hoopt Paull met behulp van onderwaterrobots een beter beeld van de klif te krijgen en te kunnen vaststellen of deze daadwerkelijk sporen vertoont van één van de grootste massa-extincties die onze planeet ooit doormaakte.

Bronmateriaal:
Mapping the demise of the dinosaurs” – MBARI.org
De foto bovenaan dit artikel is afkomstig van MBARI

Researchers think these undersea cliffs may hold geological clues to the dinosaurs’ demise. This close-up image of the Campeche Escarpment from the 2013 sonar survey shows the proposed contact between rocks of Cretaceous age (below) and younger rocks (above).
Credit: (c) 2013 MBARI 

 http://m.livescience.com/41843-undersea-cliff-dinosaur-extinction.html

Bathymetric map of

Campeche Escarpment 

Cliff
Google Earth
Detailed underwater views of the Campeche Escarpment are available n Google Earth and Google Maps.
_________________________________________________________________________________________________

°

Campostromatoidea

_________________________________________________________________________________________________

°

CANYON  

GROENLAND

 Onder het Groenlandse ijs zit een canyon verborgen.

HLN / EOS  30 augustus, 2013 –

Wetenschappers hebben één van ’s werelds grootste canyons ontdekt onder het Groenlandse ijs. De gigantische kloof die 800 km lang en tot 800 meter diep is, werd vier miljoen jaar geleden door een rivier uitgehouwen nog voor de komst van het ijs.

De ontdekking gebeurde per toeval toen de wetenschappers met een radar onder de ijslaag keken om de gevolgen van klimaatverandering in kaart te brengen.

3D-beeld van de canyon onder Groenland, gezien in noordwestelijke richting vanuit het centrum van het land. (Foto: J. Bamber)

kloof     NASA.

Zo’n 750 kilometer lang is hij, en op sommige plaatsen tot 800 meter diep. De canyon die wetenschappers ontdekten op Groenland, is vergelijkbaar met delen van de Grand Canyon in het Amerikaanse Arizona. Alleen bevindt hij zich onder het ijs, melden ze in Science.De wetenschappers analyseerden duizenden kilometers radargegevens, onder meer van de NASA, om het landschap onder het ijs in kaart te brengen. Bij bepaalde frequenties laat het ijs de radargolven door, waarna die weerkaatsen op de rotsen eronder. Zo kwamen ze de canyon op het spoor.Volgens de onderzoekers is de canyon cruciaal voor het afvoeren van smeltwater naar de oceaan. Vermoedelijk speelde hij al een belangrijke rol in het watertransport op Groenland voor het met ijs was bedekt, meer dan 4 miljoen jaar geleden.De wetenschappers wijzen erop dat in tegenstelling tot wat we soms denken, op Groenland nog veel te ontdekken valt. (ddc)Bronmateriaal:
NASA Data Reveals Mega-Canyon under Greenland Ice Sheet” – NASA.gov
Mega-canyon discovered beneath Greenland ice sheet” -Bristol.ac.uk

ANTARCTICA

Wetenschappers hebben ontdekt dat zich onder het dikke pak ijs op West-Antarctica een 1,6 kilometer diepe vallei bevindt. De vallei doet qua grootte denken aan de Grand Canyon en qua diepte aan de grote Afrikaanse slenken.

“We hebben onder het ijs een enorme vallei gevonden waarvan sommige delen ongeveer één mijl (1,6 kilometer) dieper zijn dan het omringende landschap,” vertelt onderzoeker Robert Bingham. “Als je vandaag de dag al het ijs hier weg zou halen, dan zou je een landschap zien dat net zo dramatisch is als de enorme slenken die je in Afrika vindt en qua grootte lijkt het op de Grand Canyon.”

Plat
En dat zou u als u het landschap vandaag de dag ziet, niet zeggen. Het landschap is namelijk helemaal plat. Waarschijnlijk is de enorme vallei daardoor zo lang onopgemerkt gebleven. De onderzoekers ontdekten de vallei met behulp van een radarsysteem dat door het ijs heen kon ‘kijken’, zo meldt het blad Nature.

 

Verklaring
De wetenschappers zijn heel blij met de ontdekking van de vallei. Deze verklaart namelijk een hoop.

“De afgelopen twintig jaar hebben we het verlies van ijs op Antarctica met satellieten gevolgd en we hebben rond de kustlijn consistente en substantiële verliezen van ijs gezien. Sommige gletsjers, waaronder de Ferrigno Ice Stream, verliezen bijzonder veel ijs en om te begrijpen waarom, moeten we informatie verzamelen over de situatie onder het ijs.” Het leverde deze spectaculaire ontdekking op. En die ontdekking kan verklaren waarom het ijs op sommige plaatsen zo snel smelt. “Wat deze studie laat zien is dat deze oude vallei en de andere valleien die onder het ijs zijn ontdekt en verbonden zijn met de opwarmende oceaan de stroom van ijs kunnen beïnvloeden en het verlies van ijs kunnen vergroten doordat ze veranderingen die aan de kust plaatsvinden verder landinwaarts brengen,” legt onderzoeker Fausto Ferraccioli uit.

Doordat onderzoekers het verlies van ijs nu beter kunnen verklaren, is het ook gemakkelijker om te voorspellen wat het ijs in de toekomst gaat doen. En dat is heel belangrijk: Antarctica levert een flinke bijdrage aan de zeespiegelstijging. En (laag gelegen) landen kunnen alleen effectieve maatregelen treffen als we ongeveer weten hoe sterk de zeespiegel gaat stijgen.

Geology of the Grand Canyon area –     Bryce Canyon National Park – Wikipedia           Geology of the Zion and Kolob canyons area – Wikipedia, the free      Geology of the Bryce Canyon area – Wikipedia, the free encyclopediaµ   Geology of the Canyonlands area – Wikipedia, the free encyclopedia    Grand CanyonWikipedia  Grand Canyon – Black Canyon of the Gunnison National Park –    Cloudland Canyon State Park – 

°

Capillaire
-continue
-franje
-open
-vol
-zoom

°CAPILLARY  : A small, tubular opening with a diameter about that of a human hair

°CAPILLARY ACTION : The action by which a fluid (such as water) is drawn up into small openings (such as pore spaces in rocks) due to surface tension

°CAPILLARY FRINGE :A zone above the water table in which water is lifted by surface tension into openings of capillary size

° Caprock  ……is een afdekkende laag boven een zoutpijler bestaand uit carbonaten en sulfaten.

Carapax

°CARBONACEOUS   : Containing carbon

Carbonicola
Carbonisatie 2

°Carbonate      Carbonates are compounds in which one or more metallic or semi-metallic elements have combined with the carbonate radical (CO3). It also refers to a sediment or a sedimentary rock formed by precipitation of carbon from an aqueous solution of carbonates (typically calcium, magnesium, or iron). Limestone is a carbonate rock. An common example of a carbonate mineral is calcite.

° CARBONATE MINERAL :…A mineral formed by the bonding of carbonate ions (CO32-) with positive ions. Examples: calcite (CaCO3), dolomite [CaMg(CO3)2

°CARBONATE ROCK : A rock composed mostly of carbonate minerals. Examples: limestone, dolomite./

Carbonaatgesteente /Sedimentair gesteente kan behalve uit silicaten ook uit carbonaatmineralen bestaan, zulk gesteente wordt carbonaatgesteente genoemd. De meest voorkomende carbonaatmineralen zijn calciet, aragoniet en dolomiet.

*Een gesteente dat grotendeels uit calciet bestaat wordt kalksteen genoemd, een gesteente dat uit dolomiet bestaat wordt dolosteen genoemd. Ook carbonaatgesteente kan detritisch zijn, het bestaat dan uit klasten opgebouwd uit carbonaten.

*Carbonaatgesteente kan echter ook biogeen zijn, dat wil zeggen dat het door organismen is gevormd. Een voorbeeld van organismen die kalksteen vormen zijn koralen of kalkalgen. Biogeen carbonaatgesteente wordt vrijwel alleen in de zee gevormd.

*Een derde groep zijn de chemische carbonaatgesteenten. Dit gesteente vormt door de neerslag van carbonaatmineralen. Voorbeelden van dit type zijn travertijn en caliche.

http://nl.wikipedia.org/wiki/Sedimentair_gesteente
Carboon

°  Carboniferous ;  (CARBOON) The fifth period of the Palaeozoic. Spans 359-299Ma, and is famous for the extensive coal beds

Epochs:

  • Gzhelian 302-299Ma
  • Kasimovian 306-303Ma
  • Moscovian 311-306Ma
  • Bashkirian 318-311Ma
  • Serpukhovian 326-318Ma
  • Viséan 345-326Ma
  • Tournaisian 359-345Ma

___________________________________________________________________________________
CARBONATES 

http://www.geologyrocks.co.uk/tutorials/introduction_to_carbonates

Carbonates: Those rocks and minerals which have CO3 within their composition. Examples include limestone (CaCO3), Malachite (CuCO3CU(OH)2) and dolomite (CaMg(CO3)2).

http://en.wikipedia.org/wiki/Carbonate_minerals

 

Some typical environments that carbonates can form.

carbonates (coastal)deposits

carbonates (coastal)deposits

http://csmres.jmu.edu/geollab/Fichter/SedRx/carbdepoenvir.html

Carbonate Depositional Environments

Simplistically, carbonate depositional environments form in five belts that run parallel to the coastline. These are, tidal flat, lagoon reef, shelf, and basin. After this many other divisions are possible.

http://www.geol.umd.edu/~jmerck/geol342/lectures/15.html

Eolian Dune Depositional Environments

Eolian Dune Depositional Environments

 

 

 

http://www.beg.utexas.edu/lmod/_IOL-CM02/cm02-step04.htm

Carbonate eolianites are deposited as coastal dunes immediately landward of high-energy beaches (McKee and Ward, 1983). They commonly form a transverse ridge parallel to the shoreline, with the windward side facing the open sea and the leeward side facing inland (see below). As with beaches, eolian dunes can form in several areas of the platform.

Isla Cancun barrier island off Yucatan Peninsula, Mexico, with Holocene eolian dune development. From Loucks and Ward (2001).

Isla Cancun barrier island off Yucatan Peninsula, Mexico, with Holocene eolian dune development. From Loucks and Ward (2001).

 

 

http://www.utexas.edu/depts/grg/hudson/grg394k/studentprojects/rush/paper.html

____________________________________________________________________________________

CATASTROPHISM ….. The belief that geologic history consists of major catastrophic events involving processes that were far more intense than any we observe now. ––> Cuvier  /Contrast with uniformitarianism

°CAVE : (GROT /SPELONK ):….A naturally formed subterranean open area, or chamber, or series of chambers, commonly produced in limestone by solution activity

____________________________________________________________________________________

 

Chaparrastique-vulkaan in El Savador barst uit

vulkaan

In El Salvador is gisteren de Chaparrastique-vulkaan uitgebarsten. Deze vulkaan ligt slechts vijftien kilometer van San Miguel, één van de grootste steden van Latijns-Amerikaanse land. Duizenden mensen in een straal van drie kilometer zijn geëvacueerd.

De uitbarstingskolom, bestaande uit heet vulkanisch as, bereikt een hoogte van vijf kilometer. Dat is meer dan twee keer zo hoog als de totale hoogte van de vulkaan.

De zwaveldioxidepluim (rood) bereikt ook buurlanden Honduras en Nicaragua.

De Chaparrastique-vulkaan is regelmatig actief. In 2002 produceerde de vulkaan een kleine VEI 1-eruptie. Op devulkanische-explosiviteitsindex stelde deze eruptie niet veel voor. Een VEI 1-eruptie komt wereldwijd namelijk dagelijks voor. De laatste grote eruptie vond plaats in 1967, toen was er sprake van een VEI 2-eruptie. Een VEI 2-eruptie is doorgaans tien keer zwaarder dan een VEI 1-eruptie. Gezien de hoogte van de eruptiekolom lijkt de uitbarsting van 29 december 2013 een VEI-2 of wellicht een VEI 3-eruptie te zijn.

Er zijn nog geen slachtoffers gevallen, maar het neerdalende as vormt wel een risico voor longpatiënten.

 

 

video van de spectaculaire uitbarstingskolom boven de Chaparrastique-vulkaan.

 

 

 

 

_____________________________________________________________________________________

Celadoniet is een zacht groen mineraal dat laagsgewijs is opgebouwd. Het mineraal behoort tot de groep van Mica. Het heeft de ingewikkelde chemische formule K(Mg, Fe2+)(Fe3+,Al)[Si4O10](OH)2.

celadonite 0483496001146907210

http://www.mindat.org/photo-60373.html

© Photo & Collection of Martins da Pedra  – .

Sample with several voids filled with celadonite – Overall size 10x5x3cm – December of 2000

Celadoniet-Heulandiet

http://en.wikipedia.org/wiki/Celadonite

http://nl.wikipedia.org/wiki/Celadoniet

_______________________________________________________________________________________

°

Cement: That material which binds together particles within a rock.

°CEMENTMinerals precipitated from ground water in the pore spaces of a sedimentary rock and binding the rock’s particles together  /Sedimentaire gesteenten zijn vaak verzadigd met grondwater, waarin mineralen kunnen oplossen en neerslaan. Het neerslaan van mineralen (cementatie) zorgt ervoor dat de poriënruimte in het gesteente kleiner wordt. De neergeslagen mineralen vormen een cement, dat het gesteente compacter en harder maakt

Cementering 2 3
Cementkwartsieten

° CENOZOICUM  : The era of geologic time from the end of the Mesozoic era (65 million years ago) to the present

Eon Eratheem
Era
Systeem
Periode
Serie
Tijdvak
Tijd geleden Ma)
Fanerozoïcum Cenozoïcum Kwartair Holoceen 0 – 0,0117
Pleistoceen 0,0117 – 2,588
Neogeen Plioceen 2,588 – 5,333
Mioceen 5,333 – 23,03
Paleogeen Oligoceen 23,03 – 33,9
Eoceen 33,9 – 56,0
Paleoceen 56,0 – 65,5
Mesozoïcum Krijt Laat ouder

Het Cenozoïcum is het laatste era uit de geologische geschiedenis tussen 66,0 miljoen jaar geleden (Ma) en nu. Het wordt onderverdeeld in de Systemen/Perioden en Series/Tijdvakken:

De era voorafgaand aan het Cenozoïcum heet het Mesozoïcum.

http://nl.wikipedia.org/wiki/Cenozo%C3%AFcum

____________________________________________________________________________________________

Cerithium
Cerithiumklei

________________________________________________________________________________________________
Chalcedoon 2
° CHALCEDOON / CHALCEDONY :  A general term for fibrous cryptocrystalline quartz /

http://nl.wikipedia.org/wiki/Chalcedoon

Chalcedoon is een variëteit van het mineraal kwarts met een witblauwe kleur. Het mineraal heeft de chemische formule SiO2, met sporen van ijzer, mangaan, mangaanoxide en koper.

Het is een zeer zuivere kwarts die eigenlijk wit is. De  blauwachtige  kleur is een gevolg van een natuurkundig verschijnsel dat ontstaat door de microkristallijne structuur van de steen (Tyndall-effect).

chalcedoongeode

Chemische samenstelling

ruwechalcedoon

chalcedoon ontstaat door snelle afkoeling bij lage temperaturen en geringe druk en heeft daardoor geen zichtbare kristallen. Chalcedoon is een kwarts

chalcedoon is siliciumdioxide plus ingesloten water.

Samenstelling: SiO2 + H2O Hardheid: 6,5 – 7 Glans: glasglans, mat, zijdeglans, wasglans Transparantie: meest doorschijnend, ook halfdoorzichtig, opaak Breuk: ruw, schelpvormig Splijtbaarheid: geen Dichtheid: 2,58 – 2,64 Kristalstelsel: microkristallijn, trigonaal

Chalcedoon wordt veel gevonden bij holtes en breuken in gesteente. Een streeppatroon ontstaat als de steen uit stromend kiezelzuur ontstaat. Wordt hij in stilstaand kiezelzuur gevormd, dan is hij gelijkmatig doorschijnend en zonder bandering.

Chalcedoon is als het ware een opvulmiddel in holle ruimtes van gesteente.

°CHALK (krijt)   :

Chalk

A variety of limestone composed of shells of microscopic oceanic organisms

A fine grained, white calcium carbonate composed of coccoliths. Common in the Cretaceous of western Europe.

The White Cliffs of Dover are a classic example of chalk cliffs.(krijtrotsen ) 

 

The White Cliffs of Dover

The White Cliffs of Dover

 

° CHEMICAL DECOMPOSITION (CHEMISCHE VERWERING ) : Synonymous with ” chemical weathering  ”  /Chemical reactions that act on rocks exposed to water and the atmosphere so as to change their unstable mineral components to more stable forms. Oxidation, hydrolysis, carbonation, and direct solution are the most common reactions. 

°

Chemische sedimenten 2 3

°

Chemische (erosie) verwering   <—  Het gesteente wordt aangetast door de inwerking van water, zuurstof en andere zuren. (de chemische samenstelling verandert)

°

Chert 2 3    ° CHERT :  A sedimentary rock composed of granular cryptocrystalline silica  / hoornsteen

Chert is a chemical precipitate formed by groundwater. Chert can also form by biochemical accumulation of silica-rich fossils in deep marine environments; however, distinction requires microscopic examination.

  • Sediment type: chemical/biogenic
  • Composition: quartz
  • Grain Size: microscopic
  • Common Sedimentary Environments: groundwater precipitate or deep-marine biogenic accumulations
  • Other Characteristics: highly variable in color but easily recognized by its high hardness, very fine grain size and conchoidal fracture

(archeology)Arrowheads in Texas and elsewhere were commonly crafted from chert

Chert (microcrystalline quartz) (SiO2) includes chalcedony, agate, jasper, and flint.(vuursteen https://nl.wikipedia.org/wiki/Vuursteen)  Chert and flint are so similar that there is no sharp distinction between them. Dark-colored nodules are called flint, and the light-colored variety is called chert. The variation may be due to the inclusion of variable amounts of organic matter. Other chert colors can include pink, brown, and purple. Chert has a conchoidal fracture, a hardness of around 7, a dull luster, and a colorless streak.

The irregular masses of chert that are common in Texas limestones may have been formed by silica-rich groundwater passing through the sediments before they were lithified (formed into rocks). These irregular masses, known as nodules(= vuursteen knollen ) , often have exotic shapes uninfluenced by the textures in the host limestone.

https://en.wikipedia.org/wiki/Chert  /

Afbeeldingen van FLINT <–

Chert  Microcrystalline silica (SiO2).

FLINT   is the best known example.

http://geology.com/rocks/flint.shtml

 

chert: vuursteen : flint

chert: vuursteen : flint

Flint is a variety of microcrystalline or cryptocrystalline quartz. It occurs as nodules and concretionary masses and less frequently as a layered deposit. It breaks consistently with a conchoidal fracture and was one of the first materials used to make tools by early people.

 

 

°

Chloriden
Chloriet 2 3
Chlorietgroep

°Chronostratigrafie is stratigrafie op grond van ouderdom.     Chronostratigrafie 2 3

°chronostratigrafische eenheid …..is een gedefinieerde en benoemde stratigrafische eenheid onderscheiden op grond van tijd; gesteentepakket uit een bepaalde periode.

Chrysopaas

°C-HORIZON  :  The zone of soil consisting of partly decomposed bedrock underlying the B horizon. It grades downward into fresh, unweathered bedrock

°

CINDER  : (SINTEL ) A fragment of volcanic ejecta from 0.5 to 2.5 cm in diameter /http://en.wikipedia.org/wiki/Cinder

°CINDER CONE : (SINTELKEGEL )A cone-shaped hill composed of loose volcanic fragments /http://nl.wikipedia.org/wiki/Sintelkegel

Lava fountain from the main vent of Pu`u `O`o adds new tephra to its towering spatter and cinder cone. In 1986, the cone was about 255 m tall. The summit was built higher than the main vent (about 86 m higher) as tephra from dozens of tall fountains between 1983 and 1986 was blown by the persistent trade winds toward the southeast

A small short-lived lava fountain built this elongate cone of spatter around a vent located on the flank of the much larger Pu`u `O`o spatter and cinder cone. This spatter cone is 4-5 m tall

Long-lived basaltic lava fountains that erupt spatter, scoria or cinder, and other tephra from a central vent typically build steep-sided cones called spatter-and-cinder cones. The greatest bulk of these cones consists of spatter, but during fountaining a lava flow usually pours down one side of the cone. Eruptions that build spatter and cinder cones are much longer in duration and much more varied in intensity than those that eject only spatter to build spatter cones and ramparts

_______________________________________________________

°

CIRQUE  :

http://en.wikipedia.org/wiki/Cirque

An amphitheater-shaped depression at the head of a glacial valley, excavated mainly by ice plucking and frost wedging

Glacial ice usually accumulates in an amphitheater-like hollow in a mountainside called a cirque.

http://www.geol.umd.edu/~jmerck/geol100/lectures/35.html

http://www.pbase.com/dougsherman/image/93200873

(AG14) Cirque, Glacier National Park, MT

(AG14) Cirque, Glacier National Park, MT

 

 

 

 

(http://www.swisseduc.ch/glaciers/glossary/cirque-glacier-en.html)

Teton cirque glacier, Wyoming, USA

 

http://learningglaciers.blogspot.be/2012/08/types-of-glacier.html

Cirque

___________________________________________________________________________________________

CIRRIPEDIA 

Cirripedia 2

http://nl.wikipedia.org/wiki/Rankpootkreeften

 

__________________________________________________________________________________________________

Citrien

Citrien of citroenkwarts is de citroengele doorschijnende variant van het mineraal kwarts (SiO2).

Afbeeldingen van citrien

http://nl.wikipedia.org/wiki/Citrien

 

 

citrien

 

____________________________________________________________________________________________________

°  Cladogenesis   /  The evolution of two or more daughter species from a single parent species by the splitting of a lineage

________________________________________________________________________________________________

° CLASTIC  :  

1 Pertaining to fragments (such as mud, sand, and gravel) produced by the mechanical breakdown of rocks.

2 A sedimentary rock composed chiefly of consolidated clastic material

° Clastic texture  ; The texture of sedimentary rocks consisting of fragmentary particles of minerals, rocks, and organic skeletal remains

°Citrine    CITRINE  :    Variety of quartz. Yellow-orange in colour.

Afbeeldingen van citrine rock <—

http://www.gemstoneslist.com/citrine.html

Uncut Citrine  From Brazil. Photo by Grzegorz Framski

Uncut Citrine
From Brazil. Photo by Grzegorz Framski

 

Image courtesy of Grzegorz Framski.

Classificatie 2 3 4 5 6 7

° CLAY ( KLEI )  :  Sedimentary material composed of fragments with a diameter of less than 1/256 mm. Clay particles are smaller than silt particles

°CLAY MINERALS  ( KLEIEN ) : A group of fine-grained crystalline hydrous silicates formed by weathering of minerals such as feldspar, pyroxene, or amphibole

Cleavage
° CLEAVAGE  ( KLIEF-RICHTING /kliefwas / CLIVAGE )  :  The tendency of a mineral to break in a preferred direction along smooth planes …. Mineralen splijten,  zoals sommige houtsoorten,  in een enkele richting:  kliefwas genoemd.—> Breukvlak

Cleavage  /The distinct planes of weakness that a mineral breaks along. The picture below shows clear cleavage lines.

 

fluorite-octahedral-cleavage2

fluorite-octahedron cleavage
Fluorite is one of the few minerals that have four directions of cleavage.  If a crystal of fluorite is
carefully cleaved so that the resulting form has faces of equal size and shape, an octahedron with
8 faces is formed.  Miners who worked in the Cave-in-Rock fluorite district of southern Illinois used
to spend their free time during lunch hours cleaving fluorite into collectible octahedrons.

 

http://skywalker.cochise.edu/wellerr/mineral/fluorite/fluorite2.htm

 

°Cline  /A gradual change in an allele frequency or in the mean of a character over a geographic boundary.

Cliona 2

Cloacadieren
Clionidae
Clypeaster
Clypeasterina
Clypeasteroida
Cnidaria 2

° COBBLE (KEIEN/ rolstenen  )   :  A rock fragment with a diameter between 64 mm (about the size of a tennis ball) and 2567 mm (about the size of a volleyball). Cobbles are larger than pebbles but smaller than boulders

° COCONINO  

coconino sandstone

°COLUMNAR JOINTING :  A system of fractures that splits a rock body into long prisms, or columns. It is characteristic of lava flows and shallow intrusive igneous flows

Joints are fractures in rocks, and columnar joints are a specific type of joint pattern. Columnar joints contain aspects of both petrology and structural geology, but the discussion will address only the structural aspect. Columnar joints are defined as parallel, prismatic columns in basaltic flows and sometimes other rocks, and this specific pattern is a result of cooling (Bates and Jackson, 1984). The columns are normally found in shallow intrusive or extrusive igneous rock bodies, generally, basaltic, sills, dikes and lava flows.

The columnar fractures are a result of the cooling process. The basalt cools rapidly from the outside toward the center, causing shrinkage cracks to form, commonly, in a hexagonal pattern. There are examples of the more uncommon forms that display 3 to 12 sides. The shape of the columns is attributed to tensional stress. The columns vary from a few inches to several feet in diameter. The length of the column is ordinarily perpendicular to the contact. Hill (1972) explains that the sides of the columns commonly exhibit horizontal markings called chisel marks. Where a column may have broken, one side exhibits a concave surface and the other a convex surface – this is called cup and ball jointing.

There are several places in the United States where columnar jointing is exhibited, a few examples are, Devils Postpile in California, Devils Tower in Wyoming (pictured below), Sheepeaters Cliffs in Yellowstone National Park, and Palisades sill in New Jersey.

Giant’s Causeway in Ireland.

 

 

Afbeeldingen van Giant’s Causeway in Ireland.

 

Coesiet
Cohesie 2

 

 

°

 

 

Compaction: The process whereby, during diagenesis, a sediment’s grains are packed together and pore spaces and water are largely eliminated.

Compactie 2 3

° COMPETENCE : The maximum size of particles that a given stream, glacier, or wind can move at a given velocity

Competent gesteente
Competente snelheid

°Compressie….. is de samendrukking ten gevolge van twee naar elkaar toe bewegende delen (platen) van de lithosfeer  /

.°COMPRESSION  A system of stresses that tends to reduce the volume of or shorten a substance

°COMPOSITE  VOLCANO :    A large volcanic cone built by extrusion of alternating layers of ash and lava. Synonymous with stratovolcano

shasta.jpg

Mt. Shasta

Composite volcanoes are the most beautiful – – – and ! – – – the most deadly of the volcano types, at least in Holocene time.

Their lovely steep-sided, symmetrical cone shapes are built up by eruptions of intermediate viscosity andesitic lava and explosive tephra.

Examples of composite volcanoes, also called stratovolcanoes, are Mount Shasta in California, Mount St. Helens and Mount Rainier in Washington state, and Mount Fuji in Japan.

stratovolcano.gif (9900 bytes)

http://geology.isu.edu/wapi/envgeo/EG6_volcano/volcanoes.htm

Concaaf 2 3
Conchifera 2 3

°

Conchoidal: Denoting a rock fracture that is curved and has concentric ripples radiating from the point of impact.

°

CONCHOIDAL FRACTURE : A type of fracture that produces a smooth, curved surface. It is characteristic of quartz and obsidian     http://en.wikipedia.org/wiki/Fracture_(mineralogy)

Obsidian bearing well-developed conchoidal (clam-shell-shaped) fracture with concentric ribs, as displayed at the recent U.S. Science and Engineering Festival on the National Mall by a local gem/fossil/mineral club.

°

CONCRETION  : A spherical or ellipsoidal nodule formed byaccumulation of mineral matter after deposition of sediment

*Concretions: Masses formed, usually around a nucleus, during diagenesis. Two examples are flint nodules within chalk, and mudstone nodules within shale. Concretions are often fossiliferous, with the fossil providing the nucleus for growth.

Concordant 2
Concreties 2 3

° Condensaat …..is een complexe koolwaterstofverbinding, lichter dan aardolie en zwaarder dan aardgas.—> Koolwaterstoffen

°

Cone-in-cone structure: A structure, often formed of calcite, that is sometimes mistakenly identified as a fossil. Its appearance is that of a suite of cones stacked within each other.

Conformable: Denoting a sequence of deposits that has accumulated without a break in deposition.

°Congelifraction   / See frost wedging.

Congelifluctie

Conglomeraten  °Conglomerate  / CONGLOMERAAT   / A clastic rock composed of a fine matrix and rounded class. This is in contrast to a breccia. /

Conglomerate

Photo by Daniel Mayer. Released under terms of the GNU FDL. From Wikipedia.

A coarse-grained sedimentary rock composed of rounded fragments of pebbles, cobbles, or boulders

Conglomerates: Rocks composed of rounded pebbles cemented together.

___________________________________________________________________________________

° CONE OF DEPRESSION : A conical depression of the water table surrounding a well after heavy pumping

Coniconchia
Conoclypina
Conodonten

°CONSEQUENT  STREAM   : A stream that has a course determined by! or directly resulting from, the original slope on which it developed. contact The surface separating two different rock bodies

    Trellis style drainage networks dominate in folded rock terrains.Streams can be classified as obsequent – flowing opposite to the dip direction, consequent, flowing parallel to the dip direction and subsequent streams flow parallel to the direction of strike. The obsequent streams are generally short and steep while the consequent streams are longer      http://www.science.smith.edu/geosciences/geomorph/Structure.html

http://en.wikipedia.org/wiki/Fluvial_landforms_of_streams

Consequent streams are streams whose course is a direct consequence of the original slope of the surface[1][2] upon which it developed, i.e., streams that follow slope of the land over which they originally formed

patterns of consequent and subsequent streams:

http://www.usu.edu/geo/geomorph/images8.html

Conserveren

°Consolidatie.….. is de afname van het (gesteente)volume en toename van de dichtheid van een afzetting ten gevolge van toegenomen uitwendige druk en/of onttrekking van vloeistof of gas.   Consolidatie

Consolidation: Another word for ‘diagenesis’ – the process during which sediments are compacted and/or cemented, to become rocks.

Contact metamorphism: A change in the character of surrounding rocks when subjected to intense heat from magma intrusions.

Cross/current-bedding: Bedding planes that are inclined and often cross and terminate each other. Generally formed in river sediments.

°CONTACT METHAMORPHISM  : Metamorphism of a rock near its contact with a magma   /  Contactmetamorfose 2 4

° De continentale aardkorst ….is gemiddeld 30 km dik,(waarvan dus gemiddeld 29,5 km diep (onder de zeespiegel )

° continentaal plat  …..is een onderzeese voortzetting van het continentale gebied.  Contintaal plat

° CONTINENT  / A large landmass, from 20 to 60 km thick, composed mostly of granitic rock. Continents rise abruptly above the deep-ocean floor and include the marginal areas submerged beneath sea level. Examples: the African continent, the South American continent

Continent    < werelddeel  <landmassa

gemiddelde dikte van continenten (boven zee-niveau): 500 meter.

Continentale gebergtes hebben gebergte-wortels die 5 maal zo groot (diep) zijn als de berg hoog is, en die isostatisch omhoog komen tijdens de erosie: voor het verwijderen van 5 km berg moet er 30 km eroderen. De erosie van de eerste paar honderd meter van vrijwel onverhard sediment gaat héél snel, de laatste restjes, als er eigenlijk alleen nog maar een vlakte over is, gaat héél langzaam (meer in de orde van duizendsten mm/jaar).

___> waar bergen zijn vindt erosie plaats, maar  dat sediment blijft vrijwel allemaal op de continenten liggen (Nederland-Duitse laagvlakte, Noordzee), dat sedimenteert op de oceaanbodkleine beetje dat als klei in suspensie, kalk en zout in oplossing in de oceanen terecht komt sedimenteerd op de oveaanbodem ,waarna het uiteindelijk weer, in de subductie-zones, netjes bij de continenten geveegd wordt.

Kortom, door de herhaalde gebergtevorming blijft de continent-korst gemiddeld even dik….. Het materiaal op de continenten verplaatst zich, door erosie en sedimentatie, en tektoniek.

°

Continentverschuivingen  —>  

http://www.kennislink.nl/publicaties/plaattektoniek

http://www.schooltv.nl/beeldbank/clip/20100721_plaattektoniek01

We gaan terug naar het jaar 1912. De Duitse Meteoroloog Alfred Wegener beweert dan dat de continenten ooit aan elkaar vast zaten. Zijn argumenten: de kustlijnen van de continenten passen in elkaar als een puzzel. Bovendien zijn aan beide kanten van de oceaan dezelfde fossielen gevonden.

En het zou toch heel onwaarschijnlijk zijn dat planten en dieren de hele oceaan zijn overgezwommen. Toch kan Wegener nog niet verklaren hoe de continenten dan los geraakt zijn van elkaar.

In 1927 stelt Arthur Holmes een theorie op die het losraken kan verklaren. Volgens Holmes drijven de continenten uit elkaar door stromingen in het binnenste van de aarde: convectie.Je kunt het vergelijken met een pan met groentesoep op het vuur: Door de warmte stijgen de groenten op in het midden. Bovenin koelen ze af, drijven naar de rand en zinken weer. Het buitenste deel van de aardkorst bestaat uit platen, die langzaam bewegen over de onderliggende vloeibare massa, de soep.

Hoe die platen precies ten opzichte van elkaar bewegen wordt duidelijk als we naar de oceaanbodem kijken. Midden in alle oceanen liggen lange onderzeese bergketens die precies dezelfde contour hebben als de omliggende continenten. Deze bergketen kun je zien als het midden van de pan groentesoep

Want bij die bergketens, of ook wel mid-oceanische ruggen genoemd, bewegen de convectiestromen uit elkaar. Doordat de aardplaten van elkaar af bewegen ontstaan hier diepe spleten. Door die spleten komt vloeibaar gesteente omhoog. Dit noemen we magma. Die magma stolt vervolgens. Zo worden de continenten steeds verder uit elkaar gedrukt.Maar als er op de ene plaats nieuwe korst komt, moet er op de andere plaats iets verdwijnen. Anders zou de aarde tenslotte steeds groter worden. Dat gebeurt bij diepzeetroggen. Hier schuift de ene plaat onder de andere omdat de stromen daar dus naar elkaar toe bewegen. Dit kan leiden tot heftige aardbevingen, zoals bij de Tsunami. Soms kan de ondergeduwde plaat zo heet worden dat hij smelt. Het hete magma stijgt dan op door de korst. Zo kunnen vulkanen ontstaan maar ook eilanden als Nieuw-Zeeland en Japan.

Botst een oceanische korst met een continentale korst, dan krijg je grote gebergten naast diepzeetroggen, zoals het Andes. Maar de grootste gebergten, zoals de Alpen en de Himalaya ontstan als twee continentale platen op elkaar botsen. Dan nog een laatste optie: platen kunnen ook langs elkaar bewegen zonder dat er een wordt ondergeduwd.

Ook dat kan leiden tot grote aardbevingen.

Plaattektoniek. We kunnen er dus het ontstaan van bergen, aardbevingen en vulkanen mee verklaren.

Platentektoniek is een zeer ingewikkeld proces waarbij nieuwe aardkorst gevormd wordt en oude gerecycled. Globaal verloopt het proces als volgt: Langs het midden van mid-oceanische ruggen wordt door opwellend basaltisch magma nieuwe aardkorst gevormd. De aarde wordt niet groter, dus moet er elders ook aardkorst verdwijnen. Dat vindt plaats langs subductiezones. Hier duikt de basaltische oceaanbodemkorst samen met de onderliggende lithosfeer onder een andere aardkorstplaat het aardbinnenste in. Naar mate de wegzakkende plaat dieper in de aarde komt, wordt hij opgewarmd en neemt de druk ook enorm toe. Het gevolg is dat meegesleurde oceaanbodemsedimenten beginnen te smelten. Hieruit vormt zich magma, dat omdat het lichter is dan het vaste gesteente eromheen, in de bovenliggende aardkorst opstijgt. Daar kan het vervolgens aardkorstgesteenten opsmelten, die afhankelijk van hun samenstelling aanleiding zijn tot allerlei soorten vulkanisme.

°

CONTINENTAL ACCRETION  : The theory that the continents have grown by incorporation of deformed sediments along their margins

° CONTINENTAL CRUST  :  The type of crust underlying the continents, including the continental shelves. The continental crust is commonly about 35 km thick. Its maximum thickness is 60 km, beneath mountain ranges. Its density is 2.7 g/cm3, and the velocities of primary seismic waves traveling through the crust are less than 6.2 km/sec. Synonymous with sial. Contrast with oceanic crust

° CONTINENTAL DRIFT  : The theory that the continents have moved in relation to one another

° CONTINENTAL GLACIER  ( ijsschild / ijskap ): A thick ice sheet covering large parts of a continent. Present-day examples are found in Greenland and Antarctica

Groenland

° CONTINENTAL MARGIN  : The zone of transition from a continental mass to the adjacent ocean basin. It generally includes a continental shelf, continental slope, and continental rise

°CONTINENTAL  RISE  : The gently sloping surface located at the base of a continental slope

°CONTINENTAL  SHELF ( continentaal schild )  : The submerged margin of a continental mass extending from the shore to the first prominent break in slope, which usually occurs at a depth of about 120 m

° CONTINENTAL SLOPE  : The slope that extends from a continental shelf down to the ocean deep. In some areas, such as off eastern North America, the continental slope grades into the more gently sloping continental rise

Contractietheorie
Conulus

°
Conus

°

CONVECTION  ( Convectie stroming  ) Movement of portions of a fluid as a result of density differences produced by heating

Convection

Wilson thought the hot spot was located in the center of a mantle convection cell where movement was slow. The upper, faster moving part of the convection cell helped carry the Pacific Plate to the northwest.

By the early 1970s, the plate tectonic theory and the presence of hot spots was generally accepted. In 1971, W. Jason Morgan suggested a more important role for hot spots. He proposed that hot spots result from hot, narrow plumes of material that rise from deep within the mantle.

As the hot mantle plume reaches the base of the lithosphere, it spreads laterally. The laterally spreading of the hot mantle helped to move the Earth’s rigid outer plates. In all, Morgan proposed 20 different hot spots, some located along mid-ocean ridges and others, like Hawaii and Yellowstone, located within plates.

http://volcano.oregonstate.edu/vwdocs/vwlessons/hot_spots/part1.html

°

CONVECTION CELL  :  The space occupied by a single convection current

°

CONVECTION CURRENT  ( convectiestromen, )  : A closed system in which material is transported as a result of thermal convection. Convection currents are characteristic of the atmosphere and of bodies of water. They are believed also to be generated in the interior of the earth. In the plate tectonic theory, convection within the mantle is thought to be responsible for the movement of tectonic plates

Convectiestromen 2    Stromen van gesteente in de aardmantel

°

CONVERGENT  PLATE BOUNDERY(=  botsingsfront aardplaten )   :  The zone where the leading edges of converging plates meet. Convergent plate boundaries are sites of considerable geologic activity and are characterized by volcanism, earthquakes, and crustal deformation. See also subduction zone

CONVERGEREN  Naar elkaar toe bewegen (=convergentie)

Convex
Convexe oevers

Copeland
Copepoda
Coprolieten
Cordaitales
Cormophyta

°COPERNICAN  PERIOD  ; The period of lunar history during which rayed craters, such as Copernicus, and their associated rim deposits were formed (from 2 billion years ago to the present).

° COPERNICAN SYSTEM  :   The youngest system of rocks on the Moon, formed during the Copernican period

° COQUINA  : A limestone composed of an aggregate of shells and shell fragments

http://nl.wikipedia.org/wiki/Coquina

The Anastasia Formation is composed of Pleistocene (see time scale) interbedded sands and coquinoid limestones. The most recognized form of the Anastasia is an orangish brown coquina consisting of whole and fragmented mollusk shells in a matrix of sand, cemented by calcite. Coquina has been used as a building stone in Florida for over 400 years. It is found at land surface along the east coast from St. Johns to Palm Beach Counties, and may occur up to twenty miles inland from the coast in the subsurface. Excellent exposures occur at Washington Oaks State Park, in Flagler County, at the House of Refuge on Hutchinson Island in Martin County, at Blowing Rocks Preserve in Palm Beach County, and along Country Club Road in Palm Beach County.

Anatasia Formation Coquina

Anastasia Formation Coquina

° CORAL  (KORAAL) : A bottom-dwelling marine invertebrate organism of the class Anthozoa

http://en.wikipedia.org/wiki/Coral

http://www.kgs.ku.edu/Extension/fossils/coral.html   http://www.thinktank.ac/page.asp?section=478&sectionTitle=Fossil+Coral

http://www2.fiu.edu/~goldberg/coralreefs/FinalFossil%20corals.htm    http://geology.er.usgs.gov/paleo/corals.shtml

Fossil coralCorals are made up of small invertebrate animals, known as zooids, that look like tiny sea anemones. They feed on small food particles they find in the water around them.

Together, many zooids form colonies, many colonies form reefs. Coral reefs can be massive structures, stretching hundreds of miles. The Great Barrier Reef in northern Australia can be seen from space.

The oldest coral fossils are over 500 million years old. The earliest forms were different from those we see today and they died out 225 million years ago. Modern corals are still common in tropical oceans.

Fossil corals Fossil corals Fossil corals
These are solitary corals from the Jurassic and Cretaceous periods.

Corals are very important fossils. Many corals have a hard exoskeleton made of calcium carbonate. It is this exoskeleton that is usually fossilised. When the coral dies, the skeleton can be broken down to form limestone, an important building stone.

Fossil corals Fossil corals Fossil corals
These slabs of marble were polished to show fossilised corals within the stone.

Fossil corals also tell us about the past. Since many corals live in warm, shallow sea water, their fossils are good indicators of environmental conditions. Fossil corals found in England tell us that it must have had a much warmer, tropical environment at certain periods in its history.

° CORDILLERA BLANCA

 Peru   // De Cordillera Blanca is een bergketen in de Andes in Peru. Van de oorsprong in Nevado Champara tot aan het einde op de Nevado Tuco ligt de Cordillera Blanca in NW-SE richting. Wikipedia                                Hoogste punt: Nevado Huascarán

http://www.grida.no/publications/vg/lac/page/2759.aspx

Trekking in the Cordillera Blanca mountain range, Peruvian Andes

______________________________________________________________________________________________________

°CORE ( aardkern )The central part of the earth below a depth of 2900 km

Over een paar jaar een foto van het binnenste van de Aarde?

° CORIOLIS  EFFECT  :  The effect produced by a Coriolis force, namely, the tendency of all particles of matter in motion on the earth’s surface to be deflected to the right in the Northern Hemisphere and to the left in the Southern Hemisphere.

http://nl.wikipedia.org/wiki/Corioliseffect

Het corioliseffect zichtbaar bij de orkaan Elena

http://www.natuurkunde.nl/artikelen/view.do?supportId=768795

figuur 1: Een lagedrukgebied op het noordelijk halfrond.

figuur 2: Een lagedrukgebied op het zuidelijk halfrond.

figuur 3: De Franse wiskundige Gaspard de Coriolis beschreef het Corioliseffect in 1835

Correlatie 2 3 4 5
Cosmogonie
Cosmografie

° COUNTRY ROCK  : A general term for rock surrounding an igneous intrusion.
° COVALENT BOND(covalentie ) : A chemical bond in which electrons are shared between different atoms so that none of the atoms has a net charge.

°
° CRATER (KRATER )  : An abrupt circular depression formed by extrusion of volcanic material, by collapse, or by the impact of a .meteorite(INSLAGKRATER )

Kerio vulkaan krater

Bevroren krater van de uitgewerkte Kerio vulkaan in IJsland. (National Geographics )
°
markante  inslag- kraters op aarde
°

http://www.astronova.nl/inslagkraters.html 

Meteor Crater in Arizona is de eerste officieel erkende inslagkrater op aarde en is tevens de best geconserveerde in zijn soort. Waarschijnlijk ontstond het bassin 50.000 jaar geleden tijdens de inslag van een object met een diameter van maximaal 60 meter. De middellijn van de krater zelf, is ruim 1200 meter. Daniel Moreau Barringer bewees aan het begin 20ste eeuw dat een inslag, en niet vulkanische activiteit, verantwoordelijk was voor het ontstaan van Meteor Crater.

De Wolfe Creek krater in het hart van Australië, is met een leeftijd van ongeveer 300.000 jaar nog relatief jong. De wanden van de krater verrijzen ongeveer 25 meter boven het omringende landschap en 50 meter boven de kratervloer. Het gevaarte heeft een diameter van 875 meter en is in de loop der tijden bedekt door een dikke laag zand.

°

zie ook          meteorieten inslag <–DOC

°

Impact  craters  data base  :

 http://www.passc.net/EarthImpactDatabase/index.html

°

Iowa is een flinke inslagkrater rijker

krater

Wetenschappers vermoedden het al een tijdje, maar nu is het dan officieel: Iowa is een flinke inslagkrater rijker. Onderzoekers bevestigen dat het stadje Decorah zich in een 5,5 kilometer brede krater bevindt.

°

Onderzoekers trekken hun conclusies nadat ze het gebied vanuit de lucht bestudeerden. Tijdens deze onderzoeken brachten ze niet alleen de geologische structuur van het gebied, maar ook de voorraden mineralen en water die het gebied rijk is, in kaart.

Met speciale instrumenten maten de onderzoekers hoe goed gesteenten elektriciteit geleiden en werden subtiele veranderingen in de dichtheid van gesteenten vastgesteld. Het onderzoek laat een krater zien die gevuld is met schalie (kleisteen). Daaronder bevindt zich breccie: gesteenten opgebouwd uit puin van oudere gesteenten.

De onderzoekers vermoeden dat de krater het resultaat is van een meteorietinslag. Deze zou ongeveer 470 miljoen jaar geleden hebben plaatsgevonden.

Bronmateriaal:
Iowa Meteorite Crater Confirmed” – USGS.gov
De afbeelding bovenaan dit artikel is gemaakt door Adam Kiel, Northeast Iowa RC&D

°

Mogelijk een enorme krater ontdekt in Canada

crater crater(Volcanology)

Marum's crater on Ambrym volcano, containing a small lava lake.

Marum’s crater on Ambrym volcano, containing a small lava lake.

A depression often on the top or the flanks of a volcano usually created by explosions of lava from the vent.
 –> Related keywords (1):caldera

________________________________________________________________________________________________

° CRATON  : The stable continental crust, including the shield and stable platform areas, most of which have not been affected by significant tectonic activity since the close of the Precambrian era

Craniota

°CREEP (KRUIP)  The imperceptibly slow downslope movement of material.     Creep 2 3 4

Crepidula

°  Cretaceous  (Krijt) /   The final period of the Mesozoic. This period spans 145.5-65.5Ma. The end of the Cretaceous was marked by the KT (now properly called the KP) extinction event, which saw the demise of the dinosaurs as well as several other groups such as ammonites.

It contains the following eras:

  • Berriasian 145.5-140Ma
  • Valanginian 140-136Ma
  • Hauterivian 136-130Ma
  • Barremian 130-125Ma
  • Aptian 125-112Ma
  • Albian 112-99Ma
  • Cenomanian 99-93Ma
  • Turonian 93-89Ma
  • Coniacian 89-85Ma
  • Santonian 85-83Ma
  • Campanian 83-70Ma
  • Maastrichtian 70-65.5Ma

The Berriasian to the Albian is the Lower Cretaceous. The Cenomanian to the Maastrichtian is the Upper Cretaceous.

Cretaceous 3_Late_Cret[1] stratigraphy <—pdf

http://en.wikipedia.org/wiki/Cretaceous

° CREVASSE

1: (glacial geology) A deep crack in the upper surface of a glacier.

2 (natural levee) A break in a natural levee.

Crevasse kan verwijzen naar:

http://www.geol.umd.edu/~jmerck/geol342/lectures/10.html

Crevasse splays: If a stream avulses out of its channel by breaking its levee, the main flow of a stream can be diverted out of the channel and into the adjacent flood plain(overstromingsgebied ) .

As it does, the flow will expand and slow, dropping its load, as in a normal flood, but in this case, much more (and coarser) sediment will be transported to the flood plain. This will build a small delta-shaped body of anastamosed (interconnected) channels and associated deposts called a crevasse splay. These are small bodies of sand in map view, characterized by climbing ripples and other indications of rapid deposition. Distally they interfinger with overbank muds. Like point bar deposits, they fine upward. Unlike them, they fine into overbank muds.

File:Glaciercrevasse.jpg

Measuring snow thickness in a crevasse on Easton Glacier, North Cascades.

(Pelto, http://www.nichols.edu/departments/glacier/)

°CROSS-BEDDING   :Stratification inclined to the original horizontal surface upon which the sediment accumulated. It is produced by deposition on the slope of a dune or sand wave
°CROSCUTTING  RELATIONS , PRINCIPLE OF –   : The principle that a rock is younger than any rock across which it cuts.

Crustacea b

°CRUST  (planetary structure) : (aardkorst)The outermost layer, or shell, of the earth (or any other differentiated planet). The earth’s crust is generally defined as the part of the earth above the Mohorovicic discontinuity. It represents less than 1 % of the earth’s total volume. See also continental crust, oceanic crust
°CRUSTAL WARPING : Gentle bending (upwarping or downwarping) of sedimentary strata.

Cryptisch millieu

°CRYPTOCRYSTALLINE TEXTURE : The texture of rocks composed of crystals too small to be identified with an ordinary microscope
°CRYSTAL  (Kristal ) : A solid, polyhedral form bounded by naturally formed plane surfaces resulting from growth of a crystal lattice.

°CRYSTAL FACE : A naturally formed smooth plane surface of a crystal.
° CRYSTAL FORM  :The geometric shape of a crystal.
° CRYSTAL LATTICE (Kristal rooster ) :  A systematic, symmetrical network of atoms within a crystal. 

Veel vaste stoffen hebben een kristalstructuur. Dat wil zeggen dat ze bestaan uit een regelmatig patroon (rooster) van moleculaire, atomaire of ionaire structuureenheden, die de bouwsteen van een kristal vormt. In de kristallografie worden de gestapelde structuureenheden eenheidscellen genoemd.


°CRYSTALLINE TEXTURE ( –> kristallijne textuur ) : The rock texture  resulting from simultaneous growth of crystals.

http://nl.wikipedia.org/wiki/Kristallijn_gesteente

http://www.gea-geologie.nl/informatie/gesteenten.php

De oppervlakte textuur  van een glanzende kristallijne rots.

De Kleurrijke Textuur Van Het Kristal Royalty-vrije Stock Afbeeldingen - Beeld: 4382779

°CRYSTALLIZATION  (kristalisatie ) : The process of crystal growth. It occurs as a result of condensation from a gaseous state, precipitation from a solution, or cooling of a melt.

http://nl.wikipedia.org/wiki/Kristallisatie

Zouten kristallisatie op de  grond ( Transsylvanië)

Zoute Kristallisatie Stock Afbeelding - Beeld: 2669811

Continu gegoten koperschijf (zuiverheid: ≥ 99,95%),geëtst om de interne kristallijne structuren zichtbaar te maken, ∅ ≈83 mm. Duidelijk zichtbaar is de van buiten naar binnen verlopende kristallisatie.

° CRYSTAL STRUCTURE (kristal structuur ):  The orderly arrangement of atoms in a crystal.

Cuesta
-drager
-vormer

° CUESTA  /An eelongate ridge formed on the tilted and eroded edges of gently dipping strata –> Belgisch lotharingen 

Ardennen-Eifel-Vogezen :  Luxemburger Zandsteen cuesta,

‘Den Berg’ of de Cuesta van Oedelem

Dit is één van de traditionele landschappen in Vlaanderen.

Een cuesta is een kleirug met aan de ene kant een zacht golvende en aan de andere zijde een steile randbegrenzing. De Cuesta ontstond tijdens het Tertiair (meer dan 2 miljoen jaar geleden). Toen werden afwisselend klei- en zandlagen afgezet door de zee, die het Meetjesland overspoelde vanuit het noorden. Daardoor hellen deze bodemlagen naar het noorden af. Tijdens het Quartair (vanaf 2 miljoen jaar geleden) werden deze lagen in onze streken sterk uitgesleten, zodat zich een golvend landschap ontwikkelde. Een Bartoon kleilaag van ongeveer 24 m dik vormde tussen Oedelem en Zomergem een heuvelrug. Tijdens de IJstijden (tot ongeveer 10.000 jaar geleden) werd uit de Noordzee zand en leem opgewaaid, waardoor vooral in (de depressies van) het noorden van Vlaanderen zand werd afgezet. Het hoogste punt van de Cuesta van Oedelem bevindt zich op 29 m boven de zeespiegel en wordt, afhankelijk van de bron, de Motte of de Berg genoemd.

Cuesta

Cuesta del Obispo in the Calchaquí Valley, Salta province, Argentina

http://nl.wikipedia.org/wiki/Cuesta

(espagnol cuesta, = (fr)  côte)

http://www.larousse.fr/encyclopedie/divers/cuesta/38945

Forme de relief dissymétrique dégagée dans une structure monoclinale de résistance contrastée, superposant une couche résistante à une couche tendre, l’abrupt constituant lefront de cuesta, la partie en pente douce (couche résistante affleurant) le revers. (Synonyme : côte.)

Dans une cuesta (terme d’origine texane popularisé par W. M. Davis [1896]), l’abrupt d’érosion à corniche, au pied duquel s’ouvre une dépression orthoclinale dans l’affleurement de couche tendre, reçoit le nom de front de cuesta, tandis que le revers, correspondant ou non à un plan stratigraphique supérieur de couche dure, est doucement incliné en sens inverse. Quand, au revers d’une cuesta, une artère, s’écoulant perpendiculairement au pendage, atteint la couche tendre sous-jacente, un deuxième abrupt est ainsi dégagé, associant le même binôme qui donne une cuesta dédoublée ; elle doit être distinguée de la cuesta double, qui possède à son front un replat associé à une intercalation résistante dans la couche tendre inférieure. Quand un abrupt lié à la superposition, couche dure sur couche tendre, est modelé dans une structure discordante, on parle de fausse cuesta, tandis qu’une pseudo-cuesta associe une couche dure sédimentaire et un soubassement cristallin jouant le rôle de couche tendre. Le relief de cuesta est fréquemment représenté dans les bassins sédimentaires ; toutefois, il trouve des conditions optimales de développement dans les couvertures lithologiquement différenciées où ces formes structurales élémentaires décrivent des arcs de cercle concentriques (Bassin parisien). Dans les cuvettes continentales, des conditions de sédimentation plus uniformes ont été incapables de donner aux cuestas continuité et régularité. Quel que soit le matériel offert à l’érosion différentielle, l’intervention de cette dernière implique un renversement de tendance tectonique enrayant la subsidence et exposant les séries sédimentaires, ordinairement tranchées par des surfaces d’aplanissement, à un travail de dissection.

Een cuesta is een steile heuvel of klif in het landschap die veroorzaakt wordt door een dagzomende laag die onder een lichte hoek staat. De dagzomende zijde is meestal vrij steil. Hier is ook de opeenvolging van de lagen zichtbaar. De vlakkere zijde van de cuesta is feitelijk het oppervlak van de laag. Doordat in de geologische opeenvolging hardere en zachtere lagen elkaar vaak afwisselen ontstaan bij erosie dalen op de plek van de dagzomende zachte lagen en cuesta’s bij de dagzomende hardere lagen.

Cubichnia 2

° Cumulate Rocks   / Formed from the settling of crystals within a magma chamber, may be layered if dense minerals are allowed to sink preferentially

Cuticula
Cyanobacteria
Cyanophyta 2
Cyathophyllum
Cyclocystoidea
Cyclotheme 2

°CYCLOON –>  —> (sub)-Tropische Storm —>Tyfoon   zie ook  /  ° CORIOLIS  EFFECT

dodelijke stormen

Cyclustheorie van Davis
Cypraea
Cystoidea
Cytoplasma