Geologie trefwoord M


°

 zie onder Geologie

°

Magma   A melt, generally containing suspended crystals and other volatiles, formed by total or partial melting of solid mantle or crustal material.

Magma 25 keer sneller aan aardoppervlak dan gedacht

04 januari 2010 o4

 GEOLOGIE 

Hoelang duurt het voordat magma het aardoppervlak bereikt en als lava uit de vulkaan stroomt?

Niet zolang als altijd werd gedacht. Uit onderzoek blijkt dat de stromen met vloeibaar gesteente 25 keer zo snel aan het aardoppervlak komen. En dat zet alle vulkaanmodellen op zijn kop.

In 2001 werd het idee geboren om een enorme centrifuge te bouwen. In deze centrifuge moesten de temperatuur en druk in het binnenste van de aarde worden nagebootst. De invloed van deze krachten konden zo beter in kaart worden gebracht. Onderzoeker Max Schmidt gebruikte de centrifuge om de omstandigheden in de asthenosfeer te onderzoeken. In deze laag bevindt zich het gesmolten gesteente dat de vulkanen moet voeden.

De onderzoekers bootsten het transport van de gesmolten gesteenten na waarbij basaltisch glas uit de oceaan als gesteente diende. De bovenste aardmantel bestaat voor tweederde uit het mineraal olivijn. Hier maakten de onderzoekers een vorm van waar het gesteente doorheen kon bewegen. Vervolgens werd alles opgewarmd tot zo’n 1300 graden en werd er flinke druk uitgeoefend (één gigapascal). Zo konden de onderzoekers de snelheid waarmee de massa bewoog, vaststellen. De gesmolten gesteenten bleken niet, zoals James Connolly ooit beweerde, honderdduizenden jaren nodig te hebben om van zo’n 120 kilometer diepte te komen. Het ging slechts om enkele duizenden jaren. “Als een vulkaan vandaag uitbarst, is het magma niet in de ijstijd, maar in de tijd van de farao’s of omstreeks de geboorte van Christus gevormd,” vertelt Schmidt.

Uit de resultaten blijkt ook dat de krachten die magma aan het aardoppervlak brengen van veel dieper komen. Overigens past de grotere snelheid waarmee gesmolten gesteente omhoog komt, prima bij wat we al wel wisten. Vulkanen zijn immers slechts enkele duizenden jaren actief

Bronmateriaal:
Geosciences: Melt Rises to Earth’s Surface Up to 25 Times Faster Than Previously Assumed” – Sciencedaily.com

°

Magnitude is de maat voor de energie die bij een aardbeving vrijkomt, uitgedrukt in een cijfer op de Schaal van Richter.Zie ook:Intensiteit

°

MAKANA RIDGE

 

Makana Mountain ridge

http://en.wikipedia.org/wiki/Makana

Mantle

The layer beneath the crust, but above the core in the interior of the Earth. It’s composition is broadly that of ultrabasic rocks.In the mantle, temperatures range between 500°C-900°C at the upper boundary with the crust to over 4,000°C at the boundary with the core. Although the higher temperatures far exceed the melting points of the mantle rocks at the surface (about 1200°C for representative peridotite), the mantle is almost exclusively solid. The enormous lithostatic pressure exerted on the mantle prevents melting, because the temperature at which melting begins (the solidus) increases with pressure.The internal structure of the earth

 

Mare    Area of dark basaltic lava on the Moon (pl. Maria).

°

Marien heeft betrekking op de zee, komt voor bij of in de zee, wordt gevormd door of in de zee.

Zie ook:Marien milieu  : Een marien milieu is een omgeving die in open verbinding staat met de zee.

°

Marine Isotope Stages (MIS) is een systematiek voor de stratigrafische indeling van het Kwartair en Neogeen, gebaseerd op de relatieve hoeveelheid mariene zuurstofisotopen O16 in kalkschalige organismen.

°

MATRIX

MATRIX   green_river_gar003-crop

MATRIX   green_river_gar003-crop

°

Matrix  limestone  with quartz 148095-050-C3357F65

http://en.wikipedia.org/wiki/Matrix_(geology)

Matrix  limestone  with quartz 148095-050-C3357F65

°http://nl.wikipedia.org/wiki/Matrix_(geologie)

MEANDER

Een meanderende rivier is een in grote kronkels voortstromende rivier die langzaam en geleidelijk van plaats verandert door erosie aan de buitenbochten en sedimentatie aan de binnenbochten.

Zie ook: Anastomoserende rivier      Verwilderde rivier

°

Een meetnet is een stelsel van samenhangende meetstations, meet- en/of bemonsteringspunten.Zie ook:Grondwatermeetnet

°

 

Melange

A melange is formed in the accretionary wedge as sediment and oceanic crust is scraped off the descending plate in a subduction zone. The melange comprises a strongly brecciated unit with large blocks of pre-existing rocks in a deformed fine grained matrix. Olistostromes are similar units but have a gravity sliding origin rather than a tectonic one. For a melange to be described as such it must be of mapable size, contain ‘exotic’ clasts (i.e. not derived from immediately adjacent units) and be matrix supported. A melange may also form from vertical (gravity-driven) movements within a sediment pile (diapirism). The term melange is derived from French, meaning mixture.Photo of melange. A melange is a mappable body of rock that includes fragments and blocks of all sizes, embedded in a generally sheared matrix.Image Courtesy of Marli Miller, University of Oregon
Caption: Photo of melange. A melange is a mappable body of rock that includes fragments and blocks of all sizes, embedded in a generally sheared matrix. 

Member A division of a formation, generally of distinct lithologic character and of only local extent.

°

Het Mesolithicum is een archeologische periode, Midden Steentijd die duurde van ± 8.000 tot 4.000 jaar voor Christus.–> Zie ook:Bronstijd  IJzertijd Neolithicum Paleolithicum Romeinse Tijd

°

Mesozoic Era comprising the Triassic, Jurassic and Cretaceous, spanning 245-65Ma.

MESOZOICUM

Afbeeldingen van mesozoicum

http://nl.wikipedia.org/wiki/Mesozo%C3%AFcum

Eon Era Periode Subperiode Ouderdom Ma
Fanerozoïcum Cenozoïcum Paleogeen Paleoceen jonger
Mesozoïcum Krijt Laat 66,0 – 100,5
Vroeg 100,5 – 145,0
Jura Laat 145,0 – 163,5
Midden 163,5 – 174,1
Vroeg 174,1 – 201,3
Trias Laat 201,3 – ~235
Midden ~235 – 247,2
Vroeg 247,2 – 252,2
Paleozoïcum Perm Lopingien ouder
Indeling van het Mesozoïcum volgens de ICS.[1]

http://nl.wikipedia.org/wiki/Categorie:Mesozo%C3%AFcum

De middentijd van de aardgeschiedenis, –>  het Mesozoicum, duurde ongeveer 185 miljoen jaar. Catastrofen markeren zowel het begin als het einde van deze periode.

Nederland was tijdens het Mesozoïcum langere tijd door de zee bedekt. Vooral Laat-Mesozoïsche gesteenten komen in onze ondergrond veel voor. Alleen in Zuid-Limburg en in het uiterste oosten van ons land komen deze aan de oppervlakte. Door opheffing  en erosie zijn de oudere Mesozoïsche gesteenten grotendeels verdwenen. Hoewel veel beter bekend dan het Paleozoïcum blijft ook het beeld van de Mesozoïsche geschiedenis van ons land nog fragmentarisch.

°

Metamorfe mineralen zijn zware mineralen, hoofdzakelijk afkomstig van metamorfe gesteenten; –> deze mineralen zijn stauroliet, andalusiet, sillimaliet en distheen.

°

 

 

Metamorphism Metamorphosis require heat, pressure and time and is an extension of lithification, but it can occur on any rocks type (including metamorphic rocks). There is a continuum of type from heat dominated (marble) to pressure dominated (blueschist). Metamorphism is ranked in terms of a grade. A high grade metamorphic rock is a gneiss, which has undergone intense heat and pressure. It is important to note metamorphism occurs in the solid state – there is no melting. If the rock starts to melt it is called a migmatite (Mixed IGneous and metamorphic rock).

°

METEORITES                    meteorieten inslag <–DOC

Impact  craters   : 

http://www.passc.net/EarthImpactDatabase/gossesbluff.html

Micrite   Micro-crystalline carbonate mud.

°

 

Microfossielen: evolutie onder de microscoop

microfossielen

Op de oceaanbodem ligt een schat aan microfossielen. Deze microscopische organismen bieden de ideale gelegenheid om de geheimen van de evolutie te ontrafelen.

Wanneer evolutiebiologen het hebben over overgangsfossielen, dan denkt men meteen aan vondsten zoals Archeopteryx of Tiktaalik. Minder bekend zijn microfossielen van organismen zoals foraminiferen, radiolariën en diatomeeën. Miljarden van deze fossielen bedekken de bodem van de oceanen. Hun dichtheid kan oplopen tot een miljoen individuen per vierkante meter. Een typische bemonstering in de tropen levert 60 tot 70 soorten op. In sommige groepen, zoals de foraminiferen, zijn er al meer dan 60.000 soorten beschreven.

Tiktaalik: dit geslacht wordt door wetenschappers gezien als zogenaamde missing link tussen de vissen en de gewervelde landdieren.

Evolutie
Deze fossielen zijn ideaal voor evolutionaire studies. Een sedimentboring van de oceaanbodem levert een continue reeks fossielen op die soms miljoenen jaren overbruggen zonder onderbrekingen. Deze boorkernen kunnen gedateerd worden met moderne technieken, zoals stabiele isotopen of magnetische stratigrafie. Op deze manier beschikken wetenschappers over een unieke kijk in het verleden. Microfossielen bewijzen ook hun nut buiten de evolutietheorie. Heel wat paleontologen werken voor oliemaatschappijen en helpen met het dateren van de aardlagen waarin geboord wordt. Paleontologen kunnen gemakkelijk de leeftijd van een laag bepalen door middel van de aanwezige microfossielen.Evolutie verantwoordelijk is voor de diversiteit aan leven op onze planeet. Twee processen spelen hierin een cruciale rol: anagenese en cladogenese. Anagenese beschrijft het proces waarbij een populatie als geheel evolueert over de tijd, bijvoorbeeld door een toename in grootte. Cladogenese is een vorm van evolutionaire splitsing waarbij één soort opgesplitst wordt in meerdere soorten. Dit is een cruciaal voor de vorming van nieuwe soorten. Twee groep microfossielen die deze processen prachtig illustreren zijn de foraminiferen en de radiolariën.

Radiolariën (stralendiertjes) zijn haast niet met het blote oog te zien en hebben een groote van 0,03 tot 2 millimeter. Onder de microscoop onthullen zij hun bijzondere vormen.

Radiolariën en foraminiferen
In bodemlagen uit het Eoceen (50 miljoen jaar geleden) vinden we sponsachtige, ronde radiolariën die Lithocyclia ocellus gedoopt werden. Door deze balvormige fossielen te volgen doorheen de miljoenen jaren sediment, kan men zien dat deze organismen gradueel hun sponsachtige karakter verliezen en vier armen ontwikkelen. In dit stadium luistert het fossiel naar de naam L. aristotelis. Daarnaast blijft de morfologie veranderen. Eerst zien we drie armen ontstaan (L. angusta) en later reduceren twee armen tot een spoelachtige vorm. Deze verandering is zo extreem dat paleontologen de fossielen in een nieuw genus onderbrengen: Cannartus. Dit genus splitst vervolgens in verschillende evolutionaire lijnen.Recent publiceerden Paul Pearson (Cardiff University) en Thomas Ezard (University of Southampton) een studie over de evolutionaire geschiedenis van het genus turborotalia. Deze groep organismen leefde van 45 tot 34 miljoen jaar geleden. Pearson en Ezard bekeken meer dan 200 individuele fossielen en verdeelden deze over verschillende morfologische groepen (zogenaamde morphospace) per bodemlaag. Gedurende 11 miljoen jaar was er slechts één morfologische groep per bodemlaag aanwezig, tot zo’n 35 miljoen jaar geleden Toen werden er plots twee groepen gevonden. Een mooi voorbeeld van anagenese en cladogenese in het fossiele bestand.

Bronmateriaal:
Pearson, N.P. & Ezard, T.H.G. (2013) Evolution and speciation in the Eocene planktonic foraminifer Turborotalia. Paleobiology, 40(1): 130-143.
Protero, D.R. (2007) Evolution: What the Fossils Say and Why It Matters. Colombia University Press, New York.

 

 

°

Migratie is de ondergrondse verplaatsing van vloeistoffen en gassen onder invloed van geologische processen.

°

Een milieu is de verzameling van alle omgevende invloeden of krachten die op een plaats aanwezig zijn en die het karakter van een sediment bepalen.

 

°

Een mineraal is een onder normale temperatuur en druk voorkomend chemisch element of verbinding, herkenbaar op grond van diverse macroscopische, microscopische, chemische en fysische eigenschappen.             —> Zie ook:Metamorfe mineralen   Zware mineralen

Mineral     A naturally occurring homogeneous solid with a highly ordered lattice and of a defined chemical composition.      

°

Mineraalwater is microbiologisch heilzaam water uit ondergrondse aquifers afgetapt via natuurlijke of geboorde bronnen. Het water dient te voldoen aan de Europese richtlijn voor natuurlijk mineraalwater.

 

 

°

 

MOAB : 

  1. GEOLOGY OF THE MOAB REGION Introduction – National Park   pdf

    http://www.nature.nps.gov/geology/education/…/moab.pdf
    door A Foos – ‎1999 – ‎Verwante artikelen

    GEOLOGY OF THE MOAB REGION. (Arches, Dead Horse Point and Canyonlands). 

    Moab

http://www.utahmountainbiking.com/goodies/geol-moab.htm

The Geologic History of Moab &  Utah 

<Pennsylvanian Period:

Deposition of the Paradox Formation salt. During the Pennsylvanian Period (320-285 million years ago), much of Utah was covered by ocean. A small arm of the Ancestral Rockies penetrated into Utah from the east, north of the Moab area. Extending south from the tip of these highlands was an area that was occasionally submerged, occasionally “high and dry.” The Moab region was a gigantic deep “sinkhole,” called the Paradox Basin.

From time to time, the Paradox Basin would be flooded with ocean water as sea levels rose (or the land bridge subsided). A layer of limestone would form in this new ocean bay. Then the Paradox Basin would be cut off from the ocean and would dry out, leaving evaporated salts, capped with shale. Multiple such cycles occurred over millions of years, leaving over 1000 feet of salt. No rock of the Pennsylvanian Period is exposed at the surface in the Moab area, but the shape of the land has been affected by the Paradox Formation salt (more on this later).

Potash (a salt of potassium) is mined from Paradox Formation deposits deep under the Colorado River

<Permian Period:

Canyonlands and Monument Valley strata. The Ancestral Rockies continued to erode during the Permian Period (285-245 million years ago), and were essentially gone by the Triassic Period. In the Permian, the Paradox Basin had completely filled, and the Moab area was a region of near-ocean dunes (the ocean lay to the west). During this time, sandstone was deposited in southeast Utah, such as the DeChelly sandstone that forms the spires of Monument Valley, the Cutler formation sandstone that forms the needles and arches of Canyonlands, and the White Rim and Organ Rock sandstone of Canyonlands. (No rock of the Permian Period is seen in the Moab valley.)

<Triassic Period:

Muddy floodplains give way to sand dunes. By the Triassic Period (245-205 million years ago), the Ancestral Rockies were eroded away. The southeast corner of the state was a large flat floodplain, with the seashore moving back and forth over huge mudflats. The Moenkopi formation, then the Chinle formation, were formed of layers of mud, with occasional layers of harder sandstone.

EarlyTriassic

A short distance northeast of the Moab valley, the Moenkopi and Chinle formation shales and sandstones (from the early Triassic) form terraced skirts around the Wingate sandstone spires in the Castle valley 

In the later Triassic, the sea retreated to the west, and the area again became a giant desert (similar to today’s Sahara). The Wingate sandstone was deposited by these sand dunes, then the harder Kayenta on top of it. Wingate sandstone forms the high cliffs west of Moab, and the spires of Castle Valley, visible from the Porcupine Rim trail.

<Jurassic Period:

The rising of western Utah changes Moab from sand dunes to river floodplain. The Jurassic Period (205-140 million years ago) started with the southern part of Utah covered by deep sand dunes. This formed the famous Navajo sandstone, seen on the Slickrock trail and at the top of the Moab Rim and Poison Spider Mesa trail

Because of the salt-dome anticline , the Navajo sandstone lies at different levels on either side of the Moab Valley. On the west, for example at the top of the Moab Rim, it’s high on top of the cliffs.

On the east at Slickrock, it’s just above the valley floor.

Moab  Gemini bridges

—> “skirts” of the cliffs are Chinle formation shales and sandstones. The tall cliffs are Wingate sandstone. Note the rim of hard Kayenta sandstone that protects the cliffs .Afbeeldingen van gemini bridges trail moab

Kayenta sandstone has a denser matrix between the grains of sand, so it resists erosion. The Kayenta is a ledge-former, making it a good way to get to the top of the Moab Rim. Once the Kayenta erodes away, the underlying Wingate crumbles quickly.

This picture is NOT near White Canyon but it shows the formations which are seen throughout the southwest including White Canyon.  The Navajo sandstone at the top of this picture is all eroded away at Copper Point, but the very top of the point is Kayenta sandstone , while the main cliff is Wingate sandstone.  The Chinle shale formation is much thicker at White Canyon.  Except for being colored purple near Copper Point, the Moenkopi looks just the same.

This picture shows the formations which are seen throughout the southwest . The Navajo sandstone at the top of this picture is all eroded away at Copper Point, but the very top of the point is Kayenta sandstone , while the main cliff is Wingate sandstone. The Chinle shale formation is much thicker Except for being colored purple near Copper Point, the Moenkopi looks just the same.

File:Cliffs in Canyonlands along Utah 211 showing Wingate Sandstone capped by Kayenta Formation.jpeg

Cliffs in Canyonlands along Utah 211 showing Wingate Sandstone capped by Kayenta Formation

On top of the Navajo is the orange Entrada sandstone, fine-grained and an excellent arch former. Entrada is seen at Bartlett Wash and Tusher Canyon. It forms the arches in Arches National Park, just north of Moab.

Utah Geological Survey » Entrada Sandstone    geology.utah.gov/blog/?tag=entradasandston21 aug. 2013 – Variations in the Entrada’s appearance across the state are due to differences …  Afbeeldingen van orange Entrada sandstone

  1. The Middle Jurassic Entrada Sandstone in Northeastern Arizona nmgs.nmt.edu/publications/…/54_p0303_p0308.pdf

    door RB O’SULLIVAN – ‎Geciteerd door 1 – ‎Verwante artikelen

    In northeastern Arizona the Entrada Sandstone is about 30 m thick and consists of upper and orange or yellowish gray, consist of fine to medium, poorly sorted.

Goblin Valley State Park, Entrada Sandstone Hoodoos1

Goblin Valley State Park, Entrada Sandstone

Above the Entrada is the Curtis formation, a hard white sandstone.

Figure 1: The uppermost units of the San Rafael Group (from bottom to top, Entrada Sandstone, Curtis Formation, and Summerville Formation) capped by the basal conglomerate of the Tidwell Member of the Morrison Formation (Mathis, 2000).

During the late Triassic and Jurassic, western Utah was rising in altitude. But the eastern half was sinking. Utah’s “dividing point” for the past 500 million years has been the Wasatch line — the line of faults running down the Wasatch Front and into the Hurricane Fault of southwestern Utah. With slumping of the land east of the Wasatch line, the sea advanced temporarily into eastern Utah.

At Tusher Canyon, the white Curtis Formation sandstone forms cliffs above the ridged orange Entrada

Entrada Sandstone capped by Curtis Formation in Cathedral Valley. 

< As the area east of the Wasatch line filled with sediment, eastern Utah became a river floodplain (with rivers running east out of western Utah and meandering towards the Gulf of Mexico).  =

This is the Morrison Formation, a soft shale with pastel colors. The Morrison Formation can be seen along the highway north of Moab.

File:MorrisonType-2.JPG

Close-up of the Morrison at the type locality.

http://en.wikipedia.org/wiki/Morrison_Formation

The Morrison Formation is host to both dinosaur fossils and to deposits of uranium and vanadium. (The dinosaur quarries near Vernal and Price are in this formation.)

The late Triassic, the Jurassic, and the Cretaceous Periods are the age of dinosaurs. In floodplain and mud deposits, such as hereon the Klondike Bluffs trail, dinosaur footprints can be seen.

<Cretaceous Period:

Seas reclaim eastern Utah. For most of the Cretaceous (140-65 million years ago), western Utah remained a highland, while the Gulf of Mexico spread through the middle of the continent, covering eastern Utah. During this time, shales were deposited. The gray Mancos shale dominates the landscape all the way from Price until Highway 191 begins dropping down into the Moab area. The sea retreated towards the end of the Cretaceous, as the western half of the continent began to uplift. The Mancos shale, and the Cretaceous-era Dakota sandstone underneath it, eroded away from Moab area as the salt dome elevated the land surface

<Tertiary Period,

–> Event 1:

The Great Basin subsides while the western continent is uplifted.                                                                                                             The Colorado establishes its present course. During the Tertiary (65 million years ago), the Rockies and Uinta Mountains began to rise, and the entire western continent was uplifted. (At the Wasatch line, the Great Basin area began to slump and pull away relative to eastern Utah.)

The meandering course of the Colorado  and the goosenecks of the San Juan river suggest that this was once a slow-moving stream in a near-level plain. As the western US rose up, the river began to cut deeply into its established channel. 

< Tertiary Period,

Event 2:

The Paradox Salt forms a dome, creating an anticline. Under great pressure, salt can flow like a glacier. Salt of the Paradox Formation was squeezed into a dome in the Moab area, elevating the rocks above it. A “hump” of strata is called an anticline. As the dome gradually rose up, the Colorado cut down through the rising rock to maintain its course

Cracks formed in the rock over the dome of salt. These are the fissures that allowed formation of fins and arches in Arches National Park and the Slickrock area.

At this viewpoint over Arches National Park from the end of the Klondike Bluffs trail, the effect of the vertical rock fractures are seen.

<Tertiary Period,

Event 3:

The Moab Fault allows salt to erode, collapsing the center of the anticline. A fault line runs down each side of the Moab valley. These faults join near the entrance to Arches. Perhaps because of water running down along the fault line, salt was dissolved away deep under the rock of Moab. The overlying slab sunk down, creating a “collapsed anticline” that is the Spanish and Moab valley.

°

Moedergesteente is gesteente waarin olie, gas of erts gevormd wordt of werd.

Boorkern van gas- en/of oliemoedergesteente © TNO-NITG

°

 

MOHER   CLIFFS 

MOHER CLIFFS

MOHER  CLIFFS

http://en.wikipedia.org/wiki/Cliffs_of_Moher

Moho   See Mohorovičić discontinuity. Mohorovičić discontinuity

The Mohorovičić discontinuity, usually referred to as the Moho, is the boundary between the Earth’s crust and the mantle. The Moho serves to separate both oceanic crust and continental crust from underlying mantle. The Mohorovičić discontinuity was first identified in 1909 by Andrija Mohorovičić, a Croatian seismologist, when he observed the abrupt increase in the velocity of earthquake waves (specifically P-waves) at this point.The internal structure of the earth

Morphospecies Concept     Species are defined on the basis of consistent morphological differences. See also biological species concept and phylogenetic species concept.

Mould   An imprint of a fossil. See also cast.

°

MODDER VULKAAN

http://nl.wikipedia.org/wiki/Moddervulkaan

Moddervulkaan vormt eiland in de Arabische zee

 27 januari 2011   1

Er is een nieuw eiland verschenen in de Arabische zee. Het gaat om een moddervulkaan, die sinds eind november in de Arabische zee te zien is. NASA’s Earth Observing-1 satelliet maakte op 11 januari een foto van dit nieuwe eiland. NASA verwacht dat het eiland binnen een paar maanden weggespoeld is, zoals vaker gebeurt met moddereilanden.

Zoals u kunt zien op de foto neemt de woeste zee zand mee, waardoor er niet veel meer overblijft van de vulkaan.

De nieuwe moddervulkaan is 30 tot 60 meter groot en steekt daarmee net boven het wateroppervlak uit. In vergelijking met andere moddervulkanen is deze vulkaan vrij groot, alhoewel er exemplaren zijn die een hoogte van 100 meter kunnen bereiken.

Een moddervulkaan bestaat uit modder en gas die vanuit een ondergronds reservoir naar buiten stromen via een vulkanische kegel of simpelweg een scheur in de grond.

Bronmateriaal:
“Gooey” New Mud Volcano Erupts From Arabian Sea” – National Geographic

°

MUDPOT ( = MUDVOLCANO )

Mud volcano

http://en.wikipedia.org/wiki/Mudpot

°

°

Over tsjok45
Gepensioneerd . Improviserend jazzmuzikant . Instant composer. Jamsession fanaat Gentenaar in hart en nieren

3 Responses to Geologie trefwoord M

  1. Pingback: INHOUD G | Tsjok's blog

  2. Pingback: GEOLOGIE IN TELEGRAMSTIJL A | Tsjok's blog

  3. Pingback: MINERALEN | Tsjok's blog

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: