Genus LEEDSICHTHYS en fossiele mesozoische vissen


°

VISSENEVOLUTIE

°

{PDF}

Mercian 2004 v16 p043 Leedsichthys problematicus, Dawn.pdf 

 caudal fin of Leedsichthys. This was huge: the measure from tip to tip of the tail was 3.6 m. The fin rays bifurcated at intervals until, at the distal end, they were.

{PDF}

http://eprints.gla.ac.uk/81797/1/81797.pdf

 

Mercian 2004 v16 p043 Leedsichthys problematicus, Dawn.pdf http://www.emgs.org.uk/…/Mercian%202004%20v16%20…

 caudal fin of Leedsichthys. This was huge: the measure from tip to tip of the tail was 3.6 m. The fin rays bifurcated at intervals until, at the distal end, they were.

 

De vis  , kon ruim 16 meter lang worden. Dat hebben Schotse wetenschappers berekend.

 26 augustus 2013 17:53   26 augustus 2013
 
Leedsichthys_new1DB
 
°
 
 
 
 

Sommige soorten uit het geslacht  Leedsichthys deden  er waarschijnlijk 38 jaar over om een ( maximale ? ) engte van 16,5 meter te bereiken.

Op de leeftijd van 20 jaar besloeg de lengte van die vissoorten   waarschijnlijk nog maar 8 tot 9 meter. …….Dat meldt de Universiteit van Glasgow.

Life reconstructions ( BBC )
Leedsichthys
 
    

http://www.bbc.co.uk/science/seamonsters/factfiles/leedsichthys.shtml

http://nl.wikipedia.org/wiki/Leedsichthys

2013 

Het is voor het eerst dat de  gemiddelde  maximale lengte en de groeicurve  voorkomend in dit  prehistorische vis -genus  nauwkeurig is berekend op basis van wetenschappelijk onderzoek. (1)

Skeletten

http://www.big-dead-fish.com/

Leedsichthys problematicus  cast

°

http://www.nerc.ac.uk/publications/planetearth/2002/autumn/aut02-bigfish.pdf

Leedsichthys problematicus

°

 

 

 

http://www.gla.ac.uk/news/archiveofnews/2010/february/headline_141850_en.html

Fossil thought to be part of the Leedsichthys jaw, it was found in the 'Star Pit' at Whittlesey, Peterborough

University of glasgow  2010         Major findings  

°

:Dr Liston worked alongside experts from the University of Oxford, DePaul University in Chicago, Fort Hays State University in Kansas as well as the University of Kansas.

Leedsichthys had been an isolated example of a truly giant filter feeder in the oceans during the age of dinosaurs, with a puzzling gap between it and the first appearance of modern filter-feeders, some 100 million years later. 

“The breakthrough came when we discovered additional fossils, similar to Leedsichthys, but from much younger rocks. These specimens indicated that there were giant filter-feeding fishes for much longer than we thought. We then started to go back to museum collections, and we began finding suspension-feeding fish fossils from all round the world, often unstudied or misidentified,” continued Dr Liston.

Several of the most important new fossils – all from the same extinct bony fish family as Leedsichthys came from sites in the state of Kansas in the US. Other remains meanwhile, originated as far afield as Dorset and Kent in the UK, and Japan.

One of the best preserved Kansas specimens had historically been interpreted as similar to a fanged predatory swordfish. When members of the team began to clean the specimen, they were surprised to find a toothless gaping mouth, with an extensive network of thin elongate bony plates to extract huge quantities of microscopic plankton from large volumes of Late Cretaceous seawater.

2013 

De Schotse onderzoekers baseren hun bevindingen op een analyse van verschillende skeletten van de prehistorische vissensoorten uit het genus  . Dat was een ingewikkelde klus, aangezien er niet één compleet skelet is teruggevonden.

“We keken daarom niet alleen naar de botten, maar ook naar interne groeistructuren die je kunt vergelijken met de groeiringen in boomstammen”, verklaart hoofdonderzoeker Jeff Liston. “Op die manier kregen we een idee van de leeftijd en de lengte van de bestudeerde dieren.”

Uit het onderzoek bleek dat de Leedsichthys waarschijnlijk groter kon worden dan de walvishaai, de soort die op dit moment bekend staat als de grootste vis. Walvishaaien kunnen een lengte van ongeveer 14 meter bereiken.

large-721061Walvishaai

http://www.meesterbrein.com/view.php/de-grootste-vis-ooit-de-walvishaai.html

Plankton

De wetenschappers beschrijven hun bevindingen uitgebreid in het wetenschappelijk tijdschrift Mesozoic Fishes 5: Global Diversity and Evolution.

Net als de walvishaai voedde de Leedsichthys zich met plankton. De grote vissen beschikten over bijzondere kieuwen waarmee ze plankton konden filteren uit het zeewater dat door hun mond stroomde.

“De kieuwen functioneerden eigenlijk als het net van een trawlvisser”, aldus Liston. “De techniek was vanzelfsprekend erg effectief, gezien het grote formaat dat de dieren konden bereiken.”

(Door: NU.nl/Dennis Rijnvis    )
 
 
 
(1)
uiteraard is dit niet de grootste (bekende )” vis” die ooit leefde
–>  De schatting van de  grootste lengte  van (bijvoorbeeld )  de  prehistorische  haai  C. Megalodon    zit ruimschoots boven de 16 m.—> Megalodon (reuzenhaai) wordt ingeschat op twintig meter lang…
 
Megalodon_scale
 
 
—> Haaien inclusief Megalodon zijn kraakbeenvissen, Leedsichthys is een beenvis. Dat zijn in wezen twee totaal verschillende klassen van dieren, ook al heten ze allemaal ‘vis’.
Dus ik denk niet dat er in het wetenschappelijke artikel staat dat dit “de grootste vis ooit” was, ofzo. Meer iets als “de grootste beenvis ooit”. En dat wordt dan ‘vis’, want journalisten/redacties denken dat hun publiek het anders niet begrijpt.
—>De term “vis” is polyfyletisch… erg lastig dus .
Gould heeft niets voor niets gezegd, “there is no such thing as a fish”.
 
 
 
 
 
(Phylogeny )Cladogram after Friedman et al. (2010).[1]
 
†Pachycormidae
 
 
 
 
°
 
 
Matt Friedman, Kenshu Shimada, Larry D. Martin, Michael J. Everhart, Jeff Liston, Anthony Maltese and Michael Triebold. 2010. “100-million-year dynasty of giant planktivorous bony fishes in the Mesozoic seas”. Science. 327 (5968): 990–993. doi:10.1126/science.1184743. http://www.sciencemag.org/content/327/5968/990
 
Rhinconichthys taylori  2010
 
 
 

Planktonetende zeemonsters

Grote planktonfilterende beenvissen bestonden al 100 miljoen jaar voor de walvis

 

Een  artist's impression  van  Bonnerichthys , een planktonetende beenvis die ooit rondzwom in de zee boven het huidige Kansas. (Foto Robert Nicholls,  www.paleocreations.com )
Zoom
Een  artist’s impression  van  Bonnerichthys , een planktonetende beenvis die ooit rondzwom in de zee boven het huidige Kansas. (Foto Robert Nicholls,  http://www.paleocreations.com )

Baleinwalvissen, walvishaaien en reuzenmanta’s schuimen al tientallen miljoenen jaren de oceanen af op zoek naar plankton. Maar wie filterde al die kleine organismen in de kleine 200 miljoen jaar daarvoor uit het water? Volgens nieuw onderzoek klaarden grote beenvissen met opengesperde bekken die klus.

Fossielen van oeroude beenvissen liggen vaak al sinds de negentiende eeuw in museumdepots. Deze resten waren echter nooit gecategoriseerd, of lagen in de kast met een verkeerd label eraan gehangen. En terwijl die resten jarenlang lagen te verstoffen, braken onderzoekers hun brein over het hoe en waarom er geen aanwijzingen waren voor het bestaan van grote filtervoeders, soortgelijk aan de huidige baleinwalvis, tijdens het Mesozoïcum (250 tot 65 miljoen jaar geleden).

In die tijdsperiode zijn namelijk ook de hedendaagse planktonsoorten ontstaan. Het leek daarom nogal vreemd dat er vrij plotseling, pas vanaf 65 miljoen jaar geleden, een uitgebreide variatie aan filtervoeders is ontstaan.

Beenvissen

De enige aanwijzing voor oudere grote filtervoeders was een handjevol fossiele resten van beenvissen, hoofdzakelijk afkomstig uit Europa. De fossiele beenvissen stamden echter uit een relatief korte tijdsperiode van 165 tot 145 miljoen jaar geleden. En ze behoorden tot de inmiddels uitgestorven Pachycormidae-familie, die juist hoofdzakelijk uit roofvissen bestaat.

Voor biologen leken de grote filtervoederende beenvissen haast op een ‘klein en mislukt evolutionair experiment’.

Onderzoekers uit de Verenigde Staten en Groot-Brittannië publiceren deze week in Science over hun nieuwe analyse van fossiele resten. Op één exemplaar na, dat recent in kalklagen in de Amerikaanse staat Kansas werd ontdekt, waren alle fossielen afkomstig uit musea in Groot-Brittannië, de Verenigde Staten en Japan. Het betrof onder meer een complete schedel, schedelfragmenten, voorvinnen en botresten.

De onderzoekers identificeerden deze fossiele resten als afkomstig van de beenvissoorten Rhinconichthys taylori en Bonnerichthys gladius, 170 tot 65 miljoen jaar oud. Deze ‘voorlopers van walvissen’ hebben dus meer dan 100 miljoen jaar lang bestaan. En niet zoals eerder gedacht maar 20 miljoen jaar. Ook kwamen ze, gezien de vindplaatsen in Europa, de Verenigde Staten en Japan, in verschillende wereldzeeën voor.

Reuzenbekhaai Reconstructies van de fossielen laten zien dat deze beenvissen zo’n vier tot vijf meter lang zijn geweest, vergelijkbaar met de hedendaagse reuzenbekhaai. Toch waren het relatief kleine exemplaren, want de al bekende resten van planktonetende beenvissen haalden lengtes tot maar liefst negen meter. Dat komt overeen met de gemiddelde walvishaai.

De beenvissen moeten, net als hedendaagse baleinwalvissen, met opengesperde bek hebben rondgezwommen om plankton uit grote hoeveelheden water te filteren. Het binnenkomende water werd na filtering weer afgevoerd door kieuwen in de achterzijkant van de kop.

De bestaansperiode van de planktonetende beenvissen sluit precies aan op de opkomst van de hedendaagse filtervoeders. Die kwamen vanaf ongeveer 65 miljoen jaar geleden op en vulden het gat in het ecosysteem dat de uitstervende beenvissen achterlieten.

Als eerste verscheen de reuzenbekhaai, die in de 30 miljoen jaar daarna werd gevolgd door onder meer reuzenmanta’s, walvishaaien, reuzenhaaien en baleinwalvissen.

Stoffige resten uit de fossielenkast kunnen dus nog een heel nieuw licht werpen op de evolutie. Misschien toch wel handig om de labels aan de fossielvondsten uit Darwin’s tijd nog maar eens goed na te lopen.

Paul Schilperoord

Matt Friedman e.a., ‘100-Million-Year Dynasty of Giant Planktivorous Bony Fishes in the Mesozoic Seas’, in Science, 19 februari 2010.

De vindplaats van de fossiele beenvisvinnen in kalkafzettingen in Kansas. (Foto Dr. K. Shimada)

 
De vindplaats van de fossiele beenvissen  in kalkafzettingen ion Kansas  ( Dr K Shimada )
°
2
 
   Reconstructie van de beenvis Bonnerichthys  aan de hand van fossiele resten. (Foto Dr. M. Friedman, University of Oxford)
Bonnerichthys jawbones and forefinn/ Matt friedman
Bonnerichthys  sciencemag
 
 
 
De grote gefossiliseerde voorvinnen van de beenvis  Bonnerichthys . (Foto Dr. M. Friedman, University of Oxford)
 
De grote gefossiliseerde voorvinnen  van de beenvis bonneichthys  ( Dr . M Friedman , Univ Oxford )
 
         Bonnerichthys gladius  &  Rhinconichthys taylori.
 
 
 

Over tsjok45
Gepensioneerd . Improviserend jazzmuzikant . Instant composer. Jamsession fanaat Gentenaar in hart en nieren

One Response to Genus LEEDSICHTHYS en fossiele mesozoische vissen

  1. Pingback: INHOUD UVW | Tsjok's blog

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: