Over het ontstaan van kikkers, slangen, krokodillen


00
°
 
Moderne Reptielen & Amfibieen Over het ontstaan van kikkers, slangen, krokodillen, enz.Een artikel van Tim Spaan.
(Dit is een oud  maar ,nog steeds  interessant   samenvattend en initierend    artikel  ….. )
Moderne Reptielen & Amfibieën     (<–klik hier als de plaatjes niet zichtbaar zijn )
°
Evolutie van een kikker. Niet veel mensen kennen de fossiele kikkersoort Triadobatrachus uit het vroeg-Trias. Het is een dier van zo’n 10 centimeter lang, en in vele opzichten een perfecte overgangsvorm tussen moderne kikkers en de vroegere amfibieën familie Labyrnthodonta.
      Kikker skelet
padden-skelet
Moderne  kikker
Kikkers, die behoren tot de orde der Anura, hebben verschillende unieke kenmerken, die allemaal rond hun ongebruikelijke springende bewegingsvorm gebaseerd zijn. Het voornaamste kenmerk is de unieke bouw van hun bekkengordel. De Ilium is sterk verlengd, en de post-sacrale ruggewervels zijn versmolten in één stevig stuk been dat als urostyle bekend staat. De Ilium en de urostyle vormen samen een driedelige bekkenstructuur die bestand is  tegen de schokken van het springen van het dier.
Kikkers hebben de kortste ruggengraat van alle vertebraten, het aantal wervels ligt tussen de vijf en negen. De ribben zijn volledig afwezig (hoewel sommige soorten korte ribachtige uitsteeksels van de transversale ruggegraatsprocessen hebben). De wervelbeenderen zijn uniek door de afwezigheid van om het even welke pleurocentra en hypocentra, en bestaan slechts uit neurale bogen. De tibia en fibula zijn samen tot één been versmolten om de enorme spanningen te weerstaan die ontstaan tijdens het springen. De achterste poten zelf zijn lang en zeer krachtig voor de springende, en zwemmende, voortbeweging van de kikker  .  De schedel is zeer groot, maar ook zeer licht. Zowel het aantal als de grootte van de schedelbeenderen is beduidend minder dan bij andere typische amfibieën. De frontale en wandbeenderen zijn in één enkel been versmolten. De oogkassen zijn groter dan de ogen zelf, hierdoor kunnen de ogen omhoog en omlaag worden bewogen (De kikker kan zijn ogen door het gehemelte de bek in laten zakken, hierdoor duwen de ogen het voedsel de slokdarm in.). Tussen de ogen ligt een groot bot dat de voorzijde van de hersenpan beschermt
triad-btriadobatrachus
In vele kenmerken, is het fossiel Triadobatrachus een schakel tussen de moderne kikkers en hun voorouderlijke Labrynthodonta. De schedel is zeer kikkerachtig, met versmolten frontale en wandbeenderen (hoewel deze langer zijn dan bij in om het even welke moderne kikker), en grote open oogkassen. De Ilium is veel langer dan in vroegere Labrynthodonten, maar niet zolang als in moderne kikkers. De schedelstructuur en verlengde ilium, samen met de grote achterpoten en het gebrek aan ribben, doen Triadobatrachus gelden als een zeer primitieve kikker. Veel van deze eigenschappen zijn echter nog slecht ontwikkeld in Triadobatrachus. De Ilium bijvoorbeeld heeft een sterke verbinding met de wervelkolom, in tegenstelling tot alle moderne kikkers. De Urostyle is ook afwezig, en Triadobatrachus heeft in plaats daarvan een korte staart, iets wat geen moderne kikker heeft. De ruggengraat, niettemin enigszins korter dan in Labrynthodonten, is nog bijna tweemaal zolang als in om het even welke moderne kikker (En bevat 24 wervels.). De achterpoten zijn proportioneel nog zeer klein, maar niettemin enigszins groter dan de voorpoten. De tibia en fibula zijn niet met elkaar vergroeid, en maken dat Triadobatrachus geen efficiente springer was. De beenderen van de pectorale gordel zijn vrij klein en licht, in tegenstelling tot de zware pectorale beenderen van de moderne kikkers, die zijn gebouwd om de enorme schokkende krachten te weerstaan bij het landen na een lange sprong. Aldus vertoond Triadobatrachus een zeer primitieve versie van moderne kikkerkenmerken, en beschikt eveneens nog over verscheidene kenmerken van zijn voorouderlijke Labrynthodonta. De staartwervels, het gebrek aan een urostyle, een vrije ilium, en de aparte tibia en fibula zijn allen kenmerken die door Labrynthodonta worden bezeten maar niet door een andere huidige of uitgestorven kikkersoort. Anderzijds zijn het verlengde ilium, het gebrek aan ribben en de grote vlakke schedelstructuur typische kenmerken van kikkers maar niet van Labrynthodonta. Triadobatrachus verenigd de trekken van twee zeer verschillende groepen dieren in zich, en kan slechts als evolutieve schakel tussen deze twee groepen worden beschouwd
Evolutie van een slang. Moderne slangen, die behoren tot de suborde der Serpentes, ontstonden twintig miljoen jaar geleden in het Mioceen. Pootloze reptielen die hun voorouders vormen zijn echter al van veel langer geleden bekend, deze dateren terug tot het Krijt, zo’n tachtig miljoen jaar geleden. Het lichaam van een slang is sterk verlengt, in tegenstelling tot de staart, die slechts het achterste puntje van het lange lijf vormt. Sommige slangesoorten beschikken over meer dan 450 wervels. De poten zijn verdwenen en de onderste en bovenste slaapvensters zijn versmolten waardoor er plaats is voor grotere kaakspieren. De kaken zijn nog flexibeler dan bij hagedissen waardoor grote prooien kunnen worden ingeslikt .
Van hun pootamputatie hebben slangen allerminst last
  Een fossiele slang uit het eoceen
In tegenstelling tot bijvoorbeeld de vreedzame leguanen beschikken varanen over scherpe klauwen en venijnige gekartelde tanden. De zelfde soort tanden als waar slangen over beschikken. Met deze wapens schrikken ze er niet voor terug om krokodillennesten te plunderen of vee te roven in door mensen bevolkt gebied. Verschillende varanen kunnen grote afmetingen bereiken, zoals de Nijlvaraan (ongeveer 2 meter) en vooral de Komododraak (3 meter), maar nog zeer recentelijk heeft er in Australië een zeer grote varaan geleefd die bekend staat als Megalania prisca, een monster van mogenlijk 6 tot 8 meter lang die prooien ter groote van een neushoorn kon doden. Maar Megalania is een recent dier uit het Pleistoceen, voor de oorsprong van varanen en slangen moeten we terug naar het Krijt. Varanen waren tijdens het Krijt even succesvol met een gelijke levensstijl. In Mongolië braken varanen zoals Estesia in in nesten, net als tegenwoordig, maar hier waren het dinosauriërsnesten van Oviraptor of Velociraptor waar ze eieren roofden. Het was deze varanen populatie die de gestalte heeft gegeven aan de slangen, de in Israel gevonden Pachyrhachis geldt als een één meter lange slang met poten.
Niet veel fossielen zijn gevonden van Megalania, deze kaak is één van de schaarse resten
slangen met pootjes
       
De achterpoten van de slang Pachyrhachis (links) en Haasiophis (onder ).
OPGELET !!
( deze site onder voorbehoud )(1)
°
Pachyrhachis vertoond verschillende kenmerken van een aquatisch reptiel, wat een interresant gegeven is, want tijdens het Laat-Krijt leefde er een groep van aquatische reptielen, die wat betreft skelettrekken tussen de varanen en slangen in staan; de Mosasauriërs.
°
°
Deze enorme zeereptielen die in een korte tijd zeer succesvol werden tijdens het late Krijt beschikken over schedels en tanden die sterk overeenkomen met die van zowel varanen als slangen.
Mosasaurierschedels vertonen zelfs nog meer overeenkomst met die van slangen door de aanwezigheid van een dubbele rij tanden op de vleugelbeenderen in het gehemelte (Het Pterygoidae), dit komt voor bij slangen, niet bij varanen. Ook hun lange slangachtige vorm hebben ze dus niet van een vreemde. Aan de andere kant hebben mosasauriërs duidelijk vier ledematen, die zoals bij elke aquatische tetrapode in vinnen verpakte vingers en tenen bevatten.
Hoewel Mosasauriërs door hun buitensporige formaat moeilijk de directe voorouders kunnen zijn van de veel kleinere slangen die er op volgden, representeren ze wel een stadium dat zich tussen varanen en slangen bevind. Ook door het feit dat vroege slangen (met poten) aquatische dieren waren maakt het plausibel dat Mosasauriërs en slangen zijn ontstaan uit een gemeenschappelijke voorouder. Een langgerekt aquatisch reptiel met flippers, dat verwant was aan de varanen, en ondermeer beschikte over dezelfde kaken, tanden en het orgaan van Jacobson (Paleonartiesten beelden tegenwoordig Mosasauriërs af met een gespleten tong.). Diens nakomelingen leidde enerzijds tot enorme zeereptielen, en anderzijds tot kleinere roofdieren, wiens slangachtige vorm extremer werd, hun poten geheel verloren, en in de meeste gevallen terug keerden naar het land, hoewel er altijd ‘zeeslangen’ zijn gebleven.
°
Evolutie van een krokodil. Krokodillen zijn de enige nog levende (non-avian) Archosauriërs, de orde waartoe onder andere ook pterosauriërs en dinosauriërs behoren. De vroegste voorouders van de Krokodillen zijn dan ook rond de zelfde perioden ontstaan als hun uitgestorven verwanten, zo rond 230 miljoen jaar geleden, in het Midden-Trias. De oudste voorouders der krokodillen vertonen al verschillende karakteristieken in de schedel. Alle kroks hebben een zware platte schedel, met de kaakspieren achterin de kaken gehecht, waardoor de kaken zeer ver geopend kunnen worden en met veel kracht kunnen worden dichtgeslagen. De huidige Australische zoutwaterkrokodil overtreft de bijtkracht van een leeuw drie maal, en evenaart, zo niet overtreft, die van de grootste carnivore dinosauriërs. Krokodillen hebben hun rol van roofdier aan de waterkant geperfectioneerd, nadat deze in het laat-Pennsylvanian werd overgenomen van de amfibieën door nieuwe vormen van half-aquatische reptielen, waarvan de krokodillen uiteindelijk de succesvolste zijn geworden. De klassieke jachtmethode van een krokodil bestaat uit eindeloos wachten aan de oever van een meer of rivier, en waarneer de dorstig dier komt drinken pijlsnel toeslaan. In redelijk troebel water is een onder water aanzwemmende krokodil vrijwel onzichtbaar, zelfs voor het scherpe oog van een mens. Als ze eenmaal toeslaan is er geen ontkomen meer aan, want hierin zijn ze werkelijk pijlsnel. Het Oud-Egyptische woord voor krokodil stond synoniem voor een pijlsnelle gebeurtenis, zo snel dat je geen tijd meer hebt om te reageren. Als een prooi eenmaal tussen de machtige kaken is beland doet de krokodil deze meestal verdrinken, voor hem de meest veilige methode om de prooi te doden. Sinds krokodillen deze levensstijl hebben aangenomen zijn ze weinig meer veranderd. Zolang de oevers het zelfde blijven, het water het zelfde blijft en er genoeg prooidieren dorst hebben is er voor de krokodillen geen reden om ingrijpend te veranderen. Ze groeien alleen wel met hun prooi mee, zo leefde er tijdens het Krijt, toen de wereld bevolkt werd met grote herbivore dinosauri�rs verschillende reusachtige krokodilen, zoals de Noord-Amerikaanse Deinosuchus en de Afrikaanse en Zuid-Amerikaanse Sarcosuchus. Beide soorten werden zo’n 12 meter lang, waarschijnlijk evengroot als de Indiaanse Rhamphosuchus die leefde tijdens het Plioceen en mogenlijk joeg op de verschillende soorten olifanten die destijds leefde. In het Eoceen daarentegen, -vlak na de grote uitsterving- waren de krokodillen klein, evenals hun prooien.
De zeekrokodil Geosaurus.
°
De gespecialiseerde levenswijze van krokodillen maakt het hen moeilijk om radicale veranderingen door te voeren, zoals al reeds gezegd zijn krokodillen sinds hun ontstaan nauwelijks veranderd, maar toch zijn er in het verleden pogingen geweest om een andere levensstijl aan te nemen. Eén van de voornaamste zijn de zeekrokodillen uit het Jura, waar ondermeer Metriorhynchus en Geosaurus toe behoren. Deze pasten zich in verschillende opzichten aan aan het leven in de open zee, zo verloren ze hun pantserplaten en ontwikkelden een visachtige zwemstaart. Zo namen ze plaats tussen de bonte schare van marine reptielen uit het late Jura. Maar dit gebeurde allemaal lang na het ontstaan van de krokodillen, en daar dit stukje over de evolutie van krokodillen gaat is het hoog tijd dat ik dat onderwerp aansnij. Daar een reptiel van oorspong een landdier is zijn ook alle krokodillen eens dieren geweest die op het land hun kostje bij elkaar scharrelden
 Protosuchus
de landkrokodil Protosuchus uit  het late Trias
°
Er  leefden   verschillende puur terrestrische krokodillen, zoals Terrestrisuchus, zijn naam zegt het al, en Protosuchus, die beide hoogpotige slanke roofdieren waren. Maar de meest spectaculaire krokodilachtigen waren wel de bipede soorten. De uit het midden-Trias afkomstige Gracilisuchus beschikte over een lichtgebouwd lijf en stond op zijn achterpoten. Hij leek zo weinig op moderne krokodillen, en zo veel op de leden uit de familie der Ornithosuchia (De zelfde familie die gestalte heeft gegeven aan de dinosauriërs.), dat hij jarenlang voor een Ornithosuchiër is versleten. Enkele kenmerken in de in de bouw van de nekwervels, schedel en enkelgewrichten kwam de ware aard van Gracilisuchus naar boven. Het valt echter niet te ontkennen dat het dier een sprekende overeenkomst vertoond met Ornithosuchiërs zoals Postosuchus of de voorouder der dinosauriërs Marasuchus, en dit gegeven doen het vermoeden van een gemeenschappelijke voorouder van dinosauriërs en krokodillen voor zich spreken.
Bronnen:
1 The Marshall illustrated encyclopedia of dinosaurs & prehistoric animals, Cox & Palmer 1988.
2 Prehistoric life, the rise of the vertebrates, Norman 1994.
3158127
(1) 
answers by reptile evolution :
 1, 2, 3 and 4 the criticisms leveled at ReptileEvolution.com by Darren Naish, author of the Tetrapod Zoology blog titled “Why the world has to ignore ReptileEvolution.com.
°
SLANGEN en C° 
 evolutie van (modernere vormen van ) reptielen                    <—–doc  archive

‘Grootste gifslang ooit leefde in Griekenland’

Wetenschappers hebben in Griekenland een fossiel opgegraven van de vermoedelijk grootste gifslang die ooit heeft geleefd. 

Het gaat om een  slangensoort die een gewicht kon bereiken van maarliefst 26 kilo.

Het dier, dat Laophis crotaloides is gedoopt, leefde in tegenstelling tot moderne slangen niet in de tropen, maar in relatief koele graslanden.

Dat hebben Zweedse onderzoekers bekendgemaakt op een bijeenkomst van de Society of Vertebrate Paleontology.

 

Wervelkolom

De wetenschappers identificeerden de soort op basis van de wervelkolom van een slang die werd opgegraven nabij de Griekse stad Thessaloniki.

Met behulp van het fossiel stelden ze het gewicht en de lengte van het dier vast.

De prehistorische slang kon een lengte bereiken van drie tot vier meter. Daarmee legde het reptiel het af tegen zijn moderne soortgenoot, de koningscobra. Deze slang wordt in sommige gevallen maarliefst 5,5 meter lang.

king cobra

 

 

Gewicht

De Laophis crotaloide gaat echter toch de boeken in als de grootste slang uit de geschiedenis, vanwege zijn gewicht van 26 kilo. Ter vergelijking: een uit de kluiten gewassen koningscobra weegt slechts 9 kilo.

“We hebben hier over een dier met een formaat dat gezien zijn leefgebied en het klimaat buiten alles proporties was”, verklaart hoofdonderzoeker Benjamin Kear op nieuwssite Yahoo News.

“De slang moet heel indrukwekkend zijn geweest, je kunt echt spreken van een monster”, verklaart zijn collega-onderzoeker Georgios Georgalis.

 Original illustrations of Laophis vertebrae reported by Sir Richard Owen in 1857. These specimens have been lost, but a recently discovered vertebrae confirms Owen’s discovery of the largest venomous snake ever. Laophis lived
°
TITANOBOA 
reconstruction of titanoboa

reconstruction of titanoboa

Titanoboa  fossils

Titanoboa fossils

 Meer afbeeldingen    Titanoboa

  1. De titanoboa of Titanoboa cerrejonensis is een uitgestorven reusachtige slang behorend tot de boa’s die tijdens het Paleoceen voorkwam in het gebied van het huidige Colombia. Wikipedia

Eocene Reuzenhagedis  / 5 juni 2013

 

jaw bone of Barbaturex morrisoniThe cast of a fossil piece (right) is part of the jaw bone of Barbaturex morrisoni and is only about a quarter of the entire jawbone. At left is the tip of the jaw bone.

Craig Chandler/Courtesy of University of Nebraska-Lincoln

Artist's interpretation of the Lizard King

Foto:  University of Nebraska-Lincoln
Extinct Lizard Named after Door Singer Jim Morrison
Barbaturex morrisoni is the name of an extinct six feet lizard dubbed as “The Lizard King”. The fossils of the lizard were found in Myanmar.

° Het gaat om een ruim twee meter lange  uitgestorven hagedis die ogeveer veertig miljoen jaar geleden(1) in het huidige Zuidoost-Azië leefde. Het dier was waarschijnlijk de grootste plantenetende hagedis uit de geschiedenis Barbaturex morrisoniDat melden Amerikaanse wetenschappers in het wetenschappelijk tijdschrift Proceedings of the Royal Society B. De wetenschappers kwamen tot hun beschrijving door enkele fossielen van de uitgestorven reuzenhagedis te bestuderen. Het reptiel woog ongeveer 27 kilo. In het oorspronkelijke artikel wordt ook heel mooi beschreven waarom de gevonden fossiele tanden en kiezen duiden op planteneters en niet op vleeseters… Barbaturex morrisoni was een herbivoor die met andere grote herbivore zoogdieren in competitie leefde, dit in tegenstelling tot de Komodo Varaan, en de Chinese Chianghsia nankangensis (Laat Krijt) en de Australische Varanus priscus (Pleistoceen), http://wp.me/a1hMRA-3c

allen carnivoor.
°
°
Deze laatste twee grote carnivore hagedissensoorten aten de zoogdieren waarmee ze samenleefden juist wel en gingen de voedselcompetitie niet aan met de zoogdieren. (Door: NU.nl/Dennis Rijnvis) °  BBC News. …. Moderne  hagedissen zoals  iguanas  &  agamides   zijn kleiner  dan ander herbivoren maar zijn wel smakelijke prooien voor grotere  predatoren Horned lizard °  Barbaturex morrisoni was groter dan de meeste   carnivore  zoogdieren uit zijn tijd   . Maar  de competitie voor (plantaardige ) voedselbronnen leek zijn evolutie  tot  grote hagedis,   niet  te  hebben ingeperkt  . (2) CITATEN Dr Paul Barrett from the Natural History Museum, London. “Lizards were much more important herbivores in the past than we previously realised,  Their existence seems to have depended on the climate being right to support large-bodied herbivorous creatures.Climate probably has a bigger influence on the evolution of plant-eating reptiles than we realised. It seems to be a more important factor than competition with other herbivorous mammals.  Climate probably has a bigger influence on the evolution of plant-eating reptiles than we realised. It seems to be a more important factor than competition with other herbivorous mammals.”   Dr Jason Head University of Nebraska-Lincoln Jason Head, Earth & Atmospheric Sciences Assistant Professor at UNL, holds a fossil and fossil cast from the jawbone of Barbaturex morrisoni, a giant ancient lizard named for The Doors musician Jim Morrison. Jason Head from the University of Nebraska-Lincoln holds a fossil and fossil cast from the jawbone of Barbaturex morrisoni, a giant ancient lizard named after The Doors musician Jim Morrison. On either side of Head are a mounted sailfin lizard that was closely related to Barbaturex and a skeleton of a modern plant-eating iguana

“You can’t fully understand the evolution of ecosystems in the modern world without looking at the ones that preceded them” “By going back in time using the fossil record, we can find unique information on the origin of modern ecosystems.

(1)  Hogere temperaturen in die tijd maakten de afmetingen van deze  reuzenhagedis mogelijk Jason Head van de Universiteit van Nebraska- Lincoln. In theorie is het  mogelijk dat er ooit opnieuw twee meter lange hagedissen evolueren op aarde. Voorwaarde is wel dat het klimaat dan flink opwarmt, zodat de reptielen hun lichaam op temperatuur kunnen houden. “But we’re changing the atmosphere so fast that the rate of climate change is probably faster than most biological systems can adapt to. So instead of seeing the growth and spread of giant reptiles, what you might see is extinction,Dr Darren Naish from the University of Southampton, who was not involved with the study. ” The late middle Eocene – a time when temperatures across the planet soared – is a very exciting finding…..This was meant to be the time in history when all the modern mammal groups are starting to take off in terms of diversity and the evolution of modern body shapes.   But in this fauna, which is well-known for early primates and early hoofed mammals, living alongside early members of the modern mammal lineage, are these giant lizards,” http://blogs.scientificamerican.com/tetrapod-zoology/2013/06/04/giant-herbivorous-lizards-in-the-paleogene/ -co-author Prof Russell Ciochon, from the University of Iowa, (2) ” Reptiles and mammals co-exist most places on the Earth today. What is interesting about the Lizard King is that it was a large vegetarian co-existing and competing with other herbivorous mammals,” “Large lizards on the Earth today, such Indonesia’s Komodo Dragon, and in the past, such as the late Cretaceous Chinese Chianghsia nankangensis and the Pleistocene Australian Varanus priscus, are all carnivores. These large carnivorous lizards were eating the mammals they co-existed with, not competing with the mammals. “The large size of the Lizard King certainly protected it from many predators. But there is no doubt that it was hunted by  large mammalian carnivores of the day.”

The Barbaturex morrisoni would have resembled a modern-day bearded dragon
The Barbaturex morrisoni would have eaten the same things as iguanas

The Barbaturex morrisoni would have resembled a modern-day bearded dragon, ( top ) , because of chin flaps and its shape, but is thought to have been six times the size. The name Barbaturex morrisoni also means ‘Morrison’s bearded king’. Ridges in the Barbaturex morrisoni’s mouth suggest it was a plant-eater like the iguana, (bottom) Read more: http://www.dailymail.co.uk/sciencetech/article-2336160/Giant-lizard-king-roamed-Earth-40-million-years-ago-named-The-Doors-frontman-Jim-Morrison.html#ixzz2VYrQQrBF

http://news.sciencemag.org/sciencenow/2013/06/scienceshot-jim-morrison-finally.html

 

 

A chart of jaws and other bones from cretaceous-era lizards. B is the jaw of the Obamadon.

A chart of jaws and other bones from cretaceous-era lizards. B is the jaw of the Obamadon.

(hieronder  is dat A )

 

Left dentary of a currently unnamed lizard from the latest Cretaceous, from Longrich et al. (2012).

Jawbone of Obamadon gracilis

Several of the species’ relationships were determined just from jaw fragments, such as that of

Obamadon gracilis

 Carl Buell.

 

Extinct lizard named after Obama           11 DECEMBER 2012, SCIENCE & ENVIRONMENT

http://en.wikipedia.org/wiki/Obamadon

 

De asteroïde die ervoor zorgde dat de dino’s van de aarde werden weggevaagd, raakte ook de hagedissen en slangen extreem hard. Bijna 83 procent van alle soorten hagedissen en slangen stierven uit en daarmee belandden ook deze soorten op het randje van de afgrond.

“De asteroïde-inslag wordt vaak gezien als een gebeurtenis die alleen de dinosaurussen raakte,” vertelt onderzoeker Nicholas R. Longrich. Maar de asteroïde-inslag en de gevolgen ervan, raakte hele ecosystemen. “Slangen en hagedissen werden extreem hard geraakt.”

83 procent
Eerdere studies stelden al dat enkele soorten hagedissen en slangen, net als enkele vogelsoorten en zoogdieren door de inslag het loodje legden. Maar het was – in ieder geval voor de hagedissen en slangen – veel erger, zo stellen de onderzoekers nu in het blad Proceedings of the National Academy of Sciences. Tot wel 83 procent van alle slangen- en hagedissensoorten stierf uit. Hoe groter de diersoorten waren, hoe groter de kans was dat ze uitstierven: enkel hagedissen en slangen met een gewicht tot 500 gram overleefden.

Polyglyphanodontia

Eén van de zeer diverse groepen hagedissen, die verdween, was Polyglyphanodontia. Zo’n veertig procent van alle hagedissen die in die tijd in Noord-Amerika leefden, behoorde tot deze groep. Eén van die soorten was Obamadon gracilis: een hagedissoort die de wetenschap onbekend was, maar die nu tussen de fossiele resten werd aangetroffen. De hagedis was minder dan 30 centimeter lang en at waarschijnlijk voornamelijk insecten.

Fossiele resten
De onderzoekers trekken die conclusie nadat ze een grote collectie fossiele resten van hagedissen en slangen bestudeerden. Ze bestudeerden in totaal 21 bekende soorten en identificeerden aan de hand van de eerder al verzamelde, maar nog niet grondig onderzochte resten, negen nieuwe soorten. Uit het onderzoek blijkt dat hagedissen en slangen in de tijd van de dinosaurussen zeer divers waren. Er kwamen piepkleine hagedisjes voor, maar ook hagedissen van 1,8 meter lang. En sommige slangen waren zo groot dat ze in staat waren om eieren en jongen van de dino’s te verorberen.

De onderzoekers gingen ook na hoe de reptielen zich tot elkaar verhielden. Velen bleken tot families te behoren die aan het eind van het Krijt (na de asteroïde-inslag) verdwenen. Het was een ware massa-extinctie, maar lang niet alle hagedissen en slangen verdwenen. Vandaar dat onze aarde vandaag de dag nog zo’n 9000 soorten slangen en hagedissen rijk is. “Zij hebben het niet overleefd omdat ze beter aangepast waren, ze wonnen doordat al hun concurrenten uitgeschakeld werden.”

 

Bronmateriaal:
Asteroid that killed the dinosaurs also wiped out the ‘Obamadon’” – Yale.edu

 

 

 

 

Over tsjok45
Gepensioneerd . Improviserend jazzmuzikant . Instant composer. Jamsession fanaat Gentenaar in hart en nieren

4 Responses to Over het ontstaan van kikkers, slangen, krokodillen

  1. Pingback: INHOUD GLOS A « Tsjok's blog

  2. Pingback: INHOUD R « Tsjok's blog

  3. Pingback: FOSSIELE AMFIBIEEN INHOUD « Tsjok's blog

  4. Pingback: LIJST A fossiele amfibieen | Tsjok's blog

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: