speltheorie en evolutionaire psychology



Speltheorie in de evolutiebiologie
Haviken en duiven
 Rond de jaren zeventig maakten ook evolutiebiologen zich de speltheorie eigen. Ze gebruiken het om de evolutie van gedrag te analyseren. Beroemd is het Havik-Duif-spel, waarmee schijnbaar altruïstisch gedrag evolutionair kan worden verklaard.
Het mist ’s ochtends, de wouden verkleuren, de dagen korten. De kijker is getuige van een showdown op een open plek in het bos.
Twee snuivende edelherten buigen de zware kop, stormen recht op elkaar af en veroorzaken een gewelddadige botsing.
 Vervolgens trekken ze zich een paar meter terug, snuiven, en het tafereel herhaalt zich. Na een aantal keer geeft een van de twee het op en druipt doodmoe af.
De winnaar blijft staan en geniet zwaar hijgend van zijn territorium.

Sluit dit venster

Mannetjesherten vechten zich zelden dood. Een uitgebreid arsenaal aan dreiggedrag blijkt evolutionair veel stabieler te zijn. De gevechten zelf zijn vaak ook snel afgelopen; het zwakkere dier trekt zich terug voor het te laat is. 

Rationeel beschouwd is al dat gedoe voornamelijk vermoeiend. Zou het voor de winnaar niet veel beter zijn het karwei, en de concurrent, meteen af te maken? Of in elk geval zo te verwonden dat hij de volgende keer niet meer terugkomt?
De voice-over levert het voor de hand liggende antwoord: dan zouden wel erg veel edelherten verwond of gedood worden, en dat is natuurlijk niet bevorderlijk voor het voortbestaan van de soort.Goed voor het voortbestaan van de soort: van dit soort hardnekkige onzin worden evolutiebiologen heel chagrijnig.

Want dat kan nooit een doorslaggevende oorzaak van hertengedrag zijn. Ga maar na: een nieuw egoïstisch hert zou zonder pardon alle deemoedige soortgenoten liquideren, en het gebied opnieuw bevolken met zijn eigen agressieve nakomelingen.
Dat dit niet gebeurt, betekent dat er iets anders aan de hand is.
 Blijkbaar kan in een populatie zachtaardige herten een individu geen voordeel behalen met een andere, meer agressieve, strategie.
De strategieën van de individuen in deze populatie zijn in Nash-evenwicht.

Evolutiebiologen gaan ervan uit dat alle strategieën die we in de natuur zien, op de één of andere manier optimaal zijn.
Alle mogelijke alternatieve strategieën zijn in de loop van duizenden eeuwen evolutie al eens ontstaan en weggeconcurreerd.
Dat is heel begrijpelijk wanneer het gaat om bijvoorbeeld camouflage: een nieuw fluorescerend roze hert zal het in een bos afleggen tegen zijn bruine soortgenoten.
 Maar hoe verklaart een evolutiebioloog dat agressie het onder bronstige edelherten verliest van mildheid?Daar komt speltheorie bij kijken.

Bovenstaand voorbeeld is een klassiek evolutiebiologisch vraagstuk, dat inzichtelijk wordt gemaakt met het ‘Havik-en-Duif- spel’. Havik en Duif zijn de namen van twee heel verschillende strategieën: een Havik is geneigd te vechten met alle mogelijke tegenstanders. Een Duif daarentegen doet ventjes- stoer en druipt dan af. Uit het model blijkt dat, begrijpelijkerwijs, een Havik het goed doet in een populatie Duiven: de zachtaardige Duiven worden domweg verjaagd Maar in een populatie Haviken blijkt Duif ineens een winnende strategie.Want terwijl de Haviken elkaar naar het leven staan, strijkt de goedmoedige Duif met de winst.
Sluit dit venster
in 1982 publiceerde de evolutiebioloog John Maynard Smith het boek Evolution and the Theory of Games, waarin hij ondermeer het Havik-en-Duifspel(= chicken game  =http://nl.wikipedia.org/wiki/Chicken_game =verwant aan   prisoners  dilemma ) uiteenzette. 
Zo’n model is natuurlijk geen wet van Meden en Perzen.
Om te beginnen zijn edelherten niet blind. Edelherten schatten hun tegenstander in, en stemmen hun gedrag daarop af:
Havik als de tegenstander zwak lijkt, Duif als de tegenstander te sterk lijktHoe beter je een tegenstander kunt inschatten, des te minder risico je loopt. En hoe beter je kunt imponeren, des te minder je hoeft te vechten. Alle gedoe met snuiven, kijken en vooral botsen is deel van een uitgebreide imponeer- en inschatsessie.En soms zijn herten te zeer aan elkaar gewaagd. Dan wordt er toch gevochten. Twintig tot dertig procent van de mannetjesherten loopt ergens in zijn leven een permanente verwonding op. Maar daar zal de soort niet aan onderdoor gaan

Sluit dit venster
In de Nederlandse film “Hufters en hofdames” van Eddy Terstall uit 1997 worden mannen ingedeeld op grond van hun versierstrategie: ze zijn hufter of hofdame. Hufters zijn macho’s die zo snel mogelijk met elke vrouw het bed induiken om vervolgens weer te vertrekken. Hofdames zijn romantisch, worden aardig gevonden door vrouwen, maar lopen het risico meer als een broertje te worden gezien. Het antwoord op de vraag welke strategie beter is, moeten wij u helaas schuldig blijven. 

Mooie vrouwen manipuleren

Het is nogal een open deur: een femme fatale manipuleert mannen om gunsten en klusjes van ze gedaan te krijgen. Interessanter is de vraag waaróm een man zich zo laat ringeloren. Volgens de onderzoekers die de open deur intrapten komt het door de evolutie: die zorgt dat mannen veel seks willen met jonge, sexy vrouwen. Maar is het wel zo eenvoudig?

Eens in de zoveel tijd trappen wetenschappers een open deur in. Zo ook de Amerikaanse psycholoog Alastair Davies en zijn collega’s. Zij ‘ontdekten’ namelijk dat sexy vrouwen – vaker dan mannen en met meer succes – hun aantrekkelijkheid inzetten om van mannen klusjes of gunsten gedaan te krijgen. Dat doen ze door zich te gedragen alsof ze seksueel geïnteresseerd zijn in de man in kwestie, die zich vervolgens door de belofte op seks voor haar karretje laat spannen.

Hoewel dit femme fatale-gedrag een overbekend fenomeen is in onze samenleving, was nog nooit met wetenschappelijk onderzoek vastgesteld dat ze echt bestond, melden Davies en co in hun artikelen in het vakblad Personality and individual differences. Maar nu is het dan echt bewezen: mooie vrouwen manipuleren wel eens een man.

Auto kapot? Geen probleem voor een jonge, sexy vrouw.

Gemanipuleerd door de evolutie

Interessanter dan deze schijnontdekking is echter de vraag waaróm mannen zich voor zo’n minimale kans op seks laten ringeloren. De onderzoekers zoeken het antwoord in de evolutiepsychologie: al in prehistorische tijden vonden mannen aantrekkelijkheid in een vrouw bijzonder belangrijk. Belangrijker dan vrouwen, die hun mannen liever rijk dan knap zien. Als mannen dus een jonge, sexy vrouw zien, willen ze daar – bewust of onbewust – graag mee van bil. Dat is de eerste stap richting het verlenen van gunsten.

Maar waarom duiken die mannen boven op deze geringe kans op seks? Ze moeten ergens weten dat ze gemanipuleerd worden, maar dat houdt ze klaarblijkelijk niet tegen. Ook daar heeft de evolutiepsychologie een verklaring voor. Mannen zijn namelijk het meest succesvol in hun voortplanting als ze seks hebben met zoveel mogelijk vrouwen. Dat komt omdat ze alleen maar hoeven te bevruchten en daarna kunnen wegwandelen, en tegenstelling tot een vrouw die negen maanden een kind moet dragen en daarna nog voeden.

Niet zo eenvoudig

Combineer deze twee evolutionaire principes en het is niet vreemd dat mannen zich door een sexy vrouw laten manipuleren tot klusjes en gunsten. Het lijkt een simpele optelsom tussen ‘oeh, knappe vrouw’ en ‘zin in veel seks’. Toch zijn de zaken – uiteraard – niet persé zo eenvoudig. Zo twijfelen wetenschappers of de voorkeur van mannen voor jonge, knappe vrouwen niet toch cultureel bepaald is. Aanwijzingen: het enige cross-culturele onderzoek naar partnervoorkeuren is volgens critici slecht uitgevoerd en bij primaten hebben mannetjes juist een voorkeur voor de rijpere apin.

Als een bepaalde voorkeur in alle culturen (dus cross-cultureel) voorkomt, betekent dat vaak dat die voorkeur ook al bestand bij de gemeenschappelijke voorouders van de moderne mens.

Bovendien hebben (oer)mannen baat bij een zekere mate van monogamie: blijven ze na bevruchting in de buurt om de zorg voor het kind te delen, dan kan dat de overlevingskansen van de nakomeling aanzienlijk vergroten. En dan is het juist niet handig als je om de haverklap afgeleid raakt door mooie vrouwen die hun sexy decolleté gebruiken om jou ertoe te verleiden hun grot op te knappen. Misschien is dat wel waarom Davies en zijn collega’s ook ontdekten dat mannen – meer dan vrouwen – behoorlijk nijdig worden als ze ontdekken dat een vrouw wel haar lichaam in de strijd heeft gegooid, maar nooit serieus zin had in het betere voortplantingswerk.

Het onderzoek van Davies en collega’s verscheen onder de titel ‘Exploiting the beauty in the eye of the beholder: The use of physical attractiveness as a persuasive tactic’ in het vakblad Personality and individual differences.
Het enige cross-culturele onderzoek naar partnervoorkeuren onder mannen en vrouwen werd bijna twintig jaar geleden uitgevoerd door David M. Buss en verscheen onder de titel ‘Sex differences in human mate preferences: Evolutionary hypothesis testen in 37 cultures’ in het vakblad Behavioral and brain sciences.
Het onderzoek naar de partnervoorkeuren van primaten werd gedaan door biologe Sarah Blaffer Hrdy en verscheen onder de titel ‘Raisin Darwin’s consciousness: Female sexuality and the prehomonid origins of patriarchy’ in het vakblad Human nature.
Trivers deed in zijn wetenschappelijke klassieker ‘Parental investment and sexual selection’ uit 1971 de voorspelling dat mannen een paar zouden vormen met een vrouw, maar af en toe de kans zouden grijpen met een andere vrouw seks te hebben.

Zie ook:

Agressie  <–

Steen-papier-schaar verklaart biodiversiteit

Amerikaanse onderzoekers hebben een wiskundig model ontwikkeld dat verklaart hoe duizenden verschillende diersoorten in één ecosysteem kunnen overleven. Het model is gebaseerd op het niet-transitieve spelletje ‘Steen-papier-schaar’.

Als twee verschillende diersoorten voor hun levensbehoeften afhankelijk zijn van dezelfde bronnen, dan zal volgens de klassieke ecologie de sterkste soort het overleven en de andere uitsterven.

Er zijn echter plaatsen op aarde, zoals het Amazonegebied, waar duizenden diersoorten naast elkaar bestaan en voedsel, licht en water met elkaar delen.

Jonathan Levine

Jonathan Levine Afbeelding: © University of California

Steen-papier-schaar

Onderzoekers Stefano Allesina van de universiteit van Chicago en Jonathan Levine van de universiteit van Californië in Santa Barbara hebben een wiskundig model ontwikkeld waaruit nieuwe ecologische regels naar voren zijn gekomen.

Het model is gebaseerd op het spelletje Steen-papier-schaar. De spelers kiezen daarbij tegelijkertijd één van de drie voorwerpen door ze met hun hand uit te beelden. Steen wint van schaar, schaar wint van papier en papier wint van steen.

Dit is een voorbeeld van een intransitieve competitie: van elk paar mogelijkheden is er steeds een winnaar en een verliezer, maar alle drie mogelijkheden samen kunnen niet van goed naar slecht gerangschikt worden.

Een schematische weergave van Steen-papier-schaar waar diverse soorten (vertegenwoordigd door de gekleurde cirkels) dominant zijn (vertegenwoordigd door de pijlrichting) over een aantal, maar niet alle, van hun concurrenten.

Dit spelletje kan gebruikt worden om ecologische systemen met drie diersoorten te omschrijven. Tot nu toe had nog niemand enig idee hoe het systeem zou kunnen worden uitgebreid van drie naar duizenden mogelijkheden. “Wij hebben nu een wiskundige structuur ontwikkeld waarmee we kunnen uitvinden wat er gebeurt bij een willekeurig aantal diersoorten,” zegt Allesina.

Met methodes uit de speltheoriegrafentheorie en dynamische systemen kunnen ze laten zien dat de biodiversiteit snel toeneemt als er meer beperkende factoren in het model worden opgenomen.

Een aantal zwakke spelers wordt snel uitgeschakeld en tussen de overige diersoorten treedt een soort evenwicht op. Daardoor is het in dit model wel mogelijk dat veel verschillende soorten in hetzelfde gebied naast elkaar bestaan.

Volgens Allesina laat het model zien dat bedreigde diersoorten wel eens een belangrijke rol zouden kunnen

Lake Malawi Cichlid diversity

Biodiversiteit in Lake Malawi.  Afbeelding: © Wikimedia Commons

Volgens Allesina laat het model zien dat bedreigde diersoorten wel eens een belangrijke rol zouden kunnen spelen in biodiversiteit. Als je de stenen weghaalt uit het steen-papier-schaar-spelletje, dan blijven er alleen scharen over. In een groter systeem kan het weghalen van een enkele diersoort op dezelfde manier grote gevolgen hebben voor veel van de andere soorten.

De resultaten verschenen eerder dit jaar in de Proceedings of the National Academy of Science

Nieuw Archief voor Wiskunde (KWG).

Gammacanon (50):

Prisoner’s dilemma

Kiezen voor eigenbelang kan sociaal onwenselijke uitkomsten hebben. Maar niet iedereen is zelfzuchtig.

Samenwerking

Zijn we zelfzuchtige individuen of werken we samen in het belang van allen? Afbeelding: © Tim Hipps

Bij een brand in een disco haast iedereen zich meteen naar de uitgang, met opstopping, chaos en onnodige doden als gevolg. Bij een popconcert sta je op je tenen om beter te kunnen zien, maar de anderen doen dat ook, zodat niemand meer ziet, en elk minder geniet. Twee voorbeelden die illustreren dat als ieder in zijn eigenbelang handelt er voor elk van hen een slechte uitkomst resulteert. In deze situaties (sociale dilemma’s) conflicteert individuele rationaliteit met sociale wenselijkheid; de onzichtbare hand van Adam Smith werkt niet.

De film A Beautiful Mind vertelt het verhaal van de geniale, krankzinnige, John Nash, een van de grondleggers van de speltheorie.

Om Nash’s basisideeën te illustreren, bedacht zijn promotor in 1950 de oervorm van het dilemma, het zogeheten prisoner’s dilemma.

Twee mannen worden verdacht van het gezamenlijk plegen van een misdrijf, maar er is geen sluitend bewijs.

Ze zijn afzonderlijk opgesloten, zodat ze hun gedrag niet kunnen afstemmen.

Elke verdachte weet dat als één van hen bekent, het bewijs sluitend is, de klikspaan vrijuit gaat, terwijl de ander 10 jaar moet brommen.

Als beiden bekennen, krijgt elk strafvermindering en 5 jaar cel. Als beiden zwijgen, is er geen bewijs en gaat elk voor een lichter vergrijp 1 jaar de cel in.

Voor het collectief is ontkennen duidelijk het beste. Als een gevangene in zijn eigenbelang handelt, zal hij echter bekennen: wat de partner ook doet, bekennen leidt tot een kortere straf. Als beiden deze logica volgen, gaat elk echter 5 jaar de cel in.

    photo

    Bij rekeningrijden gaan gemeenschappelijk en eigenbelang parallel lopen. Afbeelding: © kengz

    In een sociaal dilemma moet elk individu beslissen hoe te handelen; elke actie levert individueel nut op, maar ook kosten en baten voor de anderen. Bij zelfzuchtig gedrag laat ieder zich door het eigen nut leiden, en worden de effecten op anderen niet of onvoldoende in beschouwing genomen.

    Individuele optimalisering leidt dan al snel tot sociaal inferieure uitkomstenFiles, de opwarming van de aarde, een overdaad aan advertentiessubsidies voor het bedrijfsleven, en nog meerongewenste zaken zijn illustraties.

    Er zijn diverse mogelijkheden om aan het dilemma te ontsnappen. Slim gekozen boetes, of belastingen, leiden ertoe dat eigenbelang en sociale wenselijkheid parallel gaan lopen.

    Rekeningrijden werkt volgens dit idee. Europese regels verbieden EU-lidstaten om aan bedrijven oneigenlijke subsidies te geven en voorkomen daarmee verkwisting van belastinggeld. Het gedrag in een brandende disco is op deze manier echter niet te reguleren: de transactiekosten zijn te hoog.

    Als gewenst gedrag beloond wordt en opportunisme bestraft, weegt de kortetermijnwinst die met zelfzuchtig handelen behaald kan worden niet op tegen de langetermijnkosten daarvan, zodat het eigenbelang op de lange termijn het beste gediend wordt door sociaal te handelen.

    Het (traditionele) dilemma gaat uit van eigenbelang.

    Niet alle mensen zijn echter zelfzuchtig. Veel mensen zijn bereid samen te werken als anderen dat ook doen. Communicatie leidt tot meer coöperatie, mogelijk als gevolg van het feit dat mensen zich schuldig voelen als ze zich niet aan hun woord houden, en ze weten dat anderen dit weten. De homo economicus kent dergelijke emoties niet. De moderne gedragseconomie werkt met een meer realistisch mensbeeld, en zal naar verwachting meer inzicht opleveren over wanneer mensen in staat zijn samen te werken.

    De vraag ‘Wat maakt sommige samenlevingen welvarend en andere arm?’ fascineerde Adam Smith en staat ook nu nog op de agenda. Het vermogen van mensen om samen te werken maakt een belangrijk verschil. Het prisoners’ dilemma laat zien dat samenwerking geen vanzelfsprekendheid is. De juiste instituties kunnen effectieve samenwerking bewerkstelligen. De zoektocht daarnaar is nog in volle gang en de schat kan vermoedelijk alleen door een multidisciplinair team van sociale wetenschappers gevonden worden.

    Eric van Damme is hoogleraar economie aan de Universiteit van Tilburg.

    Kinderen delen kennis bij oplossen puzzels

     2 maart 2012

    In tegenstelling tot chimpansees delen jonge kinderen kennis met elkaar.(1) Dat zou wel eens de reden kunnen zijn dat de mens veel verder ontwikkeld is dan andere apensoorten.

      Foto:  ANP

    Dat schrijven Amerikaanse en Franse onderzoekers in Science. Ze lieten chimpansees, kapucijneraapjes en drie- en vierjarige kinderen in groepsverband puzzels oplossen.

    Terwijl de chimpansees en kapucijneraapjes de puzzels in hun eentje probeerden op te lossen, maakten de kinderen gebruik van elkaar. Ze gaven elkaar instructies, imiteerden elkaar,(2) moedigden elkaar aan en complimenteerden elkaar als het goed ging.

    Mede daardoor lukte het hen beter de puzzels op te lossen, vooral de moeilijkste.(3)

    Cumulatieve cultuur

    De mens onderscheidt zich van apen door wat wetenschappers ‘cumulatieve cultuur’ noemen, het steeds verder opbouwen van kennis en de ontwikkeling van geavanceerdere toepassingen daarvan.

    Dieren kunnen ook van elkaar leren, maar doen dat op een veel minder systematische manier dan mensen. Het instrueren, imiteren,(2)  aanmoedigen en complimenteren speelt daarbij waarschijnlijkeen grote rol, stellen de onderzoekers.

    (1)  …..het is wel degelijk bekent dat apen kennis met elkaar delen… bijv. hoe een noot te kraken met de juiste stenen…. De aanhef van dit artikel is dus op zijn minst erg ongenuanceerd …… 
    …..wetenschappelijk worden mensen tot de apen gerekend, de naakte aap. En als je ooit chimpanzees, gorillas of orang utangs in het wild ziet, dan voel je gewoon dat ze verwant zijn aan ons. Niets  “aaps”   is  de  mens vreemd  
    Mensen  zijn dieren, primaten, net als apen! ……De “mens” stamt dan ook af van  andere (mens)aap-achtigen   Alleen niet van moderne mensen-apensoorten.Die laatsten  zijn slechts verwanten
    (2)… Imiteren noemt men ook wel eens  na-apen ….. dat menselijke apen  dit ook doen is dan ook  zeer duidelijk  
    Imiteren is zelfs de  oorspronkelijkste   basis  van het leren (–>  de leerjongen imiteert  zijn leermeester  bij het aanleren van zijn ambacht  )   … 
    (3)  ….( westerse  , goed doorvoede en verzorgde )  Mensenkinderen kunnen dus door( belangloos ?)  samenwerken  aan een opdracht  , sneller dingen oplossen…. Jammer dat economische belangen dat bij volwassenen verhindert. Ik denk dan vooral aan het delen van voortgang in medische vraagstukken zoals kankeronderzoek! Daar zou bij samenwerking echt veel meer vaart in kunnen zitten!
    -Als ze jong zijn kunnen mensen dat  kennis- en kunde  delen  dus  wel ja.( wat door vele volwassenen als” naif gedrag ” wordt afgedaan ) ….. Pas later komen ze in aanraking met zulke geweldige uitvindingen als “intellectueel eigendom”.
    ….Volwassenen  zitten veel meer aan de  ekonomische (econlmische )  basis  om hun eigen boontjes  te doppen , en  hun geliefden  en  kindertjes een zekere welvaart en “betgere”  kansen  te bieden  ……  ze worden niet zo maar  eventjes  weldoorvoed en  verzorgd( tenzij in de utopische   “biefstukken” socialistenstaat )  iemand ( zijzelf  meestal )  moet daar grotendeels voor zorgen ….Volwassen mensen zullen hun brood verdienen ” in het zweet huns aanschijns ”  , en   worden  daardoor  dikwijls verleidt om  opportunistische  wezens  te worden  die alles voor zichzelf ( en de hunnen )  willen  houden/gebruiken   en  vooral  status ( en macht  ) ontlenen   aan kennis (= macht )  …. maar  …..kennelijk zijn mensen dan toch complexer dan de machtsverslaafde egotripper die hier wordt geschetst  ? 
    Zie ook:
     

    Over tsjok45
    Gepensioneerd . Improviserend jazzmuzikant . Instant composer. Jamsession fanaat Gentenaar in hart en nieren

    One Response to speltheorie en evolutionaire psychology

    1. Pingback: EGOISTEN | Tsjok's blog

    Geef een reactie

    Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

    WordPress.com logo

    Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

    Twitter-afbeelding

    Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

    Facebook foto

    Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

    Google+ photo

    Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

    Verbinden met %s

    %d bloggers op de volgende wijze: