MENSENRASSEN


°
Mensenrassen ?
°
 °
Volgens de Populatiegenetica ;(1)
23 juni 2006: oratieprof. dr. P. de Knijff

waaruit
…. Het verlangen naar een classificatie of onderverdeling van de moderne mens bestaat al heel lang.
Carolus Linneaus

25-01-2007 Tomaso Agricola

 

1707-1778   Linné was een Zweeds arts, plantkundige, zoöloog en geoloog. Wikipedia
File:Carl von Linné.jpg – Wikipedia, the free encyclopedia // // //

Iedere bioloog krijgt ergens in zijn opleiding te maken met Linneaus. Linneaus heeft namelijk tijdens zijn leven een systeem van naamgeving van levende wezens geïntroduceerd dat is overgenomen door de hele biologische wetenschappen. Nog steeds worden nieuwe soorten ingedeeld volgens het systeem dat hij heeft bedacht. In zijn tijd werd vooral naar uiterlijke kenmerken gekeken om te bepalen tot welke familie en geslacht een bepaalde kever of slak hoorde, tegenwoordig gebruikt men hiervoor ook het DNA.De naamgeving is, uiteraard, in het Latijn.
Meestal past de naam bij de plant of het dier dat wordt beschreven.
Het zevenstippelige lieveheersbeestje heet bijvoorbeeld Coccinella septempunctata, en het vijfstippelige Coccinella quinquepunctata, maar er zijn ook opmerkelijkere namen bedacht.
Linneaus heeft ook een plantengroep naar zichzelf genoemd, namelijk het Linnaeusklokje Linnaea borealis.
Linnaeus in the traditional dress of the Sami people of Lapland, holding the twinflower that became his personal emblem
Linnaeus wordt vaak afgebeeld met dit plantje in zijn hand Het systeem dat hij introduceerde schijnt makkelijker te zijn dan wat daarvoor werd gebruikt (hoewel ik er nog steeds niet achter ben hoe dat er dan uit zag).
In 1756 publiceerde Linnaeus een beroemde classificatie van “de mens”. Hij maakte onderscheid tussen Homo diurnus (synoniem voor Homo sapiens) en Homo nocturnus troglodytes.

Voor Homo diurnus stelde hij een onderverdeling in vijf vormen voor:
americanus (rood, zwart haar, geringe baardgroei, dwars, vrij, met rode verfstrepen, laat zich door bijgeloof leiden)
europeus (wit, lang golvend haar, blauwe ogen, lang, sterk gespierd, intelligent, draagt strakke kleren, laat zich leiden door regeringen)
asiaticus (geel, melancholisch, zwart haar en bruine ogen, prikkelbaar, draagt los zittende kleren, laat zich door meningen leiden)
afer (zwart, geslepen, lui, zwart krullend haar, vrouwen zonder schaamte en met een grote melkproductie, laat zich door impulsen leiden)
monstrosus (een menggroep van dwergen en grote luie Patagoniers)

Homo nocturnus troglodytes leefde volgens Linnaeus vooral ’s-nachts en woonde onder de grond. Daarnaast maakte hij ook nog melding van Homo ferus, een mens die op 4 benen loopt, en groot, wild en ruig behaard is.

Het is opvallend is dat Linnaeus, weliswaar met een voor de huidige tijd opmerkelijk taalgebruik, op geen enkele manier een kwalitatief oordeel heeft.

Hij maakt geen onderscheid tussen superieure of inferieure soorten en ondersoorten.
Zijn onderverdeling baseerde hij op een nuchtere opsomming van misverstanden en vooroordelen, aangevuld met fysieke, intellectuele en culturele kenmerken en is hiermee zuiver beschrijvend en zonder oordeel.Dat was 100 jaar later wel anders toen Francis Galton, de excentrieke neef van Darwin in 1869 een andere indeling van de moderne mens publiceerde in zijn lofrede“Hereditary Genius: an Inquiry Into its Laws and Consequences”. Galton rangschikte de mens hoofdzakelijk op grond van intelligentie in de groepen A, B, C etc, waarbij A de meest superieure groep was.
Hij achtte de klassieke Grieken een A waardig.
Galton was niet bang voor het gebruik van onconventionele argumenten.
De Engelsen plaatste hij in C met de opmerkelijke woorden“the calibre of whose intellect is easily gauged by a glance at the contents of a railway book-stall”.

Het zal U niet verbazen dat de Australische Aboriginals bij hem op de laagste plaats staan, net onder de Afrikanen.

Nu, ruim 150 jaar later, weten we dat, ondanks het onderwerpen van vele 1000en mensen aan meten, wegen, ontleden, en IQ-testen, er geen simpel lijstje is met bruikbare kenmerken waarmee je, anders dan bij honden, koeien en tulpen, ieder willekeurig individu voor 100 % zekerheid tot 챕챕n van meerdere duidelijk herkenbare universeel toepasbare groepen of rassen kunt indelen.
Zonder uitzondering zijn alle bij mensen waar te nemen verschillen gradueel. Betekent dit dan dat er geen verschillen tussen diverse bevolkingsgroepen zijn? Nee, voor de meeste parameters zijn er weldegelijk meetbare verschillen tussen bevolkingsgroepen.
Echter, vrijwel altijd zijn de verschillen binnen bevolkingsgroepen groter dan die tussen bevolkingsgroepen.

Daarnaast is het van belang om rekening te houden met de maatschappelijke context waarbinnen de testen zijn ontwikkeld.
Zo tonen IQ-testen altijd verschillen tussen bevolkingsgroepen aan.
Echter, wat zegt dit over die bevolkingsgroepen?
Het loslaten van een op eeuwenlange westerse grondslagen ontwikkelde IQ-test op een groep Australische Aboriginals om vervolgens te concluderen dat ze minder slim zijn, (en daarmee in de ogen van velen minderwaardig,) is net zo zinloos als het zonder hulpmiddelen loslaten van een Volendammer in de grote leegte van het hart van Australi챘 om te willen bewijzen dat deze het daar kan overleven.
Een ander mooi voorbeeld is het feit dat Kelly, de beroemdste transseksueel van Nederland, in BNN’s nationale IQ-test 2005 met een IQ-score van net in de 70, vrijwel gelijk scoorde als de Oerang Utang die aan de 2006-test meedeed.
Kelly’s score was opmerkelijk laag voor een volwassen persoon, maar toch LIJKT zij goed te functioneren in onze moderne maatschappij, en dat zie ik die aap nog niet doen.

Heeft de genetica hier nog iets aan toe te voegen? In 1972 publiceerde Richard Lewontin een inmiddels klassieke studie waarbij hij 17 variabele – ook wel polymorf genoemde bloedgroepen, serumgroepen en rode cel enzymen bestudeerde bij een groot aantal verschillende groepen mensen.
Voor de beantwoording van zijn hypothese maakte hij onderscheid tussen populaties – groepen met een beperkte geografische verspreiding – en de 7 klassieke rassen, waaronder blanke Caucasiers, zwarte Afrikanen en Amerikaanse Indianen.
Voor ieder ras onderzocht hij verschillende populaties.
Hij bepaalde allereerst de totale hoeveelheid genetische variatie tussen alle individuen, en stelde deze op 100 %.
Vervolgens bepaalde hij welk gedeelte hiervan was te verklaren door
variatie tussen rassen,
door variatie tussen populaties binnen rassen en
door variatie tussen individuen binnen een populatie.
Hij vond dat ca. 85.4 % van alle genetische variatie te verklaren was door verschillen tussen mensen binnen een populatie, ca. 8.3 % door verschillen tussen populaties binnen een ras en ca. 6.3 % door verschillen tussen rassen.
Er was dus ruim 10 keer zoveel genetische variatie tussen willekeurige individuen binnen een populatie dan tussen de 7 rassen.
Hij was de eerste die hierover ondubbelzinnig concludeerde:
Het onderscheiden van menselijke rassen heeft geen sociale waarde en heeft overduidelijk een zeer nadelige invloed op sociale en menselijke relaties. Omdat er geen enkele genetische of taxonomische onderbouwing kan worden gegeven aan een op de mens van toepassing zijnde rassen indeling, is er geen enkele rechtvaardiging om hier nog langer mee door te gaan.”Hiermee ontkent hij niet dat er meetbare genetische verschillen zijn tussen mensen. Tussen b.v. een Keniaan, een Chinees en een Noor zijn weldegelijk genetische verschillen waar te nemen, maar bij lang niet iedere Keniaan, Chinees of Noor zul je een bepaald verschil aantreffen.
Kortom, exit “ ras”, conform de definitie die daar meestal door een taxonoom of kynoloog aan wordt gegeven. Tot op heden heeft geen enkele genetische studie deze conclusies van Lewontin tegen kunnen spreken.

Naast ras zijn een groot aantal andere labels verzonnen waarmee groepen mensen die aan een wetenschappelijke studie meedoen te onderscheiden zijn.
Cohort, populatie, unit, etniciteit en natie zijn enkele voorbeelden van zo’n label.
Het zijn vrijwel allemaal kunstmatige begrippen die een schijnzekerheid weerspiegelen.
De visie van de Franse filosoof Ernst Renanis hierbij illustratief. Zijn definitie van het begrip natie is naadloos van toepassing op vrijwel ieder ander groepslabel:“Een natie is een collectief van mensen met een aangeboren haat ten opzichte van hun buren en een gebrek aan inzicht in hun eigen geschiedenis.”Toch is het handig om bij genetische studies groepsindicatoren te gebruiken. Het maakt daarbij niet uit welk begrip je gebruikt, als je maar duidelijk aangeeft welke criteria je gebruikt om groepen mensen van elkaar te onderscheiden.
Politieke grenzen spelen hierbij zelden een belangrijke rol.
Meestal zijn taal, geloof, sociale status, geslacht of een bepaalde geografische barri챔re de belangrijkste determinanten bij populatie-omschrijvingen.
U vraagt zich nu wellicht af: als genetische verschillen tussen mensen gradueel zijn, dan kun je toch geen test naar de geografische oorsprong van een persoon ontwikkelen?

MIGRATIE VAN DE MODERNE MENS
Om dit beter te begrijpen moeten we terug naar de ontstaansgeschiedenis van de moderne mens. Algemeen wordt aangenomen dat de moderne mens ongeveer 200.000 jaar geleden in het oosten van Afrika is ontstaan. Daar was veel eerder, ongeveer 2 miljoen jaar geleden, ook Homo erectus, een andere mensachtige ontstaan. Homo erectus verspreidde zich tot in bijna alle uithoeken van de wereld, met uitzondering van Noord en Zuid Amerika. Homo erectus verdween later overal van de aardbodem en werd vervangen door Homo sapiens. Binnen een periode van ongeveer 150.000 jaar verspreidde deze zich vanuit Centraal Afrika tot in het Zuiden van Zuid Amerika. Dit deden ze al lopend.
Een gemiddelde snelheid van één tot twee kilometer per jaar is hiervoor voldoende.Wat ook van belang is, is enig begrip in het ontstaan van genetische variatie. Ons genoom bestaat uit 3 miljard bouwstenen die zijn verpakt in een serie kortere stukken, onze chromosomen. In iedere celkern zitten twee volledige genoomsets, verpakt in 2 maal 23, dus 46 chromosomen. Van iedere biologische ouder ontvangen we 챔챔n set van 23 chromosomen. Hieronder zijn 22 zogenaamde autosomen, dat zijn de chromosomen 1 tot en met 22. Naast deze autosomen zijn er nog twee geslachtschromosomen X en Y. Vrouwen hebben twee X chromosomen waarvan ze er 챕챕n aan hun kinderen doorgeven.
Mannen hebben een X en een Y chromosoom waarvan ze er één aan hun kinderen doorgeven. Als een embryo van beide ouders een X-chromosoom ontvangt, dan wordt het een meisje. Ontvangt het een X- en een Y-chromosoom, dan wordt het een jongetje.Twee willekeurige mensen zijn voor ongeveer 99.95 % genetisch identiek. Dit betekent dat er tussen deze twee mensen nog steeds zo’n 1.5 miljoen bouwstenen verschillen, immers 3 miljard bouwstenen maal 0.05 %.
Deze verschillen ontstaan doordat het doorgeven van onze genomen aan een volgende generatie alleen kan plaatsvinden als we onze genomen kopi챘ren. Echter dit kopieerproces is niet foutloos. Bij iedere kopieeractie van de ene naar de andere generatie ontstaan mutaties, spontane genetische veranderingen, met een frequentie van 2 maal 10 tot de min achtste.
Dus als een ouder een kopie van 챕챕n van zijn of haar genomen aan hun kind doorgeeft, dan zal de versie die het kind ontvangt op ongeveer 10 tot 20 posities verschillen van de oorspronkelijke versie.Een bijkomend vervelend aspect is dat de genetische informatie, die aanwezig is op de twee sets chromosomen 1 tot en met 22, tussen ieder chromosoompaar vlak voor de kopieeractie volstrekt willekeurig wordt uitgewisseld.
Dit kun je je het beste als volgt voorstellen: Stel, ik heb twee keer een chromosoom 1 van mijn ouders gekregen. Die van mijn vader is rood en die van mijn moeder is blauw. Ik geef weer 1 exemplaar van mijn twee chromosomen 1 door aan mijn kind. Echter dit doe ik pas nadat er een uitwisseling tussen het rode en het blauwe chromosoom 1 heeft plaatsgevonden. Het chromosoom 1 dat ik doorgeef is een chromosoom welke is opgebouwd uit afwisselende stukjes rood en blauw. Voor ieder kind is deze uitwisseling anders.
Dit proces noemen we recombinatie.
Door recombinatie is het precies bijhouden van welk stukje DNA je van welke voorouder ontvangen hebt al na een paar generaties zeer moeilijk te reconstrueren.
Op deze regel is echter 챕챕n uitzondering. Het Y-chromosoom wordt zonder recombinatie van vader op zoon doorgegeven om de eenvoudige reden dat iedere man er maar 챕챕n kopie van heeft. Er kan dus geen uitwisseling met een andere kopie plaatsvinden. Dus alle mannen die in een directe mannelijke lijn aan elkaar verwant zijn hebben een vrijwel volledig identiek Y-chromosoom.
Hiermee zijn stambomen van mannen die vele tientallen generaties van elkaar afstaan nog steeds betrouwbaar te reconstrueren.Ook bij het doorgeven van het Y-chromosoom kunnen spontane variaties ontstaan waardoor soms een vader en een zoon op 챕챕n of twee posities genetisch verschillen.Hiermee is het Y-chromosoom bij uitstek geschikt om migratie van mensen te reconstrueren.
Stel dat het kleine groepje mannen dat 200.000 jaar geleden uit Afrika vertrokken allemaal hetzelfde, zeg een Y-chromosoom bestaande uit 100 groene bouwstenen hebben.
Na 1000 jaar komen ze aan in het huidige Iran.
Hier ontstaat, door toeval, door slechts 챕챕n spontane mutatie een nieuw Y-chromosoom met 99 groene en een gele bouwsteen. Veel van deze mannen blijven in Iran, maar een aantal trekt verder naar het oosten.
Weer, zeg 5000 jaar later, komt een groepje van 100 mannen in het zuiden van China aan. Als we nu naar de Y-chromosomen kijken, dan zien we 50 mannen met een volledig groen en 50 mannen met een 99% groen / 1 % geel Y-chromosoom.
Het in Iran ontstane Y-chromosoom is succesvol gebleken en heeft zich ten koste van de volledige groene kunnen handhaven en kunnen toenemen.
Onze mannen hebben het erg naar hun zin in China.
Ze blijven lang hangen, en weer ontstaat een nieuwe variant uit het in Iran ontstane nieuwe Y-chromosoom: een Y-chromosoom met 98 groene bouwstenen, 1 gele bouwsteen en een blauwe bouwsteen.
Pas veel later verspreiden onze mannen zich vanuit zuid China naar het noorden en naar het zuiden. Toeval zal bepalen welke Y-varianten naar het noorden, en welke naar het zuiden trekken, en in welke frequentie.
Nu, 100.000 jaar later treffen we wereldwijd verschillende Y-chromosomen aan die ontstaan zijn door mutatie en migratie, en die zich zeer eenvoudig laten traceren naar hun oorsprong.
°
Luie en actieve genen
°
Er zouden toch genetische verschillen tussen mensenrassen bestaan.
Knack – 21-02-2007

Er is geen genetische basis om mensenrassen te onderscheiden. Er is dus evenmin een genetische onderbouw voor racisme. Alle mensen behoren tot dezelfde soort, en alles wat daarbinnen aan verschillen bestaat zijn variaties op een thema.

Maar recent onderzoek gepubliceerd in het vakblad Nature Genetics wijst uit dat er misschien toch meer aan de hand is op het niveau van mensenrassen. Er duiken aanwijzingen op voor verschillen in de mate waarin sommige genen tot expressie worden gebracht. Met andere woorden: de genen zijn dezelfde, maar ze zijn niet in alle rassen even actief.

De studie focuste op een speciaal type van witte bloedcellen (lymfoblastoïden), waarin ongeveer vierduizend genen (van de 23.000 waarover een mens beschikt) actief zijn.

Een kwart daarvan was bij Europeanen in verschillende mate actief dan bij Chinezen; een zesde verschilde tussen Europeanen en Japanners. De verschillen tussen Japanners en Chinezen waren véél kleiner: amper 27 genen verschilden meetbaar in activiteit.

De activiteitsverschillen waren meestal niet zo groot: minder dan een factor 2. Maar minstens één gen was gemiddeld 22 keer actiever bij Europeanen dan bij Aziaten.

De vraag is nu welk gewicht aan deze ontdekking moet worden gehangen. Genetici beschouwen ze voorlopig uitsluitend als een wetenschappelijk gegeven dat meer inzicht biedt in de werking van genen en van het DNA waaruit ze bestaan. Ze onderzoeken nu in welke mate verschillen in activiteit ook in andere weefsels geregistreerd worden. En in andere bevolkingsgroepen.

De enige praktische consequentie die ze tot dusver aan de ontdekking willen koppelen, zijn de eventuele medische implicaties: als niet alle genen bij iedereen op dezelfde manier tot uitdrukking komen, kan dat gevolgen hebben voor de effici챘ntie van geneesmiddelen.

Het is al langer duidelijk dat we op weg zijn naar een sterk gepersonaliseerde medicatie: dat op termijn voorschriften rekening zullen houden met ieders genetische specificiteiten.

Eén basisstelling uit de genetica blijft onveranderd van kracht: er zijn nog altijd meer genetische verschillen tussen twee willekeurige Belgen dan tussen dé Belg en dé Marokkaan

RAS IN DE GENEN
Het concept ras sluipt de geneesmiddelenindustrie binnen.Er is geen biologische basis voor racisme. Want rassen zijn genetisch niet van elkaar te onderscheiden. Rassenkenmerken zijn niet meer dan variaties in functie van omgevingsomstandigheden zoals die in alle diersoorten voorkomen.Maar de jongste tijd gebeuren er vreemde dingen in de wetenschappelijke wereld. Om te beginnen brengt het topvakblad Science bewijzen aan voor het feit dat angst voor mensen van een ander ras op dezelfde fysiologische mechanismen steunt als angst voor slangen en spinnen.Mensen kunnen gemakkelijk geconditioneerd worden om bang te zijn van vreemdelingen.Een angst die maar moeilijk kan worden weggenomen. Daarenboven staat angst een juiste evaluatie van het werkelijke gevaar in de weg. Het is een reflex die dateert uit de tijd dat we er alle belang bij hadden om ons snel uit de voeten te maken, omdat we nog kwetsbaar waren.De analyse lijkt op het lijf geschreven van politieke partijen en media die van racisme een uithangbord maken. We worden nu gewoon bang gemaakt voor mensen waar we niet bang voor hoeven te zijn. Alleen regelmatige blootstelling aan mensen van een ander ras kan de geconditioneerde vrees uit de weg ruimen.De auteurs van het artikel in Science benadrukken echter dat hun bevindingen evengoed een effect van een bepaald cultureel klimaat (dat racisme promoot) kunnen zijn als de oorzaak ervan. Genen en omgevingsfactoren zijn altijd moeilijk te ontrafelen.Ondertussen is het eerste geneesmiddel in de maak dat alleen voor zwarte mensen op de markt zal komen, omdat het vooral bij zwarten goed werkt. Het middel (Bidil, dat hartklachten behandelt) wordt gepromoot als een stap in de richting van het op maat van individuele pati챘nten ontwerpen van medicamenten.Maar het lokt hevige discussies uit over een eventuele biologische basis van rassen. Zijn zwarten genetisch anders, omdat ze lange tijd geografisch ge챦soleerd geweest zijn van blanken? Waardoor ze, bijvoorbeeld, minder stikstofoxide in hun bloed hebben en dus vatbaarder zijn voor hartfalen. Of is het feit dat ze beter op het middel reageren gewoon een gevolg van de hogere stress die ze ervaren omdat ze dikwijls in een harde, en in het geval van de westerse wereld zelfs zwart-onvriendelijke maatschappij leven? Het is bekend dat permanente stress en hartklachten hand in hand gaan.Het Europese octrooibureau ligt dan weer onder vuur omdat het een Amerikaans bedrijf rechten gegeven heeft op een genetische afwijking die borstkanker veroorzaakt – maar alleen bij een bepaalde groep van vrouwelijke joden.Deze mensen zullen in Europa dezelfde hoge prijs voor de diagnose van het foute gen moeten betalen als Amerikaanse pati챘nten. De rest van de Europeanen kan rechtenvrij van de test gebruikmaken. Een schromelijk geval van rassendiscriminatie, schreeuwen lobbyisten.Dirk Draulans
Ras heeft, nu en nog sterker in het verleden, invloed op hoe iemand over zichzelf denkt,hoe anderen over iemand denken en hoe iemand handelt en behandelt wordt.
Mensen kunnen nadenken over dit label dat ze meekrijgen en ernaar handelen.
Toch heeft ras een genetisch-biologische oorzaak.
Rassen hebben namelijk
verschillende sets van gefixeerde genen
°

Gefixeerde genen sets bevatten veel allelen in homozygote
toestand
Rassen vershillen genetisch omdat ze andere allelen varianten bezitten in homozygote toestand dan het totaal aantal allelen -varianten( die compatibel zijn met elkaar ) of totaal allelen -kapitaal in de menselijke soort ….

Rasvermenging( genetische melting pot ) heeft uiteindelijk als resultaat dat meer allelen in heterozygote toestand beschikbaar worden in de ( oneerbiedig zo genoemde )”straat of vuilbak ” populaties …Dat levert een breder scala aan mogelijkheden waarop de NS opnieuw kan uitsorteren …

De genen die “ras “ bepalen zijn ongevoelig voor het label dat we ze geven, maar een mens is drager (voertuig ) van de genen en zal wel gevoelig zijn voor het label dat de genen met zich meebrengen.En ras zit niet alleen in de genen opgesloten maar ook in de maatschappelijke relevantie die eraan verleend wordt.

Rassen zijn plaatselijke populaties van een soort die langdurig in genetische isolatie hebben overleefd ; De barrieres die deze scheiding veroorzaken en in stand houden zijn van geografische (allopatrisch ) , “culturele”( bijvoorbeeld  eetvoorschriften ,  taboes / religies ) en ecologische aard (ecomorphen )

Naast NS bestaan er ook sexuele selectie( = bij de mens nauw verbonden met culturele, copmmunicatieve en memetische belemmeringen op “vermenging “die het gedrag mede gaan beinvloeden ) ;functie verandering van redundante genen ;en genetische drift  Er is geen enkele reden om aan te nemen dat dit (ook) niet ( meer ) zou plaats vinden in de menselijke soort
°
12. September 2008,
(Benetton reclame )

Kunnen we bij mensen eigenlijk over ras spreken?

Het online wetenschappelijke magazine In-mind heeft hier een interessant artikel over gepubliceerd, geschreven door Chris Buchholz. Met name de mogelijkheid om een kijkje te nemen in het menselijk DNA heeft geleid tot het herzien van onze ideeën over het indelen van mensen in verschillende rassen.

In het artikel wordt vermeld  dat ras een vrij inaccuraat criterium is om mensen in te delen, omdat kenmerken waar we anderen op indelen, zoals haar, gezichtskenmerken of huidkleur door slechts een paar genen bepaald worden. Hierdoor wordt het merendeel van de menselijke genetische variatie buiten beschouwing gelaten.

In het artikel wordt onderzoek genoemd waaruit blijkt dat er meer genetische variatie is onder mensen binnen wat wij rassen noemen, dan tussen rassen (Paabo, 2001; Bamshad & Olson, 2003).

Dit betekent dat als u het DNA van mensen op willekeurige locaties op de wereld zou bekijken, hoewel ze er zeer verschillend uitzien, ze toch voor het overgrote deel hetzelfde genetische materiaal hebben (sterker nog, het blijkt ongeveer voor 90% te overlappen). Dit betekent ook dat er een kans is dat uw blanke buren genetisch gezien meer van u verschillen dan uw Marokkaanse buren (en dan ga ik er bij deze laatste opmerking van uit dat u blank bent).

Maar de manier waarop ons cognitieve systeem werkt dwingt ons mensen op het eerste gezicht te categoriseren op basis van uiterlijk.

De take-home message van het artikel op In-Mind.org is dat de categorieën die we in het geval van ras hanteren geen recht doen aan de genetische variatie die daadwerkelijk onder mensen bestaat. Verschillen in uiterlijk zeggen maar heel weinig over verschillen in genen.

Lees het Engelstalige artikel op

http://www.in-mind.org/issue-7/reconsidering-race-in-the-genetic-era.html.

Bent u bevooroordeeld?

September 2008,
Het beeld dat veel mensen van zichzelf hebben – dat ze niet of nauwelijks bevooroordeeld zijn – blijkt niet overeen te komen met wat er zich op onbewust niveau allemaal afspeelt bij het zien van een etnisch gezicht, bij het denken over andere etnische groepen, of bij gedrag tijdens een interactie met een persoon van buitenlandse afkomst
. BlackWhite
De Amerikaanse psycholoog Gordon Alport stelde al in de jaren vijftig van de vorige eeuw dat we mensen evenals objecten op het moment van zien automatisch indelen in categorieën. We kunnen niet naar iemand kijken zonder meteen te zien of het een vrouw of een man is, of het een blank of een zwart persoon is. Deze categorieën activeren automatisch bijbehorende informatie geassocieerd met de betreffende groep. De activatie van deze impliciete associaties kan volkomen onbewust plaatsvinden. Wanneer deze associaties ons denken over een persoon sturen, noemen we dat vooroordelen (immers, de associaties met de groep hoeven niet van toepassing te zijn op het individu). Sturen deze impliciete associaties ook nog ons gedrag richting een individu, dan is er sprake van discriminatie.Test
Met behulp van de zogenaamde Implicit Association Test (IAT) kunnen we sinds 1998 meten hoe sterk de impliciete associaties die in het brein voorkomen zijn. Deze test is geen gebruikelijke vragenlijst, maar een taak waarbij uw reactietijden gemeten worden bij het reageren op woorden en namen. Probeert u eerst eens de
etnische IAT op https://implicit.harvard.edu/implicit/netherlands/. Heeft u de test gedaan? Waarschijnlijk voelde u tijdens het afnemen van de test al welk blok moeilijker was en werd u geconfronteerd met uw eigen impliciete associaties over verschillende etnische groepen. Het hebben van negatieve impliciete associaties zegt overigens niets over uw echte mening. Het blijkt dat de score op een IAT binnen het domein van vooroordelen nauwelijks samenhangt met de mening die mensen geven op een expliciete vragenlijst. De score beinvloedt echter, net zozeer als uw expliciete mening dat kan, uw gedrag. Uit ons eigen onderzoek in het Virtual Reality lab aan de Radboud Universiteit Nijmegen blijkt dat de score op een IAT met Marokkaanse namen, en niet iemands expliciete mening, voorspelt in welke mate een proefpersoon meer afstand houdt tot een virtuele Marokkaan dan tot een virtuele Nederlander.Dit onderzoeksgebied is veel breder en rijker dan ik in één blogpost kan beschrijven. Daarom ben ik van plan er een heel blog mee te vullen. Ik zou nu al graag verder schrijven over het evolutionair nut van vooroordelen, maar ik weet van mezelf dat ik lange posts op andere blogs moeilijk uitlees. Dat is het mooie van een blog, het is nooit af.Laat een berichtje achter als u de IAT gedaan heeft. Had u uw score verwacht? Wat denkt u: zegt deze test iets over uw mening over allochtonen?Klik hier voor de etnische IAT.


Literatuur:Alport (1954). The Nature of Prejudice.

Dotsch & Wiboldus (2008). Virtual Prejudice. Journal of Experimental Social Psychology.

Greenwald, McGhee, & Schwartz (1998). Measuring individual differences in implicit cognition: The Implicit Association Test. Journal of Personality and Social Psychology.

Genen voor oog-, haar- en huidskleur gevonden

ANP
Nederlandse en IJslandse onderzoekers hebben min of meer bij toeval de genetische varianten gevonden, die bepalen welke oog-, haar- en huidskleur een Europees mens heeft. Tot nu toe kon op basis van DNA-materiaal alleen geslacht en ras van een persoon worden vastgesteld.

De onderzoeksgroep, die in Nederland is gevestigd in het Universitair Medisch Centrum St Radboud (UMC) in Nijmegen, is eigenlijk op zoek naar genetische determinanten van prostaat- en borstkanker.
In dit onderzoek zijn toevallig de genvarianten aangetroffen, die uiterlijke kenmerken van Europees mensen bepalen.

De vondst van de genetische variant is volgens de onderzoekers onder meer belangrijk voor onderzoek naar misdrijven.

Uitsluitend op basis van aangetroffen DNA-materiaal kan nu behalve het geslacht worden vastgesteld welke haarkleur de verdachte heeft, wat voor soort huid en welke kleur ogen.

Eén gevonden genetische variant bepaalt het in Europa veelvoorkomende blonde haar met blauwe ogen.  Een tweede variant zorgt voor een lichte huid met sproeten en bruin haar.Er zijn tevens varianten gevonden die zorgen voor sproeten, een huid die gemakkelijk verbrandt en blauwe ogen.

Eerder waren al genen gevonden die rood haar, een lichte huid en sproeten veroorzaken.De onderzoekers stellen dat er veel genetisch materiaal is betrokken bij het bepalen van de kleuren die iemands uiterlijk heeft. Dat verklaart tevens waarom het Europese ras zoveel verschillende types telt. *
Oct 23, ’07
*De genetische diversiteit in subsahara- afrika is echter nog veel groter( maar dan niet alleen maar kleuren( en textuur ) van huid , ogen en haren natuurlijk …alhoewel ook in die eigenschappen zeer vele gradaties voorkomen … )
Aziaten en Soedanese mensen, worden niet uitgeroepen tot verschillende soorten.
We denken ook niet over de menselijke ‘rassen’ als verschillende soorten ….Omdat, ondanks hun verschillende verschijningsvormen, ze gemakkelijk met elkaar kruisen  en een fertiele gemengde bevolking (een bepaald plaatselijk type mengras zoals creolen , mestiezen etc … )gaan vormen wanneer ze elkaar ontmoeten.in de zogenaamde “melting pots ” Een bevolking die( by the way ) veelal ook fitter kan zijn( maar dat is niet noodzakelijk zo ) dan plaatselijke geisoleerde populaties “autochtonen”

<
°
Morfologische (en genetische) verschillen zijn vaak een zeer slechte toetsteen om de “soort” status toe te kennen ; in het bijzonder wanneer ze vooral zijn afgestemd (of berusten op )kleine verschillen, zoals dat het geval is in menselijke fossielen( waarvan velen zelfs alleen maar in onvoldoende exemplaren aanwezig zijn om van verschillende soorten te kunnen gewagen ). Wat over de soort(en?) “moderne en archaische ” H. sapiens , Neandertalers en of Denisovans?Het is ondertussen duidelijk aangetoond dat ze allemaal hybridiseerden  , en sommige van de hybriden waren vruchtbaar: sporen van Denisovan en Neanderthaler genen blijken nog steeds deel uit te maken van ons genomisch pakket .Op die gronden ,rekent antropoloog John Hawks , leden van Neanderthalers moderne mensen, en Denisovans tot dezelfde soort;Ook Gibbons citeert John Hawks
“Ze kruisten met elkaar. We noemen ze daarom leden van dezelfde soort.” (en waaraan ik toevoeg : zodoende hebben ze vruchtbare nakomelingern geproduceerd en zijn gedeelten van hun genenpakket terug te vinden bij (de niet- (oud-)afrikaanse )rassen van de moderne mensheid )Maar een beetje “gene flow “(Denisova in Melanesiers en Neanderthal restanten in Europeanen , indo-europeanen en aziaten ) is niet genoeg om de meeste van ons te overtuigen dat deze rare “ groepen” wel degelijk soortgenoten waren .
Op die basis zouden ook de Darwinvinken moeten worden geacht soortgenoten, te zijn ….maar niemand doet dat.De vraag is of die “gene flow” genoeg is om van een soort te gewagen ; misschien was er niet zoveel kontakt tussen die verschillende groepen en dus
een gebrek aan kansen op hybridisatie tussen die groepen (in welk geval zij kunnen worden gerekend dezelfde soort), of gaat het slechts om occasionele hybridisatie (tussen, zeg maar , moderne mensen en Neanderthalers), waaruit slechts hybrieden voort kwamen met een zwakkere levensvatbaarheid of vruchtbaarheid ( Moest dit ooit het geval zijn geweest dan zullen we het (definitieve ) antwoord waarschijnlijk nooit te weten komen ).https://tsjok45.wordpress.com/ wetenschap, Dierkunde, fylogenie en systematiek, evolution, Biologie, biodiversiteit,https://tsjok45.wordpress.com/2011/01/28/het-soort-probleem-nader-bekeken/

MARK PAGEL Biologist, Reading University, England

We Differ More Than We Thought http://www.edge.org/q2008/q08_2.html#pagel

RING SPECIES and/or MELTING POT ?
Verschillen tussen Afrikanen onderling groter dan die tussen Europeaan en Aziaat
    
De genetische verschillen tussen Afrikanen onderling zijn groter dan die tussen een Europeaan en een Aziaat. Dat blijkt uit een onderzoek van de universiteit van New South Wales in Sydney.

Wetenschappers onderzochten het genoom van de Zuid-Afrikaanse aartsbisschop Desmond Tutu en nog vier andere Afrikaanse mannen. De gensequentie van de Nobelprijswinnaar voor de Vrede zal er onder andere voor zorgen dat de verwantschappen tussen volksstammen in Zuid-Afrika worden uitgeklaard.

Afstamming
“Tutu is door zijn afkomst een ideale vertegenwoordiger voor de meeste mensen in Zuid-Afrika”, zegt onderzoekster Vanessa Hayes. De aartsbisschop – die behoort tot de Bantoe – en een stamoudste uit de Kalahari-woestijn werden volledig ‘gedecodeerd’. Hun genoom werd aangevuld met talrijke genetische gegevens van drie andere stamoudsten, die elk tot een gemeenschap van jagers en verzamelaars behoren.

Resultaten
Uit het genoom blijkt dat de verschillen tussen de Afrikanen onderling groter zijn dan die tussen een Europeaan en een Aziaat. Nog volgens het onderzoektsteam komt uit het twee jaar durende onderzoek naar voren dat de nomadische Bosjesmannen bij een verandering van hun levensstijl vatbaarder werden voor sommige aandoeningen, zoals malaria. “Deze studie kan een nieuw licht werpen op de vroege ontwikkeling van de mens”, zeggen de onderzoekers.

Bosjesmannen
Het DNA-onderzoek toonde voorts aan dat Desmond Tutu in directe lijn van de Bosjesmannen afstamt. De aartsbisschop, die zich daar niet van bewust was, verklaarde daar “zeer gelukkig” over te zijn. De resulaten van het onderzoek staan in vakblad Nature. (belga/sam)

17/02/2010
TOGO  GHANA  DAHOMEY
TOGO GHANA DAHOMEY .jpg
 Bantu woman
Bantu.jpg
Bantu
zulu typeszulu.jpg.
zuluzulu  types .jpg
Kenya IKenya I.JPG
Kenya 2Kenya 2
Sudan 1Sudan 1
Sudan 2Sudan2
Sudan 3
Senegambia
senegambia
Bambuti
Bambuti
 san (bosjesman )
SAN   BOSJESMAN
hottentot
hottentot
°
zwarte ouders krijgen blanke baby

 

twee donkere ouders (zo op het oog niet gemixed) die een heel licht kind krijgen. Heel bijzonder inderdaad.https://i0.wp.com/www.interracialdatingcentral.com/dating/fyooz/uploads/2010/07/blondebaby_395x295.jpg

 

 

– Een blonde baby, met witte krulletjes en blauwe ogen. Lang geen uitzondering in de wereld, maar wél als beide ouders zelf niet blank maar zwart zijn. Volgens genetische experts is het meisje ook geen albinokindje. Een klein wondertje dus, deze Britse Nmachi Ihegboro.

°
Vader Ben (44) vertelde dagblad The Sun: “We zaten beiden na de geboorte gewoon te staren naar ons kindje, een hele tijd, zonder iets te zeggen. Ik was zelfs zo gechoqueerd dat ik grapte: ‘Is ze wel van mij?'” Mama Angela (35), uit Woolwich bij Londen, vindt haar baby een “mirakel”. “Haar huidskleur doet er niet toe. Ze is prachtig en ik hou van haar.”Geen ‘blanke’ voorgeschiedenis
Het meisje kreeg de naam Nmachi, wat “schoonheid van God” betekent in Nigeria, het thuisland van Angela en Ben. Ze laat de genetici verbaasd, omdat noch bij Angela noch bij Ben enige rassenvermenging in de familiegeschiedenis voorkomt. Blanke genen die een paar generaties hebben overgeslagen om nu plots weer op te duiken zouden een mogelijke verklaring kunnen zijn.Ben verzekert de wereld dat zijn vrouw hem trouw is. “En zelfs als ze dat niet was, dan nog zou de baby er niet zo uitzien.” Ook voor de vermaarde professor Bryan Sykes is deze geboorte “buitengewoon”. “Bij halfbloedjes kan de lichtere huidskleurvariant van de ouders in de baby de bovenhand krijgen en zo kan het kind dan een opvallend andere huidskleur dan de ouders hebben. Maar in Nigeria bestaat er weinig rassenvermenging.”
°
Extreem ongewoon wit haar
°
“In dit geval zouden dan nog eens beide ouders een geschiedenis van rassenmenging moeten hebben. Maar het haar is extreem ongewoon. Zelfs blonde baby’s hebben zelden zo’n blond haar als Nmachi bij haar geboorte.” Volgens Sykes is een onbekende genetische mutatie de meest plausibele verklaring. “De genetica is een complexe studie en we weten nog lang niet alles.”Deze merkwaardige geboorte komt vijf jaar nadat Kylie Hodgson een tweeling baarde van wie het ene meisje blank was en het andere zwart. Beide ouders van de tweeling zijn wel halfbloeden. Maar zelfs dan gaat het om een kans van 1 op 1 miljoen. Angelan en Ben hebben nog een dochtertje van twee, Dumebi, en een zoontje van vier, Chisom. Beiden zijn zwart. (CBR)
°
White baby born to black parents
NATIVE AMERICANS

Note that Na-Dene (green) and Eskimo-Aleut (red) derive in part from an Asian (black; Yoruba are African) ancestry separate from that of Amerind or First American (blue). (The Na-Dene and Eskimo-Aleut are not a single arrival from Asia; the Han Chinese are too genetically distant from east Siberian peoples to capture the ancestral source in this comparison.

D Reich et al. Nature, in press, doi:10.1038/nature11258

°

Mongolian-man

 

 

°
natar-ungalaaq  Inuit Eskimo
https://i0.wp.com/www.cbc.ca/gfx/images/arts/photos/2008/09/02/natar-ungalaaq-250.jpg
Inuit_women
Inuit_women_1907
plains-indian
Woman  with shield
plains indian woman with shield Iw11
Man
plains-indian-572614-sw

Skelet tienermeisje van meer dan 12.000 jaar oud biedt nieuwe inzichten

vr 16/05/2014 –
Ellen Maerevoet
In een grote, onder water gelopen kalkstenen ruimte op Yucatán in Mexico hebben duikers een skelet van een tienermeisje gevonden dat tussen de 12.000 en de 13.000 jaar oud is. De vondst geeft volgens de onderzoekers meer zekerheid over de afstamming van de oorspronkelijke bewoners van Amerika.

Een internationaal team van onderzoekers beschrijft de ontdekking die ze in 2007 deden in het vakblad Science. “Het meisje is gerelateerd aan de huidige inheemse Amerikanen en had voorouders in Beringië, de -nu ondergelopen- landmassa die vroeger Alaska met Siberië verbond.” De vondst zou nieuw bewijs zijn voor de theorie dat alle indianen uit datzelfde deel van de wereld komen.

Het meisje was 15 of 16 jaar toen ze stierf. Duikers vonden haar botten op 40 meter diepte, tussen de resten van uitgestorven dieren. Ze kreeg van de onderzoekers de naam “Naia” (wat waternimf betekent in het Grieks).

“Het skelet is zo uitzonderlijk goed bewaard gebleven door de omgeving waarin Naia is overleden”, legt Patricia Beddows, een van de duikers, uit aan BBC. Wat Naia in de grot deed, is onduidelijk. De onderzoekers vermoeden dat ze er op zoek was naar schaarse waterpoelen omdat de regio zeer droog was. “Haar bekken was gebroken, waarschijnlijk vlak voor het tijdstip van haar overlijden. Het lijkt erop dat ze vrij diep gevallen is, vermoedelijk is ze meteen gestorven.”

“Het gebit is volledig intact en bijna alle grote botten van het skelet zijn gevonden”, zegt hoofdonderzoeker Jim Chatters. “We missen alleen de handen en voeten.” Doordat het skelet zo volledig is, waren de kansen op succesvol genetisch onderzoek groot.

Paleo-Amerikanen

Wetenschappers ontdekten eerder al dat de voorouders van de indianen mogelijk duizenden jaren geïsoleerd op een landtong in de huidige Beringzee hebben geleefd voor ze verder trokken naar Amerika.

De huidige indianen zijn genetisch zeker verwant aan die “paleo-Amerikanen”, maar bepaalde kenmerken van hun gelaat komen niet overeen met de oudste skeletten die nu gevonden worden. De oude inwoners hadden namelijk smallere en langere schedels dan de indianen, wat er op leek te wijzen dat er verschillende migraties vanuit Siberië (of zelfs Europa) zouden geweest zijn.

Naia spreekt dat echter tegen want hoewel ze ook een smallere, langere schedel heeft, toont haar DNA duidelijke overeenkomsten met de huidige indianen. uit onderzoek van haar tanden en beenderen blijkt dat ze behoort tot een specifiek genetisch geslacht dat Haplogroep D1 genoemd wordt. En ook grote aantallen moderne indianen behoren tot diezelfde groep.

“Dat geslacht heeft zich waarschijnlijk ontwikkeld in Beringië, het land dat nu onder de Beringzee ligt, nadat de bewoners ervan uit de IJstijd genetisch geïsoleerd waren geraakt van de rest van Azië”, zei Jim Chatters aan de BBC. “Paleo-Amerikanen en de huidige indianen zijn afkomstig van het zelfde thuisland in Beringië. De verschillen die er bestaan tussen hen, zijn waarschijnlijk het gevolg van evolutie die zich voor heeft gedaan nadat de genenpoel uit Beringië geïsoleerd is geraakt van de rest van de wereld.”

Aangenomen wordt dat de moderne mens zich vanaf 40.000 jaar geleden vanuit Afrika heeft verspreid naar andere continenten. “Pas veel later bereikte homo sapiens Amerika”, zegt hoofdonderzoeker Chatters. “Waarschijnlijk tussen de 26.000 en 18.000 jaar geleden.”

Video’s 
http://www.sciencedaily.com/videos/3cc9794642ed79130f1d47b7b4bf83ab.htm
http://www.sciencedaily.com/videos/661266.htm

Oude aboriginal had erectus schedel ?

Oude schedelvorm ontstond door wrijven

26 juli 2010

De eigenaardige vorm van een groot aantal prehistorische Australische schedels is waarschijnlijk veroorzaakt door bewuste verandering van de schedelvorm in de vroege jeugd. En niet door genetische invloed van de oude menselijke voorouder Homo erectus.

Door Hendrik Spiering

Peter Brown, bekend als vinder van de Floresmens, maakte nieuwe analyses van een van die oude vervormde schedels, de Nacurrie-schedel. Die is circa 12.000 jaar oud. Hij vergeleek hem met schedels uit etnografische collecties van mensen die als jong kind om esthetische reden waren misvormd (Journal of Human Evolution, in press).

De lage voorhoofden van sommige schedels lijken wel wat op die van erectus. Maar de vervormingen in de Nacurrie-schedel zijn waarschijnlijk veroorzaakt door dagelijks wrijven over het voorhoofd in het eerste levensjaar, niet door het inbinden met doeken

De Nacurrie-schedel met het misvormde schedeldak.

De Nacurrie-schedel met het misvormde schedeldak.
      
         
°Papoua

Agai – Portrait of a Melanesian man.
Lower Fly River, Papua New Guinea.
Charcoal.
Schedels : MORTON / S J GOULD WETENSCHAPPERs MET EEN AGENDA ?
Portraits of Samuel George Morton (left) and Stephen Jay Gould (right).
“The mismeasure of man”
(1) Populatiegenetica ( en uitsluitend het p-gen concept )alleen is niet meer voldoende ….
°
De idee dat “rassen niet bestaan” ligt onder vuur mede door de resultaten van nieuwe onderzoeken en ontdekkingen in de de huidige genoom vergelijkende studies ….
Er zijn wel degelijk genen en hun verschillende allelen of varianten geidentificeerd ,benoemd en gelocaliseerd op de chromosomen die coderen voor huidskleur( : bleke huid vergemakkelijkt de aanmaak van vitamine D in het winterse zon-arme noorden ),schedelvorm ,oogkleuren , brein en breinontwikkeling … . Gevoeligheid voor bepaalde ziekten , immumiteit tegen bepaalde kiemen , rasgebonden mutaties in het genoom die niet voorkomen in andere rassen ( lactose tolerantie in verschillende gemuteerde genen bij verschillende volkeren uit oost afrika en europa / sikkelcel anemie bij negers en volkeren die zich hebben vermengd met negers (midden oosten / Noord afrika ) CCR 5 mutatie bij europeanen )
°
GENETISCHE ROULETTE DOOR DIRK DRAULANS

10-05-2006

°
De mens vergroot almaar de greep op zijn omgeving.
Waardoor steeds meer mensen schijnen te denken dat wij niet meer evolueren. Maar dat lijkt niet het geval.
Gelukkig maar. Op een status-quo zit niemand te wachten.
De geneeskunde heeft de voorbije decennia wonderen verricht. Mensen die vroeger geen enkele overlevingskans hadden, kunnen nu jarenlang een kwaliteitsvol leven leiden.
We vergroten ook almaar de greep op onze omgeving.
We wonen onder een permanent dak, in een huis met temperatuurscontrole, zuiverwatervoorziening en afvalophaling.
De techniek heeft de lasten weggenomen die het leven vroeger zo riskant maakten.
Daarenboven is de maatschappij fundamenteel sociaal georganiseerd geraakt, en dat op grote schaal.
Voor veel maatschappelijke diensten moet betaald worden, maar het mechanisme van de solidariteit met de zwakkeren of met zij die pech hebben, is een pijler van onze
instellingen geworden.
In principe wordt niemand aan zijn lot overgelaten.
Solidariteit en maatschappelijke dienstverlening garanderen natuurlijk niet dat iedereen het er even goed afbrengt.
Ongelijkheid is zo’n fundamenteel gegeven in de natuur dat ze onmogelijk weg te werken valt.
Maar mensen die vroeger niet de kans hadden om zich voort te planten, kunnen dat nu wel.
Wat de stelling doet rijzen dat wij onze omgeving ondertussen zo goed in de hand hebben, dat de voedingsbron voor natuurlijke selectie weggevallen is.
Wat de natuur weg zou selecteren, halen wij erdoor, en geven wij zelfs de kans om zich te verspreiden tot in de volgende generaties.
Geen selectie meer, dus geen evolutie meer, redeneert een groeiend aantal mensen.
Ze vinden steun in het gegeven dat een Europese baby vijfhonderd jaar geleden – dat is gisteren naar evolutionaire standaarden – 50 procent kans had om zo lang in
leven te blijven dat hij zelf kinderen kreeg. Nu is dat 99 procent.

Maar de stelling van de sputterende evolutie is niet hard te maken, hoe graag sommigen het ook zouden willen.
Wij blijven onderhevig aan een genetische roulette.

Om te beginnen is de invloed op de omgeving voorlopig alleen bij ons zo groot dat er eventueel een effect op de natuurlijke selectie kan zijn.
In Afrika is er zo’n hoge sterfte onder kinderen 챕n volwassenen in de fleur van hun leven dat natuurlijke selectie er ongetwijfeld nog altijd vrij haar eigen
gang kan gaan.
Daarenboven hoeft natuurlijke selectie niet beperkt te blijven tot het bepalen van wie tot voortplanting komt en wie niet.
Er kan evengoed een stevige druk op onze hersenen liggen, die ook een verschil kan maken: een verschil tussen een beetje en veel succes met de kinderen, bijvoorbeeld.

NIEUWE HERSENGENEN

Vorige herfst publiceerden wetenschappers in het topvakblad Science aanwijzingen dat twee belangrijke genen die een rol spelen in de ontwikkeling van de hersenen slechts kort geleden ontstonden.
Ze verspreiden zich héél snel door de mensenpopulatie – ongetwijfeld omdat ze hun dragers succesvol maken.
Hoe meer dragers van een welbepaald gen zich voortplanten, hoe sneller dat gen verspreid wordt.

Het ene gen zou tussen 14.000 en 60.000 jaar geleden ontstaan zijn, het andere h챕챕l recent: tussen 500 en 14.000 jaar geleden. Het is nog niet duidelijk wat hun functie is, maar ze sturen zeker de grootte van de hersenen, want als er een fout in zit, worden baby’s met een te klein hoofd geboren. (microcephaly )

Het eerste gen komt ondertussen al bij 70 procent van de mensen voor, het recentere bij 25 procent. Wetenschappers maken zich wat zorgen over deze vaststelling.

Ze impliceert dat niet iedereen dezelfde capaciteiten in zijn hoofd heeft. Zo zouden beide genen minder in de Afrikaanse bevolking voorkomen dan in de Europese of de Midden-Oosterse.

Onze hersenen zijn al 200.000 jaar lang niet meer gegroeid. De grote sprong voorwaarts in ons hoofd is miljoenen jaren geleden gebeurd, toen ze relatief snel drie keer groter werden, ondanks de kostprijs die aan de groei verbonden was: hersenen vragen veel energie, en er ontstond een risico op problemen bij de geboorte, omdat baby’s met hun grote hoofd niet zo makkelijk meer door het bekken van de moeder konden.

De groeispurt van de hersenen is wat ons vooral onderscheidt van de andere apen. Toch zijn er ook elders verschillen. Het vakblad Public Library of Science Biology publiceerde een dik jaar geleden gegevens die erop wijzen dat meer dan duizend genen bij mensen en vier andere apensoorten in verschillend aantal voorkomen. Op een geschat totaal van rond de dertigduizend mensengenen is dat veel.

Ongeveer 7 miljoen jaar geleden zijn wij afgesplitst van de tak die naar de chimpansees leidt. Vorige herfst vergeleek het vakblad Genome Research genen van mens en chimpansee. Er waren liefst 651 grote veranderingen in 245 genen, waarvan een aantal een rol speelt in de voortplanting en de strijd tegen ziekten. Belangrijke genen dus. Het vakblad Nature deed er nog een schepje bovenop: van elfduizend onderzochte genen bleken er meer dan elfhonderd minstens lichtjes te zijn veranderd nadat wij mens geworden waren.

Daar waren zelfs transcriptiefactoren bij: sleutelgenen die een rol spelen bij het overschrijven van erfelijke kenmerken in bruikbare eiwitten. Het minste veranderingen werden ontdekt in genen die instaan voor de skeletvorming. Skeletveranderingen zijn moeilijk, want het duurt lang om ze te realiseren. Daarom heeft de natuur ervoor geopteerd om onze baby’s, in verhouding tot die van andere apen, prematuur geboren te laten worden als reactie op de groei van ons hoofd. Dat was makkelijker dan het bekken van de moeders aan te passen.

°

NIET STIL KUNNEN ZITTEN

°
Dezelfde studie toonde ook aan dat genen die ons ziek maken, dikwijls langzaam veranderen. Dat lijkt logisch. Een dramatische verandering zou er onvermijdelijk toe leiden dat dragers van de nieuwigheid geen kans maken om zich voort te planten. Met een lichte verandering zou dat wel nog kunnen. Zelfs als er wat negatieve consequenties aan verbonden zijn.

Het vakblad New Scientist meldt dat de genvariant D4DR – die een rol speelt in de sturing van de prikkeloverdrager dopamine in de hersenen, en die geassocieerd is met zowel een hang naar risicovol gedrag als een aanzet tot ADHD (de aangeboren hyperactiviteit die vooral bij kinderen lastig kan zijn omdat ze niet stil kunnen zitten) – om nog onduidelijke redenen de voorbije duizend jaar sterk is toegenomen in de mensenpopulatie. Ze moet dus ergens een voordeel hebben.

Wij blijven gelukkig evolueren om oplossingen te vinden voor problemen waar de geneeskunde mee worstelt. Apen blijken vandaag weerstand te hebben tegen hun versie van het aidsvirus. ( SIV ) Waarschijnlijk heeft het ook in de apenwereld ooit een ravage veroorzaakt, tot natuurlijke selectie voor een effici챘nte afweer zorgde.

Iets vergelijkbaars kan ook bij de mens. Eind vorig jaar rapporteerde Science dat mensen met een extra kopie van een gen uit het afweersysteem minder kans hebben om met het aidsvirus besmet te worden. Het gen maakt een eiwit aan dat zich nestelt op dezelfde ankerplaats van de witte bloedcellen die het aidsvirus gebruikt om zich in een lichaam te verspreiden. Minder vrije ankerplaatsen impliceert minder kans op besmetting.

Wie dus dacht dat veranderingen in het genetisch materiaal alleen op heel kleine schaal kunnen, heeft het mis. Een inzicht dat daagde toen bleek dat het syndroom van Charcot-Marie-Tooth (een zware erfelijke zenuwziekte) veroorzaakt wordt door het feit dat pati챘nten een derde kopie van een lange zone met verschillende genen op het chromosoom 17 hebben – van de meeste genen hebben wij twee stuks: 챕챕n van de vader en 챕챕n van de moeder. Dat is dus een beetje zoals mongolisme, dat veroorzaakt wordt door een extra chromosoom 21.

Het vakblad Science rekende twee jaar geleden voor dat het genoom van eender welke mens minstens vijftig genen heeft waarvan het aantal is veranderd.

Soms zijn ze gewoon verdwenen. Een elementaire scan van het genetisch materiaal van twintig normale individuen klokte af op 76 verdubbelde of weggevallen regio’s op de chromosomen, goed voor minstens zeventig bekende genen.

De Public Library of Science Genetics meldt dat er minstens 23 plaatsen zijn waar grote stukken van het menselijk genoom omgekeerd voorkomen in vergelijking met dat van de chimpansee. Ergens is er dus bij de vermenigvuldiging van cellen een stuk omgedraaid. Het is evident dat daardoor de werking van genen kan veranderen. Nature Genetics stelt op basis van IJslands onderzoek dat 20 procent van de Europeanen een inversie van een lang stuk genetisch materiaal draagt, dat zich razend snel over het continent verspreidt omdat de vrouwen die het hebben gemiddeld meer kinderen krijgen dan andere – om een nog niet opgehelderde reden.

De boodschap is duidelijk. Er zijn zoveel mogelijkheden om variatie te introduceren in het genetisch materiaal dat de kans dat de evolutie stilvalt, of dat wij er op zijn minst een rem op kunnen zetten, klein is.

Vermenigvuldiging van genenblokken lijkt zelfs standaard te zijn. Volgens de American Journal of Human Genetics zouden herhalingen 5 procent van het menselijk genoom uitmaken.

Er wordt nu stilletjes gehoopt dat ziekten zoals autisme, schizofrenie en parkinson aan zulke veranderingen te wijten zijn. Want er is lang en vruchteloos naar specifieke mutaties gespeurd, terwijl de genen bij een vermenigvuldiging gewoon hetzelfde blijven.

°

DE SLEUTEL EN ZIJN SLOT

°
Experimenteel onderzoek in muizen heeft deze hoop aangewakkerd. Nature Genetics rapporteerde vorig jaar dat veranderingen in het aantal exemplaren van genen bij muizen de oorzaak waren van een verhoogd risico op zwaarlijvigheid, artritis en kanker. Maar ze konden ook de weerstand tegen bepaalde ziekten verhogen.

Duplicatie van genen is altijd beschouwd als een sterke factor in de evolutie van soorten, omdat genen na de duplicatie een eigen weg kunnen gaan en een nieuwe functie kunnen aannemen.

Science beschreef begin deze maand een interessant voorbeeld, dat tegelijk een antwoord gaf op een prangende vraag waar aanhangers van de theorie van het ‘intelligent design’ (ID) mee worstelen – de mensen die onterecht denken dat evolutie een sturende hand nodig heeft om te doen wat ze doet.

Een van de twistpunten is dat er complexe systemen bestaan, zoals de combinatie van een eiwit en zijn ankerplaats op een cel. Hoe ontstaat zo’n sleutel-en-slotgegeven in de loop van de evolutie? De sleutel zonder slot heeft geen zin, en zonder sleutel om hem te openen is een slot niet nuttig.

Maar ook hier speelt toeval een rol. Meer dan 450 miljoen jaar geleden dupliceerde een gen zichzelf, waarna beide varianten lichte veranderingen opstapelden. Het betrof een celreceptor voor het stresshormoon cortisol. Een van de twee veranderde zo dat hij gevoelig werd voor een stof die pas later in de evolutie opdook: het hormoon aldosteron uit de bijnier dat het zoutgehalte in het lichaam regelt. Het bleek als een sleutel op het nieuwe (en tot dan toe niet functionele) slot te passen. Sleutel en slot kunnen dus onafhankelijk van elkaar ontstaan, en elkaar pas later ‘vinden’.

Duplicaties zijn grote veranderingen, dus er kan aangenomen worden dat kleine veranderingen nog frequenter zijn. Dat blijkt inderdaad het geval, volgens een recent verslag in de Public Library of Science Biology. Niet minder dan zevenhonderd (!) van onze genen zouden de voorbije tienduizend jaar kleine veranderingen ondergaan hebben. Het gaat om een brede waaier aan kenmerken: geur, vruchtbaarheid en voortplanting, maar ook huidpigmentatie en haarformatie.

Opvallende veranderingen zijn het opduiken van het enzym lactase dat de vertering van melk door volwassenen mogelijk maakt, en van het leptine dat verantwoordelijk is voor de verdeling van vet over het lichaam – ongetwijfeld reacties op het ontstaan van de landbouwende mens.

En ook in deze analyse werden hersengenen gespot, onder meer eentje dat mensen gevoelig maakt voor de ziekte van Alzheimer.

°
EVOLUTIE VAN INTELLIGENTIE

°
Het lijkt normaal dat de ontwikkeling van technologie het leven van de mens de voorbije tienduizend jaar is gaan sturen. We kunnen speculeren over wat de toekomst ter zake zal brengen. Door het verlichten van de druk van ziektes zouden genetische veranderingen door andere factoren gestuurd kunnen worden. Een waarnemer in New Scientist acht het niet onmogelijk dat, als keizersneden nog frequenter toegepast worden dan vandaag, baby’s gewoon weer groter geboren gaan worden, zoals vroeger.

Andere waarnemers zijn bang dat we, als gevolg van de steun die we van de technologie krijgen, weer gaan verzwakken. Dat we onze natuurlijke weerstand tegen ziektes verliezen, of meer fouten in ons genetisch materiaal opstapelen omdat we desondanks toch in leven blijven.

Er lijkt wel eensgezindheid over het feit dat onze grote hersenen onze evolutie sturen. Maar hoe, dat is niet altijd even duidelijk. Zo rapporteerde de Journal of Biosocial Science dat natuurlijke selectie de intelligentie van de Ashkenazi (Joden van Midden-Europese oorsprong) de voorbije duizend jaar meetbaar deed toenemen.

Een controversieële stelling, niet alleen omdat het moeilijk is intelligentie op een verantwoorde manier te meten, ook omdat veel wetenschappers als de dood zijn voor het koppelen van genetische verschillen aan rassen.

Uit de studie van de recente evolutie van kleine verschillen in de genen van mensen bleek dat Oost-Aziaten, Europeanen en Nigerianen slechts een vijfde van de veranderingen met elkaar gemeen hebben. De onderzochte bevolkingsgroepen evolueren dus anders. Toch houden wetenschappers graag vol dat er geen duidelijke genetische verschillen aan de basis van het concept ras liggen. Racisme is zo al erg genoeg.

Er kwam ook kritiek uit verrassende hoek op het verhaal over de Ashkenazi. In een lezersbrief naar New Scientist stelde een Joodse vrouw dat hier geen natuurlijke, maar seksuele selectie in het spel is: Joodse vrouwen zouden gewoon liever verstandige dan fysiek aantrekkelijke mannen als partner hebben. Seksuele selectie is een aparte vorm van sturing van de evolutie, een gevolg van het feit dat niet alle potenti챘le partners als even aantrekkelijk worden ervaren en niet alle individuen zich even frequent voortplanten.

Het belang van seksuele selectie zou zelfs toenemen nu wij kunnen nadenken over wat we doen. In de voortplantingsbiologie is er een concept dat assortative mating heet: de neiging om een partner met gelijkaardige kwaliteiten als de jouwe te kiezen.

Mooie mensen vallen op elkaar, slimme mensen ook. We kunnen ondertussen over de hele wereld een partner gaan zoeken, wat de kans om op een gelijkgezinde te vallen uiteraard vergroot.

Het lijkt dus duidelijk dat de mens blijft evolueren. Het zou zelfs kunnen dat de evolutie van de mens versnelt. Wij gaan door een periode van enorme veranderingen. En dan is het nog onmogelijk in te schatten wat de effecten zullen zijn van het feit dat we binnen afzienbare tijd met onze genen kunnen gaan spelen. Dan zullen de wetten van de natuur als motor van de evolutie ondergeschikt worden aan de wetten van de mens.

Niemand kan op dit moment voorspellen waar dat zal eindigen.
ARMAND MARIE LEROI
http://archief.nrc.nl/?modus=l&text=ARMAND+MARIE+LEROI+&hit=1&set=2
http://www.nytimes.com/2005/03/14/opinion/14leroi.html?ex=1268456400&en=b3dac786e0583b4e&ei=5088&partner=rssnyt

°

Prof. Dr. Bruce Lahn /SOB–> son of a bitch
http://www.hhmi.org/research/investigators/lahn.html
http://online.wsj.com/public/article/SB115040765329081636-T5DQ4jvnwqOdVvsP_XSVG_lvgik_20060628.html?mod=blogs
http://isteve.blogspot.com/2005/09/bruce-t-lahns-new-brain-genes.html
http://www.seedmagazine.com/news/2006/09/seed_interview_bruce_lahn.php

°

zie al de ” brain” artikels van Nicolas wade
http://www.vdare.com/sailer/wide_eyed.htm
http://www.nytimes.com/2006/03/07/science/07evolve.html?ex=1170478800&en=ba3065d423d82b6b&ei=5070

°

DNA-pionier: negers zijn gemiddeld “dommer” dan blanken

17 oktober 2007

°

Nobelprijswinnaar James Watson, een van de twee ‘ontdekkers’ van het DNA, heeft voor grote opschudding gezorgd door te zeggen dat negers gemiddeld dommer zijn dan blanken, en dat ‘gelijkheid van verstandelijke vermogens’ tussen rassen een illusie is.

De 79-jarige geneticus Watson heeft in 1962 de Nobelprijs voor geneeskunde gedeeld voor zijn aandeel in de ontrafeling van het menselijk erfgoed (“De dubbele helix”) en leidt nu een van de meest vooraanstaande wetenschappelijke onderzoeksinstituten in de VS.

Watson ziet het somber in voor Afrika door intelligentieverschillen tussen rassen

De Amerikaan Watson (79), die samen met de Engelsman Francis Crick in 1953 de structuur van het DNA-molecuul ontdekte, verklaarde woensdag in een interview in The Sunday Times dat hij de toekomst van Afrika somber inziet.

‘Ons ontwikkelingsbeleid is gebaseerd op de aanname dat de intelligentie van Afrikanen hetzelfde is als de onze – terwijl alle testen uitwijzen dat dat niet zo is,’ zegt Watson.

°

james watson scandal

 

°

Genetische verschillen
Volgens de wetenschapper is er

‘geen reden om aan te nemen dat de intellectuele capaciteiten van geografisch gescheiden groepen mensen zich in de evolutie op identitieke wijze hebben ontwikkeld.’

De geneticus verwacht dat binnen tien jaar genen worden gevonden die verantwoordelijk zijn voor verschillen in intelligentie tussen mensen – en rassen.

Behoefte aan gelijkheid

We kunnen volgens Watson wel willen dat de gehele mensheid over min of meer gelijke verstandelijke vermogens beschikt maar ‘daarmee wordt dat nog niet waar’.

Volgens de Nobelprijswinnaar bestaat er een natuurlijke behoefte aan gelijkheid tussen alle mensen. “Maar mensen die te maken hebben met zwarte medewerkers, ondervinden dat dit niet waar is”.

In zijn boek luidt het:

Er is geen gegronde reden om te anticiperen dat de intellectuele capaciteiten, die tijdens hun evolutie geografisch van elkaar gescheiden waren, bewezen zullen worden, identiek te zijn geëvolueerd. Ons verlangen om een gelijk denkvermogen als een universele erfenis van de mensheid in stand te houden, volstaat niet om het zo te maken”.

°

“Erg”


Critici van Watson zeiden dat de man stevig van antwoord moet worden gediend. De Britse Gelijkheids- en Mensenrechtencommissie zei de zaak al “van alle kanten” te onderzoeken, aldus The Independent. Labourparlementslid Keith Vaz noemde het

erg een wetenschapper met zo’n faam zo’n ongegronde, onwetenschappelijke en extreem beledigende opmerkingen te zien maken. Ik ben er zeker van dat de wetenschappelijke gemeenschap ronduit zal verwerpen wat dokter Watsons persoonlijke vooroordelen lijken te zijn. Die opmerkingen herinneren aan de standpunten die er op de hoogste nievaus nog steeds kunnen bestaan”.
°
Beschouwd als een wereldtopper in het onderzoek naar kanker en genetica, heeft Watson dikwijls controverse veroorzaakt met zijn standpunten omtrent politiek, seksualiteit en ras, aldus de krant.

(belga/eb)

°

the DNA DOCTOR lt_2008_03_26_27[1]   <—pdf  

 

°

—>  Ook nog niet lang geleden werd beweerd dat Aziaten slimmer zijn dan blanken. Kan dat niet misschien  ?  Waarom zouden blanken dan niet slimmer kunnen zijn dan zwarten? Maar dat laatste  mag dan weer niet beweerd worden want dat ruikt naar racisme ?

ocharme toch.

 

°

—> Misschien beginnen met de testen die deze nobelprijs winnaar noemt op wetenschappelijke wijze te onderzoeken.

°

Wetenschap en waarheid zijn immers niet gelijk aan multiculturele dogma’s. En als de professor ongelijk heeft, wat ik hoop en verwacht, dan kan je hem met wetenschappelijke argumenten ongelijk geven. Niet met de politiek correcte catechismus.

http://www.hln.be/hlns/cache/det/art_623214.html?wt.bron=categorieArt1

Voor zover ik weet blijft de genetische aanleg tot gemeten “intelligentie” een zeer complex (en cultureel ingevuld) begrip dat ( voorlopig ) niet tot bepaalde genen(combinaties) alleen ( indien al ooit ) valt terug te leiden.
Quote:


Een ongefundeerde, grove en lang achterhaalde stelling,” reageren collega’s op de uitspraken van Watson , die overigens een reputatie heeft in het uiten van grove en beledigende vooroordelen.
In 1990 schreef het vermaarde wetenschappelijke blad Science al dat
velen in de wetenschappelijke wereld Watson allang beschouwden als een bruut en dat zijn collega’s collectief hun adem lijken in te houden als hij weer eens zijn boekje te buiten gaat”.
Vermaarde onderzoekers naar genetica en intelligentie, zoals de Brit Robert Plomin, schreven in Nature ()te betreuren dat :
de objectieve kennis over de erfelijkheid van intelligentie steevast wordt overschaduwd door het racisme
( nota van mij : dat is blijkbaar een aansturing van gedrag dat bij de mens evolutionair is ingebouwd en ooit een functie moet hebben vervuld ? )
Plomin
“… Over intelligentie en genetica bestaat wél een consensus.
nml dat ; Verschillen in intelligentie tussen mensen hangen gemiddeld even sterk af van genetische als van omgevingsfactoren. Het is een subtiel samenspel van aanleg en opvoeding.
Data uit het menselijke genoomproject hebben overigens al aangetoond dat de genetische verschillen binnen één ras groter zijn dan die tussen verschillende rassen.”

Professor Steven Rose, lid van de Society for Social Responsibility in Science zei :
Dit is Watson op zijn grofst. Als hij de literatuur daarover zou kennen, zou hij weten dat hij wetenschappelijk zwaar over de schreef gaat, laat staan op sociaal en politiek vlak.”
Er is geen genetische grond voor de uitspraken van Watson”,
reageert ook professor en geneticus Jean-Jacques Cassiman (KU Leuven).
Afhankelijk van wie en wat je test met intelligentietesten zul je een ander resultaat bekomen.
Als je tests die specifiek ontwikkeld zijn voor de westerse bevolking toepast bij Afrikanen die een sociaaleconomische achterstand hebben en minder onderwijs hebben genoten, is het logisch dat ze minder sterk uit die testen komen.
Dat heeft niets te maken met een mindere aanleg.
Het enige wat zulke testen bevestigen, is dat er een sociaaleconomisch probleem is in Afrika.”

“Het gaat in essentie over het samenspel tussen omgeving en erfelijkheid, je kunt die niet loskoppelen.”
En, voegt Cassiman er aan toe,
“dat uit die testen ook blijkt dat Chinezen slimmer zijn dan blanken hoor je nooit in deze hele discussie.”


Theoloog (Tsjerk Müller )

 

Aan de andere kant is er het aspect van de taboehandhaving. Zodra iemand waagt te zeggen dat blanken in het algemeen een hoger IQ hebben dan zwarten, rijst er een koor op om hem/haar het zwijgen op te leggen. Dat vind ik een verkeerde gang van zaken.
janviet
…… aan de basis van dit taboe ligt ( volgens Pinker ) de volgende gedachte : je verdient alleen een gelijke behandeling als je ook gelijk bent. Als je dat denkt, en je wilt dat iedereen gelijk behandeld wordt, dan kom je in de problemen als groepen gemiddeld niet aan elkaar gelijk blijken te zijn.Dit hangt samen met de nurture gedachte: we worden allemaal als blank slates ( Tabula rasa ) geboren en volledig door opvoeding gevormd.
Aangeboren verschillen worden eenvoudig ontkend, of doen er niet toe.
Dit zag je enkele tientallen jaren geleden in Nederland (en misschien daarbuiten ook wel) heel sterk. Zelfs de verschillen tussen mannen en vrouwen werden ontkend.
( bijvoorbeeld : de ethnografe Magaret Mead die er niet voor terug schrok haar gegevens selectief te wieden en/of naliet haar primaire gegevens/ bronnen na te checken )
Alsof mannen en vrouwen gelijk moeten zijn om een gelijke behandeling te verdienen.
en allemaal ter ondersteuning van het adagio van Mead dat “man -of vrouw -zijn ” uitsluitend een culturele invulling is ( wart dus nauw aansluit bij de maakbare mens-theorieen zoals de communisten en dialectische materialisten verkondigden )

Er is een eenvoudige uitweg: beoordeel een ieder op zijn of haar individuele kwaliteiten. Het maakt geen moer uit wat de gemiddelde kwaliteiten zijn van de groep waar je toe wordt gerekend (en welke groep moet je daarvoor trouwens kiezen; ik behoor tot de groep mannen, maar ook tot de groep brildragers, en tot de groep met mijn lengte, …).

Inderdaad het gaat nog steeds over dat NATURE/NURTURE debat uit de vorige eeuw … dat ondertussen toch allang is opgelost en van de baan geschoven als een grabbelton voor ongenuanceerd radcicaliserende standpunten ( wat Watson blijkbaar nog steeds niet weet en een persoonlijk mening-” probleem” vormt dat hij blijvend heeft meegenomen uit zijn studententijd ? )

Niet alleen

S.Pinker heeft het daarover ( toegankelijk ) ;gehad in het ” Onbeschreven blad ” maar ook
De britse wetenschappelijke vulgarisator/ schrijver
MATT RIDLEY

In zijn boek, luidt Watson zo:

‘Er is geen gegronde reden om te anticiperen dat de intellectuele capaciteiten, die tijdens hun evolutie geografisch van elkaar gescheiden waren, bewezen zullen worden, identiek te zijn geëvolueerd.
Ons verlangen om een gelijk denkvermogen als een universele erfenis van de mensheid in stand te houden, volstaat niet om het zo te maken.’
WINDSURFER
De gevolgtrekking dat er geen reden is aan te nemen dat intellectuele capaciteiten hetzelfde geevolueerd zijn klopt, sec, natuurlijk.
Maar je kunt het ook omdraaien: is er reden om aan te nemen dat er wel verschillen zouden zijn geevolueerd?
 

De toevoeging dat ‘ons verlangen om…’ klopt op logische grond, maar wordt hier als pseudo-verklaring toegevoegd om de gedachte van een gelijk denkvermogen te ondermijnen, een vals argument en stemmingmakerij als je het mij vraagt.

De gedachte dat eventueel gevonden verschillen op IQ testen gelijk te trekken zijn met het bestaan van verschillen in intelligentie is een verkeerde veronderstelling.

Als dit de onderbouwing van Watson is, deugt die wetenschappelijk pertinent niet.

http://www.freethinker.nl/forum/viewtopic.php?t=2848

Intelligentie is inderdaad voor een groot deel erfelijk bepaald maar omgevingsfactoren kunnen het eindeffect wel degelijk fors beinvloeden.

Met voldoende uitdaging en prikkels kan een 100 punts score toch 120 worden.

Daarnaast is het zo dat de IQ test op onze westerse denkwijze is ingericht. Er wordt hierin geen rekening gehouden met culturele verschillen en darmee welich verschillende benaderingswijzen van probleemstellingen.

Aziaten schijnen beter te presteren op mathematica dan europeanen. So what?

Als de europeanen de afrikanen de afgelopen 500 jaar met rust gelaten hadden was alles wellicht andes geweest.

Ook zaken als voeding tijdens de zwangerschap en in de eerste levensjaren spelen een grote rol bij mentale ontwikkeling. Dit en meer maakt dit een complex onderwerp.

Tsjok45/

http://www.freethinker.nl/forum/viewtopic.php?p=4564#4564

“….dat de helft van alle Afrikanen zwakzinnig is….”

Hersenen zijn grote energie-verbruikers :

Afrikaanse Mensen moeten het stellen met erbarmelijke voedselsituatties , wonen in gebieden met voortdurende tribale oorlogen en op het slagveld van konkurerende belangen en strijd om grondstoffen en “de geesten van de mensen “….
Uiteraard zullen onder deze voortdurende omstandigheden de hersenen van deze mensen ( vooral de zich ontwikkelende kinderen die steeds weer de grootste slachtoffers zijn ) zich “slechter” ontwikkelen
Het merendeel van de afrikanen overleefd dmv een op de spits gedreven oorlogsekonomie en is doordrenkt met niets ontziend opportunisme –> hoe zou je zelf zijn …

Deze mensen zijn echter niet “zwakzinnig ” in de zin van “erfelijk zwakzinnig “, maar wel
zwakzinnig volgens de ( onverantwoorde en cultureel gekonditioneerde ) meetschalen die worden gehanteerd door ‘westerse” onderzoekers( ???? ) ;
Moesten ze wel zwakzinnig zijn in de echte betekenis van het woord , dan zouden die heel snel verdwijnen ( of zich zeker niet succescol voortplanten ) op het afrikaans continent …

want
De intensieve en doorgedreven zorg voor gehandicapten is slechts mogelijk in maatschappijen die een zeker overschot en rijkdom bezitten , een middelenoverschot dat niet word verspild of weggeroofd .of voortdyrend afgeroomd/afgeperst ( ook door de eigen “elite ” .. )

Volgende startpunten zijn misschien nuttig in een zoektocht naar argumenten tegen racistische prietpraat / verdraaiingen en ideologien gesteund op pseudo-wetenschap …

1.- In een klein gebied in Afrika zijn de verschillen in DNA (de erfelijke eigenschappen) tussen groepen chimpansees tamelijk groot.
Dit geldt ook voor gorrila’s.
De verschillen in DNA tussen ( wat men ) verschillende menselijke rassen ( noemen ) zijn veel kleiner.
Of je nu DNA neemt van een Bosjesman, een Papoea, een Laplander, een Amerikaanse Indiaan, een Skandinavi챘r of een Chinees, de verschillen zijn heel erg klein.
We ( = homo sapiens sapiens ) stammen met zijn allen af van een klein aantal genetisch verschillende mensentypes ( de out of africa theorie ) en het gaat bovendien dan nog om verwantschappen die zijn gereconstreert op basis van vergelijkend onderzoek van het genetische materiaal , aanwezig in de mitochondrieen

; de zogenaamde mitochondriale EVA’s

http://staringcollege.nevenzel.com/WS000025.html

—-> Rik Nijland. 2000.

Eva’s dochters. Volkskrant 13 mei, p. 5W. k.6-7.
Via het mtDNA (= mitochondriaal DNA) dat ‘vrijwel’ alleen via de eicellen kan worden doorgegeven, dat via een eigen klokfrequentie muteert, is het mogelijk een oermoeder voor de Europeanen te bepalen.

Sykes de oprichter van Oxford Ancestors,
http://www.oxfordancestors.com/
beweert dat er maar 7 zijn ( die aan de basis liggen van onder meer de
europese groepen ) . Zij hebben de fake-namen Helena, Jasmine, Katrine, Tara, Ursula, Velda en Xenia gekregen.
De echte oermoeder is vooreerst nog de Zwarte Eva geweest, die zo’n 200.000 jaar geleden in Afrika leefde.
Het nageslacht van deze 7 ‘oerdochters’ blijkt over heel Europa verspreid te zijn, dus niet gekoppeld aan bepaalde volkeren.
Het is erg belangrijk het verchil tussen rassen ( ras : plaatselijk populatie van een soort waarbij bepaalde varianten ( allelen ) van erfelijke  eigenschappen die voorkomen in de soort , in andere statistische verhoudingen voorkomen dan bij andere populaties van dezelfde soort , wat aanpassingen zijn aan de leefomstandigheden waarin hun voorouders verkeerden ; te onderscheiden van volkeren ( cultureel en sociaal met elkaar verbonden en levende ethnische groepen —> zelfs “melting pot” groepen maar die allen dezelfde waarden en consensus delen ) en voornamelijk in stand gehouden door culturele barieres ( dat word bijvoorbeeld bij gedoodverfde en onbewuste “racisten” ( en ook wel degelijk in sommige religieen ) erg sterk uitgedrukt als een een strikt verbod op inter-raciaal , inter-religieus , of inter-standelijk ( mesalliance ) “gemengde ” huwelijken …enzovoort

Het is natuurlijk onzin het bestaan van “rassen”( en volkeren ) te ontkennen
Elke dokter weet dat er genetische (en culturele ) verschillen zijn en dat men er tijdens een behandeling rekening moet mee houden op straffe van toepassing van minder geschikte therapieen ….
Het onstaan van uiterlijke raskenmerken en sommige gedragingen( bijvoorbeeld doordat andere hormonenspiegels procentueel verschillend aanwezig zijn ) is volgens verschillende evolutionaire biologen en antropologen het gevolg van sexuele selectie …

De zogenaamde “menselijke intelligentie ‘ is volgens sommigen gewoon een gelukkige bijresukltaat van dit selektieproces ( jay Gould ziet het zelfs als een versiersel of een “spandrel ” )
Overigens is IQ ( of wat het ook mag wezen wat men meent te ” meten “) niets waard ( bij het verhogen van de “fitness “) indien het niet vergezeld is van EQ ( emotional intelligence ) en verschillende andere mentale vaardigheden die onbewust eveneens aanwezig kunnen zijn ( bijvoorbeeld intuitief doorzicht , inspiratie , plotse inval en idee , creatieve aanpak … enzovoort )

Maar het is nog grotere onzin de in een bepaalde cultuur geldende en daar GEWENSTE en geselekteerde “mentale vermogens” te gebruiken als universele maatstaf bij het meten van een erfelijke zogenaamd ras-eigen “geschiktheid/fitness ” :

Wat men dan doet is het meten “ welke fenotypes van de menselijke soort zich slechter /beter zullen kunnen integreren aan een gegeven bepaalde kultuur ( die meestal als superieur word bestempeld … en de ijking van het meetapparaat /standaard-test levert )

Bovendien zijn die testen gewoonlijk gericht om de geschiktheid voor de vlotte uitvoering van bepaalde taken ( bijvoorbeeld militaire ) vast te stellen en eigenlijk banale keuringen ….

Best mogelijk dat zuiderlingen minder goed presteren in een cultuur waar de noordelijke maatstaven domineren
Best mogelijk dat Noorderlingen minder goed presteren in een cultuur waar de zuiderse maatstaven domineren

De variatie tussen mensen van hetzelfde ras inzake erfelijke aanleg is zelfs nog groter dan de erfelijke verschillen tussen zogenaamde rassen

Er bestaan overal ” domme en slimme mensen “,
misdadigers en “brave “luitjes ,
meisjes die vroegtijdig zwanger raken ,
mannen die achter hun pik aanlopen …
Kansarmen en kansrijken
er bestaan zelfs overal racisten

Genetisch determinisme

2.- Het zogenaamde genoom ( het totaal van alle erfelijke eigenschappen van het genotype ) van een menselijk wezen is geenszins een blauwdruk noch een aantal bouwinstructies , montage -instructies noch procedures/steretotype handleidingen en/ of een draaiboek , dat onvermijdelijk tot een bepaald zelfde /identiek resultaat ( fenotype ) moet leiden …
Integendeel het is eerder te vergelijken met een receptuur die nog alle kanten uit kan afhankelijk van de omgevings-omstandigheden ( en van de mogelijkheden die in de tijd
verder beschikbaar blijven ) …

Bovendien schijnen bepaalde delen van de zogenaamde ‘essentieele ” en zelfs ” evolutionair geconserveerde ” sequenties ___ die men als regulatoren vermoed en aanwezig zijn in het zogenoemde Junk DNA ___helemaal niet zo belangrijk of onmisbaar te zijn noch in termen van overlevingskansen noch in termen van uiteindelijke resultaten ( =fenotypische kenmerken ) van ontwikkeling( – “development” in/ van opeenvolgende verschillende levensfasen binnen eenzelfde individu ) …
—>
zie daarover ;

http://groups.msn.com/evodisku/glose.msnw?action=get_message&mview=1&ID_Message=932

Wetenschappers hebben recentelijk ontdekt dat muizen die waren beroofd van grote delen van hun genoom, in het vroeger zogenaamde ‘junk’-dna, desondanks niet onderdeden voor hun lotgenootjes die in het bezit waren gebleven van hun natuurlijke genoom. ( of ze niet onderdoen( geen verlaagde fittness bezitten in vergelijking met ) voor hun verwanten in de ” wilde” batuurlijke omgeving van het normale habitat ( buiten het lab ) is__ voor zover ik weet ) niet onderzocht )

3.- De opvoeding en de omgeving waarin een individu ontwikkeld zijn minstens even belangrijk ( fifty-fifty ) als de genetische aanleg er is geen ” Tabula rasa of onbeschreven blad ” maar er is ook geen ” vooraf gedetermineerde uitkomst ” m.a.w.
het individu ( op gelijk welk moment van zijn levensloop , en op gelijk welk moment waarop een zogezaamde “meting ” van de mentale vermogens d.m.v. standaard vraagjes als maatstaf , optreed )is altijd het resultaat van de wisselwerking tussen nature en nurture

—-> zie Steve Pinker en Matt Ridley over het nature/nurture probleem

http://groups.msn.com/evodisku/breinevo.msnw?action=get_message&mview=0&ID_Message=422&LastModified=4675498387931414660

http://groups.msn.com/evodisku/breinevo.msnw?action=get_message&mview=0&ID_Message=619&LastModified=4675494891072450753

Bovendien zijn gevallen van extreme verwaarlozing tijdens de opvoeding bekend
—> de zogenaamde feral children
http://www.feralchildren.com/en/children.php
—> alhoewel deze kinderen over degelijk genetisch materiaal beschikten ( voor zover bekend ) is een weinig stimulerende omgeving de oorzaak van serieuze
en onomkeerbare achterstand in hun ontwikkeling geworden
–> eveneens tot de feral children behoren de gevallen van zogenaamde wolfskinderen , die ook al aanduiden wat een impakt de omgeving op gedrag en zogenaamde aangeboren menselijke “mentale vermogens” heeft …
—> Andere resultaten van fnuikende omgevingen zijn bijvoorbeeld situaties waarin opgroeiende kinderen worden mishandeld ( het is een goed gedocumenteert gegeven dat opgroeiende kinderen die regelmatig klappen op hun kop krijgen( of “lastige ” babies die door elkaar worden geschud ) duidelijk hersenschade kunnen oplopen ( wat zich misschien vertaald in slechtere resulaten op latere intelligentietesten ) —> dat is dus niet aan ras , maar sociaal /cultureel gebonden … Het is ook duidelijk dat niet alleen besnijdenis en castratie beperkt blijft tot het zuiver lichamelijke ; ook “mentaal” kan men worden “aangepast” aan de heersende ” culturele ” gewoontes …. en ook in de zogenaamde beschaafde en geavanceerde culturen komt dit binnenkamers gehouden
geweld veel voor …

—> Het mag ook duidelijk zijn dat opgroeien in bijvoorbeeld vluchtelingenkampen en andere mensonwaardige omstandigheden alweer andere fenotypes
aanmaakt die niet meer inpasbaar blijken te zijn …. of zelfs zwaar gestoorde individuen kunnen opleveren ….

—> Mensen kunnen misschien een soort ” mentale bonsai’s “worden onder extreme omstandigheden ; maar deze bekomen resulaten lijken in veel gevallen
onomkeerbaar ; met name omdat de belangrijkste hersengroei en ontwikkelingen stoppen kort na de puber-fase ( wat niet wil zeggen dat er geen
veranderingen of hetschikkingen meer mogelijk zijn , of ( bijvoorbeeld ) geen aangroei meer van nieuwe hersencellen voorkomt ( als bijvoorbeeld wel is vastgesteld in de hypothalamus van londense taxichauffeurs )
zie daarover ;
HERSENCELLEN AANGROEI
—->

http://groups.msn.com/evodisku/breinevo.msnw?action=get_message&mview=0&ID_Message=492&LastModified=4675500987544049253

—> Het feit dat ook in homogeen ethnische ( in zoverre die bestaan ) maatschappijen , er ook al altijd discriminaties en vooral andere ontwikkelings-mogelijkheden werden gereserveerd voor ” klassen ” ___ zo werden de “lagere klassen” ook veelal afgeschilderd als dom en achterlijk “van nature ” ___bewijst ten overvloede dat ” intelligentie ” en andere “mentale eigenschappen ” en gedragingen niet grotendeels aan rassenverschillen zijn toe te schrijven …

Er is zelfs een tijd geweest waar ” vlamingen ” door een ” franstalige elite van belgen “( die dus ook grotendeels tot hetzelfde ” ras “behoorden of afstamden van diezelfde vlamingen )werden beschouwd als een “van nature ” en “erfelijk gedetermineerd” dom en achterbaks en nauwelijks als mens te beschouwen , deel van de bevolking …

Methodologische onzin en pseudo-wetenschap

4.- De gegevens van Rushton zijn “geselekteerde ” statistieken die zijn stellingen onderbouwen …Voor zover ik weet , zijn ze NIET het resultaat van enig eigen onderzoek en/of vervolgsonderzoek —>en dat zijn pogingen de vooropgestelde werkhypotheses alsnog initieel te toetsen …
Het zijn op zijn hoogst meningen/standpunten die worden onderbouwt door geselekteerde bestaande informatie uit de zogenaamde ” wetenschappelijke ”
statistieken – literatuur .
Tegenmeningen zijn evengoed te “onderbouwen ” door eveneens te gaan selekteren uit die statistiek….
Met statistieken van dit kaliber bewijs je alles wat je maar wilt

De methode een vooropgestelde mening te gaan bewijzen door geselekteerd literatuur onderzoek , al dan niet voorzien van ” mis-quotings” en
“Quote-mining” en het daar verder bij te laten ; is een praktijk die men als pseudo-wetenschap kan bestempelen … Creationisten doen dat bijvoorbeeld ook …

5.- de zogenaamde “Darwinorganisation ” , is door Rushton zelf opgericht …
Het is het eveneens een kenmerk van pseudo-wetenschap zich zoveel mogelijk te ontrekken aan ” peer review ” , en eigen “instituten” en “stichtingen ” op te richten

6.- Het is niet de eerste maal dat psychologen zich lanceren in de pseudo-wetenschap : Ook Freud deed dat en veel van zijn volgelingen van de psycho-analytische scholen lijden aan dit euvel ,
alhoewel vele denkbeelden ( niet alle ) van freudianen wel degelijk aan een herziening en up-dating toe zijn ( neurofysiologische onderbouwing van vele oudere denkbeelden )en misschien nog te rekupereren …
De theorieeen over oedipuskomplex , hysterie enzovoort ( in de vorm waaronder ze door freud werden gelanceerd ) zijn ondertussen wel verlaten ….
… Blijft het vele empirische en klinische materiaal (dat ook door freudianen is verzameld ) dat nog steeds moet worden nagecheckt en eventueel opnieuw verklaard ..
maar dat is een andere diskussie …

Wikipedia: http://nl.wikipedia.org/wiki/Iq


Het intelligentiequoti챘nt of IQ is een van de meest gangbare maten voor de intelligentie. Het is een score afgeleid van een verzameling gestandaardiseerde tests die zijn ontwikkeld met het doel om de cognitieve vaardigheden van een persoon in relatie tot zijn leeftijdsgroep te testen.

Wat ik er verder uithaal is het volgende:
* IQ testen zijn niet bruikbaar voor kinderen jonger dan 7 jaar
* IQ is een schatting
* Een hoog IQ betekent dat je goed bent in het maken van een IQ-test
* Geen eenduidige manier om slimheid te meten op een manier die onafhankelijk is van taal, cultuur, leeftijd en geslacht
* Het IQ lijkt belangrijk omdat je iemand erop zou kunnen beoordelen (maar lijkt alleen maar zo)
* Er zijn verschillende soorten IQ-testen, ook specifiek voor Nederland en bijvoorbeeld ook doven
* Een IQ-test is een momentopname
* De test is te manipuleren door te oefenen
* Sommige testen hebben een maximumscore, waardoor resultaten onbetrouwbaar kunnen zijn

Intelligentie:
Intelligentie of schranderheid is de term waarmee wij aanduiden in welke mate iemand in staat is om analytisch te denken, nieuwe problemen op te lossen en situaties te beoordelen. De intelligentie is dus eigenlijk een verzameling van capaciteiten. Zo spreekt men dan ook soms van sociale intelligentie, ruimtelijke intelligentie, verbale intelligentie, performantie-intelligentie…
Intelligentie is deels erfelijk bepaald, maar kan tot op zekere hoogte getraind worden, net zoals een gewichtheffer zijn spierkracht door training kan vergroten. Een Canadese studie vermeldt bijvoorbeeld dat kinderen die buitenschools muziekonderwijs volgen, een jaar later een grotere stijging in intelligentie hebben doorgemaakt dan hun klasgenoten die andere hobby’s hebben. Omgekeerd kan, door gebrek aan stimulering en door verwaarlozing, de intelligentie relatief zwakker worden.

Het woord “intelligentie” dekt vele ladingen.
*Is iemand die een wiskundig probleem in een mum van tijd kan oplossen intelligent?
* Of iemand die snel nieuwe materie opneemt?* Of iemand die in barre omstandigheden de juiste dingen doet om te overleven?
In Afrika zijn er nog veel meer mensen die in de eerste plaats het laatste moeten doen, terwijl dat in welvarend en verzorgend Europa haast overbodig
is geworden voor grote delen van de bevolking.
Ook in blanke “kansarme ” millieus
is er sprake van een vicieuse cirkel
armoede–> onderontwikkeling —> lagere sociale status –> armoede :
waaruit moeilijk valt te ontsnappen
Wij wenden (meestal ) als gepriveligeerden , onze europese “intelligentie” voor andere dingen aan , die niet direct zijn verbonden met basale levensbehoeften .
Overigens zijn veel “intelligenten” van dergelijke ” verwende ” oorsprong , ook minder vindingrijk om te overleven in de hen niet vertrouwde
omgevingen met de vele voorzieningen ; velen overleven wel succesvol in de academische jungle en de asfaltjungle maar niet in de achterbuurten of
de echte jungles, of wanneer ze toch uit “de boot” vallen / veel “intelligenten ” , zijn grote nullen wanneer het aankomt of zelfredzaamheid buiten de hen geboden aangepaste omgevingen )
En net op die dingen ( keuringen en vooral voorspellingen van blijvende en goede resultaten binnen een bepaalde ” beschaafde ” en kunstmatige
cultuurgebonden setting ) zijn IQ tests gebaseerd…
Er zijn leugens , leugens en statistieken ….
*Het komt allemaal neer op het zogenaamd “meten “van het IQ door het bekomen cyfer te plaatsen binnen een ” europese” checklist …
*Deze testen zijn alles behalve onpartijdig.
*Je kan gewoon met dit soort ( onbetrouwbare ) testerijen alles bewijzen wat je maar wil bewijzen.
IQ = 100
is trouwens het gemiddelde (het meest voorkomende normale cyfer binnen ) een gegeven bevolking (levend onder westerse omstandigheden
en geevalueerd volgens westerse normen en waarden ) dat statistisch ( de resultaten van een voldoend groot sample van dezelfde testen bij die
gegeven bevolking ) is verkregen.
Ho ja er bestaan natuurlijk zwarte profs (wat niet meer dan logisch is).
Er bestaan trouwens ook zwarte operazangers en zangeressen
Er bestaan ook domme blanken ( eveneens volkomen inpasbaar ) die een “zwart”, ongeorganiseerd en chaotisch en “gevaarlijk en profiteur” leven leiden
Bijvoorbeeld :
Sociaal , ekonomisch en cultureel onderdrukte vlamingen werden ooit beschouwd als een een “van nature” dom “onder- ras ” volgens de bourgeoisie der franskiljons ( Het woord “flamin“is in de “tegenwoordig zwarte ” Kongo en in het lingala een leen-scheldwoord om een domkop aan te duiden ) die nochtans tot hetzelfde ras “behoorden “…
Ook in de VS en de spaanse amerikas was er ” white trash” die voor het gemak meteen ook maar( gedeeltelijk) als gedegenereerde ” nigger lovers ” en/ of
zondige luiaards werden afgeschilderd …
Indianen( toch van aziatische afkomst ? ) hadden het nog slechter getroffen , die werden zeer lang als af te schieten ongedierte beschouwd )
Ik wil geenszins het bestaan van dommerikken en genieen ontkennen maar ik denk niet dat er al genetische gronden (aanwezig ) zijn , om hun
respektievelijk voorkomen als rasgebonden afdoend te onderbouwen …
En mensen die van elders instromen ?
Een zwarte, vers uit de brousse, komt hier zo simpel als een klein kind over.
Dat kan men niet ontkennen
Met 100 Eur in de week kopen ze voor 95 eur brol waar ze later in hun land niks mee kunnen en voor de overige 5 eur eten ze Aldibrood met mayonaise
Maar , ja
Blanke Amerikanen die in belgie verzeild raken doen dat dus ook …
Iedereen gaat zich trouwens hier nu ook al volproppen met junk food ( de slimmere aziaten inbegrepen ) zonder dat men onmiddelijk zwart uitslaat …
Zelfs in het zo geroemde culinaire Frankrijk …
Ik zou ze bovendien niet graag over de vloer krijgen al die inheemse europeanen die overbodig spul kopen en zich allerlei geintjes en onnodige prullen
aanschaffen … voor de gein ….
Is There a Genetic Component to “Intelligence”?
http://sandwalk.blogspot.com/2007/10/is-there-genetic-component-to.html
Wat kunnen we mogelijk leren over dit onderwerp vanuit de ( paleo)antropologie :
Waarom kunnen wij gelijkaardig genetisch bepaald intelligentie potentieel in mensen-rassen verwachten ?
OPGEPAST
Dit is slechts een kleine suggestie ; (Veel van het volgende is natuurlijk speculatief , maar wél gegrond op algemeen bekende gegevens die deze ideeen theoretisch en empirisch aan de grond kunnen zetten .)
1.-
de potentiële menselijke intelligentie is waarschijnlijk evolutionair robuust en diep genetisch-ontologisch behouden ; Dezze evolutionaire geschiedenis is verwant met de huidige reeksen belangrijke regelgevende ( sturende ) veranderingen in de hersenenontwikkeling die een echo zijn van de veranderingen die tot H erectus en recentere archaïsch Sapiens leide. (Nee : Geen macromutaties van het hopefull monster type .) –> net zoals embryologische ontwikkelingen ook de evolutionaire antecedenten en “pathways ” van andere eigenschappen suggereren …
Dit ontwikkelingsprogramma ( = development ) is (waarneembaar in de huidige ontwikkeling van de extante individuele mens doorheen alle levensfasen ) vrij stevig en kan tegen een stootje ….. Veranderingen en afwijkingen worden dmv compensatoire redundante en reserve – mechanismen gecounterd ( bijvoorbeeld ook net zoals een voertuig met acht wielen gemakkelijker een klapband kan opvangen ) om alzo uit te monden bij een ruwe ( ook gelijkaardige ) functionele intelligentie gelijkwaardigheid tussen verschillende individuele mensen van alle rassen … tijdens de ontwikkeling onder verschillende omstandigheden
a) Een diepe verminkende genetische mutaties of een somatische genetische verandering ( millieu interieur / apoptosis , kanker ) of een doodgewoon ontwikkelings-ongeluk van somatische of environmentale aard ( millieu exterieur –> bijvoorbeeld een vergiftiging )… resulteert in onleefbaarheid en/ of een ernstige stoornis.
b) Daarom , zullen de meeste niet- pathologische genetische varianten minder belangrijk of een onbelangrijk effect hebben op de intelligentie en zelfs kunnen de hersenen -ontwikkelingssysteem daardoor misschien als buffers opgetreden zijn die mogelijke genetische verschillen in die bepaalde mentale mogelijkheden tussen de rassen teniet deden ….
Iets als : ” een groot aantal verschillende wegen leiden naar Rome” ? …Uiteindelijk gaat het om een montage ( = development programma ) dat uiteindelijk geautomatiseerd en zelfregulerend is ( = cybernetisch inrichtingen ) geraakt en uitkomt bij een bepaald doel ( net zoals een telegeleide raket )ongeacht de accidents de parcours en de vele supplementaire erbij gevoegde gadgets ….
De menselijke hersenenontwikkeling impliceert somatische selectiemechanismen om de hersenengroei en structuur met het lichaam en het sociale en ecologische milieu te coördineren. (Zie Deacon, Purves, Edelman, Hull…)
2.-
Sommigen hebben gewezen op het feit dat de belangrijkste selectieve kracht die evolutie van de intelligentie drijft en handhaaft niet het fysieke milieu is , maar wel het ” Red Queen effect ” ( en de sociale omgevingen ) , waarbij concurentie en samenwerking met andere leden van de species belangrijk waren _____verwante modellen zijn Sociaal IQ, Machiavellistische intelligentie, de Hypothese van het effect van roddel , status en imago building , bepaalde vormen van sexuele selectie ? de “parende geest “van Geoffrey Miller ____.'(allemaal ruwweg gelijkwaardig in diverse verschillende globale ecosystemen waarin de mens leef(de) en zich aanpaste ) De gemeenschap van taal-gebruikende primaten ( = erg vergrote en plastische communicatie en informatie capaciteiten ) veroorzaakte een universeel eenvormig selectiedruk milieu van toepassing op alle rassen ….
* De belangrijkste beperking die de hersenen en schedelgrote bepalen is het vrouwelijke bekken, wat ook locomotorisch en universeel is.
* Maar Het ontbreken van een stijgende tendens in hersenengrote gedurende de laatste 500.000 jaar wijst erop dat de selectie van de intelligentie niet is te correleren met de normale varianten van de hersenengrote .
* De “rassen” verschillen in hersengrote en vorm zijn hoofdzakelijk toe te schrijven aan de Regel van Bergman ( die is verbonden met klimaatomstandigheden )
Andere indicaties om te kunnen geloven dat de rassen ruwweg een gelijkwaardig potentieel voor intelligentie bezitten : zijn
1)De Moderne Homo sapiens is ongeveer 200.000 jaar onstaan , maar de beschaving (intensieve landbouw en de staat) is slechts een paar duizend jaar oud.
2) De menselijke talen zijn allemaal even structureel complex. er is een universele grammatica ( Noham Chomsky )
3) De Afrikaanse staten van de kushieten , Ibo , yarouba etc … bewijzen de vroege beschavingscapaciteiten van zwarte … Om van de ( vermeende ) connecties met het egyptische rijk ( choum / het mythische Sheba ) nog maar te zwijgen

Over tsjok45
Gepensioneerd . Improviserend jazzmuzikant . Instant composer. Jamsession fanaat Gentenaar in hart en nieren

One Response to MENSENRASSEN

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: