MAMMOET en olifanten evolutie


°

 

 

0 0

°°

 De Mammoet

Tijdens de laatste ijstijd bestond Europa voor een groot deel uit toendra en steppe .Grote boomloze vlakten waar grote kuddes groot wild leefden. Veel van de diersoorten die toen in Europa leefden zijn nu uitgestorven.

De bekendste van deze diersoorten is waarschijnlijk de mammoet. De mammoet stierf in Europa uit vlak na het einde van de laatste ijstijd. Waarschijnlijk heeft het veranderende klimaat een grote invloed gehad op het uitsterven, maar ook overbejaging door de mens heeft mogelijk meegespeeld.

De Neanderthalers waren 12.000 jaar geleden natuurlijk al uitgestorven, maar ook zij jaagden op de mammoet. Het lot van de mammoet is sterk verbonden aan dat van de Neanderthalers, het veranderende klimaat en de komst van de moderne mens heeft geen van beide goed gedaan

Mammuthus primigenius   =  Wolharige mammoet 135,000-11,000 miljoen jaar geleden  Van het oude Russische woord “mammoet” voor deze dieren – betekent mogelijk “aardmol”, aangezien men geloofde dat de dieren ondergronds leefden en stierven zodra ze met licht in aanraking kwamen (hetgeen verklaarde waarom ze altijd dood of halfbegraven gevonden werden).

Herbivoor – grassen en zeggen, soms zachte twijgen.

De wolharige mammoet, Mammuthus primigenius, is bekend van botten en bevroren karkassen die zijn gevonden in een groot gebied van Ierland tot de oostkust van Noord-Amerika. De best bewaard gebleven karkassen komen uit Siberie.

Details:

Honderden jaren lang werden mammoetbeenderen beschouwd als de overblijfselen van reuzen. Zo’n 300 jaar geleden werd vastgesteld dat ze tot de olifantenfamilie behoorden, hetgeen tot nog meer verwarring leidde – wat deden ze in zo’n koud klimaat? Uiteindelijk bedacht de beroemde anatoom Georges Cuvier dat de mammoetbeenderen toebehoorden aan een uitgestorven olifantsoort. Ze zijn vrij gemakkelijk te reconstrueren aan de hand van de goed bewaard gebleven overblijfselen en hun DNA

 

 


Stamboom  van de olifanten  / het Natuurhistorisch Museum Rotterdam (bibliotheek van het museum )

Olifanten behoren tot de Proboscidea of slurfdragers. De slurfdragers zijn ontstaan in het Vroeg-Tertiair (50 miljoen jaar geleden) uit de voorhoefdieren.
De oerslurfdragers waren veel kleiner dan de olifant (ongeveer ter grootte van een dwergnijlpaard).
Ze hadden nog geen slurf.
De Moeritherium was één van de eerste slurfdragers.

Zo’n dertig miljoen jaar geleden ontstonden grotere slurfdragers.
Ze hadden al een kleine slurf en maalkiezen.

Vijf miljoen jaar geleden is de familie Elephantidae ontstaan, waartoe zowel de huidige olifanten (de Afrikaanse en de Aziatische olifant) als de mammoeten behoren.

De wolharige mammoet is dus niet de voorouder van de olifant:
ze zijn nauw aan elkaar verwant, hebben dezelfde gemeenschappelijke voorouders maar hebben zich langs verschillende lijnen ontwikkeld.


Links:
Alles over olifanten
Mammoeten en mastodonten
Mammoeten
Max Planck Instituut

Evolutiegeheim olifanten ontrafeld

25 juli 2007Een aantal wetenschappers meent nauwkeurig te hebben berekend wanneer de wegen van de Afrikaanse en de Aziatische olifant van elkaar scheidden.

De twee olifantsoorten hebben gemeenschappelijke voorvaderen die ruim 7,5 miljoen jaar geleden de aarde bevolkten, aldus wetenschappers uit de VS, Duitsland en Zwitserland.

Slagtanden
Zij vergeleken genetisch materiaal van beide soorten met materiaal van de uitgestorven harige mammoet en de mastodont.

Deze diersoorten leken uiterlijk veel op elkaar met hun harige vacht en grote slagtanden, maar genetisch gezien verschilden ze onderling echter veel en zijn ze slechts verre verwanten van de huidige olifant

olifant1420jong

Afrikaanse olifant  met jong

De Afrikaanse olifant is veel groter dan zijn Aziatische tegenhanger. Het dier staat bekend om de grote klapwiekende oren en zowel het mannetje als het vrouwtje hebben lange ivoren slagtanden. Bij de Aziatische olifant hebben alleen de mannetjes slagtanden.

Genetische stamboom
Het genetisch materiaal van de mastodont was tot op heden nauwelijks onderzocht, maar dat kon nu dan toch door een fossiele tand te bestuderen die werd gevonden in een rivier in Alaska.

Door de genetische samenstelling van de mastodont te vergelijken met die van de huidige olifantsoorten kon er een stamboom worden gemaakt.

Hieruit blijkt dat de Afrikaanse olifanten zo’n 7,6 miljoen jaar geleden begonnen af te wijken van zowel de Aziatische olifant als van de mammoet. Een miljoen jaar later gingen ook de Aziatische olifant en de mammoet ieder hun eigen weg.

 “Het leuke van de mastodont is dat we nu vrij nauwkeurig weten wanneer het begon af te wijken van de olifant en de mammoet,” zegt Dr. Michael Hofreiter van het Max Planck Instituut in Leipzig.

Daardoor konden we ook bepalen wanneer de mammoet en de beide olifantsoorten uit elkaar groeiden. Dat gebeurde in Afrika op hetzelfde moment waarop ook mensen, chimpansees en gorilla’s van elkaar gingen verschillen.”

Dat laatste geeft volgens Hofreiter aan dat er wellicht een klimaatverandering was die ervoor zorgde dat zowel de olifanten als de mensen evolueerden tot wat en wie ze nu zijn.

UPDATE

Twee soorten niet langer een  wo 22-12-2010

http://noorderlicht.vpro.nl/noorderlog/bericht/44311012/

http://noorderlicht.vpro.nl/artikelen/40875454/

http://noorderlicht.vpro.nl/noorderlog/bericht/25473142/

 

De Afrikaanse savanneolifant en de bosolifant behoren niet tot dezelfde soort, maar zijn al langer van elkaar afgesplitst dan mens en chimpansee.

In Afrika leven de savanneolifant en de bosolifant. Het meest duidelijke verschil tussen de twee is formaat en gewicht. De savanneolifant heeft met 3,5 meter gemiddeld een meter meer schouderhoogte dan de bosolifant. En met een gewicht van zes tot zeven ton is hij ook twee keer zo zwaar. Ondanks deze verschillen dachten onderzoekers dat het ging om twee verschillende populaties van de Afrikaanse olifant.

De Afrikaanse bosolifant is erkend als een aparte soort, die al miljoenen jaren geleden is afgesplitst van de grotere savanneolifant. [Foto Nicholas Georgiadis]

Een kleine tien jaar geleden werd geopperd dat het ook twee verschillende soorten zouden kunnen zijn. Onderzoekers uit Amerika en Engeland leveren daarvoor op basis van DNA onderzoek nu het meest doorslaggevende bewijs.

Het onderzoek staat deze week in

http://www.plosbiology.org/article/info%3Adoi%2F10.1371%2Fjournal.pbio.1000564

De onderzoekers vergeleken het DNA van de savanneolifant en de bosolifant uit Afrika met dat van de Aziatische olifant en twee uitgestorven soorten: de wolharige mammoet en de mastodont.

De meest opmerkelijke uitkomst is dat het DNA van de Afrikaanse savanneolifant en de bosolifant net zo verschillend is als het DNA van de Aziatische olifant en de mammoet.

De afsplitsing van de savanne- en de bosolifant vond 6,6 tot 8,8 miljoen jaar geleden plaats. Dat was ongeveer rond dezelfde tijd dat de Aziatische olifant en de mammoet (5,8 tot 7,8 miljoen jaar geleden) zich afsplitsten. En nog langer geleden dan de afsplitsing tussen mens en chimpansee, zo’n vijf tot zes miljoen jaar geleden.

Uit de DNA-analyse bleken bovendien grote verschillen in genetische diversiteit.

Bij de Afrikaanse savanneolifant evenals de mammoet is de genetische diversiteit heel laag, bij de Aziatische olifant gemiddeld, en bij de Afrikaanse bosolifant juist heel hoog. Dat komt door het verschil in mannelijke competitie bij de voortplanting, denken de onderzoekers. Het team vindt dat de twee olifantsoorten in Afrika ook vragen om een andere beschermingsaanpak. Sinds 1950 wordt de Afrikaanse olifant beschermd als één soort, maar volgens de onderzoekers wordt de bosolifant meer acuut in zijn voortbestaan bedreigd dan de savanneolifant.

(Paul Schilperoord)

Bedenkingen (subspecies ? of twee aparte species ?)

http://whyevolutionistrue.wordpress.com/2011/01/02/how-many-species-of-elephant/

Het DNA van de uitgestorven wolharige mammoet voor het eerst ontcijferd  in  2005

Wetenschappers hebben het volledige mitochondriale DNA van de uitgestorven wolharige mammoet ontcijferd.in 2005    : Op basis van 200 milligram beendermateriaal en een nieuwe onderzoekstechniek. ‘

‘Nu weten we met zekerheid we dat deze mammoetsoort meer verwant was met de Aziatische dan met de Afrikaanse olifant’, zegt onderzoeker Michael Hofreiter.

De wolharige mammoet, Mammuthus primigenius, is de bekendste van alle mammoetsoorten.

Het dier leefde 600.000 jaar geleden in het pleistoceen in de berekoude toendra- en permafrostgebieden van noordelijk Europa, Azië en Noord-Amerika. De haren van zijn dikke vacht borstelden de grond en beschermden hem tegen extreme koude. Omdat tijdens de ijstijd veel water bevroor, kon de soort zich verspreiden over grote delen van de wereld.

Botten en bevroren karkassen werden gevonden in een groot gebied van Ierland tot de oostkust van Noord-Amerika. De best bewaard gebleven karkassen komen uit Siberië.

Het dier werd maximaal 35 jaar oud.
Hoewel er al wat DNA-materiaal van die mammoetsoort onderzocht werd, bleek het tot nog toe erg moeilijk om een relevante DNA-ketting van een van die soorten te reconstrueren. De vijfduizend DNA-letters die Duitse, Amerikaanse en Britse wetenschappers nu opstelden, bevatten de genetische code van de mitochondriën van de wolharige mammoet.

“Dat zijn de celonderdelen die zorgen voor de energievoorziening van het lichaam”, zegt Michael Hofreiter van het Max Planck Instituut voor Evolutionaire Antropologie in Leipzig.
“Wij hadden genoeg aan 200 milligram mammoetbot en vergeleken het DNA met dat van de olifant, de dugong of Indische zeekoe en de hyrax, een cavia die verwant is aan de olifant.”


Was het moeilijk om het DNA bijeen te puzzelen?
Michael Hofreiter: “Met de nieuwe methode niet. Hoewel het DNA gefragmenteerd was, beperkt in omvang en wat beschadigd.We konden 46 stukken DNA-sequentie aan elkaar rijgen tot het volledige mitochondriale DNA, dat is DNA dat altijd langs moeders zijde wordt doorgegeven. Het is heel handig om evolutionaire relaties tussen verschillende soorten te bestuderen.”

Wat heeft het DNA u geleerd?
“Het bevestigt dat deze mammoet meer verwant was aan de Aziatische dan aan de Afrikaanse olifant. Hij verschilt genetisch 4,2 procent van de Aziatische olifant. Samen verschillen ze ongeveer 4,5 procent van de Afrikaanse olifant. De drie groepen gingen ruim zes miljoen jaar geleden uit elkaar van een gemeenschappelijke voorouder.De Aziatische olifant en de mammoet gingen een half miljoen jaar later uit elkaar.”

Opent dit de weg naar het klonen van een mammoet?
Dat is mooi in de populaire literatuur maar absoluut onmogelijk.”


Is er al DNA van andere uitgestorven soorten gereconstrueerd?
“Antropologen uit Oxford zijn er vier jaar geleden voor het eerst in geslaagd om het DNA van de moa, de dinosaurus van de vogels, te reconstrueren.De soort stierf vijfhonderd jaar geleden uit. Onze nieuwe techniek opent perspectieven voor vele andere soorten.

trekroutes en ontwikkeling van de mammoeten
de wolharige mammoet
skelet van de wolharige mammoet
de zuidelijke mammoet
de steppenmammoet
mammoetkiezen
voedsel mammoet 
vondsten van mammoetfossielen
de dwergolifant
Laat Pleistoceen – het landschap tijdens de laatste ijstijd

DNA van mastodont in kaart gebrachthttp://www.geo.uu.nl/ngv/geonieuws/geonieuwsart.php?artikelnr=840

Het wordt, in tegenstelling tot wat lang door biochemici is gedacht, steeds duidelijker dat DNA de tand des tijds lang kan doorstaan. Daarvoor moet het echter wel goed zijn ‘opgeborgen’, zodat het niet aangetast kan worden. Inmiddels is duidelijk geworden dat het DNA van prehistorische mensen vaak (grotendeels) onbeschadigd kan worden teruggevonden in hun kiezen. Nu blijkt dat ook voor andere dieren te gaan. Onlangs is het DNA in kaart gebracht dat in het mitochondrium (een structuur binnen een cel die onder meer een rol speelt bij de energieverzorging, en die zijn eigen – kleine – stelsel van genen heeft) van een kies van een mastodont is aangetroffen. De ouderdom van de kies is slechts bij benadering bekend (50.000-130.000 jaar), maar met die ouderdom is het mitochondrium-DNA ervan het oudste dat tot nu toe geheel bekend geworden is. De onderzochte kies van de mastodont werd ge챦soleerd gevonden in een rivierbedding in het noorden van Alaska.



Locatie van de mastodont kies waaruit het DNA is gehaald

Deze analyse is wetenschappelijk van belang omdat het nieuw licht kan werpen op de vraag hoe de stamboom van de huidige olifanten in elkaar zit. Tot nu toe zijn er sterk uiteenlopende opvattingen over de familierelaties van de Afrikaanse en de Aziatische olifant en de wolharige mammoet. Dat komt doordat de huidige olifanten geen directe verwanten hebben: de meest nabije familieleden zijn de dugong (Indische zeekoe) en de hyrax, een in Amerika en Azi챘 voorkomend klein zoogdier dat op een knaagdier lijkt.

DE kiezen van olifantsachtigen
Nu blijkt dat de Aziatische olifant nauwer verwant is aan de mammoet dan aan de Afrikaanse olifant. Ook kon uit de analyse worden opgemaakt dat de Afrikaanse olifant zich omstreeks 7,6 miljoen jaar geleden afsplitste van zijn Aziatische familielid en van de mammoet. De afsplitsing vond plaats in Afrika, vrijwel gelijktijdig met de afsplitsing die bij de primaten plaatsvond tussen de voorlopers van de mens, de chimpansee en de gorilla’s. Dat ondersteunt de hypothese van aanpassing aan een veranderend klimaat: dat werd toen droger, de graslanden breidden zich uit en de uitgestrekte bosgebieden werden daardoor in kleinere bossen opgesplitst. De opsplitsing tussen de olifanten en de mammoeten enerzijds en de mastodont anderzijds moet al veel eerder hebben plaatsgevonden (ca. 25 miljoen jaar geleden)

°

RECONSTRUCTION MASTODON
°

.
Reconstructie van een mastodont

 

 

 

 

 

Er zijn weliswaar claims van onderzoekers die zeggen dat ze DNA hebben geanalyseerd van bacteri챘n van 100 miljoen jaar oud (zie Geonieuws 253), maar door anderen wordt nog steeds betwijfeld of dat oude DNA geen ‘verontreiniging’ afkomstig van moderne bacteri챘n is. Bij het DNA uit de mastodontkies is van verontreiniging echter zekert geen sprake.
Het oudste mitochondrium-DNA dat tot nu toe was geanalyseerd, behoorde toe aan een wolharige mammoet die 33.000 jaar geleden leefde. Verder is van uitgestorven dieren allen het mitochondrium-DNA volledig geanalyseerd van moa’s, grote loopvogels uit Nieuw-Zeeland die waarschijnlijk pas omstreeks 500 jaar zijn uitgestorven.

Referenties:
  • Rohland, N., Malaspinas, A.-S., Pollack, J.L., Slatkin, M., Matheus, P. & Hofreiter, M., 2007. Proboscidan mitogenomics: chronology and mode of elephant evolution using Mastodon as outgroup. PloS Biology 5 (8), e207 doi:10.1371/journal.pbio.0050207

http://www.plosbiology.org/article/info:doi/10.1371/journal.pbio.0050207

Wikipedia

Uitgestorven slurfdieren

A

B

C

D

E

E (vervolg)

G

M

N

P

S

W

Z

Mastodont en familie

http://noorderlicht.vpro.nl/noorderlog/bericht/25473142/

De mastodont was een harige poololifant, maar toch een heel ander beest dan de beter bekende mammoet.

Sluit dit venster

De nieuwe olifantenstamboom (PLoS Biology)

Het onderzoekers-team olv Michael Hofreiter heet het complete mitochondriale DNA van de Amerikaanse mastodont in kaart gebracht, het erfelijk materiaal dus uit de ‘energiefabriekjes’ waarvan iedere cel er veel bevat.

Dat haalden ze uit een vijftig- tot honderddertigduizend jaar oude kies, gevonden in de permanent bevroren bodem van Noord-Alaska.

De genetische vingerafdruk die dit opleverde, gebruikten ze als hulpmiddel bij het maken van de nieuwste versie van de stamboom der slurfdieren, nu gepubliceerd in vakblad PLoS Biology.

De olifantenstamboom leed altijd onder gebrek aan vergelijkingsmateriaal. Eerder werd DNA van zeekoeien en klipdassen gebruikt, maar die dieren staan eigenlijk te ver af van de moderne olifanten – 65 miljoen jaar ongeveer. De mastodont is geschikter.

Uit de nieuwe analyse blijkt volgens deze onderzoekers dat mammoeten nauwer verwant zijn aan de Indische dan aan de Afrikaanse olifanten.

Hofreiter zei dit anderhalf jaar geleden ook al, toen alleen nog op basis van mitochondriaal DNA van mammoeten en levende olifanten.

Maar tegelijkertijd claimde een andere groep, onder leiding van Hendrik Poinar, juist het tegenovergestelde, na bestudering van DNA uit de celkernen van de dieren.

Dit nieuwe bewijs maakt een einde aan de discussie, zegt Hofreiter. Nu maar afwachten of Poinar met eigen bewijzen gaat terugslaan

Sluit dit venster

Mammoetschedel in de ijsgrot. Foto: Debi Poinar, McMaster University.
Sluit dit venster
IJsgrot in de Siberische permafrost (Khatanga) waar mammoetskeletten prachtig geconserveerd zijn. Foto: Debi Poinar, McMaster University.

Mammoet-DNA uitgeplozen ( 19-12-2005 )

http://noorderlicht.vpro.nl/noorderlog/bericht/25473142/

Twee groepen onderzoekers hebben zich gebogen over het DNA van de wolharige mammoet. Volgens de ene groep is het dier verwant aan de Aziatische olifant, de andere groep ziet vooral overeenkomsten met de Afrikaanse olifant.

Een groep onderzoekers onder leiding van Hendrik Poinar bestudeerde het DNA uit de celkernen van de wolharige mammoet, voluit Mammuthus primigenius. Daarvoor gebruikten ze een stukje kaakbot van de tienduizend jaar geleden uitgestorven gigant. In het tijdschrift Science melden ze deze week dat het DNA van de mammoet grotendeels overeenkomt met dat van de Afrikaanse olifant. Zo’n 98,5 procent van het erfelijk materiaal van de twee identiek.

Een andere onderzoeksgroep, geleid door Michael Hofreiter, peuterde uit een flintertje bot het mitochondriaal DNA van de wolharige mammoet. Dat is erfelijk materiaal dat niet in de celkernen zit, maar in de mitochondrie챘n, de energiefabriekjes van de cel. Het wordt alleen via de vrouwelijke lijn doorgegeven. Op basis van de analyse van dit DNA concludeert de groep in Nature dat de wolharige mammoet juist meer verwantschap vertoont met de Aziatische olifant, een dier wat een slag kleiner is dan zijn Afrikaanse neef.

Onderzoekers ruzie챘n al een jaar of tien over de precieze afstamming van de wolharige mammoet. Algemeen wordt verondersteld dat de Aziatische en de Afrikaanse olifant zo’n zes miljoen jaar geleden zijn ontstaan uit een gemeenschappelijke voorouder. Maar over de plaats van de mammoet in de familiegeschiedenis is minder overeenstemming.

Beide onderzoeken lijken elkaar dus tegen te spreken, maar nadere bestudering leert dat dat nog valt te bezien. Van beide olifantensoorten zijn namelijk wel de DNA-volgordes van het moederlijke mDNA bekend, maar alleen van de Afrikaanse olifant is de volledige volgorde van het DNA in de celkern bekend. De groep onderzoekers die het celkern-DNA van de mammoet bestudeerden, hadden dus domweg niet de beschikking over vergelijkingsmateriaal van de Aziatische olifant

Extinct mammoth DNA decoded
Scientists Sequence DNA of Woolly Mammoth

Pleistocene dwergolifanten waren verwant aan de mammoet

Tot ongeveer 10.000 jaar geleden kwamen er op eilanden in de Middellandse Zee dwergvormen voor van diverse diersoorten, waaronder olifantachtigen. De grootte van deze dwergolifanten was niet meer dan ongeveer een kwart van die van hun voorouders en bereikten ongeveer de halve hoogte van de recente Aziatische olifant. De (verrassende) verwantschap van deze dwergolifanten met hun soortgenoten is nu vastgesteld met behulp van DNA-onderzoek. Daarvoor zijn de oudste DNA-fragmenten gebruikt die tot nu toe bekend zijn.

699a

Tweede nekwervel (atlas) van Elephas cypriotes,
een dwergolifant uit de omgeving van Aetokremnos op Cyprus

Het beschikbare DNA was minimaal, maar kon dankzij recent ontwikkelde technieken zodanig worden vermenigvuldigd dat er een bruikbare hoeveelheid van een fragment van een bepaald chromosoom beschikbaar kwam van voor diverse fossiele restanten van olifantachtigen die 800.000 tot 4.200 jaar geleden leefden, deels op de eilanden, deels op het vasteland.

°
699b


Bot van een dwergmammoet van Kreta, waarmee de dwergolifant nauw verwant was

De olifantachtigen (Elephantidae) zijn sinds het Laat-Plioceen via drie belangrijke lijnen ge챘volueerd. Het gaat daarbij om de geslachten LoxodontaElephas en Mammuthus
Loxodonta (waaronder de huidige Afrikaanse olifant) is gedurende zijn hele evolutie in Afrika gebleven. Elephas (waaronder de huidige Aziatische olifant) is tweemaal uit Afrika ge챘migreerd: de eerste maal in het Midden-Plioceen, toen dit geslacht zich naar Azië uitbreidde (Elephas maximus), en een tweede keer – in het Laat-Plioceen – naar zowel Azi챘 als Europa, waar de doodlopende weg van Elephas antiquus werd ingeslagen.Mammuthus migreerde in het Laat-Plioceen uit Afrika en verspreidde zich vervolgens snel over Europa, Azië en Noord-Amerika.

699c


Klif van de Gier bij Aetokremnos, waarin de grot met de restanten van dwergolifanten
en dwergnijlpaarden (en prehistorische bewoning).

Het blijkt dat olifantachtigen die geïsoleerd raakten op eilanden zonder grote roofdieren, al snel dwergvormen ontwikkelden. De schouderhoogte ging daarbij de anderhalve meter vaak niet teboven. Reden kan zijn dat bij schaars voedsel dwergvormen een betere overlevingskans bieden. Dwergvormen in de Middellandse Zee ontwikkelden zich zowel in het westen (onder meer Sardini챘, Sicili챘 en Malta) als in het oosten (onder meer Kreta, de Cycladen en Cyprus). Deze dwergvormen uit de Middellandse Zee hadden een onbekende herkomst. Volgens een van de hypotheses stamden ze af vanElephas antiquus; volgens een andere van Mammuthus.

Het nu uitgevoerde DNA-onderzoek toont aan dat beide hypotheses (ten dele) juist zijn. De dwergolifanten van Tilos en Cyprus blijken tot Elephas te behoren, maar die van Kreta behoren tot Mammuthus. De naam Elephas creticus die aan de dwergvorm van Kreta is gegeven, is dus onjuist. Het gaat niet om een dwergolifant maar om een dwergmammoet, die de naam Mammuthus creticus zou moeten hebben.

Referenties:
  • Poulakakis, N., Parmakelis, A., Lymberakis, P., Mylonas, M., Zouros, E., Reese, D.S., Glaberman, S. & Caccone, A., 2006. Ancient DNA forces reconsideration of evolutionary history of Mediterranean pygmy elephantids. Biology Letters, doi:10.1098/rsbl.2006.0467.

Foto van het fossiel welwillend ter beschikking gesteld door Nikos Poulakakis, Natural History Museum of Crete, University of Crete, Irakleio (Kreta).

http://www.geo.uu.nl/ngv/geonieuws/geonieuwsart.php?artikelnr=699

Twijfel aan minimammoet

http://noorderlicht.vpro.nl/noorderlog/bericht/30881681/

De conclusie dat het dwergolifantje dat achthonderdduizend jaar geleden op Kreta leefde een mammoetje was, berust op broddelwerk, zeggen critici.

‘Opmerkelijk’ en ‘interessant’ zijn de woorden die Jonas Binladen en zijn Deense collega’s gebruiken in het tijdschrift Biology Letters, maar eigenlijk bedoelen ze ‘ongeloofwaardig’ en ‘absurd’. Het DNA dat Kretenzische onderzoekers onder leiding van Nikos Poulakakis ge챦soleerd zouden hebben uit een oeroud olifantenribje op hun eiland, had nooit intact kunnen blijven bij de hoge temperatuur die daar heerst, menen ze. De beschreven techniek deugt bovendien niet, dus het resultaat kan eigenlijk alleen maar onzin zijn, aldus deze critici.

Het vermeende mammoet-DNA, 43 letters lang, is bovendien niet uniek voor die wollige tak van de olifantenfamilie: de Afrikaanse olifant heeft exact dezelfde volgorde in zijn genenkaart zitten. Ook een groep Franse onderzoekers wijst daarop en vindt 43 baseparen veel te weinig om conclusies te trekken. Deze onderzoekers vrezen dat de te vroeg juichende Kretenzers het onderzoek naar oer-DNA in diskrediet hebben gebracht, waardoor musea minder geneigd zullen zijn om materiaal af te staan.

Onder de titel ‘Het blijft een mammoet DNA fragment’ verdedigen Poulakakis en collega’s zich. Ze geven toe dat de beschrijving van hun technieken niet duidelijk was, maar houden vol dat het werk zelf wel deugde, en de conclusie dus ook. Binnenkort hopen ze meer oer-DNA uit de olifantenbotjes tevoorschijn te halen om daarmee hun critici de mond te snoeren

Sluit dit venster

Op Kreta leefden dwergolifantjes, dat staat vast. Maar of het werkelijk mammoetjes waren, wordt ernstig betwijfeld. (Foto Peter Maas) 

zie ook  De minimammoet van Kreta/Dwergolifant geeft piepklein stuk DNA prijs       

http://noorderlicht.vpro.nl/artikelen/27989818/

Wetenschappers hebben op Kreta een extreme dwergmammoet ontdekt. Het dier was slechts één meter hoog en woog ‘maar’ 300 kilo.

Dat melden wetenschappers van het Natural History Museum in Londen. Ze beschrijven hun vondst in het blad Proceedings of the Royal Society B.

Fossiele resten
De onderzoekers konden de mammoet identificeren aan de hand van fossiele resten. Deze werden al in 1904 op Kreta teruggevonden, maar nu pas bleek dat het om een gloednieuwe soort mammoet gaat die ook nog eens de kleinste van zijn soort is. De mammoet heeft de naam Mammuthus creticus gekregen.

Voorouders
De onderzoekers probeerden direct te achterhalen waar de mammoet precies vandaan kwam.

Waar was deze ontstaan? Eerst dachten ze dat hij afstamde van de Palaeoloxodon antiquus, een olifant waar alle dwergolifanten vanaf stammen. Maar al snel bleek dat de fossiele resten niet aan een olifant, maar aan een mammoet toebehoorden.

De mammoet bleek het meest weg te hebben van de Mammuthus meridionalis: een mammoet die zo’n 2,5 miljoen tot 800.000 jaar geleden in Europa voorkwam. “Maar we konden ook een andere soort niet uitsluiten,” vertelt onderzoeker Victoria Herridge.

“Namelijk M. rumanus. Dit is de eerste mammoetsoort die in Europa is teruggevonden.” De mammoet leefde ongeveer 3,5 miljoen jaar geleden.

“Dit betekent dat de voorouder van M. creticus Kreta mogelijk 3,5 miljoen jaar geleden al bereikt zou hebben.”

V.l.n.r.: fossiele resten van de poot van M. creticus. Een tand van M. creticus in vergelijking met een tand van een grote mammoet. En daarnaast nogmaals de tand van M. creticus. Foto’s: Natural History Museum.

Kleintje
Dat de mammoet op Kreta steeeds kleiner werd, is logisch. Daarmee gehoorzaamde de soort aan de Wet van Foster. Volgens deze wet passen dieren zich aan de hoeveelheid grondstoffen en roofdieren in een gebied aan. Op een eiland resulteert dat er vaak in dat de dieren kleiner worden. Simpelweg omdat er te weinig voedsel is. Andere diersoorten worden juist groter, omdat er ook minder roofdieren voorkomen. Welk pad de M. creticus koos, moge duidelijk zijn. Toch willen de onderzoekers de mammoet eigenlijk geen dwerg noemen. Het was eerder een extreme dwerg. En het is voor het eerst dat een mammoet wordt gevonden die zich op een eiland tot een extreem kleine soort heeft ontwikkeld.

Niet wolharig
Wanneer wij aan mammoeten denken, denken we eigenlijk automatisch aan de bekendste soort: de wolharige. Maar dat was M. creticus niet.

“Er was een serie mammoetsoorten die de wolharige mammoet voorging en wij denken dat M. creticus van deze exemplaren afstamde,” vertelt onderzoeker Adrian Lister. Waarschijnlijk had het dier dan ook geen wolharige vacht.

Er is nog genoeg voer voor een vervolgonderzoek. Zo zouden de wetenschappers graag nog willen achterhalen wanneer M. creticus precies leefde en hoe hij op Kreta is terechtgekomen.

Kleinste dwergmammoet ooit geeft verrassende inzichten

 Steven Alen
10/05/12 – Huffington Post

 

Beenderen die werden opgegraven op het Griekse eiland Kreta behoren toe aan de kleinste dwergmammoet ooit gevonden, stellen onderzoekers in het wetenschappelijke tijdschrift Proceedings of the Royal Society B.

De ontdekking is erg interessant voor het onderzoek naar biologische dwerggroei, een fenomeen waarbij een soort evolueert naar kleinere afmetingen. Die evolutie is al meermaals vastgesteld bij dieren – waaronder ook mensen – die vast komen te zitten op eilanden. Wetenschappers denken dat de kleinere afmetingen hen zo helpen beter te overleven op dergelijke geïsoleerde plaatsen.

Lees ook

 Paleontologe Victoria Herridge met tanden van de dwergmammoet. © Natural History Museum Londen.

Extreem
Mediterraanse dwergolifanten zijn een bijzonder extreem voorbeeld van dat fenomeen, omdat wordt vermoed dat ze zich in amper 800.000 jaar – peanuts vanuit evolutionair oogpunt – ontwikkelden uit grote kolossen die maar liefst honderd keer zoveel wogen en op het Europese vasteland leefden. “Hoe kan iets zo groot zo’n kleine dwerg worden?”, vraagt paleontologe Victoria Herridge van het Natuurhistorisch Museum in Londen zich af.

De tien jaar geleden opgegraven beenderen van Kreta zijn een ideaal onderzoeksobject voor deze vraag. De wetenschap was er lang niet over uit of ze toebehoorden aan een dwergolifant of een dwergmammoet, die gekrulde slagtanden heeft. Recentere opgravingen van tanden en een voorpoot uit hetzelfde gebied brachten echter duidelijkheid: het ging om een dwergmammoetsoort die amper 1,1 meter groot was op schofthoogte. Het dier woog zo’n 310 kilogram, waardoor het wat leek op een moderne babyolifant. Het ging trouwens niet om een harige mammoet, benadrukt Herridge. “We denken dat deze dwerg beter aangepast was aan warme omgevingen.”

Eerste dwergmammoet
De dwergmammoet is het eerste bewijs van extreme biologische dwerggroei bij mammoeten. De dieren zouden in grootte vergelijkbaar geweest zijn met dwergolifanten op Sicilië en Malta, die ook ongeveer een meter groot waren en zo’n 240 kg wogen. De fossielen suggereren dat de dwergmammoet afstamde van een van de eerste mammoetsoorten die van Afrika naar Europa migreerden, en dat de dwergmammoeten al veel vroeger ontstonden dan eerst gedacht – tot zelfs 3,5 miljoen jaar geleden.

“Nu we dit weten, kunnen we grotere vragen stellen,” aldus Herridge, “zoals waarom, hoe en hoe snel de biologische dwerggroei hier plaatsvond. Het is een boeiende periode voor Kreta, omdat het destijds mogelijk bestond uit kleinere eilanden, kleiner dan vandaag. Dat is een interessante overweging voor de extreme biologische dwerggroei die we hier zien.”

“Mammoet werd uitgeroeid door groei bossen”

De mammoet, een van de grootste zoogdieren die ooit op de Aarde rondliep, stierf niet uit door de schuld van jagers, zoals vaak wordt gedacht. Volgens de Sunday Telegraph stierven de reusachtige dieren in werkelijkheid uit door de opmars van de bossen.Aan het einde van de laatste IJstijd, zo’n 10.000 jaar geleden, maakten de bevroren graslanden waarop de mammoets graasden geleidelijk aan plaats voor bossen zodat de wollige reuzen zich niet meer konden voeden, aldus professor Adrian Lister, een paleobioloog die is verbonden aan het Londense University College en die wordt beschouwd als een van de topexperts over de IJstijd.
Lister leidt dit volgens de Britse zondagskrant at af uit DNA-onderzoek op honderden fossielen. Daaruit blijkt dat de genetische verschillen tussen de individuele mammoets zo klein waren, dat de dieren niet in staat waren zich aan te passen aan de veranderde omstandigheden.

Tijdens een bijeenkomst van het Paleontolologisch Genootschap, die deze week in Zweden begint, zal hij brandhout maken van bestaande theorieën die ofwel té doeltreffende jagers, ofwel de stijgende temperaturen op zichzelf als oorzaak aangeven voor het verdwijnen van de mammoet.“Halfweg de laatste IJstijd, zo’n 30.000 jaar geleden, waren er op Aarde miljoenen mammoets, die zo’n zeven miljoen jaar eerder in tropisch Afrika ontstonden, naar noordelijke streken trokken en zich daar perfect aanpasten aan de koude. Maar zo’n 20.000 jaar later waren ze vrijwel volledig van de aardbodem verdwenen. Want naarmate grotere delen van het aardoppervlak werden bedekt door bossen, werd de mammoet verdreven uit zijn vertrouwde habitat. Omdat ze zich wel konden aanpassen aan klimaatsveranderingen, maar niet aan een andere vegetatie”, zo citeerde de Sunday Telegraph de wetenschapper.
(belga/ka)

Mammoeten en meteorieten

 Een van de mammoetslagtanden. (Firestone e.a.)
Sluit dit venster
Sluit dit venster

Er zaten honderden brandgaatjes in. (Firestone e.a.)

12 12  2007  http://noorderlicht.vpro.nl/noorderlog/

Een meteorietenregen heeft ruim dertigduizend jaar geleden zijn sporen nagelaten in de slagtanden van mammoeten.

Scheikundige Richard Firestone en amateur-geofysicus Allen West presenteerden gisteren zeven bijzondere mammoetslagtanden en een bizonschedel op een bijeenkomst van de American Geophysical Union in San Francisco. De stevige fossielen zijn bezaaid met gaatjes, steevast aan de bovenkant. Het zijn de sporen van een hemels bombardement, menen de twee onderzoekers. In de gaatjes troffen ze namelijk brokjes materiaal aan met exact dezelfde samenstelling als ijzerrijke meteorieten.

De vondsten zijn het resultaat van een gerichte zoekactie. West wilde bewijs vinden voor de stelling dat de grote zoogdieren en de toenmalige menselijke bewoners van Noord-Amerika dertienduizend jaar geleden weggevaagd werden door een meteorietinslag. Misschien zou hij daarvan fragmenten kunnen vinden in slagtanden of geweien. Toen hij er een met een brandgaatje vond, pakte hij een magneetje. En ja hoor, in het ivoor bleek een ijzerhoudend object te zitten.

Verder speurwerk in een pakhuis vol mammoetslagtanden leverde nog meer geperforeerde stukken slagtand op. Analyse van hun ouderdom wees uit dat ze niet dertienduizend, maar meestal tussen de dertig- en vierendertigduizend jaar oud waren. De onderzoekers denken dat al deze micro-inslagen het gevolg waren van 챕챕n grote inslag. Ze hopen dat verzamelaars en musea meer gaatjes zullen vinden, zodat de datum daarvan preciezer vastgesteld kan worden.

Elmar Veerman

http://ie.lbl.gov/Mammoth/Impact.html

http://www.nature.com/news/2007/071212/full/news.2007.372.html

http://www.canadafossils.com/mammoth_tusk.html

Evolutie van de mammoet

http://www.natuurinformatie.nl/asp/page.asp?alias=nnm.dossiers&id=i002217&view=natuurdatabase.nl

De oorsprong van de mammoet ligt al zo’n 50 miljoen jaar terug in het verleden. Toen ontstonden de eerste slurfdragers, de diergroep waartoe de mammoet behoort. De directe voorouder van de mammoet, Mammuthus africanavus, ontstond vier miljoen jaar geleden in Afrika. Uit deze soort ontwikkelden zich achtereenvolgens drie nieuwe mammoetsoorten: de Zuidelijke mammoet (2,3 tot 1 miljoen jaar geleden), de Steppemammoet  (1 miljoen tot 300.000 jaar geleden), en de Wolharige mammoet (300.000 tot 10.000 jaar geleden). Met het uitsterven van de Wolharige mammoet kwam de mammoetlijn ten einde.

 

 

 Mammoetskelet in Naturalis

Mammoetskelet in Naturalis

Skelet van een mammoet 

 

Slurfdragers

Slurfdragers (Proboscidea) zijn in het Vroeg-Tertiair (50 miljoen jaar geleden) ontstaan uit de voor-hoefdieren. De oudste fossiele resten stammen uit het Eoceen en zijn gevonden in Noord-Afrika. Oerslurfdragers waren dieren die ongeveer even groot waren als een dwergnijlpaard of een tapir. Ze hadden nog geen slurf maar hadden wel al vergrote snijtanden. De eerste slurfdragers worden Moeritherium genoemd. Sommige wetenschappers zien Moeritherium echter als een zijtak, waarvan de vertegenwoordigers mogelijk meer verwant zijn aan zeekoeien.

30 miljoen jaar geleden ontstonden er grotere slurfdragers. De snijtanden van deze soorten hadden al meer weg van slagtanden. Ze hadden een kleine slurf en ook de kiezen begonnen meer op die van de mammoet te lijken. 5 miljoen jaar geleden is de familie van de Elephantidae ontstaan, waartoe zowel de huidige olifanten als de mammoeten behoren.

Toch kun je niet zeggen dat de mammoet de voorouder is van de olifant. Olifant en mammoet zijn met elkaar verwant omdat ze een gemeenschappelijke voorouder hebben, maar ze hebben zich langs verschillende lijnen ontwikkeld.

Wolharige mammoet

De mammoeten die in Nederland hebben geleefd, zijn ontstaan uit Mammuthus africanavus. Deze olifantensoort kwam voor in Noord-Afrika, aan het  eind van het Tertiair (3-4 miljoen jaar geleden). De zuidelijke mammoet  leefde in een tropisch tot subtropisch klimaat. Hij had laagkronige kiezen, geschikt om zacht plantaardig voedsel mee te vermalen. Waarschijnlijk was de zuidelijke mammoet speciaal aan het  warme klimaat aangepast, met weinig beharing en met grote oren die snel warmte afstaan aan de buitenlucht en zo het lichaam koelen, net als bij de Afrikaanse olifant van tegenwoordig

Uit Mammuthus africanavus ontwikkelde zich de Zuidelijke mammoet, Mammuthus meridionalis. Deze mammoetsoort leefde in het Vroeg-Pleistoceen (2,3 tot 1 miljoen jaar geleden) in delen van Azi챘 en Europa, waaronder Nederland.

Rechter onderkaakskies van de Zuidelijke mammoet, opgevist uit de Oosterschelde

Rechter onderkaakskies van de Zuidelijke mammoet, opgevist uit de Oosterschelde

Mammuthus meridionalis leefde gedurende een warme periode op open vlakten. De kiezen waren breed en laagkronig. Na verloop van tijd werd het klimaat kouder en veranderde het beschikbare voedsel van zacht plantaardig materiaal, zoals bladeren en twijgen, in hardere grassen. Door de veranderingen in het voedsel waren de kiezen van de Zuidelijke mammoet onderhevig aan sterke slijtage.Uit de Zuidelijke mammoet ontwikkelde zich uiteindelijk een soort met hogere kiezen en meer lamellen. Dieren met hoge kiezen waren in het voordeel, omdat deze kiezen verder konden afslijten en dus langer mee gingen. Door het toenemende aantal lamellen kon het harde plantaardig materiaal bovendien gemakkelijker vermalen worden. De Zuidelijke mammoet ontwikkelde zich geleidelijk tot de Steppemammoet, Mammuthus trogontherii. Deze  mammoetsoort leefde in de koude periodes van het Midden-Pleistoceen (van 1 miljoen jaar tot 300.000 jaar geleden), in een open graslandschap. Waarschijnlijk had deze mammoet kleine oren en sterke lichaamsbeharing, vanwege het koudere klimaat.

Mammoetkiezen in de collectie van Naturalis

Mammoetkiezen in de collectie van Naturalis

Aan het eind van het Midden-Pleistoceen, 300.000 jaar geleden, gaat de Steppemammoet over in de Wolharige mammoet, Mammuthus primigenius. In Nederland kwam de Wolharige mammoet voor van 200.000 jaar geleden tot 10.000 jaar geleden. Het klimaat was koud en droog. De mammoet leefde op de zogenaamde mammoetsteppe: een koude, open vlakte die op het hele noordelijk halfrond te vinden was.

De kiezen van de mammoet waren inmiddels nog hoger geworden en het aantal lamellen nam verder toe. Door vondsten van ingevroren kadavers en grottekeningen weten we dat de Wolharige mammoet goed was aangepast aan koude omstandigheden. Om warm te blijven had de Wolharige mammoet  kleine oren en een zwaar behaard lichaam.

Mammoeten op de mammoetsteppe

De laatste mammoeten

Zo’n 10.000 jaar geleden werd het klimaat plotseling warmer. De aan de koude aangepaste vegetatie van de mammoetsteppe verdween en daarmee ook de mammoet. Een restpopulatie van de Wolharige mammoet heeft zich tot zo’n 6.000 jaar geleden staande weten te houden in het uiterste oosten van Siberië, op het eiland Wrangel.

De steppenmammoet (Mammuthus trogontherii),
leefde van 1 miljoen tot 300.000 jaar geleden in een koud tot gematigd klimaat in kuddes op de steppe.
De steppenmammoet behoorde tot de grootste mammoetsoorten met een schofthoogte van meer dan 4 meter.

  

 

 

Mammuthus trogontherii  //tekening van Ko Sturkop

Mammuthus trogontherii (Pohlig, 1881); Steppenmammoet. Dit is de overgangsvorm tussen de zuidelijke en de wolharige mammoet. De geologische ouderdom is bepaald op Midden-Pleistoceen.

De “Steppenmammoet” van Edersleben
Volgens recent onderzoek van onder anderen Hans van Essen en Dick Mol is dit een zuidelijke mammoet (Mammuthus meridionalis) :
Onderzoek aan de molaren heeft uitgewezen dat we hier te maken hebben met een geavanceerde vorm (zeg maar een late verschijning) van de zuidelijke mammoet en niet met de steppenmammoet
    

http://www.sachsen-anhalt-abc.de/verzeichnis/objekt.php?mandat=46322

Het skelet is in de 30-er jaren van de vorige eeuw opgegraven door de heer Adolf Spengler en familieleden en bevindt zich in het Museum van Sangerhausen, Duitsland. Het skelet wordt toegeschreven aan een oud vrouwelijk individu (tussen de 45 en 50 jaar oud op het moment dat zij stierf)

mammuthus meridionalis

57af0e184a3afacaa9db4c927ee545a7

Kika

In  een archeologische site in het oosten van Servië is  het skelet van een miljoen jaar oude mammoet gevonden.
Het gaat waarschijnlijk om de oudste mammoetsoort( =  een exemplaar van de  de zogenaamde mammuthus meridionalis ) die ooit in Europa gevonden is.
Het skelet werd ontdekt in de buurt van Viminacijum, tijdens  een  opgraving bij een dagbouwmijn bij Kostolac

De mammoet was ( geschat )  vier meter hoog, vijf meter lang en woog meer dan tien ton.
Alleen de schedel en slagtanden waren licht beschadigd, zei  Miomir Korac, hoofd van de archeologische  site
Het skelet is goed bewaard.
Het ging volgens de archeoloog om een zogenoemde zuidelijke mammoet, of mammuthus meridionalis, een vachtloze soort die oorspronkelijk uit Noord-Afrika kwam.
Het mammoetskelet is waarschijnlijk het  oudste dat  in Europa gevonden is , zei hij nog
In 1996 werd elders in Servië het skelet van een vrouwtjesmammoet( = Kika )  ontdekt dat vijfhonderdduizend jaar oud was.

De archeologen denken dat het dier vanuit Noord-Afrika kwam en stierf op weg naar Zuid-Europa.

(dpa/ka)
03/06/09

(1)

Het is alleen maar  jammer dat door onzorgvuldig gebruik van  enkele ( uit de journalistiek  overgenomen  en ingeburgerde  “onwetenschappelijke ” ) termen  ondermeer  creationisten  de kans  wordt geboden misbruik te maken van deze onzorgvuldigheden en  ; bijvoorbeeld flauwe semantische kunnen   blijven  spelletjes  spelen ….

Er bestaat natuurlijk niet zoiets als “de missende schakel”(= missing link ) , maar bepaalde fossielevondsten  kunnen wel  een duidelijker( en vermoedelijk betere ) beschrijving van  tussenstadia  in  het verloop van evolutie tussen  colaterale  groepen verwanten , geven .

De term “missing link”.

Niet alleen is deze term wetenschappelijk gezien al lang achterhaald en onjuist, het geeft een verkeerde indruk van evolutie,

-Een term kan zich  natuurlijk  losgemaakt hebben van zijn oorspronkelijke afkomst en verandert van betekenis. Er zijn duizenden voorbeelden. Een ‘computer’ betekent oorspronkelijk‘rekenmachine’.

Een missing link is een missende schakel, en het idee van schakels komt uit de voorstelling van evolutie als the great chain of being of scala naturae.

In deze voorstelling wordt evolutie gezien als 챕챕n rechte lijn van

microbe -> ongewervelde -> vis -> amfibie -> reptiel -> zoogdier -> mens.

Wij zijn hierin het eindpunt (de laatste schakel), de rest van de dieren zijn slechts schakels om daar te komen. Dit is een uiterst antropocentrische visie van evolutie die in strijd is met de werkelijkheid (geen rechte lijn, maar een vertakkende boom, de mens niet als eindpunt, maar als slechts één van de vele (nog) niet uitgestorven takken)Daarom vind ik dat deze term niet gebruikt moet worden. Dat gebeurt ook niet meer in de serieuze literatuur, maar helaas nog zeer veel in de populaire boeken, tijdschriften, kranten en documentaires

Vanuit deze misvatting ontstaat ook de vraag die leken (en creationisten!) nogal eens stellen: “als evolutie waar is, waarom zijn er dan nog apen?”, implicerend dat apen (eigenlijk andere apen!) het einddoel van evolutie (de mens) nog niet bereikt hebben.

Het begrip “aapmens” komt ook hiervandaan: letterlijk de ‘schakel’ tussen aap en mens.

De  in WOII verdwenen   P .erectus ” choukoutien” fossielen ( door de journalistiek erg spitvondig “missing ” links  gedoopt )   en de aapmens   van Dubois werden  door de journalistiek  voor het eerst met dergelijke” ontbrekende schakel”   labels  bedacht

Ook het begrip aapmens is dus misleidend en zou niet gebruikt moeten worden (correct is hominine (mensachtige)).

Iets gelijks geldt voor ‘zoogdierachtige reptielen’ (beter: synapsida), zoogdieren stammen namelijk niet van reptielen af, het zijn twee verschillende takken die zich naast elkaar ontwikkeld hebben. Evenzo ishet idee van ‘hogere’ en ‘lagere’ dieren gebaseerd op deze onjuiste voorstelling van zaken.

Overgangsvorm is het beste alternatief voor missing link, al moet daarbij niet vergeten worden dat elk dier (dat nageslacht heeft) een overgangsvorm is! Ik ben net zo goed een overgangsvorm tussen mijn ouders en mijn kinderen als bijvoorbeeld Tiktaalik dat was tussen zijn ouders en kinderen.

In die zin is Tiktaalik dus net zo bijzonder als elk ander dier. Wat het toch extra bijzonder maakt, is dat dit dier uit de fossiele tak komt van de stamboom van de  gewervelde dieren die voor het eerst het land op gingen.

Dispuut over “missing links ” ?
http://www.sciohost.org/ncse/kvd/Padian/Padian_transcript.html
Over” missing links “klik op het hoofstuk

Classification, Ancestors, And Relationships

quote /slide 7

Slide 007

Slide 7: Summary of what ID proponents do not understand about phylogeny reconstruction(Right-click to download pdf.)

Zie vooral ook slide 8 waar duidelijk het verschil wordt uitgelegd tussen “linear” and “collateral “ancestry ….Slide 008Slide 8: Two kinds of ancestry, lineal and collateral. Collateral ancestor “is a legal term referring to a person not in the direct line of ascent, but is of an ancestral family” (Encyclopedia of Genealogy). Parents are lineal ancestors; siblings are collateral ancestors. Padian’s point is that both are informative about ancestry – you share 1/2 of your genome with your mother, but also share 1/2 with your sister. Similarly, you share 1/4 of your genome with both your grandparent and your cousin. Creationists claim that paleontologists must find direct ancestors to document common ancestry, but this can be done equally rigorously with cladistic methods that identify “sister” and “cousin” groups on the basis of shared characters.(Right-click to download pdf.)Credits: Graphic by Liz Perotti, U.C. Berkeley. Reproduced with permission.
Het is, volgens mij, duidelijk dat paleontologen het ALTIJD hebben over “collateral ancestry” , wanneer ze spreken over “transitionals”.

Een ander probleem met de term “missing link , is dat het suggereert dat er één cruciale diersoort zou hebben bestaan die de link vormt (en als die gevonden wordt het allemaal duidelijk is).
In werkelijkheid zijn het er echter vele geweest, zowel directe voorouders, maar voornamelijk nauw verwante zijtakken (‘collaterale voorouders’).
Het onderscheid tussen beide is meestal overigens lastig, zo niet onmogelijk, te maken, waardoor een overgangsvorm niet noodzakelijk een directe voorouder hoeft te zijn geweest.
(wat we trouwens nooit met absolute zekerheid kunnen vaststellen :
ze hebben nu eenmaal geen geldige identiteits-kaart of geboorteakte bij )
De vondst van de steppemammoet kan nieuwe informatie opleveren over de evolutie van deze oerkolossen.
Deze soort leefde zo’n 400.000 jaar geleden in het Midden-Pleistoceen.
“Hij vormt de link tussen de oudere zuidelijke mammoet en de recentere wolharige”, zegt conservator Kees Moeliker van het Natuurhistorisch Museum in Rotterdam. (1)
Over die tussenperiode is weinig bekend.
Ook op andere vragen biedt de steppemammoet een antwoord.
Dit dier voedde zich bijvoorbeeld met struiken en bomen, terwijl de soortgenoten die voor en na hem kwamen graasden.
Waarschijnlijk heeft dat te maken met een klimaatverandering.
Tijdens het Pleistoceen was het kouder en droger, waardoor de savanne plaatsmaakte voor de steppe. Blijkbaar pasten de mammoeten zich aan de omstandigheden aan.
Van de onlangs aangetroffen schedel waren in 1986 al twee kiezen gevonden bij de aanleg van een waterleiding.
Pas een jaar geleden kreeg Lacombat die onder ogen.
Toen hij ze aan Mol toonde, was die meteen overtuigd om verder te graven. De Nederlander geldt als een wereldautoriteit op het gebied van de mammoet.
Zeldzame mammoetschedel gevonden 
2 september 2008
In Zuid-Frankrijk is de fossiele schedel  gevonden van een steppe mammoet
Het gaat om een zeer zeldzame vondst, aldus de ontdekkers.Dit meldt de BBC
De schedel is ontdekt door de Nederlandse onderzoeker Dick Mol, verbonden aan het Natuurhistorisch Museum in Rotterdam.
Het deed zijn vondst samen met de Franse collega Frederic Lacombat.
De ontdekking in de regio de Auvergne kan nieuw licht werpen op de vraag hoe de beesten zijn ge챘volueerd.
Er zijn in het verleden al vele tanden van mammoeten gevonden, maar er bestaan slechts enkele skeletten van het beest.
Mammoth skull (Lacombat/Mol)The mammoth skull is estimated to be about 400,000 years old
Steppe
Het gevonden fossiel behoort toe aan een ongeveer 35-jarige steppemammoet, dat meer dan 3,5 meter groot was en 400.000 jaar geleden leefde.
De steppemammoet is een soort mammoet die leefde in de periode tussen de oudste soort van mammoeten en de meest recente soort,
die bekend staat als de wollige mammoet.
De ontdekking helpt mogelijk verklaren hoe de mammoet zich van het ene naar het andere soort heeft ontwikkeld.
Mammoth molars (Lacombat/Mol)
MAMMOTH EVOLUTION
Southern mammoth (Mammuthus meridionalis) – lived from 2.6 million years ago to 800,000 years ago, during the Early Pleistocene
Steppe mammoth (Mammuthus trogontherii) – lived from 800,000 years ago to 300,000 years ago, during the Middle Pleistocene
Woolly mammoth ( Mammuthus primigenius) – lived from 300,000 years ago to 4,000 years ago, during the Late Pleistocene and Holocene

Skelet mammoet ontdekt in centrum Los Angeles

 

Volunteers work on the pelvis bone of a mammoth nicknamed “Zed” found at the La Brea Tar Pits in Los Angeles /February 18, 2009.

In het centrum van de Amerikaanse stad Los Angeles is bij werken een bijna volledig skelet van een mammoet gevonden,( het meest komplete  dat ooit is gevonden )  samen met honderden  andere fossielen ….   

De overblijfselen van de mammoet, die intussen de naam ‘Zed’ meekreeg, werden gevonden bij werken in de buurt van de La Brea-teerputten, een site waar regelmatig historische ontdekkingen worden gedaan.

“De ontdekkingen stellen ons in staat om ons een beeld te vormen van het leven tussen 10.000 en 40.000 jaar voor onze tijdrekening”, zegt John Harris van het museum dat de fossielen die op de La Brea-site zijn gevonden, tentoonstelt.

De La Brea-site is het resultaat van een uniek natuurfenomeen. Er borrelt al ettelijke duizenden jaar lang hete teer naar boven en dat heeft de afgelopen eeuwen, lang voor de stad Los Angeles op de plaats ontstond, aan massa’s dieren het leven gekost.

Wetenschappers hebben sinds ze de site in 1969 begonnen te bestuderen, al meer dan vier miljoen fossielen bovengehaald. (belga/lpb)

18/02/09

The pelvis bone of a mammoth nicknamed “Zed” found at the La Brea Tar Pits in Los Angeles

Shelley Cox, laboratory supervisor at the Page Museum in Los Angeles, holds the heel bone of a mammoth nicknamed “Zed” found at the La Brea Tar Pits

http://www.reuters.com/article/scienceNews/idUSTRE51H7R220090219?feedType=RSS&feedName=scienceNews

Mammoet komt bijna weer tot leven

1/02/2006
SAMENVATTING
De stormachtige ontwikkeling die plaatsvindt op het gebied van DNA-onderzoek heeft, in combinatie met de ontdekking van (deels) bewaard gebleven DNA in tal van fossielen, al diverse malen geleid tot speculaties dat het ooit mogelijk zal worden om uitgestorven dieren of planten ooit weer, via gereconstrueerd DNA, tot leven te wekken.
Pogingen daartoe zijn nu nog tot mislukken gedoemd, omdat aangetroffen DNA (onder meer van dino’s, holenberen, maar ook Neanderthalers) zodanig beschadigd en incompleet was dat er meer niet dan wel van over was. De ontwikkeling lijkt echter niet te stuiten, en de ‘wederopstanding’ van de wolharige mammoet (Mammuthus primigenius) lijkt zelfs niet langer helemaal ondenkbaar.
145824-962-1138812264712-Frankenmammoet01
Werkzaamheden voor de isolatie van DNA uit een mammoetbot. (H. Poinar)

De botten van een exemplaar dat afkomstig is uit de permafrost in Siberië en dat 27.000 jaar oud is, hebben namelijk materiaal opgeleverd waardoor een sequentie van niet minder dan 13 miljoen basenparen van het DNA kon worden vastgesteld. Volgens de leider van het onderzoeksteam, de geneticus Hendrik Poinar, is de door hen toegepaste techniek zo effectief dat hij al op korte termijn gebruikt kan worden om de volledige DNA-sequentie van uitgestorven organismen vast te stellen. Daarmee zouden die organismen, in principe, weer kunnen ontstaan, ook al zal dat nog de nodige technische (en ethische) problemen met zich meebrengen.

Geneticus Henrik Poinar bij babymammoet Dima (H. Poinar)

Bij het door Poinar uitgevoerde onderzoek zijn trouwens ook grote sequenties (met in totaal 15 miljoen basenparen) van gefossiliseerde micro-organismen die op de mammoet werden aangetroffen, bepaald. Het gaat daarbij om bacteri챘n, schimmels, virussen, organismen uit de bodem en planten. Dat betekent dat niet alleen de fossiele macrofauna en -flora weer tot leven zouden kunnen worden gewekt, maar ook de daarbij behorende microben.

Dick Mol en Bernard Buigues bij de resten van een wolharige mammoet (짤 A. Tikhonov)

Deze sciencefictionachtige mogelijkheden worden nog reëler nu nieuwe generaties van apparatuur waarmee DNA-sequenties worden bepaald, steeds effectiever worden, en nu het ook steeds beter wordt om ‘echt’ DNA van verontreinigingen te onderscheiden. Doordat met de nieuwe technieken steeds grotere DNA-sequenties kunnen worden bepaald, wordt het ook steeds beter mogelijk om de relatieve verwantschap tussen diverse soorten vast te stellen. Zo blijkt het DNA van de onderzochte mammoet (een vrouwtje) voor 98,5% gelijk aan dat van de recente Afrikaanse olifant (Loxodonta africana). Ze stonden echter nog dichter bij de Aziatische olifant (Elephas maximus).

Referenties:
Gibbons, A., 2005. New methods yield mammoth samples. Science 310, p. 1889.
Poinar, H.N., Schwarz, C., Qi, J., Shapiro, B., MacPhee, R.D.E., Buigues, B., Tikhonov, A., Huson, D.H., Tomsho, L.P., Auch, A., Rampp, M., Miller, W. & Schuster, S.C., 2005. Metagenomics to paleogenomics: large-scale sequencing of mammoth DNA. Sciencexpress 2005-12-20, 7 pp.

Foto’s welwillend ter beschikking gesteld door Jane Christmas, Office of Public Relations, McMaster University, Hamilton (Canada). 

Bezoek de website van de Nederlandse Geologische Vereniging en het elektronisch geologisch tijdschrift NGV Geonieuws.

Eeuwenoude mammoet in zeer goede staat ontdekt
11 juli 2007

Een babymammoet die in mei dit jaar is gevonden in het noorden van Siberië, blijkt verbluffend goed intact te zijn gebleven. Dat zeggen de onderzoekers van het zes maanden oude vrouwtje dat zo’n tienduizend jaar geleden moet zijn overleden.

Zo schrijft de BBC dinsdag.
Het kadaver kon de tand des tijds doorstaan doordat het heel goed was ingevroren in Siberisch ijs. “De mammoet is grotendeels onbeschadigd, er mist alleen een stukje van haar staart”, zo zegt Alexei Tikhonov van het Russisch Zoölogisch Instituut. Zelfs de ogen van het dier zijn nog intact.
 

 Sluit dit venster

De kleine babymammoet ziet er nog goed uit. Zelfs de oogjes zitten er nog in. 

Omdat het genetisch materiaal van het diertje waarschijnlijk ook vrij goed bewaard is, bestaat onder sommige wetenschappers de hoop dat ze in de nabije toekomst mammoeten kunnen klonen.Mammoeten leefden vanaf ongeveer driehonderdduizend tot vierduizend jaar geleden.

Het mammoet-kalf is 130 centimeter hoog en weegt vijftig kilo. Vermoedelijk leefde ze aan het einde van de laatste ijstijd. Het dier werd in mei per toeval ontdekt door een Russische herder.

Waardevol

Het is voor het eerst dat onderzoekers een mammoet onder ogen krijgen dat zo goed bewaard is gebleven. “Gezien de staat waarin het dier verkeert, is het in zijn soort de meest waardevolle ontdekking ter wereld”, aldus Tikhonov.

De mammoet is een uitgestorven olifantachtige. De permafrostgebieden van noordelijk Europa, waar deze mammoet gevonden is, was een van de leefgebieden van de soort. Ze zijn vrij plotseling uitgestorven; er bestaat veel twijfel over hoe dat gebeurde. Sommige wetenschappers denken dat de mens verantwoordelijk is

ZIE OOK:

‘Uitsterven mammoet schuld van mens’

‘Wederopstanding’ mammoet niet ondenkbaar

Dit wolharige-mammoetkalf heeft vrijwel onaangetast ten minste 9.000 jaar de permafrost van Noordwest-Siberië« doorstaan.  (Foto Reuters)

LOEBJA  video 

°

18-11-2012                                                                  http://www.bloggen.be/evodisku/archief.php?ID=17

VIMEO   LOEBJA                                                                                  http://vimeo.com/40766826

°

 

°

Jelle Reumer, hoogleraar paleontologie aan de Universiteit Utrecht
,,De grote mammoeten die gevonden worden zijn nooit compleet en jonge dieren zijn heel erg zeldzaam. De enige vondst waarvan ik weet, is die van het jonge mammoetje Dima, eind jaren zeventig.”
Het nieuwe fossiel werd in mei ontdekt door de Russische herder Joeri Choedi, niet ver van de rivier Joeribej op het Jamal schiereiland in Siberië. Hij noemde het mammoetje Ljoeba, naar zijn vrouw
°
Wetenschappers maken scan van organen mammoet
11 april 2008
Russische wetenschappers hebben na jaren van onderzoek een goed beeld gekregen van de inwendige organen van de mammoet, dankzij baby-mammoet Lyuba. (Loebja )

Lyuba is vorig jaar in Japan gevonden door een jager. De baby-mammoet werd vervolgens vernoemd naar de vrouw van de Japanner. 

Testen op Lyuba, dat in het Russisch ‘liefde’ betekent, wijzen uit dat ze leefde van de moedermelk en niet ouder was dan drie tot vier maanden toen ze stierf, zo’n 37000 jaar geleden.

Computertomografie

De mammoet verhuisde in februari vanuit Japan naar Rusland, waar wetenschappers haar onderzochten met behulp van computertomografie, een manier die vergelijkbaar is met het scannen van patiënten in ziekenhuizen.

“We kunnen nu voor het eerst zien hoe de inwendige organen er uit hebben gezien in een mammoet. Dat is vanuit wetenschappelijk oogpunt behoorlijk belangrijk,” zei Alexei Tikhonov, adjunct-directeur van de Russische Academie van Wetenschappen, tegenover persbureau Reuters.

Best bewaard

“Haar interne organen zijn goed bewaard gebleven. Het hart is nog in uitstekende staat, met de hartkamers en het atrium nog onbeschadigd. Ook de lever en de aderen zijn goed terug te vinden en haar huid was nog intact. Dit is het best bewaarde exemplaar, niet alleen van de mammoet, maar van alle prehistorische dieren”, aldus Tikhonov.

De Rus maakte voor zijn onderzoek een driedimensionale afbeelding van de buik van Lyuba, die geen verwondingen of fracturen bleek te hebben.

ZIE OOK:

Mammoetbaby leefde ‘slechts’ 37.150 jaar geleden

– De mammoetbaby die begin juli in Siberië werd gevonden, is 37.150 jaar geleden gestorven.

Het dier is nagenoeg in perfecte staat.

Volgens de mammoetdeskundige Bernard Buigues ( Leiden ) is de vondst van het jonge babytje zeer bijzonder, omdat algemeen aangenomen wordt dat de mammoet ongeveer 200.000 jaar zijn hoogtepunt als soort  beleefde (en daarna   is beginnen uitsterven .?)

°

JUKKA  

10-12-2011

<–LJOEBA

Juveniel Mammoetwijfje ontdekt in de siberische permafrost van Jakoutië
= gevonden in een grot in de omgeving van het dorp Ust-Yana Yukagir ulus
http://todayswhisper.com/in-yakutia-uniquely-preserved-mammoth-found

Volledig bewaard gebleven haren, romp, inwendige organen.
Het dier overleed op de leeftijd van ongeveer drie jaar

Mammoet van 40.000 jaar oud gevonden in permafrost

Siberië

In het eeuwige ijs van Siberië is een sensationele

vondst gedaan. Jagers hebben in het Hoge Noorden van Rusland het stoffelijk overschot van een 40.000 jaar oude, goed geconserveerde zo goed als komplete mammoet overgedragen aan de wetenschap. Niet alleen de huid en ( bijna alle beenderen ) beenderen, maar ook de spieren en enkele inwendige organen zijn door de permafrost geconserveerd gebleven. “Het gaat om een jong vrouwelijk dier, een dergelijke vondst is nooit eerder gedaan”, zegt Gennadi Bojeskorov van de Russische Academie voor Wetenschap.

Het karkas werd zorgvuldig bewerkt . Op de achterkant zitten insnijdingen die mogelijk het werk zijn van prehistorische jagers …: het is echter onduidelijk waarom aantoonbare “slachtbewerkingen ” het meeste vlees op het dier hebben achtergelaten ….sommige beenderen werden naast het dier gelegd …Het zou wel eens een aanwijzing kunnen zijn , dat hier een prehistorisch ritueel heeft plaatsgevonden ….Maar dat is nog lang niet voldoende aangetoond

Grot
De resten werden aangetroffen in een grot aan de kust van de Noordelijke IJszee in de omgeving van het vissersdorp Joekagir in de deelrepubliek Jakoetië, zo’n 5.000 km ten noordoosten van Moskou. De mammoet kreeg de naam Jukka mee, naar analogie van de vindplaats. Door de klimaatverandering en de smeltende permafrost zijn de afgelopen jaren in Siberië steeds meer spectaculaire mammoetvondsten gedaan.waaronder een kleine baby-slurfdrager

De vondst van een jonge mammoet wijst erop dat oermensen prooien van leeuwen afpakten.

4 april 2012

Dat zeiden mammoetkenners Bernard Buigues en Daniel Fisher woensdag tegen deBBC.

(zie de site van de BBC voor een video )en onderstaande fact fiche 

Woolly mammoth image

  • The woolly mammoth (Mammuthus primigenius)evolved from hairless elephants in Africa.
  • Thought to have become extinct around 3700 years ago.
  • Lived in the northern hemisphere, and were forced northwards to Siberia and northern Europe when the Pleistocene ice age began to draw to an end around 15,000 years ago.
  • Woolly mammoths had a 10 centimetre thick layer of fat under their skin to provide insulation.
  • Their small ears, short tails and thick coat of hair helped prevent heat loss.
  • Their tusks were around 5 metres long and were used for digging in deep snow and fighting.

Wetenschappers kregen een bevroren mammoet van jagers uit Siberië. De wonden van het goed bewaard gebleven dier wijzen erop dat leeuwen én mensen hem hebben toegetakeld, blijkt uit een eerste onderzoek van vorige maand.

 Het dier heeft snijwonden op de botten van zijn poten, die waarschijnlijk door mensen zijn toegebracht. Dat kan ook ver na zijn dood zijn gebeurd. Volgens Fisher hebben de jagers die het beest aan de wetenschappers gaven echter meerdere keren ontkend dat ze verantwoordelijk waren voor de sporen op de mammoet.

Wegjagen

Wellicht wachtten de oermensen af tot leeuwen een prooi te pakken hadden, om de roofdieren vervolgens weg te jagen, denkt Fisher.

De mammoet was vermoedelijk 2,5 jaar oud toen hij stierf. Hij lag mogelijk ruim 10.000 jaar onder het ijs.

Mammoet Yuka was  onderwerp van een tv-programma over mammoeten van de BBC en Discovery.

(1)  Er is wel tenminste 1 stam in Afrika (De Masaai. )
die vandaag de dag nog vlees van leeuwen afpakt, dus onzin  is het niet persé . 

http://www.youtube.com/watch?v=YVqQMwSSWyg

  1. Er is wel iets vreemds  :  Het dier is bijlange na niet opgegeten.
    Het heeft dus kennelijk een tijd onbeheerd gelegen.
    Het kan dus dat  zowel leeuwen en/als   mensen om de beurt gegeten hebben en daarna zijn verder getrokken
  2. In het ( té  korte )artikeltje  wordt geen enkel _bewijs_ aangevoerd dat het zo is gegaan in dat geval. Dat ‘oermensen’ vroeger de buit van een leeuw af konden pakken: natuurlijk.

In de directe omgeving van de vindplaats werd    in 2004 ook al een bevroren mammoet-hoofd opgegraven door een Japans-russische expeditie … Die vondst werd meteen een symbool van de japanse wereldtentoonstelling in 2005….

March 24, 2005

Fresh from the Siberian tundra, an 18,000-year- old frozen woolly mammoth ( the yugakir mammoth ) went on display today at the opening of the 2005 World Exposition in Aichi, Japan.
Still partially tufted with hair, the Ice Age plant-eater’s head and other parts ( front legs ) are stored in a giant refrigerator-turned-laboratory. Scientists at the expo say they hope to use the specimen to uncover why mammoths went extinct. Woolly mammoths roamed Siberia until about 10,000 years ago, when they may have fallen victim to warming weather, human hunters, disease, or a combination thereof. Standing about 11 feet (3.4 meters) tall at the shoulder and weighing some seven tons, they not surprisingly loomed large in the minds of their human contemporaries, who immortalized the beasts in carvings and cave paintings.—Ted Chamberlain

http://news.nationalgeographic.com/news/2005/04/0408_050408_woollymammoth.html

the Yukagir mammoth (Siberian village near where it was found )2002

http://www.pbs.org/wgbh/nova/sciencenow/0306/03-mamm-01.html

Voorpoten in situ van de yugakir mammoet

vindplaats van de yugakir mammoet

Augustus
Inheemse jagers hadden Jukka al in augustus ontdekt, zegt Bojeskorov.
“Ze wisten dadelijk dat het om een mammoet ging. Ze brachten de overblijfselen naar het dorp en legden die in een schuur, waar ze vlees en vis bewaren.”

De wetenschappers schatten de leeftijd van Jukka op tien jaar.
Het jonge dier zou 200 tot 250 kg gewogen hebben en was ongeveer twee meter lang.
“Een gedetailleerd onderzoek zal beginnen in februari 2012”, luidt het.
Dan zullen wetenschappers vanover de hele wereld naar Jakoetië komen, waaronder paleonthologen en genetici, aldus Bojeskorov nog. (dpa/lpb)

02/12/11Klonen ?
Wetenschappers uit Japan en Rusland denken nu dat ze een mammoet kunnen klonen.
Ze hebben immers goed bewaard beenmerg gevonden in een bot dat in de permafrost van Siberië verborgen lag.
Volgend jaar zullen de wetenschappers samen een onderzoek voeren dat moet leiden tot de eerste kloon van het uitgestorven zoogdier. Ze zouden daarvoor de eicellen van een olifant vervangen door cellen van een mammoet. Zo moeten er embryo’s ontstaan met mammoet-DNA.Die embryo’s moeten dan in de baarmoeder van een olifant ingeplant worden.
Beide groepen zijn naaste familie van elkaar.
Het klonen van een mammoet is voor veel wetenschappers al meer dan tien jaar een uitdaging.De dieren zijn ruim 10.000 jaar geleden verdwenen.
Ironisch genoeg is het bewuste bot dankzij de opwarming van de planeet gevonden.
De bodem is in het oosten van Rusland normaal immers permanent bevroren. (gb)

Russian scientist Semyon Grigoriev, acting director of the Sakha Republic’s mammoth museum, shows a cross-section surface of a mammoth’s thighbone at the museum in Russia on Nov. 17, 2011. Scientists from Japan and Russia say finding the bone filled with such well-preserved bone marrow in permafrost soil in Siberia increases the chance of cloning the extinct animal. (Kyodo)

Fertile land: The thigh bone was discovered in the permafrost soil of Siberia as were these tusks which came from an entire 23,000-year-old mammoth dug up in 1999

The thigh bone was discovered in the permafrost soil of Siberia as were these tusks which came from an entire 23,000-year-old mammoth dug up in 1999

http://www.donsmaps.com/bcmammoth.html

°

Siberie is een bekende vindplaats  

°<–Berezhovka  mammoet

°

° Uitsterven mammoet schuld van mens’

Het uitsterven van tot de verbeelding sprekende dierensoorten zoals de mammoet, is de schuld van de mens. Dat zegt de kersverse hoogleraar dierecologie aan de Rijksuniversiteit Groningen T. Piersma

Vaak wordt gedacht dat mammoeten, reuzenherten en holenleeuwen uitgestorven zijn door klimaatsveranderingen, maar de wetenschapper stelt dat de mensheid zelf verantwoordelijk is voor het verdwijnen van deze soorten. 

Schuld

Piersma zei in zijn oratie dat de invloed van de mens veel groter is dan wij zelf willen zien. “Het is een tweede natuur van mensen om de natuur de schuld te geven van het verdwijnen van grote bejaagbare dieren of bevisbare vissoorten. Maar de mensenhand is al heel lang sturend”, aldus Piersma. Als voorbeeld daarvan noemt hij het uitsterven van de mammoet.

“Nadat de mens alle mammoeten in Siberië had helpen uitsterven vanwege de jachtdruk, was het eiland Wrangel in de Oostsiberische Zee de laatste plek op de wereld waar nog mammoeten leefden. Zodra mensen daar drieduizend jaar geleden voet aan wal zetten, was het ook met die laatste mammoeten gedaan”, zegt de Fries over het doodvonnis van de reuzendieren.

Statussymbool

Volgens Piersma vielen juist grote dieren ten prooi aan de mens. “Die grote beesten waren relatief mak door hun onbekendheid met mensen. Ook was het een statussymbool voor jonge mannen, om te scoren bij de vrouwen.”

Het enige continent dat verschoond is gebleven van een slachting van grote dieren, Afrika, heeft dat te danken aan de bakermat die het is voor de mens. “De mens komt van oorsprong uit Afrika. De grote zoogdieren zijn daarom geëvolueerd met de mens, waardoor de beesten gaandeweg enige terughoudendheid ontwikkelde ten opzichte van mensen “

Reusachtig blondje

Mammoet kon net zo licht zijn als strandmuis

Wat heeft een Siberische mammoet gemeen met een strandmuis uit Florida? Nee, dit is geen mop, er bestaat zowaar een echt antwoord op de vraag. Namelijk: zijn gen voor haarkleur. Dat melden onderzoekers vandaag in Science.

In de film Ice Age heeft-ie de bekende, suffe, bruine kleur. Maar volgens Holger R철mpler van de Universiteit van Leipzig en collega’s liepen er tienduizenden jaren geleden ook rossige en blonde mammoeten rond.

R철mpler ontdekte dit door grondig onderzoek van het DNA uit het bot van een 43.000 jaar oude mammoet uit Siberie. Dergelijk oeroud erfelijk materiaal bekijken is lastig, omdat de kwaliteit ervan meestal niet al te best is. Toch lukte het R철mpler en zijn team. Ze wilden weten hoe de reus eruitzag en keken daarom specifiek naar het gen Mc1r. Dat codeert voor een receptor – een antenne van een cel – die in mensen en veel dieren verantwoordelijk is voor haarkleur.

Ze onderscheidden twee variaties – allelen – van het gen. Het onderscheid ertussen was miniem. De receptoren waarvoor de allelen de blauwdruk zijn, zouden slechts drie aminozuren verschillen. Om te zien of de twee allelen ook functioneel verschillend waren, maakten de onderzoekers het mammoet-gen actief, door het in losse cellen te implanteren. De receptor van de ene variant bleek veel actiever dan de andere.

Volgens de onderzoekers betekent een lagere activiteit een lichtere haarkleur. Is de receptor namelijk goed op dreef, oftewel hij wordt gemakkelijk geprikkeld en geeft veel signalen door aan de cel, dan resulteert dat in de aanmaak van het donkere pigment eumelanine. Maar werkt hij minder goed, dan gaat de productie van het gelige pigment feomelanine omhoog. Bij de mammoet bepalen slechts drie aminozuren welk van de beide scenario’s plaatsvindt. Met andere woorden, een minuscule verandering in een gen kan al een enorm uiterlijk verschil betekenen: een donkerbruine mammoet ziet er duidelijk anders uit dan een blond exemplaar.

Grappige is dat strandmuizen uit Florida (Peromyscus polionotus) hetzelfde hebben. Hun vacht is heel erg licht, terwijl die van hun soortgenoten uit het binnenland hartstikke bruin is. Evolutionair biologe Hopi Hoekstra, werkzaam aan de Universiteit van Californi챘, stelt eveneens in Science vast dat het Mc1r-gen ook hier iets mee van doen heeft. In de licht getinte muizen is de samenstelling net even anders dan in de donkere. En opvallend genoeg zijn de beide varianten hetzelfde als in de Siberische mammoet.

Hoewel de haarkleur van veel dieren wordt bepaald door het Mc1r-gen, is een gemuteerde vorm niet synoniem met blond.

De hierboven genoemde strandmuizen leven aan de Golf van Mexico. Maar op de andere kust van Florida, aan de Atlantische Oceaan leven ook zandkleurige muizen. Deze keerde Hoekstra ook binnenstebuiten, maar een gemuteerd Mc1r-gen kon ze niet vinden. Aan de blonde haartjes van deze dieren ligt dus een ander moleculair mechanisme ten grondslag. Welk precies weet Hoekstra niet.

Waarom de strandmuizen uit Florida blonder zijn dan de beestjes uit het binnenland, is wel duidelijk. De dieren worden beloerd door hongerige roofvogels en met een vacht in dezelfde kleur als het strandzand, lopen ze minder kans gegrepen te worden. Niet gek dus dat het ‘lichte gen’ binnen de populatie aan zee overleeft. Welk voordeel de blonde mammoeten op de bruine hadden, is niet duidelijk.

Sluit dit venster

Sluit dit venster

Een blonde vacht maakt een strandmuis misschien niet slimmer, maar waarschijnlijk wel ouder. Foto Robert Burks. 
(Mammoet en muis: helemaal niet zo verschillend. Afbeelding Science.  )

Remy van den Brand

Holger Rämpler e.a., ‘Nuclear gene indicates coat-color polymorphism in mammoths’, Science, 7 juli 2006

Hopi E. Hoekstra e.a., ‘A single amino acid mutation contributes to adaptive beach mouse color pattern’, Science

Haarresten leggen DNA van mammoet bloot 
door Elise Vandoninck
Kopenhagen 
Wetenschappers zijn erin geslaagd DNA uit de haarschacht van mammoets te kopiëren.
De nieuwe techniek kan een schat aan informatie over de mammoet en andere uitgestorven dieren opleveren.
Wetenschappers hopen het genoom van de mammoet volledig te reconstrueren.
Wetenschappers hebben voor het eerst haar gebruikt om DNA van mammoets te reconstrueren. Het internationale team bestudeerde de haarschachten van een tiental mammoets van 50.000 jaar oud die in de afgelopen 200 jaar blootgelegd werden.
Tot nu toe dachten genetici dat haar een arme bron van DNA was, maar ze hebben zich vergist. Het team ontdekte dat de keratine in de haarschacht de afbraak van het DNA vertraagt en besmetting door virussen of bacteri챘n verhindert. “Keratine is een proteïne die je je kunt voorstellen als een soort plastic waar het DNA in zit en waardoor het beschermd wordt”, legde teamleider Tom Gilbert van de universiteit van Kopenhagen uit aan de BBC. Ook andere keratinehoudende onderdelen zoals hoeven, nagels en zelfs veren zouden dus een schat aan genetische informatie kunnen bevatten. De traditionele manier om DNA in oude monsters te kopi챘ren is via bevroren botten en bewaarde spiermassa. Dat leverde minder betrouwbare resultaten op, aangezien de botten vaak besmet zijn door virussen of bacteri챘n.
Momenteel zijn de wetenschappers er al in geslaagd het mitochondriaal DNA, dat niet in de celkern zit en vaak gebruikt wordt om te bepalen hoe dicht verschillende groepen organismen met elkaar verbonden zijn, in kaart te brengen. Binnenkort hopen ze het volledige mammoetgenoom, zo’n 20.000 genen, bloot te leggen. Zo hopen ze te ontdekken welke kleine genetische verschillen ervoor gezorgd hebben dat een soort zoals de olifant kon overleven terwijl een dier als de mammoet uitstierf.
Met de nieuwe techniek wordt het ook mogelijk het genoom van andere uitgestorven dieren zoals de dodo, de holenbeer en de sabeltandtijger te reconstrueren. De nieuwe methode is bovendien veel effici챘nter, omdat ook niet-diepgevroren dieren gebruikt kunnen worden. “We onderzochten zelfs een mammoet die al sinds 1806 op kamertemperatuur bewaard wordt”, legt Gilbert uit. “Musea zijn in het bezit van een bijna eindeloos aantal specimens die recentelijk uitgestorven zijn. Tot nog toe hadden we er geen interesse in om hen te bestuderen omdat we dachten dat hun DNA toch niets waard was.” (EVD)
Publicatiedatum : 2007-10-01

Haar legt historie van mammoet bloot

(Eos)
Huidhaar mag dan op het eerste gezicht dood lijken, het bevat heel zuiver mitochondriaal DNA (mtDNA) waarmee het genoom van uitgestorven diersoorten in geen tijd kan worden achterhaald.

Om meer te weten te komen over uitgestorven diersoorten zoals de voorouder van de olifant, de mammoet, proberen genetici op basis van fossielen het genoom van de soort samen te stellen.
Deze code, uniek voor elke dier- en plantensoort vormt een soort van genetische blauwdruk.
Een deel van dat bouwplan, het mitochondriaal genoom op basis van mtDNA (dat alleen via de moederlijke lijn wordt overge챘rfd) zegt meer over de genetische diversiteit van de soort.
Paleontologen zijn daarom vooral geïnteresseerd in dit stukje van het genoom, zo kunnen ze de evolutionaire stamboom achterhalen van uitgestorven diersoorten.
Probleem is dat om dat genoom te samen te stellen, een niet geringe hoeveelheid zuiver mtDNA vereist is, en dat is bij fossielen meestal niet het geval: op de overblijfselen van beenderen en spieren
is het DNA vaak vervuild door genetisch materiaal afkomstig van andere organismen, voornamelijk bacteriën.

Daardoor duurt het soms jaren vooraleer het mitochondriaal genoom van een uitgestorven diersoort kan worden bepaald.
Maar uit een omvangrijke internationale studie blijkt nu dat het resterende huidhaar op fossielen van mammoeten wel een ideale bron vormen voor mitochondriaal DNA.
In de studie werd haar onderzocht van tien fossielen van wollige mammoeten (Mammuthus primigenius). De fossielen dateerden van 50.000 tot 12.000 jaar geleden, net voor de voorouder van de
olifant voorgoed zou uitsterven. De wetenschappers vonden dat de plasticachtige stof keratine het DNA in het huidhaar uitstekend beschermt tegen vervuilende invloeden van buitenaf, en
dat gedurende duizenden jaren.

Tot nu dachten de meeste wetenschappers dat haar dood materiaal was en dat alleen de haarwortel DNA kon bevatten, maar dat blijkt dus niet zo te zijn.
Nog volgens de studie is het mammoethaar vooral rijk aan mtDNA, dus zeker zo interessant voor de paleontologie.
Daardoor kon voor de tien mammoetfossielen het mitochondriaal genoom in amper vijf minuten per wollig individu worden achterhaald.
Het lijkt er dus op dat het mtDNA uit huidhaar de studie van uitgestorven diersoorten in een stroomversnelling zal brengen

Viervijfde van het mammoetgenoom ontcijferd

Martijn van Calmthout
19 november 2008

Mammoets en Afrikaanse olifanten verschillen genetisch ongeveer half zoveel als mensen en chimpansees. Dat schrijven Amerikaanse en Russische genetici donderdag in Nature.

mammoethaarbal-132694c

Nature  /Mammoethaar

 In het blad publiceren ze de eerste reconstructie van het genetische materiaal van een uitgestorven diersoort. Daarvoor zijn dna-monsters gebruikt uit haar van diepgevroren mammoets die de afgelopen decennia werden gevonden in de Russische permafrost.

Volgens de onderzoekers is uit het materiaal op papier de basevolgorde gereconstrueerd van 80 procent van het hele mammoetgenoom. Dat is veel meer dan tot nog toe was gelukt op basis van materiaal uit mammoetbotten. Het dna is rond de 100 duizend jaar oud.

Het nu gereconstrueerde genoom zou naar schatting meer dan 4,7 miljard baseparen groot zijn geweest; dat is bijna anderhalf maal zo groot als dat van de mens.

Ook concluderen ze dat mammoets onderling ongeveer achtmaal minder genetisch verschilden dan ze van de Afrikaanse olifant verschillen. Uit de verschillen berekenen ze dat olifant en mammoet ergens tussen 1,5 en 2 miljoen jaar geleden hun laatste gemeenschappelijke voorvader hadden.

In een bijgevoegd artikel speculeert Nature over de mogelijkheid om met het gereconstrueerde materiaal daadwerkelijk een mammoet tot leven te wekken. Daarbij zou het genetisch materiaal moeten worden ingebracht in leeggehaalde eicellen van een hedendaagse olifant, teruggeplaatst in een olifant en daarin voldragen.

Specialisten noemen dat in Nature niet onmogelijk, maar nog wel ver voorbij de huidige technische mogelijkheden. Niet alleen de synthese van een echt mammoetgenoom zou een probleem zijn. Ook is het verre van simpel om aan olifanteneicellen te geraken, omdat een volwassen vrouwtje slechts eens in de 16 weken ovuleert.

°

DNA van mammoet nu voor groot deel bekend
20 november 2008 NRC

Rotterdam, 20 nov. Een groot deel van het DNA van de mammoet is in kaart gebracht. Het is voor het eerst dat dit is gebeurd bij een uitgestorven diersoort. Een analyse van het mammoet-DNA, door Amerikaanse en

Russische instituten, verschijnt vandaag in het wetenschappelijke tijdschrift Nature.

In totaal zijn zo naar schatting 3,3 miljard ‘letters’ (basen) mammoet-DNA geïdentificeerd, waarvan het merendeel afkomstig is van één enkele wolharige mammoet (Mammuthus primigenius).
In totaal is het DNA gebruikt van zeventien mammoeten van verschillende soorten.
Allemaal zijn die in bevroren toestand gevonden in de Siberische permafrost, het gebied waar wolharige mammoeten tot circa tienduizend jaar geleden leefden.
De onderzoekers isoleerden het genetisch materiaal uit de haren van de mammoet.

Het geanalyseerde DNA dekt naar schatting 70 procent van het totale genetisch materiaal van een mammoet.
Het project is daarmee op afstand de uitgebreidste DNA-analyse van een uitgestorven soort. Eerder waren wel het DNA van de Neanderthaler, de holenbeer en de mammoet ontcijferd, maar steeds veel minder.
Toen twee jaar geleden een deel van het genoom (het DNA-pakket) van de Neanderthaler bekend werd, ging het slechts om 1 miljoen basen.

Bijzonder is ook dat van de mammoet nu veel DNA is gedecodeerd van de normale chromosomen.
Tot nu toe waren weliswaar al 0,9 miljard mammoetbasen in kaart gebracht, maar dat was voor het overgrote deel DNA van de mitochondriën.
Dat zijn organen in de cel die een beetje genetisch materiaal bevatten. Daarmee kon al wel de verwantschap van bijvoorbeeld mammoeten en olifanten in kaart gebracht worden, maar geen eigenschappen van een dier.

Met het DNA dat nu is geanalyseerd, kan daarmee een begin gemaakt worden.
Maar er ligt nog geen betrouwbaar, volledig mammoetgenoom op tafel. Daarvoor moet, aldus de onderzoekers, nog tien tot dertig keer zo veel genetisch materiaal afgelezen worden.
Dat moet worden vergeleken met het DNA van olifanten, om de code te controleren. Op dit moment wordt het genoom van de Afrikaanse olifant in kaart gebracht.

Het team bevestigt al wel dat de laatste gemeenschappelijke voorouder van de Afrikaanse olifant en de mammoet 7,5 miljoen jaar geleden leefde.
De scheiding tussen mens en chimpansee is recenter.

DNA-onderzoek vereist zorgvuldiger opgraven en bewaren van fossielen

http://www.geo.uu.nl/ngv/geonieuws/geonieuwsart.php?artikelnr=778

Fossielen die in museumcollecties terecht komen worden vaak eerst zorgvuldig behandeld: afhankelijk van hun aard worden ze gewassen, geborsteld en/of van een laklaagje voorzien. Hoe goed bedoeld ook, deze handelwijze heeft inmiddels een schat aan onvervangbaar wetenschappelijk materiaal verloren doen gaan.

778a


Restanten van de op DNA onderzochte 3200 jaar oude oeros (foto Museé Vert du Mans)

Dat geldt niet zozeer voor ‘normale’ fossielen zoals versteende schelpen, maar vooral om fragmenten (o.a. botten) waaraan of waarin DNA aanwezig kan zijn. Met moderne technieken kunnen zelfs kleine fragmenten namelijk veel informatie verschaffen. Bij de klassieke opgravings- en behandelingsmethoden verdwijnen de sporen van het DNA echter geheel of grotendeels.

Dat bleek onder meer overtuigend toen onderzoekers de restanten van een 3200 jaar oude oeros onderzochten. Die botten waren deels al in 1947 opgegraven en in een museumcollectie opgenomen; de andere fragmenten waren in 2004 opgedolven en sindsdien bij -20 째C bewaard.

Uit alle ‘nieuwe’ botten bleek met succes DNA te kunnen worden ge챦soleerd, terwijl dat bij de oude botten in geen enkel geval nog mogelijk bleek. Het bewijst volgens de onderzoekers dat er gedurende de 57 jaar in een museum meer DNA verloren is gegaan dan in de voorafgaande 3200 jaar.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Onderzoekster Virginia Bessa Correia plaatst steriel opgegraven
botten in een koelbox (foto Yolanda Fernandez-Jalvo, MNCM, Madrid)

De onderzoekers kwamen dan ook al snel tot de conclusie dat bij de opgraving en behandeling van botten (en vergelijkbare fossiele restanten) veel waardevolle informatie verdwijnt. Dat is te betreuren, want het DNA kan bijv. veel inzicht verschaffen in nog onopgeloste problemen, zoals de relatie tussen de Neanderthalers en de moderne mens. Daarbij moet worden bedacht dat ‘fossiel DNA’ steeds zeldzamer wordt, omdat het van nature wordt afgebroken.

Om na te gaan of er inderdaad door zorgvuldig handelen veel fossiel DNA zou kunnen worden gered, hebben Franse en Spaanse onderzoekers 247 fossiele restanten onderzocht. Die varieerden in ouderdom van 600 tot 50.000 jaar, en waren afkomstig van talrijke vindplaatsen in Europa en het Midden-Oosten.

Ze vonden dat 46% van de pas opgegraven fossielen DNA opleverden, terwijl dat voor de ‘oude’ fossielen slechts 18% was.

Dat betekent dat de behandelingsmethoden en de wijze van opslag in een museum uit het oogpunt van DNA-onderzoek verre van ideaal zijn. Daarbij spelen temperatuur, zuurgraad, zoutgehalte en vochtigheidsgraad zeker een rol. De onderzoekers pleiten er ook voor om dergelijke fossielen niet te wassen maar in koelruimtes te bewaren totdat er meer duidelijkheid bestaat over de omstandigheden die leiden tot afbraak of verdwijnen van fossiel DNA.

778c

Onderzoekleidster Eva-Maria Geigl tijdens de opgraving

Als er DNA aanwezig is op fossiele restanten, is analyse daarvan overigens alleen zinvol als er geen verontreiniging van ander DNA op zit. Opgravingen zouden daarom volgens de onderzoekers dan ook veel zorgvuldiger moeten plaatsvinden, onder zo steriel mogelijke omstandigheden. Het oppakken van fossiele botten met de handen zou zeker moeten worden vermeden. Ook het wassen moet worden vermeden, omdat daarmee ‘vreemd’ DNA als verontreiniging op de botten kan komen.

Referenties:
  • Pruvost, M., Schwarz, R., Bessa Correia, V., Champlot, S., Braguir, S., Morel, N., Fernandez-Jalvo, Y., Grange, Th. & Geigl, E.-M., 2007. Freshly excavated fossil bones are best for amplification of ancient DNA. Proceedings of the National Academy of Sciences of the United States 104, p. 739-744.

Foto’s welwillend ter beschikking gesteld door Eva-Maria Geigl, Institut Jacques Monod, Parijs (Frankrijk).

aDNA

*Fossiel DNA wordt alleen gevonden als er bijzondere conserveringsomstandigheden heersen en bijvoorbeeld de botresten goed bewaard zijn gebleven, maar zelfs dan is de gevonden DNA-sequentie nooit compleet. ( vandaar dat ook hier een reconstructie moet worden gegrond op het nemen van fossiele stalen van verschillende individuen ( of vondsten ) van dezelfde soort …. )
* Keratine structuren ( veren / haren / hoorn en nagels ) zijn daar nu bij gekomen als uitzonderlijk goede bewarende coatings van oud en fossiel DNA
zie ook :
Creationisten ” ongerust ” ? 
Peebee ; the models are wrong

*Het gebruik van moleculaire merkers heeft veel bijgedragen aan inzichten in de evolutie van mens, plant en dier.

Het grote nadeel was dat deze patronen geëxtrapoleerd werden uit de genetische informatie van heden ten dage voorkomende organismen en niet uit fossielen of andere overblijfselen.

*Met de komst van moderne gevoelige technieken (PCR = Polymerase Chain Reaction) is het (theoretisch) mogelijk om uitgaande van slechts 1 DNA molecuul het DNA te analyseren. Dat opent de weg om (sterk beschadigd) aDNA (=ancient DNA) te isoleren uit oud materiaal en dit alsnog te gebruiken voor genetische analyses.

Met succes is deze techniek b.v. ingezet bij het isoleren van DNA uit uitgestorven organismen (b.v. Holenbeer en Tasmaanse wolf) en mensen (Ötzi, Tiroler ijslijk, overblijfselen van deRomanov familie), gefossiliseerde uitwerpselen (koprolieten) en zelfs oude bodems.

Afhankelijk van de kwaliteit van het (fossiele) materiaal kan DNA ge챦soleerd worden uit materiaal tot maximaal 100.000 jaar oud.

Vervuiling met modern DNA is een groot probleem en daarom is een speciaal isolatielaboratorium nodig.

In europa bestaan al speciale laboratoria waar het aDNA onderzoek uit de verschillende disciplines is samengebracht. Een voorbeeld van een dergelijk (zeer succesvol) lab is het Ancient Biomolecules Centre in Oxford.

De oprichting van een aDNA lab in Leiden in 2005 is gericht op het verkrijgen van wetenschappelijke inzichten die een belangrijke rol kunnen spelen bij het aDNA onderzoek in Nederland. ….

Genen schrapen uit fossielen

Hester van Santen

Al is een beest al tienduizend jaar dood, dan nog is er wel een beetje DNA uit te halen voor onderzoek. Met de juiste voorzieningen tenminste. Sinds februari 2005 heeft Leiden met het Ancient DNA-laboratorium een nieuw instrument in huis.Daarmee kan een nieuwe Leidse tak van onderzoek aangesneden worden. Niet alleen naar oud DNA, maar eigenlijk onderzoek naar al het genetisch materiaal dat onder barre omstandigheden uit elkaar is gevallen.

Maar verwacht niet dat er binnenkort fossiele eieren van een Velociraptor in een Leidse zuurkast liggen, want genen van een miljoen jaar oud zijn al heel wat voor specialisten in oude genen.

De meeste organische stoffen vergaan al na uren of dagen, zo is in elke biobak te ruiken. Desoxyribosenucleïnezuur, oftewel DNA, is dus verbazingwekkend stabiel, maar er zijn grenzen.

Californische onderzoekers die in 1990 in Nature schreven dat ze iets nuttigs konden met genmateriaal van een twintig miljoen jaar oude bloem, worden nu stilletjes uitgelachen.

De Leidse lab-coördinator Hugh Cross: ‘Niet gedaan in een lab met speciale faciliteiten, niemand kon het reproduceren.’
Die omstandigheden zijn er nu wel aan de Einsteinweg, zo is de bedoeling. Het Van Steenis ligt gunstig, omdat er geen ander genetisch lab in het gebouw is. En er is speciale apparatuur: een gesloten maalmachine bijvoorbeeld, en een UV-kast om vreemd DNA onschadelijk te maken. Cross:

‘We zijn in de monsters nog geen besmettingen tegengekomen.’

Hij geeft wel toe dat hij wat te wensen overhoudt, want aan het belangrijkste Europese Ancient DNA-lab in Oxford kan Leiden nog niet tippen.

‘Die hebben bijvoorbeeld een afzuigsysteem, en overdruk in de werkruimte. Beetje bij beetje willen we dat aanpassen.’

Als er iets niet de bedoeling is in een laboratorium waar wordt geprobeerd om uit tienduizenden jaren oude fossielen nog een paar genen te halen, is het wel om daar miljoenen stukjes DNA uit menselijke huidschilfers of haren rond te strooien.

Hygi챘ne is noodzaak om bijvoorbeeld uit te zoeken of een tropisch waterhoentje nou wel of niet is uitgestorven, of om te begrijpen waar de woelmuizen bleven in de laaste ijstijd. Witte tegels alom dus in de labkamer in het Van Steenis-gebouw aan de Einsteinweg, en een bus Glorix Eucalyptus op de vloer.
Van zeven geplande Leidse projecten zijn er inmiddels drie opgestart. Het waterhoentje dat mogelijk per abuis is bijgeschreven op de dodenlijst is daarbij. Het vogeltje kwam ooit voor op het geïsoleerde zuid-Atlantische eilandje Tristan da Cunha. En zoals dat gaat met lekkere dieren op kleine eilandjes: eind negentiende eeuw leek het Tristan-waterhoen uitgestorven.

In 1973 doken echter opeens weer hoentjes op, en het werden er steeds meer. De bewoners van Tristan zijn er niet blij mee en vinden de waterhoentjes, die albatroseieren zouden roven, een plaag. Volgens hen zijn het bovendien 찼ndere waterhoentjes, in de twintigste eeuw ge챦mporteerd van een eiland driehonderdvijftig kilometer verderop. Als dat waar is, vallen de vogels niet onder de beschermingswet voor inheemse Tristan-soorten en kan de jacht worden geopend. Tot verdriet van natuurbeschermers, die liever eerst weten of dat het einde van een zeldzame vogel betekent.

Om de gangen van het Tristan-waterhoen na te gaan, zoekt de Leidse bioloog Dick Groenenberg nu zijn toevlucht tot het DNA. Er zijn in het Londense Natural History Museum nog twee dode exemplaren van de vogel over, die met de moderne hoentjes vergeleken kunnen worden. De bioloog gaat proberen genmateriaal uit hun poten te isoleren. Maar om de twee museumdieren niet te verpesten, oefent hij momenteel met Nederlandse waterhoentjes.

Het is de reden waarom nog niet alle projecten begonnen zijn: in elk ancient-DNA-project moeten voor een extractie nieuwe recepten worden uitgeprobeerd. Zo probeert Cross’ collega Barbara Gravendeel DNA op te vangen uit stuifmeelklompjes die vast zitten aan tropische bijen.

Het zijn tropische bijensoorten, die obscure orchidee챘nsoorten uit het regenwoud bevruchten. Welke orchidee챘n, dat wil Gravendeel weten. Maar de bijen liggen in een museum, en de klompjes mogen niet kapot. Het is nog even oefenen, vertelt Gravendeel.

‘De spelden waarmee de bijen opgeprikt waren, losten in eerste instantie op in ons oplosmiddel. De bijen werden er helemaal zwart van – dat kunnen we dus nog niet aan een curator verkopen.’

Dan is er nog de moeilijkheid van het herkennen van besmettingen – hetzij uit langswaaiend stof in het lab, of uit het oude materiaal zelf.

Labmanager Hugh Cross:

We hebben verschillende manieren om dat te herkennen. We vergelijken de genetische code: menselijke huidschilfers zijn gemakkelijk te onderscheiden van een bladgroenkorrel van een plant. En we willen weten of het moleculair gezien ergens op slaat. Dan kijken we bijvoorbeeld hoe lang het DNA-fragment is: als we een oud stuk vinden van wel 700 baseparen is dat heel onwaarschijnlijk, want langer dan 200 baseparen zijn ze meestal niet.’

Niet dat de ancient-DNA-specialisten altijd weten wat ze kunnen verwachten: de vraag op welke manier genen vergaan onder bepaalde omstandigheden vormt een nieuw vakgebied. Wat voor genmateriaal kun je bijvoorbeeld aantreffen in een koude, droge grot, en hoe isoleer je het? Tot nog toe blijft het uitproberen.

Mammoet stierf niet uit door inteelt

 24 maart 2012

Mammoeten zijn duizenden jaren geleden niet uitgestorven omdat er onvoldoende genetische variëteit was om de soort te laten voortbestaan.

Daar zijn wetenschappers uit Groot-Brittannië en Zweden achter gekomen, meldde de BBC.

Ze keken naar het DNA in botten van de wollige olifantachtigen die zijn gevonden op het eiland Wrangel in de noordelijke ijszee.

Op het vasteland van Europa en Azië en in Noord-Amerika stierf de mammoet ongeveer 10.000 jaar geleden uit. Op het eiland Wrangel leefde een populatie van circa 500 tot 1000 van deze dieren echter nog zeker 6000 jaar langer door.

”We wilden weten waarom uiteindelijk ook deze mammoeten verdwenen”, aldus wetenschapper Love Dalen van het Zweedse museum van Natuurgeschiedenis.

”Toen we naar de monsters van het eiland keken, was er een punt waarop de genetische diversiteit niet meer achteruit ging. Dit duurde voort tot deze soort uitstierf”, zegt Dalen. ”Dit zorgt ervoor dat we de hypothese over inteelt kunnen verwerpen.”

Oorzaak

Volgens de onderzoekers moet er dus een andere, meer plotselinge oorzaak zijn geweest voor het verdwijnen van de mammoeten van het eiland Wrangel, dat ongeveer 140 kilometer ten noorden van Rusland ligt.

Dalen denkt daarbij aan de komst van mensen naar het eiland of aan klimaatverandering. ”Als mensen de mammoeten hebben bejaagd waardoor ze uitstierven, zou je verwachten dat we daar bewijs van vinden. Ik neig dus zelf naar klimaatverandering als oorzaak.”

Dat de mammoeten met 500 tot 1000 dieren wisten te overleven zonder dat er genetische problemen ontstonden is goed nieuws, stelt Dalen. Broedprogramma’s in dierentuinen die proberen een soort voor de ondergang te behoeden, weten nu beter welke aantallen dieren er nodig zijn om een gezonde populatie te creëeren.

De wetenschappers publiceerden hun werk in het wetenschappelijke tijdschrift Molecular Ecology.

Verandering klimaat deed mammoet de das om

16 september 2013

Niet de jacht, maar fluctuaties in het klimaat zorgden voor het uitsterven van de mammoet.

Dat schrijven Zweedse wetenschappers deze week in Proceedings of the Royal Society B, nadat ze driehonderd DNA-monsters van mammoeten uit verschillende periodes hadden geanalyseerd.

Op basis van de genetische diversiteit van de monsters bepaalden de Zweden hoeveel mammoeten er in een bepaalde periode leefde en hoe de populatie zich bewoog over de planeet.

De onderzoekers kwamen erachter dat de wolharige familieleden van de olifant al bijna het loodje legden in de periode tussen de op een-na-laatste en de laatste ijstijd, toen de wereld aanzienlijk opwarmde. De populatie slonk in de tijd van een paar miljoen naar enkele tienduizenden.

IJzig

De laatste ijstijd leek de soort te gaan redden, maar op het hoogtepunt van deze koude periode ongeveer 20.000 jaar geleden begon de populatie opnieuw te slinken. De onderzoekers denken dat dit kwam doordat de ijstijd destijds zo ijzig was, dat zelfs de mammoeten op een gegeven moment geen voedsel meer konden vinden.

De opwarming van de planeet (1)   die volgde na de ijstijd kwamen de resterende  mammoeten vervolgens niet meer te boven. Vanaf zo’n 10.000 jaar geleden begon de soort echt uit te sterven.

Volgens de Zweden kan de jagende mens het dier het laatste zetje hebben gegeven, maar was het het variabele klimaat dat de mammoet echt de das om deed.  (2)

Door: NU.nl/Hidde Boersma

(1)…… EN ALWEER   HET KLIMAAT  DEBAT

Zie je wel    : Klimaatsverandering is van alle tijden, versnelde klimaatsverandering ook  …

—> Er lijkt echter de laatste eeuwen   een verband tussen de uitstoot van broeikasgassen door de mens en de versnelde verandering te zitten … ontkennen dat het klimaat in de historische  tijd tot nu   daardoor  ( geologisch gezien ) zeer  snel verandert is zinloos aangezien het gewoon met statistieken aangetoond kan worden.

—> Snelle klimaatveranderingen hebben zich in het verleden ook voorgedaan. Met name gebeurde dat in de tijd dat de moderne mens zich ontwikkelde.

Volgens wetenschappers is het menselijk brein dan ook juist in deze periode sterk gegroeid omdat men zich telkens moest zien aan te passen aan sterk wisselende klimatologische omstandigheden en het daardoor veranderende voedselaanbod..

—>  de mens kon  en kan  zich door zijn  grotere hersenen  makkelijker aanpassen /overleven   .. daarom vinden we de mens ook bijna over de hele wereld.

—> . De overgang van jagers/verzamelaars naar landbouw vond ook niet geheel ontoevallig plaats ongeveer 10000 tot 8000 jaar geleden, een periode waarin het klimaat ook relatief snel veranderde.

Neemt  allemaal    niet weg dat   er  ‘ lijkt’  een verband te zijn tussen de energie consumptie en bijbehorende uitstoot van de mens en de huidige  ( geologisch ) zeer  versnelde veranderingen .

—> Aan de andere kant laten de statistieken ook zien dat we van de vijftiende tot ergens in de negentiende eeuw klimatologisch met een ‘kleine ijstijd’ te maken hadden in West-Europa (waarin de gemiddelde temperatuur meer dan 1 graad kouder kon zijn dan normaal).

°

Veel mensen zijn geneigd in” of/of”  terminologieen   te denken. Dat wil zeggen of er is een natuurlijke oorzaak van klimaatverandering buiten de mens, of de mens is de veroorzaker.

Dat het klimaat een complex systeem is waarin er vele oorzaken een rol spelen blijkt voor veel mensen aan beide kanten van het debat veel moeilijker te bevatten.

Dat neemt niet weg dat de mens momenteel een vrij grote invloed heeft op het klimaat.

—-> Natuurlijke processen produceren 150 miljard ton CO2 per jaar. De mensheid voegt daar 8 miljard ton aan toe. De helft daarvan kan door de natuur worden opgenomen. Netto voegt de mens dus “slechts” 4 miljard ton toe.
Dat de mens een vrij grote invloed heeft op het klimaat is dus maar betrekkelijk.

Neemt niet weg dat het verstandig is die 4 miljard ton terug te dringen, want het is de druppel die de emmer doet overlopen.

Het is inderdaad de druppel. Er is een bepaalde natuurlijke CO2-kringloop waar de aarde door bestaat met het klimaat zoals het is. Die is relatief stabiel. Kleine fluctuaties daarin kunnen die stabiliteit echter bedreigen.

—>Wat gebeurt er overigens als  die  4  miljard  ton  jaar na jaar door gaat?
Juist:

http://upload.wikimedia.org/wikipedia/commons/1/1c/Carbon_Dioxide_400kyr.png


—-> En wat gebeurt er met die CO2 die wordt opgenomen?

http://en.wikipedia.org/wiki/Ocean_acidification 

Heu  COMPLOT van der geldhongerige  wetenschap   ? 

—-> Voor wetenschappers die op basis van hard onderzoek concluderen dat de mens invloed heeft maakt het niet zoveel uit  of ze er ook geld mee kunnen verdienen  ( het is veeleer (bijvoorbeeld ) de olieindustrie  die  grof  geld verdient aan het laisser faire   ,en het  bijhorend  ontkennen  van enige menselijke invloed op het  klimaat … Net zoals de tabaksindustrie het verband ontkent met kankergenese …….. ) Als wetenschappers   tot de conclusie zouden komen dat er geen noemenswaardige menselijke invloed zou zijn zou er nog steeds onderzoek nodig zijn naar hoe het dan wel komt en hoe de gevolgen bestreden kunnen worden.

(2) —> Eigenlijk  waren er , dacht ik, in die tijd   nog helemaal niet genoeg mensen toen  als hoofdoorzaak  om de mamoeten  uit te roeien …. Kleine kluitjes mensen, wijd verspreid en hele grote stukken zonder mensen. …. toch ?  misschien  wel genoeg om de geslonken populaties mamoeten    de laatste genadeslag toe te dienen …. maar dat zullen we nooit weten en is eigenlijk marginaal

Elephant Tusks

Ivory Tusks – A Blessing and Curse
An elephants’ tusks are a blessing and curse. Blessing because they give a elephants a true majesty that rise them above other animals as well and being of use for various tasks. A curse because man’s avarice for ivory has led to the senseless slaughter of hundred of thousands of the magnificent animals.
One of the key differences between African and Asian elephants is the tusks. All African elephants, male and female have tusk whereas only some Asian males have tusks. About 50% of Asian females have short tusks known as tushes. Unlike proper tusks tushes have no pulp inside.

 
SLAGTANDEN

Ivory belongs on Elephants

What is a tusk?
Usually in mammals tusks are enlarged canine teeth but in elephants they are actually elongated incisors. Tusks are essentially no different from other teeth. A third of the tusk is actually hidden from view, embedded deep into the elephant’s head. This part of the tusk is a pulp cavity made up of tissue, blood and nerves. The visible, ivory part of the tusk is made of dentine with an outer layer of enamel. Elephant ivory is unique which when viewed in cross-section reveals criss-cross lines that form a series of diamond shapes. Elephants tusk never stop growing so some old bulls display enormous examples. However the average size of tusks has decreased over the past hundred years because hunting elephants for their ivory has resulted in the ‘big tusk gene’ becoming increasingly rare

What are tusk used for?

Elephants use their tusks for a variety of tasks. Principally they are formidable weapons against potential predators like the tiger (although tigers will only ever attack young or juvenile elephants) or in battle against other elephants. They are also used to aid foraging, digging, stripping bark and moving things out of the way. Trained logging elephants are capable of lifting large logs with their tusks. There is also a display element to tusks and they can attract the interest of females.

Evidence suggests that elephants normally prefer one tusk over the other, similar to being left or right handed in humans. The preferred tusk is known as the master tusk

Hunting for Ivory

Ivory poaching for tusks are the main reason that elephants have been so heavily hunted. Elephant ivory has been used in huge amounts to make billiards balls, piano keys, identification chops and many other uses. Although hunting for ivory has been much more severe in Africa, on account of both males and females having tusks, there is no doubt that hunting and poaching has had an effect on the elephant numbers in Asia. In 1989 the Convention on International Trade in Endangered Species (CITES) banned the ivory trade putting hunting outside the law. Poaching does still take place but in most of the Asian elephants range it is under control.

Bron:

http://www.eleaid.com/index.php?page=elephanttusks

TUSKS

You will notice that the African Elephant has very large noticeable tusks and the Asian Elephant tusks are tucked away and not very large at all. In fact the Asian elephants tusks are so small, they sometimes do not even protude past their mouths. The Reason? Well, evolution plays a big part in this one. The African elephant lives in an area, where food is not plentiful and they use their tusks to dig for water, to knock down tree’s to get to the delicious leaves at the top. The tusks of the African elephant are a tool to them. Now, the Asian elephant comes from a place that has plenty of food and water, readily available, therefore they really don’t need their tusks, so as years have past by, the Asain elephant’s tusks have gotten smaller and smaller.

THE  ELEPHANTSITE/africanorasian.

KLIPPENDAS  

°

Procavia capensis  rock hyrax

http://www.skullsite.co.uk/Hyrax/hyrax.htm#details

The hyraxes form a small group of about 10 species, with unusual characteristics, difficult to relate to other mammal groups. All but one species are African

Dental Formula : 1.0.4.3 / 2.0.4.3

1.Hyrax Skull, lateral view.       2.Hyrax Skull, oblique frontal view.

 

While it may look like a rodent, such as a rabbit or a guinea pig, the rock hyrax is actually more akin to elephants and manatees. It has long, tusk-like incisors and molars similar to a tiny rhinoceros. Secretions cause the large, soft pads on its feet to remain moist, which allows the hyrax to use its feet like suction cups when moving across rocky surfaces. They live in rocky areas in Northern and East Africa as well as in the Middle East. Vegetarians, they prefer new shoots, fruits and berries, but mostly feed on available grass.

 

Details of Specimens Illustrated
Image 1
Rock Hyrax Procavia capensis
Source – Courtesy of Joey Williams
Measurements

Condylobasal length 73.4mm Overall width 42.9mm

Scientific Name : Procavia – “First cavy”, suggesting that hyraxes were ancestors of cavies. Well, you’ve got to start somewhere. capensis – “belonging to the Cape”, (S Africa).

Dendrohyrax arboreus

CLASS: Mammalia
ORDER: Hyracoidea
FAMILY: Procaviidae
Origin: Africa
Info About Tooth Count Diet: Herbivore
Info About Tooth Count Tooth Count:
I 1/2, C 0/0, P 4/4, M 3/3 x 2 = 34
Skull Length: 9.7 cm (3.8 in)

Dendrohyrax dorsalis

skull from a Tree HyraxDendrohyrax dorsalis.

“Hyrax” comes from the Greek “hurax,” meaning shrew mouse. This species is found in West and Central Africa inhabiting tropical forest w it is arboreal. The fur is short but dense, and the nose is hairless. On the back t is a yellowish patch of fur surrounding the dorsal gland. The soles of the feet are black and have numerous ridges for gripping tree branches. The front feet have 4 toes, but the hind feet have only three. Their body length is 17 to 24 in, with a short tail adding about 1/2 to 1 1/4 in. They weigh about 4 to 10 lbs. This hyrax is a herbivorous and arboreal animal, which spends the daytime in tree hollows. It leaves the trees during the night to forage. It is normally a solitary animal, but small groups of two or three individuals are not unusual. The main predators of this hyrax are leopards, genets, pythons, and birds of prey, but it is also hunted by man for food and for its dense pelts. Gestation lasts for about eight months, with the young born in March and April in Gabon and the Cameroons, and in May through August in Zaire. In most cases just one young is born, although two may appear on rare occasions. COOL…The hyraxes have molar teeth that look like miniature rhinoceros teeth, with large, persistently-growing, upper incisors, and hooplike nails on most toes, as well as many other anatomical details that are distinctive. Immunological data suggest that these hyraxes are most closely related to aardvarks, elephants, and the sirenians…AND ARE THE ELEPHANTS CLOSESTS LAND RELATIVES

The Bush, or Yellow Spotted, Hyrax.

The Bush, or Yellow Spotted, Hyrax.

Its native to much of Central Africa. This species of hyrax inhabits rocky hillsides and out crops. Hyrax are herbivores, feeding on a wide variety of plants. When threatened, hyrax can be ferocious, using their saber-like teeth to gash at would-be predators.

______________________________________________________________________________________________________

http://video.nationalgeographic.com/video/player/news/animals-news/taiwan-mammoths-apvin.html



Advertenties

Over tsjok45
Gepensioneerd . Improviserend jazzmuzikant . Instant composer. Jamsession fanaat Gentenaar in hart en nieren

3 Responses to MAMMOET en olifanten evolutie

  1. Pingback: IJSTIJDEN « Tsjok's blog

  2. Pingback: FOSSIELEN | Tsjok's blog

  3. Johnk370 says:

    I like the helpful information you provide for your articles. Ill bookmark your blog and check again right here frequently. I am quite certain Ill be informed many new stuff proper right here! Best of luck for the next! eackdgdekkkc

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: