Uitstervingen en de mens


 

NW&T-Dec-05 uitstervingen  <—pdf THE SELFISH  GREEN

Trefwoorden

Aarde & Heelal ,  Biologie, Geowetenschappen, Klimaatwetenschappen ,     , Leven,   ,   , ,    ,

°

Niet de mens maar het klimaat

<Zo zou een Diprotodon eruit gezien hebben. 31 05 2005 Margriet van der Heijden De lijst met door de mens uitgeroeide dieren is lang én oud. De komst van mensen in Noord-Amerika zou het einde hebben ingeluid voor de mammoet en de sabeltijger. De komst van de mens in Australië zou het einde hebben betekend voor enorme buideldieren als een ‘buidelleeuw’ en de nijlpaardachtige Diprotodon Optatum. Maar dat laatste staat nu ter discussie. Mensen en reusachtige buideldieren hebben volgens Britse en Australische onderzoekers in Australië namelijk zeker 15.000 jaar samengeleefd. Dat schrijven zij in de Proceedings of the National Academy of Sciences. Van een blitzkrieg waarin de dieren in krap duizend jaar zouden zijn uitgeroeid, is volgens hen dus geen sprake. Zij baseren zich op nieuwe dateringen van fossielen uit Cuddie Springs in het oosten van het land. De fossielen kwamen uit vier aardlagen. In twee van die aardlagen werden ook stenen voorwerpen gevonden die duiden op de aanwezigheid van mensen in dezelfde periode. In de twee andere lagen ontbreken zulke bewijzen. In een museum vakblad lijken onderzoekers uit Queensland de nieuwe gedachte te steunen. Zij dateerden systematisch fossiele resten van kleine dieren uit Australië . Veel van deze diersoorten bezweken ook, zo schrijven zij. Zelfs al voordat de mens tussen 45.000 en 35.000 jaar geleden steeds verder in het land doordrong. ° Niet de mens, maar het klimaat was de boosdoener, menen zij. De opgravingen zouden immers tevens uitwijzen dat het klimaat, vooruitlopend op de laatste IJstijd, steeds droger en kouder werd. En daardoor onbarmhartiger voor veel inheemse dieren. ° Discussie gesloten? Niet echt, want volgens weer andere recente opgravingen lijkt het mogelijk dat de mens 60.000 jaar geleden al arriveerde in Australië. En dat zou het plaatje nog ingewikkelder maken °

maandag 8 juli 2013 door

De ondergang der giganten

Wie was schuldig aan het uitsterven van de reuzendieren in Australië, zo´n 40.000 jaar geleden? Recente onderzoeken pleiten de oermens vrij. Het uitsterven begon al voor de mens arriveerde, voor de jacht is geen bewijs, en de bosbranden werden indirect veroorzaakt door de uitstervingsgolf zelf.

Marsupiallion2

Artsitieke impressie van de Thylacoleo carnifex (buidelleeuw), gemaakt door Peter Schouten Wroe et al. (2013), PNAS

Het was een roerige periode in Australië en omstreken, tussen 50.000 en 40.000 jaar geleden. De eerste mensen arriveerden, enorme branden teisterden de bossen, de vegetatie veranderde, en een aanzienlijk deel van de grote dieren stierf uit. Het lijkt voor de hand te liggen dat het met elkaar te maken had. De Aboriginals, de oorspronkelijke bewoners van Australië, zijn immers al duizenden jaren gewend om landbouwgrond te ontginnen door eerst het bos in de fik te steken, en dat kan voor de aanwezige dieren nooit gunstig zijn geweest. Maar zo simpel ligt het niet, wordt steeds duidelijker. De bosbranden en de verandering van vegetatie waren niet de oorzaak maar het gevolg van het uitsterven van de dieren, schreven Australische aardwetenschappers en biogeochemici van het NIOZ op Texel eind juni in het vakblad Nature Geoscience. Bovendien was het grote uitsterven al lang begonnen voordat de mensen arriveerden, volgens een andere groep Australische onderzoekers.

800px-diprotodon11122

Diprotodon optatum Dmitry Bogdanov, via Wikimedia Commons

Giganten

In het Midden-Pleistoceen, ongeveer 400.000 jaar geleden, leefden er nog echte giganten in de regio Sahul, die uit Australië, Tasmanië en Nieuw-Guinea bestond. De Diprotodon optatum liep er rond – met zijn 2,8 ton het grootste buideldier dat ooit geleefd heeft. Er waren kangoeroes van 2 meter hoog die wellicht zelfs te groot waren om te kunnen springen, er was de buidelleeuw Thylacoleo carnifex, met een lengte van 1,7 meter, een hoogte van 75 centimeter en een gewicht van ongeveer 200 kilo het grootste vleesetende zoogdier van Australië ooit, en er was de Genyornis newtoni, een loopvogel van ruim twee meter. Zo´n 40.000 jaar geleden waren bijna 90 van deze grote diersoorten van de aardbodem verdwenen, kort nadat de eerste mensen in de streek waren gearriveerd.

Veel eerder

De meeste van deze soorten waren echter al veel eerder uitgestorven, lang voordat de mensen in beeld kwamen, schreven Stephen Wroe van de Universiteit van New South Wales en zijn Australische collega´s eind april in het wetenschappelijke tijdschrift PNAS. Van vijftig van de uitgestorven diersoorten ontbreekt zelfs ieder spoor in de fossielen van de afgelopen 130.000 jaar. Slechts acht tot veertien soorten bestonden met zekerheid nog wel toen de aboriginals aan land kwamen, maar ook voor deze dieren is het bewijs nooit geleverd dat de mens een rol speelde bij hun ondergang. “Er is nooit aangetoond dat de mens op deze dieren jaagde, en er zijn nooit werktuigen gevonden die geschikt waren voor de jacht op zulke grote dieren”, aldus Wroe. Hij wijt het uitsterven van de megafauna van Australië aan veranderingen in het klimaat, dat de afgelopen 450.000 jaar steeds droger en grilliger werd.

479px-genyornis_bw

De Genyornis newtoni, een loopvogel een gewicht van 220 tot 250 kilo. Nobu Tamara, via Wikimedia Commons

“De studie van Wroe en zijn team laat vooral goed zien dat de dateringen van het uitsterven van de dieren in en rond Australië behoorlijk controversieel zijn”, zegt Stefan Schouten van het NIOZ op Texel. “Het probleem is dat er maar enkele locaties in Australië zijn waar fossielen zijn gevonden die goed gedateerd konden worden.” Volgens hem is het inderdaad goed mogelijk dat veel dieren al weg waren ruim voor de mensen aan land kwamen. Zelf werkte hij mee aan de studie die uitwees dat de dieren ook niet vanwege vegetatieveranderingen door bosbranden verdwenen. “Maar dat het uitsterven met klimaat te maken heeft is hiermee nog niet bewezen”, vindt Schouten. “Voor de reconstructie van het klimaat gebruikten de onderzoekers vooral gegevens uit Antarctica, terwijl het klimaat van plek tot plek toch sterk kan verschillen.”

Struikgewas

Het onderzoek van Schouten en zijn collega´s betrof de plantengroei op Australië in de periode van 68.000 tot 31.000 jaar geleden. Ongeveer 43.000 jaar geleden, direct na de periode dat de laatste grote dieren verdwenen waren, veranderde de begroeiing in het gebied, en werd het grasland grotendeels vervangen door struiken en bomen.

458px-australia-fires-cp-2144890

Bosbrand in Victoria, Australië, 2006. NASA

Omdat er in deze periode geen sterke verandering was in regenval of temperatuur, denken de wetenschappers dat het uitsterven van de dieren de oorzaak was: tot 43.000 jaar geleden aten de grote grazers het struikgewas waarschijnlijk gewoon op. Vervolgens konden de bosbranden makkelijk om zich heen grijpen, omdat struiken beter vlam vatten dan grasland. Hiermee is overigens niet uitgesloten dat deze bosbranden in eerste instantie wel door mensen werden aangestoken. Schouten en zijn collega´s reconstueerden de vegetatie aan de hand van specifieke moleculen die in de was van planten voorkomen, en die in de loop der duizenden jaren zijn opgeslagen in afzettingen in het stroomgebied van de rivieren de Murray en de Darling in Zuid-Oost Australië. Sporen van het afbranden van de vegetatie vonden ze in de vorm van andere moleculen, die tijdens de bosbranden met de rook en het stof werden meegevoerd.

Bronnen:

  • Wroe e.a. Climate change frames debate over the extinction of megafauna in Sahul (Pleistocene Australia-New Guinea), PNAS (2013) doi:10.1073/pnas.1302698110
  • Lopes dos Santos e.a. Abrupt vegetation change after the Late Quaternary megafaunal extinction in southeastern Australia, Nature Geoscience (2013) doi:10.1038/ngeo1856

°

Kunst verraadt hoe 28 grote dieren uit Egypte verdwenen

Ooit leefden er 37 grote dieren in Egypte. Vandaag de dag zijn er nog maar acht. Aan de hand van kunst brengen wetenschappers de veranderingen in het Egyptische dierenrijk in kaart en verklaren ze het verdwijnen van al die soorten.

Ongeveer zesduizend jaar geleden leefden in Egypte tal van grote dieren die er vandaag de dag niet meer te vinden zijn. Denk aan leeuwen, giraffen en olifanten.

 

 

Recumbent lion, Old Kingdom, Dynasty 4–early Dynasty 5 (ca. 2575–2450 b.c.)
Egyptian
Granite; L. 79 1/8 in. (201 cm), H. 34 1/4 in. (87 cm), W. 28 3/4 in. (73 cm)

GEOGRAPHY, LAND, NATURE AND WEATHER IN EGYPT | Facts and Details

Many of the animals that we associate with the Serengeti Plains of Tanzania and Kenya like antelopes, hyenas, lions, cheetahs and jackals were found in Egypt and Mesopotamia 4000 years ago. Until maybe a hundred years ago leopards, cheetahs, oyrx aardwolves, striped hyenas and caracals could be found in the mountains and deserts.

20120215-tarde if giraffe.jpg

trading a giraffe

Elephant-shaped palette, ca. 3650-3300 BC; graywacke,

In een nieuw onderzoek scheppen wetenschappers aan de hand van Egyptische kunst meer duidelijkheid over het verdwijnen van deze soorten.

Kunst
In en op de kunstwerken van Egyptenaren staan vaak dieren afgebeeld. Het geeft een beeld van hoe de Nijlvallei er in de tijd van het kunstwerk uitzag en kan ons meer vertellen over de dieren die er toen voorkwamen. Door de kunstwerken vervolgens naast kunstwerken uit een later tijdperk te leggen, kunnen we bovendien een beeld krijgen van wanneer diersoorten uit Egypte verdwenen.

Minder stabiel ecosysteem
De onderzoekers ontdekten dat het verdwijnen van diersoorten – waarschijnlijk door toedoen van een droger wordend klimaat en de groeiende bevolking mensen – het ecosysteem minder stabiel maakte. “Wat ooit een rijke en diverse samenleving van zoogdieren was, is nu iets heel anders,” vertelt onderzoeker Justin Yeakel. “Eén van de eerste dingen die verloren gingen toen het aantal soorten terugliep was de overvloed in het ecosysteem. Er waren eerst meerdere soorten gazelles en andere soorten kleine planteneters. Iets wat belangrijk was, omdat zoveel verschillende roofdieren op ze jagen. Wanneer er minder van deze kleine planteneters zijn, heeft het verlies van één soort een veel groter effect op de stabiliteit van het systeem en kan leiden tot extra uitstervingen.”

“WE ZIEN VANDAAG DE DAG VEEL ECOSYSTEMEN WAARIN EEN VERANDERING IN ÉÉN SOORT EEN GROTE INVLOED HEEFT OP HOE HET ECOSYSTEEM FUNCTIONEERT EN DAT KAN WEL EENS EEN MODERN FENOMEEN ZIJN”

Droogte
De onderzoekers identificeerden vijf periodes in de afgelopen 6000 jaar waarin er grote veranderingen optraden onder de zoogdieren in Egypte. Drie van deze periodes vallen samen met extreme veranderingen in het klimaat: het klimaat werd droger. Deze drogere periodes vallen tevens samen met onrust onder de Egyptenaren: zoals de val van het Oude Rijk rond 4000 jaar geleden en de val van het Nieuwe Rijk rond 3000 jaar geleden.

De meest recente veranderingen traden ongeveer 100 jaar geleden op. De analyse van de onderzoekers wijst erop dat het verdwijnen van diersoorten in de afgelopen 150 jaar een buitenproportionele invloed had op de stabiliteit van het ecosysteem. “Dit kan wel eens een voorbeeld van een veel algemener patroon zijn,” waarschuwt Yeakel. “We zien vandaag de dag veel ecosystemen waarin een verandering in één soort een grote invloed heeft op hoe het ecosysteem functioneert en dat kan wel eens een modern fenomeen zijn. We zijn niet geneigd om na te denken over hoe zo’n systeem er 10.000 jaar geleden uitzag, toen er een veel grotere overvloed aan soorten was.”

 

Bronmateriaal:
Egyptian artworks trace ecological collapse over 6,000 years” – Bristol.ac.uk

 

 

°

Klimaatverandering bedreigt meer soorten dan gedacht

Geschreven op 13 juni 2013   7

koraal8

Het aantal planten- en dierensoorten dat lijdt onder de klimaatverandering is veel groter dan gedacht. Dit blijkt uit een onderzoek van het International Union for Conservation of Nature naar de kwetsbaarheid van amfibieën, vogels en koralen voor klimaatverandering. Veel vogels, amfibieën en koralen stonden nog niet op de rode lijst, maar nu wel. 83 procent van de vogels die een hoog risico lopen op uitsterven stonden nog niet eerder op de lijst.

_

Hetzelfde geldt voor 66 procent van de amfibieën en 70 procent van de koralen.

°

“Op dit moment krijgen zij dan ook niet de bescherming die ze nodig hebben om uitsterving te voorkomen”,

legt onderzoeksleidster Wendy Foden van het IUCN uit.

“Om goed te kunnen beoordelen welke soorten de meeste behoefte hebben aan bescherming moet klimaatverandering worden meegenomen in de beoordeling van risico’s voor uitsterving.”

Foden en haar collega’s onderzochten welke specifieke eigenschappen ervoor zorgen dat een soort meer of minder gevoelig is voor klimaatverandering.

°

Zo is koraal erg gevoelig voor de juiste temperatuur. Klimaatverandering verhoogt de temperatuur van het zeewater, waardoor koraalsoorten kunnen uitsterven.

“Nu we deze zwakke plekken kennen, kunnen we veel gerichtere bescherming bieden,”

zegt co-auteur Jean Christophe Vié van IUCN.

°

Aandachtsgebieden

°

Uit het onderzoek rollen enkele gebieden die meer aandacht verdienen. . Zo wonen in het Amazonegebied de meeste klimaatgevoelige amfibieën en vogels. De meeste kwetsbare koraalsoorten komen voor in de Koraaldriehoek: de tropische zee rond de Filipijnen en Indonesië. In de Albertine riftvallei in Oost-Afrika stelden onderzoekers vast dat ook soorten die belangrijk zijn voor de lokale bevolking gevaar lopen. Het gaat bijvoorbeeld om vissoorten die veel gegeten worden of bomen die gebruikt worden als bouwmateriaal

°

In deze tabel zijn alle soorten in kaart gebracht en gecategoriseerd. Zo verwachten wetenschappers dat 50% van de ruim 9.800 vogels zeer kwetsbaar is als het gaat om klimaatverandering.

°

In deze tabel zijn alle soorten in kaart gebracht en gecategoriseerd. Zo verwachten wetenschappers dat 50% van de ruim 9.800 vogels zeer kwetsbaar is als het gaat om klimaatverandering.

°Persbericht IUNC Identifying the World’s Most Climate Change Vulnerable Species: A Systematic Trait-Based Assessment of all Birds, Amphibians and Corals – PLOS  One

°

Reacties 

  • het klimaat is altijd aan het veranderen en kent extremen=  alles onder het ijs (bijna) of helemaal ijsvrij .Dat is helemaal natuurlijk  Maar daar gaan echter duizenden jaren over heen –> waardoor soorten uitsterven en enkele organismen de tijd hebben om zich aan te passen waardoor nieuwe soorten kunnen  ontstaan. De snelheid waarmee het klimaat  NU  veranderd  gaat   echter  veel  te snel voor veel soorten om zich aan te passen laat staan dat nieuwe soorten zich kunnen ontwikkelen. Vervolgens hakt  de mens   ook nog ieder jaar een bosgebied ter grote van belgie ,  om —> zodat de soorten een veranderend klimaat hebben én hun leefomgeving in rap tempo verdwijnt. En dat is een feit.
    • Een planetoïde die inslaat is ook een volkomen natuurlijk fenomeen en volgens  de  redenatie van enkelingen ( en klimaatnegatgionisten ) n hoeven we ons daar niet druk over  te maken EN steevast zullen  ze ook zeggen dat zulk onderzoek   het  geinvesteerde  geld NIET waard  is. ° De “Natuur” is volkomen  blind en  kompleet  ongericht … De mens alleen  kan  misschien  iets doen en  er is  ( voor zover we weten ) NIEMAND anders om het te doen

°

…meer dan 1200 vogelsoorten met uitsterven worden bedreigd

1253 vogelsoorten met uitsterven bedreigd

Geschreven op 07 juni 2011 om 10:22 uur door 2

 

Uit nieuwe cijfers blijkt dat meer dan 1200 vogelsoorten dreigen uit te sterven.

°

Het gaat om zo’n dertien procent van alle vogels. De IUCN Red List for Birds is geüpdatet en laat een aantal oude vertrouwde soorten zien, maar ook enkele nieuwkomers.

°

Bijvoorbeeld de Grote Indische Trap. De vogel is één van de grootste en zwaarste vliegende vogels ter wereld. De Grote Indische Trap is ongeveer een meter hoog en kan gemakkelijk vijftien kilo wegen. Maar de gigant dreigt nu toch echt het onderspit te delven. Met nog 250 exemplaren in de race lijkt de soort gedoemd om te verdwijnen.

°

Uitsterven ……Samen met nog 188 andere soorten behoort de Grote Indische Trap tot de categorie Critically Endangered‘. Dat is de hoogste categorie. Als er niets gebeurt, rest de soorten in deze categorie maar één ding: uitsterven.

°

Dertien soorten…….. Onderzoekers maken zich dan ook zorgen. De lijst – met zowel bedreigde als kwetsbare soorten – wordt voortdurend aangevuld met nieuwe soorten.

“In een jaar tijd zijn er nog eens dertien vogelsoorten aan toegevoegd,”

stelt Jean-Christophe Vie van IUCN.

°

Veel vogelsoorten zijn niet opgewassen tegen de komst van soorten die eigenlijk niet in hun leefgebied thuishoren. De problemen zijn het grootst op eilanden in de zuidelijk oceanen.

°

Maar er is niet alleen maar slecht nieuws. Uit de lijst blijkt ook dat enkele soorten het juist heel erg goed doen. Zo zijn er vogels die gebaat lijken bij menselijk ingrijpen. Door roofdieren te bestrijden en jonge dieren in gevangenschap groot te brengen, zijn enkele soorten er weer bovenop gekomen.

°

Bovenstaande foto laat de bedreigde blauwe ara zien en is gemaakt door Travis Hightower (cc via Flickr.com).

  • Altijd is er een evolutie geweest, die wezens doet komen en gaan. Toch legt de mens , in het kader van de biodiversiteit, sterk de nadruk op  het behouden van wat er is.Terwijl juist het evolutieproces een proces is dat gebaseerd is op doorlopende verandering Echter :  1- Evolutie is zeer sterk afhankelijk  van veranderingen  in  het   “millieu” … Bruuske en snelle veranderingen /  schommelingen in de condities  waaronder  en waarbinnen   “hoger ontwikkelde( complexe  meercellige )  organismen” in hun niches  leven( crisis situaties dus )   , kunnen slechts worden opgevangen wanneer het evolueren ( en het aanbod aan nieuwe genencombinaties ) minstens vlugger *gebeurt  dan het  “tragere” proces en/of sommige organismen is relatief stabielere niches,   schuilen en  daarin  hopelijk  de crisis overleven  …Uiteraard zullen  mondiale veranderingen die  overlevings-niches  drastisch  inperken   ** Ook  Punctated Equilibrum  loopt over een periode van duizenden jaren en is dus geen  échte oplossing bij grote globale   snelheidsveranderingen  in de  de  biosfeer ( = de dunne buitenlaag van de aarbol , de oceanen ( en wat eronder zit aan microben )   en de onderste lagen van de atmosfeer )  2-(Cybernetica )  Té trage terugkoppelingen  veroorzaken slechts  vlugger groter  schommelingen die uiteindelijk het gehele (regel)systeem omzeep helpen   3- Het gaat  over een  blinde gevoelloze  onmenselijke  wereld die verder kan  boeren …. Maar dat is  toch  niet de bedoeling van de ” plannende”  mens …. genoegen nemen met  een  zichzelf reddende “natuur”-wereld ….zonder de mens dan  ….  

Klimaat kan vele vogelsoorten de kop kosten

 05 maart 2012   8

Schokkende cijfers: 600 tot 900 vogelsoorten dreigen nog voor het jaar 2100 uit te sterven. Dat blijkt uit onderzoek. En met name tropische vogels lopen een groot risico. Dat schrijven wetenschapers in het blad Biological Conservation. Ze baseren hun conclusie op een analyse van bijna 200 wetenschappelijke studies. Uitsterven Wereldwijd zijn ongeveer 10.000 vogelsoorten terug te vinden. Als er niets verandert, zullen 600 tot 900 vogelsoorten tegen het jaar 2100 zijn uitgestorven. Zo’n 89 procent van deze vogelsoorten leeft in tropische gebieden.

Bedreiging

Hoe kan klimaatverandering vogels nu precies fataal worden? Op verschillende manieren.
-De hitte dwingt sommige vogelsoorten naar hogere gebieden waar ze de competitie met soorten die daar van oorsprong leven, aan moeten.
-Daarnaast wordt er meer hitte en droogte verwacht, waardoor vogels die nu in het regenseizoen – wanneer voedsel volop voorhanden is – broeden minder tijd hebben om hun jongen op de wereld te zetten. Hun aantallen lopen zo terug.
-Klimaatverandering kan er ook voor zorgen dat parasieten en ziekten gebieden binnendringen waar deze eerder niet voorkwamen. Vogels zijn daar mogelijk niet tegen bestand.

Tropen Veel van deze tropische vogelsoorten worden nu nog niet met uitsterven bedreigd, maar dat gaat in de toekomst veranderen, zo voorspellen de onderzoekers. De (tropische ) vogels zijn namelijk zeer kwetsbaar voor klimaatverandering.(1) Ze zijn weinig temperatuurvariaties gewend en het is dan ook zeer twijfelachtig of zij de hittegolven en hogere temperaturen die onderzoekers verwachten, kunnen bolwerken. Maar vooral ook  vogels die er in de bergen of langs de kust een beperkt leefgebied op nahouden en lichamelijk helemaal op dit gebied zijn afgestemd, lopen een groot risico. Het is twijfelachtig of zij zich snel genoeg aan de veranderingen kunnen aanpassen. Klimaatverandering Maar de onderzoekers houden niet alleen het veranderende klimaat verantwoordelijk voor de schokkende cijfers. Ook ziektes, competitie tussen soorten en het verlies van leefgebied dragen hun steentje bij. Op dit moment wordt reeds 12,5 procent van alle vogelsoorten met uitsterven bedreigd. Uiteindelijk sterven in het meest gunstige geval 100 vogelsoorten uit. In het ergste geval gaat het om 2500 vogelsoorten. Alles wijst er echter op dat zeker 600 tot 900 soorten uiteindelijk zullen verdwijnen. Maar dat wil niet zeggen dat we daar niets aan kunnen doen.(2) De onderzoekers pleiten ervoor dat beschermde gebieden worden vergroot en dat daarbij ook rekening wordt gehouden met klimaatverandering. Ook zullen we de uitstoot van broeikasgassen moeten bewerken en zo proberen om klimaatverandering een halt toe te roepen, zo schrijven de onderzoekers. “Anders worden we geconfronteerd met het vooruitzicht van een klimaat dat niet langer onder controle te krijgen is en dat leidt tot  groot  menselijk lijden en het uitsterven van ontelbaar veel organismen, waarvan de tropische vogels slechts een fractie vormen.” Bronmateriaal: Climate Change Threatens Tropical Birds” – Utah.edu De foto bovenaan dit artikel is gemaakt door Adalberto.H.Vega (cc via Flickr.com). (1)

  • Laat nu net deze tropische en subtropische wouden-bossen te maken hebben met massaal legale en illegale houtkap. Als de biotopen verdwijnen, dan verdwijnen logischer wijze ook de dieren van deze zelfde biotopen

(2)   Hangt er natuurlijk vanaf wat voor soort maatregelen er worden gepland en in hoeverre we  “technologische “oplossingen  kunnen riskeren   …..Nog afgezien van de ( nog niet   voorhanden ? )  nodige kennis  en praktijkervaringen  

  • Terraformen, om met sciencefiction termen te spreken, is een optie  De ultieme macht op aarde: over de planeet zelf. Wel jammer dat we geen back up hebben als het experiment fout gaat. GEO-ENGiNEERING  (Bloemlezing )

    • Time for a rethink on climate change, say top environmental economists February 27, 2012 Governments have done so little to reduce greenhouse gas emissions, they should consider investing into the Rand D of large scale geo-engineering projects and their governance, according to 26 of the world’s leading environmental economists. Examples could include firing sulphates into the atmosphere, Iron fertilisation of the oceans or oceanic ‘heat pipes’.http://www.physorg.com/news/20… A small group of leading climate scientists, financially supported by billionaires including Bill Gates, are lobbying governments and international bodies to back experiments into manipulating the climate on a global scale to avoid catastrophic climate change. The scientists, who advocate geoengineering methods such as spraying millions of tonnes of reflective particles of sulphur dioxide 30 miles above earth, argue that a “plan B” for climate change will be needed if the UN and politicians cannot agree to making the necessary cuts in greenhouse gases, and say the US government and others should pay for a major programme of international research. http://www.guardian.co.uk/envi…

      • Geoengineering: Governance and Technology Policy http://www.fas.org/sgp/crs/mis… Geoengineering—the deliberate altering of the earth’s climate—represents a risky and, for many, a frightening proposition. But the concept has attracted increasing interest in recent years because of its potential ability to signiicantly transform the portfolio of options for limiting the magnitude of future climate change. In contrast to most approaches for reducing greenhouse gas emissions, some geoengineering approaches could prove fast acting and inexpensive and could be deployed by one or a small number of nations without global cooperation.

        • http://www.rand.org/content/da… U.K. Researchers to Test “Artificial Volcano” for Geoengineering the Climate An experiment starting next month in the U.K. will pump water one kilometer into the air to test a new climate-cooling method that eventually could deliver sunlight-reflective sulfate particles into the stratosphere http://www.scientificamerican…. U.K. Geoengineering Tests Delayed until Spring Controversial tests of geoengineering hardware, initially set to start in October, have been delayed. The British government agency that provides funding to the project issued the delay on September 29, in order “to allow time for more engagement with stakeholders.” http://blogs.scientificamerica… House of Commons Science and Technology Committee The Regulation of Geoengineering http://www.publications.parlia…

    • -De vorige “bloemlezing ” ….  laat heel mooi zien hoe ziekelijk vervreemd  en wensdenkend    vele van dat soort van vakidioten  levend  in hun  eigen geconstrueerde (eenvoudige )  schijn wereld ,  wel  kunnen  zijn.  -Gaan  deze mensen nu echt van alles in de lucht pompen wat schadelijk is voor mens, plant en dieren…. Gaan  ze de oceanen vergiftigen   ?   en dat allemaal onder het mom om de opwarming van de Aarde tegen te gaan( of op te lossen ) , van gestoorde mensen gesproken…..maar ik mag dat niet zeggen, zij weten het  toch wél beter  zeker ….. want ze hebben er tenslotte voor gestudeerd  ……Ja toch.?  °   …..Teraformen heeft de mens altijd wel al gedaan, we kappen bossen, we leggen meren en moeras gebieden droog, we halen uitheemse soorten binnen etc… Maar in het geval van Geo engineering  gaat men meer dan 1 stap verder, ze gaan de oceanen en onze atmosfeer bewust vergiftigen onder het mom van…..”goedkope ” oplossing  voor “ons” opwarmings-probleem . We hebben verdorie maar 1 planeet wat we onze thuis en Aarde noemen. Heel ons doen en laten word meer en meer tegennatuurlijk  , blijkbaar proberen de  huidige mensen  alles kunstmatig in stand te houden.

Verdwenen vogels

Polynesiërs roeiden zo’n duizend soorten uit

  • Takahe vogel

Takahe vogel   © Tim BlackburnDe takahe is een ver familielid van het waterhoentje, dat leeft op het Zuidereiland van Nieuw Zeeland. Het beest weegt drie kilo en kan niet vliegen. De soort heeft daarom ernstig geleden onder de komst van mensen en de met hen meegelifte huisdieren en ratten. Rond 1900 dacht men dat hij uitgestorven was, maar in 1948 werd er in een uithoek van het eiland een kleine populatie ontdekt die zich had weten te handhaven

Op de eilanden van de Stille Oceaan leefden ooit talloze vogelsoorten, die na de komst van de mens rap zijn uitgestorven. Hoe groot die uitstervingsgolf precies was, is nu berekend

Dat de moderne, geïndustrialiseerde mens een slechte invloed heeft op de biodiversiteit van deze planeet, is zo vaak aangetoond dat het een cliché aan het worden is. Als schuldbewuste westerlingen hebben wij daarom een warm plekje in ons hart voor onze voorouders en andere traditioneel levende mensen, die in harmonie met de natuur leefden, ongestoord door de noodzaak van slimme zaktelefoons en twee buitenlandse vakanties per jaar. Maar helaas, ook onder die troostrijke mythe worden nu de stoelpoten vandaan gezaagd. Een bekend voorbeeld van prehistorische uitroeiing is Noord Amerika. Waarschijnlijk als gevolg van intensieve jacht door de net op dat continent verschenen mens, verdwenen daar tussen veertig- en tienduizend jaar geleden een enorm aantal diersoorten. En ook op de eilanden in de Stille Oceaan verdween een groot deel van de fauna na de komst van de mens. Australische, Britse en Amerikaanse onderzoekers hebben geprobeerd vast te stellen hoe veel soorten er verdwenen zijn en hebben hun bevindingen gepubliceerd in het tijdschrift PNAS. De eilanden van de Stille Oceaan waren de laatste plekken op aarde die gekoloniseerd werden door mensen. Ongeveer 3500 jaar geleden bereikte de mens Vanuatu, Nieuw Caledonië en Fiji; tussen 900 en 700 jaar geleden kwam hij terecht op verder weg gelegen eilanden als Hawaii en Nieuw Zeeland. Uit de gevonden fossielen blijkt dat tussen die eerste immigratiegolf en de tweede (die van de Europeanen in de 18e eeuw) op al die eilanden achthonderd tot meer dan tweeduizend vogelsoorten zijn verdwenen. Die zijn uitgeroeid door de mens of door de met de kolonisten meegelifte ratten, of uitgestorven door ontbossing.

Fossielen

Hoeveel soorten er in die tijd precies uitgestorven of –geroeid zijn, is niet duidelijk omdat er niet uit alle perioden voldoende dierlijke fossielen over zijn. Om daar achter te komen, moesten de onderzoekers weten hoeveel soorten vogels er voor de komst van de mens op de eilanden rondliepen. De onderzoekers hebben daarom een schatting gemaakt van het aantal soorten in de blanco perioden op grond van het aantal soorten in de perioden waaruit wel fossielen voorhanden waren. Ook berekenden ze het potentiële aantal populaties op een eiland op grond van de geografische omstandigheden ter plaatse. Van de 618 aangetroffen vogelpopulaties, verdeeld over 193 soorten, waren er 247 verdwenen bij aankomst van de Europeanen. Vooral grote loopvogels waren het haasje: ze konden niet wegvliegen en ze waren extra aantrekkelijk omdat er veel aan te kluiven was. Ze hadden dan ook een 33 keer grotere kans om uit te sterven dan vliegende vogels. Ook vogelsoorten die maar op één eiland voorkwamen kregen het lastig: hun kans op uitroeiing was 24 keer zo groot als die van soorten die op meerdere eilanden voorkwamen. Een andere factor die uitsterven bespoedigde de grootte van het eiland. Logisch: hoe kleiner het eiland, des te kleiner de vogelpopulaties er zijn en des te eerder die zijn uitgestorven. Daarnaast speelde neerslag een rol. Ook logisch: hoe minder het regent, des te moeizamer een eiland zich herstelt van ontbossing. Na veel gereken concluderen de onderzoekers dat tenminste 983 landvogelsoorten zijn uitgestorven na de eerste kolonisatie van de Stille Zuidzee door mensen. Daar komt nog een aantal niet-onderzochte soorten bij, wat het geheel naar schatting op ongeveer 1300 uitgestorven soorten brengt. De eerste kolonisten van de Stille Oceaan kunnen de uitroeiing van ongeveer 10 procent van het totale aantal vogelsoorten op aarde op hun conto schrijven. Maar eerlijk is eerlijk, wij beschaafde westerlingen hebben dit na de ‘ontdekking’ van dit gebied nog eens dunnetjes overgedaan. Veel soorten die zich na de eerste immigratiegolf nog op kleine eilanden met weinig regen hadden weten te handhaven, kregen na de komst van de Europeanen de genadeslag.

ZESDE  GROTE MASSA-EXTINCTIE ?

Wetenschappers waarschuwen dat we opnieuw een stapje dichter zijn bij wat ze stilaan de ‘Zesde Grote Massa-extinctie’ zijn gaan noemen, een biologisch proces dat de 21e eeuw lijkt te gaan domineren. De organisatie BirdLife International kondigde woensdag officieel het verdwijnen aan van de Madagaskardodaar. Daarmee is de lijst van uitgestorven vogelsoorten opgelopen tot 132 “Er is geen hoop meer om de Madagaskardodaars terug te vinden, laat staan te redden. Deze kleine futensoort nam zeer snel in aantal af toen exotische roofvissen geïntroduceerd werden in de meren. De vogels raakten ook verstrikt en verdronken in de nylon visnetten die steeds meer gebruikt werden”, aldus de organisatie. Het verdwijnen van de Madagaskardodaars is een schoolvoorbeeld van het onvoorziene effect van het ingrijpen van de mens in kwetsbare ecosystemen zoals waterrijke gebieden.” Tachybaptus pelzelnii Massa-uitroeiing       ……Het tempo waaraan soorten vandaag opnieuw verdwijnen, doet veel biologen van een zesde grote massa-extinctie spreken. Wetenschappers onderscheiden in de geschiedenis van de Aarde namelijk vijf cataclysmische gebeurtenissen waarbij de meeste diersoorten op onze planeet verdwenen. De laatste was de Krijt-Paleogeenmassa-extinctie, zo’n 65 miljoen jaar geleden, die mogelijk werd veroorzaakt door een gigantische meteorietinslag op Aarde. Daarbij werden de dinosaurussen van de aardbol geveegd. Planten en dieren worden vandaag sneller uitgeroeid dan dat er nieuwe soorten evolueren. Het enige verschil is dat deze laatste veroorzaakt is door de mens. Alleen al de vogelsoorten verdwijnen aan een snelheid van één per decennium. Van de 10.027 vogelsoorten wereldwijd is bovendien een vijfde bedreigd. Toch is er goed nieuws uit Europa want de bedreigde Azoren goudvink neemt opnieuw in aantal toe. “Bedreigde vogelsoorten die in ons land voorkomen zijn de roodhalsgans (wintergast) en de witkopeend, waarvan toevallig een exemplaar op Blokkersdijk (Antwerpen-Linkeroever) zit. In de categorie ‘kwetsbaar’ valt de waterrietzanger (doortrekker), de dwerggans (wintergast) en de grote trap (dwaalgast)”, aldus Wim Vandenbossche van Natuurpunt. Azoren goudvink (Foto: Pedro Monteiro) Azoren goudvink (Foto: Pedro Monteiro)http://www.natuurbericht.nl/?id=2887  roodhalsgans /http://www.natuurbericht.nl/?id=2219 witkopeend Oxyura leucocephala  http://natuurpunt-bree.be/coppermine/thumbnails.php?album=7&page=3  Waterrietzanger  Links adult, rechts juveniel.

  

http://users.telenet.be/natuurpuntninove/nieuws_2007.html “Op Europees niveau zijn de dunbekwulp, vale pijlstormvogel, kaalkopibis, steppenkievit en Azoren goudvink met uitsterven bedreigd. Die laatste is een zangvogel die enkel op de Portugese Azoren eilanden voorkomt. Door het herstellen van de natuurlijke vegetatie nam de soort recent terug in aantallen toe”, voegt hij daar aan toe. Een op acht vogelsoorten bedreigd (2007) September  , ’07 De huismus blijkt een moeilijke tijd door te maken ‘De populatie daalde sterk na de Tweede Wereldoorlog. Er komen momenteel vooral kleinere groepen huismussen voor in Vlaanderen’, Huismussen leven al eeuwenlang in de buurt van mensen. Vroeger broedden ze massaal onder de daken van huizen en stroopten zomers het platteland af, waar ze leefden van het graan op de akkers. Door de verstedelijking is ons land steeds kaler en schoner geworden. Veel daken zijn voor de huismus ontoegankelijk en graan- en korenvelden zijn nagenoeg verdwenen. Door het gebrek aan voedsel en woonruimte is het aantal huismussen de afgelopen jaren ( in de stedelijke gebieden van Belgie en Nederland )dramatisch  afgenomen Eind jaren zeventig waren er nog tussen de 1 en 2 miljoen paartjes huismussen, In 2004    broeden er tussen de 500.000 en 1 miljoen paartjes in Nederland (bron: SOVON Vogelonderzoek Nederland, eind 2004) en dit aantal neemt snel af. De huismus die tot voor kort de meest algemene broedvogel van Nederland was, kwam toen  nu na de merel op de tweede plaats.   http://www.natuurinformatie.nl/nnm.dossiers/natuurdatabase.nl/i000730.html Er komen momenteel vooral kleinere groepen huismussen voor in Vlaanderen’ http://www.mussenwerkgroep.be/de-huismus.html huismus, mannetje

   huismus, vrouwtjeKenmerken Huismus

De Huismus is 14 tot 16 cm groot, heeft een robuust voorkomen met een breed lichaam en een nogal grote kop met dikke snavel. Haar verenkleed is nogal ‘los’ en lijkt vaak vaal en ‘onverzorgd’. In zit heeft de Huismus een gedrongen houding met ingetrokken poten. Deze houding wordt slank als ze alert is en opnieuw gedrongen bij het foerageren. Ze vertoont een onhandige vlucht met continu snorrende vleugelslagen.

Adult mannetje
Het mannetje heeft een zwart gestreepte bruine mantel, een inktzwarte bef, een zwarte teugel en een leverbruine band van oog tot op achterhoofd. Zijn bef is het smalst en minder scherp begrensd in de winter. Zijn kruin is grijs met kastanjebruine zijden. Halszijden zijn witachtig maar ‘wangen’ meestal vaal grijs. Op de vleugels bevindt zich een brede witte streep. In de zomer is zijn snavel overwegend zwart. Tijdens de rui (augustus-oktober) krijgen mannetjes een meer bruinbeige kleed, waarin hun zwarte bef en het bruin en grijs van hun kop door beige veerranden verborgen worden.
Adult vrouwtje / juveniel
Het vrouwtje heeft een vuilbruine bovenzijde met fijn getekende zwart gestreepte mantel. Haar onderzijde heeft een grauw bruinachtig witgrijze kleur. Vaak heeft ze een duidelijke lichte vuilbeige wenkbrauwstreep. Haar vleugelstreep is minder opvallend dan bij het mannetje. Juvenielen verkrijgen in augustus-september hun eerste zwarte keelveren van het eerste winterkleed.

De huismus is het bekendste vogeltje in tuin en park. Toch is de huismus een bedreigde vogelsoort. De huismuspopulatie gaat al jaren achteruit, niet alleen in Vlaamse steden maar over heel Europa. Gebrek aan nest- en schuilgelegenheid en voedselbronnen zijn oorzaken van de achteruitgang, maar ook de luchtkwaliteit speelt een grote rol. Door de stad leefbaarder te maken voor stadsvogels maken we haar ook leefbaarder voor onszelf. Daarom moet een stad  zorgen voor  meer geschikt groen en geeft ze best  aandacht  aan bestaande nesten bij gebouwrenovaties. Een beschermde vogel De huismus (Passer domesticus) leeft al zolang met de mens dat ze er volledig afhankelijk van geworden is. Ze komt alleen nog voor op en rond huizen en gebouwen. Toch gaat de populatie achteruit. De huismus staat in België sinds 8 maart 2002 op de lijst van de beschermde vogels en sinds 2004 op de rode lijst bij de categorie ‘achteruitgaand’. Sedert 1985 is de stedelijke huismuspopulatie met 95 tot 98 procent verminderd. Weinig voedsel in voorraad Mussen zijn vooral zaadeters maar eten ook keukenafval. Maar de jongen hebben insecten nodig. Door pesticidengebruik zijn die er niet genoeg. Er is steeds minder groen in de steden (vooral hagen, dichte struiken en muurbegroeiingen); hierdoor verdwijnen de beschuttingsplekjes voor de mussen. Door het ‘netter’ onderhouden van tuinen, plantsoenen en bermen is er minder voedsel te vinden. Er zijn steeds minder ruige plekjes waar veel zaadjes geproduceerd worden. Renovatie van daken en nieuwbouw doen de nestgelegenheden teniet: alle spleten en holtes worden opgevuld. Ook de NOx-uitlaten (stikstofoxide) zijn een mogelijke factor van de populatiedaling. De luchtkwaliteit heeft een opmerkelijke invloed op zijn overlevingskans . Mannetjes http://p-tersfotos.skynetblogs.be/tag/huismus DSC WEBN0000720  3  1475 bovenaan grijsbruin en onderaan grijs DSC WEBN0000720  3  1504 Donkerbruine bek en wat zwart rond de ogen en op de keel DSC WEBN0000720  3  1505 DSC WEBN0000720  3  1520

Tien procent alle vogelsoorten met uitsterven bedreigd

Meer dan tien procent van alle vogelsoorten is wereldwijd met uitsterven bedreigd. Dat bericht de vogelbeschermingsorganisatie BirdLife International in Cambridge.
Naast deze 1221 soorten vallen nog eens 812 vogelsoorten onder de categorie “bijna bedreigd”. Nog nooit waren er zoveel vogelsoorten met uitsterven bedreigd. Daardoor moeten 2033 van de in totaal rond de 10.000 bekende vogelsoorten beschermd worden, waarschuwt BirdLife. De nieuwe cijfers maken derhalve deel uit van de rode lijst van 2007, die in september door IUCN, ’s werelds meest omvattende lijst met betrekking tot het behoud van planten- en dierensoorten, zal voorgelegd worden.“Sinds de toestand van de vogels in 1988 voor de eerste keer omvattend werd gedocumenteerd, is hun situatie stelselmatig verslechterd”, vullen vogelbeschermers aan.
“De grootste bedreiging gaat “volgens hen uit van het teloorgaan van het leefgebied -86 procent van de bedreigde soorten zijn daardoor getroffen. “
(belga/hln)

De koekoek komt te laat

< klik
  Het voortbestaan van de Europese koekoek kan in het gedrang komen omdat de vogel vasthoudt aan zijn migratieschema, dat niet strookt met de opwarming van de aarde. Dat zeggen Duitse vogelexperten. De vogels, die de Europese winter in Afrika doorbrengen, komen elk jaar midden april terug om hun eieren te leggen in de nesten van kleinere vogels die net aan hun eigen broedperiode begonnen zijn.De “gastvogels” beginnen nu eerder te broeden, maar de koekoek komt niet eerder aan. Vogelexpert Wolfgang Fiedler zegt dat er tot nu toe geen gedetailleerd onderzoek is gedaan naar het effect van de klimaatopwarming op de Europese koekoek. Toch lijkt het broeikaseffect een plausibele verklaring voor het feit dat de koekoekbevolking in Duitsland het voorbije decennium met 25 procent afnam.
(belga/gb)
°

Koolmees gedijt bij opwarming

15 mei 2008

< klik
Een koolmees legt door de stijgende temperatuur eerder eieren.
(Foto Evelyne Jacq)

 Koolmezen gaan door de stijgende temperatuur eerder eieren leggen. Dat is goed nieuws, want bij vogels heeft het legmoment veel invloed op het broedsucces.
Engelse onderzoekers schrijven in het tijdschrift Science dat koolmezen in hun land nu twee weken eerder eieren leggen dan in de jaren zestig. De populatie groeit. Het nieuws is onverwacht, want Nederlands onderzoek had juist uitgewezen dat koolmezen zich niet goed aanpassen aan klimaatverandering. Al Gore besteedde veel aandacht aan dit probleem in zijn film An inconvenient truth. Koolmeesjongen eten ongeveer zeventig rupsen per dag. Hoe dichter ze worden geboren bij de rupsenpiek, als de bomen vol zitten met dikke, volgroeide rupsen, hoe meer er overleven. Door de stijgende temperatuur groeien rupsen sneller en verpoppen ze eerder. In 2006 lieten Nederlandse onderzoekers zien dat koolmezen zich niet goed aanpasten. Zij zouden wel eerder gaan leggen, maar niet vroeg genoeg. De rupsen zouden al zijn verpopt als de koolmeesjongen uit het ei komen. De ouderparen zouden daardoor niet genoeg voedsel vinden om hun jongen te voeden. De onderzoekers schrijven in Science dat Engelse koolmezen alle op dezelfde manier reageren op klimaatverandering en genetisch op elkaar lijken. Nederlandse mezen verschillen meer en zijn niet allemaal even goed in het reageren op stijgende temperaturen.

De Vijf Grote Massa-extincties

 

65 miljoen jaar geleden: Krijt-Paleogeenmassa-extinctie. Wellicht veroorzaakt door een meteorietinslag waardoor zo’n 75 soorten, waaronder de dinosaurussen, van de aardbol verdwenen. 440 – 450 miljoen jaar geleden: Laat-Ordovicische massa-extinctie (de tweede grootste extinctie). 49% van alle op dat moment levende geslachten in het dierenrijk verdween. 251 miljoen jaar geleden: Perm-Trias-massa-extinctie (de ergste van allemaal). 95% van alle in zee levende soorten en ongeveer 70% van de gewervelde landdieren stierf uit. 360 – 375 miljoen jaar geleden: Laat-Devonische extinctie. Deze extinctie duurde zo’n 20 miljoen jaar. 205 miljoen jaar geleden: Krijt-Paleogeenmassa-extinctie. Van alle mariene families stierf zo’n 20 procent uit.

Zesde massale uitsterving nabij : Driekwart van de soorten verdwijnt

Het aantal plant- en diersoorten op aarde neemt snel af. Als we niet oppassen is over vier eeuwen al meer dan 75 procent van alle soorten verdwenen, denken onderzoekers van de universiteit van Californië.

Het uitsterven van dieren en planten is niks nieuws. Aan de lopende band verdwijnen er soorten van de aardbodem om nooit meer terug te keren. Er zijn in het verleden echter momenten geweest, waarop er ontzettend veel soorten in een keer uitstierven. Bij zulke massa-extincties sterft minimaal 75 procent van alle soorten ongeveer tegelijkertijd uit. De oorzaak van zulke massale uitstervingen kan liggen in plotselinge klimaatveranderingen of enorme natuurrampen zoals vulkaanuitbarstingen of meteoorinslagen. In de afgelopen 540 miljoen jaar zijn er vijf massauitstervingen geweest, waarvan de laatste en misschien wel bekendste het uitsterven van de dinosauriërs is (hoewel de vogels, die afstammen van de dinosaurussen, die uitstervingsgolf wel overleeft hebben). Wetenschappers van de universiteit van Californië menen dat de zesde massa-extinctie op het punt staat te beginnen. En deze keer is de mensheid de enorme natuurramp die de uitsterving veroorzaakt, schrijven ze in Nature. ‘Het idee dat de zesde massa-extinctie nu bezig is, is al twintig jaar oud. Maar dit artikel bekijkt voor het eerst cijfers om het idee kracht bij te zetten. Dat is erg interessant,’ vertelt Steve Donovan, fossielendeskundige bij Naturalis. Sinds 1500 zijn er al veel dieren- en plantsoorten uitgestorven. Dieren als de dodo, Balinese tijger en lachuil zijn verdwenen sinds de zestiende eeuw. Hoewel de uitsterven tot nu nog meevalt, zijn er daarnaast veel planten en dieren die als bedreigd te boek staan. Als deze dieren binnen een eeuw verdwijnen, zouden we al op een extinctieniveau van 53 procent zitten. Zo zou de grote zesde uitsterving binnen twee tot vijf eeuwen realiteit kunnen zijn, en dit gebeurt dan sneller en eerder dan de vorige uitstervingen. Of we op dit moment daadwerkelijk op weg zijn naar de 75 procent soortverlies is erg lastig te zeggen. Vooral omdat de vergelijking met vorige uitstervingen niet eenvoudig te maken is. Paleontologen gebruiken fossielen om te kijken wat er in vroege perioden van de aarde is gebeurd. De grote uitstervingsperioden zijn ontdekt doordat een groot aantal verschillende soorten uit een tijdperk, niet meer gevonden werden in het volgende tijdperk. Maar deze methode is niet toe te passen op de moderne tijd, omdat er geen volgend tijdperk is om mee te vergelijken. Bovendien is maar van een klein deel van de bijna twee miljoen soorten op aarde bekend of ze bedreigd zijn of niet. De oorzaak van de uitsterven is voor een belangrijk deel aan de mens te wijten. Er is al eerder ontdekt dat het uitsterven van grote zoogdieren vlak na de ijstijd (gedeeltelijk) werd veroorzaakt door de komst van mensen, en de invloed die mensen hebben op hun omgeving is sinds die tijd verveelvoudigd. ‘Door opwarming van de aarde verpesten we indirect ecosystemen, bijvoorbeeld die onder het poolijs leven, waar veel meer leven is dan je zou denken, of op de oceaanbodem. Maar de mensheid roeit ook directer diersoorten uit. Door gevaarlijke chemicaliën door de gootsteen te spoelen, bijvoorbeeld, verdwijnen slakken- en wormsoorten die bij riooluitgangen leven,’ aldus Steve Donovan. De invloed van de mens op (het afnemen van) de biodiversiteit is erg groot. De auteurs van het artikel zien bij de vorige uitstervingen dat er ongewone klimaatveranderingen aanwezig waren, waardoor zoveel dieren tegelijkertijd konden uitsterven. De huidige CO2-problematiek, overbevissing, habitatvernietiging van dieren, vervuiling en de introductie van vreemde diersoorten in gebieden (zoals de vos die door Europese kolonisten in Australië werd geïntroduceerd) zijn allemaal (menselijke) factoren die volgens de auteurs de massa-extinctie dichterbij brengen. Als er niets gebeurt is er straks nog maar een kwart van de soorten dieren en planten over. Soortenmassamoord vereiste bij de door wetenschappers vastgestelde Vijf Massa-Extincties allerlei megalomane geo-klimatologische ellende. De extinctieperiode in het Perm, die ongeveer 251 miljoen jaar geleden eindigde en binnen 2.8 miljoen jaar 96 procent van de soorten wegvaagde, berustte op een mix van vulkanisme in Siberië, een snelle klimaatopwarming, verzurende oceanen en een stevige ontregeling van de atmosferische gashuishouding. De uitsterfgolf die 65 miljoen jaar 76 procent van de soorten aborteerde had als aanleiding wat buitenaardse hulp nodig, in de vorm van een astroïde die bij het huidige Yucatán insloeg. INCIDENTELE SOORTENMOORD OF STRUCTURELE BIOGENOCIDE ?03.2011 Wie de lijsten van bedreigde of recent uitgestorven diersoorten ziet kan niet ontkennen dat de mens in veel gevallen minimaal medeplichtigheid aan (poging tot) soortenmoord ten laste kan worden gelegd. De cruciale vraag voor de biologische scherprechters (in een artikel in Natur  http://www.nature.com/nature/journal/v471/n7336/full/nature09678.html )is echter: pleegt H. sapiens momenteel een soortengenocide die zich wat omvang betreft kan meten met de(pre) historische en geologische  grote uitsterfgolven?

DODO Soortensneefsnelheid Tijd voor wat definities. Pas als driekwart van het leven is weggevaagd spreken we over een massa-extinctie. Bovendien sterven soorten normaliter ook incidenteel uit: deze ‘achtergronduitsterfte’ ligt volgens biologen op ongeveer 1.8 extincties per miljoen soorten-jaren (bijvoorbeeld: u heeft 100.000 soorten, dan mogen er ieder jaar 0.18 soorten verdwijnen. In tien jaar x 100.000 soorten = 1 miljoen soorten-jaren komt u zo op 1.8). Dat is duidelijk, maar de definitie voor de tijd die het mag kosten om al die soorten tot potentiële fossielen om te scholen is veel minder strict vastgelegd. De vorige uitsterfsessies duurden allemaal meer dan zeshonderdduizend jaar, met een maximum van enkele miljoenen jaren. Aangezien wij als mensen pas rond de honderdduizend jaar meelopen zouden we dus nog even de tijd hebben, maar belangrijker is natuurlijk de vraag hoeveel procent van de soorten inmiddels al onder onze voogdij is gesneefd. De eerste boodschap van het paper is geruststellend: volgens de officiële scorebordjournalistiek is inmiddels ‘slechts’ 2.7 procent van de 1.9 miljoen soorten die door de mens uit eigen levende waarneming zijn beschreven uitgestorven. Dat is waarschijnlijk echter een flinke onderschatting, want ongetwijfeld zijn er de afgelopen eeuwen ook soorten uitgestorven voordat ze konden worden beschreven. Volgens de Nature-artikel auteurs ligt het aantal extincties per jaar nu wel veel hoger dan normaal: 24 extincties per miljoen soorten-jaren als je de laatste 1000 jaar beschouwt, en zelfs 693 per miljoen soorten-jaren als je de snelheid van het afgelopen jaar neemt. Katharsis no. zes? Met nog een comfortabele 72.3 procent tussen het aantal nu verloren soorten en de benchmark voor massa-extincties qualificeren we dus nog niet volwaardige soortenmassamoordenaars, maar als we niet oppassen bereiken we die status binnen de komende 300 tot 2000 jaar. Dat is dan ook de tweede boodschap van het artikel: er is nog veel variatie die we kunnen beschermen, maar als bijvoorbeeld alle zoogdieren die nu als ‘bedreigd’ geregistreerd staan binnen een eeuw daadwerkelijk uitsterven hebben we over ~330 jaar dezelfde extinctiesnelheid bereikt als tijdens de eerdere massa-extincties. Afhankelijk van het verloop van uitsterven over de hele soortenlinie zitten we volgens de biologen zonder twijfel binnen 15.000 jaar met een officiële Zesde Grote Uitsterfgolf. Extrapoleren is natuurlijk een riskante onderneming, en de hier genoemde Nature-publicatie hangt van uitvergrotingen aan elkaar. Het is sterk de vraag of de soorten ook de komende eeuwen bij bosjes de geest blijven geven: positief denken suggereert dat de situatie zich ook zou kunnen stabiliseren. Toch is het beangstigend dat we bij een worst case scenario in jaren even ver verwijderd zijn van een officiële massa-extinctie als tot de geboorte van Toetanchamon. Natuurlijk kunnen we hopen dat we er geen last van zullen hebben als driekwart van de huidige soortenvariatie van de aardbodem verdwijnt, maar als de eerdere soortenklappers één ding tonen dan is het dat er in die tijden niet op een soortje meer of minder wordt gekeken, en dat grote soorten vaak de klos zijn. Met een beetje pech kunnen wij ook gaan oefenen in fossileren: massa-uitsterven doe je niet alleen. http://www.sciencepalooza.nl/2011/03/incidentele-soortenmoord-of-structurele-biogenocide/

Soorten sterven veel sneller uit dan gedacht

vr 30/05/2014 –  Luc De Roy
Planten- en diersoorten sterven minstens 1.000 keer sneller uit dan het geval was voor de mens op het toneel verscheen, en de wereld staat aan de rand van een zesde grote uitstervingsgolf. Dat staat in een nieuwe studie. Soorten verdwijnen ook tien keer sneller dan biologen tot nu dachten.
“We staan op de rand van een zesde massa-extinctie”, zegt bioloog Stuart Pimm aan de Duke University, een van de auteurs van de studie. “Of we die vermijden of niet, zal van onze daden afhangen.
De studie, die gepubliceerd is in het wetenschappelijke tijdschrift Science, werd door experten die er niet aan hebben deelgenomen, omschreven als een mijlpaal. De studie van Pimm spitst zich toe op percentage van soorten dat uitsterft, niet het aantal soorten. Ze berekent een “sterftecijfer”, hoeveel soorten er elk jaar verdwijnen op een totaal van 1 miljoen soorten.  In 1995 berekende Pimm dat het sterftecijfer op aarde voor de komst van de mens ongeveer 1 bedroeg, dus dat er elk jaar 1 soort op een miljoen soorten verdwijnt. Door nieuwe gegevens in rekening te brengen, hebben Pimm en zijn collega’s dat “achtergrondpercentage” teruggebracht tot ongeveer 0,1. Momenteel ligt het sterftecijfer volgens de studie tussen 100 tot 1.000. Dat betekent dus dat er 100 tot 1.000 soorten per jaar uitsterven op een miljoen soorten, en dat het sterftecijfer nu 1.000 tot 10.000 keer hoger ligt dan voor de komst van de mens. 

Verlies van leefgebied

Er zijn talrijke factoren die bijdragen aan het sneller uitsterven van soorten dan vroeger, zeggen Pimm en zijn mede-auteur Clinton Jenkins van het Instituut voor Ecologische Studies in Brazilië. De belangrijkste oorzaak is echter het verlies van leefgebied: soorten vinden geen plaats meer om te leven, naarmate meer en meer plaatsen volgebouwd en veranderd worden door de mens.

O sagui-da-serra-escuro tem sua população ameaçada pela presença de primatas invasores (Foto: Sávio Freire Bruno)
(Callithrix aurita)
°
Het witoorzijdeaapje is een soort uit het geslacht Atlantische oeistiti’s. De wetenschappelijke naam van de soort werd voor het eerst geldig gepubliceerd door É. Geoffroy in Humboldt in 1812 gepubliceerd door É. Geoffroy in Humboldt in 1812. Wikipedia
°
°
Daarbij komen ook nog invasieve soorten, die vaak door de mens verspreid worden en die inheemse soorten verdringen, de opwarming van de aarde die een invloed heeft op waar soorten kunnen leven, en overbevissing.
Het witoorzijdeaapje is daar een goed voorbeeld van, zegt Jenkins. Zijn leefgebied is fel gekrompen door bouwprojecten in Brazilië, en een rivaliserend zijdeaapje heeft delen van zijn leefgebied ingenomen. Nu staat het witoorzijdeaapje op de internationale rode lijst als kwetsbaar. De oceanische witpunthaai was ooit een van de meest voorkomende jagers op aarde, maar omdat ze lange vinnen hebben en dus gegeerd zijn voor de Chinese haaienvinnensoep, worden ze nu nog zelden gezien, zegt mariene bioloog Boris Worm van de Dalhousie University, die niet aan de studie heeft deelgenomen maar er wel woorden van lof voor had. “Als we niets doen, gaan ze de weg op van de dinosauriërs.”

http://www.nu.nl/wetenschap/2056687/

gerelateerde-diersoorten-sterven-vaak-samen-uit.html

8 augustus 2009

Gerelateerde diersoorten(= verwante diersoorten die op een gemeenschappelijke voorouder teruggaan ) , zoals tijgers, leeuwen en poema’s die tot de grote katachtige behoren, hebben kans samen uit te sterven. Dat blijkt uit een onderzoek in het tijdschrift Science, bericht de BBC Door te kijken naar het verleden zijn onderzoekers erachter gekomen dat dieren met dezelfde voorouders vaak tegelijk uitsterven.Dit betekent volgens het onderzoek dat hele stukken geschiedenis en ontwikkeling in een keer verloren kunnen gaan

“Als  een bepaalde ontwikkeling slecht is voor diersoort A is er een kans aanwezig dat een diersoort B met een vergelijkbaar organisme ook last heeft van deze ontwikkeling. Met als ergste gevolg dat beide diersoorten uitsterven”, aldus Richard Grenyer, een bioloog van het Imperial College in Londen. De onderzoekers stellen dat het ‘gezamenlijk uitsterven’ in de onderzochte 200 miljoen jaar te vaak is voorgekomen om het gevolg van toeval te zijn. Julie Lockwood, een ecoloog van de Rutgers Universiteit in New Jersey waarschuwt dat het verlies van “hele stukken leven” ook in de nabije toekomst kan (= zal) plaats vinden.“Neem bijvoorbeeld zeevogels, deze worden allemaal in één keer bedreigd door klimaatveranderingen. Daar zal geen enkele soort zich voor kunnen behoeden.” (= Noot/ tsja , als al het water moest verdwijnen dan sterven alle vissen uit …wat een ontdekking ) Greyner wijst er op dat men deze kennis kan gebruiken om diersoorten beter te beschermen: “Het onderzoek maakt het behoud van individuele soorten niet makkelijker, maar als we weten welke dingen invloed hebben op tijgers, weten we automatisch meer over hoe we andere diersoorten kunnen beschermen tegen deze gevolgen.”(Noot :dat van die tijgers is niet moeilijk : de oorzaak is de mens …Die maakt gewoon alles kapot ook de niet verwante soorten ) © NU.nl

2008
2009
< klik
VERDWIJNENDE   VIS

Vis dreigt snel uit oceaan te verdwijnen

Een visser bedekt zijn vangst met ijs, Mexico.  (Foto AP)

29 maart 2008 /Sander Voormolen

De vis in de oceanen verdwijnt veel sneller dan tot dusver werd aangenomen. Als er niet snel drastische maatregelen worden genomen, zwemmen er binnenkort alleen nog kwallen en plankton in zee.

.De Frans-Canadese visserijbioloog Daniel Pauly.   (Foto Evelyne Jacq)

De Frans-Canadese visserijbioloog Daniel Pauly. (Foto Evelyne Jacq)
Dat zegt de Frans-Canadese visserijbioloog Daniel Pauly, die eerder deze maand een eredoctoraat kreeg van de Wageningen Universiteit. Pauly bestudeerde kritisch de wereldwijde visvangstcijfers die de voedsel- en landbouworganisatie van de Verenigde Naties, de FAO, jaarlijks publiceert en ontdekte een verborgen daling. Te hoge rapportage van China en sterk schommelende ansjovisvangsten, maskeerden het feit dat de mondiale visvangst vanaf eind jaren tachtig jaarlijks met 0,4 miljoen ton daalt. „Niet omdat er minder gevist wordt, integendeel, maar omdat de vis steeds schaarser wordt.” Het zijn de voortekenen van het instorten van de visserij op wereldschaal, waarschuwt Pauly. Het is alarmerend dat er ondanks een toegenomen visserij-inspanning een mondiale trend bestaat van afnemende vangsten. Dat betekent dat visbestanden overal ter wereld zijn overbevist. Consumenten hebben hiervan nog weinig gemerkt omdat vissers zijn uitgeweken naar andere soorten of andere gebieden. Vijftig procent van de vis wordt geconsumeerd op een ander continent dan waar het gevangen is, heeft Pauly berekend. De markt blijft zo voorzien, maar het is allesbehalve duurzaam. Volgens Pauly heeft de visserij de laatste grens bereikt: „Ze kan niet verder uitbreiden.” Alleen radicale maatregelen kunnen nog soelaas bieden, zegt de bioloog. De visserijsubsidies zouden moeten worden afgeschaft en het visserijbeleid moet overschakelen van een soortgerichte op een ecologische benadering. Ook moet ten minste 20 procent van de wereldzee챘n tot beschermde mariene zone verklaard worden waarbinnen niet mag worden gevist. „Alleen dan kunnen vispopulaties zich herstellen en kunnen we duurzaam oogsten uit zee.”

Ravage onder wilde zalmpopulaties

12 februari 2008

Stroomopwaarts zwemmende zalm   Foto: commons.wikimedia.org Stroomopwaarts zwemmende zalm  Foto: commons.wikimedia.org

 Wilde zalmpopulaties in de buurt van commercieële zalmkwekerijen slinken iedere drie jaar met meer dan de helft. Parasieten doden veel vissen en door vermenging met ontsnapte kweekzalmen daalt het voortplantingssucces.
Commerci챘le zalmkwekerijen richten overal ter wereld een ravage aan onder wilde zalmpopulaties. Per generatie gaan wilde zalmpopulaties met meer dan de helft achteruit in gebieden waar zij in direct contact staan met zalmkwekerijen. Tot die conclusie komen de Canadese visserijbiologen Jennifer Ford en Ransom Myers van de Dalhousie University in Halifax. Een artikel van hun hand verscheen gisteren in het wetenschappelijke tijdschrift PLoS Biology. Dat zalmkwekerijen een negatieve invloed hebben op wilde zalm is al vaker aangetoond, maar Ford en Myers komen voor het eerst met betrouwbare cijfers over de omvang van de schade. De onderzoekers vergeleken de wilde zalmstand in baaien met en zonder viskwekerijen op zes plaatsen in Oost- en West-Canada, Schotland en Ierland. Het onderzoek liep meer dan twintig jaar. Overal waar wilde vissen gekweekte soortgenoten tegenkwamen tijdens hun trek van en naar de zee, slonken de populaties. Zalmpopulaties zonder contact met kweekzalmen gingen in die periode ook achteruit, maar veel minder sterk. Volgens de onderzoekers heeft de achteruitgang twee oorzaken: de kwekerijen verspreiden parasieten zoals zeeluis, en ontsnapte zalmen die kruisen met wilde zalmen verminderen het voortplantingsucces. Ze concurreren om partners met wilde zalm, maar hun nageslacht is minder levensvatbaar. In eerder onderzoek stelden visserijbiologen vast dat gekweekte zalmen kleinere eitjes produceren. De jonge vissen die daaruit voortkomen maken alleen onder ideale omstandigheden een kans volwassen te worden. In een aquacultuur levert dat een groot aantal vissen op, maar in de vrije natuur redden deze zalmen het vaak niet, met als gevolg een slinkende populatie. Ook de parasieten uit aquaculturen hebben een grote invloed op de sterfte van wilde zalmen. Onderzoekers rapporteerden twee jaar geleden dat jonge zalmen met meer dan twee zeeluizen op hun lichaam zeker zullen sterven. Sinds de jaren zeventig is het aantal zalmkwekerijen wereldwijd enorm gegroeid. De jaarlijkse productie van deze kweekvis bedraagt meer dan een miljoen ton. Door zorgvuldiger te werken (parasieten bestrijden en voorkomen dat vissen ontsnappen) zouden zalmkwekerijen de druk op de wilde zalm kunnen verminderen, aldus Ford en Myers.

Canadese wilde zalm bedreigd door parasiet uit kwekerijen

In het noordwesten van Canada riskeert de wilde roze zalm snel uit te sterven door een parasiet die is ontstaan in industri챘le viskwekerijen. Dat blijkt uit een Canadese studie die in de VS is gepubliceerd. De besmetting met de zalmparasiet, die afkomstig is uit de alsmaar talrijker wordende zalmkwekerijen, bedreigt de wilde zalm met uitsterven, zegt Martin KrKosek van de Universiteit van Alberta.
Hij is een van de auteurs van de studie die vrijdag 14 december in het vakblad Science verschijnt.
De wetenschappers  onderzochten de wilde zalmpopulatie in verschillende rivieren van Brits Columbia. De parasiet in kwestie, Lepeophtheirus salmonis, komt van nature voor bij volwassen wilde zalmen. Die kunnen er wel tegen, maar jonge zalmen zijn erg kwetsbaar.
Klein gelukje voor de jonge wilde zalmen: de parasiet houdt niet van zoet water (daar worden zalmen geboren). Pas als de jonkies groot en sterk genoeg zijn om naar open zee te zwemmen, krijgen ze met de parasiet te maken.De komst van commerciële zalmkwekerijen heeft daar  echter verandering in gebracht.Die staan in Brits Columbia langs de trekroutes van de jonge zalmen naar open water.De zalmkwekerijen zijn een broedplaats voor de zalmparasiet, en de langszwemmende jonge zalmen lopen er vaak een infectie op. 80 procent van de jonge zalm bezwijkt daaraanUit de gegevens blijkt verder   dat de wilde zalmpopulatie in de Canadese archipel van Broughton de laatste vier jaar snel afneemt.Als de parasiet zich verder verspreidt, zal 99 procent van de vissen in die streek binnen vier jaar uitgestorven zijn. De parasiet heeft volgens de wetenschapper ondertussen al het grootste deel  van de wilde zalmen gedood.Te veel kwekerijen “Er zijn te veel zalmkwekerijen in de wateren van de archipel”, zegt hij.
“Vroeger hadden we hier een handvol kwekers die elk ongeveer 125.000 zalmen hadden, maar nu zijn er al meer dan twintig bedrijven, waarvan sommige met meer dan 1,3 miljoen vissen”.
De oplossing ligt voor de hand, aldus Krkosek. Verplaats de zalmkwekerijen, zodat ze niet meer langs de trekroutes liggen, of sluit ze. Anders is het binnen tien jaar gedaan met de Canadese wilde zalm.
Sluit dit venster
Zalm met parasiet. Foto: Alexandra Morton.
Fears over wild salmon stocks  30 May 03 |  Scotland
Farmed salmon ‘infect wild fish’  03 Oct 02 |  Science/Nature
Farmed salmon   BBC

Campaigners say farmed fish are a problem
SURVIVAL
Ontsnappende   gekweekte    Forellen  
Gekweekte Forellen ontsnappen tegenwoordig via de watervoorziening uit de kweekvijvers.

Wat-er way to go ... jumping trout
Great escape ... trout route to freedom

Ontsnappingsroute van deze  forellen Deze  forellen  springen in de  toevoerpijp die  “vers ” stromend water  aanbrengt uit een nabijgelegen   riviertje en zwemmen tegen de stroom in de vrijheid tegemoet Dit is merkwaardig maar de forellen  volgen gewoon ( zo wordt aangenomen ) hun instinct dat ook de wilde soortgenoten  aanzet stroomopwaarts  te zwemmen ;  in het bijzonder tijdens het paai seizoen wordt sterke tegenstroom opgezocht en  worden  stroomversnellingen en  watervallen  genomen  om   geschikte  paaiplaatsen te bereiken … Bovendien  is snelstromend water  zeer zuurstofrijk ….

 

  *  Dieren werden nog nooit zo ernstig met uitsterven bedreigd als in onze tijd.Bedreigde diersoorten Bekijken <
WAAROM HET VINGERTJE NIET HIELP    29/03/2007 //Dirk Draulans
Over het verdwijnen van de habitat (en ecologische systemen collaps ) van veel soorten
De aanslag op het Braziliaanse Amazonewoud gaat onverdroten voort. Jarenlang hamerden milieuorganisaties op het behoud van de natuur. Nu proberen ze met een nieuwe aanpak het tij te keren: de strijd tegen armoede. Voor minder dan de grootste zoetwatervissen ter wereld, de arapaima, gaan Bosinoldo Neves en José Almeida niet. Maar vandaag vissen ze niet. De volgende maanden evenmin. Ze volgen nauwgezet een beheersprogramma om de stock van arapaima’s in het water niet uit te putten. Ze werken daarvoor samen met wetenschappers die de biologie van de vis bestuderen. ‘Het was wennen om met wetenschappers te werken’, vertellen de vissers. ‘Zeker omdat we als gevolg van het verdwijnen van het regenwoud veel minder vis vingen. We kwamen echt in de problemen, en hadden de neiging te veel te vissen om toch genoeg geld te verdienen. Met de nieuwe aanpak raakten we uit de armoede. We verdienen door een goed beheer van de visstocks vijf keer meer dan vroeger (omgerekend ongeveer 5 euro in plaats van 1 euro per dag, nvdr).’ Het magische rivierbekken van de Amazone is gigantisch. Het ligt grotendeels ingebed in het meest uitgestrekte regenwoud ter wereld: liefst 200 keer België. De jongste jaren gaat daar elk jaar een stuk even groot als België af: kaal gekapt. Momenteel is 20 procent van de oorspronkelijke woudoppervlakte al verdwenen om plaats te maken voor vee en andere vormen van landbouw. ‘Straffeloosheid is de wet’, schampert Tarcisio Feitosa, een arme boer uit Terra do Mejo, een beschermd stuk bos waaruit kleine gezinnen een inkomen mogen puren, maar waarop grote bedrijven hun oog hebben laten vallen. De sfeer is er gespannen. Zelfs medewerkers van WWF-Brazilië durven er momenteel niet naartoe. Alle pressiemiddelen om kleine boeren te verjagen, of op z’n minst te dwingen hun stukjes land te verkopen, zijn goed – variërend van het in brand steken van hutten tot moord. ‘Brazili챘 bestaat hier niet’, zegt Feitosa. ‘Hier heerst alleen de sterkste.’ Hij geeft de harde cijfers: ‘Vorig jaar zijn er in de regio meer dan 700 mensen gedood, met medeweten van de politie. Dat zijn de officiële cijfers, de realiteit is ongetwijfeld erger. Het spel wordt hard gespeeld. Men schat dat 80 procent van de ontbossing in het hele Amazonegebied illegaal is. Maar voor ons hangt ons leven en dat van onze kinderen af van een goed beheer. Wij kunnen nergens anders naartoe.’ De noodzaak om het spel hard te spelen noopt tot ongewone coalities. Verenigingen van arme boeren sloten een verbond met organisaties als het WWF, vroeger de vijand, nu de partner. ‘Zulke associaties werken’, zegt Regina Cavini van WWF-Brazilië. ‘We zijn er de voorbije twee jaar in geslaagd om minder bos te laten kappen dan de jaren voordien. Er is dus een kentering gekomen. Als die er niet was geweest, zou er tegen 2031 nog eens 30 procent woud verdwenen zijn. We slagen er nu ook in om een goede combinatie te vinden tussen aandacht voor mensen en aandacht voor het woud.’ Er zijn nog vreemde coalities in de maak in het woud. Coalities tussen vooruitstrevende ondernemers en arme families. Antonio Leite van het hout- en servicebedrijf Maflops is zo’n voortrekker. Hij heeft 1100 gezinnen samengebracht in zijn onderneming, die elk ongeveer 90 hectare woud onder hun hoede hebben. Met 800 gezinnen heeft hij al afspraken gemaakt voor een duurzaam beheer: ze moeten ervoor zorgen dat ze hun stukje woud niet op enkele jaren tijd uitputten, maar kunnen er toch een leefbaar inkomen uit puren. Het is opvallend hoe weinig de huidige generatie milieubeschermers over de biodiversiteit van het Amazonegebied praat. ‘De focus op natuur heeft niet goed gewerkt’, zegt de Amerikaanse hoogleraar David McGrath, die sinds 1990 in het Amazonegebied werkt. ‘We concentreren ons nu op de relatie tussen mensen en natuur, op vissers en bosbouwers, om hen de basisprincipes van duurzaam beheer bij te brengen, waarvan dan ook de natuur moet profiteren. Het beheer van de natuur is een soort neveneffect geworden van een geslaagde implementatie van duurzaam gebruik van hulpbronnen. We zullen zien of die strategie werkt. Want van de vorige, met zijn sterke nadruk op de bescherming van dieren en planten, weten we zeker dat ze de teloorgang van het woud alleen wat afremt maar niet fundamenteel tegengaat.’ opwarming

Dodelijk duwtje 2004 http://noorderlicht.vpro.nl/artikelen/19190377/

‘Uitsterf-lawine’ bedreigt natuur

Links

“Hollands oerwoud – Honderd nieuwe plantensoorten in 25 jaar” (27 juli 2004)http://www.wetenschap24.nl/nieuws/artikelen/2004/juli/Hollands-oerwoud.html

Bosplanten kunnen klimaat niet bijbenen
10 MAART 2008
De opwarming van het klimaat vormt in Europa een bedreiging voor het voortbestaan van heel wat wilde plantensoorten. Bosplanten hebben het daarbij extra moeilijk, omdat zij zich erg traag verplaatsen. Dat concludeert Sebastiaan van der Veken van de Belgische universiteit KU Leuven in zijn doctoraatsonderzoek.

bosplanten :
http://vroegevogels.vara.nl/Fragment.202.0.html?&tx_felogin_pi1%5Bforgot%5D=1&tx_ttnews%5Btt_news%5D=345150

http://www.knack.be/nieuws/planet/earth/authentieke-bosplanten-hebben-het-moeilijk/article-normal-25896.html

echte sleutelbloem

Authentieke bosplanten hebben het moeilijk
© Science Photo Library

Als het over natuurherstel gaat, koesteren veel mensen grote hoop dat wat ooit verloren is gegaan weer opgerakeld kan worden. De onderliggende gedachte is dat het volstaat de klok terug te draaien om de oorspronkelijke veelheid aan dieren en planten in een verarmd gebied te reanimeren. Maar steeds meer gegevens tonen aan dat succes in deze context niet verzekerd is. Lander Baeten van het Laboratorium voor Bosbouw aan de Universiteit Gent beschrijft met een aantal collega’s in de Journal of Ecology de evolutie van de plantenwereld op de bodem van een heleboel Vlaamse bossen. Ongeveer de helft van die bossen was tientallen jaren geleden aangeplant op verlaten akkers, in het kader van een herbebossingsprogramma. Het idee was dat die nieuwe bossen na verloop van tijd dezelfde typische flora zouden vertonen als klassieke bossen. Maar dat blijkt jammer genoeg niet het geval.

In de aangeplante bossen blijven opportunisten als braam en brandnetel het goed doen, terwijl echte bosplanten als bosanemoon en slanke sleutelbloem moeilijk voet aan de grond krijgen. Om het nog erger te maken krijgt het bestand van die bosplanten zelfs in oude bossen stevige klappen. Het gaat dus niet uitsluitend meer om het moeizaam koloniseren van nieuwe bossen, ook om het moeilijk overleven in traditioneel geschikte bosgebieden. Veranderingen in waterhuishouding en bosbeheer zouden voor de teloorgang verantwoordelijk zijn.

De auteurs opperen dat er dringend moet worden overwogen om authentieke bosplanten actief te herintroduceren in bepaalde bossen, om zo verdere verliezen te beperken. Een scenario dat op veel niveaus speelt. Bosexperts Raf Aerts en Olivier Honnay van de K.U.Leuven pleiten er in een brief in het topvakblad Science voor om een ‘verhoogde tolerantie’ te hanteren als het gaat over het aanplanten van uitheemse boomsoorten in bossen.

Als bossen op die manier worden geherwaardeerd, zou dat een grote rol kunnen spelen in het opvangen van kwalijke gevolgen van menselijke populatiedruk, onder meer door meer voedsel en energie te verschaffen en zuiver water te leveren. Die zogenaamde ‘restauratie-ecologie’ moet volgens de auteurs absoluut een waardevol element in een efficiënt bosbeheer worden. (DD)

°
Door de opwarming van het klimaat verschuiven klimaatzones in Europa naar het noorden. Planten moeten meeverhuizen, willen ze blijven voortbestaan. Veel planten zijn hier redelijk toe in staat door hun zaadverspreiding. Via wind, water en vogels zijn de planten in staat hun zaad over verre afstand te verplaatsen. Bosplanten hebben zich echter aangepast aan de stabiele omstandigheden in bossen. Moederplanten laten hun zaden direct vallen op de grond, waar ze vervolgens kiemen. Doordat bosplanten geen technieken hebben ontwikkeld om zich ver te verspreiden, verplaatsen ze zich erg traag. Volgens Van der Veken enkele centimers of decimeters per jaar. Van der Veken toont in zijn onderzoek aan dat veel typische plantensoorten die nu nog heel gewoon zijn in onze bossen, in de toekomst erg kwetsbaar zullen worden. Sommigen zullen zelfs met uitsterven bedreigd worden als de klimaatgrenzen in de 21e eeuw plots veel sneller naar het noorden verschuiven dan tot nu toe geval was. Hij pleit ervoor na te denken over mogelijke oplossingen. ‘De verspreiding van zaden tussen afzonderlijke stukjes bos kan gestimuleerd worden, onder andere door de aanleg van corridors. Als dat ook niet volstaat zou de mens zelf hele plantenbestanden naar het noorden kunnen verplaatsen’, aldus Van der Veken.
°
Informatie: 
°
 °
Samenvatting ;

°

De opwarming zorgt ervoor dat de klimaatzones naar het noorden verschuiven. Doorgaans kunnen planten zich eenmaal per jaar verplaatsen door hun zaden zo ver mogelijk te verspreiden. Bosplanten hebben zich echter aangepast aan de stabiele omstandigheden in bossen en kunnen zich maar heel traag verplaatsen, enkele centimers of decimeters per jaar.

Als de klimaatgrenzen in de 21e eeuw plots veel sneller naar het noorden verschuiven zullen bosplanten helemaal achterop hinken. Van der Veken toont in zijn onderzoek aan dat veel typische plantensoorten die nu nog heel gewoon zijn in onze bossen, in de toekomst erg kwetsbaar zullen worden. Sommigen zullen zelfs met uitsterven bedreigd worden. Mogelijke oplossingen.

‘De verspreiding van zaden tussen afzonderlijke stukjes bos kan gestimuleerd worden, onder andere door de aanleg van corridors, een soort snelwegen voor planten en dieren. Als dat ook niet volstaat zou de mens zelf hele plantenbestanden naar het noorden kunnen verplaatsen’, aldus Van der Veken.    ( svw)
<Ten dode opgeschreven ….
< alpenflora  moet hogerop  , maar daar komt gauw een limiet aan

The Emerald Planet How plants changed Earth’s History   A review by Gert Korthof.   1 December 2007

“De mens, meteoriet – Zesde uitsterfgolf ophanden” (18 maart 200    http://www.wetenschap24.nl/nieuws/artikelen/2004/maart/De-mens-meteoriet.html Lees ook: “Schimmel verraadt slachting – Mens roeit al millennia lang soorten uit” (5 sept 2003) Lees ook: ‘Dood door opwarming – Klimaatverandering helpt miljoen soorten om zeep’, Noorderlicht nieuws, 7 januari 2004 Lees ook: “Doodsformule voor dodo – Dodo leefde nog een tijdje door” (19 nov 2003) Onderzoekers uit onder meer Wageningen hebben de griezelige ontdekking gedaan dat de natuur zomaar opeens een ‘lawine’ van uitsterfgolven kan doormaken. Staat onze planeet op de rand van de afgrond? Kleine duwtjes kunnen soms grote gevolgen hebben. Dat geldt voor kiezeltjes die van de berghelling rollen en een lawine veroorzaken. Maar ook voor de natuur. Haal een anoniem plantje weg uit, zeg, Guatemala – en er zou zomaar een heuse ‘uitsterf-lawine’ kunnen ontstaan. Er kan dan een dodelijke kettingreactie op gang komen die ervoor zorgt dat de ene na de andere soort uitsterft. In korte tijd zou de natuur instorten, om uiteindelijk weer in een andere evenwichtstoestand verder te gaan. Zonder het van elkaar te weten hebben twee onderzoeksgroepen, een uit Wageningen en een uit Amerika, laten zien dat dergelijke lawines écht mogelijk zijn. De onderzoekers willen maar zeggen: kijk uit, mensheid, een catastrofe lijkt op handen. Of, in woorden van de Wageningse waterbiologen Egbert van Nes en Marten Scheffer: “Onze resultaten laten zien dat de overal aanwezige, geleidelijke milieuverandering kan zorgen voor cascades.” Sluit dit venster

De vlinder ‘Parantica aspasia’: een van de soorten die het slachtoffer dreigt te worden van het uitsterven van het plantje waarvan hij afhankelijk is.

Weinig vlinders ondanks mooi weer

15/05/2008 Ondanks de zomerse weersomstandigheden van de jongste weken zijn er zeer weinig vlinders in België.  “Het weer is zeer gunstig voor volwassen vlinders, maar toch merken we er maar weinig op“, zegt Hans Van Dyck, professor Natuurbehoud en voorzitter van de Vlaamse Vlinderwerkgroep. De professor wijst erop dat de afname van het aantal vlinders in België geen nieuw fenomeen is. “Uit een recente analyse blijkt dat er momenteel 30 procent minder vlinders zijn dan vijftien jaar geleden”, zegt de professor. “Zelfs de gewone mensen merken dat op. De tendens is helaas negatief”, zegt de professor. Volgens Van Dyck zijn er meerdere factoren die het aantal vlinders doen dalen. Zo is er de blijvende afname van het aantal bloemen. “Het landschap in Belgi챘 heeft steeds minder nectar te bieden voor de vlinders. Dat zorgt voor afname van de gevoelige dieren”, aldus de man. Het dalende aantal vlinders zou ook te maken kunnen hebben met de “slechte zomer” van vorig jaar.

Europese vlinders met uitsterven bedreigd

09/11/2007 Vooraanstaande wetenschappers uit 31 Europese landen vragen dringend acties om de dramatische achteruitgang van dagvlinders in Europa te stoppen. Deze oproep komt er naar aanleiding van het uitsterven van de eerste Europese vlindersoort en de sterke achteruitgang van algemenere soorten. Deze onheilspellende vaststelling werd wereldkundig gemaakt op een ontmoeting van vlinderexperten uit 31 Europese landen. Verschillende landen rapporteerden het uitsterven van 10 of meer soorten binnen hun landsgrenzen. Voor het eerst werd bevestigd dat een Europese vlindersoort is uitgestorven, namelijk het Madeira groot koolwitje. In Noordwest-Europa is de situatie voor dagvlinders het meest dramatisch. Belgi챘 en Nederland zijn hier de trieste koplopers. De Vlinderwerkgroep van Natuurpunt en het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO) hebben aangetoond dat in Belgi챘 ongeveer een derde van alle dagvlindersoorten verdwenen is en dat een ander derde is bedreigd. Oorzaken van dit lokaal uitsterven en de achteruitgang is de intensivering van het landgebruik, waardoor waardevolle vlindergebieden steeds verder in de verdrukking geraken. Dirk Maes (INBO) : “Steeds meer landen in Europa slagen erin om betere gegevens over de verspreiding en de aantallen dagvlinders te vergaren. Deze nieuwe gegevens geven steeds vaker aan hoe slecht het wel gaat met de dagvlinders in heel Europa. Deze crisis is zeker niet beperkt tot de dichtbevolkte landen en regio’s, maar strekt zich uit van vlinderrijke gebieden zoals Turkije, over Oekra챦ne tot de Baltische staten. Ook het intensiveren van de landbouw in vele Oost-Europese landen baart wetenschappers zorgen.” Behoud- en herstelacties  De vlinderexperten roepen op tot meer actie van zowel de Europese als de nationale en regionale overheden. Ze zullen dit doen door samen te werken in de nieuwe koepelorganisatie Butterfly Conservation Europe, die de acties over het Europese continent zal co철rdineren. Twee leden van de raad van bestuur van Butterfly Conservation Europe, Martin Warren (Butterfly Conservation Groot-Brittannië) en Chris van Swaay (Nederlandse Vlinderstichting) hebben een boek gepubliceerd met daarin de 400 belangrijkste vlindergebieden in Europa. De vlinderexperten zullen behoud- en herstelacties voor vlinders concentreren op deze gebieden, die samen ongeveer 2% van de Europese oppervlakte beslaan. Een van hun andere doelen is om vlinders erkend te krijgen als indicatoren voor het leefmilieu in Europa. Wouter Vanreusel (Vlinderwerkgroep van Natuurpunt): “Verschuivingen in de verspreiding van soorten vertellen ons over de gevolgen van klimaatswijzigingen. Hierdoor zullen sommige soorten in onze contreien verschijnen, terwijl andere soorten verdwijnen omdat hun leefgebieden niet meer geschikt zijn of te ver uit elkaar liggen om er nog spontaan te geraken.”

De adippevlinder, niet meer te zien in Vlaanderen. – 짤

Meer artikels over: vlinders –natuur –klimaatverandering –milieu

Jaren geleden is men in de landbouw beginnen moderniseren en dat is de doodsteek van de natuur.

Kunstmest, onkruidverdelgers, het verdwijnen van mesthopen heeft vele onkruiden en daarmee vele insecten geen kans meer gegeven.

En daarmee is de cirkel niet rond.

Mussen en vlinders en vele anderen zijn het slachtoffer geworden en zijn aan het uitsterven.

Hun plaats is ingenomen door kauwen en eksters, maar ook dat is tijdelijk!

Waar geen voedsel is kan NIEMAND overleven, geen onkruiden, geen planten, geen insecten, geen vlinders, geen vogels en geen mensen.

Maar  ook de  huidige tuinaanleg is nefast voor vlinders (en ook voor bijen en andere nuttige insecten): een groene woestijn van meestal uitheemse planten die geen bloemen dragen en een gazon waar tussen het gras geen klaver of ander bloemetje een kans krijgt! beeldreportage: Bedreigde diersoorten

Opmars zeldzame spaanse vlag in Nederland

 In het slechtste vlinderjaar ooit heeft de Nederlandse organisatie De Vlinderstichting toch een positief nieuwtje: de vlindersoort spaanse vlag doet het dit jaar erg goed. Sinds 10 juli heeft de stichting verschillende meldingen over de zeldzame vlinder binnengekregen.Groenzwart met oranje De spaanse vlag vliegt vooral in Zuid-Limburg. Bij Eijsden en Heerlen zijn tientallen exemplaren gesignaleerd. De spaanse vlag is te herkennen aan zijn groenzwarte voorvleugel met cr챔mekleurige strepen en aan zijn rode of oranje achtervleugels met zwarte vlekken.Top Begin juni liet De Vlinderstichting weten dat geen enkele vlindersoort in Nederland het afgelopen voorjaar m챕챕r was waargenomen dan een jaar eerder. Bekende soorten als het koolwitje en de dagpauwoog werden bijna de helft minder waargenomen. Sinds het begin van de jaren negentig neemt de stichting een gestage daling van de meeste vlindersoorten waar.
(novum/edp)
09/08/08

Van Nes en Scheffer speelden op de computer een ecosysteem na, met tal van planten- en diersoorten. Daarna veranderden ze hun nagebootste wereld een klein beetje, bijvoorbeeld door de temperatuur te wijzigen. Dat zorgde wonderlijk genoeg niet direct voor opvallende veranderingen. De aanpassing kwam pas na een tijdje, en ging schoksgewijs. Opeens kwam er een uitsterfgolf op gang. De natuur schoot door naar een ander evenwicht, als een bal die eerst op het randje van de tafel ligt, na een klein duwtje valt, en op de grond weer tot stilstand komt. Sluit dit venster

Lawines van uitsterven: Een ecosysteem kan verschillende evenwichtstoestanden aannemen (de dalen in de grafiek). Door andere omstandigheden of temperatuurveranderingen kan het landschap van de evenwichten veranderen, waardoor een ecosysteem naar een ander evenwicht ‘schiet’. (Egbert van Nes, Marten Scheffer) Die ontdekking werpt nieuw licht op extincties. Misschien was de meteoorinslag die 65 miljoen jaar geleden het eind van de dinosauriërs inluidde wel eerder een fataal duwtje, dan een allesvernietigende mokerslag vanuit het niets. “De veerkracht van een levensgemeenschap wordt langzaam ondermijnd,” licht Van Nes het uitsterfproces toe. “Hoewel er op het eerste gezicht vrijwel niets verandert, wordt het systeem fragiel. Zodat het bij een verstoring opeens kan instorten.” Amerikaanse en Singaporese onderzoekers deden intussen een andere verontrustende ontdekking. Als een soort uitsterft, kan dat een kettingreactie teweeg brengen. Parasieten, mijten, vlinders, kevers en wormpjes die voor hun bestaan afhankelijk zijn van de verdwenen soort, lopen het gevaar mee het graf in te worden gezogen. “Co-extinctie,” is het bedrieglijk gezellige woord daarvoor. Sluit dit venster

De kolibrimijt (onder) is zowel afhankelijk van de kolibiri’s die hij gebruikt voor vervoer als van bepaalde bloemen waarvan hij leeft. Dat maakt hem extra kwetsbaar voor ‘co-extinctie’. (Navjot S. Sodhi, Science) Heather Proctor en collega’s van de universiteiten van Alberta, Tennessee en Singapore namen een lijst van ruim twaalfduizend bedreigde planten- en diersoorten, en bekeken welke organismen van de soorten afhankelijk zijn. Hun conclusie: als alle onderzochte soorten inderdaad zouden verdwijnen, dan slepen ze nog eens 6300 andere planten en dieren mee de dood in. Anders gezegd komt dat erop neer dat er voor iedere twee soorten die uitsterven er nog eens eentje extra van de aardbodem verdwijnt. Zo kan er een complete kettingreactie ontstaan die een heel ecosysteem uit balans duwt, menen de onderzoekers. Het team noemt het voorbeeld van de vlinder ‘Parantica aspasia’ uit Singapore. In de stadsstaat staat een anonieme klimplant op uitsterven, en de vlinder is daarvan de dupe omdat hij van de plant afhankelijk is. Geen plant meer, en “we zullen deze prachtige vlinder alleen nog op foto’s en in het museum kunnen bewonderen,” zegt Proctor nogal theatraal. Ook de Wageningers wijzen erop dat uitsterf-lawines geen rekenkundige rariteit zijn, maar thuishoren in de échte wereld. “Bijna alle biologische leefgemeenschappen staan bloot aan langzame veranderingen van klimaat, voedingsstoffen, grondwaterniveaus en andere factoren. (…) Het bestaan van alternatieve [evenwichtstoestanden] betekent dat hoewel de verandering in biodiversiteit geleidelijk zal zijn, zich af en toe scherpe verschuivingen kunnen voordoen, die moeilijk zijn te voorzien en onomkeerbaar zijn.” Van Nes bekijkt het nuchter. “Onze achter-achterkleinkinderen moeten het wellicht met de helft van het huidige aantal soorten doen. Daar zitten zeker voor de mens veel potentieel nuttige soorten bij. We weten anderzijds door reconstructie van eerdere [uitsterfgolven] dat de evolutie zo’n gat altijd weer dicht. Dat duurt alleen wel zo’n vijf miljoen jaar.” (Maarten Keulemans) Egbert van Nes en Marten Scheffer: “Large species shifts triggered by small forces”. In: The American Naturalist, Vol. 164, 255-266 (2004). Lian Pin Koh, Robert R. Dunn, Heather Proctor, Vincent Smith et al.: “Species coextinctions and the biodiversity crisis”. In: Science, Vol. 305, 1632-1635 (2004). INGEBOUWDE VERNIETIGING  Uitsterven  door in de soort  ingebouwde  tijdbom   ? Ten onder aan mannen  //hagedis mannen ecologie voortplanting  //29 11 2005 Margriet van der Heijden

<–(klik)  Lekker rustig zonder die kerels – Foto: PNAS

Een mannenoverschot kan tot de ondergang van een soort leiden. Dat schrijven ecologen vandaag in de Proceedings of the National Academy of Sciences. Een overschot betekent in dit geval dat er voor een vrouw drie mannen zijn. Het onderzoek werd uitgevoerd bij hagedissen. De ecologen kweekten twee verschillende groepen van deze hagedissensoort, in een afgesloten weide waarover netten waren gespannen om roofvogels te weren. Iedere groep bestond aanvankelijk uit 75 leden. Een jaar later was de groepsgrootte dramatisch verschillend. De groep met het mannenoverschot was meer dan gehalveerd en telde nog 35 leden. De groep waarin juist de vrouwen in de meerderheid waren was meer dan anderhalf keer zo groot geworden en telde 118 leden. De reden voor het verschil is de seksuele agressie van mannetjes. Bij elke copulatie bijten ze een stukje huid uit de rug van het hagedissenvrouwtjes en in de groep met het mannenoverschot werd het vrouwtje dus drie keer vaker zo toegetakeld. Voor zover ze niet definitief bezweken. Overlevende vrouwtjes baarden ook minder jongen – drie a vier in plaats van vijf zoals gewoonlijk – en ook daarbij speelde stress door de opdringerige mannetjes hen parten. Ecologen en natuurbeschermers die soorten voor uitsterven willen behoeden, moeten bij hagedissen dus vooral ook de mannetjes tellen.

‘Broeikaseffect heeft grootste gevolgen in de tropen’

05 mei 2008 Niet ijsberen, maar tropische insecten zijn de komende eeuw de belangrijkste slachtoffers van de opwarming van de aarde. Die zullen zich het slechtst kunnen aanpassen aan zelfs maar een beperkte temperatuurstijging.

Dat schrijven Curtis Deutsch en andere biologen van de Universiteit van Washington in Seattle in het wetenschappelijke tijdschrift PNAS . Hoewel de poolstreken volgens de broeikasmodellen het hardst zullen opwarmen, zullen de gevolgen voor flora en fauna daar meevallen. Ten eerste is de soortenrijkdom beperkt, en ten tweede zijn de dieren daar in staat een brede temperatuurrange te overleven – van 60 graden onder nul tot het vriespunt. Veel insecten in de tropen daarentegen leven volgens Deutsch al dicht bij de maximale temperatuur die zij kunnen verdragen. Zelfs een opwarming van maar twee graden zou hun de das om kunnen doen. Ook koudbloedige dieren als kikkers en reptielen zitten volgens de Amerikaanse biologen in de gevarenzone.

Tropische insecten de pineut

In de tropen leven de meeste diersoorten ter wereld. Bovendien is het nu al erg warm in de tropen en een paar graden extra kan veel dieren de das om doen… Dit komt volgens de onderzoekers doordat dieren in de tropen niet gewend zijn aan grote temperatuurverschillen. Het weer is bij de evenaar het hele jaar door ongeveer hetzelfde: warm en nat. En daar zijn de dieren op gebouwd. Een paar graden erbij en hun lichaam kan het niet meer aan. Vooral insecten en reptielen in de tropen lopen kans de aankomende eeuw uit te sterven, melden de biologen. Deze koudbloedige dieren kunnen hun lichaamstemperatuur niet zelf regelen. Ze zijn voor hun lichaamswarmte – en dus ook lichaamskoelte – volledig afhankelijk van hun omgeving. Toch is de voorspelling van de onderzoekers niet honderd procent waterdicht. “Migratie en het aanpassingsvermogen van dieren aan een veranderende omgeving kan een deel van de negatieve effecten tegen gaan”, schrijven ze in hun artikel. “Desalniettemin zijn onze voorspellingen zorgwekkend. Het blijkt dat de klimaatverandering de grootste impact heeft op een plek waar de grootste biodiversiteit op aarde is”.

http://noorderlicht.vpro.nl/dossiers/21297853/hoofdstuk/21298404/ Sluit dit venster De mannelijke versie van de Eudicella gralli, een felgekleurde en gestreepte bloemkever. http://noorderlicht.vpro.nl/noorderlog/dossiers/24509935/

 De spotvogel: een van de dieren die door de klimaatverandering dreigt uit te sterven  De gouden pad: het dier is al twintig jaar spoorloos, vermoedelijk omdat de klimaatverandering zijn leefgebied – de bergen van Costa Rica – grondig heeft veranderd. Daardoor is het in de bergen te droog geworden en rukken voor kikkers dodelijke schimmelziektes op. Ook ruim zeventig soorten harlekijnkikker van Costa Rica zijn inmiddels vermoedelijk uitgestorven.

Dood door opwarming

Klimaatverandering helpt miljoen soorten om zeep

Maar liefst een kwart van alle dieren en planten dreigt de komende decennia uit te sterven als gevolg van de klimaatverandering. Dat blijkt uit de meest omvangrijke prognose van de biologische gevolgen van klimaatverandering tot dusver. En de schatting is nog aan de conservatieve kant, denken biologen. [7 januari 2004] De vergelijking is oud, maar geldt als nooit tevoren: de mens heeft net zo’n verwoestend effect op de natuur als de reuzenmeteoor die 65 miljoen jaar geleden in 챕챕n klap de dinosauri챘rs van de wereld vaagde. Vandaag de dag staan niet minder dan een miljoen dieren- en plantensoorten op het punt uit te sterven als gevolg van de klimaatverandering, leert een nieuwe prognose. “Onze studie maakt duidelijk dat klimaatverandering de belangrijkste oorzaak wordt voor uitsterven,” aldus biologe Lee Hannah, een van de onderzoekers. Zelfs als de opwarming van de aarde binnen de perken blijft, sterft ongeveer 15 procent van alle landdieren en -planten uit. Bij een minder gunstige temperatuurstijging van 2 graden Celsius in het jaar 2050, zal dat aantal oplopen tot 35 procent. Van alle soorten die nu leven, zal er dan meer dan 챕챕n op de drie niet meer zijn. De uitsterfgolf kan aanhouden tot ver n찼 2050, omdat sommige soorten langzaam reageren op klimaatverandering. Dat hoeft overigens niet te betekenen dat er minder aantallen dieren en planten zullen zijn. Vorig jaar nog bleek dat het broeikaseffect ook zorgt voor meer en weelderige plantengroei, omdat er meer CO2 in de atmosfeer zit. “De natuur zal uniformer worden,” voorziet onderzoeker Michel Bakkenes, een van de opstellers van de nieuwe prognose. “Sommige planten zullen groter worden. Maar vooral gaan we meer van hetzelfde krijgen.” De nieuwe, grimmige verwachting is de uitkomst van groot internationaal onderzoek, onder leiding van de Britse Universiteit van Leeds, en uitgevoerd door onder meer het Nederlandse Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) in De Bilt. De onderzoekers namen zes steekproeven van biologische leefgemeenschappen, bij elkaar goed voor 1103 dier- en plantensoorten, en samen representatief voor ongeveer 20 procent van de natuur op aarde. Vervolgens bepaalden de onderzoekers aan de hand van de bestaande klimaatprognoses wat de opwarming van de aarde precies betekent voor het leefgebied van de soorten in kwestie. Veel dieren- en plantensoorten komen tussen nu en het jaar 2050 in de tang te zitten, rapporteren de onderzoekers morgen in Nature. Het klimaat dreigt zodanig te veranderen, dat veel soorten niet meer in hun leefgebied kunnen overleven. Maar wegtrekken naar een andere streek is niet altijd mogelijk, omdat het klimaat ook op andere plaatsen verandert en omdat de gunstigere streken vaak te ver weg liggen om heen te migreren. Dat probleem geldt des te meer in het drukke Europa, stelt RIVM-onderzoeker Bakkenes “Als soorten zich vrij konden bewegen, zou de klimaatverandering niet eens zo’n groot probleem zijn. Het is de combinatie van factoren die het probleem moeilijk maakt. In Nederland is het probleem net zo goed dat het leefgebied van kwetsbare soorten wordt doorsneden door wegen.” Ook dieren die in een natuurreservaat leven, zoals roofvogels en grote zoogdieren, zijn hun leven niet zeker: de opwarming van de aarde zal allerlei reservaten onbewoonbaar maken. In Europa dreigt volgens de nieuwe berekeningen uitsterving voor maximaal een kwart van alle vogelsoorten en voor 11 tot 17 procent van alle planten. Onder meer de heggenmus, de kuifmees, de spotvogel, de kleine waterhoen en de zwarte spreeuw kunnen in serieuze problemen komen door het veranderende klimaat. In Nederland en Belgi챘 kan de ramp er gek genoeg op uitdraaien dat de soortenrijkdom niet kleiner, maar juist groter wordt, als planten- en diersoorten uit Zuid-Europa wegvluchten naar het gematigde klimaat van de lage landen. Door de klimaatverandering dreigen vooral de mediterrane landen te verdorren. “De verwachting is dat er een verschuiving van soorten zal optreden naar het noordoosten van Europa,” zegt Bakkenes. Dat effect is nu al enigszins merkbaar: zo dook de afgelopen zomer de roodrugspin op in Belgi챘, werd de tijgerspin gesignaleerd in Brabant en zorgde de eveneens tot voor kort uitheemse paardenkastanjemineermot voor zieke bomen in het zuiden van ons land. Bakkenes waarschuwt: het kan allemaal ook nog veel erger uitpakken. In de natuur hangt immers alles met elkaar samen. “Trekvogels komen precies op tijd terug om bepaalde insecten te eten. Straks is er een kans dat daarin een onbalans ontstaat, en dat die vogels geen voedsel meer hebben, als bijvoorbeeld rupsen zich eerder gaan verpoppen.” Ook de Amerikaanse biologen J. Alan Pounds en Robert Puschendorf vinden de schatting aan de behoudende kant, schrijven ze in een begeleidend commentaar in Nature. Zo houden de schattingen geen rekening met bijkomstigheden van klimaatverandering, zoals veranderingen in wolkvorming en uitbraken van ziektes. “De modellen zien sommige cruciale veranderingen misschien over het hoofd,” opperen de commentatoren. Volgens de hoofdauteur van het artikel, de Britse bioloog Chris Thomas, zit er maar 챕챕n ding op. De uitstoot van broeikasgassen moet omlaag, en snel. “Een onmiddellijke en progressieve omschakeling naar technologie챘n die weinig of geen nieuwe broeikasgassen voortbrengen, gecombineerd met actieve verwijdering van koolstofdioxide uit de atmosfeer, kan een miljoen of meer soorten voor uitsterven behoeden.” Maarten Keulemans Chris Thomas, Alison Cameron, Rhys Green, Michel Bakkenes et al.: Extinction risk form climate change. In: Nature, Vol. 427, 145-148 (2004).

Natuurwonderen lijden onder opwarming

Van de Amazone tot de Himalaya, de tien wereldwonderen van de natuur lijden onder de opwarming van de aarde. Als het klimaat blijft opwarmen aan de huidige snelheid, zullen ze verdwijnen. Dat blijkt uit een rapport van het Wereld Natuur Fonds (WWF). Het WWF publiceert aan de vooravond van de publicatie van het eindrapport, van de tweede werkgroep van het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC), de studie “Saving the world’s natural wonders from climate change”. In het rapport staat te lezen hoe de verwoestende gevolgen van de opwarming van de aarde nu al schade aan de grootste natuurwonderen ter wereld toebrengen. Het beschrijft ook hoe het WWF in die tien regio’s werkt aan erdedigingsstrategieën om de schadelijke gevolgen af te weren. Door het opzetten van proefprojecten wil WWF aan de autoriteiten en de lokale bevolking tonen hoe ze zich beter kunnen aanpassen aan de negatieve gevolgen van de klimaatverandering. De organisatie, die actief is in 90 verschillende landen, trekt onder meer aan de alarmbel voor het Groot Barrièrerif in Australië. Door de opwarming van het water dreigt het koraal er te verbleken. Het Groot Barrièrerif in Australië.

DE HUIDIGE en potentieele SLACHTOFFERS

Aantal planten- en diersoorten blijft maar dalen

2008

Toekomstige generaties zullen te kampen hebben met honger, dorst, ziektes en andere rampen als we het milieu voort blijven vervuilen.
Dat is de waarschuwing die natuurbehoudsorganisatie WWFvandaag verspreidt naar aanleiding van de internationale Conferentie over Biodiversiteit, die volgende week maandag van start gaat in het Duitse Bonn.Volgens de nieuwste Living Planet Index, de internationaal aanvaarde standaard over biodiversiteit, blijft het aantal verschillende planten- en diersoorten dalen. Het verlies van biodiversiteit bedreigt ook de mens. De natuur voorziet de mens van voedsel, proper water, en medicijnen, en biedt bescherming tegen natuurlijke rampen.
Daarom is het cruciaal dat de natuurlijke leefgebieden en ecosystemen beschermd worden.Op foute spoor
In 2002 legden de regeringen zich het doel op om tegen 2010 de snelheid waarmee we dier- en plantensoorten verliezen, te verminderen. Maar uit het rapport van WWF blijkt dat we helemaal niet op het juiste spoor zitten. Tussen 1970 en 2005 daalde de Living Planet Index met 27 procent. De belangrijkste oorzaken zijn: verlies, verandering of versnippering van leefgebieden, vooral voor de landbouw; de overexploitatie van soorten, vooral voor de visvangst; vervuiling; de verspreiding van invasieve soorten of genen; en de klimaatverandering.Elk van deze bedreigingen zijn volgens WWF een rechtstreeks gevolg van de druk die de mens legt op de planeet door de productie en consumptie van voedsel en drank, energie of materialen, de verwerking van afval, en het vervangen van natuurlijke ecosystemen door dorpen, steden en andere infrastructuur. Hoe groter de economie en de wereldbevolking wordt, hoe groter de druk op de biodiversiteit zal worden.
(belga/sps)
_
Kritiek
Uitsterven is vooruitgang?  Maarten Keulemans//Uitsterven is helemaal niet aardig. Er is welbeschouwd geen bal aan. Uitsterven is de meest vernederende manier om te gaan, de ultieme belediging van de natuur. Er wordt dan iets onderbroken, afgehakt. De natuur gaat verder, maar zonder jou. Vandaar dat we onszelf doodschamen dat we de dodo’s en de mammoeten hebben opgegeten en dat we schande spreken van lieden die de laatste chimpansees uit de boom plukken of vissers die de zee leegvissen. Toch moet je de zaak ook weer niet overdrijven. In de geschiedenis van onze planeet is uitsterven nu eenmaal de gewoonste zaak van de wereld. We leven nu eenmaal op een snertplaneet: nu weer is de zuurstof op, dan weer ploft er een reuzenmeteoriet neer, splijt er opeens een supervulkaan open of breekt er een ijstijd uit. De natuur is wel wat gewend. Sterker nog, voor het leven is een apocalypsje op zijn tijd heel gezond. Vanuit het oogpunt van de natuur is het niet meer dan heilzaam als een wereld zo nu en dan eens flink wordt vernietigd. Af en toe houdt de natuur wat je zou kunnen noemen grote opruiming. Ze schudt het bed op, drukt op het reset-knopje, formatteert haar harde schijven. Na het einde der tijden begint er gewoon weer een nieuwe tijd, met nieuwe soorten, een nieuwe natuur. De ruggengraat van het leven – de eencelligen, de korstmossen, de varens, de schimmels, de insecten (1)– richt zich heus wel weer op. Af en toe denk ik wel eens dat de natuur goedkeurend zou toekijken bij wat we onze planeet aandoen. Het is nogal ketters om te zeggen, maar de slopende menselijke hand kon uiteindelijk ook wel eens heel goed zijn voor de biodiversiteit. Zoals ik het zie, zijn er vanaf hier twee mogelijkheden. Een mooi voorbeeld van de eerste mogelijkheid vindt u buiten op straat. Al die hondenrassen die u daar ziet rondscharrelen, die bestonden 20.000 jaar geleden nog niet. Ze zijn gemaakt door de mens. Hetzelfde geldt voor allerlei andere huisdieren, maar ook voor graansoorten, vissensoorten, koeiensoorten, geitensoorten, gistsoorten, bacteriesoorten. Ook onder het dwingende juk van de mensheid blijft de natuur zich diversificeren. De evolutie laat zich echt niet uit het veld slaan door een stelletje luidruchtige bio-hooligans. Zelfs niet als het er zesenhalf miljard zijn. En er is meer. Als je omhoog kijkt, kun je zien hoe er rond de aarde een container cirkelt vol aapachtige wezens en andere levensvormen zoals planten en bacteri챘n. Op de maan staan instrumenten waarop bacillen zich proberen te handhaven en weer andere bacteri챘n zijn op weg naar verre bestemmingen als Venus en Pluto. Dankzij de mens krijgt de aardse biosfeer, waarschijnlijk voor de allereerste keer, de unieke kans om zich uit te breiden over het heelal. En misschien is dat nog maar een vluchtige eerste aanzet voor wat komen gaat. We staan aan de vooravond van een ongekende biologische revolutie – die van de doorbraak van de biotechnologie. Momenteel zijn we druk bezig genen los te wrikken uit de soorten waarin ze de afgelopen drie miljard jaar zaten opgesloten. Een bevrijding van de genen’(2), zoals de Amerikaanse natuurkundigeFreeman Dyson ( 3) het onlangs noemde in het blad Natuurwetenschap & Techniek. Volgens het geruchtencircuit is Craig Venter (4) er zelfs in geslaagd om voor het eerst een bacterie te maken vanuit het” niets”, door stukjes DNA in het laboratorium aan elkaar te rijgen. Je hebt niet veel fantasie nodig om te bedenken waar dat toe kan leiden. In de prehistorie volgde op elke uitsterfgolf een levensgolf – een periode waarin de evolutie een enorme sprong voorwaarts nam. En iets zegt mij dat die sprong voorwaarts ditmaal duizelingwekkender en grootser zal zijn dan de aarde ooit heeft meegemaakt. Dankzij de mens en zijn biotechnologie. De tweede mogelijkheid is dat ik ongelijk heb, met mijn biorevolutie. En dat de pessimisten gelijk hebben. Dat we inderdaad ons eigen graf graven, de hand die ons voedt kannibaliseren en straks allemaal naar de gossiemijne gaan. Ook dan is er niets aan de hand. Dat wordt het beste uitgedrukt door een mop van Doris Lessing, die onlangs nog de Nobelprijs voor de Literatuur won, die ik u niet wil onthouden. Twee planeten komen elkaar tegen in het heelal. “Tijd niet gezien”, zegt de ene. “Hoe is het met je?” – “Nou, niet zo goed eigenlijk”, zegt de andere planeet. “Ik voel me niet zo lekker. Ik geloof dat ik humanitis heb.” Zegt de eerste planeet: “Ach, maak je geen zorgen. Dat gaat vanzelf wel weer over.”


NOTEN (1) Bacterieeen  en  virussen  zijn de “echte ” wortels ( en waarschijnlijk ook allereerste  vormen )  van het leven  en van de  ecologische  opbouw in lagen van de  biosfeer   …. (2)“Planten met zonnecellen als bladeren, termieten die autowrakken opeten, kinderen die spelen met ‘biotechgames’. De biotechnologie staat op het punt om onze dagelijkse leefwereld volledig te veranderen. En dat is maar goed ook, meent theoretisch-natuurkundige Freeman Dyson. Voor de natuur betekent het een bevrijding van de genen, een terugkeer naar het oerparadijs. “Genen zijn straks open source. Iedereen met genoeg verbeelding kan ze naar eigen inzicht gebruiken.” (3) Gedachten van een ketter juni 2006 De Verenigde Staten raken hun rol als supermacht binnen een eeuw kwijt, het gedoe over het broeikaseffect is overdreven en biotechnologie vindt z’n weg naar huis, tuin en keuken op dezelfde manier als computers dat hebben gedaan. Freeman Dyson (82), wereldvermaard wetenschapper en nooit te beroerd om provocerende gedachten uit te spreken. door Ernst arbouwIk ben een wetenschapper en ik heb dus weinig vertrouwen in voorspellingen”, zegt Freeman Dyson “Als ik tijdens deze lezing voorspellingen doe, dan doe ik dat als een verhalenverteller. En ik vertel verhalen om dogma’s aan de kaak te stellen.” De lezing, Heretical Thoughts about Science and Society (Ketterse gedachten over wetenschap en samenleving), werdvoor het eerst gehouden voor studenten in Texas.Die bleken de nodige moeite te hebben met zijn eerste ketterij: Amerika raakt in de komende honderd jaar zijn rol als leidende natie kwijt. Volgens Dyson is het vrij simpel. De afgelopen eeuwen zijn er altijd landen geweest die, zoals hij noemt, top nation waren. “Eerst Spanje, misschien heel kort Nederland, later Frankrijk en Groot Brittannië.” Zo’n periode waarin een land een wereldwijde supermacht was, duurde altijd tussen de honderd en hondervijftig jaar. De VS is sinds ruwweg de jaren twintig van de vorige eeuw een grootmacht, dus de Amerikaanse suprematie duurt tot laten we zeggen 2070. “Welk land wordt de volgende supermacht?”, vraagt Dyson zich openlijk af. “China, of heel misschien de Europese Unie, als die er ooit in slaagt om één natie te worden. De vraag is: hoe bereid je jezelf voor op een wereld die niet wordt overheerst door de Verenigde Staten – al is die boodschap misschien belangrijker voor Texaanse studenten.” In de zeven decennia die de wetenschappelijke loopbaan van Dyson inmiddels omvat, heeft hij zich beziggehouden met uiteenlopende disciplines: wiskunde, quantum elektrodynamica, kernfysica en biologie,om slechts een paar te noemen. Daarnaast werkte hij onder meer als adviseur van de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA en diende hij in verschillende commissies van de Amerikaanse overheid die zich bezighielden met bewapening en ontwapening. Het leverde hem niet minder dan 21 eredoctoraten en een flink aantal wetenschappelijke prijzen op, onder meer de Lorentz-medaille (1966) van de Nederlandse wetenschapsorganisatie KNAW en de Max Planck-medaille (1969) van de organisatie van Duitse natuurkundigen. Voor zijn populair-wetenschappelijke boeken kreeg hij in 1984 de National Books Critics Circle Award. Meest opvallend is waarschijnlijk dat Dyson, die ooit pleitte voor het afschaffen van alle theologen, zes jaar geleden de Templetonprijs kreeg. Die prijs van 600.000 pond (875.000 euro) is bedoeld voor mensen die “een bijdrage hebben geleverd aan de vooruitgang van religie” en werd eerder toegekend aan Moeder Teresa, voormalig Sovjetdissident Aleksandr Solzjenitsyn en de Amerikanse evangelist Billy Graham. Tijdens zijn lezing wisselt Dyson met groot gemak tussen verschillende vakgebieden. Zo maakt hij eenvoudig de overstap van geopolitiek naar klimaatwetenschap. “All the fuss about global warming is grossly exaggerated”, provoceert hij zijn publiek. Alle gedoe over de opwarming van de aarde is behoorlijk overdreven. “De aarde warmt wel op, maar lang niet overal en beslist niet zo snel als we denken”, zegt hij, om daar direct een voorzichtige slag om de arm aan toe te voegen: “Ik ben natuurlijk geen klimatoloog, ik ben een wiskundige.” Volgens Dyson zijn de gevolgen van klimaatverandering voor een groot gedeelte tegen te gaan door koolstofdioxide die nu in de atmosfeer komt, vast te leggen in de wortelstelsels van gewassen. Mocht de temperatuur van de atmosfeer dan alsnog stijgen, dan hoeft dat niet alleen maar een nadeel te zijn, gaat hij verder. Zesduizend jaar geleden was de temperatuur op aarde hoger dan nu, waardoor het klimaat in Europa milder was en de Sahara eruit zag als een aangenaam groen wetland.“Ik heb twee vragen. Leidt een toename van de hoeveelheid CO2 in de atmosfeer tot een groene, natte Sahara en is het huidige klimaat beter dan dat van zesduizend jaar terug? Het antwoord op de eerste vraag is ja, het antwoord op de tweede vraag is nee. Mensen hebben het recht en de plicht om de natuur aan te passen in de strijd tegen honger en armoede. Een hoog CO2-gehalte in de lucht is een lage prijs voor de bestrijding van armoede.” De volgende ketterse gedachte van Dyson is wat hij noemt de domestication of biotechnology, het beschikbaar komen van biotechnologie voor huis-, tuin- en keukengebruik. Dyson ziet analogie챘n met de manier waarop computers in de voorbije jaren de meeste huishoudens hebben veroverd. Door het beschikbaar komen van genetische technieken voor een breed publiek zou de acceptatie van biotechnologie toenemen, provoceert hij de biologen in de zaal. “Het is zeer waarschijnlijk dat mensen genetische modificatie blijven wantrouwen zolang het een techniek blijft in handen van grote bedrijven.” Hij schetst een toekomstbeeld waarin mensen een doe-het-zelf kit kunnen kopen om de plantjes in hun tuin genetisch aan te passen en waarin biotech in handen komt van “kids and housewives”, waarin genen vrij worden uitgewisseld en het begrip darwinistische “soort” niet langer bestaat, en waarin welvaart gelijkelijk over de wereld verspreid is. Hoewel Dyson zijn krasse voorspellingen met de nodige luchtigheid en zelfrelativering presenteert, heeft hij toch een belangrijke les voor zijn publiek. “Wat in de toekomst gebeurt, staat niet vast. Het is in jullie handen. Alle huidige denkbeelden en dogma’s zijn over een jaar of vijftig achterhaald.” “Maar”, zo besluit hij, “over vijftig jaar zijn mijn ketterijen ook achterhaald.” Kommentaren  op  natuurwetenschap en techniek  artikel van  Freeman Dyson A)Om   met genen te kunnen spelen zal natuurlijk  heel wat meer nodig zijn  dan genoeg verbeelding.We zullen  nog niet  al  te   gauw kunnen voorspellen hoe de biosfeer hierop zal reageren. Alleen al de introductie van een oneigensoort in een econiche (zoals konijnen in australië«) hebben een ontzettende invloed gehad, om over onze eigen invloed op het systeem nog maar te zwijgen. B)Het is niet zo simpel om genen iets te laten doen wat ze niet al in de natuur doen. Dat auto wrakken opeten zie ik wel zitten.Als larven van sommige vlinder de mieren kunnen verleiden om als mieren larve behandeld te worden en als sommige bomen mieren rekruteren om de bodem te ontdoen van alle concurrenten en grazers aan te vallen en als mieren zuur kunnen maken waar ijzer in oplost, dan zijn ze ook wel te manipuleren om een autowrak met zuur aan te vallen. Dat bedoel ik met iets dat de natuur al doet zo variëren dat het voor je werkt. De  in de mier  zijn ingebouwde herkenning van grazers moet gemanipuleerd worden om ijzer aan te vallen, of  dmv  een geur die we er op spuiten aan het einde van het gebruik van de auto. Het beperkte zenuwstelsel van de enkele mier is daar heel geschikt voor. Je moet ook nog zorgen dat het hele nest er op af gaat. Ook moet je zorgen dat de mier voldoende voedsel heeft om zijn nest voort te laten bestaan en uit te breiden, anders is al je werk voor niets. Maar planten die silicium zonne cellen aanmaakt en gebruikt   ?  ….. De eigen fotosynthese is maximaal maar 0.25% efficiënt tegen minsten 10% voor simpele zonne cellen tot wel 26% voor de efficiëntste. Die technologie ligt 2 ordes van grootte uit elkaar, dat is niet zomaar te overbruggen met een beetje tunen. Het hangt heel erg samen met de manier waarop evolutie werkt dat een gevonden oplossing geoptimaliseerd wordt en andere oplossingen meestal niet meer een kans krijgen om ook een evolutie door te maken voor ze kunnen concurreren met de reeds geoptimaliseerde eerste oplossing. (Dat is vanuit schepping/IDC   natuurlijk niet te begrijpen ) Andere nuttige diensten die dieren ons zouden kunnen bewijzen is het maken van spinrag en zijde of het bouwen van koraal riffen waar we eilanden in de stille oceaan moeten gaan beschermen tegen zee spiegel stijging. Ook zouden we behoefte hebben aan terraformende soorten die het in een mensenleven op Mars voor elkaar krijgen of die Venus kunnen ontbroeikassen. C) Mensen gebruiken zulke vrijheden  en nieuwe mogelijkheden   ook altijd op een negatieve manier. Respect freeman, maar vergeet sociaal-maatschappelijke omstandigheden niet.

  (4) Synthetisch leven  ? VIDEO  http://bloggingheads.tv/video.php?id=431 Oct 18 Science Saturday: Synthetic Life Edition (Carl Zimmer & Craig Venter) Introducing Craig Venter, the gold standard in human genomes (06:32) Personal genome sequencing at bargain prices (05:16) Discovering the value of junk DNA (06:27) The recipe for artificial life (09:09) How to perform a genome transplant (07:39) What can synthetic biology do for humankind? (09:05) What is life? (05:08) 2003 http://carlzimmer.com/articles/2003.php?subaction=showfull&id=1177164856&archive=&start_from=&ucat=6& 2007 http://scienceblogs.com/loom/2007/10/08/talking_to_craig_venter.php#commentsArea Heather Kowalski, spokesperson for the J. Craig Venter Institute. This morning she sent me an email confirming what I had suspected…

Dr. Venter and the synthetic genomics team at the Venter Institute have not yet created synthetic life. While progress is being made toward this goal, it has not yet been achieved. When they do so, they will submit the work to a scientific journal for peer review with the hope that it will be published. Any announcements or publications on the synthetic organism are likely still months away.

Creating life from scratch will be big news, no doubt. But it’s distressing that the Guardian managed to get so much press for a carefully worded non-story.

Uitsterven in de broeikas

Over de onzin van voorspellingen betreffende de biosfeer  // Gepubliceerd: 28 april 2007

Als het klimaat verandert, kunnen planten- en dierensoorten uitsterven. Misschien wel een op de vier, schat het IPCC.
Dat klopt niet, zeggen biologen.

Karel Knip    // Een kwart van alle planten- en dierensoorten kan nog deze eeuw uitsterven. Dat was het nieuws na de persbijeenkomst in Brussel op 6 april van werkgroep II van het IPCC. Want als de temperatuur door het broeikaseffect blijft stijgen, wat aannemelijk lijkt, neemt volgens het IPCC voor 20 tot 30 procent van planten- en dierensoorten het risico op uitsterven toe.

Het IPCC is het VN-orgaan voor wetenschappelijke analyse van klimaatverandering. Om de zes jaar worden actuele studies door drie IPCC-werkgroepen beoordeeld en samengevat. Werkgroep I rapporteert over het klimaat zelf, werkgroep II behandelt de gevolgen en werkgroep III formuleert oplossingen.
Het aanstaande verlies aan biodiversiteit is in de media breed uitgemeten. Dat het IPCC zelf de kans dat de voorspelling uitkomt niet groter dan 50 procent   achtte, ontsnapte makkelijk aan de aandacht. Wat ook bijna iedereen ontging is dat de conclusie in het concept van de samenvatting veel harder was geweest: als de temperatuur stijgt zoals aangenomen loopt 20 tot 30 procent van alle soorten een hoge kans op onomkeerbaar uitsterven.In het ambtelijk overleg dat aan de perspresentatie voorafging is ‘hoog’ veranderd in ‘toenemende’. En er werd aan toegevoegd dat de uitspraak alleen de tot dusver onderzochte soorten betrof. Zo ontstond een afgezwakte beweringdie toch door iedereen is geïnterpreteerd zoals de bedoeling was: straks is een kwart van de soorten weg.In het maartnummer van BioScience (online) hebben negentien onderzoekers aangevoerd door de ecoloog Daniel Botkin geprotesteerd tegen de conclusies. Wij geloven dat het tempo van uitsterven wordt overschat, schrijven zij. De gehanteerde methoden deugen niet.
De methode die Thomas c.s. hanteren heet de niche- of klimaatenvelop-methode. Hij gaat ervan uit dat voor elke plantensoort heel precies een combinatie van eisen is te formuleren die de soort aan zijn klimaat stelt (gemiddelde en maximale temperatuur, hoeveelheid neerslag etc.).De onderzoekers ontdekken deze klimaatfactoren door na te gaan wat de klimaatextremen zijn die optreden in het huidige verspreidingsgebied van de soort. Ze gaan ervan uit dat soort en klimaat inmiddels wel met elkaar in evenwicht zijn. Het vervolg gaat aldus: voor een aantal aannemelijk geachte emissie-scenario’s (afgeleid uit een waaier aan economische en sociale verwachtingen) wordt met een serie betrouwbaar geachte klimaatmodellen berekend hoe de relevante klimaatfactoren in het bestudeerde verspreidingsgebied in deze eeuw veranderen.
– Wie héél veel soorten analyseert kan voor een begrensd gebied wel zo’n beetje aangeven hoeveel plantensoorten er kunnen uitsterven omdat hun klimatologische niche verdwijnt: het wordt te warm, te droog of te nat.Een complicatie is dat in de omgeving van het oude verspreidingsgebied nieuwe bruikbare niches kunnen ontstaan, maar dat niet duidelijk is of de soort-in-moeilijkheden die ook kan bereiken. De onderzoekers lossen dit probleem op door de bereikbaarheid van nieuwe niches gewoon op 0 of op 100 procent te zetten. Thomas c.s., die graag een bewering voor de gehele aarde wilden doen, liepen ook vast op de vraag hoe je de krimp van oppervlakten met zeer verschillende afmetingen moet vergelijken. De rekenarij waarin zij zich daarna begaven is tenenkrommend. Het conceptrapport van het IPCC laat hier en daar doorschemeren dat er bedenkingen zijn. Men noteert dat het beeld van de potentiële risico’s verre van volmaakt is en dat het hier en daar tegenstrijdigheden oplevert. Maar uiteindelijk heeft men toch een dramatisch getal willen noemen. De negentien geleerden in BioScience zijn duidelijker. De gehanteerde modellen zijn onacceptabel grove simplificaties, schrijven zij. De meeste modellen zijn niet te toetsen en zitten vol cirkelredeneringen. Meestal worden andere ongunstige invloeden als habitat-vernietiging of stikstofbemesting genegeerd. De z-waarde is een slag in de lucht en het staat helemaal niet vast dat de eisen die soorten aan hun omgeving stellen zo rigide zijn. Hun sterkste argument: de klimaatverandering die tot de laatste ijstijdleidde was ook niet mis, maar toen zijn nauwelijks soorten verdwenen. Dat blijkt uit pollenonderzoek en teruggevonden fossielen.Pas als dat ‘Quaternary conundrum’ is opgelost kunnen wij voorspellingen gaan doen, vinden ze
Allemaal overdreven ?
Veel alarmerende berichten verschijnen dagelijks in de kranten en media ; Toch schijnt het slechts wat reacties op te wekken die zijn geralateerd aan het complot-denken en bij de ontkenners van de op handen zijnde millieucollaps en de “uitstervingsgolf ”
( een paar voorbeelden ) ;
Medicinale planten met uitsterven bedreigd
Zo kunnen we blijven doorgaan met wat uitsterft, vervelend genoeg…Of -Was Charles Darwin toch niet zo gek ?. -Er worden ook regelmatig nieuwe soorten dieren en planten ontdekt, maar daar wordt weinig aandacht aanbesteed___ ach, er zal wel hier en daar ook weer wat nieuws worden gevonden : en als we snel genoeg zijn ,kunnen we die pas ontdekte groepen dieren en planten nog net van uitsterven behoeden Het zinnetje”wordt met uitsterven bedreigt” wordt erg makkelijk gebruikt. Een jaar geleden wordt er geschreven dat de afrikaanse olifant met uitsterven bedreigd wordt . Vorige week komt het bericht dat de afrikaanse overheid toestemming geeft om een groot aantal olifanten af te schieten, omdat er te veel komen.

Een aantal jaren geleden gingen alle bossen dood aan zure regen, iedereen in paniek. Hoor je daar nu nog wat over?.
Nog langer geleden andere paniek: te veel kwik in de vis. Niemand durfde meer een harinkje te verschalken, totdat iemand de kwikconcentratie ging meten in gemummificeerde vissen uit het graf van een farao. Wat bleek : veel hogere kwik concentratie. Einde paniek.
Nog verder terug eind 19e eeuw: er waren ruim 5000 taxis in London (paardentaxi’s dus) en iemand had berekend dat als het zo doorging binnen 20 jaar London bedekt zou zijn onder een laag mest van minstens 60 cm.
Natuurlijk moeten we kritisch zijn op de CO2 uitstoot ( mag de bevolking ook wat minder groeien alstublieft?) maar zo vaak heeft de mens er met “voorspellingen “naast gezeten
II
Natuur veranderd, het zal best zo zijn dat wij als mensen de aarde minstens gedeeltelijk naar de klote helpen: Uitstervingen en(huidige) opwarming wordt minstens (mee) veroorzaakt door de mens. ( de druppel die de memer doet overlopen ?)
Beide punten zijn feiten, je kan je alleen afvragen of, en zo ja, hoeveel invloed de mens daarop heeft/had.
Punt 1 ,de klimaatsverandering. Dat het gebeurt lijkt me duidelijk, wat daarvan de oorzaak is, is onderwerp van veel discussie. Velen menen echter dat de mens geen significant effect daarop heeft, ik meen echter dat de mens wel invloed heeft. Niet 100%, maar wel een significante invloed.
“Moeder natuur” houdt er alvast geen rekening mee dat er het ene decenia 10 vulkanen uitbarsten en het andere 11. Klimaatsverandering is al altijd het geval geweest ! Maar de snelheid is nu eenmaal niet altijd constant De cijfers die er zijn, wijzen er misschien wel op dat er in elk geval EEN ERG ZWAKKE relatie is tussen CO2 en temperatuurstijgingen Maar er zijn wel degelijk ,hoe dan ook , temperatuur stijgingen . Het klimaat warmt op dat is een feit, maar moeten we nu vrezen hiervoor of dat de golfstroom stil komt te liggen en er weer een ijstijd aankomt?
Punt 2, het uitsterven van soorten komt door 2 hoofdoorzaken: A. ontbossing/bevolkingsgroei/vernietiging leefgebieden, bijna altijd door de mens en B. Klimaatsverandering. Over B zou je nog kunnen zeggen dat de mens geen invloed heeft, maarover A is duidelijk dat de mens verantwoordelijk is

Dus je kan zeggen: de mens is voor een significant deel verantwoordelijk voor het verdwijnen van soorten.

De mens is zeker niet 100% verantwoordelijk , maar heeft wel een grote vinger in de pap.
Het klimaat verandert altijd, en het is ook normaal dat soorten verdwijnen,( = 99,9 % der bekende(ook fossiel bewaarde getuigen van ) soorten zijn uitgestorven–>
‘Getijden veroorzaakten uitsterven diersoorten’ ) en er weer ‘nieuwe’ voor terug komen.
Het probleem is alleen dat het klimaat nu (relatief) extreem snel verandert, en dat mede daarom (relatief) enorm veel soorten uitsterven.
-Die uitstervende soorten worden niet gecompenseerd met nieuwe soorten, omdat evolutie nou eenmaal niet zo snel werkt…
-Ofwel worden de ecologische niches opgevuld door exoten
Laten we echter ook de andere kant niet vergeten ;nml dat er nog geen onderzoek is gedaan naar de gevolgen van het door ons in stand houden van een soort.
Overigens denken veel mensen dat plaaggesten en lastposten best verdwijnen : men wil graag aan selectief natuurbehoud doen …
Het in stand houden(of bevoordeligen )van soorten ( bijvoorbeeld vee , huisdieren , voedsel- en industrie planten,”mooie” bloemen ) zou echter ook precies het tegenovergestelde effect kunnen hebben: —> het uit evenwicht brengen van de natuur.
Dat is precies de ‘natuurlijke’aard van de (huidige ) mens :het in onevenwicht brengen van de “natuur”
Echter , de mens is ook (een deel van de) natuur…
Ook in het zichzelf naar de kloten helpen is de mens een specialist
Wel eens beseft dat als alle “ongedierte , ‘overbodige ‘ fauna en flora en lastige muggen kapotvallen ‘, jij waarschijnlijk ook kapot valt? De voedselketen heet dat …
Deze planeet is de planeet der bacterieen en microben … alle hogere organismen leven in diens gratie en teren erop
Los van klimaatverandering wel/niet door toedoen mens, is het gewoon zo dat soortendiversiteit iets is dat je zou moeten koesteren. Als veel planten en dieren van deze planeet verdwenen zijn, inclusief hun natuur, zullen we nog eens zien of we ze gaan terugwensen. (ook cultureel en louter in termen van menselijk “welzijn” /wars van economische overwegingen , zou het een verschrikkelijke prijs betekenen )
Het kon nog wel eens vies tegenvallen om op(onze ) eigen (menselijke en zelfzuchtige ) benen te staan. Laten we proberen de natuur levend te houden en haar lessen serieus te nemen. We mogen deze erfenis niet zomaar verspillen

Gewervelden moeten 10.000 keer sneller evolueren om

klimaatverandering voor te blijven

 11 juli 2013   0

kikker Het lijkt erop dat de klimaatverandering de evolutie te snel af is. Nieuw onderzoek wijst erop dat veel gewervelde dieren de komende honderd jaar zo’n 10.000 keer sneller moeten evolueren dan ze in het verleden hebben gedaan, om het veranderende klimaat voor te blijven. Onderzoekers van de universiteit van Arizona bestudeerden 540 verschillende soorten gewervelden, waaronder amfibieën, reptielen, zoogdieren en vogels. Ze achterhaalden hoe snel deze soorten zich in het verleden aan een veranderend klimaat hadden aangepast. Vervolgens vergeleken ze die snelheid met de snelheid waarmee het klimaat in de komende honderd jaar naar verwachting gaat veranderen. En het lijkt erop dat heel wat gewervelde soorten te langzaam evolueren om het veranderende klimaat ook in de 21e eeuw voor te blijven. Niche “Elke soort heeft een klimaatniche: een bepaalde temperatuur en vochtigheid in het gebied waarin de soort leeft en kan overleven,” legt onderzoeker John J. Wiens uit. “Sommige soorten vinden we bijvoorbeeld alleen in tropische gebieden, anderen enkel in koelere gematigde gebieden, anderen leven in hoge bergen en weer anderen in woestijnen.”

 

Aanpassen Soorten kunnen zich wel aanpassen aan een iets ander klimaat, maar dat kost tijd, zo wijst het onderzoek van Wiens en zijn collega’s uit. Gemiddeld zijn soorten gewend om zich aan te passen aan een klimaat dat in een periode van één miljoen jaar ongeveer 1 graad Celsius verandert. Maar de door mensen veroorzaakte klimaatverandering die we nu zien plaatsvinden, gaat sneller. Het Intergovernmental Panel on Climate Change verwacht dat de wereldwijde temperatuur de komende 100 jaar met zo’n vier graden Celsius stijgt. “Dat suggereert dat simpelweg evolueren om met die nieuwe omstandigheden om te kunnen gaan, voor veel soorten geen optie is.” In veel gevallen bleken gewervelden zo’n 10.000 keer sneller te moeten evolueren dan ze in het verleden gedaan hebben. “Onze gegevens wijzen erop dat bijna alle groepen wel enkele soorten tellen die mogelijk bedreigd worden, het gaat dan met name om tropische soorten.” Maar soorten hoeven toch niet per se te evolueren om zich aan het klimaat aan te kunnen passen? Ze kunnen toch ook gewoon hun boeltje pakken en verhuizen naar een nieuw leefgebied met een klimaat dat vergelijkbaar is met het voormalige klimaat in hun oude leefgebied? Op papier is dat een optie, maar in de praktijk is het lastig, stelt Wiens. “Sommige studies suggereren dat veel soorten niet in staat zullen zijn om snel genoeg te verhuizen. Bovendien is verhuizen alleen een optie als soorten toegang hebben tot een leefgebied dat niet te veel door mensen is verstoord. Of denk aan soorten die op de top van een berg wonen: als het daar te warm of te droog wordt, kunnen ze nergens heen.” Bronmateriaal: UA Study: Evolution Too Slow to Keep Up With Climate Change” – UANews.org De foto bovenaan dit artikel is gemaakt door John J. Wiens. uitstervingen  prognose 2100 °

Van kleur veranderende Amerikaanse haas kan klimaatverandering niet bijhouden

haas Supersnel zijn ze: Amerikaanse hazen. Maar nieuw onderzoek wijst erop dat ze de klimaatverandering toch niet bij kunnen houden. De hazen – die de kleur van hun vacht aanpassen aan hun omgeving – kunnen niet snel genoeg inspringen op de grote veranderingen in hun leefgebied. De Amerikaanse haas is in de zomer mooi bruin. Maar in de winter – wanneer zijn leefgebied bedekt is met sneeuw – kleurt het haasje prachtig wit. Onderzoekers vroegen zich af hoe de Amerikaanse hazen reageren op het feit dat het winterseizoen steeds grilliger wordt: soms ligt er heel lang veel sneeuw. Op andere jaren is het sneeuwseizoen maar kort. Kunnen de hazen daarop inspringen? Of hebben ze moeite om met die veranderingen om te gaan? Onderzoek De onderzoekers bestudeerden 148 wilde hazen gedurende drie jaar. Elke week bestudeerden ze de kleur van de vacht en noteerden ze hoeveel sneeuw er in het leefgebied van de hazen lag. Ook werd vastgesteld in hoeverre de kleur van de haas en de kleuren van zijn omgeving overeenkwamen. In de drie jaar waarin dit onderzoek plaatsvond, waren de verschillen tussen de winters zeer extreem. Zo lag er in de winter van 2010/2011 heel veel sneeuw, terwijl het sneeuwseizoen in het jaar ervoor heel kort was. Van bruin naar wit en wit naar bruin Uit het onderzoek blijkt dat de hazen het moment waarop ze wit gaan kleuren niet aan kunnen passen. Het moment waarop ze bruin kleurden wel: in de winter van 2010/2011 stelden ze dat moment bijvoorbeeld ietsje uit. “Gemiddeld kost het een haas veertig dagen tijd om zijn kleur te veranderen van bruin naar wit,” vertelt onderzoeker L. Scott Mills. “De verandering van wit naar bruin duurt enkele dagen langer en lijkt afhankelijk van de temperatuur of de aanwezigheid van sneeuw ook ietsje sneller of langzamer plaats te kunnen vinden.”

Andere soorten

Het onderzoek vertelt ons niet alleen iets over de Amerikaanse hazen. Er zijn tal van soorten wereldwijd die de kleur van hun vacht aan het seizoen aanpassen. De consequenties die nu voor hazen worden geschetst, laten wellicht ook zien welk effect klimaatverandering op deze andere soorten heeft.

Toekomst De onderzoekers probeerden ook te achterhalen welke gevolgen dat voor de toekomst heeft, wanneer er naar verwachting steeds korter sneeuw zal liggen. Tegen het jaar 2050 zal het sneeuwseizoen naar verwachting 29 tot 35 dagen korter zijn. Tegen het jaar 2100 is het sneeuwseizoen wellicht tot wel 69 dagen korter. De afname in sneeuw zou erin resulteren dat hazen vier tot acht keer meer dagen een kleurtje hebben dat niet bij hun omgeving past: ze zijn dan wit in een bruine omgeving. En dat maakt ze heel kwetsbaar voor roofdieren. Hoop Het onderzoek lijkt een heel somber beeld te schetsen. Maar er is zeker geen reden om de Amerikaanse haas op te geven. De onderzoekers wijzen erop dat het best mogelijk is dat deze zich door natuurlijke selectie alsnog aan de veranderende omstandigheden aan gaat passen. Als een verkeerd kleurtje er inderdaad toe leidt dat een haas sneller door roofdieren wordt gepakt, dan zorgt natuurlijke selectie er uiteindelijk voor dat hazen die de kleur van hun vacht beter op hun omgeving af kunnen stemmen, een voorsprong krijgen. Zij leven langer en kunnen voor meer nageslacht zorgen (aan wie ze het tijdig wisselen van de vacht wellicht doorgeven). Zo kan de populatie hazen zich wellicht door evolutie aanpassen. Een andere mogelijkheid is dat hazen hun gedrag veranderen om de kans om slachtoffer te worden van een roofdier te verkleinen. Witte hazen in een bruine omgeving zullen dan sneeuw op gaan zoeken om toch niet op te vallen. Maar één ding staat wel vast: als de Amerikaanse hazen zich op één van deze twee manieren willen aanpassen, zullen ze snel moeten zijn. Want ook het klimaat waarin ze leven, verandert snel. De onderzoekers willen nu uit gaan zoeken of een ‘verkeerde’ kleur vacht er inderdaad in resulteert dat hazen sneller slachtoffer worden van roofdieren. Ook willen ze kijken of de hazen zich nu reeds aan het aanpassen zijn. Het onderzoek is gepubliceerd door de PNAS, een van de meest gerenommeerde en geciteerde wetenschappelijke bladen ter wereld. http://www.pnas.org/content/early/2013/04/10/1222724110.full.pdf

  • Evolutie bij de Amerikaanse haas.gaat niet zo snel als de klimaatverandering

    •  148 hazen gedurende 3 jaar volgen en meteen iets kunnen zeggen over de verre toekomst.?

      • Dat heet extrapolatie
    • Het is geen toeval ( gebaseerd op te weinig gegevens  en  onderzoek gedurende  drie winters  ) , maar een trend, een observationele trend die niet alleen wordt (h)erkent in deze hazen, maar ook in het lab met fruitvliegjes, muizen en andere gedierte. Of wat dacht je van de Atlantische tomcod in de Hudson baai New York? Allemaal dezelfde trend verschijnselen: een veranderende omgeving( en dus ook het  veranderderde klimaat_____ tenminste als het niet te snel gaat ))  leidt  tot veranderende soorten.: In de biologie noemen we dat evolutie. Klimaat is  zeker  al altijd  een voorname factor geweest  
Bedreigde diersoorten  (2007)
Dieren voelen  vandaag al  de kwalijke gevolgen van de opwarming van de aarde: de karetschildpadden in de Caraïben, de tijgers in de Sudarban-mangroves in India en de wilde zalm in de Beringzee zijn volgens het WWF drie diersoorten die rechtstreeks worden bedreigd.Ook de wouden van Valvidia in Chili en Argentinië, de Yangtze-rivier in China, het Amazonewoud, de smeltende gletsjers in de Himalaya en de bossen langs de kusten van Oost-Afrika houdt het WWF in de gaten omdat het gaat om regio’s die klimaatveranderingen slecht verdragen.”Al die natuurlijke rijkdommen zijn bedreigd door de verhoging van de temperaturen”, legt Lara Hansen, wetenschappelijk deskundige van het Klimaatveranderingsprogramma van het WWF, uit. “Enkel draconische maatregelen van de autoriteiten om de uitstoot van broeikasgassen te beperken, kunnen dit een halt toeroepen”, voegt ze er aan toeRed de reuzen!

Links

‘Tropische insecten de pineut’, Noorderlog, 7 mei 2008.

‘Uitsterfgolf in volle gang’, Noorderlog, 2 mei 2006

“Global warming bedreigt kikkers”, Noorderlog, 12 januari 2006.

‘Dood door opwarming – Klimaatverandering helpt miljoen soorten om zeep’, Noorderlicht nieuws, 7 januari 2004

Grote dieren hebben over het algemeen minder te vrezen dan kleine beestjes. Groter is dus beter, dacht men. Tot nu. Als groter beter is, waarom is de wereld dan niet vergeven van reuzen, vroeg Kaustuv Roy van de Universiteit van Californië zich af. Omdat lichaamsgrootte ook te maken heeft met de omgevingstemperatuur, schrijft hij deze week in het tijdschrift Science. Dieren in de tropen zijn kleiner dan beesten die rondom de polen leven en ook uit laboratoriumonderzoek blijkt dat dieren in een warme omgeving minder groot worden. Als de wereld verder opwarmt, is het te verwachten dat alle diersoorten kleiner worden, meent Roy. Aangezien grote exemplaren daarnaast een aantrekkelijkere prooi zijn voor jagers – een jager is blijer met een grote vis, dan met een kleine – verwacht hij dat grote dieren op den duur zullen uitsterven. Om dat te voorkomen roept hij de lezer op toch vooral zuinig te zijn op de grote exemplaren. Want, zo schrijft hij, de vraag is niet waarom er zo weinig reuzen zijn, maar hoe we de paar die we hebben kunnen behouden (Arianne Hinz)

Wordt het saai op aarde?   Het uitsterven van planten of dieren trekt veel aandacht. Het verdwijnen van de Korenwolf werd breed besproken.

intermezzo  

de Hamster (korenwolf) De korenwolf bezit een levendig kleurpatroon. Een bijzonder contrast vormt de zwarte buikzijde met de geelbruine rug en de witte vlekken op kop, hals en flanken. Door een vijand verraste hamsters richten zich dreigend op. Het contrasterende kleurpatroon van de onderzijde kan sommige dieren afschrikken. Het is oorspronkelijk een steppebewoner, die tot ver in Azië voorkomt. Hij paste zich echter uitstekend aan de door de mens geschapen cultuursteppen met graan en grassen aan. Voor de bouw van zijn ondergrondse woning is een stevige, maar niet te harde bodemgrond nodig. Daarom vindt men hem vooral op een leem- of Lössbodems, zoals in Limburg. In ons land leven er slechts enkelen, dit komt omdat ze niet kunnen leven in een korenveld dat ieder jaar geoogst wordt. Korenwolven zijn alleseters, ze eten insecten maar zijn vooral gek op cultuurgewassen. Ze gaan ongeveer tot 1/2 kilometer van hun hol vandaan op zoek naar eten, voedsel dat ze vinden ‘hamsteren’ ze en nemen ze mee in hun wangzakken, pas als deze zo vol mogelijk zijn keren ze terug naar het hol. Hier legen ze de wangzakken met behulp van de poten. De korenwolf leeft overwegend solitair, alleen in de paartijd dulden ze een partner in hun hol. Het hol is een 1 tot 2 meter diep gangenstelsel met woon- en provisiekamers. Hij verlaat zijn hol over het algemeen alleen `s nachts of in de schemering. Voornamelijk overdag besteedt hij veel aandacht aan zijn verzorging, hierbij worden vooral de voorpoten gebruikt. Hij houdt een winterrust die hij ongeveer om de 5 dagen onderbreekt om te eten, het eten heeft hij in de herfst verzameld. In de paartijd die tussen april en augustus valt volgt het mannetje het vrouwtje tot in haar hol, waar hij in eerste instantie niet welkom is. Als het mevrouw wilt paren, wordt ze eerst door het mannetje uitgebreid besnuffeld en gelikt en dan van achteren bestegen. Meestal vindt de paring in het hol plaats. De nestkamer ligt ongeveer een halve meter diep. Gangen leiden naar alle kanten: naar de provisiekamers, de latrine en naar buiten. Na een korte draagtijd van circa 20 dagen komen er zes of zeven jongen ter wereld. Bij de geboorte zijn ze naakt en blind, maar na twee weken zijn het prachtige diertjes met de fraaie kleurtekening van de ouders, maar de aandoenlijke proporties van een jong dier. Ze brengen hun jeugd door met ravotten in nest en gangen, en verder met veel slapen, eten en drinken bij de moeder. Ze gebruiken keurig het toilet, dragen voedselbrokken in de wangzakken rond en worden door de moeder bij hun nekvel gepakt als ze te ver weglopen. Het mannetje bemoeit zich niet met de opvoeding. Na vier weken zijn de jongen zelfstandig. Ze verlaten dan het hol van de moeder en graven hun eigen gangenstelsel. Omdat ze nog vrij klein en onervaren zijn, vallen ze eerder ten prooi aan roofvijanden dan volwassen korenwolven. Bij het vestigen van een eigen territorium markeren jonge hamsters dit door met hun flankklieren langs bepaalde punten, zoals een steen, te wrijven. Ook volwassen hamsters vertonen dit gedrag. Jaarlijks zijn er 2 tot 3 worpen van elk zo’n 3 tot 12 jongen. Paspoort

Korenwolf
Wetenschappelijke naam Cricetus cricetus
Verspreidingsgebied Europa en Azië
Voedsel granen, bonen, wortels, planten, insecten
Lengte 20 – 30 cm, staart 5 cm
Gewicht vari챘rend van 100 tot 900 gram
Leeftijd
Status Thans niet bedreigd (in Nederland w챕l bedreigd)

Daarbij was overigens geen sprake van ‘echt‘ uitsterven, hij verdween alleen uit Nederland.
Nog regelmatig verschijnen er zelfs artikelen over de Dodo die al in de tweede helft van de 17e eeuw op Mauritius uitstierf.
De afgelopen week konden we lezen dat die vette vogels hun einde niet hadden gevonden in de stoofpotten van Hollandse zeelieden, maar het onderspit hadden gedolven in een strijd om het bestaan met geiten en varkens, door dezelfde Hollanders ingevoerd.
Ook de uitgestorven dino‘s hebben niet over belangstelling te klagen.
Als we een artikel in Nature  en Science  moeten geloven, zijn we toe aan een uitsterfgolf.
Er wordt voorspeld dat, als gevolg van een , door de mens veroorzaakte stijging van de temperatuur op aarde, binnen vijftig jaar een kwart van alle landdieren en planten zal zijn uitgestorven.
De biologische relaties waarop de voorspelling is gebaseerd zijn al lang bekend en vaak bevestigd.
De voorspelling is redelijk ‘stevig‘.
Moeten we ons daar zorgen over maken, of stelt dat niet zoveel voor?
Sommige mensen wijzen erop dat er altijd soorten ontstaan en uitsterven.
Overal op aarde sterven planten, insecten, vissen en zoogdieren uit.
Op zich is dat een verschijnsel dat hoort bij het type leven zoals we dat kennen.
Een essentieel aspect van dat leven is dat organismen voortdurend veranderen, evolueren, via hetzelfde proces waardoor telkens weer nieuwe akelige virussen ontstaan.
Bestaande levensvormen worden weggeconcurreerd door nieuwe vormen die beter aan de heersende leefomstandigheden zijn aangepast.
Het proces kan ook omgekeerd verlopen: doordat bestaande soorten uitsterven, krijgt evolutie van nieuwe soorten ruim baan.
 In beide gevallen zijn uitsterven en evolutie van nieuwe soorten direct aan elkaar gekoppeld.
Hoe snel gaat dat nu?
Wat is de snelheid waarmee bestaande soorten door nieuwe soorten worden ‘vervangen‘?
Dat is een lastige vraag.
Gezien de diversiteit aan fossielen en gezien de diversiteit aan fossiele groepen die helemaal niet meer vertegenwoordigd worden door levende nazaten, moeten we aannemen dat er een veelvoud van het aantal soorten dat nu op de aardbodem voorkomt eerder is uitgestorven.
Stel dat een plantensoort gemiddeld zo‘n 500.000 jaar blijft bestaan en er in totaal 500.000 plantensoorten op aarde voorkomen, dan sterft gemiddeld elk jaar één soort uit en ontstaat elk jaar één nieuwe soort.
Als ik een factor 10 mis zit wat betreft de gemiddelde levensduur van een soort (en dat geloof ik niet) dan zouden er elk jaar 10 nieuwe soorten ontstaan en 10 bestaande soorten uitsterven.
Hoewel het komen en gaan van soorten een continu proces is, vallen er ook pulsen in waar te nemen: uitsterfpulsen gevolgd door evolutiepulsen.
Over de oorzaak van tenminste één van de uitsterfpulsen bestaat een acceptabele en algemeen bekende theorie: de inslag van een gigantische meteoriet, zo‘n 100 miljoen jaar geleden waardoor meer dan 90% van alle soorten op aarde omkwam.
De voorspelling in Nature komt in de buurt van zo‘n uitsterfpuls De titel van een recent artikel in Trouw waarin die voorspelling besproken werd, was: ‘Het wordt saai op aarde‘. ( zie hieronder )
Dat zal inderdaad gebeuren als we ons erbij neer leggen.
Maar we moeten ons dan wel realiseren dat het gaat om een kwart van de planten en dieren die de basis vormen voor het ontwikkelen van onze nieuwe geneesmiddelen en onze nieuwe voedingsmiddelen.
Dat het gaat om een kwart van de diversiteit aan vogelgeluiden en planten die het landschapsbeeld bepalen.
Dat het gaat om een kwart van de soorten die er miljoenen jaren over gedaan hebben om te evolueren tot wat ze nu zijn.
Bij een  massale uitstervingsgolf ( bijvoorbeeld een kernoorlog )  van alle hogere levensvormen  krijgt Darwins gevaarlijke idee gewoon weer een nieuwe kans.
Moeder Aarde kan dan de komende miljarden jaren met micro-organismen – die zijn immers nooit uit te roeien – opnieuw ‘hogere‘ levensvormen in elkaar knutselen.
Een schrale troost.
Het wordt saai op aarde Trouw, 9 januari 2004 Door de opwarming van de aarde zal binnen vijftig jaar een kwart van de landdieren en -planten zijn uitgestorven. Dat voorspelt een internationaal team wetenschappers deze week in het vakblad Nature. Een serieuze waarschuwing, menen Nederlandse biologen. Jan Komdeur, hoogleraar evolutionaire ecologie van vogels aan de Groningse universiteit, las het nieuws gisteren aan de ontbijttafel. ,,Een kwart van de dieren en planten sterft uit… Ik ben daar erg van geschrokken. Ik wist natuurlijk dat allerlei soorten door de opwarming van de aarde in de problemen zouden komen, maar dit concrete getal is enorm!” De voorspelling, deze week gepubliceerd in het vakblad Nature, is gedaan door een team onderzoekers uit diverse landen. Ze hebben drie scenario’s doorgerekend voor de ontwikkeling van de soortenrijkdom van onze planeet. Het eerste scenario geldt als de temperatuur de komende vijftig jaar licht stijgt, met 0,8 tot 1,7 graden Celsius. De tweede raming is gebaseerd op een milde verhoging (1,8 – 2,0 graden), de derde op een sterke stijging (meer dan 2,0 graden). De uitkomst: in 2050 zal respectievelijk 18, 24 en 35 procent van de soorten zijn uitgestorven. Die getallen zijn nieuw, maar op zich was het al bekend d찼t de toenemende warmte veel soorten de das om zou doen. Biologen hebben bij herhaling waargenomen dat allerlei dieren in de problemen kwamen. Een goed voorbeeld is de bonte vliegenvanger. Deze Nederlandse vogel overwintert in Afrika. Als hij op zijn gebruikelijke tijdstip terugkomt in Nederland, aan het begin van de lente, is de insectenpiek hier al grotendeels voorbij omdat de lente steeds vroeger begint. Veel jongen sterven vervolgens door voedselgebrek, wat de soort in gevaar brengt. Toch is het moeilijk te voorspellen of de vliegenvanger hieraan ten onder zal gaan. Komdeur: ,,De vogel kan zichzelf nog redden als hij een stukje doorvliegt naar Scandinavië waar de voedselpiek later valt. Maar tot nu toe is hij niet op dat idee gekomen. Ik vermoed dat de temperatuursverandering te snel gaat. De vogel krijgt niet de tijd om zich aan te passen.” Die snelheid is inderdaad een groot probleem, meent E. van der Meijden, hoogleraar ecologie aan de Leidse universiteit. ,,Bij natuurlijke klimaatveranderingen hebben organismen vele duizenden jaren de tijd om zich aan te passen. Voor de soorten die dan verdwijnen, komen vanzelf nieuwe in de plaats. Nu moet het allemaal in vijftig jaar. Zo’n tijdspanne is te kort om het uitsterven te compenseren met nieuwe soorten.” Op zich zijn in de loop van de evolutie wel vaker soorten uitgestorven. Er zijn vijf grote sterftegolven bekend, waarbij naar schatting 90 tot 98 procent van de levende wezens is verdwenen. Die wetenschap relativeert de huidige voorspelling enigszins, zij het dat we nu voor het eerst te maken hebben met een sterfte die-indirect-volledig door de mens wordt veroorzaakt. En waar de natuurlijke sterftepieken vaak werden gevolgd door een explosie van nieuwe soorten, is het maar de vraag of dat ook nu het geval zal zijn. Op het eerste gezicht lijkt het moeilijk te bevatten dat een temperatuurstijging van enkele graden zo’n funeste invloed op het leven kan hebben. De verklaring hiervoor is evenwel dat toenemende warmte een heleboel neveneffecten veroorzaakt. Zo krijgt de vliegenvanger last van een verschuiving in de voedselpiek, terwijl andere dieren hun complete leefgebied zien verdwijnen. Dat laatste probleem speelt vooral op kleine eilanden, die door de stijging van de zeespiegel geheel onder water dreigen te komen. Komdeur heeft dit zelf bij de hand gehad op de Seychellen, een eilandengroep in de Indische Oceaan, waar hij veel onderzoek doet. Een bepaalde zeldzame vogel kwam er zozeer in het nauw dat de bioloog besloot om het dier te hulp te schieten. Met een helicopter plaatste hij de vogel over naar een naburig eiland, zodat hij hem voor uitsterving kon behoeden. Komdeur: ,,Op zich hebben de meeste vogels voldoende vliegspieren voor een oversteek, maar het lijkt wel of ze bang zijn om grote watervlaktes over te trekken.” Een leefgebied hoeft niet altijd compleet te verdwijnen om een dier te doen uitsterven. Versnippering is vaak al voldoende. De onderzoekers die hun voorspelling in Nature hebben gepubliceerd, vrezen om die reden voor het voortbestaan van de Spaanse keizerarend. Met het stijgen van de temperatuur krijgt deze roofvogel in klimatologisch opzicht weliswaar een groter leefgebied ter beschikking. Maar het is zeer versnipperd en bevat weinig beschermd natuurgebied, in tegenstelling tot de reservaten waar de vogel nu leeft. Zijn overlevingskans wordt dus beperkt. Schadelijk is verder dat bepaalde roofdieren, als gevolg van de grotere warmte, oprukken naar nieuwe gebieden. Daar vreten ze vervolgens de lokale, zeldzame soorten op. In Nederland zou die mogelijkheid zich onder meer kunnen voordoen bij libellen, waar er al steeds meer van rondvliegen. Deze vleeseters voeden zich met insecten, waar veel zeldzame exemplaren onder zitten. Overigens lopen niet alle organismen gevaar. ,,De dreiging geldt vooral voor soorten die zich niet goed kunnen verplaatsen”, zegt Van der Meijden. ,,Een eik kan bijvoorbeeld niet snel migreren, omdat zijn eikels altijd in de buurt van de stam vallen. De meeste planten hebben daarentegen lichte zaden, die ze over een groter gebied verspreiden. Zij zullen dus minder snel in het nauw komen.” Al met al zal het op aarde een stuk saaier worden, verwacht U. de Haes, hoogleraar milieukunde aan de Leidse universiteit. ,,We zien een duidelijke tendens: de specialistische soorten verdwijnen, de algemene worden algemener. Zeldzame orchidee챘n zullen het niet overleven, net zomin als klapeksters op de hei, of wielewale- zangvogels-in het bos. Alles wat kenmerkend is voor specifieke landschappen loopt gevaar. Ratten en onkruiden zul je daarentegen in steeds grotere aantallen aantreffen.” Zijn collega Van der Meijden is onder de indruk van de voorspelling in Nature, al wil hij er graag wat kanttekeningen bij plaatsen. Zo zijn de onderzoekers uitgegaan van een oude wet van Watson, die zegt dat de soortenrijkdom direct samenhangt met de omvang van het leefgebied. Wordt dit gebied kleiner, dan kunnen er minder soorten in leven. ,,Op zich klopt die wet”, zegt Van der Meijden. ,,Maar het exacte verband tussen soortenrijkdom en leefgebied is afhankelijk van de temperatuur. Als het oppervlak afneemt, zal de soortenrijkdom bij de ene temperatuur veel sneller dalen dan bij de andere. Daar houden de onderzoekers geen rekening mee. Mogelijk leidt dat tot een over- of juist onderschatting van het uitsterven.” Ook Komdeur heeft enige kritiek op het onderzoek. Zo hebben de onderzoekers gebieden bestudeerd die maar 20 procent van de aarde vertegenwoordigen. Ze missen dus 80 procent, omdat over dat deel te weinig gegevens bekend zijn. ,,Het is de vraag hoe representatief die 20 procent is”, zegt Komdeur. ,,Als de kwetsbare gebieden oververtegenwoordigd zijn, wordt de sterfte waarschijnlijk overschat. Maar dat verwacht ik niet; volgens mij is het onderzoek zeer goed gecontroleerd.” Een ander minpunt is dat de onderzoekers alleen hebben gekeken naar de stijging van de temperatuur, en niet naar de veranderingen in bijvoorbeeld de neerslag of de vochtigheid, terwijl ook die een grote rol spelen. ,,Eigenlijk moet je al die klimaatfactoren meewegen”, meent Van der Meijden. Toch vindt hij het aanvaardbaar dat de onderzoekers zich tot een vrij simpel model hebben beperkt.  ,,Het cijfer is daardoor minder exact, maar je schudt er in ieder geval een grote groep politici mee wakker.” En dat is hard nodig, vindt Komdeur. ,,Uit het onderzoek blijkt dat we nog 15 tot 20 procent van de soorten kunnen redden door de uitstoot van broeikasgassen te beperken. Dat moeten we absoluut doen. Want het is heel erg als we al die soortenrijkdom door ons eigen toedoen verliezen. We hebben al zoveel leven kapotgemaakt. Daar moeten we mee ophouden, alleen al uit respect voor de natuur.” Drie miljoen jaar geleden dat het nog zo warm was

 2006   

In de afgelopen drie decennia is de temperatuur met 0,6 graad Celsius gestegen. Daarmee is onze planeet nu al in 12.000 jaar niet zo warm geweest. Met een stijging van nog eens een graad wordt een gemiddelde temperatuur bereikt die zich vermoedelijk een miljoen jaar geleden voor het laatst voordeed Als de opwarming onder dat niveau blijft, zijn de gevolgen relatief beheersbaar. Maar als door verdere opwarming de temperatuur nog twee of drie graden stijgt zullen we ‘een andere planeet krijgen dan die we nu kennen’, aldus NASA De temperatuur op aarde is in geen duizenden jaren zo hoog geweest en de door mensen veroorzaakte opwarming begint haar stempel te drukken op de dieren- en plantenwereld. Dat stellen Amerikaanse onderzoekers in een rapport dat dinsdag in het vakblad Proceedings of the National Academy of Sciences is gepubliceerd. De leider van het onderzoeksteam, James Hansen van het Goddard-instituut van het Amerikaanse ruimtevaartbureau NASA, waarschuwt al jaren voor klimaatveranderingen door zogenoemde broeikasgassen. In de afgelopen dertig jaar is de gemiddelde temperatuur op aarde elk jaar met 0,2 graden Celsius gestegen, zo hebben de onderzoekers vastgesteld. De temperatuur is de hoogste van de huidige interglaciale periode, die zo’n 12.000 jaar geleden begon. De onderzoekers verwijzen naar een artikel in het tijdschrift Nature, waaruit blijkt dat 1.700 planten-, dier- en insektensoorten zich richting de aardpolen beginnen te verplaatsen, in de tweede helft van de 20ste eeuw met gemiddeld 6,5 kilometer per tien jaar. De opwarming verloopt sneller op het noordelijk halfrond, omdat het smeltende ijs daar land en gesteente blootlegt, die sneller opwarmen dan de watermassa’s in de zuidelijke oceanen. Maar ook in het zuiden is een temperatuurstijging waarneembaar, die net als het klimaatverschijnsel El Ni챰o gepaard kan gaan met meer stormen en noodweer. “Deze bewijzen geven aan dat wij in de door mensen veroorzaakte uitstoot van vervuiling gevaarlijke waarden naderen”, zegt Hansen. Volgens het onderzoek is de opwarming nog maar één graad Celsius verwijderd van de hoogste temperatuur sinds een miljoen jaar. “Wanneer de opwarming van de aarde nog twee of drie graden verder gaat zullen wij waarschijnlijk veranderingen zien die van de aarde een andere planeet maken dan wij kennen”, voorspelt Hansen. “De laatste periode waarin het zo warm was, was midden in het plioceen, ongeveer drie miljoen jaar geleden, toen het zeeniveau 25 meter hoger lag dan nu.” (anp)  Aarde op warmste punt in miljoen jaar Gevaarlijk Vooral rond de Stille Oceaan, waar El Nino vaak begint met afwijkende en gevaarlijke weersomstandigheden, is het verschil goed te merken. Volgens klimaatwetenschappers betekent dat niet dat we meer met El Nino te maken gaan krijgen. Maar mocht El Nino ontstaan, dan is het wel gevaarlijker. 2005 was volgens de wetenschappers net zo warm als 1998, het jaar dat El Nino wereldwijd de temperatuur tot recordhoogte opstuwde. Desondanks is er vorig jaar geen enkel bewijs gevonden van El Nino. Links: NASA El Nino  2006 Planet Internet http://scienceblogs.com/loom/2006/09/26/historical_heat.php

Veel Europese zoogdieren op rand van uitsterven

AP 2007 GENÈVE – Tientallen soorten Europese zoogdieren, zoals de Iberische lynx, de Saiga-antilope en de monniksrob, sterven uit als niet onmiddellijk wordt ingegrepen.

Dat is de zorgwekkende conclusie van een dinsdag verschenen rapport van de natuurbeschermingsorganisatie World Conservation Union (IUCN). Van de in totaal 231 soorten zoogdieren in Europa staan er momenteel 35 op de lijst van bedreigde diersoorten. Diersoorten die in Europa op het punt van uitsterven staan zijn volgens de IUCN de Saiga-antilope, de monniksrob, de Noord-Atlantische echte walvis, de Beierse woelmuis en ’s werelds meest bedreigde katachtige, de Iberische lynx. Van die laatste soort leven er in twee populaties in Spanje nog maar ongeveer 150 exemplaren. Twee Europese landzoogdieren zijn al volledig uit het wild verdwenen; de Sardinische pika – een knaagdier – en de aurochs – een primitief soort rund. De grijze walvis wordt niet meer in Europese wateren waargenomen, maar komt nog wel voor in de Grote Oceaan. Ontbossing, het opdrogen van wetlands, vervuiling en andere menselijke activiteiten zijn volgens de IUCN er de belangrijkste oorzaak van dat veel zoogdieren in het nauw gedreven zijn. Volgens de directeur van IUCN, Julia Marton-Lefevre, is het nog niet te laat om het tij te keren voor de zoogdieren. Als voorbeeld noemt ze het succesverhaal van de Europese bizon, die aan het einde van de negentiende eeuw bijna volledig uit het zuidoosten van Europa en de Kaukasus verdwenen was. Door intensieve bescherming en herintroductieprogramma’s is het rund nu van de lijst van bedreigde diersoorten. Het rapport, waaraan 140 wetenschappers vijftien maanden werkten, doet de aanbeveling dat het bestaande Europese beleid voor natuurbehoud, dat al op de plank lag, nu eindelijk wordt ingevoerd. Daaronder valt ook de doelstelling van de Europese Unie om tot 2010 geen diersoorten meer te laten verdwijnen.

Veel zoogdieren ernstig bedreigd

6 oktober 2008

BEREN ( ursidae).docx(2.6 MB) °

Zes van acht beersoorten met uitsterven bedreigd  12 november 2007
°
OSLO – Zes van de in totaal acht beersoorten worden met uitsterven bedreigd, nadat maandag de zonnebeer op de gevarenlijst is toegevoegd. Dit heeft een organisatie voor natuurbescherming, de World Conservation Union (WCU), in Oslo laten weten.

De zonnebeer wordt deels bedreigd door stropers die gal van de dieren in China verkopen als traditioneel medicijn, aldus WCU. Ook wordt het leefgebied van de kleinste berensoort steeds kleiner door ontbossing.

Recht opstaande Zonne beer //De zonnebeer wordt deels bedreigd door stropers die gal van de dieren in China verkopen als traditioneel medicijn, aldus WCU. Ook wordt het leefgebied van de kleinste berensoort steeds kleiner door ontbossing.

De zonnebeer dankt zijn naam aan een gele, helvemaanvormige vlek op zijn borst. Het dier uit Zuidoost-Azi챘 is ook wel bekend als ‘Maleisische beer’ of ‘honingbeer’. Met een lengte van maximaal anderhalve meter is de zonnebeer de kleinste berensoort. De bruine beer en de Amerikaanse zwarte beer zijn de enige twee soorten die er nog goed voor staan. Naast de zonnebeer, figureren ook de Aziatische zwarte beer, de lippenbeerde reuzenpandade ijsbeer en de brilbeer op de ‘rode lijst’ van WCU. China’s reuzenpanda loopt het meeste risico op extinctie.

(c) ANP

Voorspelling: ijsberenpopulatie in 2050 met tweederde verminderd

WASHINGTON – Tweederde van de ijsberenpopulatie zal in 2050 zijn uitgestorven en in Alaska zal de soort tegen die tijd niet langer voorkomen, doordat de ijsvloer rond de noordpool als gevolg van het broeikaseffect in omvang en sterkte afneemt. Wetenschappers van het U.S. Geological Survey (USGS), de onderzoeksafdeling van het Amerikaanse ministerie van binnenlandse zaken, hebben dit in een vrijdag gepubliceerd rapport voorspeld. Voor de langere termijn zijn de geleerden nog somberder. Eind deze eeuw zullen alleen op de noordelijke Canadese eilanden en de westkust van Groenland nog ijsberen resteren van de 16.000 exemplaren die er momenteel naar schatting zijn, aldus het USGS.

Het instituut heeft weinig hoop dat de opbouw van koolstofdioxide en andere broeikasgassen zo snel kan worden gekeerd, dat de ijsbeer daar nog van kan profiteren. USGS-directeur Mark Myers stelt dat, ondanks de beperking van de uitstoot van dergelijke gassen “dezelfde hoeveelheid energie ten minste 20, 30, 40 jaar in het systeem zal blijven”. Groenland en Noorwegen tellen de meeste ijsberen, terwijl eenkwart voornamelijk voorkomt in Alaska en naar Canada en Rusland trekt. Hun biotoop zal slinken zodat Alaska en andere zuidelijke regio’s uitvallen. Het USGS adviseert minister van binnenlandse zaken Dirk Kempthorne, die in januari moet besluiten of hij de ijsbeer zal toevoegen aan de lijst ‘bedreigde’ of ‘met uitsterving bedreigde’ diersoorten. In het laatste geval krijgt de ijsbeer bescherming in het kader van de Wet op de met uitsterving bedreigde diersoorten. Een ander instituut, de in Zwitserland gevestigde World Conservation Union, schat de huidige ijsberenpopulatie op 20.000 tot 25.000. ZOOGDIEREN   DEBACLE Een op de zes Europese zoogdieren bedreigd (2007-) Een op de vier zoogdiersoorten wordt met uitsterven bedreigd. Dat blijkt uit de uitgebreidste studie ooit naar de wereldwijde verspreiding van de 5.487 bekende zoogdiersoorten. Het onderzoek, onder supervisie van natuurbeschermingsorganisatie IUCN, verschijnt vandaag online in het wetenschappelijke tijdschrift Science.

We zullen in ons leven „nog honderden zoogdiersoorten uit het wild zien verdwijnen” als de belangrijkste oorzaken van de bedreiging niet worden aangepakt, aldus IUCN-directeur Julia Marton-Lefèvre. Verlies van leefgebied is een acuut probleem voor 40 procent van de bedreigde zoogdiersoorten, de jacht bedreigt 17 procent van de zoogdiersoorten. Sinds het jaar 1500 zijn in totaal 86 zoogdiersoorten uitgestorven. Recentelijk is dat waarschijnlijk gebeurd met de Chinese vlagdolfijn. De studie valt samen met de presentatie van de nieuwe Rode Lijst met bedreigde diersoorten van de IUCN, vanmiddag in Barcelona. Een diersoort krijgt de kwalificatie ‘bedreigd’ als er weinig exemplaren van over zijn, als de populatie snel krimpt en als het dier nog maar een heel klein leefgebied heeft. De studie stelt vast dat soorten die worden geholpen door goede beschermingsmaatregelen kunnen herstellen. Dat geldt voor 5 procent van de soorten op de rode lijst. Het Chinese Pater-Davidshert is daar een voorbeeld van. Het dier staat nu te boek als ‘uitgestorven in het wild’, maar volgens de onderzoekers is er kans dat de soort weer kan worden uitgezet nu populaties in gevangenschap flink groeien. Ondanks de schaal van de studie – 1.700 wetenschappers hebben eraan meegewerkt – is er veel onzekerheid. Een wild paard (Equus ferus) in Mongolia«, een van de bedreigde diersoorten. Het werkelijke aantal bedreigde soorten zoogdieren kan hoger uitvallen, waarschuwt de IUCN. Volgens auteur Jan Schipper, directeur van onderzoeksprogramma van de IUCN naar zoogdieren, kan het percentage bedreigde zoogdiersoorten oplopen tot maximaal 36. Dat komt doordat over veel soorten zo weinig bekend is dat niet zeker is of ze op de Rode Lijst horen.Het is wetenschappers namelijk niet gelukt voor 836 soorten genoeg gegevens te verzamelen waardoor dus geen conclusie kan worden getrokken over de status.  LYNX

°Lynx

http://www.pinterest.com/tsjok/katachtigen-lynx/   Iberische lynx

Een Iberische lynx “In Europa staat de Iberische lynx er heel slecht voor. Van de 1100 dieren die 25 jaar geleden nog in het wild in Spanje leefden, zijn nog maar 84 tot 134 volwassen dieren over, waarvan maximaal 38 vrouwtjes die zich voortplanten.”

“Het WNF zet zich in Spanje al meer dan 20 jaar in voor de bescherming van de Iberische lynx. Hierdoor is voorkomen dat het dier helemaal is uitgestorven.” Olifant Ook de Afrikaanse olifant en de zwarte en witte neushoorn hebben geprofiteerd van beschermende maatregelen. Het WNF vraagt nu aandacht voor apensoorten die het erg moeilijk hebben omdat hun leefgebied wordt aangetast of verdwijnt. De organisatie wijst erop dat europeanen door bewust koopgedrag er aan kunnen bijdragen dat plant- en diersoorten niet uitsterven. Bijvoorbeeld door te kiezen voor verantwoord geproduceerd hout, duurzame vis of servetten van gerecycled papier.

ZIE OOK: 05/08/2008’Diverse apensoorten met uitsterven bedreigd’ In pictures

Bijna 25.000 soorten dreigen uit te sterven

Geschreven op 10 november 2011 om 08:30 uur door 2

Maar liefst 24.216 soorten planten en dieren dreigen uit te sterven. (1)  801 soorten hebben dat lot al moeten ondergaan. Dat blijkt uit een grootschalig onderzoek van de International Union for Conservation of Nature (IUCN). De onderzoekers bestudeerden 61.914 soorten wereldwijd. 801 van die soorten bleken inmiddels uitgestorven te zijn en 64 soorten zijn niet meer in het wild terug te vinden. Zorgwekkend In 2010 voerde het IUCN een soortgelijk onderzoek uit. Toen waren de cijfers al zorgwekkend met 22.634 bedreigde soorten, 791 uitgestorven soorten en 63 soorten die niet meer in het wild terug te vinden zijn. Maar blijkbaar gaat de situatie nog steeds achteruit. Zoogdieren Maar liefst een kwart van de zoogdieren dreigt uit te sterven. In de meeste gevallen komt dat doordat mensen de dieren in de weg zitten. De jacht, vervuiling, het veranderende klimaat en handel maken het zoogdieren, vissen, planten, amfibieën en reptielen moeilijk. Planten Het verdwijnen van dieren is natuurlijk zonde. Maar ook het verlies van planten is een groot probleem. Veel planten zijn van groot belang voor de geneeskunde, omdat er medicijnen uit worden gemaakt. Het verdwijnen ervan maakt ook het maken van die medicijnen lastiger. Bovendien zijn er ongetwijfeld veel plantensoorten die een geneeskundige werking hebben die ons nog onbekend is. Mogelijk verdwijnen veel soorten al voordat we de implicaties die deze voor de geneeskunde kunnen hebben, ontdekken. Maar er is hoop, zo benadrukt het IUCN. De lijst wordt namelijk niet voor niets elk jaar uitgebracht. De organisatie hoopt dat mensen, bedrijven, overheden en organisaties hun verantwoordelijkheid nemen en ingrijpen. Er zijn talloze gevallen bekend waarin dat ingrijpen het verschil heeft gemaakt. Een mooi voorbeeld is de zuidelijke witte neushoorn. Hier waren er aan het eind van de negentiende eeuw nog maar honderd van. De mens ging het dier daarop beschermen en inmiddels zijn de neushoorns met 20.000.(*) Andere soorten hadden dat geluk niet. Zo moet IUCN dit jaar onder meer de zwarte neushoorn (zie hierboven) als uitgestorven bestempelen. (*) die vormen  NU   wel een  lucratieve  aantrekkingspool  voor  allerlei stropers  die de “hoorns” voor veel geld kunnen   verkopen aan   o.a.   bijgelovige oost-aziatische  rijke lui op zoek naar afrodisiaca …. ° …..  In musea ( en   slecht beveiligde  dierentuinen  ?   )  worden ook  “hoorns” afgezaagd en   gestolen … Foto: Hello Andrew.  I am a wildlife artist in Oklahoma in America.  I come to Africa every year.  I work very hard in the war on poaching. I know of the great work  you have done from Allison Thomson.  I want to personally thank you for your bravery and what you have done to save the rhino.  This is an painting I did called "DUST DEVIL".  I have made canvas giclee prints of it.  I would love to give you one as a small token of my, and the world's, thanks.  If someone could message me the address I will get that done.  Thank you again. . . . https://www.facebook.com/andrew.desmet.1 (1)

  • over welk termijn hebben we het dan. Dreigen de komende 10 jaar uit te sterven? Komend jaar? Binnen nu en 300 jaar? –    De rode lijst is een  alarmbel  en een  dringende  waarschuwing … Doen alsof ze NIET luidt is  debiel ….Maar ze voortdurend luiden  leidt  tot gewenning   en het  simpele   idee dat het alllemaal  maar  “vals alarm ” is            Toch beter om maar   serieus  te  blijven   nemen :   omdat  niemand de toekomst kent en er veel te verliezen valt     …. a) Is er nog genoeg tijd om dit te veranderen b) of moeten we ons richten op de planten en dieren die nog niet op de lijst staan, zodat we kunnen voorkomen dat ze op de lijst komen te staan?

—>(  a)(b) = Beiden dus indien mogelijk 

Meer dan 20.000 soorten dreigen uit te sterven

 18 oktober 2012   0

De nieuwe Rode Lijst met daarop alle met uitsterven bedreigde soorten is weer vrijgegeven. Rooskleurig is deze zeker niet: 20.219 soorten planten en dieren dreigen op korte termijn van de aardbodem te verdwijnen. Voor de samenstelling van de lijst bestudeerde de International Union for Conservation of Nature meer dan 65.000 soorten. Van die soorten zijn er 795 uitgestorven. 63 soorten zijn er nog wel, maar zult u niet meer in het wild aantreffen.

Er zijn wel wat verschillen met de Rode Lijst van vorig jaar. Daarvoor werden toen bijna 62.000 soorten bestudeerd. 19.570 soorten dreigden toen uit te sterven. 801 soorten waren reeds uitgestorven. Dat er dit jaar ‘maar’ 795 uitgestorven dieren op de lijst staan, is goed te verklaren. Enkele soorten die vorig jaar als ‘uitgestorven’ werden bestempeld zijn dit jaar toch nog ergens levend teruggevonden. De redenen voor het uitsterven van soorten lopen uiteen. Vaak heeft het te maken met het verdwijnen van leefgebied (bijvoorbeeld door houtkap). Maar ook illegale jacht op en handel in dieren is een groot probleem. Net als het veranderende klimaat. Bronmateriaal: Meer dan 20.000 planten en dieren met uitsterven bedreigd” – IUCN.nl De foto bovenaan dit artikel is gemaakt door Bernard Landgraf (via Wikimedia Commons).  

’07,
Een  derde  van de primatensoorten met uitsterven bedreigd

26 oktober 2007

Bijna een derde deel van de primaatsoorten in de wereld wordt bedreigd met uitsterven.
Dat is de conclusie van een rapport dat de milieuorganisatie  International Primatological Society (IPS)vrijdag in het Chinese Hainan heeft gepresenteerd, aldus de BBC..

Primaten zijn hoog ontwikkelde zoogdieren, waartoe ook de mens behoort. In totaal zijn er 230 soorten. http://ad.nl.doubleclick.net/adj/P4442.Nu.nl/wetenschap.artikel;sz=336×280;tile=2;ord=8591159041998727  Wetenschappers waarschuwen al decennia voor het uitsterven van diersoorten. Maar onderzoekers in dit rapport zeggen zich vooral zorgen te maken om een aantal apensoorten, omdat ze zo dicht bij de mens staan. Ontbossing //Volgens de onderzoekers is het vooral slecht gesteld met Hainan gibbon in China en de Miss Waldron’s rode franjeaap (of Miss Waldron’s rode colobusaap) in Ivoorkust. Apensoorten in Azië worden vooral met uitsterven bedreigd als gevolg van ontbossing en jacht. De milieuorganisatie Unep van de Verenigde Naties luidde deze week ook de noodklok. Door milieuverontreiniging, ontbossing en overbevissing wordt de gezondheid en het welzijn van de mens direct bedreigd. Milieuproblemen In haar nieuwste rapport betreurt de organisatie vooral dat er zo weinig gedaan wordt het tij te keren. Nieuwe milieuproblemen stapelen zich hierdoor op al bestaande kwesties die nog niet zijn opgelost. Volgens Unep gaat de leefwijze van mensen in de rijke landen ten kosten van de bewoners van ontwikkelingslanden.

Ebola bedreigt gorilla in voortbestaan

Alsof stroperij en woudkap nog niet erg genoeg zijn, wordt de gorilla in zijn voortbestaan nu ook nog eens bedreigd door het ebola-virus. Wetenschappers proberen de gorilla’s nu in een race tegen de tijd te beschermen tegen dit dodelijke virus.In de laatste 25 jaar is het aantal gorilla’s, door jacht en ziekte, met maar liefst 60 procent gedaald. Geschat wordt dat er in het wild nog zo’n 50.000 tot 100.000 gorilla’s voorkomen. “Als die trend zich voortzet, zal er in de komende tien jaar van dat aantal nog eens 80 procent verdwijnen”, zegt Kenneth Cameron van de Wildlife Conservation Society in Congo. “De enige manier om de gorilla te redden, is het ebola-virus uit te roeien.” Vaccin Een geneesmiddel is er niet, maar wetenschappers vestigen al hun hoop op een vaccin. “Of die werkt, weten we niet, maar we moeten het alleszins proberen“, aldus Cameron. “Het vaccin is eigenlijk bedoeld voor mensen, maar aangezien gorilla’s veel van onze genen delen is er een kans.” Maar zelfs als het vaccin zou werken, dan nog wordt het moeilijk de gorilla te redden. Gorilla’s zijn namelijk enorm moeilijk te vinden in het wild.
Alle gorilla’s redden is onmogelijk, maar sommige groepen kunnen we nog wel terugvinden. Eens we dat hebben gedaan, hebben we wat meer tijd om andere strategi챘n te vinden.”
(hlnsydney/sps)
18/04/08 00u49
International Union for Conservation of Nature and Natural Resources Rode lijst ; Gieren , Dolfijnen , koralen , wieren en mensapen http://www.iucnredlist.org/ De Westelijke laagland gorilla (Gorilla gorilla) is één van de soorten die de makers van de Rode Lijst grote zorgen baart. De aap is verplaatst van de categorie ‘bedreigd’ naar ‘kritisch bedreigd’. De belangrijkste ondersoort die leeft in het stroomgebied van de Congo is in ruim 20 jaar met 60 procent in aantal afgenomen door het Ebolavirus en de handel in bushmeat. Als de trend doorzet, zo voorspelt de IUCN, dan is de ondersoort in tien tot twaalf jaar uitgestorven. Laagland gorilla Kiki in de dierentuin van het Amerikaanse Boston.   (Foto AP) Laagland gorilla Kiki in de dierentuin van het Amerikaanse Boston.  (Foto AP)

Orang-oetan in Borneo over drie jaar uitgestorven

2008

 
Binnen drie jaar is de grootste populatie van orang-oetangs ter wereld, op het Indonesische eiland Borneo, uitgestorven. Daarvoor waarschuwt het Centrum ter Bescherming van de Orang-oetan. De voornaamste oorzaak ligt bij de almaar uitbreidende palmolieplantages.Bescherming nodig In 2004 telde het tropische regenwoud van Midden-Kalimantan nog 31.000 exemplaren. Nu is dat aantal gereduceerd tot 20.000.
Volgens natuurbeschermers moet de regering dringend werk maken van de bescherming van de dieren.
Commerci챘le exploitatie, illegale kap en stropers vormen de grootste gevaren. Als er niets verandert, zal de orang-oetang op Borneo tegen 2011 misschien al uitgestorven zijn, zei Hardi Baktiantoro, het hoofd van de organisatie.Palmolieplantages De leefomgeving van de apen wordt steeds kleiner. Bovendien heeft de Indonesische regering beslist om 455.000 hectare beschermd natuurgebied op te offeren voor palmolieplantages.
Op de klimaatconferentie van Bali kondigde de Indonesische president Susilo Bambang Yudhoyono vorig jaar nochtans een grootscheepse reddingsactie voor de orang-oetan aan.
Maar de plannen krijgen geen politieke steun.
(novum/gb)
Orang-oetans kunnen zwemmen en vissen met knuppels en speren door Kris Jacobs Het staat allemaal in  ” De denkers van de jungle.” Een van de auteurs is Willie Smits, geboren bij Nijmegen, maar al bijna dertig jaar Indonesi챘r in hart en nieren. Hij stichtte de Borneo Orangutan Survival Foundation, het grootste initiatief ter wereld dat zich om het lot van uitstervende primaten bekommert. ‘Ik hoop dat dit boek heel veel mensen boos maakt.’ “Dat dit niet eerder bekend raakte, is omdat je orang-oetans heel moeilijk kunt observeren“, zegt Smits in een gesprek met De Morgen. Van de primaten werd gedacht dat ze niet zwemmen. Niet alleen doen ze dat wel, ze doen het bovendien met een duidelijk doel voor ogen. De mensapen, die alleen nog voorkomen in de regenwouden van Borneo en Sumatra, steken de rivier over omdat ze weten dat aan de overkant hun favoriete vruchten groeien. “En we hebben ontdekt dat orang-oetans een veel groter assortiment gereedschappen gebruiken dan tot nog toe gedacht werd, werktuigen die ze zelf uitvinden”, vertelt Smits. “Nog nooit eerder had men gezien dat ze echt vissen. E챕n techniek is dat ze een soort knuppel maken. Je ziet ze dan wekenlang experimenteren met een stuk hout, dat ze op maat maken tot het lekker goed in de hand ligt, met het zwaartepunt aan het einde. Daarmee wachten ze hangend boven het water of zittend aan de kant tot een vis voorbij zwemt. En dan pats, op zijn kop.” Andere orang-oetans in het natuurgebied van het eiland Kaja gingen aan de slag met speren. “Ze maken een lange stok met een scherp uiteinde, waarmee ze de lokale vissers imiteren. Ze proberen de vissen te spietsen terwijl ze boven de rivier aan takken balanceren, en ook dat lukt.” Niet alle rosse primaten krijgen die kunstjes echter onder de knie. “Die volgen vanuit de boomtoppen de plaatselijke vissers terwijl zij hun vislijnen uitzetten“, legt Smits uit. “Die gaan zo het hele eiland rond. Terug op hun vertrekpunt controleren ze of ze iets aan de haak hebben geslagen. De orang-oetans hebben ondertussen echter geduldig gewacht bij de dobbers. Als ze die zien ondergaan, komen ze er meteen op af. Met een stok haken ze de lijnen en stelen ze de vangst.”

Smits heeft een verklaring waarom zulk gedrag nog nooit eerder is vastgesteld. “Orang-oetans leven in bomen, waar ze heel hoog, in de toppen, voedsel zoeken. Dat je met grote moeite kunt zien wat ze daar uitvoeren, maakt dat ze van de laatste primatensoorten zijn die grondig worden onderzocht. Chimpansees kun je volgen terwijl ze in groepen op de grond zitten – dan kun je lekker met de stopwatch bij de hand een doctoraatsstudie maken. Voor orang-oetans moet je door moerassen ploeteren, dat kost een pak meer tijd.” Echt lyrisch wordt de man als hij het over zijn observaties heeft. “Ik heb zelf naar zo’n tweehonderd van hun nesten in bomen geklommen. Dan kom je erachter hoe perfect horizontaal ze de takken leggen, dat het nest zo is geori챘nteerd dat ze ’s ochtends een mooi uitzicht hebben, en dat ze het soms versieren met mooie blaadjes en bloemen. Ze maken hun nest ook nog af met bladeren die muggen verdrijven. Het zijn kunstwerkjes waarbij je zelfs ziet dat ze een gevoel voor schoonheid hebben.” Zonder blikken of blozen gewaagt Smits van kunst. “Vergankelijke kunst, dat wel. Ik heb bijvoorbeeld orang-oetans in de zon boven het water zien hangen waarbij ze een schaduwspel speelden. Je ziet ze allerlei vormen maken en daarvan genieten. Of ze blazen belletjes in het water en kijken naar de kleuren en bewegingen daarvan.” Smits was al actief op het vlak van ontbossing van de Indonesische regenwouden, zijn inzet voor de mensapen kwam er in 1989, op een markt in Balikpapan. “Plots duwt iemand me een kooitje in handen, met een klein gezichtje dat me heel zielig door de spijlen aanstaart”, herinnert Smits zich. “Of ik het diertje wilde kopen? Nee dus, maar ik ben ’s avonds teruggegaan en daar lag dat baby’tje te sterven op een vuilnishoop. Ik heb het met een slangetje water en melk gevoerd en later zijn vrijheid teruggegeven. Ik kwam erachter dat veel conservatieprojecten voor die dieren eerder toeristisch waren, dus moest ik het maar zelf doen.” Dat wil niet zeggen dat De denkers van de jungle een aaibaar boek is. Smits vertelt niet alleen over verhongerde kleine apen, maar ook over afgehakte koppen, zelfs over kaalgeschoren orang-oetans in prostitutiekampen. “Waar ze vastgeketend aan bedden op klanten wachten. Ik heb vijf keer orang-oetans uit zo’n oord bevrijd.” Het maakte ook dat hij lang naar een uitgever heeft moeten zoeken die het boek onveranderd op de markt wilde brengen. “Ik hoop dat dit boek mensen heel boos maakt”, zo besluit hij. “Wij leveren zelf eigenlijk de grootste bijdrages aan hun uitsterven. Tien procent van de producten in de supermarkten bevat palmolie, biobrandstof gebruikt die ook. De laatste stukken jungle in Borneo moeten eraan geloven onder het mom van export en banen.” En er zijn volgens Smits alternatieven. “Als je met suikerpalmen en bufferzones werkt kun je het inkomen van de plaatselijke bevolking verdrievoudigen. Het baat hen, en binnen vier, vijf jaar staat er weer een bos waar voorheen een biologische woestenij was.” Smits vindt de Indonesische overheid te corrupt om daar iets gedaan te krijgen zolang als de westerse vraag zo enorm blijft. “Ik leg bewust de link, opdat mensen in Europa hun regering onder druk zetten. In Duitsland, waar het boek enkele maanden geleden al verscheen, lukt dat ook: parlementsleden zijn in Borneo komen kijken wat wij doen en willen iets doen.” Die politieke wil moet er snel komen. Smits:“Binnen twee jaar is het bos zo gekrompen dat er in het wild niet meer voldoende orang-oetans zijn om op lange termijn in het wild te overleven.”

De Orang oetan wordt    accuut  met uitsterving bedreigd Ook  de andere   mensapen met  name  de  Gorilla   ( Ebola /stroperij /  oost- Kongo oorlogen   ) en  de ( wilde) Chimpansee  en bonobo’s ( stroperij ) zijn  eveneens   in  groot  gevaar  …. ” …Alles wat  nog beweegt  op deze planeet heeft een toenemende  kans  om vandaag of morgen in een braadpan te belanden  ….”—->uitstervingen  Wilde  Orang-oetans   in Borneo over drie jaar uitgestorven … http://www.stichtingbos.nl/ http://rachelkees.web-log.nl/ http://orang-oetan.startpagina.be/De levende   mensapen  zijn allen intelligent , ze gebruiken allemaal werktuigen  en schijnen over een groot leervermogen te beschikken Hun (eventuele ) verdwijnen  is een  trieste  voor-afschaduwing  van  wat ook de mens zichzelf( met  name zijn  soortgenoten ) kan aandoen  …. en dat is dan  voorzichtig uitgedrukt http://www.savetheorangutan.co.uk/index.php?cat=7&paged=2Publicatiedatum : 2008-04-29 De Morgen 

‘Orang-oetans kunnen  zwemmen’

http://www.nu.nl/wetenschap/2210050/orang-oetans-kunnen-toch-zwemmen-.html

22 maart 2010

© NU.nl/Dennis Rijnvis

– Hoewel orang-oetans meestal uit de buurt van water blijven, blijken de dieren wel te kunnen zwemmen.

Canadese wetenschappers hebben daarvoor het bewijs geleverd.

De onderzoekers van York University in Toronto bestudeerden de activiteiten van een groep jonge orang-oetans die opgroeiden in een opvangtehuis in Borneo, maar recentelijk zijn vrijgelaten in het wild. In tegenstelling tot de meeste van hun soortgenoten bleken de dieren totaal niet bang voor water. De onderzoekers observeerden hoe sommige dieren een poging deden tot zwemmen. Twee andere apen bedreven zelfs de liefde in het water

Zwaar lichaam

De resultaten van het onderzoek zijn gepubliceerd in het wetenschappelijk tijdschrift Journal of Comparative Psychology. Verschillende foto’s van de dieren dienen als bewijs.Volgens de wetenschappers is het zeer opmerkelijk dat orang-oetans zich in de buurt van water vertonen. “Orang-oetans staan bekend om hun angst voor water”, verklaart hoofdonderzoekster Anne Russon in het Britse tijdschrift New Scientist. “Ze hebben een zwaar lichaam dat bijna onherroepelijk zinkt in het water.”

Hondjesslag

Toch lijken de dieren wel te weten hoe ze moeten zwemmen. “Op een dag zagen we een orang-oetan met de naam Sif naar diep water waden”, aldus Russon. “Ze leunde vervolgens naar voren en begon simpele peddelbewegingen te maken met haar armen en benen. Het was een soort hondjesslag. Ze kwam ongeveer een meter vooruit.” De twee apen die de liefde bedreven in het water, kozen die locatie volgens Russon vooral uit strategische overwegingen. “Ik vermoed dat het mannetje die plek koos, omdat hij daar minder snel gestoord zou worden door een ander dominant mannetje.”. Javaanse-gibbon    

* De IUCN heeft in  2007  voor het eerst ook koralen geInventariseerd. Tien soorten die voorkomen langs de Galapagoseilanden maken hun entree op de Rode Lijst. De klimaatverandering is de belangrijkste bedreiging voor koralen. Ook tien wieren rond de Galapagoseilanden staan voor het eerst op de lijst. Deze planten worden behalve door klimaatverandering ook bedreigd door de overbevissing. Met het verdwijnen van roofdieren aan de top van de voedselketen nemen zee-egels en andere planteneters in aantal toe. Meer dan een derde van Europese zoetwatervissen bedreigd Steeds meer planten en dieren dreigen te verdwijnen

Klimaatverandering bedreigt walvissen en dolfijnen

2007 <klik ANP/ – De klimaatverandering vormt een steeds grotere bedreiging voor walvissen, dolfijnen en bruinvissen. Dat staat in een dinsdag verschenen rapport van onder meer het Wereld Natuur Fonds (WNF). Het onderzoek is bedoeld om druk uit te oefenen op de jaarlijkse vergadering van de Internationale Walvisvaartcommissie (IWC) eind deze maand in de Verenigde Staten.

Het WNF vindt dat de commissie mede door dit rapport niet langer moet praten over mogelijkheden tot walvisvangst, maar zich juist profileren als een organisatie die de natuur en de dieren beschermt. Broedkaseffect Door het versterkte broeikaseffect zal het poolijs in toenemende mate smelten, Daardoor zullen soorten als de beloega, de narwal en de Groenlandse walvis steeds minder vaak beschutting en voedsel kunnen vinden onder het ijs. Krill, de zeediertjes die een belangrijke voedselbron vormen voor acht walvissoorten, kan door het verdwijnende ijs steeds minder goed gedijen. Daarmee komt de voedselvoorziening van de walvissen sterk in gevaar. Veel dieren, zoals ook rivierdolfijnen, moeten door de stijging van de temperaturen op zoek naar streken waar het water nog koud genoeg is om te leven. De leefgebieden worden daardoor voor veel soorten kleiner en ecosystemen worden verstoord. Meer kooldioxide in de lucht, door de verbranding van fossiele brandstoffen, betekent ook een grotere verzuring van zeewater waardoor ook ander voedsel van walvissen, zoals inktvissen, wordt aangetast. Vluchten Volgens algemeen directeur van het Wereld Natuur Fonds, Johan van de Gronden kunnen ‘walvisachtigen natuurlijk altijd ergens anders naar toe zwemmen als ze in de problemen komen’. ‘Vluchten kan alleen niet meer als geschikte plekken steeds schaarser worden. Op de ene plek worden ze bejaagd, op de andere verdwijnt hun voedsel door klimaatverandering en als ze naar weer een andere stek zwemmen verdrinken ze in een visnet.’ De precieze effecten van de opwarming van de aarde op walvisachtigen zijn lastig te voorspellen, maar voor een uitermate bedreigde walvissoort als de noordkaper – waarvan er nog maar ongeveer driehonderd zijn – kan het de doodssteek worden, vreest Van de Gronden. De samenstellers van het rapport roepen regeringen op om de CO2-uitstoot in de wereld voor 2050 met ten minste 50 procent te verminderen. Verder moet de IWC het onderzoek naar de effecten van klimaatverandering intensiveren en haar plannen voor bescherming en beheer aanpassen aan de klimaatdreiging.

Witte dolfijn wordt bedreigde diersoort in Alaska

Sinds vrijdag staat de witte dolfijn, ook wel beloega genoemd, als ‘bedreigd’ op de ‘Endangered Species Act’, de Amerikaanse lijst met bedreigde dieren.
Het gaat om de witte dolfijn die ter hoogte van ‘Cook Inlet’, in het zuiden van Alaska, leeft.
Die soort is genetisch en geografisch ge챦soleerd. Hun aantal daalde de voorbije tien jaar met vijftig procent.Rode lijst In 2006 plaatste het IUCN (International Union for Conservation of Nature) de dolfijnen al op hun rode lijst en sindsdien drongen ze aan om het dier ook in de ‘Endangered Species Act’ op te nemen.
In 1999 werden al petities ingediend om de soort bedreigd te verklaren.
Maar onder druk van de staat Alaska, lokale steden en industrie werd die aanvraag toen nog van tafel geveegd.Sarah Palin Er kwam wel een jachtlimiet op de dolfijnen, maar er werd al een tijdje niet meer op de dieren gejaagd.
Het verwachte herstel van hun populatie bleef uit en in 2006 begonnen milieugroepen een nieuwe petitie.
De beslissing werd sindsdien steeds uitgesteld, maar vorige week werd de dolfijn dan toch in de lijst opgenomen.
Het bestuur van Alaska onder Sarah Palin oordeelde dat de populatie wel was toegenomen en vond een opname in de lijst dus niet nodig.
Maar die theorie bleek niet te kloppen. Niet zoals ijsbeer Door de toenemende industrie is er steeds meer vervuiling in de wateren voor de kust van Alaska. De dolfijnen hebben het dan ook steeds lastiger om te overleven. De opname in de lijst is positief omdat de industrie nu verplicht is om met wetenschappers een oplossing te zoeken.
Maar van optimisme is er nog geen sprake.
“Hopelijk zal Alaska nu moeite doen om de witte dolfijn te beschermen. In tegenstelling tot wat ze deden na de oplijsting van de ijsbeer. Toen negeerden ze de wetenschap en probeerden ze de beslissing via de rechtbank ongedaan te maken”,
zegt Brendan Cummings van het Centrum voor Biologische Diversiteit. (gb)
20/10/08
Andere namen witte dolfijn; witte walvis
Wetenschappelijk Delphinapterus leucas
Engels white whale Beluga (whale)
Verspreiding polaire wateren van het noordelijk halfrond
Voedsel inktvis, kreeftachtigen, vis
Lengte 3 – 5 m, bij geboorte 1,5 – 1,6 m
Gewicht 400 – 1500 kg, bij geboorte 80 kg

De beloega (Witte dolfijn ) heeft een witte huidskleur en leeft tussen de ijsschotsen van de Noordelijke poolzee. Image:Cetacea range map Beluga.png Deze dolfijnen kunnen tot zeker 300 ( sommigen gewagen tot 800)meter diepte duiken en moeten daarna een opening in het ijs vinden om adem te halen. Dat doen ze door echolocatie, waarbij ze geluiden uitstoten en aan de hand van de echo een beeld vormen van de omgeving. Beloega’s maken allerlei soorten geluiden, van laag gebrom tot hoog gefluit. Zeelui in houten schepen konden de fluittonen door de scheepswand heen horen en gaven dit dier de bijnaam ‘zeekanarie’. Beloega (Delphinapterus leucas). Illustratie: Rob van Assen – © ArtBoutique Classificatie Klasse: Mammalia (zoogdieren) Orde: Cetacea (walvissen) Onderorde: Odontoceti (tandwalvissen) Familie: Monodontidae Geslacht: Delphinapterus Soort: Delphinapterus leucas (beloega) Namen Nederlands: beloega; witte dolfijn; zeekanarie Engels: white whale; beluga; white beluga; beluga whale; sea canary. Frans: bélouga, dauphin blanc; marsouin blanc; delphinaptère blanc Spaans: beluga; ballena blanca Duits: Weißwal; Beluga

© 2004 Kustvereniging EUCC, Leiden

Omschrijving De beloega heeft een krachtig lichaam met een kleine, afgeronde kop, een korte snuit en van het spuitgat tot het einde van de neus een dikke speklaag (blubber). In tegenstelling tot andere walvissoorten heeft hij een buigzame nek. Een rugvin is afwezig, maar er is wel een rugplooi te zien. Zoals bij alle tandwalvissen is er slechts één spuitgat. Bek voorzien van 34 – 38 lepelvormige tanden. Kleur Volwassen beloegas zijn doorgaans melkwit, behalve voordat ze in de zomer in de rui gaan; dan hebben ze een meer gele kleur. Beloegas zijn bij hun geboorte grijsachtig, maar krijgen al snel een donker grijsbruine kleur. Daarna krijgen ze een lichtgrijze kleur en in hun tweede jaar een blauwachtige kleur. Uiteindelijk krijgen ze hun karakteristieke zuiver witte kleur wanneer ze seksueel volwassen worden, op een leeftijd van 5 -10 jaar. Lengte Mannetjes: 4 – 5,50 m; vrouwtjes: 3 – 4 m; pasgeborenen: 1,50 – 1,60 m. Gewicht Mannetjes: 1000 – 1500 kg; vrouwtjes 400 – 1000 kg; pasgeborenen: 80 kg. Verspreiding Beloegas komen voor in kustwateren in de Noordelijke IJszee en in aangrenzende zeeën. Ze zwemmen in wateren rondom de hele noordpool. Er zijn verschillende populaties. Migratie Sommige populaties migreren, andere blijven op dezelfde plek. Habitat Ze komen voor in polaire en subpolaire kustwateren en riviermondingen; in de zomer kunnen ze zelfs de rivieren opzwemmen. In de winter blijven ze echter bij de ijsrand en in diepere wateren. Voedsel Beloegas eten vis, octopussen, pijlinktvissen en ongewervelde dieren die op de bodem van de zee leven, zoals krabben, slakken, weekdieren en zeewormen.

Gedrag en voortplanting

Foerageren Beloegas duiken naar de bodem van de zee om daar voedsel te zoeken. Sociaal gedrag Groepen beloegas kunnen in grootte variëren van twee tot vijftien dieren, de groepen bestaan uit moeders met kalfjes of uit mannetjes. De groepen mannetjes verenigen zich soms tot grotere groepen van honderden individuen. Geluiden Beloegas maken gebruik van echolocatie om voedsel te vinden. Ze communiceren door middel van getjilp, klikgeluiden, fluitgeluiden, boeren en piepgeluiden, die zowel boven als onder het wateroppervlak gehoord kunnen worden. Door deze typische geluiden worden de beloegas ook wel zeekanaries genoemd. beluga.au (297 Kilobytes) Mobiliteit Beloegas duiken naar de bodem van de zee, wat neerkomt op 300 – 600 meter diepte, tot een maximum van 650 meter. Ze blijven dan ongeveer 3 – 5 minuten onder water, tot maximaal 25 minuten. Normaal gesproken zijn beloegas geen snelle zwemmers, maar ze kunnen toch een maximale snelheid bereiken van 25 kilometer per uur. Het is bekend dat ze met hun staart en met hun vinnen op het water slaan. Bijzonderheden De ademwolk bereikt slechts een geringe hoogte. Volwassenheid Vrouwtjes zijn seksueel volwassen in hun zevende levensjaar, mannetjes pas na negen jaar. Voortplantingscapaciteit Vrouwtjes baren slechts één kalf per twee of drie jaar. Voortplantingsperiode De dieren paren in de lente en in de zomer, waarna de kalfjes het jaar daarop in de maanden april – september geboren worden, na een draagtijd van 11 – 14 maanden. Zoogtijd 20 – 24 maanden. Levensverwachting 30 – 35 jaar. Predatie en competitie IJsberen en orka’s jagen op beloegas. Het voedsel dat de beloegas eten overlapt deels met het dieet van de narwal. Bedreigingen Beloegas staan bloot aan verschillende bedreigingen door de mens, waaronder chemische verontreiniging en geluidsoverlast. Ook wordt hun leefomgeving bedreigd door de verdere ontwikkeling van hydro-elektrische energie, oftewel energie uit water en de voor dat doel geplaatste energiecentrales, door de winning van olie en gas uit de zeebodem. Tenslotte worden de dieren gestoord door directe overlast van mensen, scheepvaartongelukken en door de vele dieren die worden gevangen. Bescherming CMS: Appendix II CITES: Appendix II EU Habitatrichtlijn: Bijlage IV Aantallen Schattingen lopen uiteen van 50.000 tot 70.000 individuen. Voor een overzicht van strandingen aan de Nederlandse kust: www.walvisstrandingen.nl

Aanbevolen literatuur en bronnen: www.cetacea.org www.ifaw.org www.britannica.com M. Würtz and N. Repetto, Walvissen & Dolfijnen Commission of the European Communities, Environment and quality of life, 1981.

http://www.natuurinformatie.nl/ndb.mcp/natuurdatabase.nl/i000859.html

Virus bedreigt dolfijnen in Middellandse Zee

2/09/08

Een dodelijk virus bedreigt dolfijnen en walvissen in de Middellandse Zee. Dat schrijft de Spaanse krant El Periodico de Catalunya. Het lijkt sterk op dat het virus de oorzaak is van de massasterfte onder dolfijnen die nu al 17 jaar aan de gang is. Dit jaar zijn al meer dan 35 dode zeezoogdieren aangespoeld aan de Spaanse kust. Destijds werd de ziekte als eerste aan de kust van Valencia ontdekt. Daarop breidde de ziekte zich uit over het hele Middellandse Zeegebied. Naar schatting zijn sinds begin jaren negentig tussen de 4.000 en 8.000 dieren door het virus gestorven. Spaanse Middellandse Zee-deskundigen vermoeden dat de veroorzaker van de ziekte onder dolfijnen door een mutatie ook andere zeezoogdieren treft. walvissen en dolfijnenDolfijn Basiskennis

Dolfijnen soorten

De Chinese vlagdolfijn (Lipotes vexillifer) is door de IUCN geplaatst in de categorie ‘mogelijk bedreigd’. Een waarneming van het dier in de rivier de Yangtze wordt volgens de natuurorganisatie nog verder onderzocht. ‘Uitgestorven’ vlagdolfijn gezien in China  29 augustus 2007 PEKING – In de Yangtze in China is een witte Chinese vlagdolfijn  gezien. Dat meldde het persbureau Xinhua woensdag. Recentelijk werd nog gemeld dat het dier vermoedelijk was uitgestorven.

Gered   ? 

29 augustus  2007 

Een bewoner van de provincie Anhui filmde de dolfijn op 19 augustus met een digitale camera. Het Instituut van Hydrobiologie bevestigde later dat het om een witte vlagdolfijn ging. Wang Kexiong van het instituut zei “zeer blij te zijn dat baiji (witte vlagdolfijn in het Chinees) nog bestaat”. Het dier behoort tot de twaalf meest bedreigde dieren van de wereld.

Een team van 25 wetenschappers uit onder meer China, de Verenigde Staten en Zwitserland zochten de Yangtze vorig jaar 38 dagen af naar een baiji, maar vond geen enkel exemplaar. Daarop werd geconcludeerd dat het dier vermoedelijk was uitgestorven.

Mogelijk is de Chinese vlagdolfijn (Lipotes vexillifier) dus  toch niet uitgestorven.  Dit meldden diverse buitenlandse media, waaronder ook   www.baiji.orgde speciale Chinese website over de vlagdolfijn. . Chinese biologen onder leiding van Wang Ding hebben verklaard dat het om de vlagdolfijn gaat, hoewel zij dat niet met 100% zekerheid kunnen zeggen. chinese vlagdolfijn Het beest is gesignaleerd in één van de zijrivieren van de Yangtzekiang in de oostelijke provincie Anhui. Deze provincie telt 65 miljoen inwoners, dat zijn meer mensen dan in Frankrijk wonen. De Chinezen hebben het plan opgevat de laatste exemplaren van hun rivierdolfijn over te brengen naar het Tian-e-Zhou natuurpark, dat zich in een bocht in het midden van de Yangtzekiang bevindt. Dit natuurpark was al opgezet om de laatste vlagdolfijnen bescherming te bieden. Eind 2006 werd de vlagdolfijn uitgestorven verklaard. Zes weken intensief zoeken naar het beest hadden geen resultaat opgeleverd.  Daar bleef het niet bij: onderzoekers verklaarden in augustus 2007 de vlagdolfijn voor de tweede keer uitgestorven,Naar nu blijkt is de zoetwaterdolfijn van China toch niet helemaal   verdwenen http://nl.wikipedia.org/wiki/Chinese_vlagdolfijn http://www.arkive.org/baiji/lipotes-vexillifer/video-00.html http://www.iucnredlist.org/apps/redlist/details/12119/0

> Wang Kexiong van het instituut zei “zeer blij te zijn dat baiji (witte vlagdolfijn in het Chinees) nog bestaat”. Het dier behoort tot de twaalf meest bedreigde dieren van de wereld. Een team van 25 wetenschappers uit onder meer China, de Verenigde Staten en Zwitserland zochten de Yangtze vorig jaar 38 dagen af naar een baiji, maar vond geen enkel exemplaar. Daarop werd geconcludeerd dat het dier vermoedelijk was uitgestorven
2013
Wetenschappers hebben 3400 kilometer van de rivier de Yangtze afgespeurd naar rivierdolfijnen. Ze vonden geen spoor meer van de vlagdolfijn of baiji, zoals het dier in het Chinees heet.

lipotes vexillifer lijkt nu écht te zijn uitgestorven

CHINA-ENVIROMENT-CONSERVATION-DOLPHINEen foto Qi Qi, een Chinese vlagdolfijn die werd gehouden in het Wuhan dolfinarium. In 2002 overleed Qi Qi. Foto AFP
door 
Eigenlijk wisten we het al: de Chinese vlagdolfijn (‘Lipotes vexillifer’) is niet meer. In 2006 was al duidelijk dat de rivierdolfijn – lange snuit, slecht gezichtsvermogen – waarschijnlijk is uitgestorven en bij een nieuwe zoektocht is er opnieuw geen enkel exemplaar aangetroffen. De Chinese vlagdolfijn of ‘baiji’ was een rivierdolfijn van ongeveer tweeënhalve meter lang, die uitsluitend in het troebele, modderige, maar zoete water van de rivier de Yangtze leefde van meervallen en andere soorten vis. Ze werden 120 tot 160 kilo zwaar en oriënteerden zich voornamelijk met hun karakteristieke geluidssignalen, die ook met speciale onderwatermicrofoons te horen waren . Eind jaren negentig werd populatie nog op circa 30 individuen geschat, maar in toen een internationale expeditie de rivier de Yangtze in 2006 zes weken met onderwatermicrofoons afzocht werd er geen één exemplaar meer aangetroffen. In 2007 was er even hoop, nadat er een video opdook van de blinde vlagdolfijn, maar die waarneming is omstreden. HetWereld Natuur Fonds meldt nu dat het dier waarschijnlijk echt is uitgestorven. Wetenschappers hebben vorig jaar 3400 kilometer rivier uitgeplozen en zijn tot de conclusie gekomen dat er nu echt geen vlagdolfijnen meer zijn.

EERSTE GROTE ZOOGDIER SINDS DE CARAÏBISCHE MONNIKSROB

Het tragische einde van de Chinese rivierdolfijn werd in de jaren vijftig ingeluid. Het dier werd toen zwaar bejaagd voor het vlees, de huid en de olie. Omdat de populatie groot gevaar liep werd het dier beschermd verklaard. Dat heeft het uitsterven niet kunnen voorkomen. De Yangtze was inmiddels een drukke rivier geworden en regelmatig kwamen vlagdolfijnen in aanraking met motorbootjes. Ook raakten ze verstrikt in visnetten. Het toegenomen lawaai zou hun ‘sonar’ minder effectief hebben gemaakt. De dolfijnen zijn vaak beschreven als gracieuze dieren met een lange, smalle snuit, kleine oogjes en navenant slecht gezichtsvermogen. Mocht er écht geen baiji meer opduiken dan is het de eerste grote zoogdier dat is uitgestorven sinds de Caraïbische monniksrob in de jaren vijftig.

Yangtze bruinvis

Een andere soort, de Yangtze bruinvis, is ernstig bedreigd. De populatie is in 6 jaar tijd met ruim de helft gedaald tot zo’n 1000 exemplaren, blijkt uit de telling. Als de daling zo doorgaat, is de Yangtze bruinvis, de enige bruinvis zonder rugvin, rond 2025 uitgestorven, vreest het WNF. Grote bedreigingen voor de dolfijnsoorten zijn volgens de natuurorganisatie overbevissing op prooien van de dolfijnen, visnetten, vervuiling van de rivier en waterkrachtcentrales.  De Yangtze bruinvis – korte snuit, bol voorhoofd – is de enige bruinvis zonder rugvin en als de daling doorgaat is het beest in 2025 uitgestorven, aldus WFN.

De Yangtze bruinvis. Foto Flickr / ori2uru
In Wuhan is een zeer zeldzame vinloze bruinvis geboren. Deze vis leeft in de kustwateren van Azie en alleen in China in zoetwater, namenlijk in de Yangtze Rivier. In China is het dier bijna uitgestorven, volgens onderzoek uit 2006 leefden er nog ongeveer 1400 in de Yangtze en in de Poyang en Dongting -meren. Deze vinloze kleine is ter wereld gekomen in het Hydrobiology Institute of the Chinese Academy of Sciences in Wuhan en maakt het uitstekend. bron: http://china.blogo.nl 07-07-2008
°
GANGESGAVIAAL 
  Afbeelding Gangesgaviaal (Gavialis gangeticus)
  Gangesgaviaal De Gavialis gangeticus leeft in grote rivieren en wordt zo’n zeven meter lang. De Gangesgaviaal heeft een extreem lange, smalle snuit, voorzien van ongeveer honderd kleine tanden, een ideale uitrusting om vissen en kikkers onder water te vangen. Zoals op alle krokodillen is er ook op de gaviaal gejaagd om zijn huid en nu is hij één van de zeldzaamste dieren in Azië. Zijn achterpoten zijn net peddels; de gaviaal schijnt zelden het water te verlaten, behalve om een nest te maken. Het wijfje legt haar eieren tijdens de nacht in een kuil die zij in de rivieroever graaft.

De Gangesgaviaal :    een Indiase krokodillensoort is net als de laagland gorilla verplaatst naar de categorie ‘kritisch bedreigd’. Het aantal volwassen dieren dat zich voortplant is afgenomen van 436 in 1997 naar 182 in 2006. Dammen en irrigatieprojecten zorgen voor een snelle inperking van het leefgebied van deze diersoort http://nl.wikipedia.org/wiki/Gaviaal http://wildlife.hetdierenrijk.nl/reptielen/gaviaal.php http://www.wnf.nl/nl/bibliotheek/?act=dierenbieb.details&dierid=668 http://www.natuurinformatie.nl/ndb.wnf/natuurdatabase. nl/i000524.html

°
__________________________________________________________________________________________
APPENDIX
(Uitreksels discussies op internet / voorzien van enkele eigen opmerkingen )
°
a)
°Het klimaat verandert altijd. °En altijd sterven die soorten uit die zich niet snel genoeg kunnen aanpassen. ° Dat is normaal en het gebeurt vanzelf  (1) Antwoorden : -Wacht maar tot de hele mondiale ecosysteem in elkaar dondert, dan piep je wel anders. Aan de snelheid waarmee het nu gaat, hebben we die collaps al over de eerstvolgende generatie. Tenzij jij natuurlijk bewijs hebt die de huidige kennis natuurkunde, biologie, ecologie, hydrologie en klimatologie tegenspreekt. ° Niets aan de hand ? Mensen hebben zeker wel een impact op klimaat verandering , alleen al door de hoeveelheid mensen die op aarde wonen. Hoeveel schade wij de aarde iedere dag weer aandoen ? en hoeveel dieren wij laten sterven iedere dag weer…? Hoeveel we uit de grond halen en hoeveel rotzooi en afval we er terug induwen! (1) ……Mensen die kletsen dat het allemaal vanzelf gebeurt moet eens meer om zich heen gaan kijken – Het broeikas effect (*)veroorzaakt globale opwarming, wat verantwoordelijk is voor de huidige klimaatverandering. Alle argumenten en termen zijn nog gewoon geldig hoor. De globale temperatuur stijgt elk jaar steeds sneller. (*) http://www.elmhurst.edu/~chm/vchembook/globalwarmA5.html http://www.skepticalscience.com/big-picture.html b) –“Grootste CO2 bronnen zijn bijv vulkanen, zullen we die dan maar een boete geven?” ° Natuurlijke uitstoot is een cyclus: wat uitgestoten wordt wordt later weer opgenomen. De extra (antropogene uitstoot ) 3% jaarlijks telt elk jaar weer op, inmiddels tot 40% hogere concentratie dan bij het begin van de industriele ontwikkeling. Kun je zelf ook opzoeken, kijk: http://lmgtfy.com/?q=natuurlijke+en+menselijke+u … °eerst maar eens simpel beginnen? http://climatekids.nasa.gov/menu/weather-and-clihttp://www.nature.com/nature/journal/v453/n7191/ … “North Atlantic SST and European and North American surface temperatures will cool slightly, whereas tropical Pacific SST will remain almost unchanged.” “Our results suggest that global surface temperature may not increase over the next decade, as natural climate variations in the North Atlantic and tropical Pacific temporarily offset the projected anthropogenic warming.” In conjunctie met: ” […] multidecadal variations are potentially predictable if the current state of the ocean is known, the lack of subsurface ocean observations that constrain this state has been a limiting factor for realizing the full skill potential of such predictions.” (Ook de auteur(s) zelf zegt dat het niet helemaal kan kloppen, en dat de projectie niet goed kan kloppen. Dit is een van meerdere projecties die zijn gemaakt over de OCEAAN temperaturen. ) Worst case scenario ? -Het klimaat veranderd weliswaar uit   zichzelf, maar dat is niet einde verhaal want (bijvoorbeeld ) dat gat in de ozonlaag maakt de mens . c) -En deze klimaat verandering gaat ook extreem snel in zijn werk .(1*) Meestal gaat een klimaatverandering in een langzaam tempo ? ( zodat dieren zich kunnen aanpassen of migreren.) Door de snelle klimaatsverandering ( eigenlijk het gevolg van een kantelmoment ) kunnen dieren / en planten nog veel minder , dat niet en migreren gaat ook al niet meer zo gemakkelijk omdat er geen aansluitende gebieden meer zijn. (1*) °Hier denkt men dat het geen verschil maakt of de temperatuur 3 graden in 20 jaar stijgt. Het gebeurt immers wel vaker. (Claim ) -“Dat het normaal een paar duizend jaar duurt en het leven zich er langzaam op aan kan passen , denkt men niet zo meteen over na ….” (antwoorden —>    men denkt er juist wel over na  ….) 1- IJskappen, permafrost gronden, meetapparatuur en satellieten zijn onpartijdig. Wat men maar niet wil begrijpen is dat wij nu een verandering doormaken (en hebben veroorzaakt) sneller dan ooit in de ijskernen is gevonden, met een factor van 1000. 2-Je hebt nog altijd mensen die denken dat het klimaat sowieso verandert, en dat de mens daar los van staat, of dat de dieren zich (zoals in dit topic) zich daar sowieso aan moeten aanpassen. Die mensen die dat denken, die hebben al 10 jaar lang niet begrepen wat het probleem is. Dat is best schrikbarend, gezien de aandacht in de media. Dus nog maar eens: klimaatverandering is NIET het probleem. De SNELHEID van de klimaatverandering is het probleem. 3.-Deze mensen WILLEN het niet snappen. Net doen alsof een probleem niet bestaat (ontkenning) is hun manier om met hun cognitieve dissonantie om te gaan…. Daarom zie je ook zo veel boze reactie’s op een artikel die feiten presenteert over de klimaatverandering; door die te lezen worden ze herinnerd aan feiten die lijnrecht tegenover hun eigen wereldbeeld staat. De juiste reactie is natuurlijk om je wereldbeeld aan te passen. Maar dat kost meer moeite dan een beetje vloeken over CO2 taks, of een linkje posten naar een of ander blogje waarvan je niet gecontroleerd hebt of zijn inhoud wel klopt. klimaatsverandering is van alle tijden   – Er zijn inderdaad ook sterke aanwijzingen voor klimaatsveranderingen in het verleden. Maar deze huidige uitsterf prognoses / percentages zijn toch wel zorgwekkend lijkt mij.. Als de ene soort uitsterft kan het een kettingreactie hebben op andere soorten. Net als die stelling dat als plankton zou uitsterven er geen vis meer in de zee zou zwemmen. Dat heet het domino-effect en dat kan erg veel konsekwenties hebben d) (ontkenner ) “Er zijn meer dan genoeg wetenschappers die zeggen dat er te veel variabelen zijn om zelfs maar over weersverandering door de mens te denken.” -Ten eerste gaat het over het klimaat. -Ten tweede ontkracht dat niet het mogelijke probleem( gaat over het globaler veranderende klimaat-systeem en niet over lokale weersvoorspellingen ) e)  Uitstervingen  nader bekeken   1.) Lastige insekten mogen uitsterven ? °Het zal het een hele grote impact hebben als ( bijvoorbeeld )de mug moest uitsterven . Onder andere ook omdat deze op bepaalde plekken mensen weghouden. Want een plek die stikt van de muggen, daar wil geen mens doorheen wandelen. En laten dit nou net plekken zijn waar bedreigde diersoorten voorkomen. Dus helaas, ik heb ook een grote hekel aan muggen, maar de impact van hun uitsterven zou groter zijn dan je zou denken °Nuttige of lastige insecten zitten allemaal in hetzelfde schuitje ….. Laatste tijd hoor je ook steeds meer over het uitsterven van de honingbij, in sommige delen van Europa/USA is er een vermindering van 60-70%. Einstein zei ooit als dit gebeurd, heeft de mens nog 4 jaar te leven totdat er geen voedsel meer zal zijn. Ik hoop dat we het niet zo ver laten komen.. ° Ieder dier heeft een functie, misschien voor jou een minder plezierige, maar voor anderen wel. Dat jij bv een hekel hebt aan bijen, hoeft een imker of honingeter niet te hebben 2) http://www.nu.nl/wetenschap/3499277/klimaatverandering-bedreigt-meer-diersoorten.html ” …..De soorten die het meest gevaar lopen om het warmer worden van de aarde niet te overleven, wonen overigens vooral in het Amazonegebied (vogels en amfibieën) en op de koraalriffen rond de Filipijnen en Indonesië. -Maar dat betekent ook dat er organismen zijn die in een gebied wonen waar ze weinig last hebben van de klimaatverandering en dus mogelijk de tijd hebben om zich aan te passen  ?  Ook is er een aanzienlijk aantal soorten dat niet veel last heeft van de (huidige ) klimaatverandering. ?  – Klimaatsveranderingen zijn niet beperkt tot  opwarming ( en eventuele   woestijn vorming )   in warme gebieden   alleen … Het kan tevens gepaard gaan met extreme plaatselijke  ( en dat kan continenten beslaan ) en snelle    weerschommelingen  ….  Het gaat   ook   om een mondiaal systeem ( en niet alleen maar om  het klimaatsysteem  ,   maar  ook  om  de gehele biosfeer  ) dat bezig is  nieuwe(verschuivende )  evenwichten  te vestigen en  nieuwe  vormen aan te nemen ( hoe lang houdt de golfstroom het nog uit ?  ) … Welke nieuwe voorwaarden   dat uiteindelijk zullen  worden ( en of die mensvriendelijk zullen  zijn ) weet niemand  …. Lange   vroege lentes met hittegolven  , kwakkelwinters  en  verlengde  ijswinters  , we maakten het allemaal in versneld tempo( in een  paar decennia )  mee ….. en telkens moet de plaatselijke natuur zich weer  razendsnel = acclimatiseren ___laat staan dat er tijd is om vlug eventjes een nieuwere  beter  “aangepaste ”  soort te laten onstaan  ….Hopelijk overleven er enkelen  zodat het leven opnieuw kan uitwaaieren …… (bijvoorbeeld ) *Zaadeters( en veel trekvogels )  voeren hun jongen insecten.Bij koolmezen (een beest waarover echt veel informatie is) stemden de vogels de legdatum af op de(normale ) rupsenpiek  Bij de reeks vroege voorjaren gaf dat moeilijkheden. Zie onderzoek NIOO aan koolmezen: zoeken onder Marcel Visser.                                                                                                                                                                                                 ° trekvogels met diezelfde  gewoonten   kwamen in de vroege lentes   zelfs te laat …. de rupsenpiek was al voorbij …. En de paar die wat vroeger waren toegekomen en dus betere kansen hadden, kregen nakomelingen die ook vroeger toekomen maar  nu  plots  af te rekenen kregen met  pooltemperaturen  

  1. Sommige trekvogels  zijn  dus aangepast geraakt aan het voorkomen van vroege lentes  en  komen in het voorjaar eerder in hun broedgebieden aan, In strenge winters( en winterse lentes )  kunnen populaties van deze soorten gedecimeerd worden.

Een moordpartij  …. 16/12/2009 Het wordt stil in het bos Alle insectenetende soorten trekvogels die in Afrika overwinteren en in de Nederlandse bossen broeden, zijn sinds 1984 sterk in aantal afgenomen. Dat blijkt uit Nederlands onderzoek. Bij sommige soorten is de terugval enorm: nachtegalen zijn met 37 procent afgenomen, fluiters met 73 procent en spotvogels zelfs met 85 procent. Door de klimaatverandering begint de lente steeds vroeger. Bomen lopen tegenwoordig twee weken eerder uit dan 25 jaar geleden, en ook rupsen die de jonge blaadjes eten verschijnen twee weken vroeger. Voor twee vogelsoorten, de koolmees en de bonte vliegenvanger, was al aangetoond dat ze hun broedperiode onvoldoende hebben aangepast aan het veranderende klimaat. Daardoor komen hun jongen pas ter wereld als de ‘rupsenpiek’ al achter de rug is en hebben ze te weinig te eten. Hetzelfde probleem blijkt nu ook andere vogelsoorten parten te spelen. Daar zijn een aantal aanwijzingen voor. Zowel de aantallen bosvogels in Noord-Europa – waar het voorjaar nog nauwelijks is vervroegd – als de aantallen standvogels van Nederlandse bossen blijven constant. Ook bij in Afrika overwinterende moerasvogels werd geen afname vastgesteld. Zij beschikken immers de hele lente over insecten in overvloed en hoeven niet op een bepaald moment terug te zijn. Uit al die waarnemingen besluiten de onderzoekers dat de terugval niet te wijten kan zijn aan veranderde omstandigheden in overwinteroord Afrika. Volgens bioloog Christaan Both van de Rijksuniversiteit Groningen zal het de komende jaren steeds stiller worden in de Nederlandse bossen omdat alsmaar minder trekvogels tot broeden zullen komen. (ddc) http://www.natuurkalender.nl/achtergrondinformatie/areaalverandering_vogels.asp ° Waar zijn  trouwens  de boerenzwaluwen  die tussen de sneeuwbuien    van 2013 arriveerden   gebleven ?(overigens gaat het om  meestal toch monogame  paartjes die elk jaar hetzelfde nest komen bewonen )  http://www.natuurbericht.be/?id=10294&cat=vogels °    Tuurlijk gaat er  ook hier  bij die vele  extreme schommelingen   heel veel onderuit  ….(zeven magere  en zeven vette  jaren , allicht  ? ) Natuurlijk  herstel van  globale  uitstervingsgolf ?  Het is te voorzien ( te extrapoleren )dat de “natuurlijke ”   herstelperiode  na een massa uitsterving     lang gaat duren  (als we uitgaan van vorige  uitstervingsgolven ) en  misschien verder zal doen  zonder de mens Waarschijnlijk   zal de biosfeer zich na   dergelijke  massa-  uitsterving  (  en na een paar duizenden jaren ) zich kunnen  herstellen van de  uitgedeelde  doodsklap  ….  wanneer het allemaal allang  voorbij is en er mogelijkheden zat /   gloednieuwe  voorhanden zijnde  “niches”   ,  kunnen worden benut en  bezet – Soorten die niet veel last hebben van klimaatsveranderingen zijn  bijvoorbeeld  stadsbewoners  ,  huisdieren  ,  troetelbeesten  , sier- en kamerplanten … en/of   de fauna en flora  in  door de mens verlaten en  verknalde gebieden  zoals bijvoorbeeld tsjernobyl … maar daar zitten dan weer andere gevaren ….     – Uiteindelijk worden we allemaal door uitsterven bedreigd. … maar of we daarom met zijn allen   fatalistisch moeten worden  en gewoon de pijp aan maarten moeten geven   ? f) Wat te doen ? -De echte oplossing ( met draconische maatregelen ) wilt NIEMAND!!! Het is trouwens zeer de vraag of het “point of no return” of het omslagmoment  , niet reeds allang is bereikt

Moderne leven lokt dieren in de val

 Eos Artikel | 14 juni, 2013 –

Cubaanse boomkikker eet lampje van de kerstverlichting omdat de lampjes op zijn lichtgevende prooien lijken. (Foto: James Snyder)

Alsof het vernielen van habitats en het veranderen van het klimaat nog niet voldoende was, sturen ook de talrijke menselijke nieuwigheden de natuur in de war, zo blijkt uit een overzicht in Trends in Ecology & Evolution. Soms doen we dat door dieren aan te trekken. Eendagsvliegen bijvoorbeeld strijken massaal neer op winkelramen omdat ze nog nooit zo’n mooi blinkende vijver hebben gezien, en verspillen zo hun luttele levensuren met het leggen van eitjes die nooit zullen uitkomen. Of vogels die zich in de buurt nestelen van een viskwekerij om dan te laat te ondervinden dat die dikke kweekvissen veel te groot zijn om hun jongen mee te voederen. En we verlichten onze tropische resorts soms zo fel dat jonge zeeschildpadden ze verwarren met het maanlicht dat hen gewoonlijk naar zee leidt. Studies van de biodiversiteit moeten dus worden aangevuld met studies over het gedrag van bedreigde soorten. Ze kunnen ons leren hoe we zulke ‘evolutionaire vallen’ kunnen vermijden. Daarnaast is het oppassen geblazen met goedbedoelde ingrepen in natuurgebieden: zo werd een bedreigde woestijnhagedis na een herbebossingsproject plots het slachtoffer van roofvogels, en worden stekelroggen lui en agressief wanneer ze door ecotoeristen worden bijgevoederd. (tv)  -in hoeverre kunnen dieren zich( ook door  snelle  evolutie -in -actie ) aanpassen aan de snelle veranderingen die de mens veroorzaakt? 
°
 2014 Biologen waarschuwen voor nieuwe massa-uitsterving 25 juli 2014

Amerikaanse biologen waarschuwen dat het recente uitsterven van een groot aantal diersoorten wijst op een nieuwe massa-extinctie op aarde.

In de laatste 35 jaar is 45 procent van alle ongewervelde diersoorten (zoals kevers, vlinders en wormen) van de aardbodem verdwenen

Sinds 1500 zijn er verder 320 gewervelde landdieren uitgestorven, terwijl het aantal overige (mariene) diersoorten met ongeveer 25 procent is afgenomen.

 

uitstervingen ongewervelden  2014
http://www.scientias.nl/wereldbevolking-verdubbelt-zich-en-aantal-ongewervelden-halveert/103820

Wereldbevolking verdubbelt zich & aantal ongewervelden halveert

 

 Insecten spelen (bijvoorbeeld )een belangrijke rol bij de bestuiving van planten – waaronder voor de mens belangrijke gewassen 
  •  triest …. ook voor allerlei andere dieren (met andere belangrijke voedselplanten )en die  met zijn allen deel uitmaken van het ecologisch systeem dat jammer genoeg door mensen wordt verwoest. Uiteindelijk wordt de mens  daar zelf ook het slachtoffer van.
  • Wij als “soort” (= de mensheid dus ) zijn goed bezig. Goed bezig onszelf op termijn de das om te doen, in mindere of meerdere mate. Afgezien van het feit dat wij constant bezig zijn als soort elkaar naar het leven te staan, en wij door steeds maar meer-meer-meer de balans in de natuur volledig verstoord hebben, dringt mij toch ook de vergelijking op dat wat het HIV virus is voor de mens, men dit in dezelfde mate kan zeggen over de mens als soort mbt de natuur. Maar ik geef ruiterlijk toe: wie het weet hoe het dan wel moet, mag nu op staan! 
  • Als die bestuiving  inderdaad zo cruciaal is  voor ons mensen,(zie Einstein’s uitspraak over bijen en de mens  )  dan zullen na verloop van tijd weer een hoop mensen moeten sterven    : de  onverschillige en blinde processen van de (ongeleide )  natuur _  steeds vervalend in nieuwe evenwichten  – zal met andere woorden , de globale galopperende bevolkingsaanwas  en overschotten   onbarmhartig en  zonder onderscheid   inperken /ruimen   door verhongering , ziekten en oorlogen  , omdat we dat zelf niet blijken te  kunnen
  • Uitstervingen  zijn  belangrijke  uitzonderingen  van “tabula rasa ” ogenblikken /pogingen /gevaarlijke  crisismomenten   in de  (aardse )geschiedenis van het leven …Tot nu zijn er vijf ontdekt door geologen  … misschien zitten we aan het begin van   de zesde —> Het  einde van het   “antropoceen ” ?
°
Dat melden onderzoekers van de Universiteit van Stanford in het wetenschappelijk tijdschrift Science

Mensheid

De wetenschappers analyseerden zo veel mogelijk wetenschappelijke gegevens over uitstervende diersoorten. De trends die ze hebben ontdekt, wijzen volgens hen op het begin van een nieuwe uitstervingsgolf. Mogelijk (1)wordt die massa-extinctie veroorzaakt door de snelle groei van de mensheid. Het aantal mensen op aarde is in de afgelopen 35 jaar bijna verdubbeld. Vooral de ontbossing (2)die is ontstaan door deze bevolkingsgroei heeft een negatief effect op het aantal diersoorten. Ten eerste verliezen veel dieren hun natuurlijke leefgebied. Daarnaast veranderen ontbosde gebieden vaak in grasland, waarin snel plagen van knaagdieren ontstaan. De knaagdieren dragen veel ziektes over, waaraan grotere dieren sterven.

Ecosystemen

“Niemand had gedacht dat ontbossing al deze dramatische consequenties zou hebben”, verklaart hoofdonderzoeker Rodolfo Dirzo op de nieuwssite van de Universiteit van Stanford. “We denken bij uitstervingen vaak aan een verlies van diersoorten, en dat is ook erg belangrijk. Maar er treedt ook een verlies op aan ecosystemen waarin dieren een belangrijke rol spelen. Daar moet ook aandacht aan worden besteed.” 

Massa-extincties

Over de juiste  rechtstreekse  trigger oorzaken van vorige(vijf) massa-extincties wordt nog wel wat gespeculeerd  maar er bestaat een consensus over de belangrijkste eruit volgende complicatie  :  Waarschijnlijk stierven de grote aantallen dieren in het verleden uit door (geologisch gezien  )”plotselinge “klimaatveranderingen en inslagen van meteoren en planetoiden (samen met  de hun  begeleidende   gevolgen van   langdurige  klimaatveranderingen )

Door: NU.nl/Dennis Rijnvis *

  • (1) kan je daar dan nog serieus   aan twijfelen  ?
  • Overpopulatie van mensen is trouwens ook voor de mensheid een gevaar want mensen zijn ook maar (sterfelijke ) dieren afhankelijk van  bepaalde ecologische  niches …..maar daar hoor je weinig soeps  over.
  • het probleem is  dat onze  massale aanwezigheid als menselijke soort hier en  nu van die nieuwe uitstervingsgolf de  voornaamste  oorzaak is . Bij het verdwijnen van soortenrijkdom, worden ecosystemen zwakker en kunnen zij volledig instorten. Dat heeft ook gevolgen voor onze eigen voorziening van voedsel, bijvoorbeeld.
  • Terug naar 900 miljoen aardbewoners van voor de industriele revolutie?Schaf de gezondheidszorg af,dan  kom je al een heel eind.: niet haalbaar dus ? ….
  • Ik vrees  dat de meeste dieren groter dan een wild zwijn (en daartoe behoort dus ook de mens ) binnen 50 jaar zijn uitgestorven
  • Malthus revisited
  • Er is ook geen houden aan! Slechts een schamele (rijke) 5% heeft het door en doet er zogezegd ( toch voor een tijdje ) iets mee/aan! (maar dan meestal nog eens  erg amateuristisch ) ……  De rest van de mensheid blijft even vrolijk roofbouw plegen op deze planeet. Dweilen met de kraan open noemen we dat ook wel.
  • Eerst ons eigen landje leeg vreten /opslurpen   en de bodem  uitputten en /of  openrijten op zoek naar  hulpmiddelen  …… en  dan de rest van de planeet …is nog steeds  de werkwijze ….  Minder auto maar meer met het vliegtuig …. en als er geen brood meer is  …eten we wel koekjes  of zoiets ….  
  • (2) Laat de bossen met rust. :   kijk naar de geschiedenis hoeveel beschavingen ten onder gingen met de ontginning van hun eigen gebieden, Farao`s, Maya`s, Stonehengs, en Angor Wat, Paaseiland  ……. nadat hun wouden waren gekapt verdwenen zij van de aardbodem.Toen was dat nog op lokaal niveau, nu op wereldschaal.
  • Maya’s , azteken en  andere volkeren gingen evenzeer  tenonder tengevolge van het uitblijven van neerslag  (mondiale  klimaatveranderingen dus ) …overigens was het in het midden oosten 10.000 jaar geleden veel natter dan vandaag ( de sahara droogde uit  en breide zich uit tot op de dag van vandaag ) …….Uiteraard spelen bossen een  rol in de lokale  waterhuishouding maar andere  factoren ( El nina , El Nino bijvoorbeeld  in zuid amerika ) speelden mogelijks een nog grotere rol ….
  • Wat  Stonehenge hier komt doen is mij een vraagteken …De megalithische beschavingen  van de  Kelten verdwenen  overal (niet alleen rond Stonehenge waar ze relatief langer gespaard bleven  van invallers   ) omdat ze werden opgeslorpt door grote volksverhuizingen (al dan niet ecologische en economische  vluchtelingen ? )  … Overigens is het verdwijnen van de hypothetische  “Stonehenge bevolking “nog altijd een mysterie  ….je kan er dus alle kanten mee uit  …….Geschiedenis moet je niet bewust gaan vervalsen ( ik zeg niet dat dit hier is gebeurt ) om je  ideeen  te “bewijzen “
  • Paaseiland schijnt inderdaad te zijn verwoest door ontbossing ( zie :  Jarod Diamond ) ….
  • Oerbossen die gekapt worden om daar sojaplantages in te richten zodat er goedkoop veevoer verbouwd kan worden om te voorzien in het aanbod consumptievlees……Of om palmolie-winning  en de winsten van  ( bijvoorbeeld)  de kosmetische industrie  …of het verbouwen van industrieele gewassen voor de aanmaak van brandstoffen en plastics
  • Hoe dan ook heeft een mens ruimte nodig om voedsel op te verbouwen. Dus uiteindelijk gaat het aantal mensen wel degelijk meewegen, wel of geen vlees.En wil iedereen de vruchten van de economisering  –> beter en langer  leven dus
  • Vleesproduktie  is  trouwens  de korte versie van  hoogwaardige voedselvoorziening voor veel mensen. Kwalitatief hoogwaardig  voedsel, maakt dat je minder  moet eten om je energiebehoeftes te dekken … Maar je moet het  noodzakelijkerwijs  wel kweken met  kwalitatief minder voedsel , te verbouwen  in grote hoeveelheden  …..  Op het moment is de bodem in onze landen uitgeput als gevolg van intensieve landbouw(lees akkerbouw) , waardoor er steeds meer kunstgrepen ( en zonder rekening te houden  met de “verborgen subsidies-stromen”  en opbrengsten van de   roofbouw elders,  gepaard gaand met kap en erosie  ) nodig zijn om nog een beetje voedzaam  vegetarisch product op te brengen. Vervolgens is het effect van  al die kunstgrepen (hier plaatselijk ) het uitsterven van het bodemleven (ongewervelde dieren zoals vlinders, bijen, rupsen etc.) zodat het ecosysteem in de bodem verloren gaat. Ik kan nog vanalles schrijven over gevolgen zoals schimmels en ziekten die gewassen aantasten door gebrek aan natuurlijk ecosysteem, maar zal me beperken tot dit stuk.
  • Doordat de mens aan intensieve landbouw doet kunnen er zoveel mensen gevoed worden. Overstappen op biologisch kost aanzienlijk meer ruimte. De netto opbrengst is met een intensieve methode nou eenmaal meer dan met een extensieve methode.

* voor zover bekend

 

‘Ontdiering’ op kruissnelheid

Aldabra reuzenschildpadden worden uitgezet op Round Island (Mauritius) om de uitgestorven Mauritiaanse schildpad te vervangen.

De voorbije 500 jaar zijn 322 soorten gewervelde landdieren uitgestorven. De overblijvende soorten zijn er in aantal gemiddeld met een kwart op achteruit gegaan. Een internationaal team wetenschappers heeft het in het vakbladScience over ‘ontdiering’ (‘defaunation’) – een knipoog naar ‘ontbossing’.

Ontbossing is met behulp van satellietbeelden relatief makkelijk op te volgen, maar bij de achteruitgang van diersoorten verloopt het onderzoek moeilijker. Allereerst omdat niemand precies weet hoeveel diersoorten er zijn. Van de naar schatting vijf tot negen miljoen diersoorten op aarde verliezen we er waarschijnlijk 11.000 à 58.000 per jaar.

Van de gewervelde diersoorten is naar schatting 16 tot 33 procent kwetsbaar of met uitsterven bedreigd. Vooral amfibieën hebben het op dit moment zwaar te verduren: 40 procent van de soorten is bedreigd. Hoewel de achteruitgang een globaal fenomeen is, zijn er toch regionale verschillen. Het aantal zoogdier- en vogelsoorten dat in aantal afneemt is het grootst in de tropen.

Met de ongewervelden is het niet veel beter gesteld. Hoewel de International Union for the Conservation of Nature (IUCN) van slechts één procent van de 1,4 miljoen beschreven soorten de toestand heeft geëvalueerd, blijkt zo’n veertig procent bedreigd te zijn. Vooral over vlinders en nachtvlinders zijn goede gegevens beschikbaar: hun aantallen zijn de voorbije veertig jaar met ruim een derde geslonken.

De achteruitgang van diersoorten kan uiteenlopende gevolgen hebben, die ook ons treffen. Van problemen met bestuiving, voedselvoorziening en waterzuivering tot plagen en ziektes die de kop opsteken.

‘Maar ook het verlies van soorten die niet belangrijk lijken, is tragisch’, zegt Rodolfo Dirzo van Stanford University, die bij het onderzoek betrokken was. ‘Alle wezens waarmee we ooit de planeet deelden, zijn het product van ongeveer 3,5 miljard jaar evolutie. Voor elk van die soorten is het dan ook doodzonde dat ze verdwijnen.’

Vooral grote diersoorten lopen een risico, net als soorten die zich traag voortplanten, grote territoria nodig hebben en slechts op een beperkt aantal plaatsen voorkomen. Overbejaging, de vernietiging van leefgebied, exoten en de klimaatverandering zijn de belangrijkste oorzaken van de achteruitgang. Daarvan zijn de eerste twee volgens de onderzoekers het makkelijkst aan te pakken. (ddc)

 

 

°

In mensentijdperk sterven 1000x meer dieren uit dan daarvoor

dodo

 

Onderzoek toont aan dat de snelheid waarmee dieren in de tijd dat er nog geen mensen waren, uitstierven zo’n tien keer lager lag dan gedacht. Het betekent dat de snelheid waarmee dieren vandaag de dag uitsterven tien keer ernstiger is.

Diverse diersoorten sterven vandaag de dag uit. Om een beeld te schetsen van hoe ernstig de situatie is, blikken onderzoekers graag terug. En wel naar de periode waarin er nog geen mensen op aarde rondliepen. Pas als we weten hoe snel dieren toen uitstierven, kunnen we een beeld krijgen van hoe zwaar we aan de sterftecijfers van vandaag de dag moeten tillen.

Zestig miljoen jaar geleden
Een nieuw onderzoek blikt nu terug op de tijd dat er nog geen mensen waren en stelt vast dat snelheid waarmee diersoorten toen – zo’n zestig miljoen jaar geleden – uitstierven ongeveer tien keer lager lag dan gedacht. Het betekent dat de huidige snelheid waarmee diersoorten uitsterven dus tien keer ernstiger is dan gedacht. Diersoorten sterven vandaag de dag 1000 keer vaker uit dan ze dat 60 miljoen jaar geleden deden. “Het was heel, heel anders voordat mensen het toneel betraden,” concludeert onderzoeker Jurriaan de Vos.

Nieuwe cijfers
In de jaren negentig stelden onderzoekers nog dat er vóór de mens op aarde rondliep zo’n 1 per 1 miljoen soorten per jaar uitstierven. In een nieuw onderzoek komen wetenschappers echter op een heel ander cijfer: 0,1 per 1 miljoen soorten per jaar. Ter vergelijking: vandaag de dag sterven van elke miljoen soorten jaarlijks 100 soorten uit.

De methode
Hoe komen de onderzoekers aan deze nieuwe cijfers? In tegenstelling tot eerdere studies beperkten ze zich niet enkel tot fossiele resten. Fossiele resten zijn waardevolle informatiebronnen als het gaat om diersoorten die in het verleden (en nu niet meer) leefden. Maar ze hebben ook hun beperkingen. Zo is vaak lastig vast te stellen tot welke soort een fossiel exact behoort en bovendien fossiliseren lang niet alle soorten even goed. Tijdens dit nieuwe onderzoek richtten wetenschappers zich daarom onder meer op de evolutionaire stamboom van planten- en diersoorten. Ze keken hoe soorten door de tijd heen veranderden: hoe nieuwe genetische takken ontstonden en onsuccesvolle families uitstierven. Zo kregen ze een beeld van de diversificatie van soorten. “Het aantal soorten op aarde is in de recente geologische geschiedenis niet afgenomen,” legt onderzoeker Lucas Joppe uit. “Het is of constant of neemt toe. Daarom moet de gemiddelde snelheid waarmee sommige groepen in het aantal soorten toenamen gelijk zijn aan of hoger zijn dan de snelheid waarmee
andere groepen soorten door extinctie verloren.”

Verantwoordelijk
Over wie er precies verantwoordelijk is voor het versneld uitsterven van soorten bestaat weinig twijfel. In de meeste gevallen is de belangrijkste reden voor het uitsterven van soorten de groei van de menselijke populatie en consumptie. Tegelijkertijd merken de onderzoekers op dat mensen ook op steeds meer plaatsen aantonen een positieve stempel op de situatie te kunnen drukken: mensen zetten zich in voor het behoud van soorten en boeken daarmee succes.

Het nieuwe onderzoek plaatst de huidige trend in een alarmerend perspectief. “We weten al twintig jaar dat de huidige snelheid waarmee soorten uitsterven uitzonderlijk hoog ligt,” vertelt onderzoeker Stuart Pimm. “Deze nieuwe studie komt met een betere schatting van de normale snelheid waarmee dieren uitsterven: de snelheid die zonder menselijk ingrijpen van toepassing is. Die snelheid ligt lager dan we dachten, wat betekent dat de huidige extinctiecrisis in vergelijking veel ernstiger is.”

 

Bronmateriaal:
Extinctions during human era worse than thought” – Brown.edu
De afbeelding bovenaan dit artikel is gemaakt door George Edwards.

http://www.nu.nl/wetenschap/3864573/uitsterven-van-soorten-gaat-tien-keer-sneller-dan-gedacht.html

 

‘Uitsterven van soorten gaat tien keer sneller dan gedacht’

Het aantal dier- en plantensoorten dat normaal gesproken zou moeten uitsterven is tien keer “hoger “(2) dan tot nu toe werd verwacht.

Een internationaal team van wetenschappers, geleid door de Nederlandse ecoloog Jurriaan de Vos, schrijft dat in Conservation Biology.

Het lagere ‘basisniveau’ van uitstervende soorten heeft gevolgen voor de zogeheten ‘extinctiegolven’.

Daarbij sterven, om welke reden dan ook, veel meer dier- en plantensoorten dan normaal. Het verschil tussen die golven en het lagere basisniveau wordt daardoor juist groter.

 

Het uitsterven van de dinosaurussen (na een grote meteorietinslag) is een voorbeeld van zo’n extinctiegolf. Op dit moment is er ook sprake van een extinctiegolf. Deze wordt echter veroorzaakt door menselijk handelen.

Nu uit onderzoek blijkt dat er minder soorten zouden moeten verdwijnen dan voorheen werd gedacht, betekent dat dat er op dit moment door menselijk toedoen geen honderd, maar wel duizend keer meer soorten verdwijnen.

Methode

De ecologen gebruikten fossielen en genetische gegevens en wiskundige modellen om te bepalen hoeveel soorten planten en dieren en normaal gesproken uitsterven.

°

Door: NU.nl/Stephan van Duin

°

REACTIES 

(1) De gebruikelijke sneer  : “schieten op de pianist ” en “fouten-neukerij “die moeten doorgaan als serieuze kritiek  en bij  gebrek aan “begrijpend lezen ” …

Het artikel bevat geen enkel argument, slechts niet-onderbouwde stellingen.
Ik krijg ook sterk de indruk dat de schrijver dezes een stuk heeft proberen te vertalen en samenvatten dat bij niet begreep.

°

Het resultaat is in elk geval een stukje tekst waaraan ik geen touw kan vastknopen.

De vertalen en de samenvatter begreep het artikel niet;

 

(2) Journalisme is een moeilijk vak. :   de oorspronkelijke ondertekst tekst van het artikel luidt :

 

Het aantal dier- en plantensoorten dat normaal gesproken zou moeten uitsterven is tien keer “lager”(sic)  dan tot nu toe werd verwacht.

 

dat is natuurlijk een lapsus

 

 De “boodschap” ( en dat is van belang ) van dit artikel is :

Door menselijk handelen sterven er soorten 10x zo snel uit als normaal de verwachting zou zijn.

En …..wat word er aan gedaan? Niks… Juist

 

°  (2b)

Sterven er nu meer of minder soorten uit dan verwacht?
Is het überhaupt van belang wat we aan uitstervende soorten verwachten?

Wat hebben de genoemde uitstervingsgolven in hemelsnaam te maken met de verwachtingen en met het aantal soorten dat nu daadwerkelijk uitsterft.

Hoeveel nieuwe soorten ontstaan nu?

Of welke soorten krijgen meer ruimte omdat andere uitsterven?

Kortom: wat een verschrikkelijke slecht stuk weer.

 

(antwoord aan 2b  )

Wél een beetje zelf opzoeken  hé … Informeer je   …..Dat  is toch allerminst  moeilijk in de internet-dagen .?… Het volstaat NIET  om een paar vraagjes uit de losse mouw te schudden  en  te doen alsof het retorische vraagjes zijn  ….iedereen kan  retoriek verkopen 

Verklaar je dus nader en uitgebreider  en deel ons de resultaten van je opzoekwerk mee …… Eerst je huiswerk maken  en pas dan je mond opendoen ….

°

—-Er zijn wel 500 miljoen soorten kevers alleen.

We kennen een groot deel van het leven op aarde nog niet eens.

Het is dan inderdaad niet gek dat er ook veel uitsterft.

Maar wat is de ratio van niewe soorten ten aanzien van uitsterven, dit wordt namelijk niet vermeld.

De aardse biosfeer redt zich wel.
Er zijn immers organismen die bijna niet zijn uit te roeien.

Het waterbeertje, kan leven in kokend water, vast zitten in ijs voor jaren, 10 jaar zonder water en overleefde zelfs het vacu?m van de ruimte.

Fantastisch!

(antwoord )

…. Nieuwe soorten  of  NIEUW ONTDEKTE  soorten : dat is namelijk een belangrijk verschil …Bovendien belanden de nieuw ontdekte  soorten veelal op de lijst der bedreigde soorten  … en eventueel reeds aanwezige  maar  nieuw geevolueerde( en nog zeldzame ) soorten  , belanden misschien ook op de menukaart van hongerige ontdekkers . Mensen vreten  nu eenmaal  eerst hun  omgeving   leeg en daarna de rest van de wereld ….en/ of de andere levende wezens ( en zelfs  “andere” menselijke  medebewoners ) in dat gebied  worden genadeloos bestreden (onkruid)  ,verdelgd en of doodgespoten  …. omdat het meeëters en concurenten zijn

— hoe lager je gaat in de voedselketen ( waar de gewervelde mens een van top-verbruikers (indien al niet de grootste ) is ) hoe talrijker en kleiner van gestalte de soorten zijn ….

er zijn inderdaad veel kevers ( als voorbeeld) en nog veel meer van wat nog niet ontdekt is  …. maar  van de huidige bekende ongewervelden (waar  we het tot nu toe mee moesten doen  )  staat wel de helft ( ook in aantallen individuele vertegenwoordigers ervan ) op uitsterven  …. Dat beteken,t dat minstens  die onontbeerlijke schakel( denk aan bestuiving )  uit die voedsel -keten  is gehalveerd  terwijl de mensheid  nog steeds  in aantal  exponentioneel schijnt  toe te nemen

— het gaat niet om de “biosfeer ” in zijn geheel  maar om dat gedeelte van de levende wezens  die nodig zijn bij  het  verschaffen van voldoende  voedsel  opdat de heterotrofe mensheid overleve  ….

Kakkerlakken en ratten zijn ook niet  uit te roeien ….misschien  erven deze  concurenten de aarde ? …….  en uiteraard zijn er nog de extremofielen  : maar ik zie die niet meteen op mijn bord .als potentieele vervangers

…. “Als  er geen brood meer is dan eten we koeken  “, zeiden de  idioten  al  in het interbellum :  en  tijdens de  daaropvolgende  WO 2  ,  aten ze gras en  katten en  ratten  en honden en ezels en eekhoorns en egels  …etc  … maar ook dat raakte op…. Staat ons iets gelijkaardigs  te wachten ?

 

—-Ik geloof er geen zak van, al dit soort semi-authentieke onderzoeken waarvan niemand weet of het ook daadwerkelijk zo is.
Ik heb meer bewijs nodig dan dit zielige artikeltje.

(antwoord )

Maar ik heb   geen  doorgedreven  wetenschappelijk onderzoek nodig, om  in te zien dat we als mensheid de aarde behoorlijk verziekt hebben. Toch leuk dat zo´n onderzoek dat nog even fijntjes bevestigt. Weet ik tenminste zeker, dat ik geen spoken zie.

—Lees het onderzoek zelf en niet het “zielige artikeltje ”

°

retorische taktiek 1 :

de integriteit van deskundigen  en de betrokken onderzoekers  betwijfelen … oftewel …Een leek die het beter kan weten  dan de vaklui (= de ‘hollandse ziekte ‘)

Wie controleert  al die in het artikel gemaakte beweringen ?                    en

Hebben zij belang bij zo’n bewering?  

 

a) De peer review en de andere (terzake deskundige ) biologen en  wetenschappers  Het artikeltje zelf is een kennisgeving van het nieuwsfeit 

b) de joernalist dus ?  ( en ook de onderzoekers zelf ? )  of is dit slechts  …….de aanzet tot  een  zoveelste  complottheorie  (3)

retorische taktiek 2  :  

“zwart maken ” pshygologische mankementen en  “gekheid ” suggereren                          zie ook “ad hominem”                                                                      

Zijn deze mensen psychisch wel in orde?
Zijn het hobbyisten?
Willen zij graag aandacht?

Ben verschilende keren in Botswana geweest (1)( Chobe) aantal olifanten ruim 120.000.
Neemt in aantal toe als de konijnen.
Olifanten vreten alle bomen op dus binnenkort hebben zij geen voedsel meer.

Olifanten worden nu gevangen en verplaatst naar andere gebieden om te voorkomen dat ze hier de hongersnood sterven! (2)

Als wij morgen heel Spanje vol pletteren met zonnepanelen zij wij niet meer met gas van Rusland afhankelijk en wordt het milieu giga gespaard.

Nu al dit soort activiteiten niet worden ondernomen, zelfs niet over gesproken,(3)geloof ik van dit soort verhalen geen snars.

(1) anekdotiek is geen grondslag(of een vervanging)  van de wetenschap :
voortplanting bij olifanten duurt wel eventjes langer dan bij konijnen  // Weg is weg  of op = op

Ervaringsdeskundigen =/= wetenschappers  ( = “deze mensen ” ?)  

(2) Olifanten ( en de neushoorns) worden verplaatst vanwege de ivoren slagtanden  en hoorn- stropers en ook wel om  de overlast die ze betekenen voor de plaatselijke landbouw en (eurpees gerichte ) plantages( die er dus mee instemmen ze te verdrijven en/of af te slachten )  // het zijn “onkruid”-dieren …
(3) ja want jij gelooft in samenzweringstheorieen ….

 

°

Alles gaat kapot, vissen en koraal gaat dood, complete bossen worden gekapt, primaten hebben geen ruimte meer, olifanten worden afgeslacht, en we schieten raketten naar elkaar. Terwijl dat allemaal gebeurt maken we ons voornamelijk druk over totaal irrelevante dingen . De mens Is compleet van de pot gerukt! Ik zou iedereen inclusief mijzelf wel eens goed door elkaar willen schudden en zeggen WAAR zijn we mee bezig?! Maar het IS al te laat.. De aarde overleefd wel, maar de mensheid IS de kanker van de aarde.
Intelligentie IS jezelf voor dom houden op de juiste momenten, maar ik denk soms dat als we op het juiste moment even intelligent waren en ons voor de rest van de tijd voor dom hadden gehouden het beter had geweest.

Het IS onze zogenaamde intelligentie dat ons nou juist de das om gaat doen.

De moderne wapens zijn nou niet echt iets waar we trots op kunnen zijn, ze hadden beter kunnen uitvinden hoe we met zijn allen door een deur kunnen gaan en we het hele ecosysteem in balans hadden kunnen houden. (1) 
Op naar de verdoemenis met zijn allen...En met de hulp van de nieuwe barbaren IS de “oplossing “in de nabije toekomst  : (collectieve )zelfmoord geleid door de wens om te kunnen  “ontsnappen naar het paradijs “(van de criminelen en harteloze ideologen )?

De Aarde overleeft de mens wel, mits die (de mens) de Aarde niet zal opblazen.
En de illusie dat je door veel geld kan overleven, moet het ras mens eens achter zich laten.
Natuurrampen zijn er al genoeg, bacteriën die de mens zullen uitroeien zullen er steeds meer bij komen.( of worden zelfs  als biologische wapens  aangemaakt door de mens zelf )
De Aarde, de natuur, is (of was want de mens heeft veel uitgeput en vernietigd) goed voor de mens, maar de mens is een een egoïst,(2)   ze willen steeds meer …

met de uitvinding geld zijn we een wedren (race) begonnen naar onze eigen vernietiging . Dit komt vooral doordat de mensen met geld, meer kinderen kunnen krijgen en gezond kunnen opvoeden, in het algemeen beter voor zichzelf kunnen zorgen, en dus overleven, generatie op generatie,( de genen en memen  van egoïsme/egoïsten en geld) overleeft.

De genen en memen  van mensen die het goed voor hebben met de Aarde sterven uit (2b) .…als de mens zo door blijft gaan.

Het wordt tijd dat de mens wakker wordt. En anders is het misschien alleen maar goed( voor de natuur) dat de mens eens uit zal uitsterven.

Het is zo zonde, de mens kan zoveel, doen voor deze prachtige planeet Aarde.(3)

(antwoord )

(1) wat veel beter zou zijn geweest is slechts een    “conclusie achteraf ” maar kan niet worden verward met echt “weten “

(2)

soort- egoisme ( zelfs onder zijn vorm van  soorteigen samenwerking , empathie en solidariteit ) is eigen aan alle levende wezens en soorten  die trachten te overleven : doen ze dat niet dan verdwijnen ze van het toneel …. 

(2b) .……dateert niet van vandaag   … Bovendien is het nogal onduidelijk  of het hier bedoelde en terecht gewraakte   “egoisme” wel in onze genen zit …..(de gevaren van  gencentrisme loeren hier om de hoek )

The selfish gene”  betekent niet dat  de genen verantwoordelijk zijn voor het hedendaagse menselijke  “egoisme  ” …. Die eigenschap  is misschien :   eerder  een aangeleerd  /  cultuurgebonden “memecomplex” ?

https://tsjok45.wordpress.com/2013/08/05/egoisten/

 

Maar aangeleerd gedrag  kan evengoed  verantwoordelijk zijn  voor tijdelijke   goede “overleving ” -kansen in een artificieele wereld ( of in een verarmde wereld met zeer weinig  kansen waar kunstgrepen noodzakelijk zijn ) ….

m.a.w .  de processen van de   biologische evolutie zijn niet zonder meer toe te passen op “culturele evolutie ” …..dat  wel doen  heeft vroeger al geleid tot excessen als  Sociaal Darwinisme  en de misvattingen ingebakken in de vroege denkbeelden over en  binnen de  evolutionaire psychologie 

(3)

…..dit is de waan en arrogante hovaardij  van de mens  , dat hij iets kan veranderen aan de ( blinde  ongevoelige en ongerichte ) tendenzen die zich openbaren in de natuur waarvan hij  trouwens  ook deel uit maakt maar die  nog steeds als een tegenstrever wordt  beschouwt die moet worden bekampt om er het eigen (comfortabele ) bestaan voor  de mensheid  en zijn zich   ver-galloperende  demografie aan te kunnen ontfutselen 

 

°
De mens vernietigd zichzelf door de Aarde voor zijn eigen gewin uit te blijven putten en door te blijven hopen op een hiernamaals als beloning van zijn gedoe (inclusief de vernietiging van de(geschapen ) aarde , want dat is onbelangrijk binnen de” echte bovennatuurlijke wereld” van de religio’s en realiteitszin ontberende sukkels )

 

 

° De aanwezigheid van de mens zal logischerwijs zorgen van een afname van soorten, dat ligt voor de hand.

—>  Het grote probleem zijn niet de mensen maar de hoeveelheid ervan.

Ik snap persoonlijk niet, dat opwarming van de aarde, of wereldwijde besmetting als primair probleem wordt gezien, een kind kan nog snappen dat overbevolking het grootste probleem is en verder zal worden

 

°

Als wetenschappers zeggen dat ‘je met 97% zekerheid kunt stellen dat wanneer je over de brug loopt deze instort, steekt niemand de brug over.’

—> Poetin, behoort tot de 3 % die de instortende brug wel overloopt. Komt waarschijnlijk door de Wodka.

°
Als wetenschappers zeggen dat ‘je met 97% zekerheid kunt stellen dat de mens klimaatverandering veroorzaakt, horen ze bij de “milieumaffia”.’

Hoe kan dat? Overzicht, controle, gevoel van (on)macht,  ?
. Feit is dat we met z’n allen steeds harder richting de afrond rennen.

Het heeft alles met het uitputten van onze aarde te maken waar de mensheid debet aan is.
Nu(2014) is de aarde al door haar reserve’s heen in augustus, dit wordt elk jaar vroeger.
Ons soort is zelfs niet eens in staat het verdrag van Kyoto te tekenen, en als wel, is het nog niet eens bindend.

 

<Zo’n kyoto verdrag stelt alleen het einde van de mensheid iets verder uit.>
–> De aarde heeft per definitie een einddatum, daar hoef je geen waarzegger voor te zijn. Wat zal de mensheid merken van 100, 1.000 of 100.000 jaar meer of minder? Elke samenleving sterft uit/af, zie geschiedenis van voorgaande succesvolle samenlevingen/ culturen.

 

<Maar uitsterven zullen we. Accepteer dat maar alvast, want (bijna?) alle diersoorten uit de oertijd zijn uitgestorven. En ooit zal de periode waar wij nu in leven ook weer tot de oertijd van de aarde gerekend worden.>

–> Tuurlijk,uitsterven zal de mensheid, immers nogmaals de aarde zal vergaan, echter berekeningen gaan er meen ik van uit dat dat nog een 2 miljard jaar zal duren (correct me if I am wrong!).

1 miljard jaar voordat de aarde onleefbaar is geworden voor de meeste levensvormen. 3 miljard jaar tot de botsing met Andromeda. 5 miljard tot de zon rode reus wordt. Een paar honderd miljard tot alle sterren op zijn. Een paar honderd triljard jaar voordat alle materie vervalt. Daarna worden de mogelijkheden voor uitsterven wat zeldzamer.

–vele dier- en plantensoorten die uitsterven doen dat door toedoen van die ene mensensoort.
Maar :

op een bepaald moment sterven en dier- en plantensoorten uit die cruciaal zijn voor het voortbestaan van de mensheid.( =bijvoorbeeld “bestuivers”–> bijen , vlinders etc … ) Dan wordt het aantal menselijke bewoners van de aarde gedecimeerd tot het evenwicht is hersteld.

“evenwicht ” is niet echt het goede woord om natuur te beschrijven. Dat lijkt zo op onze tijdschaal, maar sinds leven op de aarde gevormd is, is het vechten om te overleven voor elke soort en zijn er continu aanpassingen. De regel is min of meer aanpassen of uitsterven. Zodoende zijn er kleine periodes van rust opgeschud door periodes van verandering, waar de kaarten opnieuw gedeeld worden. Dat schudden gebeurt bijna continu.
Er is geen “basis” waar de aarde naar toe werkt. Het is gewoon actie en reactie

°

Hoeveel menselijke slachtoffers dat zullen zijn? 3 miljard, 4 miljard?
Wanneer?
—> Misschien vanaf morgen al.
Hoelang het duurt voor het hersteld is?
Tienduizend jaar of honderdduizend jaar?
—-> De aarde heeft alle tijd om te herstellen, in ieder geval nog (tussentijdse meteorieten of zonnevlammen of iets anders daargelaten) minimaal 1,5 miljard jaar.
En nog een keer, wat is dan 1.000 of 100.000 jaar? Wie weet kunnen dan 1.000 mensen het mensenras voort zetten op een andere planeet.

En trouwens, ben je nu ook niet aan het negeren dat dieren uit de oertijd verder zijn geëvolueerd, dus niet zijn uitgestorven!

Misschien dat in die beleving van sommigen(= de YEC’s ? ) de oertijd 6.000 jaar geleden was, maar zelfs dan is er geen sprake van uitsterving doch evolutie. Weliswaar zijn enige soorten verdwenen/uitgestorven, maar dat is een natuurlijk proces geweest.

De mens is pas sinds circa 100-150 jaar geleden actief geworden inzake massale jacht en consumptie, kijk naar bevolkingsgroei
(1850 +/- 1.262.000.000 en 2014 +/- 7.250.000.000 mensen).

<En voor de aarde is het misschien wel heel veel beter als wij zo snel mogelijk van deze planeet verdwenen zijn…>
—> Yep, maar ‘we’ zijn er nog druk mee bezig, even geduld a.u.b., (toets 1 als u tijdens het wachten een muziekje wilt horen.)

*We zouden ( om te beginnen ) best wel de gevolgen van ons gedrag onder ogen moeten durven gaan zien.Maar zelfs daartoe zijn we niet in staat

De toekomstige realiteit is (nog steeds ?)maakbaar ?
Dat dat betekent dat we over moeten gaan, als de bliksem, op groene energie; moeten stoppen met het kappen van oerbossen ; het stoppen met verbouvenvan de monocultuur gewassen, het bewaken van de vervuiling van de zeeën, het stoppen met het gebruik van landbouwgiffen etc etc.

Bovendien : weg met de misdadige fabrieks-boten (vissers) : ze vernielen de oceanen (= het kril /plankton) en dat is een zeer grote aanslag op de biosfeer .( en op de voedselketens )

het gaat ook niet om de aarde zelf , maar om het welbevinden van onszelf en onze nazaten. Of ben je tevreden met nog een kale rots erbij in het heelal? Ik zie liever wat bijen vliegen en vlinders fladderen dan dat ik op kaal beton en een gasmasker op m’n basisinkomen probeer aan te vullen. Denk maar aan je kinderen, of aan die van een vriend.

Ik heb echter weinig vertrouwen dat we tijdig tot andere inzichten (= dan het huidige roofbouw gedoe ) zullen komen.

—Laat ik het zo zeggen. Als mens probeer ik mijn sociaal-maatschappelijke verantwoordelijkheid te nemen door goede doelen te steunen, afval te scheiden, kinderen goed op te voeden enz. enz. Dat doe ik omdat IK mij daardoor goed voel, maar niet omdat ik denk dat het van grote betekenis is voor het behoud van het leven op onze planeet zoals wij dat nu kennen. Dat verandert toch wel, hoe we ons best ook doen om te behouden wat we hebben. Kijkend naar wat we weten van de geschiedenis van de aarde dan zien we dat er voortdurend (soms zelfs) dramatische veranderingen zijn geweest. De veranderingen zullen er toe leiden (al dan niet door toedoen van de mens) dat we de wereld die we kennen per definitie gaan verliezen! Ik heb er geen oordeel over of de aarde daarmee beter of slechter af is.
Kijk, als olifanten – de mooiste dieren die ik ken – een heel bos platwalsen, bekommeren ze zich niet om de consequenties ervan voor volgende generaties. Zij richten geen actiecomités op, geen goede doelen, zij laten wetenschappers niet de gevolgen ervan onderzoeken. Olifanten kennen die angst voor de toekomst niet. Zij leven in het heden.

Dat zouden wij ook meer moeten doen ?

—Toch ook wel jammer dat roofdieren niet luisteren naar het gejammer van grasvreters

 

 

—Al die uitspraken “zonder mensheid is de wereld beter”… voor de mensheid had je ook massa extinctie. Dat nu de mensheid zorgt voor uitsterven betekent niet dat de natuur meer goedgezind zou zijn.

Met wat geluk overwinnen we onze uitdagingen en zullen we in de toekomst juist het omgekeerde betekenen. De natuur is genadeloos, blind en niet-doelgericht ……( een minderheid binnen) de mensheid niet.
In plaats van ons eigen soort af te kraken lijkt het me beter om te werken aan verbetering.
Alleen zijn er veel teveel mensen die dat niet bevatten en/of onderschrijven of zelfs maar begrijpen …
°

De mens verdient het om als laatste van alle soorten uit te sterven.

Overmacht …
Het zit zo. Ik kan me nu heel erg druk gaan maken over het uitsterven van diersoorten door menselijk handelen, maar dat doe ik niet. Waarom niet? Omdat ik er niets aan kan veranderen. Daarom.

Terwijl ik er een LED-peertje in draai om de uitstoot van CO2 te beperken, kappen en verbranden ze in Zuid-Amerika en Brazilië het gehele regenwoud voor landbouwgrond waardoor tonnen aan CO2 in de lucht komen.

Terwijl ik eens per week een vegetarische maaltijd nuttig, worden er in Nederland in de bio industrie elke dag 1,3 miljoen dieren geslacht (bron: wakkerdier.nl/bio-industrie) en 890 ton vis gevangen (bron: http://www.visserijincijfers.nl).

Terwijl ik het wereldnatuurfonds steun werden er in 2013 in Gabon 11.000 olifanten gedood 

bron:

http://www.piepvandaag.nl/11-000-olifanten-gedoo

En zo kan ik nog wel even doorgaan. Dus ja, het is heel erg wat er allemaal gebeurd, maar wat ik kan doen brengt 0% gewicht in de schaal. Ik heb wel ideeën over een oplossing, maar die gaan never nooit toegepast worden. Dus al met al: waarom zou ik me druk maken?

Als het zo door gaat en bijvoorbeeld iemand op de rode knop drukt, dan zijn wij mensen ook uitgestorven.

 

Maar ik heb vooral het idee dat de mens aan het uitsterven IS door overbevolking en atmosferische veranderingen en luchtverontreiniging(waaronder uitzonderlijk toenemende aantallen broeikasgassen ) .

 

 

°

Aarde is in 40 jaar tijd de helft van haar wilde dieren kwijtgeraakt

 

Tussen 1970 en 2010 zijn de zoogdier-, vogel-, amfibie-, reptiel- en vispopulaties wereldwijd met 52 procent gekrompen. Met name in arme landen is de biodiversiteit sterk afgenomen. Dat blijkt uit onderzoek van het Wereldnatuurfonds.

Het Wereldnatuurfonds presenteert de onderzoeksresultaten in het ‘2014 Living Planet Report‘. Het rapport – dat elke twee jaar verschijnt – richt zich op drie gebieden: de populaties van meer dan tienduizend gewervelde soorten, de menselijke ecologische voetafdruk (consumptie van goederen, productie van broeikasgassen) en de bestaande biocapaciteit (de natuurlijke bronnen die we gebruiken om onder meer drinkwater en voedsel te produceren).

Trends
“Er is heel veel data te vinden in dit rapport en dat kan overweldigend en complex lijken,” erkent Jon Hoekstra, werkzaam bij WWF. “Wat niet gecompliceerd is, zijn de duidelijke trends die we zien: 39 procent van de wilde dieren op het land is verdween, 39 procent van de wilde dieren in het water is verdwenen, 76 procent van de wilde dieren in zoet water is verdwenen en dat allemaal in de afgelopen veertig jaar.”

Koolstof
Naast de afname van het aantal organismen wereldwijd wijst het rapport ook uit dat de hoeveelheid koolstof in de atmosfeer gestegen is naar een niveau dat in ieder geval in de afgelopen één miljoen jaar zijn weerga niet kent. Het leidt tot klimaatverandering die reeds wankelende ecosystemen een extra duwtje geeft. Ook de toenemende waterschaarste komt aan bod.

Rijk versus arm
Wat opvalt in het rapport is dat de mensen in rijke landen in toenemende mate meer consumeren dan de aarde per hoofd te bieden heeft. In landen met gemiddelde of lage inkomens is de ecologische voetafdruk per hoofd amper groter geworden. Ironisch genoeg gaat het met de dieren in de rijke landen beter dan met de dieren in de arme landen. Gemiddeld is de biodiversiteit in rijke landen met zo’n tien procent toegenomen, terwijl deze in arme landen – waar dus per hoofd minder geconsumeerd wordt – afneemt. “Rijke landen gebruiken vijf keer meer natuurlijke hulpbronnen dan arme landen, maar de arme landen zien de meeste ecosystemen verloren gaan,” stelt onderzoeker Keya Chatterjee. “Eigenlijk besteden de rijke landen het uitputten van de natuurlijke hulpbronnen uit.”

Hoewel de trends volgens WWF duidelijk zijn, wil dat niet zeggen dat er geen weg terug meer is. Het is nog niet te laat, zo stelt men in het rapport. Maar dan moeten er wel snel maatregelen worden genomen. Zo is het zaak dat we versneld overstappen op een slimmere en en duurzamere vorm van voedsel- en energieproductie. Ook moeten we onze ecologische voetafdruk verkleinen.

 

Bronmateriaal:
Half of Global Wildlife Lost, says new WWF Report” – Worldwildlife.org

Hoewel het verlies aan biodiversiteit een groot probleem is, moeten deze cijfers toch met een korreltje zout genomen worden. De berekeningen zijn gebaseerd op “slechts” 2500 diersoorten.
Er zijn (naar schatting en afgerond) 30,000 soorten vissen, 7000 soorten amfibiën, 10,000 soorten vogels, 5,500 soorten zoogdieren en 8,000 soorten reptielen. In totaal ongeveer 60,000 soorten dus. Dit betekent dat de cijfers van het WWF gebaseerd zijn op nog geen 5% van gekende diersoorten.
Maar om de aandacht van het brede publiek te verkrijgen, komt men met deze confronterende cijfers. Een verdedigbare tactiek…

http://www.factmonster.com/ipk…

 

 

°

 

 

Advertenties

Over tsjok45
Gepensioneerd . Improviserend jazzmuzikant . Instant composer. Jamsession fanaat Gentenaar in hart en nieren

3 Responses to Uitstervingen en de mens

  1. Pingback: IJSTIJDEN « Tsjok's blog

  2. Pingback: broeikasgassen / Notes B « Tsjok's blog

  3. tsjok45 says:

    invertebrate numbers nearly halve

    http://www.sciencedaily.com/releases/2014/07/140724141606.htm
    Invertebrate numbers nearly halve as human population doubles

    July 24, 2014 University College London
    Summary:
    Invertebrate numbers have decreased by 45 percent on average over a 35 year period in which the human population doubled, reports a study on the impact of humans on declining animal numbers. This decline matters because of the enormous benefits invertebrates such as insects, spiders, crustaceans, slugs and worms bring to our day-to-day lives, including pollination and pest control for crops, decomposition for nutrient cycling, water filtration and human health.

    butterfly

    Butterfly (stock image). Scientists believe there is a growing understanding of how ecosystems are changing but to tackle these issues, better predictions of the impact of changes are needed together with effective policies to reverse the losses currently seen.
    Credit: © magann / Fotolia

    Source ;
    R. Dirzo, H. S. Young, M. Galetti, G. Ceballos, N. J. B. Isaac, B. Collen. Defaunation in the Anthropocene. Science, 2014; 345 (6195): 401 DOI:
    10.1126/science.1251817

    http://www.ucl.ac.uk/news/news-articles/0714/240714_invertebrate-numbers

    vlinder 1

    °

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: