KOOLZUUR


Wat is CO2   ?  

CO2 is de chemische formule van Koolstofdioxide, ook wel Kooldioxide of Koolzuurgas genoemd, Het is een kleurloos en reukloos gas dat van nature in de atmosfeer voorkomt.

 

 

CO2 is ongeveer 1,5 maal zo zwaar als lucht.

Bij afkoeling tot -78 °C gaat koolstofdioxide direct over in een vaste stof, ook wel droogijs of koolzuursneeuw genoemd. Bij de normale luchtdruk smelt het droogijs niet als het verwarmd wordt, maar het gaat direct naar de gastoestand. Vaste koolstofdioxide ziet er ongeveer uit zoals ijs gevormd uit water. Bij 15 °C wordt koolstofdioxide bij het verhogen van de druk boven de 50 bar vloeibaar.

CO2 neemt meer warmte op dan gewone lucht en is veel zuurder. Hierdoor draagt het bij aan het broeikaseffect en aan de verzuring van lucht, grond en water.

De natuur zorgt altijd voor evenwicht, er is uitwisseling van het CO2 in de lucht en in het water.

CO2 bevat dus 1 deel koolstof en 2 delen zuurstof. Beide moleculen zijn essentieel voor het leven op aarde.

De meest voorkomende elementen op aarde zijn: zuurstof(49 %), ijzer(19 %), silicium(14 %),magnesium(12,5 %), koolstof maar (0,099 %)
De meest voorkomende elementen in het menselijk lichaam zijn: waterstof (60,6 %), zuurstof (25,7 %) en koolstof (10,7 %)

De massa van 1 m3 CO2 gas is bij een temperatuur van ca. 25 °C en de normale luchtdruk ongeveer 2 kg.
In 1 m3 lucht zit momenteel 375 PPM CO2, hetgeen betekent dat er ca. 3 gram CO2 per m3 lucht aanwezig is.

De samenstelling van lucht is dus min of meer constant. De volumeverhoudingen van de gassen, behalve het gehalte aan waterdamp, veranderen nauwelijks tot een hoogte van 16 km. Boven deze hoogte neemt het aandeel van lichte gassen langzaam toe. Op grotere hoogte is er verhoudingsgewijs minder zuurstof aanwezig dan stikstof, omdat stikstof minder weegt

Doordat de CO2 moleculen voornamelijk reageren op stralingen in het infrarood gedeelte, hebben ze een grote invloed op het broeikas effect

 

 

Nog oudere luchtbellen uit zuidpoolijs

Martijn van Calmthout
14 mei 2008

De huidige concentratie kooldioxide in de atmosfeer is de hoogste in zeker 800 duizend jaar. Dat blijkt uit metingen aan een ijskern op Antarctica die tot die tijd terugreikt.

Een Europees team van onderzoekers publiceerde donderdag in Nature de analyse van luchtbelletjes in de ijskern van Dome C, een Europese boorlocatie op de zuidpool. Het oudste ijs is 150 duizend jaar ouder dan de vorige boorkernen.

Het ijs is de diepste 200 meter van Europese diepteboringen in de antarctische ijskap op Dome-C, die tot 3190 meter diep reiken. Met de zogenoemde EPICA-project wordt een reconstructie beoogd van de luchtsamenstelling in het verre verleden, vooral op broeikasgassen als kooldioxide en methaan.

In Nature verschijnen tegelijk twee artikelen over die twee atmosferische gassen. Die gegevens zijn van belang in de discussies over klimaatverandering en in hoeverre die wel of niet een natuurlijk verschijnsel zijn. Volgens de onderzoekers blijft de conclusie overeind dat de hedendaagse concentraties CO2 in de atmosfeer de hoogste in 800 duizend jaar zijn.

In totaal zijn nu acht grote ijstijdencycli in kaart gebracht. Uit de analyses blijkt dat er ook in de oudste periode een sterke relatie bestaat tussen de temperatuur in het Zuidpoolgebied en de concentraties kooldioxide in de lucht.

Wel waren de concentraties CO2 in de periode tussen 650 en 750 duizend jaar geleden veel lager dan daarna.

Het samenspel van temperaturen, en concentraties methaan en kooldioxide is volgens de auteurs niet simpel. Zo zijn de CO2-concentraties tussen de eerste twee ijstijden opmerkelijk laag, aldus de artikelen in Nature.

Er spelen vele factoren en terugkoppeingen een rol, van oceanen en moerassen tot veranderende begroeiing op de landmassa’s.

In grote lijnen vervolgt ook de oudste reeks de al bekende zaagtandpatronen van koude en warme periodes, die vooral wordt voortgedreven voor de stand van de aardbaan ten opzichte van de zon. zon de belangrijkste opwarmer van de aarde, maar met meer broeikasgassen blijft er meer warmte op aarde hangen

Gevoeligheid klimaat voor meer CO2 ‘robuust’
28 maart 2007

De relatie tussen de hoeveelheid kooldioxide in de aardatmosfeer en de temperatuur is de laatste 420 miljoen jaar steeds dezelfde geweest.

Een verdubbeling van de concentratie kooldioxide leidt steeds tot minimaal een opwarming met 1,5 graad.

Dat schrijven Amerikaanse klimaatonderzoekers donderdag in het blad Nature.

De uitkomst is in lijn met de schattingen van deze zogeheten klimaatgevoeligheid die tot nog toe werden gehanteerd. 
Die waren doorgaans gebaseerd op studies die elkele decennia tot ongeveer duizend jaar terugkeken.

Enkele daarvan gaven afwijkende waarden, die niet goed te verklaren waren, behalve misschien door een te korte waarneemperiode.

Dana L. Royer en collega’s komen tot hun nieuwe schattingen door de concentraties CO2 in een periode tot 420 miljoen jaar geleden te simuleren met een bepaalde klimaatgevoeligheid en de uitkomsten statistisch te vergelijken met gemeten CO2-concentraties uit allerlei indirecte bronnen.

Daarbij blijkt dat een gevoeligheid van minimaal 1,5 graad het meest consistent is met de gegevens.
Een zwakkere invloed van kooldioxide is volgens de onderzoekers zeer onwaarschijnlijk.

 De schatting van meer dan 1,5 graad noemen ze ‘robuust’. 

In de studies van het internationale klimaatpanel IPCC wordt gerekend met een waarde tussen de 1,5 en 6,5 graden bij een verdubbeling van de CO2-concentraties, vergeleken met voor de Industriële Revolutie.

Paleontologisch onderzoek brengt nieuwe inzichten in oeroude klimaatgordels

De hoeveelheid koolstofdioxide in de atmosfeer tijdens het laat-Ordovicium (460-445 miljoen jaar geleden) was veel lager dan wat paleontologen tot hiertoe steeds veronderstelden. De nieuwe interpretatie spreekt van een vijftal keer de huidige pre-industriële waarden van koolstofdioxide.Dat blijkt uit een gepubliceerde internationale studie van de Universiteit Gent.

Wetenschappers dachten lange tijd dat het klimaat op aarde in het verre verleden sterk verschilde van hoe we het vandaag kennen, onder andere door de grotere hoeveelheid koolstofdioxide in de atmosfeer. Zo schatte men de concentraties koolstofdioxide tot meer dan twintig keer hoger dan die we nu kennen.

Onmogelijk
Het internationale wetenschappelijk team reconstrueerde de oeroude klimaatgordels aan de hand van de verpreidingspatronen van fossielengroep Chitinozoa. Zo werd een modern ogend patroon blootgelegd dat suggereert dat de hoeveelheid koolstofdioxide in de atmosfeer tijdens het Ordovicium onmogelijk zo hoog kon zijn geweest als algemeen aangenomen. Ook bestaan er verrassende overeenkomsten tussen de oeroude klimaatgordels en de huidige.

De studie werd maandag op de website van het tijdschrift ‘Proceedings of the National Academy of Sciences of the USA’ gepubliceerd. Het internationaal team wetenschappers bestond uit vier Belgen en werd geleid door Thijs Vandenbroucke, voormalig UGent-wetenschapper en momenteel verbonden aan de Universiteit van Lille1. (belga/sps)

10/08/10
Oceanen absorberen steeds minder broeikasgas

19 mei.

De zuidelijke oceaan zal de komende jaren steeds minder kooldioxide absorberen.

Opname van dit broeikasgas, dat verantwoordelijk wordt gehouden voor de opwarming van de aarde, is van essentieel belang bij het voorkomen van klimaatverandering.

Een team van onderzoekers van de universiteit van East Anglia, de Britse Antarctic Survey en het Duitse Max-Planck-Instituut stellen in het wetenschappelijk tijdschrift Science dat dit proces sneller gaat dan verwacht – het doet zich zo’n veertig jaar eerder voor dan wetenschappers tot nu toe hadden gedacht. De zuidelijke oceaan is verantwoordelijk voor de absorptie van zo’n 15 procent van alle kooldioxide in de wereld.

„Sinds de waarnemingen zijn gestart in 1981, is de opname van kooldioxide door de oceaan niet toegenomen”, aldus onderzoeksleider Corinne LeQuere in het BBC-programma Science in Action, „hoewel de uitstoot wel met 40 procent is toegenomen.”

Volgens de onderzoekers is het verminderde absorptievermogen een gevolg van de toegenomen windsnelheden boven het water. De temperatuur in het gebied is veranderd door de vermindering van ozon in de hoge luchtlaag. En door de klimaatverandering is het temperatuursverschil tussen tropische gebieden en de zuidelijke oceaan groter geworden, waardoor er een hardere wind ontstaat. Het water komt in beweging en haalt de CO2 uit de diepte naar boven. Daar wordt de concentratie hoger, zodat er minder CO2 kan worden opgenomen.

McMurdo Station is een van de meest afgelegen onderzoeksbases ter wereld. Gelegen aan de Rosszee op Antarctica wordt er onderzoek gedaan naar klimaatverandering en andere milieukwesties. (Foto AP)
19 mei 2007

Oceanen nemen steeds minder CO2 op

(ANP) LONDEN – Oceanen nemen steeds minder kooldioxide (C02) op, het broeikasgas dat vrijkomt bij de verbranding van fossiele brandstoffen als olie, kolen en gas. Dat blijkt uit een onderzoek van de Britse Universiteit van East Anglia, waarover de BBC zaterdag berichtte

De wetenschappers reppen van een ‘verrassende en zorgelijke’ uitkomst van een onderzoek dat tien jaar in beslag nam.Ongeveer de helft van de C02 die door mensen wordt geproduceerd, wordt opgenomen door de natuur zelf, bijvoorbeeld door oceanen.

Wetenschappers hebben al vaker gesteld dat oceanen de aanvoer niet langer meer kunnen verwerken en dit onderzoek onderstreept die visie. Hoe minder de verzadigde’(*) oceanen kunnen opnemen hoe meer kooldioxide in de atmosfeer blijft en hoe groter het klimaatprobleem(*)

(*)Verzadigde oplossingis een bekende chemico-fysische toestand , die van kracht is in chemisch gedefinieerde “Oplossing (scheikunde)“onder bepaalde ( vaste ) omstandigheden /parameters ( bijvoorbeeld : temperatuur ) Koolstofdioxide is oplosbaar in water onder ( gedeeltelijke ) vorming van koolzuur.

CO2: welles, nietes

01/08/2007

“CO2 is niet de grote boosdoener bij de opwarming van de aarde.” Dat meende Het Laatste Nieuws te mogen concluderen uit een “onthullend” nieuw KMI-klimaatrapport dat de krant al kon inkijken.“Volledig fout geïnterpreteerd”, zegt klimatoloog Luc Debontridder van het KMI nu.Nogal wat mensen zullen de wenkbrauwen gefronst hebben toen ze in Het Laatste Nieuws lazen hoe het KMI de rol van CO2 bij de klimaatverandering minimaliseert. Volgens de krant beweert klimatoloog Luc Debontridder dat koolstofdioxide (CO2) onmogelijk de doorslaggevende rol speelt die er nu van wordt gemaakt”.

Zijn de internationale Kyotodoelstellingen dan nutteloos?

“Ik zou compleet getikt zijn om als wetenschapper te zeggen dat koolstofdioxide niet de grote boosdoener is van de opwarming van de aarde“, vertelt dezelfde Debontridder aan Knack. Het nieuwe klimaatrapport van het KMI is fout geïnterpreteerd. De opwarming van de aarde van de laatste twintig jaar is wel degelijk hoofdzakelijk door CO2 veroorzaakt.”

18 graden onder nul

De verwarring vraagt enige uitleg. Er bestaan verschillende soorten broeikasgassen. Zo zijn er de broeikasgassen die op natuurlijke wijze aanwezig zijn in de atmosfeer – daar maakt waterdamp een relevant deel van uit – en broeikasgassen die door de mens worden veroorzaakt. Waterdamp is de belangrijkste factor voor de natuurlijke opwarming van de aarde, terwijl koolstofdioxide wel degelijk de grootste oorzaak is van de geforceerde opwarming van de aarde.

We mogen niet vergeten dat het natuurlijke broeikaseffect een noodzaak is om te kunnen overleven. Zonder waterdamp en andere natuurlijke gassen leefden wij hier bij een gemiddelde temperatuur van 18 graden onder nul”, legt Debontridder uit.

“Het versterkte broeikaseffect zorgt voor de problemen en koolstofdioxide is daar voor zestig procent verantwoordelijk voor.”

Lijdzaam toezien
De krant insinueert dat de mens enkel lijdzaam kan toezien hoe het klimaat verandert omdat wij toch geen invloed zouden kunnen uitoefenen op de natuurlijke factoren. Het probleem met het klimaat is echter dat door toedoen van de mens de hoeveelheid ‘artificiële’ gassen (voornamelijk koolstofdioxide, lachgas en methaan) drastisch stijgt. Het feit blijft dus dat de mens het versterkte broeikaseffect en zijn negatieve gevolgen veroorzaakt door fossiele brandstoffen te verbranden en door bossen om te hakken.

De bontridder gelooft in de maatregelen uit het Vlaamse klimaatbeleidsplan en is blij met de bewustwording rond de klimaatproblematiek.

“Het kan niet verder zoals het nu bezig is, maar we moeten de mensen ook niet de daver op het lijf jagen. Het is niet zo dat Brugge binnen vijftig jaar aan het strand ligt.”

Tags verbonden aan dit artikel:klimaat

 

*

Antwoorden  aan  “klimaatsceptici ” die in het bijzonder het belang van de  antropogene  Co2 uitstoot onderschatten 

 

 (klimaat scepticus)De   globale opwarming is sinds  de laatste 10 jaar gestopt

 

—>Niets  van er is een  vertragingseffect 

°

> Oceanen nemen netto veel meer CO2 op dan ze uitstoten.

(klimaat scepticus)Co2 is niet het enige (of zelfs maar belangrijkste )broeikasgas ….

—> Dat is zo

Er is nog   methaan en   ook  “Waterdamp”  wat een sterk en belangrijk broeikasgas is  ….. en dat   vanzelf een grotere rol gaat spelen wanneer de wereld opwarmt door extra CO2.

te grote  Co2 opwarming  is een trigger voor zowel waterdamp als voor methaan  (die ligt opgeslagen in perlafrost en in de oceaandiepten ) 

Verantwoordelijk  voor (de tegenwoordig geconstateerde )klimaatschommelingen  is de zonneactiviteit

—>We hebben net een periode met weinig activiteit op de zon achter de rug, en het was de heetste tijd in de geschiedenis. Natuurlijk is de zon de belangrijkste opwarmer van de aarde, maar met meer broeikasgassen blijft er meer warmte op aarde hangen 

°

Daling uitstoot broeikasgas moet binnen tien jaar

(ANP november2007)VALENCIA/BILTHOVEN – De mondiale uitstoot van broeikasgassen moet binnen tien jaar gaan dalen. Anders zijn ernstige gevolgen van klimaatverandering niet meer te beperken. Momenteel stijgt de uitstoot nog.

Dat staat in het zaterdag in Valencia verschenen rapport van het VN-klimaatpanel (IPCC). Volgens het rapport moeten de maatregelen tegen de uitstoot wereldwijd worden genomen.

Het rapport noemt in de eerste plaats de VS maar ook de sterk groeiende economieën in ontwikkelingslanden waar de uitstoot omlaag moet. De landen van de Europese Unie lijken daarmee een begin te hebben gemaakt, meldt het Milieu- en Natuurplanbureau (NMP) in Bilthoven. Het rapport stelt dat een daling van de uitstoot van broeikasgassen met 50 tot 80 procent in 2050 ten opzichte van 2000 vereist is om de gevolgen te beheersen. Het rapport, dat een samenvatting is van drie eerder dit jaar verschenen rapporten, geeft een overzicht van alle mogelijke gevolgen van een ongeremde groei van de uitstoot van broeikasgassen.

Een verdere toename van de wereldgemiddelde temperatuur, zeespiegelstijging en veranderingen in neerslag en wind zijn daarvan de belangrijkste. Die leiden op hun beurt tot toename van water- en voedselschaarste voor honderden miljoenen mensen in ontwikkelingslanden, toename van extreme weersomstandigheden als zwaardere tropische cyclonen en het risico van van overstromingen voor miljoenen mensen die in laaggelegen gebieden wonen. Op zeer lange termijn, na 2100, dreigt het smelten van de ijskap op Groenland en daardoor een zeespiegelstijging van zeven meter.

Het panel verwacht dat het rapport volgende maand een belangrijke rol zal spelen tijdens de klimaatconferentie op Bali. De conferentie moet de weg vrij maken voor onderhandelingen over een nieuwe internationale overeenkomst na het aflopen van het Kyoto protocol in 2012. De opvattingen van IPCC en milieugoeroe Al Gore hebben aanzienlijk meer gewicht gekregen nadat hen de Nobelprijs voor de vrede is toegekend. De prijs wordt 10 december in Oslo uitgereikt.

2007

Leden APEC willen aanpak uitstoot broeikasgas

Plan energiebedrijven voor minder broeikasgas

Grotere zorgen om broeikaseffect

Uitstoot kooldioxide hoger dan gevreesd

(ANP)WASHINGTON – De uitstoot van het broeikasgas kooldioxide (CO2) op aarde stijgt sneller dan gevreesd. De toename is zelfs groter dan in de somberste scenario’s van de Verenigde Naties. Dat meldden Amerikaanse onderzoekers in het wetenschappelijke blad Proceedings of the National Academy of Sciences

Kooldioxide komt vrij bij de verbranding van fossiele brandstoffen als olie, kolen en gas. Volgens de onderzoekers is er vooral sprake van een grote toename van de uitstoot in opstomende economieën als China en India. De wereldwijde jaarlijkse groei van de uitstoot ligt sinds 2000 op gemiddeld 3,1 procent. In het voorgaande decennium beliep de gemiddelde jaarlijkse groei 1,1 procent.

De wetenschappers noemen hun bevindingen alarmerend. Weliswaar zeggen steeds meer naties dat er iets moet gebeuren, maar de uitstoot blijft in de praktijk alleen maar groeien, melden de onderzoekers.

CO2-gehalte in atmosfeer stijgt sneller dan verwacht

Het CO2-gehalte in de atmosfeer is in de eerste zeven jaar van de 21ste eeuw sneller gestegen dan verwacht, zo heeft een internationaal wetenschapsteam bericht in het vaktijdsschrift Proceedings van de Amerikaanse Academie voor Wetenschappen (PNAS).

Josep G. Canadell van het “Global Carbon Project”van het Australische Onderzoeksinstituut in Canberra en zijn medewerkers hebben zich door omvangrijke data geploegd omtrent de hoeveelheid koolstofdioxide in de atmosfeer gedurende de laatste 150 jaar. Tussen 2000 en 2006 kwam er jaarlijks gemiddeld 4,1 miljard ton CO2 extra in onze dampkring. In de jaren tachtig en negentig was dit “slechts” 3,2 tot 3,4 miljard ton.De wetenschappers schrijven de toename toe aan de gestegen hoeveelheid en intensiteit van de uitstoot van het broeikasgas.
Dit heeft vooral te maken met de sterke economische groei in delen van Azi챘 en China.
Een derde factor is de geringere opslag van CO2 in de bodem en oceanen.
Oorzaak daarvan zijn veranderde windcirculaties in de Zuidelijke Oceaan en een serie droogtes op de middelste breedtegraden.
Op grond van deze veranderingen zal het klimaat nog sterker en vroeger dan gedacht veranderen, zo waarschuwt de PNAS.
(belga/gb)

Uitstoot van CO2 stijgt razendsnel

25 september 2008

De mondiale uitstoot van het broeikasgas CO2 stijgt sneller dan in het allerongunstigste scenario was voorzien. Sinds 2000 groeit de CO2-uitstoot vier maal zo snel als in het decennium daaraan voorafgaand

Uitstoot van een fabriek van het Zwitserse bedrijf Krono in het Duitse dorpje Heiligengrabe, bij Berlijn.
(Foto Reuters)

Veeteelt verantwoordelijk voor een vijfde van totale broeikasuitstoot

Op veemarkten in de VS wordt meer vee aangeboden vanwege de extreme droogte

Een biefstuk op je bord zorgt voor evenveel broeikasgassen als een ritje van 70 kilometer met een auto aldus de studie.
Aan de Gentse Universiteit vond vandaag (17/11/07 )de eerste studiedag over vleesconsumptie en milieu plaats, onder de naam “een ongemakkelijke biefstuk“, een verwijzing naar de klimaatfilm “An inconvenient truth” van Al Gore.
Volgens klimaatwetenschappers is de veeteelt verantwoordelijk voor bijna een vijfde van de totale broeikasuitstoot. De studiedag werd georganiseerd door EVA (Ethisch Vegetarisch Alternatief) in het kader van de Week van de Smaak.
Wetenschappers kwamen aan het woord over de relatie tussen vlees en ethiek, de gevolgen van visconsumptie op de fauna en flora onder water en de stand van het onderzoek naar kunstvlees als milieuvriendelijk alternatief.
Als een van de minder bekende implicaties van vleesproductie en -consumptie haalde EVA het verband met de opwarming van de aarde naar voren. Klimaatwetenschapper Peter Tom Jones verklaarde dat de veeteelt verantwoordelijk is voor 18 procent van de totale broeikasuitstoot.

Het aandeel van de vleesconsumptie staat daarmee op dezelfde hoogte als dat van de transportsector. De biefstuk op je bord zorgt op z’n eentje voor evenveel broeikasgassen als een ritje van 70 kilometer met een doorsnee auto”, zegt Tobias Leenaert van EVA. “Tegelijkertijd werd er in België nog nooit zo veel vlees gegeten als vandaag. Het beperken van de vleesconsumptie zou dan ook een efficiënt middel kunnen zijn in de strijd tegen de opwarming van de aarde.”

(belga/adv)

°

Natuur als CO2-bron?

  • DOOR: ELMAR VEERMAN

‘Ja, maar de natuur stoot veel meer CO2 uit dan de mens. Vulkanen alleen al.’

vulkaan smal
© McGimsey, USGS

Laten we eerst die vulkanenmythe uit de weg ruimen. Vulkanen produceren weliswaar veel CO2, maar dat is ongeveer honderd keer zo weinig als wat er vrijkomt bij het verbranden van olie, kolen en gas en het kappen van bos. Vergeleken bij ons valt de invloed van vulkanen op het klimaat dus bijna in het niet, zolang ze zich koest houden tenminste.

Wanneer hij plotseling actief wordt en enorme rookpluimen uitbraakt, heeft een vulkaan juist een kortdurend verkoelend effect op het wereldklimaat, doordat het stof hoog in de atmosfeer zonlicht weerkaatst voordat het de aarde kan bereiken (meer hierover). Kortom: wie vulkanen de schuld geeft van de huidige klimaatverandering, weet duidelijk niet waar-ie het over heeft.

°
En de levende natuur dan?

Dat is een ander verhaal. Het is gewoon waar dat natuurlijke processen veel meer CO2 in de lucht brengen dan wij mensen. De natuur is goed voor 440 miljard ton, wij voor maar 30 miljard ton per jaar.

Als in de herfst de bladeren op het noordelijk halfrond van de bomen vallen en gaan rotten, zie je de CO2-curve van de wereld omhoog schieten, elk jaar weer.

Maar dat is natuurlijk niet het hele verhaal.

In het voorjaar beginnen al die planten en bomen weer CO2 uit de lucht te halen, en daalt de CO2-concentratie weer evenveel als hij in de herfst was gestegen. Tenminste, als de menselijke uitstoot van het gas niet zou bestaan.

In werkelijkheid komt de CO2-concentratie elk jaar een stukje hoger, omdat grofweg de helft van het CO2 dat wij mensen toevoegen, in de lucht blijft. De andere helft lost op in zee. Dat is enerzijds mooi, want zo veroorzaakt het geen extra opwarming. Anderzijds komt er wel een probleem bij: oceaanverzuring. En dat zou het leven op tweederde van deze planeet grondig in de war kunnen schoppen, deze eeuw en nog lang daarna.

Maar dat was de vraag niet.

Enfin, de natuur neemt per saldo meer CO2 op dan ze uitstoot en dempt dus de opwarming van de aarde. Laten we hopen dat dat zo blijft.

De mens verstoort het evenwicht door CO2 (en andere broeikasgassen) toe te voegen, waar geen opname van CO2 tegenover staat.

Dus wie de natuur de schuld geeft van het stijgen van de CO2-concentratie, die zit fout.

°

Zuur zeenieuws

zie ook Carl ZIMMER (2010) http://e360.yale.edu/content/feature.msp?id=2241

Het CO2 dat mensen de lucht in blazen, is dieper in de oceanen doorgedrongen dan werd gedacht.

Sluit dit venster

Koolzuur tast de fundamenten van het oceaanleven aan.

Van alle CO2 die ontstaat bij de verbranding van fossiele brandstoffen, lost 80 procent op in de oceanen. Dat is mooi, want zo draagt het niet bij aan het broeikaseffect.

Maar het is letterlijk zuur voor alles wat in zee leeft. Opgelost CO2 vormt namelijk koolzuur. Tot dusverre gingen wetenschappers ervan uit dat de invloed hiervan in het noorden van de Atlantische Oceaan niet dieper kwam dan 2500 meter, omdat het water zo langzaam mengt dat het de razendsnelle stijging van de concentratie CO2 in de afgelopen eeuwen niet kan bijhouden.

Douglas Wallace en collega’s van de universiteit van Kiel (Duitsland) hebben voor het eerst gemeten of dat klopt, door metingen uit 1981 precies na te doen. Nee dus. Het team vond vrij sterke veranderingen in opgelost CO2 op diepten van drie- tot vijfduizend meter.

Het lijkt er dus op dat de oceaan meer broeikasgas kan opnemen dan werd gedacht. Dat lijkt positief, maar de verzuring kan desastreus uitpakken.

In te zuur water lost kalk op, en daarmee wordt het leven van schelpen, koralen en kiezelwieren onmogelijk.

Dat is nu al het geval op grote diepte, en de metingen van Wallace lijken uit te wijzen dat de grens sinds de industriële revolutie met vierhonderd meter omhoog is gekomen.

Maar, zegt hij zelf, er zijn meer metingen op andere plaatsen nodig om zekerder te zijn

Zure tijden voor de oceaan // Herstel na broeikasramp kost honderdduizend jaar

http://noorderlicht.vpro.nl/artikelen/22791364/

Sluit dit venster

Een boorkern van 130 meter diep in de zeebodem, op een plaats waar het tegenwoordig 4,8 kilometer diep is. De rode kleilaag van 55 miljoen jaar oud, met een plotseling begin en een geleidelijk einde, is duidelijk te zien.

Sluit dit venster

De oceanen stabiliseren het klimaat, maar kunnen ook plotseling grote veranderingen veroorzaken

Sluit dit venster

Boringen in de oceaanbodem laten zien hoe het broeikaseffect onze planeet eerder in zijn greep heeft gehad. De opwarming kwam 55 miljoen jaar geleden plotseling, en pas honderdduizend jaar later was alles weer normaal. Schommelingen in de baan van de aarde lijken toen de schuldige te zijn geweest. Maar verbranding van fossiele brandstoffen zou net zo’n ramp kunnen opleveren, waarschuwen geologen.

Uit geologische gegevens van over de hele wereld blijkt dat het CO2-gehalte van de atmosfeer 55 miljoen jaar geleden, ongeveer tien miljoen jaar nadat de grote dinosauri챘rs van het toneel verdwenen, snel steeg. Daardoor warmde de aarde plotseling met vijf tot negen graden op, waarna talloze soorten dieren en planten uitstierven, op het land en in de zee. Wat veroorzaakte die ramp, en wat betekent dat voor de situatie van vandaag?

Om daar meer licht op te werpen, voer een internationaal onderzoeksteam in 2003 en 2004 uit met een boorschip. De Nederlandse onderzoekers Luc Lourens, Appy Sluijs (beiden van de Universiteit Utrecht) en Dick Kroon (Vrije Universiteit) waren belangrijke motoren achter de expeditie. Het schip voer naar het zuiden van de Atlantische oceaan, waar boringen in de oceaanbodem werden gedaan. Deze week verschijnen de eerste wetenschappelijke artikelen van dit onderzoeksprogramma. En het is meteen goed raak: een artikel in Nature en 챕챕n in Science.

Het Science-artikel gaat over het warmtemaximum op de grens van het Paleoceen en het Eoceen, met andere woorden: de enorme broeikasramp van 55 miljoen jaar geleden. In de oceaanboringen, gedaan op verschillende diepten op de zogenaamde Walvisrug, is die terug te zien als een rode kleilaag. Geoloog Dick Kroon vertelt hoe dat komt: “In die laag ontbreken de kalkskeletjes van plankton helemaal, terwijl ze in andere lagen ongeveer 90 procent van de massa uitmaken. Dat de kalk ontbreekt, vertelt ons dat het water erg zuur was. Daardoor loste alle kalk in die periode op.” Het zuur kwam van opgelost CO2: koolzuur.

Op verschillende dieptes heeft de rode laag een andere dikte, legt Kroon uit, en daaruit is af te leiden hoe lang die zure toestand geduurd heeft. Hoe dieper het water, hoe langer het duurde. Kroon: “Ook tegenwoordig is het water op grote diepte te zuur om kalk te laten neerslaan. Er is altijd een soort sneeuwgrens op de oceaanbodem. Die ligt vandaag de dag op ongeveer 4200 meter diepte. Daar lag hij tot 55 miljoen jaar geleden ook, maar toen schoot hij plotseling omhoog, naar minder dan 1500 meter, blijkt uit onze boringen.”

De sterke verzuring van de oceaan voltrok zich binnen een paar duizend jaar. Het herstel duurde veel langer, laten de boorkernen zien. Kroon: “Pas zestigduizend jaar later was die ‘sneeuwgrens’ weer helemaal teruggezakt, en het duurde nog veertigduizend jaar langer totdat het kalkgehalte van de oceaan weer op het oude peil was.

De oorzaak van de snelle opwarming is al tientallen jaren onderwerp van debat tussen wetenschappers. Waarschijnlijk was er een grote rol weggelegd voor methaanhydraten op de oceaanbodem. Dat zijn een soort ijslagen waarin enorme hoeveelheden methaangas liggen opgeslagen. Bij een voldoende stijging van de temperatuur kan dat gas vrijkomen, waarna het in zee wordt omgezet in CO2. Dat versterkt het broeikaseffect, waardoor de temperatuur verder stijgt en er n처g meer methaan vrijkomt.

“Dat is een kettingreactie waarover niemand zich nog zorgen maakt”, zegt Kroon, die door collega’s wel eens wordt uitgemaakt voor ‘gereformeerde doemdenker’. “In klimaatmodellen is dit fenomeen niet ingecalculeerd. Terwijl het een groot gevaar is. De aarde kan sneller opwarmen dan iedereen denkt, alle leven op de zeebodem kan worden weggevaagd, met ook rampzalige gevolgen op het land. De methaanhydraten op de zeebodem zitten vandaag de dag nog niet in de gevarenzone, maar in de permafrost, de permanent bevroren aarde in noordelijke streken, is dat wel zo.”

Het artikel in Nature gaat grotendeels over een tweede rode kleilaag, een stukje boven die van 55 miljoen jaar geleden. De onderzoekers hebben deze laag Elmo genoemd, wat niet alleen de naam is van een rode pluizebol uit Sesamstraat, maar ook de afkorting van ‘Eocene Layer of Mysterious Origin’. Hij is dunner dan de andere kleilaag, en geeft volgens de onderzoekers aan dat er 53 miljoen jaar geleden ongeveer hetzelfde is gebeurd als twee miljoen jaar eerder. Alleen wat minder heftig. Misschien omdat de methaanhydraten nog niet genoeg waren aangevuld voor een echt rampzalig verloop, opperen ze.

In de tijden waarin de twee rode kleilagen werden afgezet, was de baan van de aarde om de zon in een gelijke fase beland. Die baan is soms bijna cirkelvormig, soms meer elliptisch. De minima en maxima wisselen elkaar langzaam af. De gelijke fase tijdens de broeikasrampen suggereert dat er een oorzakelijk verband is, schrijven de onderzoekers, maar ze kunnen er nog niet precies de vinger opleggen. Mogelijk was een korte afstand tot de zon de oorzaak van een temperatuurstijging, die vervolgens de kettingreactie van de methaanhydraten in gang zette.

Wat betekent dit nu voor onze toekomst? In het Science-artikel winden de auteurs er geen doekjes om: “Als we aannemen dat de totale voorraad fossiele brandstoffen wordt verbrand (ongeveer 4500 gigaton koolstof), zullen de gevolgen voor de zuurgraad en het ecosysteem in de diepzee waarschijnlijk veel lijken op wat er op de grens tussen het Pleistoceen en het Eoceen gebeurde. Omdat de koolstofinput van de mens echter in slechts driehonderd jaar zal plaatsvinden, wat minder is dan de tijd die de oceaan nodig heeft om te mengen, zullen de gevolgen voor de zuurgraad en het leven in het bovenste deel van de oceaan waarschijnlijk nog ernstiger uitvallen.”

Een echt doemscenario dus. Dick Kroon: “Ja. De oceaan kan lang stabiliserend werken, maar het wordt steeds duidelijker dat het systeem snel kan omslaan.” En dan zijn de rapen dus goed gaar.

(Elmar Veerman)

James Zachos, Ursula Rühl, Stephen Schellenberg, Appy Sluijs, David Hodell, Daniel Kelly, Ellen Thomas, Micah Nicolo, Isabella Raffi, Lucas Lourens, Heather McCarren en Dick Kroon: “Rapid acidification of the ocean during the Paleocene-Eocene thermal maximum”, Science, 10 juni 2005

Lucas Lourens, Appy Sluijs, Dick Kroon, James Zachos, Ellen Thomas, Ursula Rühl, Julie Bowles en Isabella Raffi: “Astronomical pacing of late Palaeocene to early Eocene global warming events”, Nature (advanced online publication), 8 juni 2005

http://environment.newscientist.com/article/dn11170 http://www.nature.com/news/2007/070212/full/070212-3.html

Klimaatdossier

http://noorderlicht.vpro.nl/noorderlog/dossiers/24509935/

Koraal sterft door verzuring oceanen
11 juli 2008
De oceanen verzuren zo snel dat halverwege deze eeuw een derde van de koraalriffen zal sterven.
Delen van de zeeen “verzuren ” wereldwijd , omdat ze ( periodiek en plaatselijk ) meer broeikasgas CO2 opnemen.dan afgeven (= voldoende om de daar aanwezige koralen te laten afsterven )
Dat schrijven wetenschappers in het magazine Science, meldde de Britse omroep BBC
http://news.bbc.co.uk/2/hi/science/nature/7498502.stm
Ook overbevissing, ontwikkeling van kustgebieden en de opwarming van de aarde spelen een rol bij het verdwijnen van koraal.
Tot 1998 waren 13 van de 704 koraalsoorten bedreigd. Dat aantal is nu opgelopen tot 231, concluderen de wetenschappers.
Een kwart van de dieren in de oceanen is afhankelijk van koraalriffen.
Als het koraal verdwijnt, zullen die ook uitsterven, verwachten de onderzoekers.
(c) ANP
Men weet dat CO2 + water —> zuur water
Oceanen ( het grootste systeem en verzamelinging biotopen op deze planeet ) zijn de grootste Co2 producenten op aarde.
( trouwens ook de grootste zuurstof producent(=phytoplankton )
Door magnetische activiteiten in de zon eens in de zoveel jaar stijgt de temperatuur van de aarde regelmatig , pas 700 jaar later stijgt de Co2 gehalte in de atmosfeer .
Maar dan moet het wel warm blijven anders heb je weer minder Co2.Omdat bij opwarming zeeen opgeloste CO2 loslaten, stijgt het niveau aan CO2 in de lucht (wat weer tot het broeikast effect leidt?)
allemaal veroorzaakt door de zonne-cyclus…(1)(2)
CO2 ontsnapt toch juist ( waardoor de verzuring van het zeewater toch moet verminderen ?)
Bij lagere temperaturen neemt de oceaan juist CO2 op( en verzuurd )
(3)
Pogingen tot antwoord in de vorm van noten
(1) –>Er zijn tegenwoordig ” bewijzen ” dat de oceanen warmer worden waardoor de ijs smelt( en het veel gevaarlijker broeikasgas methaan vrij komt)
(2)–>de mens bracht en brengt echter wel de gedurende miljoenen jaren opgeslagen co2 in fossiele brandstoffen , in de atmosfeer
(3)–>
zeewater is inderdaad een buffer…maar het zijn vooral de daarin levende wezens ( o.a. phytoplankton en allerlei bacterieen ) die CO2 duurzaam opslaan ( ze waren trouwens noodzakelijke ingredienten bij de vorming van fossiele brandstoffen —> olie –> mariene afzettingen ) wat wil zeggen :wegfilteren uit het systeem ( en dus verminderen ) …
De biosfeer van de oceanen bestaat uit een inter-reagerende aaneenschakeling van voedselpyramides
Wanneer een belangrijk onderdeel kantelt ( koralen die niet goed tegen toenemende verzuring ( hoe klein ook ) kunnen : andere organismen dan waarschijnlijk wel )
heeft dat een domino effect
“Kokend” water zal vrijwel al de gassen die erin opgelost zijn verdrijven ( destillatie )….
het verzadigingspunt voor gassen in een oplossing schommelt wel met de temperatuur ….maar een “warme”zee is lang geen kokende zee ...De uitstoot van co2 uit de zee wordt voornamelijk veroorzaakt door levende wezens( niet door een vormvan destillatie ) …van belang is het duurzaam vastleggen van co2
De verzuring van de zeeen is het gevolg van vervuiling door verbranding van fossielebrandstoffen :de grote massa’s fossiele co2 ( hoe klein ook ) die terug in omloop zijn gebracht …die zijn ook gedeeltelijk
opgelost in het zeewater( waarvan trouwens de warmte lokaal schommelt met de seizoenen en met de zeestromingen dat is van groot belang voor vastzittende levende wezens en de lokale schommelingen in zuurtegraad die bepalen of die sessiele plaatselijke wezens blijven leven )
Er is kortom door de vervuiling met fossielebrandstof produkten een nieuwe situatie onstaan ( de druppel die de emmer doet overlopen of kantelen ) ;er zal een nieuw evenwicht komen en dat zal vergezeld gaan met het verdwijnen van vele levende soorten ….
* Overigens worden ook mossels , oesters en allerlei andere schaaldieren aangetast ….
De verzuring van de oceanen bedreigt koraalriffen in hun voortbestaan.
CO2 + H2O → H2CO3 → H + HCO3 → 2H + CO3 is een simplificatie van werkelijkheid (1), maar deze formule bevat wel de essentie van het probleem.
Door een stijging van CO2 in de atmosfeer nemen de oceanen meer CO2 op waardoor er koolzuur wordt geproduceerd.
In zeewater met een lagere pH zullen kalkhoudende organismen zoals koralen slechter groeien of zelfs afsterven.
Het probleem zit hem in het middendeel van de vergelijking: H2CO3 → H + HCO3
(bij de H moet een plusje en bij de HCO3 een minnetje)Er ontstaat een een waterstof-ion.
Dat is nou typisch voor zuren.
Dit deel van de vergelijking geeft dus aan dat de zee verzuurt bij CO2-opname.
Dat is overigens een bekend gegeven.
Nou schijnen koraalbeestjes nogal gevoelig voor de pH te zijn (overigens ook van de temperatuur), dus die sterven af.
Best vervelend, want die koraaldiertjes zijn catalysators voor het opnemen van carbonaat (CO3), dat ze samen met calcium omzetten in calciumcarbonaat (kalk).
Als dat deel van de reactie stokt, schiet het dus ook niet zo op met die opname van CO2 in de zee.
*Australische onderzoekers lieten week weten dat als de CO2 in de atmosfeer boven de 500 deeltjes per miljoen stijgt (ppm, parts per million), blijven er in de oceanen
niet genoeg koolstofionen over om de koraalriffen te doen groeien (IPS).(2)
* diezelfde week melde het IEA dat het niveau van 500 ppm in 2030 bereikt zal zijn.
CaCO3( = het “steen-skelet ” van koraal) bevat in feite ook CO2, dus zeggen dat het zuurder worden van de oceaan het kalk alleen oplost en de beschikbare inorganische koolstof vermindert is misschien wat te kort door de bocht.
Alle chemische componenten vormen een nogal complex evenwicht.
Meer CO2 betekent meer H+ (zuur) maar ook meer HCO3- (bouwstof voor kalk).
Verder als CaCO3 uit het kalkskelet wordt opgelost door H+ komt er weer Ca2+ en HCO3- vrij.
Verder is het zo dat veel koralen algen bevatten die dmv fotosynthese CO2 opnemen uit het water wat later weer ingebouwd wordt in het kalkskelet.
Als er meer CO2 opgelost is kan het wel eens zo zijn dat die algen meer energie maken waardoor het koraal juist sneller gaat groeien.
Hoe de balansen precies uitpakken, weet ik (nog) niet.
Koolstofionen bestaan niet in zeewater lijkt mij.
Je hebt complexe ionen die koolstof bevatten HCO3(-) en CO3(2-).
Heel kort door de bocht: het probleem is dat in een zuurdere oceaan het kalkskelet (CaCO3) vanzelf oplost.
Er mag dan voor zo’n koraaltje genoeg calcium en carbonaat in het zeewater beschikbaar zijn, als het sneller oplost dan dat je het vast kan leggen heb je er weinig aan.
Er zijn echter ook studies die aangeven dat het kalkskelet sneller groeit bij een hogere CO2 concentratie.
Oplossen en precipitatie zijn dynamische processen die door verschillende factoren beinvloed worden.
Het is lastig om op voorhand te voorspellen wat de uitkomst is.
Ik heb ook een studie gelezen die laat zien dat in het donker het kalkskelet oplost (’s nachts) en in het licht aangroeit (overdag, vooral bij zonsondergang).
Het gaat uiteindelijk om het netto-effect.
De verzuring zou het oplossen kunnen versterken, maar meer CO2 in de oceaan zou de aangroei kunnen versterken.
Koralen zijn overigens al een tijdje op aard en hebben vele fluctuaties in CO2 meegemaakt, men (=ik) weet alleen niet of ze zich aan kunnen passen aan de snelle veranderingen van nu.
Nota-
Sommige climatechange sceptici stellen dat de CO2 in de atmosfeer stijgt omdat de oceanen door de stijgende temp meer CO2 afgeven.
CO2 is volgens hen dus niet de oorzaak maar het gevolg van Global Warming.
Er zijn daarentegen ook wetenschappers die het daadwerkelijk gemeten hebben.
CO2 neemt toe in de oceanen.
bronnen ;
(1)
een oversimplificatie van de werkelijkheid.
Ten eerste betreft het hier evenwichten, reacties die ook terug kunnen.
Ten tweede zijn het heterogene evenwichten, evenwichten waar andere fasen bij betrokken zijn (gas/vloeistof, vloeistof/vast).
Er zijn verschillende vaste fasen (aragoniet, calciet).
Naast thermodynamica (=evenwichtsconcentraties) heb je te maken met kinetiek (=de factor tijd).
En dit hele verhaal is voor slechts voor een van de beschreven deelprocessen, namelijk de speciatie van anorganisch koolstof als functie van temperatuur, pCO2 en tijd.
Ik heb het nog niet eens over de biologische processen die kunnen optreden, eigenlijk de gehele C-cyclus (fixatie, fotosynthese, mineralisatie).
Al met al een systeem waarvan je niet op voorhand kan beweren dat er een causaal verband is tussen de toename van de pCO2 en de verlaging van de pH.
Tot slot mijn lijfspreuk: “Frank ignorance protected from criticism by complexity.”
bron :
(2)
http://ipsnews.be/index.php?id=35&no_cache=1&tx_uwnews_pi4[art_id]=19575
Wetenschappers maken kruis over koraalriffen
Stephen Leahy
BROOKLIN, CANADA, 13 november 2007 (IPS) –
De koraalriffen in de wereldzee챘n zijn mogelijk binnen dertig jaar herschapen tot een puinhoop, en vrijwel zeker binnen vijftig jaar.
Dat zeggen Australische onderzoekers die de impact van het broeikasgas koolstofdioxide op de groei van nieuwe koralen bestudeerden.
Sinds enkele jaren weten wetenschappers dat de oceanen steeds zuurder worden. Dat komt omdat de extra koolstofdioxide die de verbranding van fossiele brandstoffen in de
atmosfeer jaagt, wordt opgenomen door het zeewater.
In het water vormt de CO2 koolzuur.
Recent onderzoek geeft aan dat het zeewater in de voorbije vijftig jaar 챕챕nderde pH-eenheid zuurder is geworden.
“Het gevolg van die verzuring is dat er steeds minder koolstofionen beschikbaar zijn”,
zegt Ove Hoegh-Guldberg, wetenschapper aan het Centre for Marine Studies van de Universiteit van Queensland in Australi챘.
De ionen zijn cruciaal voor de vorming van calciumcarbonaat, de belangrijkste bouwstof van heel wat mariene organismen, waaronder de koralen die de riffen bouwen.”
Als de CO2 in de atmosfeer boven de 500 deeltjes per miljoen stijgt (ppm, parts per million), blijven er in de oceanen niet genoeg koolstofionen over om de koraalriffen te
doen groeien, zegt de wetenschapper. Het Internationale Energieagentschap (IEA) schat dat dit punt tegen 2030 bereikt zal worden, omdat de uitstoot door de verbranding van
fossiele energie tegen dan nog met 57 procent zal stijgen.
Hoegh-Guldberg en de 50 andere wetenschappers die deelnamen aan een forum van het Australische Centre of Excellence for Coral Reef Studies doen dan ook een dringende
oproep aan de regeringen van de wereld om de uitstoot van broeikasgassen gevoelig te verminderen.
Maar zelfs als de aanbevelingen van het Internationale Klimaatpanel worden opgevolgd, lijkt de grens toch zeker in 2050 te worden bereikt.

Niet iedereen is het ermee eens dat de 500 ppm zo belangrijk is.
Volgens Ulf Riesebell van het Lebiniz-instituut voor Mariene Wetenschappen in het Duitse Kiel vergroten de hogere CO2-waarden in de atmosfeer de absorptie van het gas door plankton, de microscopisch kleine diertjes die de basis vormen voor de voedselketen in de oceanen.
Als het plankton sterft, zakt het samen met de geabsorbeerde CO2 naar de bodem van de oceaan.
Als dat het geval is, dan kunnen oceanen een grotere rol spelen bij de absorptie van CO2 dan tot nu toe werd aangenomen.
Riesebell wijst ook op de gevaren van het scenario: de extra koolstof in de diepten van de oceaan zou ervoor kunnen zorgen dat de verzuring zich ook daar doorzet,
en niet alleen aan de oppervlakte.
Een ander neveneffect zijn de dode, zuurstofarme zones die ontstaan als planktonbloei het zuurstof uit het water haalt.
In de Golf van Mexico is dat nu al af en toe het geval, door de vervuiling van de Mississippi-rivier.
De uitstoot van broeikasgassen bedreigt de koralen ook nog op een andere manier.
Het steeds warmer wordende zeewater zorgt ervoor dat de koralen verbleken en sterven.
Mogelijk zijn de riffen in de wereldzee챘n al helemaal verbleekt voor het CO2-gehalte in de atmosfeer zo hoog wordt dat de koralen niet meer kunnen groeien.

“Als koraal heb je de keuze tussen verschillende manieren om te sterven”, zegt Simon Donner van de Amerikaanse universiteit van Princeton.
Donner benadrukt dat de koralen van levensbelang zijn voor kleine eilandstaten die hun proteïnen vooral uit de visvangst halen.
Hoewel de riffen slechts één procent van het oceaanoppervlak bestrijken, zijn ze van levensbelang voor een kwart tot een derde van de zeewezens.
In Australië bracht het 2000 kilometer lange Grote Barrièrerif in 2006 4 miljoen euro in het laatje uit toerisme.
IPS(MC, PD)

Koraal overleeft in door broeikasgas verzuurde zee

– Ook zonder extern kalkskelet kunnen koraalsoorten overleven. Dat blijkt uit onderzoek van Israëlische wetenschappers, donderdag gepubliceerd in Science. Koraal blijkt in staat zich aan te passen aan verzuurde oceanen.

koraal

De toename van kooldioxide in de atmosfeer verlaagt de zogeheten pH-waarde van het zeewater, wat betekent dat de oceanen zuurder worden. De pH-waarde nu (rond 8,0) is naar schatting 0,1 punt lager dan voor de Industriële Revolutie. In zo’n zuurder milieu lossen de kalkskeletten van koraal sneller op.

De onderzoekers stopten twee koraalsoorten gedurende een jaar in water met een pH tussen 7,3 en 7,6. In die zure omgeving loste hun kalkstructuur volledig op, maar hielden de diertjes zelf contact met hun rotsige ondergrond. De biomassa van het koraal was zelfs drie maal zo groot als van koraal in normaal zeewater.

Toen het zure water na een jaar werd vervangen door gewoon water, maakten de holtediertjes die het koraal opbouwen weer normale kalkskeletten aan.

Schelpdieren bedreigd door verzuring van oceanen

Oesters en mosselen worden bedreigd door de verzuring van de oceanen, die voortvloeit uit de stijging van de uitstoot van CO2, blijkt uit een wetenschappelijke studie.
De verkalking van de mossel en de Japanseoester ( een exoot ) daalt evenredig met de stijging van de verzuring van de oceanen, aldus een internationale ploeg die voorgezeten wordt door Frédéric Gazeau, onderzoeker aan het Nederlands Instituut van Ecologie.Elke dag wordt meer dan 25 miljoen ton CO2, geproduceerd door menselijke activiteiten, opgenomen door de oceanen. Deze hoeveelheid draagt bij tot de verzuring van de oceanen. Het was al zeker dat een verhoging van de zuurtegraad een moeilijkere productie teweegbrengt van kalkachtig koraal en plantaardige plankton. Maar er was nog geen studie over de impact op weekdieren met een commerciële waarde.Bij een gemiddelde hypothese van een hoeveelheid van 740 deeltjes op een miljoen CO2 in de atmosfeer, tegen een actuele hoeveelheid van 370, vermindert de productie van schelpen met 25 procent voor de mossel en met 10 procent voor de oester.

Zo’n fenomeen kan gevolgen hebben voor het overleven van de larven. De schelpen zouden er ook langer over doen om een commerciële omvang te bereiken. Tenslotte worden ze ook gevoeliger voor roofdieren, aldus een van de onderzoekers.
(belga)
Klimaatverandering en verzuring van de zee: is het einde van de mossel in zicht?
SAMENVATTING
Uit onderzoek is de laatste jaren duidelijk geworden dat hogere CO2 concentraties in de atmosfeer tot een hogere zuurgraad van de oceanen kunnen leiden. Experimenten waarin de oceaan en de atmosfeer werden nagebootst bevestigen bange ecologische vermoedens: in een zuurdere oceaan krijgen schelpdieren het moeilijk om hun uit kalk bestaande schelp op te bouwen. Bij de in de komende eeuw verwachte stijging van de CO2 concentraties zouden de oceanen al zo zuur kunnen worden dat schelpdieren er niet meer kunnen leven: hun schelpen lossen gewoon op. Betekent dit dat de mosselvissers uit Zeeland een andere baan moeten gaan zoeken? Het definitieve antwoord ligt in de toekomst, maar een blik in het verleden geeft waardevolle aanwijzingen over waar het naar toe kan gaan.
Iedereen weet het zo langzamerhand: omdat we met z’n allen de aardse voorraad fossiele brandstoffen opstoken, brengen we veel m챕챕r koolstofdioxide (CO2) in de lucht dan ecologisch gezien wenselijk is. In de discussie over CO2hoor je vooral veel over de mogelijke gevolgen voor het klimaat op aarde. Maar er is veel m챕챕r aan de hand.Een tot nu toe onderbelicht effect is dat van het verzuren van de zee.
Met elementaire chemie valt te voorspellen dat m챕챕r CO2 in de lucht betekent dat er m챕챕r CO2 door de oceanen wordt opgenomen.
Het effect is dan dat het zeewater zuurder wordt en dit betekent dat schelpdieren zouden kunnen oplossen.
In haar laatste, in februari gepresenteerde alarmerende rapport maakt het Intergovernmental Panel on Climate Change (de commissie die voor de Verenigde Naties de klimaateffecten inventariseert) voor het eerst expliciet melding van het mogelijke probleem van de verzuurde zee.

Schelpen van schelpdieren bestaan grotendeels uit kalk, dat de chemische formule CaCO3(s) heeft. Onder invloed van zuur, dat gekenmerkt wordt door het afstaan van protonen (H+) kan kalk inderdaad in water oplossen volgens de formule:
CaCO3(s) + H+(aq) <–> Ca2+(aq) + HCO3(aq)Ook klopt het dat het oplossen van CO2 in water zorgt dat het zuurder wordt. Daarom smaakt Spa Rood, waarin opgelost CO2 voor de bubbels zorgt, een beetje zurig. De formule voor het oplossen van CO2in water is:CO2(s) + H2O <–> H2CO3Het hangt een beetje af van dingen zoals hoe een schelpdier kalk aanmaakt, maar chemisch gezien is het plausibel: een (veel) zuurdere oceaan kan ervoor zorgen dat de schelpen van schelpdieren oplossen.

Het is natuurlijk de vraag of simpele elementaire chemie wel een voorspellende waarde heeft voor wat er in de natuur zal plaatsvinden.

De koppeling tussen CO2 concentraties in de lucht en de zuurgraad van zeewater is immers onderdeel van de aardse koolstofcyclus, die veel complexer is dan de twee chemische formules in het intermezzo hierboven. Ook de reactie van de natuur op veranderingen is veel ingewikkelder dan wat uit een aantal simpele reacties valt af te leiden.Experimenten
Juist daarom zijn de wetenschappers die de kwestie van de zeeverzuring en het oplossen van schelpen onderzochten niet uitsluitend van chemische formules uitgegaan.
Ze hebben de afgelopen jaren met succes geprobeerd in experimenten de atmosfeer en de zee na te bootsen.
Daarbij zagen ze inderdaad dat een verhoging van de CO2 concentraties in de nagebootste atmosfeer er toe leidt dat de nagebootste zee zuurder wordt.
De schelpdieren die ze in hun experimenten als testdieren gebruikten, kregen het – conform de verwachting – moeilijker hun schelpen op peil te houden.

Deze resultaten zijn al een stuk geloofwaardiger dan een voorspelling op basis van twee formules. Een extra aanwijzing dat er wel degelijk gevaar bestaat voor schelpdieren komt van wetenschappers die in 2005 een artikel schreven in het gezaghebbende blad Nature.

Ze hadden zeer uitgebreide computerberekeningen uitgevoerd met betrekking tot de zuurgraad van de oceanen in relatie tot de atmosferische CO2 concentraties. Ook hun conclusie is – net als bij de eerder beschreven experimenten – dat de oceanen inderdaad zuurder zullen worden en dat de schelpdieren in zwaar weer terecht komen.



Het ligt niet voor de hand dat de oceaan echt ‘zuur’ zal worden in de dagelijkse betekenis van dat woord. De huidige zuurgraad van de oceaan ligt rond de 8,2 en het water is daarmee licht basisch. Zuiver water is neutraal en heeft een pH van 7. Pas bij nog lagere waarden spreek je van een werkelijk zuur milieu, omdat dan de ‘zure’ H+ ionen in een grotere concentratie aanwezig zijn dan de ‘basische’ OH- ionen.
Dat neemt niet weg dat een kleine verlaging van de pH ook in een basisch milieu zoals de oceanen al grote effecten kan hebben. Omdat de pH schaal logaritmisch is staat een verlaging van de pH met 0,3 al voor een verdubbeling van de hoeveelheid zure componenten.

Het verleden als sleutel voor de toekomst

Het lastige van experimenten en berekeningen is dat ze altijd een forse versimpeling van de werkelijkheid vereisen. Zelfs met de grootste laboratoria en de meest krachtige computermodellen valt de aarde nooit helemaal natuurgetrouw na te bootsen.
Het liefst zou je gewoon een kijkje in de toekomst willen nemen om te zien of er inderdaad sprake is van verhoogde CO2 concentraties die tot verzuring van de oceanen leiden, en vervolgens tot het oplossen van de schelpen van schelpdieren.
Sommige natuurkundigen denken dat tijdreizen in principe mogelijk zou moeten zijn, maar voorlopig hebben we nog lang geen tijdmachine om in de toekomst te kunnen kijken.

Toch is het idee van tijdreizen niet zo gek – maar dan in omgekeerde richting. We kunnen immers wel naar het verleden kijken. Aardwetenschappelijke vondsten en overblijfselen bieden zicht op situaties die zich in het verleden van de aarde hebben voorgedaan. Zo kunnen we op zoek gaan naar wat er precies gebeurde in periodes waarin het klimaat en de CO2 concentraties in de atmosfeer anders waren dan nu.

Gesteentelagen afgezet in verschillende perioden in en rond het Paleoceen-Eoceen temperatuur maximum, gefotografeerd bij Wadi Nukhl, Sinai. foto: Universiteit Bremen

Maar waar te gaan kijken? Een periode die we als vergelijkingmateriaal kunnen gebruiken staat als het Paleoceen – Eoceen temperatuur maximum bekend. Dat was ongeveer 55,5 miljoen jaar geleden en de periode duurde zo’n 200.000 jaar.
Ergens in die periode vond een abrupte en sterke stijging van de temperatuur op aarde plaats, net zoals veel wetenschappers nu verwachten. Zo steeg de temperatuur van het water aan het oppervlak van de zee in de poolstreken met zo’n 5°C tot temperaturen die je nu eerder in de Middellandse Zee verwacht.De oorzaak voor de drastische opwarming van het klimaat van toen is misschien het vrijkomen van enorme hoeveelheden methaangas uit de zeebodem. Methaangas is zelf al een broeikasgas, dat in de atmosfeer ook nog eens heel snel wordt omgezet tot CO2. Het vrijkomen van het methaangas kan heel goed tot dus een stijging van het CO2 gehalte van de atmosfeer hebben geleid. Het grootste deel zal vervolgens in de zee zijn opgelost en deze dus zuurder hebben gemaakt.

Maar is dat ook zo? Nou, daar lijkt het wel op. In de diepzee leefde in die tijd namelijk eencellige diertjes met een kalkskelet, ook wel foraminifera genoemd. Uit de gevonden fossielen blijkt dat tijdens het Paleoceen – Eoceen temperatuur maximum 30 – 40% van de foraminifera soorten vrij plotseling zijn uitgestorven. Het is heel goed mogelijk dat dit samenhangt met verzuring van de oceanen.


Behalve het Paleoceen – Eoceen temperatuur maximum is het geologische tijdperk het Krijt (144 tot 66,4 miljoen jaar geleden) óók een periode die als vergelijkingsmateriaal kan dienen. Uit allerlei verschillende onderzoeken blijkt dat het klimaat in het midden van het Krijt veel warmer was dan nu. Zo zijn er veenafzettingen, resten van koraalriffen en fossielen van dinosaurussen gevonden in gebieden waar het in het huidige klimaat veel te koud zou zijn voor die planten en dieren. Ook blijkt uit onderzoek dat de oceanen zo’n 15 tot 20 °C warmer waren dan tegenwoordig en dat de zeespiegel zo’n 100 tot 200 m hoger was dan nu doordat er toen geen ijskappen waren.
Veel onderzoekers denken dat het klimaat op aarde in het midden van het Krijt vooral veel warmer was omdat de atmosferische CO2concentratie toen veel hoger was dan nu – misschien wel acht tot tien keer. Ze stellen de veel hogere vulkanische activiteit ten tijde van het Krijt daarvoor verantwoordelijk.Als een warmer klimaat en hogere atmosferische CO2concentraties inderdaad tot zure zeeën leiden waarin schelpdieren oplossen, dan zouden er in het Krijt onmogelijk schelpdieren hebben bestaan. Maar wat blijkt nou: in het Krijt waren er juist heel erg véél schelpdieren. Het Krijt dankt zijn naam juist aan het feit dat er in dat tijdperk overal op aarde enorme hoeveelheden krijt, ofwel kalk, zijn afgezet!Je vindt die kalk op plaatsen waar destijds ondiepe zeeën waren, maar die tegenwoordig op het land te vinden zijn. De bekende “White Cliffs of Dover” werden in het Krijt gevormd. In Nederland vind je bijvoorbeeld mergel in de bekende mergelgrotten van Zuid-Limburg. Dat was in het Krijt door de hogere zeespiegel en het warmere klimaat een ondiepe tropische zee, waar massaal schelpen van eencellige algen en ook wat eencellige schelpdieren voorkwamen.De vraag is natuurlijk waarom het in het Krijt ondanks de hogere CO2 concentraties niet fout ging met de schelpdieren, en of onze huidige aarde meer lijkt op die van het Krijt of die van het Paleoceen – Eoceen temperatuur maximum. Een aannemelijke verklaring voor de verschillen tussen de twee periodes is dat de alkaliniteit van het zeewater in het Krijt waarschijnlijk groter was. Er waren toen meer basische ionen in oplossing die zo een verzuring door bijvoorbeeld het oplossen van CO2 konden tegengaan.Verder was er in het Paleoceen – Eoceen temperatuur maximum een abrupte, snelle stijging van de CO2 concentratie in de lucht terwijl de CO2 concentratie in de lucht in het Krijt bij voortduring hoog was. De snelle stijging van de CO2 in de lucht van tegenwoordig gecombineerd met de chemische samenstelling van onze huidige oceanen geven aan dat de situatie van nu meer lijkt op die van het Paleoceen – Eoceen temperatuur maximum dan die van het Krijt.

Mossels krijgen het moeilijk
Terug naar de Zeeuwse mosselvissers.

Moeten die op zoek naar een andere baan?
Het lijkt het er wel op.

Verzuring zee komt door de toenemende hoeveelheid koolzuurgas (CO2) in de lucht: een derde deel daarvan lost op in het zeewater en maakt het zuurder.
22 MAART 2007
Verzuring zee remt groei mosselschelp
Aan het eind van deze eeuw zullen mosselen en oesters meer moeite hebben om kalk in te bouwen in hun schelpen.
Door de stijgende CO2-concentratie in de lucht verzuren de wereldzee챘n, en daardoor daalt de concentratie carbonaat in het water, die nodig is voor de afzetting van kalk.
Dat melden onderzoekers van het Nederlands Instituut voor Ecologie (NIOO).
Fr챕d챕ric Gazeau en Jack Middelburg van het NIOO-Centrum voor Estuariene en Mariene Ecologie te Yerseke testten voor het eerst het effect van een stijgende CO2-concentratie
op de schelpdieren in het laboratorium, door Oosterscheldewater in enkele uren steeds zuurder te maken met een stijgend CO2-gehalte.
Daaruit bleek dat mosselen en Japanse oesters moeite hadden om hun schelpen te versterken.
De onderzoekers schatten in dat de mosselen aan het eind van deze eeuw 25 procent langzamer kalk inbouwen in hun schelpen, en oesters 10 procent.
De oceaan heeft nu een zuurgraad van rond de 8, maar tegen 2100 zal deze pH-waarde volgens het Intergovernmental Panel on Climate Change met ongeveer 0,35 gedaald zijn.
Dat betekent dat het water zuurder wordt en minder kalk beschikbaar is.
Bij nog sterkere verzuring lost een mosselschelp volgens de onderzoekers zelfs op.
Ecologisch zijn schelpdieren van groot belang omdat de banken die oesters en mosselen maken een belangrijke habitat vormen voor andere planten en dieren.
Daarnaast vormen de schelpdieren een belangrijk onderdeel van het voedsel voor bijvoorbeeld de eidereenden in de Waddenzee.
De onderzoekers gaan vervolgexperimenten doen, waarbij wordt gekeken of mosselen misschien kunnen wennen aan de zuurdere omstandigheden.
Verder is er onderzoek nodig naar larven, omdat die nog gevoeliger zijn dan mosselen voor een verzurende zee.

De experimenten, de computersimulaties én de tijdreis naar het Paleoceen – Eoceen temperatuur maximum geven allemaal steun aan dezelfde veronderstelling: de huidige oceanen kunnen gaan verzuren als er sprake is van een snelle stijging van de CO2 concentraties in de atmosfeer. En aangezien veel wetenschappers die snelle (aanhoudende) stijging verwachten, zal de mossel het waarschijnlijk moeilijk gaan krijgen. En de vissers dus ook.
Zeeuwse mosselvissers

Naast het slechte nieuws voor de mosselvissers is een minstens zo belangrijke conclusie dat de uiteenzetting hierboven laat zien dat de aarde een zeer complex systeem is dat wetenschappelijk lastig te doorgronden is. Daardoor kunnen verschillende experimenten/onderzoeken elkaar soms op het eerste gezicht tegenspreken en is het gemakkelijk voorbarige conclusies te trekken. Bijvoorbeeld door in het verhaal over CO2en zure oceanen alleen op de situatie in het Krijt af te gaan zonder je te realiseren dat deze periode helemaal niet zo goed met de huidige situatie te vergelijken is.Tenslotte is het belangrijk op te merken dat het niet uitmaakt waarom er een snelle stijging van de CO2 concentraties in de lucht plaatsvindt, maar alleen dat hij plaats vindt. De huidige discussie over klimaatverandering gaat vaak over het waarom: is het de mens, zijn het natuurlijke factoren of is het een combinatie van die twee? De vraag of het klimaat verandert en de CO2 concentraties in de atmosfeer zullen blijven stijgen, daar is men het eigenlijk wel over eens.

Bronnen
• James C. Orr et al., 2005, Anthropogenic ocean acidification over the twenty-first century and its impact on calcifying organisms, Nature, 437: 681-686.
• James C. Zachos et al., 2005, Rapid Acidification of the Ocean During the Paleocene-Eocene Thermal Maximum, Science, 308: 1611-1615
• Prof. Dr. Jef Huisman, Instituut voor Biodiversiteit en Ecosysteem Dynamica, UvA, persoonlijk commentaar.
• Prof. Dr. Jan W. de Leeuw, Koninlijk Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee, persoonlijk commentaar.
• Dr. Appy Sluijs, Institute of Environmental Biology, Universiteit Utrecht, persoonlijk commentaar.

De auteur dankt prof. dr. Jef Huisman, prof. dr. Jan W. de Leeuw en dr. Appy Sluijs voor hun bijdrage bij de totstandkoming van dit artikel.


Het IBED (Institute for Biodiversity and Ecosystem Dynamics) is onderdeel van de Universiteit van Amsterdam. Het instituut integreert onderzoek naar biodiversiteit, ecosystemen en het milieu en maakt daarbij gebruik van methoden en technieken uit de biologie, chemie en fysische geografie

Verzuring oceanen heeft effect op schaaldieren

Voor het eerst zijn de effecten van verzurende oceanen op schaaldieren goed onderzocht

.

De dieren krijgen een lichter skelet, dat een lager percentage van het lichaamsgewicht uitmaakt. Dat schrijven biologen van de British Atlantic Survey zondag in Global Change Biology.

Oceanen verzuren omdat er meer CO2 uitgestoten wordt. Een deel van die CO2 lost op in de zee en dat maakt het water zuurder.

Dat bemoeilijkt de aanleg van skeletten voor schaaldieren, want die skeletten zijn van calciumcarbonaat en dat lost op in zuurder water.

Vier soorten

De biologen bekeken vier soorten dieren: zeeëgels, zeeslakken, Amerikaanse venusschelpen en ‘armpotigen’, een soort tweekleppige schelp. Deze dieren kwamen in alle bestudeerde regio’s voor: twaalf gebieden van de tropen tot de poolzeeën.

Omdat de bestudeerde dieren evolutionair gezien erg ver van elkaar verwijderd zijn, denken de onderzoekers dat dit een algemeen verschijnsel is.

De Britten waarschuwen daarom dat een groot deel van de schaaldieren in de zeeën gevaar loopt,

Slangenster groeit met moeite weer aan in zure zee

De draadarmige slangenster kan zijn armen ook aangroeien in zuur zeewater waar kalkvorming moeizaam gaat. foto marlin

10 mei 2008 /Hester van Santen

Als de oceaan door het toenemend gehalte CO2 van de atmosfeer verzuurt, zal de draadarmige slangenster (Amphiura filiformis) zijn mannetje staan, ondanks dat de omstandigheden voor zijn kalkskelet ongunstig zijn (Proceedings of the Royal Society B, 6 mei online).
De opbouw van kalk gaat bij deze zeester-achtige sneller in zuurder water en dat is precies het tegenovergestelde van wat bij veel andere zeedieren in het lab gezien is. Maar de inspanningen gaan ten koste van de spieren van de slangenster.

Door de verhoogde concentratie CO2 in de atmosfeer verandert ook de balans van het opgeloste koolzuur in het water. Dat werd al in de jaren zestig uitgerekend, en de laatste jaren wordt het ook gemeten. Sinds de industri챘le revolutie is het zeewater al iets minder basisch geworden: de pH was ongeveer 8,3 en is nu al 8,2. Naar verwachting gaan er in deze eeuw nog 0,14 tot 0,35 pH-punten vanaf. In het zuurdere water daalt bovendien de concentratie van het ion CO32- (carbonaat).

Nu is carbonaat juist de grondstof die veel zeedieren gebruiken om hun kalkskeletten van te fabriceren: koralen natuurlijk, maar ook kalkhoudende algen, schelpdieren en de groep van de stekelhuidigen: zee챘gels en zeesterren. Kalk is calciumcarbonaat, CaCO3.

Het onzekere lot van de koralen staat het duidelijkst op het netvlies van onderzoekers van de zure zee – ze zijn veelal uit een instabiele vorm van kalk gebouwd. In experimenten groeien die dan ook steeds langzamer, naarmate de pH van de zee daalt. Maar hoe het andere zeedieren zal vergaan is veel minder bekend. De diversiteit is gewoonweg te groot voor het jonge vakgebied.

E챕n stekelhuidige, de slangenster hieronder, kan de verzuring in ieder geval aan. Britse biologen van het marien biologisch lab in Plymouth hebben dat uitgeprobeerd met slangensterren die huisden in water dat nog veel zuurder was dan de stoutste verwachtingen van de klimaatmodelleurs.

Op een dag hakten de biologen van de Amphiura’s een of twee van hun vijf armen af. Zeesterren (en de verwante slangensterren en brokkelsterren) kunnen die armen weer aan laten groeien. De verwachting was dat dat langzamer zou gaan, in zuurder water. Maar het tegendeel gebeurde: zelfs bij een pH van 6,8 groeiden de armen (ook al waren er twee weg) gewoon aan. En het kalkgehalte was zelfs groter dan normaal. Omdat in dode slangensterarmen de kalk wél gaandeweg oplost, kan de enige conclusie zijn dat de ster steeds harder gaat werken, naarmate zijn omgeving verzuurt.

Maar het heeft wel zijn prijs. Des te zuurder het water, des te minder spieren de slangenster had. Niet alleen in zijn nieuwe armen, maar ook in de ledematen die de biologen spaarden. Steeds grotere holtes ontstonden er binnenin de armen waar eerst vlees zat.

Het lijkt erop, schrijven de biologen daarom, dat de fysiologische aanpassingen aan de effecten van verzuring net zo goed nadelig zijn voor de fitness als de verzuring zelf. De slangenster zal dus niet per se de lachende derde zijn in de verzurende oceaan. En als zeesterren niet meer met hun armen kunnen woelen, is dat ook nadelig voor de zeebodem.

Maar het betekent wel dat het biochemische proces van kalkvorming ingewikkelder in elkaar zit dan gedacht.

Oceanen verzuren ongekend snel

3 maart 2012

De uitstoot van CO2 door mensen en de opwarming van de aarde veranderen de chemische samenstelling van de oceanen, waardoor ze steeds zuurder worden.

Ten dode opgeschreven ?

Een internationaal onderzoek dat in Science verscheen, laat zien dat er de afgelopen 300 miljoen jaar vaker veranderingen zijn geweest in de samenstelling van de oceanen.

Ze vonden echter nog nooit zo snel en op een dusdanig grote schaal plaats als nu. Vooral de verhoging van de zuurtegraad heeft ernstige gevolgen voor de mariene organismen en ecosystemen

Oceaanverzuring

De verzuring van oceanen treedt op als CO2 oplost in zeewater en koolzuur vormt. Momenteel verdwijnt meer dan 30 procent van al het CO2 dat mensen uitstoten direct in de oceanen. Menselijke activiteiten zijn hierdoor verantwoordelijk voor een groot deel van de toevoer van CO2 naar de oceanen.

Verzuring belemmert de ontwikkeling van soorten die schelpen of skeletten bouwen van calciumcarbonaat, zoals koraal en weekdieren. Ook sommige vissoorten zouden direct last hebben van het zuurdere water, bijvoorbeeld door vervorming van delicate gehoorbotjes.

Daarnaast heeft het een negatieve invloed op fytoplankton, de basis van de voedselketen van de oceanen. Deze algen zijn bovendien van groot belang voor de mondiale zuurstofproductie.

Massa-extincties.

De onderzoekers vonden een aantal momenten in de geschiedenis waarop ook aanzienlijke oceaanverzuring optrad – vaak zelfs leidend tot uitstervingsgolven van zeeleven.

De laatste keer dat dit gebeurde was 56 miljoen jaar geleden, op het zogeheten Paleoceen-Eoceen Thermische Maximum (PETM), toen grote hoeveelheden koolstof vrijkwamen door massale vulkaanuitbarstingen en de destabilisatie van methaan-clathraten op de oceaanbodem. Naast verzuring van de oceanen leidde dit toen ook tot een opwarming van de atmosfeer.

Alhoewel de totale hoeveelheid CO2 in het Eoceen hoger was dan nu, waarschuwen de wetenschappers dat miljoenen jaren na dato een herhaling van de verzuringsramp mogelijk is.

De snelheid waarmee de CO2-concentratie van de oceanen oploopt ligt nu maar liefst tien keer zo hoog als tijdens het PETM.

Verzuring net zo erg als opwarming

http://noorderlicht.vpro.nl/noorderlog/bericht/41137614/

23-12-2008

Ecosystemen in zee zullen de gevolgen van de verzuring deze eeuw flink gaan voelen, verwachten de geofysici. En de mensheid daardoor ook.

De gevolgen van oceaanverzuring door CO2 zijn mogelijk net zo rampzalig als de wereldwijde opwarming die het broeikasgas veroorzaakt, stelt de Europese Geofysische Unie (EGU) vandaag.

Ongeveer een derde van de CO2 die ontstaat bij de verbranding van fossiele brandstoffen, wordt door het zeewater opgenomen. In totaal verdween er zo al 430 miljard ton onder de zeespiegel. Door al dat koolzuur is de gemiddelde pH van het water sinds de industriële revolutie gedaald van 8,21 naar 8,10. Een verdere daling met 0,4 punten zou voor het jaar 2100 kunnen worden gehaald.

De verzuring zal ecosystemen over de hele wereld al binnen enkele tientallen jaren in grote problemen brengen, zeker in combinatie met opwarming, stelt de organisatie van geofysici. De wereld moet daarom alles op alles zetten om de uitstoot van CO2 te beperken en/of CO2 uit de atmosfeer te verwijderen.

Dat laatste zou heel goed kunnen door op grote schaal verpulverd olivijn uit te strooien, een oplossing die de EGU overigens niet noemt.

Elmar Veerman

http://www.egu.eu/statements/egu-position-statement-on-ocean-acidification.html
http://noorderlicht.vpro.nl/artikelen/41064504/

http://noorderlicht.vpro.nl/noorderlog/bericht/41137614/
Bijlage —> PDF / OLIVIJN

Plankton een derde lichter door zure zeeën

10 maart 2009

Verzuring van de oceanen, als gevolg van de stijgende CO2-concentratie, zorgt nu al voor aantasting van plankton, meldt een Australisch onderzoeksteam

Oceanen nemen CO2 op uit de lucht. Hoe hoger de CO2-concentratie van de atmosfeer, hoe hoger ook de concentratie in de oceanen. In dat proces lost het CO2 op tot koolzuur, waarbij het water langzaam zuurder wordt.

En dat kan verstrekkende ecologische gevolgen hebben, waarschuwen wetenschappers. Wanneer de verzuring een kritische grens bereikt kunnen veel organismen geen kalkskeletjes meer maken, of zelfs geheel oplossen.

William Howard van de Universiteit van Tasmanië, hoofd van het Antarctic Climate and Ecosystems Cooperative Research Centre, zegt dat de zuurgraad nu al zo hoog is dat hij en zijn onderzoekers de ecologische schade kunnen meten

Microscopisch

Howard en zijn co-auteur, Andrew Moy, hebben de skeletjes van foraminiferen, een microscopische planktonsoort, onderzocht in de wateren tussen Australië en Antarctica en deze vergeleken met tot 50.000 jaar oude fossielen van dezelfde diertjes.

Hun bevindingen, die zullen worden gepubliceerd in Nature Geoscience, laat zien dat het gewicht van de skeletjes in de laatste decennia met 30 tot 35 procent is afgenomen.

“Wat de gevolgen zijn voor het ecosysteem weten we nog niet goed”, zegt Howard.

Kalksteenbodem

“De implicaties voor klimaatverandering zijn echter een stuk duidelijker.” Foraminiferen spelen namelijk een belangrijke rol in de koolstofkringloop.

Tijdens hun groei slaan ze CO2 op in de calciumskeletjes. Wanneer ze sterven zakt al dat koolstof naar de bodem, waar het tot miljoenen jaren in kalksteenpakketten blijft opgeslagen, aldus Howard.

“En foraminiferen vormen een significant deel van alle carbonaatmassa in de oceanen. Hoe minder foraminiferen, hoe sneller de CO2-concentratie van de oceanen én de atmosfeer toeneemt.”

De oceanen zijn volgens de Australiërs al een derde zuurder geworden. “Alles dat calciumcarbonaat wil maken, waaruit ook vissenbotjes, koraal en schelpen bestaan, zal het zwaar krijgen”, zegt Howard.

°

400 ppmv

17. Mei 2013, 10:00We hebben het gehaald, de 400 ppmv! Op 9 mei 2013 registreerde de NOAA 400,03 ppmv als daggemiddelde atmosferische koolzuurgasconcentratie op het Mauna Loa Observatory op de hoogste top van het Hawaïaanse Big Island.Of was het weldegelijk 400,03 ppmv (N0AA) of toch ‘maar’ 399,73 (Scripps)? “De wereld is een nieuwe gevarenzone binnengetreden” liet de klimaatverantwoordelijke van de VN, Christiana Figueres, dan ook onmiddellijk weten.Heeft u er iets van gemerkt? Ik niet! Kortom much ado about nothing”?Deze memorabele dag werd trouwens al enkele weken geleden aangekondigd. Ook in de Vlaamse media. De Morgen kopte “CO2-niveau voor het eerst in de geschiedenis boven alarmpeil” (DM, 29.04.2013). De Standaard had het over een “alarmniveau” (DS, 29.04.2013); The Guardian over een “milestone” (The Guardian, 29.04.2013).Alarmpeil, Alarmniveau, Alarmfase Rood, … het moet duidelijk zijn dat deze termen totaal geen Aardse /geologische betekenis hebben. Het heeft een zuivere (emotionele ) symboolwaarde!Trouwens, wat betekent de 400,03 ppmv op 9 mei 2013.Dit is een daggemiddelde binnenin de seizoensvariatie van de atmosferische koolzuurgasconcentratie.Deze koolzuurgasconcentratie piekt op het noordelijke halfrond steeds rond mei.Zo was de maximumwaarde in mei 2012 ongeveer 396 ppmv.Tegen oktober zakt de koolzuurgasconcentratie naar een minimumwaarden, ongeveer 391 ppmv in oktober 2012 (zie figuur).De seizoensvariatie bedraagt gemakkelijk ~5 ppmv. Die seizoensvariatie heeft alles te maken met de opname van het koolzuurgas door de biosfeer.

Vanaf de lente veroorzaakt de plantengroei een massale opname van koolzuurgas. En dat dit zeer opvallend is in het noordelijke halfrond heeft alles te maken dat het grootste deel van de continentale massa zich op het noordelijke halfrond bevindt … weerom een geologische toevalstreffer.

Dus in oktober 2013 zal de wereld “terug uit de gevarenzone” zijn   ?  … Oef! 

 

In de geologische tijd blijkt dat we tenminste moeten teruggaan tot het plioceen – dus zo’n 3 à 5 miljoen jaar – om een vergelijkbare atmosferische koolzuurgasconcentratie te vinden.

Dit was een tijd dat “de dinosauriërs uitgestorven waren en er van de mens nog geen sprake was” (DM, 29.04.2013; DS, 29.04.2013).

Bedenk dat  toen  de dinosauriërs al 60 miljoen jaar eerder uitgestorven zijn (zucht)! En één van onze ‘voorouders’, Homo habilis, dook toen op in de Afrikaanse savannes.

Er wordt dan ook geopperd dat het overschrijden van deze magische grens van 400 ppmv ons terugbrengt naar de pliocene wereld, een wereld waarin het globaal 2 à 3 graden warmer was dan nu, een wereld waarin het zeeniveau ongeveer 40 meter hoger lag dan nu.

Een dergelijke vergelijking houdt geologisch echter totaal geen steek!

De Aardse geschiedenis is niet omkeerbaar. De Aardse geschiedenis gaat één richting uit … voorwaarts! Of zoals Stephen Jay Gould (1941-2002) het vatte in de titel van één van zijn boeken: Time’s Arrow, Time’s Cycle.

De klimaatdynamiek was tijdens het plioceen immers totaal anders dan nu.

Sinds de vroeg-eocene broeikaswereld – met atmosferische koolzuurgasconcentraties van meer dan 1000 ppmv – zo’n 50 miljoen jaar geleden, is het Aardse klimaat onderhevig geweest aan een “Global Cooling”.

Deze duik in de ijskelder’ eindigt met de aanvang van de pleistoceenglaciatie, 2.588.000 jaar geleden.

Sindsdien zitten we ‘gevangen’ in een afwisseling van ijstijden – met atmosferische koolzuurgasconcentraties van 180 tot 210 ppmv – en tussenijstijden – met atmosferische koolzuurgasconcentraties van 280 tot 300 ppmv.

De klimaatdynamiek tijdens het plioceen valt dan ook niet te vergelijken met de huidige klimaatdynamiek.

De wereld was nog steeds aan het afkoelen. Vandaar dat het nog 2 à 3 graden warmer was dan nu, en de atmosferische koolzuurgasconcentratie meer dan 400 ppmv was. Het plioceen was een tijd waarin de Antarctische ijskap nog steeds aan het aandikken was en waarin de noordelijke ijskap pas begint te groeien. Vandaar dat het zeeniveau nog heel wat hoger lag dan tijdens de pleistoceenglaciatie.

 

 

De huidige klimaartsituatie is uniek in de Aardse geschiedenis.

Tijdens een tussenijstijd, tenmidden een ijskelderwereld – met extreem lage atmosferische koolzuurgasconcentraties –  veroorzaakt Homo Sapiens een extreem snelle en dramatische toename in de atmosferische koolzuurgasconcentratie (zie ook Op weg naar een hyperthermische gebeurtenis).

Wat daarvan de klimatologische gevolgen zullen zijn, dat zullen enkel onze verre nazaten binnen een paar duizend jaar – hopelijk nog – kunnen vertellen. 

 

 

 

26 augustus 2013

Oceaanverzuring versnelt klimaatverandering

De verzuring van de zee, als gevolg van stijgende concentraties koolstofdioxide in de atmosfeer, versnelt de klimaatverandering door de negatieve invloed ervan op plankton.

Fytoplankton, een klein organisme dat leeft van fotosynthese, produceert de stof dimethylsulfide die bijdraagt aan wolkvorming. Wolken reflecteren het zonlicht, dus indirect zorgt plankton voor verkoeling op aarde.

http://en.wikipedia.org/wiki/Dimethyl_sulfide

Het gaat echter niet goed met deze organismen. Door de stijgende concentratie CO2 in de atmosfeer raken de oceanen steeds meer verzuurd. Daar kan plankton niet goed tegen. (1)

Duitse onderzoekers hebben het effect hiervan op het klimaat bekeken. Uit een onderzoek, zondag gepubliceerd in  http://www.nature.com/nclimate/journal/vaop/ncurrent/full/nclimate1981.html                                                                                                 blijkt dat de verzuring van de oceanen klimaatverandering versnelt. De wetenschappers voorspellen een afname van dimethylsulfide van 18 procent in het jaar 2100. Dit zou bijna een halve graad Celsius kunnen bijdragen aan de gemiddelde temperatuur op aarde.

De onderzoekers stellen de eerste te zijn die het effect van oceaanverzuring op klimaatverandering aan de kaak stellen. In klimaatvoorspellingen moet dit effect meegnomen worden, vinden ze.  (2)

Door: NU.nl/Emma van der Wateren

°

(1)     De natuur zit enorm complex in elkaar. 

Dit soort factoren, wie weet welke andere er nog zijn die we onderschatten of zelfs niet weten, zouden ervoor kunnen zorgen dat er binnen enkele decennia al extreme veranderingen zullen plaatsvinden, waar we normaal zouden verwachten dat ze eeuwen zouden duren.

—-> Dit is dus een worst case scenario ?

  1. Worst case scenario’s kunnen helpen, je in te dekken tegen rampen.
  2. Laisser-faire wordt al bijna altijd  al  gedaan!
  3. Je kunt beter een(nog)  niet bestaand probleem voorkomen dan een wel bestaand probleem toelaten. Of meer specifiek: het is beter om te proberen CO2 terug te brengen, dan om te verzuipen.

—>  “Waarom altijd uitgaan van worst case scenario?” (millieu skepticus )”…..Omdat je dan angst kunt creëren, en vervolgens daar een politiek correct excuus op kan baseren om ‘maatregelen’ te nemen. Uiteraard hebben die maatregelen negatieve financiële en rechtsgerelateerde consequenties voor het volk….”

  1. Als het allemaal zo negatief is en niet nodig is, waarom zou men het dan doen? Geld is GEEN reden, aangezien het grote geld juist bij de auto-industrie en olie-industrie zit.
    1. de olie-industrie ( Mensen met tientallen miljarden aan winst en honderden miljarden aan omzet. )
      pompt trouwens   baken met geld in de anti-AGW blogs, websites,, fake-onderzoekjes, etc. (zoals ook de tabaksindustrie deed en nog doet/…..en  om maar te zwijgen van de “kerken ” die ook met alle middelen en fake hun winkeltje verdedigen ….. )
      Anders gezegd (misschien ga je het dan snappen): ik stel dat we naar de wetenschappers moeten luisteren. Dat zijn mensen die geen groot salaris krijgen en bij succes hooguit van U(H)D tot professor kunnen opklimmen. Die worden nooit rijk.

      1. wetenschappers  beweren niks, en zijn ook niet gesubsidieerd, ze “bewijzen” het. Iets wat de niet-wetenschappper vertikt
      2.  Dit debat moet door wetenschappers op basis van data gevoerd worden, niet door politici of belangenverenigingen zonder kennis van zaken.                                                                                                                       Echter ……-de effecten van globale opwarming zijn  bij wetenschappers   al 50 jaar bekend en voordat de klimaat-sceptici met hun   “anti-wetenschap” bewegingen  begonnen .

(2)

  1. de hypothese wordt opgeworpen (en in een eerste benadering doorgerekend), met de oproep om dit effect mee te nemen in de klimaatmodellen
    1. De huidige, door het IPCC gehanteerde modellen houden geen rekening met secundaire terugkoppelingseffecten zoals bijvoorbeeld het vrijkomen van gassen uit zeebodem en permafrost.en in die permafrost laag ligt heel veel methaan dat vrij kan komen na smelting van de laag. —>  methaan is zo’n 20 keer sterker broeikasgas dan dat co2 is….
      Het  IPCC gaat  zeker niet uit van het worst case scenario. Hun (gematigd ) ” worst case scenario” tot nu toe ,  was   ; dat de planeet binnen nu en 500 jaar voor mensen onbewoonbaar wordt. .
    2. Een model is een vereenvoudigde voorstelling van de werkelijkheid.
    3. Extrapolatie mits goed gebruikt is een prima techniek….. Maar ik snap ook  zonder extrapoleren  de zorgen over het snel toenemen van de co2 concentratie door het verbranden van aardgas aardolie en kolen.  Want  dit is  ook  zonder model,goed na te rekenen op basis van ons brandstofverbruik en het volume van de atmosfeer rond de aarde (versimpeld maar goed ter indicatie)
      1.  Je kunt allerlei individuele zaken goed extrapoleren. CO2 bijdrage door fossiele brandstof verbranding , CO2 absorptie door ecosystemen, andere gassen. Probleem is dat de interactie tussen deze variabelen zo complex is, dat er geen model te vinden is wat een paar jaar in de toekomst een juiste voorspelling gaat geven. Beetje als 5 dagen het weer vooruit voorspellen. Er zijn alleen waarschijnlijkheden te geven.
      2. In dit specifieke geval: er zullen weer een aantal wetenschappers een artikel geschreven hebben waarin ze een voorspelling doen voor 2100. En daar direct een onzekerheid en voorbehouden aan verbinden. Die laaste worden echter niet overgenomen op nieuwssites, want dat  is niet sexy. Dus komen er veel te harde conclusies op het nieuws, waarmee beide kampen van voor en tegen de wapens aanscherpen. En de discussie de hele verkeerde kant opgaat.
        1.  Al in 1896 toonde Arrhenius met berekeningen aan dat extra CO2 in de atmosfeer zorgt voor opwarming van de aarde, hij zat er met zijn verwachtingen niet ver naast.
        2. Klimaat modellen doen het prima. Heel knap. Betekent dus dat we het klimaat en de belangrijkste forcings zeer goed begrijpen. Het feit dat klimaat modellen bestaan en dat ze realistisch de essentiele factoren van het klimaat kunnen simuleren. Dat we zeer goed oscillaties zoals ENSO en NAO kunnen reproduceren en klimaats omstandigheden in het heden en verleden.
        3. Het feit dat meteorologen atmosferische modellen toepassen voor hun weersvoorspellingen toont allemaal aan dat men de fysica zeer goed begrijpt.
        4. Niemand zegt hier dat het over exacte wetenschap gaat. Iedereen neemt onzekerheidsmarges mee.  —>  Als mijn studenten een” fit “door hun data trekken in plaats van een model (dat veel meer af kan wijken dan die fit), dan krijgen ze een onvoldoende. Dat betekent dat ze NIETS hebben begrepen van wetenschap, experimenten en theorie. 
          1. iedere fit is gebaseerd op een model. Kan een heel simpel, basaal model zijn (rechte lijn, of polynoom), of veel ingewikkelder. Je zegt ook altijd erbij welk model je voor je fit neemt. Neemt niet weg dat als je model een fit oplevert die niet door de huidige dataset gesteund wordt, je model gewoonweg verkeerd is. Als jij je studenten iets anders aanleert, verklaart dat direct waarom ik in het bedrijfsleven de meeste Nederlandse natuurwetenschappers direct naar de prullenbak verwijs: die kunnen namelijk heel veel blaten, maar weinig preseteren.
          2. Een model is een versimpelde werkelijkheid, inderdaad. Gestoeld op sets van vergelijkingen. En dat zijn niet de simpelste, dus je krijgt een waarschijnlijkheid, zoals je zegt. Maar basaal zijn het sets van wiskundige vergelijkingen die doorgerekend worden. Hier komt een bandbreedte uit van te verwachten waardes, met daaraan gekoppeld een waarschijnlijkheid. Het blijft echter extrapoleren van bestaande datasets.
            1. ” Het blijft echter extrapoleren van bestaande datasets. ”
              Neen! Klimaat modellen extrapoleren niet zomaar een reeks van getallen. Klimaat modellen geven al naar gelang de input een te verwachten bandbreedte van mogelijke uitkomsten gebaseerd op natuurkundige wetten, dat is niet hetzelfde als de wiskundige term extrapoleren wat in feite gewoon het uitbreiden van een getallen reeks is.

              1. Even een vraagje:
                Heb je de foutmarges van het model gezien? Ken je die? Of doe je nu een voorspelling?
              1. Het is wel een beetje wat men extrapoleren noemt.
                -Een model wordt opgesteld aan de hand van metingen, die worden geïnterpreteerd en aan de hand daarvan worden er wetmatigheden opgesteld.
                -Het probleem wat zich kan voordoen is dat er wetmatigheden kunnen zijn die zo klein waren dat men ze over de kop heeft gezien of zelfs binnen het meetgebied helemaal niet optreden. Maar elders wel zwaarwegend kunnen zijn.Bekend is de kogelbaanformule (in vacuüm) die aardig werkt en een parabool oplevert.
                Zou ook kunnen gelden voor het klimaat model op hele lange termijn.
                Het is echter geen parabool maar een ellips.Zo las ik dat er miljoenen jaren terug een ware explosie van de loofbomen heeft plaats gehad, zodat ze op de meeste plaatsen dominant zijn geworden, ze zou te wijten zijn aan een afname van de CO2 in de lucht.Het is dus mogelijk dat bij een toename van de CO2 op hele lange termijn de coniferen weer dominant worden en de loofbomen nagenoeg verdwijnen .
                Wat hiervan het effect zou zijn weet ik niet, maar als het effect heeft en men heeft het niet meegenomen dan gaat het model de mist in.                                                                                                                                                                                                                                       * Als de loofbomen bijna geheel zouden verdwijnen en vervangen zouden worden door coniferen lijkt me dat al een ware ecologische ramp op zich.PS.
                Niet dat het veel voor ons zou uitmaken, het gaat nu zo snel dat een catastrofe me min of meer onvermijdelijk lijkt.
                PPS.
                Kan best zijn dat het wel is meegenomen of op zijn minst is bekeken, het is geen directe kritiek op het model, maar als voorbeeld bedoeld.
              1. Verwachtingen van causale modellen (waaronder klimaat en weer modellen) zijn m.i. niet simpelweg statistische extrapolaties, maar veel nauwkeuriger en natuurlijk veel beter fysisch onderbouwt.

                1. Daar twijfel ik niet aan.
                  Maar het doet niets af aan mijn verhaal
                1. alle metingen waarop klimaatmodellen berusten zijn tussen een eeuw en diverse eeuwen geleden al gedaan. De betreffende natuurwetten zijn ook al zolang bekend.
                  Volgens mij verwar je één en ander met begin- en randvoorwaarden, waar de concentratie CO2 of het aarde-albedo voorbeelden van zijn. Dezen worden uiteraard wel zo goed mogelijk gemeten, maar zij veranderen niets aan het model zelf.
              1. De wetten wel, maar dat geldt niet voor de effecten in een gebied waar geen metingen gedaan zijn.Komt vaak voor hoor:
                Zo traden er op atomair.moluculair gebied ook effecten op die niet in het toen gebruikte model pasten er zijn nog een paar Nederlanders beroemd mee geworden.Persoonlijk lijkt me het erg onwaarschijnlijk (tot net niet onmogelijk) dat er zoiets in het klimaat model optreed.
          3. In dit specifieke geval doet Arrhenius niet terzake. In dit artikel gaat het over de productie van dimethylsulfide door fytoplankton, wat aangetast wordt door verzuring van de oceanen. Hier zit niet alleen CO2 in. Het gaat over de verspreiding van een organisme, de leefomgeving daarvan, de ontwikkeling daarvan, en een ander gas wat uit oceanen moet ontsnappen en de diffusiepatronen in de atmosfeer. Er zijn waarschijnlijk nog veel meer relaties en verbanden te bedenken. En dat is precies mijn punt: het is veel complexer dan “simpel” CO2 voorspellen of pH van de oceanen. Het gaat om modellen die dusdanig complex zijn, dat er niets te zeggen is over het jaar 2100: de error bars zijn dan dusdanig groot, dat het nonsens is. 

—-> (=  Het befaamde toevoegmodel is van stal gehaald.? ) —> dit soort wetenschap trekt een grauwsluier over de resultaten die op op gebied van klimaatbeheersing worden bereikt en maken de uitkomsten diffuus. 

  1. Nee hoor, de resultaten worden helemaal niet diffuus. Hoe denk jij dat wetenschap zich ontwikkelt? Precies zoals hier.
    Het probleem is niet dat de wetenschap diffuus is, maar dan de bevolking het niet snapt. Dat is logisch, want dat zijn geen wetenschappers. De vraag rijst dus of je dit soort berichten wel in het nieuws moet brengen. Totaal nutteloos: de journalist weet niet waar hij/zij het over heeft en de bevolking ook niet. 
  2. behalve dan diegenen die een beetje moeite doen en zich verdiepen in de materie.
  3. Daar tegenover staat natuurlijk weer dat een hele hoop mensen een beetje moeite doen en zich verdiepen in de zilverpapierenhoedjes versie van het verhaal. People Are Idiots, dat zul je toch altijd moeten  houden.

OVERBEVOLKING   en LUCHTVERVUILING   

De mens is de belangrijkste luchtvervuiler. De belangrijkste bronnen van luchtverontreiniging zijn de industrie, de landbouw, het verkeer en de energievoorziening. Bij verbranding van stoffen en bij een groot aantal processen ontstaan stoffen of komen stoffen vrij die de lucht kunnen vervuilen of in de lucht reageren tot vervuilende stoffen.

Onder grootschalige luchtverontreiniging vallen tevens de emissies van VOC en fijn stof. De belasting van het milieu met deze stoffen heeft nadelige effecten op ecosystemen, materialen en de volksgezondheid.

De landbouw is vooral verantwoordelijk voor de uitstoot van distikstofoxide door stikstofbinding van vlinderbloemige planten en door bodems die veel stikstof bevatten, daarnaast vindt er door het gebruik van kunstmest of dierlijke mest uitstoot plaats van ammoniak, distikstofoxide en methaan. Door het gebruik van allerlei bestrijdingsmiddelen zorgt de landbouw ook voor de uitstoot van giftige stoffen.

Omdat er in de industrie sprake is van een grote verscheidenheid aan processen, komen er ook een groot aantal verschillende afvalstoffen vrij. De industrie is verantwoordelijk voor de uitstoot van koolmonoxide, koolstofdioxide, zwaveldioxide, stikstofoxiden, fijn stof, VOC, methaan, distikstofoxide, radioactieve straling en ammoniak.

Bij de opwekking van energie komen er verschillende stoffen vrij zoals methaan (als gevolg van winning van gas en olie), zwaveldioxide, stikstofoxiden en koolstofdioxide (door de verbranding van kolen en gas voor de elektriciteitsproductie).

Het verkeer en vervoer is voor eenderde verantwoordelijk voor de uitstoot van broeikasgassen. Het verkeer en vervoer stoten vooral stoffen uit als koolstofdioxide, koolstofmonoxide, stikstofoxiden, vluchtige organische stoffen en fijn stof.

Ook consumenten dragen bij aan de luchtverontreiniging. In de eerste plaats door de producten die ze gebruiken en de luchtverontreiniging die hier aan gerelateerd is door de productie en het vervoer van deze producten. Daarnaast komen er bij het verwarmen van het huis of kantoor door middel van kachels of centrale verwarming, stoffen vrij als stikstofoxiden, koolstofdioxide, koolstofmonoxide en fijn stof.

VOC komen vrij bij het gebruik van verf, oplosmiddelen en cosmetica.

NH3 (ammoniak) wordt uitgescheiden door transpiratie, ademen, mest van huisdieren, het gebruik van schoonmaakmiddelen en het roken van sigaretten.
Read more: http://www.lenntech.nl/lucht-faq-luchtverontreiniging.htm#ixzz2dIBBHoCx

  1. Iedereen die denkt dat de mens geen invloed heeft op milieu en klimaat is niet goed bij zijn hoofd. De afgelopen 100 jaar is de aarde meer naar de tering gegaan dan in alle jaren daarvoor, en door wie? de mens met zijn industriele revolutie. Wie dat ontkent zijn de veroorzakers van de hele mens/natuur ellende.
    p.s ga voor de lol in Peking wonen, dan zie je wat luchtvervuiling is….
  2. …..  De problemen komen   ook  voort door de  aanwezigheid  van massa’s  mensen  en vooral hun produktie van  grote hoeveelheden broeikasgassen als resultaat van hun  groeiende  enegiebehoeften  …..
  3. Stoppen met groeien is de (veel geponeerde ) oplossing voor een hoop problemen op deze aardbol. ( maar hoe dat moet —>  is noch voldoende bekend noch  (politiek  en soms  ook religieus/demografisch   ) haalbaar /aanvaardbaar  ) :
  4. Co2 wat wij uit ademen valt natuurlijk  in het niet bij de co2 uitstoot van industriele ( en huis tuin en keuken ) verbranding en  toenemend  gebruik van fossiele brandstoffen in het  verkeer .. 
    1. Wat opwarming betreft is natuurlijk dioxide ( =immers  een broeikasgas / Monoxide is  vooral  een toxisch gas http://nl.wikipedia.org/wiki/Koolstofmonoxidevergiftiging  /  )  de grootste boosdoener. Maar geen zorgen; als de methaanreserves in zeebodem en permafrost loslaten kunnen we de CO2 gevoeglijk vergeten, want dan komen we zonder ook wel aan een extra 20 graden. Als het niet meer is.

    .voordat wij moeten stoppen met ademen lijkt het mij verstandiger eerst eens te kijken naar ons productieproces en onze energiebehoeften …

    1. CO2 die wij in en uit ademen behoort tot de kringloop. —-> CO2 wat vastligt onder de bodem (aardolie/aardgas velden) of in het hout van bodem zit niet in de kringloop en dat komt  NU  door toedoen van de mens en zijn energiehonger   extra in de kringloop. 
    2. De aarde is gewoon niet gemaakt voor zoveel mensen en dieren ( bioindustrie). Zo simpel is het! We kunnen alles schoner en milieu vriendelijker maken. Maar als er een overschot aan mensen is zal et altijd teveel uitstoot zijn omdat iedereen aan al hun behoeftes zal  willen voldoen(‘inclusief een menswaardig= duur , bstaan )   . Zoiets als schone energie voor de gehele populatie is een utopie. 

OPWARMING

KLimaatopwarming ?  Merk ik niets van 

http://data.giss.nasa.gov/gistemp/

  1. dat de aarde een stationair klimaat heeft wat al vijf miljard jaar hetzelfde is? Natuurlijk bestaat klimaatverandering wel.
  2. Maar we   mogen best wel eens stoppen met de natuur te verpesten, en aangezien groene initiatieven in  een belachelijk rap tempo verbeteringen brengen (ozongat , zure regen door getroffen maatregelen )   is het alleen maar logisch hier mee door te gaan.
  1. Alles  is niet  vanzelfsprekend en volgens de simpele logica  van jan met de pet  …. Vootal hier in het westen leeft men in   een wereld zonder echte zorgen. Iets als klimaatverandering is dan   ook hier  ( en lokaal )  erg moeilijk te bevatten. Maar  het gebeurt echt, of het nu door de mens komt of door moeder natuur het staat te gebeuren. En dat het hier van de winter koud was en het voorjaar  niet alles was, heeft er niks mee te maken. De noordpool smelt, de gletsjers smelten en dat zijn feiten. 
  2. opwarming van de aarde wil niet zeggen dat het overal op de aarde warmer wordt.Slechts de gemiddelden gaan omhoog, maar dat wil niet zeggen dat ieder gebied met een gelijke temperatuurstijging te maken krijgt… 
  3. de halve graad toename die we tot nu toe hebben gemeten kan op korte termijn al leiden tot een significante toename in het aantal tropische stormen, met jaarlijks miljarden extra schade en honderden extra dodelijke slachtoffers.          http://www.nrc.nl/nieuws/2013/01/30/fed-krimp-am …                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                 Ga hier maar roepen van ‘rustig slapen’: http://www.wunderground.com/blog/JeffMasters/unp …  Of hier: http://www.scmp.com/news/china/article/1290704/e …Hangzhou had tot dit jaar tweemaal ooit 40+ gemeten. Dit jaar al elf keer. Zoek jij even uit of het weerstation verplaatst is? 100.000 doden ongeveer, trouwens, bij zo’n grapje.  https://www.google.nl/?gws_rd=cr&ei=aDwbUq-9 …U blijft slapen als er geëvacueerd moet worden (ja, die branden worden steeds erger – en het bos groet NIET meer terug).                                                                                                                                                  Maar dit zijn mss de grootste branden aller menselijke tijden: http://earthobservatory.nasa.gov/IOTD/view.php?i ….                    Er is dit jaar nog heel wat meer gebeurd of gaande…….Er zijn afgelopen jaren nóg heel wat meer dingen gebeurd, natuurlijk. Gelukkig wordt elk jaar erger, snel erger. Natuurlijk komen wij ook wel een keer aan de beurt. Voorlopig zijn in Nederland alleen de lente en herfst helemaal uit de hand gelopen (tweemaal elk, zelfs), en winter 2007, en juli 2006 – dat valt allemaal nog niet zo op. Het schijnt zelfs niemand nog op te vallen dat we alweer de twaalfde warme zomer van deze jonge eeuw achter de rug hebben 
  1. Klimaat is complex, ja. Maar je weet dat als je er een forcing (koelend of opwarmend) aan toevoegt, het hele klimaatsysteem afkoelt of opwarmt. =  Basisnatuurkunde. —> Trends die daaruit volgen zijn te berekenen. Natuurlijke variabiliteit valt veel lastiger.
  2. één concrete waarheid  :   CO2 is een broeikasgas, meer van dat spul in de lucht  maakt het warmer en  is een trigger  door feedback mechanismen …. in de wetenschap wordt  hierover niet gediscusieerd. Al heel lang niet bovendien. Het opmerkelijke is dat dit zich nog niet weerspiegelt in veel msm of in  de politiek, waar de discussie nog hevig woedt. Hoe zou dat toch komen?

Micro-organisme consumeert anti-broeikasgas

6 december 2000 | |

NWO-onderzoekers van de Katholieke Universiteit Nijmegen hebben in 2000  een micro-organisme ontdekt dat het antibroeikasgas dimethylsulfide omzet in het sterke broeikasgas methaan. Deze bacterie heeft gezelschap van een bacterie die dimethulsulfide maakt.

Voor het eerst zijn er methaanvormende minibacterieën, de zogenaamde archaea, ontdekt in gebieden met zoetwater. De onderzoekers verzamelden modder kwam uit sloten, meertjes en vennen van gebieden als de Peel, de Weerribben bij Giethoorn, de Loosdrechtse plassen en de omgeving van Nijmegen. In het laboratorium bleek dat in elk monster de minibacterie aanwezig was. Het organisme kreeg de naam Methanomethylovorans hollandica.

http://en.wikipedia.org/wiki/Methanomethylovorans

Fig. 3.

Electron micrographs of cell clusters in a late-logarithmic-phase culture of Methanomethylovorans hollandica DMS1T grown on methanol. (A) Scanning electron micrograph clearly showing large aggregates of cell clusters consisting of two to four irregular coccoid cells. (B) Transmission electron micrograph of a freeze-etched sample. Bar, 1 μm.

http://aem.asm.org/content/65/8/3641.full

De methaanvormende archaeabacterie komt vooral voor in kubusvormige groepjes van acht cellen.

Tot nu toe mislukte de isolatie van deze methaanbacteriën omdat ze zichzelf in het laboratorium vergiftigen. In de natuur spoelen de afvalstoffen snel weg in het milieu, maar in het laboratorium hopen de giftige zwavelverbindingen zich op. De microbiologen bliezen nu continu verse gassen door de opstelling en voorkwamen zo dat de bacterie zich te gronde richtte.

Opmerkelijk is dat dit organisme voorkomt in de modder van gebieden met zoetwater. Andere dimethylsulfide-afbrekende archaea leven in zilte sedimenten.
Waarschijnlijk komt de nieuw gevonden archaea ook elders op de wereld in zoetwatergebieden voor. Onderzoekers in Tanzania en Rusland hebben reeds contact opgenomen met de Nederlandse micro-biologen, omdat ze vermoeden dat zij dezelfde soort hebben geïsoleerd. De wetenschappers ontdekten ook nog een bacterie die juist dimethylsulfide produceert. Deze bacterie zet het naar rotte eieren ruikend waterstofsulfide om in dimethylsulfide.
Het Nijmeegse onderzoek, gefinancierd door NWO Aard- en Levenswetenschappen, was gericht op de achterliggende processen van de productie en afbraak van dimethylsulfide.
Dit zwavelgas speelt een belangrijke rol in de mondiale zwavelcyclus.
Dimethylsulfide vermindert het broeikaseffect, maar zorgt ook voor zure regen en stankoverlast.
Inzicht in het evenwicht tussen de productie en de afbraak van het antibroeikasgas en vooral ook de verstoring ervan is belangrijk nu regeringen en industrieën overwegen de bufferende werking van natuurlijke gebieden te gebruiken om hoge  uitstoot van broeikasgassen te rechtvaardigen.Erick Vermeulen

Klimaatverandering bedreigt cruciale algen

UXBRIDGE, Canada
9 mei 2012

Als het gebruik van fossiele brandstoffen niet aanzienlijk beperkt wordt, bestaat de kans dat het zonlicht  een onbekend aantal soorten fytoplankton uitroeit. Dat blijkt uit een deze week gepubliceerde studie in Nature Climate Change.

Mediaviewer

Diatomen onder de microscoop. Volgens onderzoek vertraagt de groei van dit type fytoplankton onder invloed van zuur zeewater (een gevolg van de opname van CO2 door de oceanen) en sterk licht.

Fytoplankton, ook bekend als zeealg, is niet alleen een vitaal component in de voedselketen van de oceaan, de algen genereren ook de helft van alle zuurstof die we inademen.

In de nabije toekomst zal zonlicht, de bron van leven voor fytoplankton, waarschijnlijk dodelijk worden vanwege de toenemende verzuring van de oceaan, stellen onderzoekers uit China en Duitsland. “Er bestaat een synergetisch effect tussen toegenomen verzuring van de oceaan en natuurlijk licht”, zegt Ulf Riebesell van het Helmholtz Centrum voor Oceaanonderzoek in Kiel in Duitsland.

Riesebell sluit overigens niet uit dat fytoplankton in staat is zich aan te passen aan de veranderende omstandigheden.

De onderzoekers waren verrast door de bevinding dat diatomen (kiezelzeewieren), een van de belangrijkste en meest voorkomende typen fytoplankton, het erg slecht deden tijdens scheepsexperimenten door co-auteur Kunshan Gao van het Staatslaboratorium voor Milieu-Zeeonderzoek van de Xiamen Universiteit in Xiamen in China.

Bij eerdere experimenten in laboratoria ontdekte Riesebell dat diatomen het juist beter deden in zuur zeewater dan soortgelijke typen plankton. De verbranding van fossiele brandstoffen heeft  de oceanen ongeveer 30 procent zuurder gemaakt, ontdekten wetenschappers minder dan tien jaar geleden. De oceanen absorberen  een derde van de koolstofdioxide (CO2) die wordt uitgestoten bij het gebruik van fossiele brandstoffen.

Zonlicht

Het goede nieuws is dat dit de opwarming van de aarde vertraagd heeft. Het slechte nieuws is dat de oceanen nu zuurder zijn en dat dat nog erger wordt als er meer CO2 wordt uitgestoten.

Gao en zijn team maakten verschillende reizen naar de Zuid-Chinese Zee. Daar namen ze monsters van oppervlaktewater met fytoplankton. Nog op het onderzoeksschip werden die monsters even zuur gemaakt als de oceaan naar verwachting zal zijn in 2100 als de emissie van broeikasgassen niet wordt teruggedrongen.

Zoals verwacht konden sommige typen plankton zoals coccolithoforen slecht tegen het zure water. Maar anders dan verwacht nam ook de groei van de diatomen af. Een van de mogelijk oorzaken is volgens de wetenschappers het veel fellere daglicht op het schip in vergelijking met laboratiumlicht. Bij vervolgexperimenten in laboratoria, waarbij de sterkte van zonlicht in de subtropische regio van de Zuid-Chinese Zee werd geïmiteerd, bleek eveneens dat de diatomen de combinatie van verzuring en licht niet aankonden.

Riebesell vermoedt dat de diatomen die blootgesteld worden aan de stress van sterke verzuring, niet tegelijkertijd de energie kunnen verwerken die ze van zonlicht krijgen.

De studie van Riesebell en Gao is een van de vele recente studies waarin negatieve gevolgen voor het zeeleven worden gerapporteerd door verzuring van de oceanen.

© Hier.nu

zee-egel en verzuring

Uitwerpselen vissen maken oceanen minder zuur

De harde stukjes kalk die de meeste vissen uitscheiden, houden het oceaanwater basisch en leefbaar voor koraal.

Als plankton sterft, zinken de diertjes naar de bodem en lossen hun microscopische kalkskeletjes op in het diepe oceaanwater, waardoor het zeewater minder zuur wordt (meer basisch). Toch is het water dichtbij het oceaanoppervlak doorgaans minder zuur dan op grotere diepte. Tot nu wisten oceanologen geen raad met die tegenstrijdigheid, maar een groep Amerikaanse, Canadese en Britse wetenschappers schrijft in Science (16 januari) dat ze het zuurgraadraadsel heeft opgelost: de meeste vissen scheiden kalk uit in de vorm van calciumcarbonaat. Zo zou tussen 3 en 15 procent van het calciumcarbonaat in zee – en mogelijk veel meer – afkomstig zijn van vissen.

Calciumcarbonaat is een witte kalkachtige stof die een belangrijke schakel vormt in de koolstofcyclus in de oceanen. Doordat het na oplossing in water negatief geladen ionen vrijstelt, maakt het de omgeving meer basisch (een hogere pH-waarde). Oceaanwater met een licht basisch karakter – rond een pH van 8 – is levensnoodzakelijk voor kwetsbare mariene ecosystemen zoals koraalriffen, en bepaalt mee de opname en buffering van koolstofdioxide uit de atmosfeer. Oceanologen gingen er altijd van uit dat microscopische planktondeeltjes de hoofdrol speelden bij het handhaven van het evenwicht tussen zuur en base in de oceanen. Het nieuwe onderzoek ontkent niet de belangrijke rol van plankton, maar zet een andere grote dierlijke bron in het voetlicht: vissen. Alle beenvisachtigen – 90 procent van alle vissoorten – krijgen tijdens het drinken voortdurend calcium binnen, en scheiden dit uit in de vorm van calciumcarbonaat.

Dat vissen minieme hoeveelheden kalk aanmaken en uitscheiden, werd al eerder vermoed. Maar dat ze dit massal doen, is nieuw. De onderzoekers keken onder meer bij de bot (Platichthys flesus) hoe de vis tijdens het drinken – zoutwatervissen doen dit constant tegen uitdroging – calcium binnenkrijgt, dit in zijn ingewanden verzamelt waar het reageert met carbonaationen en waarna het in de vorm van harde stukjes kalk wordt uitgescheiden. Daarop maakten onderzoekers een schatting van de totale hoeveelheid vis in alle oceanen, tussen 812 en 2.050 miljoen ton, en kwamen zo uit op een jaarlijks door vissen geproduceerde hoeveelheid calciumcarbonaat van 110 miljoen ton. Dat komt overeen met een aandeel tussen 3 en 15 procent van de totale hoeveelheid marien calciumcarbonaat. Door hun voorzichtige schatting vermoeden de onderzoekers dat het werkelijke aandeel van vissen in de kalkproductie nog hoger ligt, tot drie keer zoveel.

Met de klimaatopwarming zal de temperatuur van het oceaanwater stijgen, en ook de concentratie koolstofdioxide en koolzuur in de oceanen (waardoor het water meer zuur wordt). Maar de vissen vormen mogelijk een buffermechanisme, want warmer zeewater versnelt de stofwisseling bij vissen. En meer koolstofdioxide in de bloedbaan stimuleert de aanmaak van carbonaationen in de visingewanden. (sst)

Zeeën zijn er slechter aan toe dan gedacht

20 juni 2011
LONDEN – Het gaat veel slechter met de oceanen dan tot nog toe werd gedacht. De kans dat op korte termijn veel in zee levende dier- en plantensoorten gaan uitsterven is zeer groot.

Dat blijkt uit onderzoek van het IPSO, een Britse organisatie van wetenschappers en experts.

Volgens het rapport, waar de BBC over schrijft, is het in de geschiedenis van de mens niet eerder voorgekomen dat zo veel soorten op het punt van uitsterven staan

De problemen worden onder meer veroorzaakt door klimaatverandering, overbevissing, vervuiling en verzuring van de oceanen.

Coral reefs are subject to “multiple stressors” that could destroy many within a human generation

Schokkend

”Onze bevindingen zijn schokkend”, aldus Alex Ross, wetenschappelijk directeur van het IPSO. ”De veranderingen gaan sneller dan we hadden gedacht, en op manieren die we de komende honderden jaren niet hadden verwacht te zien.”

Het panel van wetenschappers maakt zich vooral zorgen over de verzuring en vervuiling van de zee. Giftige stoffen hechten zich op het oppervlak van zeer kleine stukjes plastic, die op de zeebodem terechtkomen en worden opgegeten door vissen. Deze schadelijke stoffen komen op die manier weer in de voedselketen terecht.

Vijf keer eerder is er op de aarde sprake geweest van massale periodes van uitsterving, onder meer veroorzaakt door de inslag van een asteroïde. De mensheid zou volgens speculaties een zesde golf van uitsterving veroorzaken.

Volgens het IPSO is het echter nog niet te bewijzen, maar lijkt er wel sprake te zijn van een trend die op de komst van zo’n periode wijst.

Ross stelt dat de veranderingen ongekend snel gaan.

,,We hebben nog steeds veel biodiversiteit in de wereld, maar de huidige snelheid waarmee soorten verdwijnen is veel hoger dan in periodes in het verleden.”

http://www.nu.nl/wetenschap/2715964/toename-co2-in-zeewater-hindert-vissen.html
Toename CO2 in zeewater hindert vissen
16 januari 2012

Een toename van het broeikasgas koolstofdioxide (CO2) in zee kan erg slecht zijn voor de hersenen en het centraal zenuwstelsel van vissen.
De effecten kunnen zo ernstig zijn, dat de dieren moeite hebben om te overleven.
Dat schrijven Australische onderzoekers in het wetenschappelijke tijdschrift Nature Climate Change na testen met vissen die rond koraalriffen leven.

De concentraties CO2 die naar verwachting aan het eind van deze eeuw in de oceaan zitten, kunnen ervoor zorgen dat vissen minder goed horen, ruiken en draaien.

Prooi
Daardoor worden ze een makkelijkere prooi voor grotere roofdieren, die ook wel last hebben van de CO2 maar aanzienlijk minder dan de kleine vissen.
De jonge vissen bleken tijdens de testen in water met veel CO2 niet goed te zijn in het ruiken van roofdieren. Ook pikten de vissen het geluid van het rif niet goed op, waardoor ze moeite hadden zich te oriënteren.
Instinct
Tevens werd het natuurlijke instinct om links of rechtsaf te gaan beperkt, wat het lastiger maakt om in scholen te zwemmen.
”Al deze aanwijzingen deden ons vermoeden dat het niet ging om schade aan de zintuigen, maar dat de hoge concentratie CO2 van invloed was op het gehele centraal zenuwstelsel”, aldus professor Phillip Munday.

Volgens Munday wordt elk jaar 2,3 miljard ton door mensen uitgestoten CO2 opgenomen door de zeeën.
Daardoor krijgt het water een andere chemische samenstelling, wat van invloed is op vissen en andere zeedieren.

Opmerking :

Hoe partiele dampdruk en oplossing van CO2 in oceaanwater werkt en wat dit doet met het aantal vrije waterstof ionen, de pH waarde enz. ?

Het is complexe chemie,
maar gebrek aan specifieke kennis kan nog al vlug tot verkeerde conclusies leiden
(bijvoorbeeld );

……hoe je het vreemd gaat vinden dat in een deel van de rapporten over CO2 en de opwarming van de aarde juist wordt gesteld dat er door warmer water minder CO2 in het water komt en/of wordt vastgehouden (1).

Eén van de dingen waar je(bijvoorbeeld ) rekening moet mee houden is de partiele dampdruk en het feit dat wij enorm veel extra CO2 in de lucht hebben gebracht zonder (!) de oceanen veel op te warmen.

Wat de nationale wetenschappelijke academies van over de hele wereld van dit alles vinden:
http://www.interacademies.net/10878/13951.aspx

Lees hier meer over die specifieke chemie:
( geschreven door professionals in oceaan chemie.)
http://www.skepticalscience.com/Mackie_OA_not_O
http://www.skepticalscience.com/Mackie_OA_not_O

En een algemeen overzicht:
http://www.skepticalscience.com/ocean-acidifica
en ook nog
http://nl.wikipedia.org/wiki/Wet_van_Henry

(1)

De toename van opgeloste Co2 in de oceaan( in vergelijking met vroegere waarden ) is wel degelijk een feit –> het zorgt voor toenemende verzuring …… de effecten hiervan zijn al duidelijk zichtbaar in schaaldieren ( wat eigenlijk fungeert als het vroegere legendarische kanatiepietje in koolmijnen ) en heeft bijvoorbeeld ook de amerikaanse oester industrie er al volop mee te maken:( zie hierboven ook de penibele vooruitzichten in de mosselkweek en de stervende en blekende koralen )
http://www.alaskajournal.com/Alaska-Journal-of-Commerce/AJOC-December-25-2011/West-Coast-shellfish-farms-impacted-by-ocean-acidification/

1) Sinds ca 1850 is de concentratie CO2 in de atmosfeer met ca 40% toegenomen van 280 naar 390 ppm. Daarbij is de oceaan SST bijna 1 graad gestegen. Die kleine stijging in SST’s kan nooit de grote CO2 stijging tot gevolg hebben. De historie van de aarde toont dat ruimschoots aan (bijv. ijskernboringen i.c.m. komen en gaan van ijstijden).

2) Isotopen verhoudingen verraden dat de toenamen van CO2 in de atmosfeer van fossiele aard is en dus niet uit de oceanen kan komen.

3) Het zuurstofgehalte is afgenomen evenredig met de toename van CO2 wat een sterke aanwijzing is dat de toename van CO2 door verbranding van koolstof komt en niet door uitgassing van de oceanen.

4) De boekhouding (IEA) van de verbranding van fossiele brandstoffen maakt duidelijk dat er twee keer zoveel fossiele koolstof zijn verbrand dan is toegenomen in de atmosfeer. Die andere helft moet dus opgenomen zijn door planten en de oceanen.

En voilá, de oceanen verzuren meetbaar door opname van de waargenmen toegenomen partiele CO2 dampdruk in de atmosfeer. Het verhaal klopt als een bus.
“Toename en afname van CO2 in de atmosfeer en in het water is iets van alle tijden.”


-Maar Industrialisatie echter niet.
Wat zou er gebeuren bij het verbranden van fossiele brandstoffen gebeurt?
Dat dat om de een of andere magische reden niet tot een CO2 toename leidt?

* Kakel maar rustig verder over deze gedane zaken ( the point of no return is volgens sommigen(pessimisten ? ) allang overschreden ) …. en wat betreft voedsdelvoorraden , reserves en buffercapaciteiten van de mariene biosfeer : er zit gewoonweg nauwelijks nog vis in de wereldzeeen :Voortplanten is meer een kwestie van bloot geluk aan het worden, zo weinig zit er nog!

Vragen over de oorzaken van de huidige kritieke aangroei van Co2 zijn allen al beantwoord De overlast ,___ de druppel die de zaak doet omslaan ____ (en de mogelijke klimaat en biosfeer collaps ) komt door de mens , zondermeer ….

 

°

http://www.nu.nl/wetenschap/3896008/oceaanopwarming-blijkt-lange-tijd-onderschat.html

Oceaanopwarming blijkt lange tijd onderschat

Oceaanopwarming blijkt lange tijd onderschat

Nieuwe satellietmetingen laten zien dat de bovenste laag van de oceanen veel sterker is opgewarmd dan tot nu toe werd gedacht, terwijl de diepere lagen juist nauwelijks in temperatuur zijn gestegen.

Dit zou erop wijzen dat het klimaatsysteem gevoeliger is voor koolstofdioxide dan tot nu toe verondersteld. (1)

Dat melden klimaatwetenschappers van onder meer de NASA in twee verschillende artikelen het tijdschrift Nature Climate Change.(4)

De afgelopen decennia is negentig procent van de door de mensen geproduceerde warmte door de oceanen geabsorbeerd.

Dit heeft ervoor gezorgd dat de luchttemperatuur relatief stabiel is gebleven, maar warm water heeft een groter volume en doet zee-ijs sneller smelten.

In de nieuwe studies combineerden de onderzoeksteams satellietbeelden, zeespiegelmetingen, temperatuurbepalingen en resultaten van klimaatmodellen.

Niet betrouwbaar

Eerdere bepalingen van de opwarmingssnelheid van de bovenste 700 meter van de oceanen blijkt 24 tot 55 procent te laag geweest, waarschijnlijk door een tekort aan metingen van het zuidelijk halfrond.

De onderzoekers voegen toe dat ook hun metingen nog niet erg exact en betrouwbaar zijn. (2)

Op basis van deze metingen lijkt het erop dat de oceanen meer warmte hebben opgenomen dan gedacht. Dat zou erop duiden dat de CO2-uitstoot meer invloed heeft dan tot nu toe is aangenomen.

In de diepzee, blijkt uit metingen van het andere team, heeft nog maar weinig opwarming plaatsgevonden.(3)

Toekomstige metingen aan beide delen van de oceaan moeten duidelijk maken hoe precies de oceanen invloed uitoefenen op de opwarming en of dit effect blijvend of tijdelijk is.

Door: NU.nl/Jop de Vrieze

REACTIES 

August 2014 record high land and ocean temperature;
http://arctic-news.blogspot.co.nz/

 

  • (1)….. Warmere  oppervlakte oceanen….. het basisrecept voor orkanen en grote stormen.

 

  • Fukushima speelt  ook een rol in de negatieve zin, het voortdurend dumpen van radio actieve stoffen zal aan het oppervlak van de oceaan de temperatuur verhogen en daarmee de energie van typhoons.                                                                                                                                                          

….. CO2 is niet de enige boosdoener, maar wel de belangrijkste(tot nu toe ) .

Dat CO2 van invloed is op het klimaat ? ….jazeker. Eén van de eigenschappen van CO2 is dat het warmte vasthoudt. En dat is al vrij lang bekend. Alleen al daarom  is  het toch niet raar dat door toename van CO2  ook  de wereldwijde temperatuur stijgt? Veel CO2 zit opgesloten in ijs bij de poolkappen, welke nu ook smelten en er daarom een exponentiële toename van CO2 plaatsvind de komende 100 jaar

“CO2 kán helemaal geen warmte vasthouden.”Het is een natuurkundig feit dat CO2 zelfs  warmte reflecteert.

°

……” ….Co2 levert zeker niet de GROOTSTE   bijdrage aan dat soort opwarming. Water damp is de grootste boosdoener. Als je wel eens in een sauna bent geweest dan heb je dat wel gemerkt. …”

Nee waterdamp is niet de boosdoener, dat is CO2 wat enorm in concentratie is gestegen. Waterdamp is  immers  geen TRIGGER , zit er teveel in de lucht dan regent het, zit er te weinig in dan treedt er verdamping op. Maar waterdamp is wel een zeer belangrijk feedback mechanisme.
Is het eenmaal warm dan kan er meer verdampen, wat zeer wel kan leiden tot nog meer opwarming (het is immers een broeikas gas). Het is met name CO2 en andere niet condenseerbare gassen die de belangrijkste schakels zijn   die het aardse broeikas effect in stand houden.
http://www.sciencemag.org/content/330/6002/356.a …

“Waterdamp is  echter wel  het  grootste broeikas gas maar de computer modellen rekenen daar niet mee omdat het te complex is.”

Lees voer:
https://nl.wikipedia.org/wiki/Broeikasgas

http://nl.wikipedia.org/wiki/Broeikaseffect
en
http://www.trouw.nl/tr/nl/4332/Groen/article/det …

Het grootste? Wat bedoel je daar mee? In termen  van bijdrage aan het broeikas effect heb je daarin gelijk. Maar waar het nu om draait is het VERSTERKTE broeikas effect. Daarin is CO2 de leider. Waterdamp is geen trigger,

CO2 is nodig om warmte  op deze planeet vast te houden, zonder zou het hier alles behalve aangenaam zijn…… in de millennia is er CO2 in gesteente en ijs gaan zitten,…….door onze industrie is het CO2 gestegen, en wordt er meer warmte vastgehouden. Daardoor smelt het ijs waardoor het vastgehouden CO2 ( en methaan ) vrijkomt. Waardoor het weer warmer wordt, een sneeuwbaleffect .

 

  • (2) =  ……dat er sprake is van opwarming wordt niet betwijfeld. Maar hoeveel precies, en waar precies, daar is nog een zekere onzekerheidsmarge.
  • (3)  ….Nu de diepzee juist weer niet?
    En dat was nu net de verklaring waarom de temperatuur al 10 jaar niet stijgt.
    Alle warmte zou juist diep in de oceanen worden opgeslagen 

(antwoorden )

—> het gaat wel om “weinig ” opwarming  en   niet over  GEEN diepzee opwarming  of  ” geen warmteopslag “

—> En ….. .dit onderzoek geeft wel weer een andere plek voor dat missende warmte-verschil  : namelijk het oppervlaktewater.
Iemand zei het hierboven al  ; warm oppervlaktewater is de kraamkamer van hevige orkanen, dus orkaan gevoelige gebieden kunnen hun borst nat maken. 

  • (4)”Het lijkt ook erg onwaarschijnlijk dat een verhoging van 0,035% naar 0,04% zo’n drastische invloed op klimaat en temperatuur zou hebben. “

—-> (antwoord )

° Dat is  echter  een toename van zo’n 15%. Dat lijkt mij dan weer een behoorlijk significant verschil. Waarom zou het onwaarschijnlijk is dat het zo’n invloed heeft?

° Let op. De  globale  temperatuur  verhoging is van 0,028% (pre-industrieel) naar 0,04% nu. En  dat met een  toename van meer dan 40% van het belangrijkste broeikasgas.

° Waarom zou dat onwaarschijnlijk zijn? Je zou eens het verschil moeten weten tussen een concentratie ozon 0.00006% (de huidige concentratie) en 0%.

“de invloed van de   zonne activiteit van de laatste jaren   ”

 

De data laten  zien dat zonneactiviteit vooral de laatste 15 jaar sterk achterblijft bij opwarming.

http://www.nu.nl/algemeen/1943183/zon-was-in-bijna-100-jaar-niet-zo-inactief.html

 

°

Voor de grote verschillen in temperatuur in het verleden zijn  prima verklaringen.

Het is voorts een belachelijke stelling dat alles in het verleden verklaard moet zijn voordat we kunnen concluderen dat CO2 thans de belangrijkste factor is.

 

 

°

EKONOMIE   ….
Zorgwekkend is ook de invloed die opwarming op de economie zal hebben. Denk aan schade aan kustgebieden, verzilting van landbouwgronden en zoetwaterbronnen, enzovoort.

LINKS 

http://www.physorg.com/news/2012-01-carbon-dioxide-affecting-fish-brains.html

http://cdn.physorg.com/newman/gfx/news/2012/co2emissions.jpg

In this photo, released by The Nature Conservancy, fish are seen swimming over coral in Indonesia’s Wakatobi archipelago. Rising human carbon dioxide emissions may be affecting the brains and central nervous systems of sea fish, with serious consequences for their survival, according to new research.

 

 

Clownfish (Amphiprion percula)
Rising human carbon dioxide emissions may be affecting the brains and central nervous system of sea fishes. (Credit: Image courtesy of ARC Centre of Excellence in Coral Reef Studies) http://www.coralcoe.org.au/

Predicted future CO2 levels have been found to alter sensory responses and behaviour of marine fishes. Changes include increased boldness and activity, loss of behavioural lateralization, altered auditory preferences and impaired olfactory function1, 2, 3, 4, 5. Impaired olfactory function makes larval fish attracted to odours they normally avoid, including ones from predators and unfavourable habitats1, 3. These behavioural alterations have significant effects on mortality that may have far-reaching implications for population replenishment, community structure and ecosystem function2, 6. However, the underlying mechanism linking high CO2 to these diverse responses has been unknown. Here we show that abnormal olfactory preferences and loss of behavioural lateralization exhibited by two species of larval coral reef fish exposed to high CO2 can be rapidly and effectively reversed by treatment with an antagonist of the GABA-A receptor. GABA-A is a major neurotransmitter receptor in the vertebrate brain. Thus, our results indicate that high CO2 interferes with neurotransmitter function, a hitherto unrecognized threat to marine populations and ecosystems. Given the ubiquity and conserved function of GABA-A receptors, we predict that rising CO2 levels could cause sensory and behavioural impairment in a wide range of marine species, especially those that tightly control their acid–base balance through regulatory changes in HCO3 and Cl levels.

Regenwoud neemt steeds meer CO2 op

19 februari 2009

– Afrikaans tropisch regenwoud is een belangrijk ‘afvoerputje’ voor CO2 in de atmosfeer. Dat schrijven onder andere Nederlandse wetenschappers in Nature.

De onderzoekers laten zien dat tropische regenwouden wereldwijd jaarlijks 4,8 miljard ton CO2 absorberen. De Afrikaanse tropische bossen blijken daarvan 1,2 miljard ton op te slaan.

Wereldwijd absorberen tropische regenwouden eenvijfde van de totale CO2 uitstoot, veroorzaakt door het gebruik van fossiele brandstoffen. Ongeveer eenderde van al het tropisch regenwoud groeit in Afrika.

Jan Reitsma van ecologisch adviesinstituut Bureau Waardenburg werkte mee aan het onderzoek. ‘We wisten al dat bijvoorbeeld het Amazonegebied erg belangrijk is voor de opslag van CO2. Maar dit is de eerste keer dat we langdurig keken naar de Afrikaanse bosse’n’, zegt hij.

Het onderzoek liep veertig jaar. Reitsma: ‘We labelden de bomen en bepaalden om de zoveel tijd de biomassa door de lengte, diameter en dichtheid van het hout op te nemen. Hieruit leidden we af hoeveel koolstof een boom opnam in die periode.’

In de loop van de jaren groeiden de bomen in de Afrikaanse regenwouden steeds sneller: ze namen dus ook meer koolstof op. In 2007 absorbeerden de bomen gemiddeld 0,63 ton meer koolstof per hectare per jaar dan in 1968. Dezelfde toename is te zien in het Amazonewoud.

De wetenschappers speculeren dat de hogere absorptie te maken heeft met de toegenomen concentratie CO2 in de lucht, deze werkt als ‘mest’.

http://www.volkskrant.nl/wetenschap/article1151448.ece/Afrikaans_woud_neemt_steeds_meer_CO2_op

Afsterven Amazonewoud door droogte veroorzaakt enorme uitstoot

6 maart 2009

De uitzonderlijke droogte in de Amazone in 2005 (1) heeft gezorgd voor een CO2-uitstoot die hoger was dan de jaarlijkse emissies van Europa en Japan, zo meldt Science gisteren.

Het gekoppelde rapport, van een internationale onderzoeksgroep, zegt dat verdrogende regenwouden in Azië, Afrika en Zuid-Amerika klimaatverandering kunnen versnellen, omdat de hoeveelheid levende biomassa achteruit gaat en ook organische bodems sneller oxideren, waarbij eveneens CO2 vrijkomt.

“En met name het regenwoud van de Amazone blijkt verrassend gevoelig voor droogten”, zegt Oliver Philips, een professor in de tropische ecologie aan de Universiteit van Leeds en hoofd van de groep van 68 onderzoekers.

Regencyclus

Het jaar 2005 was wereldwijd uitzonderlijk warm, waardoor verdamping toenam en lucht meer vocht kon bevatten alvorens uit te regenen. In grote delen van het Amazoneregenwoud werd hierdoor de regencyclus verstoord. In plaats van dagelijkse neerslag, waar het ecosysteem op is ingesteld, bleef de regen maanden uit.

“Het totale effect was een extra vijf miljard ton CO2 in de atmosfeer. Dat is meer dan de jaarlijkse uitstoot van Europa en Japan tezamen”, vat Philips de onderzoeksresultaten samen, die zijn gepubliceerd in wetenschapsblad Science.

Koolstofreservoir
“Wanneer de wereldwijde temperatuurstijging de 3 graden passeert zou zelfs het gehele Amazoneregenwoud kunnen verdwijnen”, zo stelt een andere onderzoeksgroep, onder leiding van Hans Joachim Schellnhuber, een klimaatexpert van het Potsdam Instituut voor Klimaatonderzoek. Ook het IPCC voorziet een overgang naar een savannelandschap.

De Amazone is een van ’s werelds grootste natuurlijke koolstofreservoirs, met een van de hoogste concentraties biodiversiteit. Eén vierkante kilometer regenwoud kan er tot 75.000 verschillende boomsoorten bevatten.

© Hier.nu

(1)

Grote schepen navigeren normaal door de rivieren. Maar de rivieren zijn nu stroompjes. Vitale goederen en brandstoffen moeten nu duizenden kilometers ver met vrachtwagen worden gebracht. De dorpen in het Amazonegebied die alleen per boot zijn te bereiken, hebben het moeilijk.

10 november 2005

http://www.greenpeace.nl/news/de-amazone-verdroogt

‘IJskappen groeien door afname CO2’

15 september 2009

Een groep wetenschappers die in Afrika onderzoek deden naar rotsformaties hebben een krachtig verband gevonden tussen de CO2-concentratie en de hoeveelheid ijs rond de Zuidpool.

IJskappen smelten niet alleen door een toename van CO2, ze groeien ook bij een afname.

Het verband tussen stijging van de CO2-niveaus en het smelten van ijskappen op het noordelijk en zuidelijk halfrond is veelvuldig aangetoond, onder andere met moderne satellieten die het oppervlak en de dikte van ijskappen kunnen meten.

Gletsjers

Onder de huidige opwarming worden gletsjers nu wereldwijd kleiner. De Afrikaanse gesteenten leverden volgens de onderzoekers nu de eerste concrete veldmetingen die ook het omgekeerde verband aantonen: bij een daling van de mondiale CO2-concentratie groeit de ijskap van Antarctica.

Tanzania

Het team, verbonden aan Britse en Amerikaanse universiteiten, bracht weken door in de Tanzaniaanse jungle om monsters van microscopische planktonfossielen te verzamelen waaruit de chemische toestand van de atmosfeer 34 miljoen jaar geleden kon worden afgeleid.

CO2 beïnvloedt de zuurgraad van oceanen en daarmee het kalkgehalte van het plankton. Zo kon de exacte concentratie worden teruggerekend, die precies overeen bleek te komen met bestaande klimaatmodellen, zegt Paul Pearson van de Universiteit van Cardiff, die de resultaten gepubliceerd kreeg in Nature.

In de onderzochte periode, de grens tussen het Eoceen en Oligoceen, lag de CO2-concentratie relatief laag terwijl langzaam een ijskap vormde op Antarctica, dat 20 miljoen jaar eerder richting de geografische zuidpool was geschoven.

Massa-extinctie

De oorzaak van de daling van de CO2-concentratie en de daaruit volgende afkoeling is nog onbekend. Wel is bekend dat door de klimaatverandering miljoenen soorten uitstierven, in wat de Eoceen-Oligoceen-massa-extinctie wordt genoemd.

“Dit was de grootste klimaatverschuiving sinds het uitsterven van de dinosauriërs 65 miljoen jaar geleden”, zegt Bridget Wade van Texas A&M Universiteit, een van de onderzoekers.

http://www.xead.nl/het-ware-co-probleem-dat-niet-verteld-word

Snelheid

Toch is het moeilijk om natuurlijke klimaatveranderingen uit het verleden te vergelijken met de huidige, door de mens veroorzaakte opwarming. De huidige temperatuurstijging verloopt met 2 tot 4 graden per eeuw.

De afkoeling 34 miljoen jaar geleden ging een factor 100 tot 200 trager. Over een periode van 400.000 jaar werd het toen zo’n 8 graden kouder.

Klimaatdoel

Hoe sneller de verandering verloopt, hoe lastiger het wordt voor soorten en ecosystemen om zich aan te passen.

Bij een temperatuurstijging van 2 graden in deze eeuw, het officiële klimaatdoel van de internationale gemeenschap, verwacht het IPCC daarom dat al 30 tot 35 procent van alle soorten zullen uitsterven, de grootste voorop.

Grote Natuurlijke CO2-opslag in Zuidelijke Oceaan ontrafeld

– Het mechanisme achter een grote natuurlijke CO2 ‘opslagmethode’ in de Zuidelijke Oceaan is opgehelderd.

CO2 dat wordt opgenomen door bijvoorbeeld plankton aan het oppervlak wordt door grote draaikolken naar de diepte getrokken, waar het vastgelegd wordt.

Dat schrijven geologen zondag in Nature Geoscience. Volgens de wetenschappers is er in de Zuidelijke Oceaan, een verzamelnaam voor al het water rondom Antarctica, een ingewikkeld samenspel bezig van stromingen.

Vallende stromen

Die stromingen creëren draaikolken en ‘vallende stromen’ van duizend kilometer breed.
In die kolken en stromingen kan het water dat aan het oppervlak CO2 heeft opgenomen naar grote diepte vallen.

Om tot deze ontdekking te komen werden tien jaar lang 80 meetstations gevolgd van de British Antarctic Survey. Deze twee meter lange stations doken tot 2 kilometer diep en maten ondertussen onder andere temperatuur en zoutgehalte van het water.

De Zuidelijke Oceaan is een belangrijke natuurlijke bron van CO2-opslag. Ongeveer 40 procent van de jaarlijkse menselijke CO2 uitstoot wordt in die regio opgevangen.

Door: NU.nl/Stephan van Duin

Meer over

GENUANCEERD  ?  

(2011)

Om te ontdekken hoe erg het werkelijk is, moeten we eerst weten wat CO2 is en doet.

Elke liter lucht die we inademen, bevat 780 milliliter stikstof en 210 milliliter zuurstof. De resterende 10 milliliter bevat sporen van andere gassen, waaronder 0,39 milliliter CO2. De concentraties van gassen worden uitgedrukt in deeltjes per miljoen delen lucht (ppm’s). CO2-concentraties stegen na 1950 van 300 ppm tot 390 ppm.(—-> tegenwoordig dus tot 400 ) 

CO2 is  een  milieuvriendelijk gas op aarde.( maar wel een broeikasgas  , net als waterdamp ( die   snel verdwijnt door condensatie–> neerslag  )

Planten gebruiken  Co2   samen met water om zonne-energie vast te leggen in de vorm van koolwaterstoffen (suikers).

Bij dat proces komt zuurstof vrij.

Levende wezens ( ook planten die tijdens de nacht geen co2 omzetten  , maar co2 “uitademen” —> vandaar dat  grote hoeveelheden  planten niet erg gewenst zijn op slaapkamers  ) , verbrandingsmotoren en kolencentrales gebruiken zuurstof om koolwaterstoffen te verbranden en de energie, het water e n de CO2 weer vrij te maken.

 

Koolstofcyclus

http://nl.wikipedia.org/wiki/Koolstofkringloop

 

Deel V van de “Stoffenkringlopen”:

De koolstofcyclus

Koolstof is een zeer belangrijk element, omdat het deel uitmaakt van organische materie, dat een onderdeel is van al het leven. Koolstof volgt een bepaalde route op aarde, die de koolstofcyclus wordt genoemd. Door het volgen van de koolstofcyclus, kunnen we ook de energiestromen op aarde bestuderen, omdat de meeste chemische energie die nodig is voor het leven in de vorm van verbindingen tussen koolstofatomen en andere atomen opgesloten zit in organische stoffen.De koolstofcyclus bestaat van nature uit twee delen, de terrestrische (aardse) en de aquatische (water) koolstofcyclus. De aquatische koolstofcyclus heeft te maken met de verplaatsing van koolstof door mariene ecosystemen en de terrestrische koolstofcyclus heeft te maken met de verplaatsing van koolstof door aardse ecosystemen.De koolstofcyclus is gebaseerd op koolstofdioxide (CO2), dat in gasvormige staat in de lucht gevonden kan worden en in opgeloste vorm in het water. Terrestrische planten gebruiken koolstofdioxide uit de atmosfeer, ze gebruiken dit om zuurstof te genereren, dat van levensbelang is voor dieren. Waterplanten genereren ook zuurstof, maar zij gebruiken hiervoor koolstofdioxide uit het water.
Dit proces waarbij zuurstof gevormd wordt, wordt de fotosynthese genoemd. Tijdens de fotosynthese zetten planten en andere producenten koolstofdioxide en water onder de invloed van zonlicht om in complexe koolwaterstoffen, zoals glucose. Alleen planten en sommige bacteriën hebben de mogelijkheid om dit proces te leiden, omdat zij chlorofyl bevatten, een pigmentmolecuul dat zich in bladeren bevindt en waarmee zonneenergie gevangen kan worden.De algemene fotosynthesereactie:
koolstofdioxide + water + zonneenergie -> glucose + zuurstof =
6 CO2 + 6 H2O + zonneenergie -> C6H12O6 + 6 O2De zuurstof die geproduceerd wordt bij de fotosynthese, ondersteunt niet-producerende levensvormen, zoals dieren en de meeste microorganismen. Dieren worden consumenten genoemd, omdat ze zuurstof gebruiken die door planten geproduceerd is. Koolstofdioxide komt weer terug in het milieu tijdens de ademhaling van consumenten, waarbij glucose en andere complexe organische mengsels afgebroken worden en de koolstof weer omgezet wordt in koolstofdioxide en geschikt is om door de producenten hergebruikt te worden.Koolstof dat gebruikt wordt door producenten, consumenten en reducenten verplaatst zich behoorlijk snel door de lucht, het water en de levensvormen. Maar koolstof kan ook opgeslagen worden als biomassa in de wortels van bomen en in ander organisch materiaal en daar decennia lang blijven. Ook dit koolstof komt uiteindelijk weer vrij door vertering.
Niet al het organisch materiaal wordt meteen verteerd. Onder sommige omstandigheden hoopt dood plantenmateriaal zich sneller op dan dat het in het ecosysteem wordt afgebroken. De resten worden opgesloten in ondergrondse bergplaatsen. Wanneer sedimentlagen deze materie samenpersen, kunnen er eeuwen fossiele brandstoffen gevormd worden. Langdurige geologische processen kunnen de koolstof in deze brandsoffen na een lange tijd blootstellen aan de lucht, maar tegenwoordig komt de koolstof vooral vrij door menselijk handelen, zoals verbrandingsprocessen.
De verbranding van fossiele brandstoffen heeft ons al zolang van energie voorzien als we ons kunnen herinneren. Maar de wereldpopulatie heeft zich uitgebreid en daarmee ook de vraag naar energie. Daarom worden tegenwoordig fossiele brandstoffen intensief verbrandt. Dit is niet zonder gevolgen, omdat de fossiele brandstoffen veel sneller opgebruikt worden dan dat ze bijgemaakt kunnen worden. Hierdoor zijn fossiele brandstoffen niet-hernieuwbare energiebronnen geworden.Hoewel de verbranding van fossiele brandstoffen voornamelijk koolstofdioxide aan de lucht toevoegt, wordt een deel hiervan ook tijdens natuurlijke processen, zoals vulkaanuitbarstingen uitgestoten.In het aquatisch ecosysteem kan koolstofdioxide opgeslagen worden in rotsen en sediment. Het duurt heel lang voordat deze koolstofdioxide vrijkomt, door de verwering van rotsen of geologische processen die sediment naar het oppervlak van het water brengen.
Koolstofdioxide dat in het water is opgeslagen is daarin aanwezig in de vorm van carbonaat- of bicarbonaationen. Deze ionen vormen een belangrijk onderdeel van de buffers die ervoor zorgen dat water te basisch of te zuur wordt. Wanneer de zon het water opwarmt, keren carbonaat- en bicarbonaationen in de vorm van koolstofdioxide terug naar de atmosfeer.Hieronder volgen de schematische weergaves van het aquatische en het terrestrische deel van de koolstofcyclus:1) De aquatische koolstofcyclus2) De terrestrische koolstofcyclusKoolstofdioxide als een milieuprobleemKoolstofdioxide is een broeikasgas. Dit komt er in het kort op neer dat te veel koolstofdioxide in de lucht ervoor zorgt dat de aarde opwarmt.
Mensen stoten bij verbransingsprocessen grote hoeveelheden koolstofdioxide uit. Als gevolg hiervan is het broeikaseffect ontstaan. Het klimaat wordt aangetast door de concentraties broeikasgassen die in de lucht aanwezig zijn; dit wordt het broeikaseffect genoemd.
In de afgelopen decennia is het klimaat warmer geworden, als gevolg van de grote hoeveelheden koolstofdioxide en andere broeikasgassen die we uitstoten. Dit warmere klimaat stelt ons voor een aantal problemen, zoals het smelten van de ijskappen op de polen.Zie voor meer informatie over koolstof het periodiek systeem der elementenKlik hier voor meer informatie over de invloed van de mens op de koolstofkringloopTerug naar de hoofdpagina van de stoffenkringlopen

Read more: http://www.lenntech.nl/koolstof-cyclus.htm#ixzz2T5VN2eOk

De concentratie CO2 in de lucht is in evenwicht met die in de oceaan. Daar leggen organismen CO2 vast als calciumcarbonaat, kalksteen. Eencellige dieren en planten, sponzen en koralen zijn de belangrijkste groepen.

Krijtrotsen zoals die bij Dover zijn gestolde CO2: ze bestaan uit kalkskeletten van eencelligen.

Maar dat” vastleggen  ” is een langdurig geologische proces 

Onze(zoogdier) relatie met CO2 is bijzonder.

Ons ademhalingsysteem reageert vreemd genoeg niet op zuurstofgebrek, maar op een te hoge concentratie CO2 in het bloed.

We krijgen het benauwd en gaan dieper ademen. Hou je de CO2-concentratie kunstmatig laag (bijvoorbeeld door langdurig te hyperventileren) dan verlies je het bewustzijn door zuurstofgebrek zonder benauwd te worden.

Verhoogde CO2-concentraties merken we meteen, zuurstoftekort niet.

De concentratie waarbij benauwdheid optreedt is 10.000 ppm, dat is ruim 25 keer zoveel als er nu in de lucht zit.

In het Cambrium, 500 miljoen jaar geleden, toen er alleen nog maar leven in zee was, waren de concentraties ongeveer even hoog. We leven nu in een aardperiode waarin concentraties nog nooit zo laag waren, plantengroei staat daarom op een relatief laag pitje.

Maar deze aardperiode(onze  soort homo sapiens bestaat  ongeveer 300.000 a 200.000 jaar/ we moeten dus de schommelingen  en plaatselijke  omstandigheden gedurende die periode  bestuderen   )  is wel  “onze” leefwereld met zijn begrenzingen  … of we “buiten” die   begrenzingen als soort verder kunnen leven  ( in extremis te vergelijken met  te gaan leven op een andere  planeet ) is nog maar de vraag …

Het klimaat is nooit stabiel geweest.

Het  probleem is dat we over slechts een korte periode (bebben ge)meten. Kortetermijnschommelingen zeggen niets over trends op de lange duur.

Er zijn ijstijden en warme perioden geweest met hoge en lage concentraties.

Maar de mens is ook slechts een ( geologisch gezaien ) korte termijn verschijnsel

Koudere( ijstijden ) en warmere periodes (woestijnvorming )  verkleinen  drastisch   het  gebied dat de bewoonbaar is voor grote massa’s  mensen ... Het huidige   interglaciaal  is een periode (geweest ) die de optimale  verspreidingskansen en grootst mogelijke beschikbare   gebieden   bood voor de huidige homo sapiens …..

°We leven in een dynamische wereld en kunnen onze middelen en energie in betere zaken steken dan in het opslaan van een broeikasgas in de bodem.

Het geld kan beter geïnvesteerd worden in onderzoek naar de manier waarop planten CO2 en water met behulp van licht omzetten in energierijke verbindingen. Zodra we dat proces begrijpen en kunnen nabootsen, is er overal en altijd genoeg energie en zijn we niet langer afhankelijk van fossiele brandstoffen.

We zijn dan ook verlost van de echt schadelijke stoffen die bij het verbranden van olie en steenkool vrijkomen.

CO2 goed voor planten?

  • DOOR: ELMAR VEERMAN
aarde & klimaat

‘Ja, maar… CO2 is een natuurlijk gas, een meststof voor planten, meer daarvan is juist goed!’

planten

Inderdaad, planten groeien doorgaans sneller bij een verhoogd CO2-gehalte, mits ze geen tekort aan andere voedingsstoffen hebben. Kwekers laten daarom graag extra CO2 in hun kas los.

In de buitenwereld is het CO2-gehalte van de lucht sinds de Industriële Revolutie met zo’n 40 procent toegenomen.

Planten nemen CO2 op via huidmondjes in hun bladeren en verliezen daardoor tegelijkertijd onnodig water. Bij langdurig hogere CO2 concentraties maken planten daarom minder huidmondjes, en dat is nu in de natuur te zien.

Een van de gevolgen daarvan is dat ze met minder water meer kunnen groeien. En soms kunnen ze nu groeien op plaatsen die daar vroeger te droog voor zouden zijn geweest. Satellietwaarnemingen laten zien dat drogere gebieden op onze planeet de laatste tientallen jaren een vergroening hebben doorgemaakt. Het verhoogde CO2-gehalte lijkt daarbij inderdaad een belangrijke rol te spelen.

Voor de landbouw kan dat directe effect van het verhoogde CO2-gehalte gunstig uitpakken. Maar dat wil helaas niet zeggen dat de landbouwproductie in de wereld erdoor omhoog zal gaan.

Het veroorzaakt namelijk ook opwarming en plaatselijke vernatting en verdroging.

-Een hoge temperatuur tijdens het groeiseizoen verkort de periode waarin het zaad (graankorrels) wordt gevormd en gevuld.

Dit beperkt de productiviteit. Voor de rijstbouw, bijvoorbeeld, is de verwachting dat het netto effect van al die veranderingen zal leiden tot een daling van de opbrengsten met een derde aan het eind van deze eeuw, en bovendien een methaanuitstoot die ruim de helft hoger ligt dan nu. Wat de klimaatverandering weer verder versterkt.

°

Is het goed voor de natuur?

Hier zijn vooral de indirecte effecten van CO2 van belang. De klimatologische omstandigheden voor heel veel planten en dieren zijn veranderd en zullen nog verder veranderen. Sommige kunnen zich goed aanpassen (vooral de algemeen voorkomende soorten), maar andere (zeldzame soorten met specifieke behoeftes) niet.

Voor alle ecosystemen betekent het verandering. Aangezien niet elke soort even sterk zal reageren op veranderingen in CO2-gehalte en klimaat, zullen er verschuivingen optreden in de soortensamenstelling van bijvoorbeeld een regenwoud.

In gebieden waar het netto (groter neerslag overschot) natter wordt, zal de productiviteit omhoog gaan.

Vegetatie verschuift van woestijn naar grasland naar bos.

Hier ontstaan ook meer mogelijkheden voor landbouw, en dat zal ten kosten gaan van de natuur.

In gebieden waar het netto droger wordt, of waar vegetatiezones niet kunnen opschuiven, (denk bijvoorbeeld aan bergtoppen en noordelijke kusten) zullen soorten verdwijnen.

Meer CO2 is dus per saldo niet goed voor de natuur.

[Met dank aan Rik Leemans]

 

Planten kunnen meer CO2 verwerken dan gedacht

di 14/10/2014 – 21:22 Kirsten Sokol
°
Dat planten via hun bladeren CO2-gas kunnen omzetten naar zuurstof, is bekend, maar dat mechanisme werkt beter dan wetenschappers tot nu veronderstelden. Uit nieuw onderzoek blijkt dat tussen 1901 en 2010 16% meer CO2-gas verwerkt is door levende organismen dan werd gedacht. Dit zou verklaren waarom wetenschappelijke modellen de hoeveelheid CO2-gas in onze atmosfeer systematisch te hoog hebben ingeschat.

Bij de omzetting van CO2-gas naar zuurstof, nemen planten via hun bladeren koolstofdioxide op. Het CO2-gas verspreidt zich dan langzaam doorheen het blad, volgens het proces dat wetenschappers “mesophyle diffusie” noemen. Ongeveer de helft van alle CO2 die wereldwijd wordt uitgestoten, wordt op deze manier of via oceanen geneutraliseerd.

Het meest recente onderzoek in vakblad Proceedings of the National Academy of Sciences of the United States of America suggereert dat planten 16% meer CO2 kunnen verwerken dan werd gedacht. Dat zou verklaren waarom onderzoekers die onze aarde bestuderen, de hoeveelheid CO2 in onze atmosfeer systematisch met ongeveer 17% overschatten.

“Die onderschatting van 16% is berekend op een periode van ongeveer 50 jaar. Wie weet hoe groot de verschillen zijn als we dit fenomeen bestuderen over de eeuwen heen?”,

meent onderzoeker Dr Lianhong Gu van de Oak Ridge National Laboratory.

“Opwarming van de aarde niet per se vertraagd”

De hoeveelheid koolstofdioxide in onze atmosfeer is cruciaal om de snelheid en de gevolgen van de klimaatsverandering te kunnen inschatten. Toch blijft het bijzonder moeilijk om de precieze impact te voorspellen.

Klimaatexperten zijn er wel van overtuigd dat deze nieuwe onderzoeksresultaten bepaalde wetenschappelijke modellen kunnen ophelderen, maar dat dit niet betekent dat de opwarming van de aarde per definitie minder snel zal gaan dan voorspeld.

AP

“Als planten meer CO2 verwerkt krijgen, zou dit in theorie kunnen betekenen dat de klimaatverandering op die manier afgeremd kan worden, maar uiteraard bestaan er nog veel andere processen die daar een invloed op hebben. Deze resultaten bieden wel een mogelijke verklaring waarom modellen over de werking van onze aarde de stijging van koolstofdioxide in onze atmosfeer niet volledig kunnen verklaren.”

Experts die zich bezighouden met klimaatopwarming zijn het erover eens dat het gaat om interessante onderzoeksresultaten.

“Maar uiteraard moeten we allemaal ons best blijven doen om de uitstoot van koolstofdioxide in de volgende generaties terug te dringen, als we willen vermijden dat onze aarde fors opwarmt.”

 

 

 

Broeikasgassen   —>  

Natuur als CO2-bron?

http://www.wetenschap24.nl/programmas/Klimaatjagers/ja-maar/Natuur-als-CO2-bron.html

  • Door: Elmar Veerman

‘Ja, maar de natuur stoot veel meer CO2 uit dan de mens. Vulkanen alleen al.

Laten we eerst die vulkanenmythe uit de weg ruimen.

Vulkanen produceren weliswaar veel CO2, maar dat is ongeveer honderd keer zo weinig als wat er vrijkomt bij het verbranden van olie, kolen en gas en het kappen van bos. Vergeleken bij ons valt de invloed van vulkanen op het klimaat dus bijna in het niet, zolang ze zich koest houden tenminste. Wanneer hij plotseling actief wordt en enorme rookpluimen uitbraakt, heeft een vulkaan juist een kortdurend verkoelend effect op het wereldklimaat, doordat het stof hoog in de atmosfeer zonlicht weerkaatst voordat het de aarde kan bereiken (meer hierover). Kortom: wie vulkanen de schuld geeft van de huidige klimaatverandering, weet duidelijk niet waar-ie het over heeft.

En de levende natuur dan?

Dat is een ander verhaal. Het is gewoon waar dat natuurlijke processen veel meer CO2 in de lucht brengen dan wij mensen. De natuur is goed voor 440 miljard ton, wij voor maar 30 miljard ton per jaar. Als in de herfst de bladeren op het noordelijk halfrond van de bomen vallen en gaan rotten, zie je de CO2-curve van de wereld omhoog schieten, elk jaar weer. Maar dat is natuurlijk niet het hele verhaal. In het voorjaar beginnen al die planten en bomen weer CO2 uit de lucht te halen, en daalt de CO2-concentratie weer evenveel als hij in de herfst was gestegen. Tenminste, als de menselijke uitstoot van het gas niet zou bestaan.

In werkelijkheid komt de CO2-concentratie elk jaar een stukje hoger, omdat nog niet de helft van het CO2 dat wij mensen toevoegen, in de lucht blijft. Van de rest wordt ongeveer de helft door planten op land vastgelegd en de andere helft verdwijnt in zee.(1) Dat laatste is enerzijds mooi, want zo veroorzaakt het geen extra opwarming. Anderzijds komt er wel een probleem bij: oceaanverzuring. En dat zou het leven op tweederde van deze planeet grondig in de war kunnen schoppen, deze eeuw en nog lang daarna. Maar dat was de vraag niet.

Enfin, de natuur is netto dus helemaal geen CO2-bron, maar neemt per saldo meer CO2 op dan ze uitstoot en dempt dus de opwarming van de aarde. Laten we hopen dat dat zo blijft.

De mens verstoort het evenwicht door CO2 (en andere broeikasgassen) toe te voegen, waar geen opname van CO2 tegenover staat. Dus wie de natuur de schuld geeft van het stijgen van de CO2-concentratie, die zit fout.

 

(1)

Kortgeleden is er ten oosten van Japan op de bodem van de Stille Oceaan een vulkaan ontdekt die groter is dan alle tot nu toe bekende ter wereld. —>  De getallen van de koolstofkringloop staan dus niet helemaal goed vast. Ook zijn er op de bodem van de oceanen meren van vloeibaar CO2 aangetroffen. Dit neemt verder niet aan de kringloop deel en we weten niet of ze groter of kleiner worden. —> De opnamecapaciteit van de oceanen voor CO2 is dus tot nader order  , onbekend!

°

Poolijs absorbeert CO2

za 27/09/2014 – Christine van Tichel
Als het poolijs smelt, komt er CO2 in de atmosfeer vrij en wordt het broeikaseffect op aarde groter. Dat hebben Deense onderzoekers ontdekt.

Wetenschappers zijn er altijd van uitgegaan dat ijs geen CO2 absorbeert. Maar dat gebeurt dus wel. Als zeewater bevriest, wordt ook de CO2 in algen en micro-organismen opgeslagen in het ijs. Bij het smelten van het ijs verdwijnt het broeikasgas in de atmosfeer.

De afgelopen jaren is de ijskap van de noordpool en Groenland aanzienlijk gekrompen. Op de Zuidpool is de ijsmassa lichtjes toegenomen.

 

Arctisch zee-ijs blijkt CO2 uit de atmosfeer te verwijderen

 

Wetenschappers hebben ontdekt dat zee-ijs CO2 uit de atmosfeer haalt. Het betekent dat het smelten van het Arctisch zee-ijs niet alleen een gevolg is van de opwarming van de aarde, maar ook bij kan dragen aan een warmere wereld.

“We weten al lang dat de aardse oceanen in staat zijn om grote hoeveelheden CO2 te absorberen,”

legt onderzoeker Dorte Haubjerg Søgaard uit.

“Maar we dachten ook dat dit niet van toepassing was voor delen van de oceaan die bedekt waren met ijs, omdat het ijs als ondoordringbaar werd gezien. Maar dat klopt niet. Nieuw onderzoek toont aan dat zee-ijs in het Arctisch gebied grote hoeveelheden CO2 uit de atmosfeer en in de oceaan trekt.”

Maar hoe gaat dat dan precies?

“Eerst ontstaan tijdens de winter kristallen van calciumcarbonaat in het zee-ijs. Tijdens de totstandkoming van die kristallen maakt het CO2 zich los en lost op in zware koude pekel dat uit het ijs wordt geperst en naar de diepere delen van de oceaan zakt. Calciumcarbonaat kan zich niet zo vrij bewegen als de CO2 en blijft daardoor in het zee-ijs zitten. In de zomer, wanneer het zee-ijs smelt, lost het calciumcarbonaat op en daarvoor is CO2 nodig. Dus wordt er CO2 uit de atmosfeer in de oceaan getrokken en zo wordt CO2 uit de atmosfeer verwijderd.”

Het onderzoek wijst erop dat zee-ijs een enorme invloed heeft op de wereldwijde koolstofcyclus. En dat is zorgwekkend. Want het Arctisch gebied is inmiddels zo warm dat de hoeveelheid zee-ijs er sterk afneemt en het overgebleven zee-ijs zowel in de zomer als in de winter aanzienlijk dunner is. Als de hoeveelheid Arctisch zee-ijs nog verder afneemt, zou het kunnen betekenen dat er minder CO2 uit de atmosfeer wordt gehaald en de concentratie CO2 in de atmosfeer dus stijgt. En dat leidt dan weer tot hogere temperaturen waardoor mogelijk nog meer zee-ijs smelt.

 

Bronmateriaal:
Arctic sea ice helps remove CO2 from the atmosphere” – SDU.dk
De foto bovenaan dit artikel is gemaakt door Pink floyd88 a (via Wikimedia Commons).

°

 

Concentratie kooldioxide groeit sneller dan ooit

donderdag 11 september 2014

De hoeveelheid koolstofdioxide in de lucht brak in 2013 maar liefst twee records. Niet alleen bereikte de CO2-concentratie een recordhoogte, ook de het tempo waarmee het CO2-gehalte toenam was ongekend snel.

door

Luchtvervuiling

Wikimedia Commons

De concentratie CO2 in de atmosfeer groeide de afgelopen dertig jaar nooit zo snel als in 2013, en bereikte daarmee bovendien de hoogste waarde sinds mensenheugenis. Dit blijkt uit het nieuwste rapport van de WMO (World Meteorological Organization), dat afgelopen dinsdag uitkwam. Ook andere broeikasgassen zoals methaan en N2O (lachgas) namen toe, maar hierbij was de snelheid ongeveer hetzelfde als in voorgaande jaren.

Opwarming

Er zit nu 42% meer CO2 in de lucht dan in 1750, voor de (tweede) industriële revolutie begon, zo blijkt uit een vergelijking van de directe waarnemingen van het WMO met waarden uit vroeger tijden zoals die gemeten zijn in ijskernen. De internationale afspraak om de opwarming van de aarde gemeten van het begin van deze industriële revolutie tot het einde van deze eeuw onder de twee graden Celcius te houden, lijkt hiermee moeilijker na te komen dan ooit. Hoeveel de aarde ten gevolge van de koolstofdioxide-deken op zal warmen is weliswaar moeilijk te voorspellen, maar voor een scenario waarbij de uitstoot zo doorgaat als nu komen de meeste projecties uit op 2,5 tot 5,5 graden.

Het jaarlijks gemiddelde aan CO2 in de lucht bedroeg vorig jaar 296 ppm (parts per million), zo blijkt uit wereldwijde metingen aan de atmosfeer. Dat is 2,9 ppm meer dan het jaar daarvoor. “Dat de hoeveelheid CO2 een nieuw record zou breken zag iedereen wel aankomen”, zegt Guido van der Werf, klimaatwetenschapper aan de Vrije Universiteit Amsterdam, “maar dat de snelheid van de toename zo hoog was is een behoorlijke verrassing.”

Wmo-tm-2013

De (wereldgemiddelde) concentratie in de atmosfeer (boven) en de jaarlijkse toename van de broeikasgassen kooldioxide, methaan en lachgas N2O, volgens de metingen van de WMO. WMO-rapport 2013

Verzadiging

De verhoogde CO2-uitstoot wordt voor een groot deel veroorzaakt door opkomende economieën, zoals China, India en Brazilië. De geschatte hoeveelheid kooldioxide die de mens het afgelopen jaar de lucht in pompte is echter niet genoeg te om de totale toename te verklaren. Mogelijkerwijs hebben de bodem, de bossen, de rivieren en de oceanen minder CO2 uit de lucht opgenomen dan anders, schrijft de WMO. Normaal gesproken wordt zo´n 55% van de uitgestoten CO2 opgenomen door de natuur – waarvan ongeveer de helft door de oceanen. De vrees bestaat echter dat de bodems en oceanen op een gegeven moment verzadigd raken, en de opnamecapaciteit daardoor zal dalen. Sommige wetenschappers zijn bang dat dat moment nu is aangebroken.

Traffic_jam

Wikimedia Commons

Natuurlijke variatie

Maar dat hoeft niet zo te zijn, zegt Van der Werf. “Er zit ook een jaarlijkse natuurlijke variatie in de absorptie van CO2 door de natuur. De opname was in 2011 bijvoorbeeld juist extreem hoog.” De variaties hebben onder andere te maken met het aantal bosbranden, en met de weersomstandigheden die plantengroei stimuleren of het rottingsproces van dode bomen juist bevorderen. Bosbranden en rotting zijn een bron van CO2, levende planten fungeren als koolstofdioxidespons. In 1998 was de snelheid waarmee de CO2 de lucht in ging bijna net zo hoog als nu, hetgeen toen verklaard kon worden door het weerverschijnsel El Niño. Dit veroorzaakt door verdroging en hoge temperaturen vaak extra veel bosbranden. Het jaar 2013 was echter helemaal geen El Niño-jaar.

“Misschien zien we wel een reactie op het opname-record van 2011”, zegt Van der Werf. Veel CO2 werd dat jaar waarschijnlijk opgeslagen in de savannes, waar het toen extreem veel regende. De koolstofcyclus gaat in savannes behoorlijk snel, dus is het logisch aan te nemen dat de in 2011 opgeslagen koolstof er de jaren erna weer uitkomt, zeker als het even wat minder nat is. Van der Werf: “Maar er zullen vast beter onderbouwde hypotheses opduiken in de literatuur, de komende jaren.”

Over tsjok45
Gepensioneerd . Improviserend jazzmuzikant . Instant composer. Jamsession fanaat Gentenaar in hart en nieren

7 Responses to KOOLZUUR

  1. Pingback: broeikasgassen / Notes B « Tsjok's blog

  2. Pingback: Microbieele ecosystemen | Tsjok's blog

  3. Pingback: PERMAFROST | Tsjok's blog

  4. Pingback: ZEESPIEGEL | Tsjok's blog

  5. Pingback: GEOLOGIE TREFWOORD K | Tsjok's blog

  6. Pingback: Winnaars van klimaatverandering ? | Tsjok's blog

  7. Pingback: De Staat van het KLIMAAT ‘ | Tsjok's blog

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: