VERGELIJKING VAN SCHEDELS VAN MENSACHTIGEN


AFSTAMMING VAN DE MENS en de mensachtige

Menselijke schedels hebben een verhaal: problemen bij het ontrafelen van de evolutie van de mens

Paul Storm

http://staff.science.uva.nl/~dcslob/lesbrieven/Schedel/schedel.html


I
nleiding

Er worden niet alleen versteende overblijfselen (fossielen) gevonden van allerlei planten en dieren maar ook van mensachtigen. Laatstgenoemden behoren tot een groep van dieren, mensapen, die op twee benen lopen, inclusief de moderne mens. Bij onderzoek van menselijke fossielen gaat het vaak om vragen die te maken hebben met om welke soort het gaat. Als die vraag beantwoord is, is het mogelijk om het betreffende fossiel een plaats te geven in de menselijke stamboom (figuur 1).
Een stamboom die meer dan vier miljoen jaar oud is en in Afrika is begonnen. De schedel is hiervoor uitermate geschikt. De schedel is een complexe structuur die in verband gebracht kan worden met de hersenen, het kauwapparaat en de zintuigen, zoals de reuk, het gehoor, het gezicht en het evenwicht. Een schedel kan veel informatie geven over het dier waar het ooit toe behoorde. De vorm en grootte van het gebit geven bijvoorbeeld informatie over het voedsel dat is gegeten en de grootte van de schedelinhoud zegt iets over de verstandelijke vermogens. Je hoeft niet perse een complete schedel te vinden om iets te kunnen zeggen over het individu: een stukje kaak of deel van een schedel kan voldoende informatief zijn.
Bij de interpretatie van een menselijke fossiele schedel, waarbij het gaat om de vraag om wat voor soort het gaat, kan men niet om factoren heen die medeverantwoordelijk zijn voor de vorm van de schedel zoals bijvoorbeeld leeftijd en geslacht (figuur 2).

Figuur 1: Een voorstelling van hoe de evolutie van de mens verlopen zou kunnen zijn

Figuur 2: Factoren die van invloed (kunnen) zijn op
de vorm van de schedel

Verder zijn er factoren die een rol kunnen spelen bij de vorm van de schedel zoals ziekte en kunstmatige vervorming. Als er inzicht is verkregen in bovengenoemde factoren is een betrouwbaardere interpretatie mogelijk om wat voor soort het gaat. Om tot een beter begrip te komen wat betreft de moeilijkheid van het interpreteren van een fossiele schedel zullen de verschillende factoren die van invloed zijn op het skelet worden behandeld

Leeftijd

Leeftijd speelt een hele belangrijke rol wat betreft het uiterlijk van de schedel (figuur 3). Het hoofd en de hersenen van de mens ontwikkelen zich relatief gezien het snelst gedurende de foetale en eerste levensjaren. Veranderingen van de vorm van de schedel zijn in die periode dan ook groot. Verdere ontwikkelingen die in verband gebracht kunnen worden met de groei zoals de doorbraak van het melk- en permanente gebit en de ontwikkeling van spieren zorgen er voor dat de schedel continu van vorm verandert. Vormveranderingen van de schedel zijn na de groeiperiode minder drastisch. Latere vormveranderingen hebben te maken met het verouderingsproces en spelen zich met name af in het gebied van het gebit als het individu een groot aantal tanden en kiezen verliest. We zien dan in het gebied van de boven- en onderkaak een aanzienlijk terugtrekken van het bot. Opa en oma krijgen een “murmel-mondje”. Dat wil zeggen: geen mond vol maar een mond zonder tanden en kiezen.
Het interpreteren van een juveniele schedel voor het bepalen van z’n evolutionaire positie is een “gewaagde” onderneming omdat de uitgegroeide schedelvorm nog niet aanwezig is. Juveniele primatenschedels van verschillende soorten lijken veel op elkaar. Bovendien wordt men bij onderzoek gehinderd doordat juveniele mensachtige schedels nog schaarser zijn dan de volwassen mensachtige vondsten, hetgeen de mogelijkheden voor vergelijkingen beperkt.

Figuur 3: Schedel van baby, volwassene en bejaarde

5foetus schedels

 

6Kinderschedels°

Geslacht

Het verschil tussen de mannelijke en de vrouwelijke schedel is niet even groot bij verschillende apensoorten. Bij gibbons en mensen is het niet zo sterk aanwezig als bijvoorbeeld bij gorilla’s. Bij de mens kan men vaak duidelijke verschillen constateren (figuur 4). Let volgende keer maar eens op als je ergens staat te wachten, op tram of bus of in de rij van de supermarkt: mannen hebben gemiddeld gezien vaker een wat schuin verlopend voorhoofd en zijn wat robuuster gebouwd boven de neus en ogen (wenkbrauwwallen). Globaal gesteld is de schedel bij de man vaak groter en zwaarder, bezit robustere spieraanhechtingsplaatsen, bezit minder een tendens om jeugdige kenmerken vast te houden en maakt vaak een minder ronde indruk dan de schedel van de vrouw. Geslachtskenmerken komen heel variabel voor, het is mogelijk dat een mannelijke schedel kenmerken bezit die men als vrouwelijk bestempelt en vice versa. Het verschil tussen man en vrouw is vaak een probleem bij de interpretatie van fossiele schedels. Het is niet altijd duidelijk of je te maken hebt met schedels van verschillend geslacht (behorend tot 챕챕n soort) of met de schedels van twee verschillende soorten.

Figuur 4: Schedel van man (boven) en vrouw (onder)

°

Man vrouw schedel

°

Aanpassing

Het skelet past zich aan, aan de omstandigheden waarin het verkeert. Lichamelijke inspanning heeft invloed op de vorm van het skelet, bijvoorbeeld op de grootte van spieraanhechtingsplaatsen. Met andere woorden: het is aan het skelet te zien of iemand gedurende een tijd heel zwaar lichamelijk werk heeft verricht of bijvoorbeeld door een ziekte langdurig in een rolstoel heeft gezeten. Bij de eerstgenoemde zullen de spieraanhechtingsplaatsen veel beter ontwikkeld zijn dan bij degene in de rolstoel. Een voorbeeld van aanpassing is de ontwikkeling van het tepelvormige aanhangsel van de schedel. Deze aanhangsels zijn te voelen achter je oren, er zijn spieren aangehecht: de borstbeen-sleutelbeen-tepelspieren. Zoals de naam al doet vermoeden lopen deze spieren (onder andere) van het tepelvormige aanhangsel naar het borstbeen en het sleutelbeen. Deze spier draait het hoofd bij eenzijdige prikkeling en bij tweezijdige prikkeling heffen ze het hoofd op. Bij Europese mannen zijn deze aanhangsels gemiddeld gezien robuuster dan bij vrouwen hetgeen te maken heeft met het groter en zwaarder zijn van de mannelijke schedel (figuur 4). Bij een aantal Afrikaanse vrouwen zijn deze aanhangsels eveneens groot, hetgeen waarschijnlijk wordt veroorzaakt door het dragen van zware voorwerpen op het hoofd.

°

Ziekte

°

man vrouw Vervormende-Menselijke-Schedels-pathologieen

°

Alhoewel niet alle ziekten zich laten herkennen in het bot, kunnen ze een drastisch effect hebben op de vorm van beenweefsel. Ziekten die een opvallend effect kunnen hebben op de vorm van de schedel zijn bijvoorbeeld de besmettelijke geslachtsziekte syfilis, melaatsheid en tumoren.

syfillis skulls

http://manual-of-surgery.com/content/0041-Inherited-Syphilis.html
http://manual-of-surgery.com/content/0105-Syphilitic-Disease.html
http://bone-guides.com/blogging/paleopathology/syphilis—the-venereal-killer

leprosy

LEPROSY Merlaatsheid

°

RACHITIS? ARTRITIS? JICHT? OUDJE ?

Een heel bekend voorbeeld waarbij ziekte een rol speelde bij de interpretatie is dat van de Neandertaler.

Het beeld van een stomme, kromme, in holen wonende Neandertaler leeft bij sommige mensen misschien nog steeds. In het begin van deze eeuw maakte een Franse antropoloog, genaamd Boule, een omvangrijke beschrijving van een Neandertalerskelet dat in 1908 was aangetroffen in de Dordogne, Frankrijk.

Figuur 5: Boule’s gereconstrueerde skelet van Neanderthaler (links) vergeleken met dat van de moderne mens (rechts).

Deze omvangrijke beschrijving heeft bijgedragen tot het foute beeld dat we tientallen jaren lang hebben gehad van de Neandertaler. Boule schilderde de Neandertaler in vergelijking met de moderne mens namelijk nogal aapachtig af (figuur 5). Volgens Boule hadden Neandertalers een gebukte gang met gebogen knieën. Het skelet dat Boule had beschreven was dat van een man die aan gewrichtsontsteking (artritis) had geleden.

Het gaat trouwens om het skelet van een   oude “zieke ”  man  

(volgens de anatoom Virchow was  de oorspronkelijke   neanderthal-schedel een  vermoedelijkje  deformatie van  de  schedel van een  achtergebleven “kozak” die zich verschool in een grot  ……wat  arthrose en jicht (drankmisbruik ! ) had en  mogelijk ook een  gebrek aan  vitamine D   (1)

Boule heeft hier niet voldoende rekening mee gehouden bij zijn beeldvorming van de Neandertaler. Tegenwoordig zien we de Neandertaler heel anders. Het waren intelligente, bijzonder sterk gebouwde mensen. Het waren waarschijnlijk de eerste mensen die in staat waren te overleven in strenge koude omstandigheden. Kundige jagers op groot wild, die hun doden begroeven.

(1) —>  meteen  overgenomen  en  ingebouwd in de  veelgehoorde creationistische bewering  ” schedeldeformatie veroorzaakt door   rickets (=rachitis ) “…waarbij  onvermeld werd ( en nog steeds wordt)  gelaten  dat deze  avitaminose  gekoppeld aan calcium ,   meestal in de kindertijd  al tot  lethale  gevolgen leide   ..en  zeker in Neanderthaler tijd  niet toeliet dat veel van die zieke en ondervoede  kinderen  volwassen werden …

http://en.wikipedia.org/wiki/Rickets    

http://nl.wikipedia.org/wiki/Rachitis

°

Een trauma is een gewelddadige inwerking van buitenaf die een verwonding, in dit geval van het beenweefsel, tot gevolg heeft.

Het gaat dus om bijvoorbeeld botbreuken.

Aangezien het bij Australische aboriginals voorkomt dat een conflict wordt uitgevochten in een ritueel stokgevecht, waarbij men elkaar om beurten op het hoofd slaat, kan men in een museumcollectie regelmatig schedels tegenkomen met deuken in het schedeldak. Bij dit stokgevecht staat men recht tegenover elkaar; aangezien veel mensen rechtshandig zijn komen de meeste slagen op de linkerkant van het hoofd terecht.

human-cranium-hit-126000-years-old_44075_600x450

human-cranium-hit-126000-years-old

late bronze age

CLIFF’S END SKULL

Late Bronze Age burial of an elderly man. He was found at the bottom of a burial containing 12 complete skeletons and other human bone. He seems to be holding a small piece of chalk, which does not occur naturally on this site. The man had met a violent death, from multiple wounds to the head.

De aanwezigheid van trauma’s kan hele interessante informatie geven over het leven uit een ver verleden. Zo is het leven voor Neandertalers waarschijnlijk niet gemakkelijk geweest. Onderzoekers hebben trauma’s aangetroffen bij Neandertaler skeletten vergeleken met trauma’s die voorkomen bij recente beroepsgroepen.

De beste overeenkomst was met die van rodeorijders( =dezelfde veelvuldige schedel en nek trauma’s ) Dit duidt er mogelijk op dat Neandertalers niet in staat waren op afstand te jagen door bijvoorbeeld gebruik te maken van pijl en boog. Ze moesten gevaarlijke dieren zoals oerrunderen van dichtbij naderen om ze te kunnen doden.

http://blogs.smithsonianmag.com/hominids/2012/07/neanderthals-werent-stone-age-rodeo-riders/

Computer-aided reconstruction of the skull of St Cesaire ( France 1979).revealed a horrific head injury

Proceedings of the National Academy of Sciences (vol 99, p 6444)                                                                  http://www.newscientist.com/article/dn2198-neanderthal-man-was-armed-and-dangerous.html#.UlmcNKBCTcc

http://news.bbc.co.uk/2/hi/science/nature/1943960.stm

  1. Figure 1
  1. Figure 1

    Computerized reconstruction of the St. Césaire 1 Neanderthal skull (mirror-imaged completed parts are transparent) showing the bony scar in the right apical cranial vault. The skull is seen from the direction in which the hypothetical blow was exerted. Arrows indicate the anteroposterior (a and p) extent of the preserved lateral border of the injury (c, coronal suture; b, bregma; *, location of the coronal cross section through the injury (see Fig. 2b); ×, location of the parasagittal cross section through the coronal suture (see Fig. 3c); the dotted line indicates the reconstructed position of the midsagittal plane of the cranial vault). Note oblique, off-midline position of the scar. (Scale bar = 5 cm.) 

http://www.pnas.org/content/99/9/6444.figures-only

  1. Figure 2
    1. Figure 2

      Anatomy of a blow. (a) Mediolateral view of the right border of the St. Césaire 1 cranial vault injury (same symbols as in Fig. 1: a and p, anterior and posterior delimitations of the scar, c, position of the coronal suture, and *, location of the cross section in b. The drawing indicates areas of bone remodeling (gray) and areas affected by postmortem fracturing (hatched). (b and c) Comparative morphology of the injured vault bones in St. Césaire 1 (b) and a specimen from a medieval graveyard (13) exhibiting a healed scar resulting from sharp trauma on the left frontal bone (c) (both specimens in anteroposterior view, coronal cross sections); the CT sections show bone remodeling at the margin of the injured external lamina (*) and a space (▵) between the dislocated internal lamina and the diploë, probably filled by connective tissue. (Scale bar = 5 cm.) 

Neanderthaler pathology 

Shanidar

http://www.donsmaps.com/clancave.html

  • These fractures are often healed and show little or no sign of infection, suggesting that injured individuals were cared for during times of incapacitation.
  • It has been remarked that Neanderthals showed a frequency of such injuries comparable to that of modern rodeo professionals, showing frequent contact with large, combative mammals. The pattern of fractures, along with the absence of throwing weapons, suggests that they may have hunted by leaping onto their prey and stabbing or even wrestling it to the ground.[16]

Aan geheelde trauma’s kunnen we afleiden dat Neandertalers zorg hadden voor mensen die gewond waren geraakt.

Care

http://blogs.discovermagazine.com/notrocketscience/2009/03/30/deformed-skull-of-prehistoric-child-suggests-that-early-humans-cared-for-disabled-children

Kunstmatige vervorming

http://www.clas.ufl.edu/users/nparr/index_files/Page398.htm

Uit bovenstaande is duidelijk geworden dat bot is te vervormen.

Ziekten en trauma’s kunnen er voor zorgen dat delen van het skelet er anders uit gaan zien.

Mensen vervormen delen van het lichaam bewust.

Heel bekend zijn de kleine kromme Chinese voetjes en het afbinden van het hoofd (figuur 6).

De schedel kan duidelijk worden vervormd door het afbinden van het hoofd. Bekend zijn de typische trekken van de hoofden van mensen afkomstig van Marken en Urk ontstaan door strak aangehaalde hoofdtooien in de kinderjaren. Het principe is dat bij een langdurige druk op het botweefsel een permanente vervorming kan ontstaan, met name als dit gebeurt bij individuen die nog in de groei zijn.

Vervorming van de schedel is iets dat mogelijk al heel lang voorkomt.  (zelfs bij de neanderthaler )

Artificially deformed Neandertal skulls (Trinkaus, 1982)

Er zijn aanwijzingen gevonden dat sommige prehistorische Australische schedels, gedateerd tussen de 14.000 en 9.500 jaar geleden, kunstmatig zijn vervormd.

australian artificial deformed skulls

http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/20633924
Brown P.
Palaeoanthropology, Faculty of Arts and Sciences, University of New England, Armidale, NSW 2351, Australia.

Article in `The Age’ – July 26, 2010 w/reference Denmark/Netherlands

–> Het terugwijkende voorhoofd van prehistorische Australische schedels kan in dat geval niet worden gebruikt als een kenmerk dat duidt op een speciale verwantschap met de primitieve Java mens (Pithecanthropus erectus).

 

australian  male  types    ,european and asian

Figuur 6: Afbinden van het hoofd

(hieronder)

1.- Africa
2.-Europe Princess of the house of Este                                                                                                                                                                                       3.-Types of cranial deformation in the Eastern US (Neumann, 1995).

4.-Artificial cranial deformation in the Proto-neolithic and Neolithic Near East

  Types of cranial deformation in the Eastern US (Neumann, 1995).

Paracas Peru Deformed Skull and Reconstructions

http://frontiers-of-anthropology.blogspot.be/2012/08/artificial-cranial-deformation-in-proto.html

°

Soorten

Ruim 100 jaar geleden werd er een belangrijk menselijk fossiel gevonden door de Nederlander Eugène Dubois: Pithecanthropus erectus (tegenwoordig: Homo erectus). Na Dubois zijn er heel wat menselijke fossielen gevonden

Het aantal soorten mensachtigen is flink uitgebreid.

Het idee dat het om een eenvoudig rechtlijnig evolutionaire ontwikkeling gaat van een soort mensaap via aapmensen naar de moderne mens is al lang verlaten. De afgelopen jaren is duidelijk geworden dat het mogelijk eerder om een soort van struik-structuur gaat met allerlei aftakkingen waarvan er een aantal takken zijn uitgestorven. Vergelijkbaar dus met andere soorten in het dierenrijk.
Over het aantal soorten mensachtigen wordt in wetenschappelijke kringen flink gediscussieerd. Overeenstemming is er nog steeds niet en die zal voorlopig niet komen, zeker niet zolang nieuwe vondsten oude denkbeelden onderuit kunnen halen.

Dat is niet zo vreemd als je bedenkt dat menselijke fossielen relatief gezien zeldzaam zijn en je lang niet altijd mooie gaaf bewaarde exemplaren vindt. Skeletten, zelfs degenen die niet helemaal compleet zijn, zijn voor mensen die zich bezig houden met menselijke evolutie nog altijd een grote sensatie. Wie weet hoeveel (zeldzame) fossielen er nog gevonden moeten worden voordat we een redelijk compleet beeld hebben van onze afstammingsgeschiedenis. Waarschijnlijk wordt dit beeld nooit compleet omdat fossilisatie op zich niet vanzelfsprekend is.
Bovendien kunnen bovengenoemde factoren zoals leeftijd, geslacht, ziekte en kunstmatige vervorming een rol spelen bij verschillende interpretaties van wetenschappers.

Het aantal soorten is mensenwerk: vaak een kwestie van “smaak” (verschil in inzicht).

Hoe dan ook; als we de vorm van de schedel in beschouwing nemen, kunnen we binnen de groep van mensachtigen duidelijk drie groepen onderscheiden. Deze groepen kunnen worden ingedeeld in drie geslachten: Australopithecus, Paranthropus en Homo.

Figuur 7 geeft zes voorbeelden van soorten uit de bovengenoemde geslachten.

Figuur 7:
Links van boven naar beneden: A. afarensis, A. africanus en P. boisei
Rechts van boven naar beneden: H. rudolfensis, H. erectus en H. sapiens
  1. Omdat er meerdere factoren zijn die medeverantwoordelijk (kunnen) zijn voor de vorm van de schedel zoals leeftijd, geslacht, ziekte en kunstmatige vervorming. Wetenschappers komen tot verschillende conclusies omdat ze de factoren verschillend interpreteren (wegen); ze verschillen in inzicht.
  2. Ziekte, trauma en kunstmatige vervorming kunnen een rol spelen (maar niet noodzakelijkerwijs).
  3. Bij schedels van jonge individuen zijn bepaalde karakteristieke kenmerken nog niet zo sterk ontwikkeld (uitgegroeid).

Bijvoorbeeld:

A. afarensis P. boisei H. sapiens
Grote schedelinhoud +
Uitstekende hoektanden +
Kam op schedeldak +
Zware jukbeenderen +

 

Vroege mensachtigen van de geslachten Australopithecus( A gracilis ) en Paranthropus (tussen de 4 en 2 miljoen jaar geleden) werden voor zover we weten niet groot, 100-150 cm. lang, met een lichaamsgewicht van 30-50 kg. De herseninhoud is vergelijkbaar met die van chimpansee en gorilla (400-530 ml.). (1)

Soorten van het geslacht Paranthropus( A. bosei / Robustus ) bezitten een zwaarder kauwapparaat dan soorten van het geslacht Australopithecus. Het zware kauwapparaat van Paranthropus duidt waarschijnlijk op een specialisme, het eten van (plantaardig) weinig calorierijk voedsel.

Het lijkt erop dat soorten binnen het geslacht Homo zich duidelijk onderscheiden van voorgaande mensachtigen; ze waren groter en hadden een grotere herseninhoud.

Homo erectus, die leefde tussen de 1,8 en 0,3 miljoen jaar geleden, had een lichaamslengte van 160-185 cm., een lichaamsgewicht van 65-75 kg. en een herseninhoud van 750-1250 ml. Met de komst van Homo erectus worden we geconfronteerd met fraai bewerkte stenen werktuigen (vuistbijlen), een leven in meer verschillende habitats, een verschuiving naar een calorierijker dieet (meer gebaseerd op vlees) en expansie vanuit Afrika.
De moderne mens (Homo sapiens) is waarschijnlijk zo’n 200.000 tot 100.000 jaar geleden ontstaan.

De herseninhoud bij deze soort varieert tussen de 1200 en 1700 ml. De moderne mens verschijnt in Europa rond de 30.000 jaar geleden. In West Europa worden deze mensen Cro-Magnons genoemd naar een vondst gedaan in 1868 in de Dordogne, Frankrijk. Typische schedelkenmerken van deze moderne mensen zijn bijvoorbeeld: kortere ronde schedel (hoog voorhoofd), kleinere wenkbrauwbogen, vlakke gezicht en prominente kin.

(1) Ondertussen zijn ook reeds “oudere” groepen gevonden waaronder Australopithecus anamensis , Ardipithecus ,

NOG EEN BENDE BIJTERS (klik )http://www.bloggen.be/evodisku/ Tchadensis TOUMAI

Vrouwen hebben dikkere maar kleinere schedel

Vrouwen hebben een dikkere schedel dan mannen, maar die is wel kleiner en smaller. Dat blijkt uit een onderzoek bij 3.000 mensen, uitgevoerd door Britse en Chinese wetenschappers.Een vrouwelijke schedel is gemiddeld 7,1 millimeter ‘dik’, terwijl dat bij een man gemiddeld ‘slechts’ 6,5 millimeter is: een verschil van 9 procent. Een mannelijke schedel is gemiddeld wel drie procent langer en vier procent breder dan een vrouwelijke schedel.Onbelangrijk? Niet helemaal. Deze zogenaamde geometrische informatie kan wetenschappers helpen om hoofdwonden te begrijpen, en dus ook betere hoofdbeschermingen te ontwikkelen.
(edp)

http://www.indiana.edu/~ensiweb/lessons/hom.cran.html

female chimpansee skull

 

cromagnon 3

Modern human

 

Skulls2

skull.cf
skull.cf
skull.cr
skull.cr
skull.ct
skull.ct
skull.cu
skull.cu
skull.df
skull.df
skull.dr
skull.dr
skull.dt
skull.dt
skull.du
skull.du
skull.ef
skull.ef
skull.er
skull.er
skull.et
skull.et
skull.eu
skull.eu
skull.ff
skull.ff
skull.fr
skull.fr
skull.ft
skull.ft
skull.fu
skull.fu
skull.gf
skull.gf
skull.gr
skull.gr
skull.gt
skull.gt
skull.gu
skull.gu
skull.hf
skull.hf
skull.hr
skull.hr
skull.ht
skull.ht
skull.hu
skull.hu
Each skull is identified with a code: “skull.xy”.

 The “X” portion designates the species:

b = Chimpanzee (female) [95 mm]
c = Cro-Magnon man [147 mm]
d = Modern human [135 mm]
e = Neandertal man [152 mm]
f = Homo erectus (Peking female) [140 mm]
g = Australopithecus boisei [105 mm]
h = Australopithecus africanus [95 mm]

The “Y” portion designates the view:

f = front; r = right side; t = top; u = under HOMINOID SKULLS: PROFILE DRAWINGS A. afarensis (Lucy”)

A. boisei (“Zinj”)

Chimpanzee


Homo habilis (KNM-ER 1813)
Homo erectus

homosapiens skulls

Over tsjok45
Gepensioneerd . Improviserend jazzmuzikant . Instant composer. Jamsession fanaat Gentenaar in hart en nieren

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: