INHOUD G


INHOUD evodisku —-> https://tsjok45.wordpress.com/2012/09/03/evodisku/

°

GENEESKUNDE

°

GENETICA

 artikel GIST <—doc archief 

JUNK DNA -Doc  archief 

   Knock out  <—doc  WP

MENDEL  <—

°

°

GEOLOGIE

BAJADA.docx (230.9 KB)

CAMBRIUM > https://tsjok45.wordpress.com/2012/09/01/cambrische-explosie/

-Death valley

°

°GEOLOGIE  TREFWOORDEN _____________________________________________

WOORD VOORAF 

Allang waren wij er ons van bewust, dat er behoefte was aan een ruggesteuntje voor beginnende en gevorderde amateurs om hun geologische kennis, vooral t.a.v. de betekenis en inhoud van geologische begrippen en namen, op een eenvoudige wijze op te frissen en uit te bouwen.
Deze behoefte bleek tijdens de bijeenkomsten van de Nederlandse Geologische Vereniging en van de NGV. afdeling LImburg.
Deze bijeenkomsten worden bijgewoond zowel door beginnenden als door doorgewinterde amateurs en vakgeologen.
Tijdens lezingen en besprekingen worden er uiteraard geologische woorden en uitdrukkingen gebruikt.

Hierbij is het vrijwel onmogelijk om een zodanige spreektaal te kiezen, dat alle toehoorders deze begrippen direct kunnen plaatsen.
Zo kwamen wij op de gedachte om hieraan tijdens elke bijeenkomst aandacht te schenken.

Sinds 1985 heeft de schrijver telkens een korte inleiding gehouden van 15 à 20 minuten, waarin geologische begrippen kort werden gedefiniëerd. Begrippen en omschrijvingen uit de geologie werden zo beknopt mogelijk in hun verband gebruikt, om hun betekenis te verduidelijken.
De opzet is zodanig gekozen, dat de geologie op eenvoudige, voor ieder begrijpelijke wijze wordt doorgenomen.

Deze formule voldeed en zo ontstonden de ‘Telegramstijlen’.
Toen de serie was afgerond voelde menigeen de behoefte, om de behandelde stof in gemakkelijk hanteerbare vorm bij de hand te hebben.Daarom besloten wij tot het uitgeven van deze beknopte ‘Algemene Geologie’.

Het is vooral de bedoeling aankomende amateurs kennis te laten maken met de geologische terminologie en verder om de kennis van gevorderden zo nu en dan een ruggesteuntje te geven.

Voor het opzoeken van geologische woorden en termen in de tekst kan men gebruik maken van het alfabetische trefwoordenregister.
Wij hopen, dat ‘Geologie in Telegramstijl’ een nuttig naslagwerkje zal blijken te zijn.

°

Iemand, die dieper in wil gaan op de betekenis, de inhoud en de samenhang van de gebruikte begrippen zal zich in de betreffende literatuur moeten verdiepen. Hiertoe is een beknopte bibliografie opgenomen.
Verdere studie bevelen wij de gebruikers van dit handboekje van harte aan.

Nog een praktische opmerking: Op heel veel plaatsen is het = teken gebruikt tussen namen en begrippen. Dat wil zeggen, dat het synoniemen betreft voor globaal hetzelfde begrip.

De schrijver is er zich van bewust, dat er verschillen bestaan in exakte betekenis of gevoelswaarde tussen bv. de woorden groot = enorm = omvangrijk. Toch is er gekozen voor het =  teken omwille van de beknoptheid.

Allen aan wie ik advies of hulp vroeg reageerden direkt positief. Dit begunstigde het werk. aan het boek in hoge mate.
Enkelen van hen, wiens deskundigheid ik bewonder en die ik als goede vrienden beschouw wil ik met name bedanken.
W.M. Felder uit Vijlen en H. Huisman uit Lieveren lazen zorgvuldig het manuscript en maakten veel nuttige opmerkingen. J.Jagt uit Venlo en E. Vanes uit Beek deden hetzelfde met resp. de hoofdstukken Fossielen en Mineralen.
C. Rademakers uit Heerlen maakte veel fraaie en duidelijke tekeningen. Bovendien corrigeerde hij de tekst, verzorgde hij de lay out en maakte hij het boek drukklaar.
Hen en vele anderen ben ik veel dank verschuldigd.

Heerlen, voorjaar 1992. EC. Kraaijenhagen.

***Opmerking:

Er zijn daar waar nodig wijzigingen aangebracht gedurende het opzetten voor deze website door G. Brouwers. e.a.

1.-

2.-   A

3.- 

° 

4.-     Cretaceous 3_Late_Cret[1] stratigraphy <—pdf

5.-

6.-

7.-

8.- 

9.- 

11.-  J

12.- 

13.-

14.-

15.- 

16.- 

18 

19.- 

20.- 

21.- 

22.- 

DE AMATEUR EN DE GEOLOGIE.

Er is alle reden om een stellig vertrouwen te hebben in een nuttige samenwerking tussen amateurs en beroepsgeologen, omdat ieder zo zijn eigen specifieke mogelijkheden heeft.

°De beroepsgeoloog heeft zijn gedegen opleiding en vakkennis, zijn gemakkelijke contacten met vakgenoten, zijn vakliteratuur en ook de technische en economische mogelijkheden van de instelling of het bedrijf, waaraan hij is verbonden.

°De amateur kan hier iets zeer wezenlijks tegenover, of beter gezegd naast, stellen. Hij kan zelf zijn doelen kiezen, zijn tempo bepalen en zijn tijd indelen.

Hierbij springen er twee dingen in het oog.

Een amateur kan zonodig zeer veel tijd besteden aan zijn gekozen hobby onderwerpen. Economische factoren, zoals hoeveelheid geld en uren, die aan een project kunnen worden besteed, spelen een andere rol dan bij professionele instanties. Voor het doen van veel geregelde en talrijke waarnemingen kan dit uiterst belangrijk zijn.

Verder is een goede amateur ook een goede kenner van zijn streek en omgeving. Dit pleit ervoor, om als amateur een streekgebonden onderwerp te kiezen. Hij heeft dan enorme mogelijkheden, door contacten met medeamateurs uit zijn omgeving en door de mogelijkheid om waarnemingen te doen en werk te verrichten in de eigen woonomgeving.
Dat dit tot successen en goede, wetenschappelijk verantwoorde resultaten kan leiden is veelvuldig gebleken.

Wij stellen er prijs op, U in dit hoofdstuk te laten kennismaken met een aantal voorbeelden van door amateurs in eigen omgeving gebruikte en vaak ook zelf ontwikkelde onderzoeken en methodieken.

Bij het geven van voorbeelden dreigt het grote gevaar dat men anderen. die op een vergelijkbaar of ander gebied evenveel of meer goed werk hebben gedaan onvermeld laat. Om deze reden zijn ook de namen van de betreffende personen in de voorbeelden weggelaten, hoewel U menigeen toch zult herkennen.

De schrijver is er zich van bewust, dat er bovendien nog heel andere gebieden zijn, waarop men zich verdienstelijk kan maken, om de geologiebeoefening te bevorderen. Denkt U maar eens aan het vervullen van functies in besturen en redacties, het organiseren van excursies, exposities, lezingen, enz.

Verder is het weliswaar prettig als amateurs in de ogen van sommigen ‘topprestaties’ leveren of goede ideeën hebben, maar minder opvallende, bescheiden of beginnende amateurgeologen verdienen in onze ogen niet minder aandacht of waardering.
Iedereen kan opzijn / haar eigen wijze genoegen beleven aan het beoefenen van de geologie.

De volgende voorbeelden worden dan ook alleen gegeven om iedereen er op te wijzen, dat er in eigen omgeving op het gebied van de geologie zulke leuke, nuttige en prettige dingen zijn te doen.

33.1. Levenssporen.

Een amateur uit Drenthe heeft jarenlang gegevens verzameld over levenssporen van organismen = fossiele sporen van activiteiten van vooral dieren.
Zijn aanpak was breed. Hij betrok hierin loopsporen, boorgaten, graafgangen, bouwen van nesten, schuilplaatsen, enz.
Over zijn werk rapporteerde hij al in 1969 in een tweetal gedegen artikelen in ‘Grondboor & Hamer’.

Een amateur uit Winterswijk verzamelde en bestudeerde o.a. een kleine duizend loopsporen = voetsporen in schotelvormige kalksteen in de Onder-Muschelkalk van de Midden-Trias in een groeve in zijn woonplaats. Hij deed hierbij gedurende een lange tijd van studie en onderzoek een aantal unieke waarnemingen.
Het is een gelukkige omstandigheid, dat de sporen in de betreffende groeve voorkomen in fijne kalksteen. De sporen zijn hierdoor duidelijker dan die van de meeste andere vindplaatsen, waar ze voorkomen in zandsteen.
Onze amateur publiceerde een studie van hoog gehalte samen met een Fransman, die het paleoichnologischegedeelte verzorgde.
Deze publicatie had niet alleen grote waarde uit een oogpunt van documentatie, maar er ontspon zich ook een levendige discussie over de diersoorten, die de sporen hadden veroorzaakt. Deze discussie werd mogelijk gemaakt, door de nauwgezette registratie, tot in huid- en nagelafdrukken nauwkeurig door onze amateur.
De sporen zijn van Sauriërs. De studie leverde enkele nieuwe ichnogeslachten en -soorten op.
Mede voor dit werk werd aan de Winterswijkse amateur, die daarnaast ook een belangrijk bestuurslid is geweest van de Nederlandse Geologische Vereniging, in 1984 de ‘P. van der Lijn-onderscheiding’ toegekend.

33.2. Gesteentetellingen.

Gidsfossielen en gidsgesteenten kunnen uitsluitsel verschaffen over de ouderdom van gesteenten en bij zwerfstenen soms ook over de herkomst ervan.

P. van .der Lijn (4 juli 1870 – 26 april 1964), de eerste voorzitter en erevoorzitter van de NGV wees er al in zijnKeienboek op, dat zwerfsteencomplexen = zwerfsteengezelschappen vaak aanvullende gegevens kunnen verschaffen voor het bepalen van de herkomstgebieden.

Het karakter van zwerfsteencomplexen kan men vastleggen door middel van zwerfsteentellingen of grindtellingen.
In Limburg worden grindtellingen gebruikt voor het bepalen van de herkomst van Maasgesteenten. De vroegere Rijks Geologische Dienst gebruikte ze ook, om Maas-, Rijn- en Oostelijke fluviatiele sedimenten te onderscheiden.
In Noord-Nederland gebruikt men ze voor zwerfstenen en hun herkomstgebieden.
Of met dit onderzoek van gidsgesteenten ook chronostratigrafie kan worden bedreven wordt sterk betwijfeld.

Een voortrekker op dit gebied was een amateur uit Drenthe.
Jarenlang inventariseerde hij grote aantallen zwerfsteengezelschappen in het gebied met Pleistocene afzettingen. Hij verwerkte tonnen zwerfstenen uit de noordelijke keileem. De methode bestaat hierin: – alleen alle kristallijne gidsgesteenten uit een gebied worden verzameld.
– de gesteenten worden gerangschikt in 4 groepen en geteld. Dit levert de ‘formule van Hesemann‘ op, een getal van 4 cijfers.
De 4 groepen zijn elk afkomstig uit een bepaald gebied.en deze worden gebruikt in een ontkalkte omgeving.
– er wordt ook wel een indeling in 6 groepen gehanteerd in een kalkrijke omgeving.
Door vergelijking der uitkomsten van veel tellingen kunnen ervaren en bekwame onderzoekers, zoals onze amateur was, heel wat conclusies trekken omtrent de gletsjerverplaatsingen gedurende de ijstijden en over de opbouw van de ondergrond van Noord-Nederland.
Het is duidelijk, dat men voor het toepassen van deze methode over een grondige ervaring en kennis van kristallijne gidsgesteenten moet beschikken.
Mede voor zijn aandeel in de ontwikkeling en toepassing van gesteentetellingen ontving de amateur uit Drenthe in 1983 een welverdiende ‘P. van der Lijn-onderscheiding’.
Als eerste amateurgeoloog ontving deze Drentse gesteentedeskundige in het Koninklijk Paleis uit handen van Prins Bernhard op 26 juni 1992 als erkenning van zijn verdiensten een Zilveren Anjer.

33.3 Mesofossielen.

Een geoloog uit Zuid-Limburg was als jongen al een bezielde amateur. Daardoor kreeg hij later gelegenheid, zich beroepsmatig met geologie bezig te houden.
Hij gebruikte, ontwikkelde en verfijnde een methode, om door middel van mesofossielen, bioklastenkalksteenpakketten te karakteriseren. Mesofossielen zijn fossiele resten in de afmetingen van l tot 2.4 mm. In deze categorie vallen behalve sommige foraminiferen en ostracoden ook fossielfragmenten.
De werkmethode is globaal als volgt.
– monsters van 1 kg worden genomen uit elkaar opvolgende lagen van een ontsloten profiel (schets maken).
– het monster wordt tot gruis verkleind en uitgezeefd op 2.4 mm en op l mm en gedroogd.
– onder een goede loupe of een binoculair (5 -25x) worden de mesofossielen uitgesorteerd in 5 groepen:
I. Echinodermata = Stekelhuidigen.
II. Bryozoa = Mosdiertjes en Porifera = Sponzen.
III. Serpulidae = Kokerwormen.
IV. Pelecypoda = Tweekleppigen en Brachiopoda = Armpotigen.
V. Diversen.
– na uitsorteren van 250 exemplaren worden de aantallen per groep opgeteld en wordt per groep het percentage bepaald.
De uitkomst hiervan is karakteristiek voor de betreffende laag. De werkwijze kan op verschillende manieren nog worden verfijnd.
De methode is zeer goed bruikbaar gebleken om, in samenhang met andere methoden, door vergelijking van de monsters van verschillende locaties, een wezenlijke bijdrage te leveren aan de stratigrafie en de horizontalecorrelatie binnen een gebied en zelfs van verschillende, ver uiteen liggende gebieden.
Onze amateur/beroepsgeoloog ontving voor dit werk en voor zijn vele andere bijdragen aan de beoefening van de geologie in 1986 de Belgische André Dumont-onderscheiding. Een voorbeeld van doorzettingsvermogen en enthousiasme voor alle amateurs, die het nut van een wetenschappelijke aanpak inzien.

33.4. De fulguriet van Hergenrath .

Leden van de Nederlandse Geologische Vereniging afdeling Limburg groeven in het tijdvak juli 1959 – oktober 1960 in een groeve in het Akens Zand een Fulguriet = bliksembuis uit van afzonderlijke afmetingen. De lengte was 12.95 m.
De Fulguriet werd aangetroffen in het Akens Zand, nabij Hergenrath (B).
Publicatie vond plaats in Grondboor & Hamer 11, dec.1961.

33.5. Radioactiviteit in onze bodem.
Een amateur uit Twente, erelid van de NGV, was tientallen jaren actief bezig met onderzoek naar de tektoniek en demorfologie van zijn streek.
Hiertoe werden o.a. ontsluitingen bestudeerd en grondboringen uitgevoerd.
Sinds ruim 10 jaar maakte hij ook gebruik van de natuurlijke radioactiviteit van sommige bestanddelen van de ondergrond.
Een radioactieve stof als uranium zendt een drietal soorten straling uit: alphastralen = heliumkernen, bètastralen =elektronen en gammastralen = energie.Hiervan hebben gammastralen een enorm groot doordringingsvermogen.
Onze amateur heeft zelf apparatuur ontwikkeld waarbij een Geigerteller de gammastralen waarneemt. Hierdoor zijn tikken hoorbaar in een luidspreker, die kunnen worden geteld en vastgelegd.
Door met deze apparatuur op pad te gaan en empirische gegevens te verzamelen, werd ervaren, welke de mogelijkheden van het systeem waren. Vastgesteld werd, dat er vooral door het vergelijken van gegevens, dus vergelijkenderwijs, conclusies kunnen worden getrokken.

We noemen globaal enkele mogelijkheden:
– keileemlagen kunnen goed worden aangetoond.
– fossiele beenderen en fosforieten tonen hun aanwezigheid.
– kalizouten zijn aan te tonen, evenals glauconiet.
– graniet van zwerfstenen levert meetresultaten.

Onze prominente Twentse amateur had zijn apparatuur in zijn auto gemonteerd, zodat hij al rijdende globale waarnemingen kon doen.
Op grond van de vele door hem verzamelde gegevens heeft hij veel interessante en ook praktisch waardevolle gegevens verzameld over de morfologie van de ondergrond van zijn wijde woongebied.
Uit dit onderzoek bleek, dat er in zijn gebied in de jongste geologische, postglaciale tijden langs oude breuken nog steeds belangrijke bewegingen optreden.
Hierdoor werd het landschap sterk beïnvloed. Vroeger werden de hiermee samenhangende geomorfologische verschijnselen verklaard door stuwingen e.d.
NB. Inzicht in geomorfologische processen is ook van zeer groot belang voor b.v. archeologen. Mede voor dit werk ontving hij in 1991 de ‘P. van der Lijnonderscheiding’.
Dit voorbeeld toont aan, dat een amateur, die energie en tijd wil besteden aan de geologie van zijn streek tot verrassende resultaten kan komen.
Een voorbeeld ter navolging door velen.

33.6. Natuurlijke bouwstenen.

Een lid van de Nederlandse Geologische Vereniging in Zuid-Limburg, beroepshalve bezig met geologie, bleek zoveel liefde te hebben voor zijn vak, dat hij uit pure liefhebberij een studie wijdde aan het gebruik van gesteenten voor het bouwen van huizen en andere gebouwen.
In het algemeen kan men stellen, dat men in veel streken aan de gebruikte natuurlijke bouwstenen kan zien, uit welke formaties de ondergrond bestaat.
De goede waarnemer kan b.v. bijna per dorp vaststellen, waar men de grens passeert tussen het Krijt en het Carboon of tussen het Gulpens Krijt en het Kunrader Krijt.
Ons lid verzamelde een schat aan gegevens en maakte veel mooie dia’s. Hij hield veel lezingen en publiceerde een aantal boeiende artikelen over dit onderwerp.
Dergelijke studies kunnen in vrijwel iedere streek of stad worden uitgevoerd. Zo zijn er b.v. goede boekjes over het gebruik van natuurlijke bouwstenen in Amsterdam, Groningen en Maastricht.
Zijdelings vermelden we een studie van een amateur over stenen, gebruikt voor dijkaanleg en kustbescherming.
Allemaal voorbeelden ter navolging.

33.7. Prehistorische vuursteenmijnbouw.

Een groep van ca. 15 leden van de Nederlandse Geologische Vereniging afdeling Limburg, met geologische en archeologische belangstelling en mijnbouwkundige ervaring, nam in1964 van de Rijksuniversiteit Groningen een onderzoek over naar de prehistorische vuursteenwinning in het Savelsbos bij Ryckholt. Ze vormden daartoe de Werkgroep Prehistorische Vuursteenmijnbouw.
In een campagne, die 8 jaar duurde en o.a. iedere vrijdagnacht in beslag nam, werd een complex ca. 5000 jaar oude vuursteenmijnen van ruim 170 m lang en 20 m breed toegankelijk gemaakt en onderzocht. Dit gebeurde door het drijven van een ca. 150 m lange ondergrondse manshoge gang. Deze gang werd later in beton geconserveerd voor het nageslacht.
Het onderzoek leverde ruim 16.000 vondsten en een groot aantal waarnemingen op.
De Werkgroep bracht deze enorme opgraving tot een goed einde en voerde daarna ook een aantal jaren het beheer over het aldus ontstane beschermde monument.
Daarnaast besteedde ze veel tijd en energie aan studie en aan internationale contacten.
De Werkgroep organiseerde in 1969, 1974 en 1979 in Maastricht Internationale Vuursteensymposia over de geologische en archeologische aspecten van vuursteen. Het Symposium van 1979 werd bezocht door ca. 200 vaklieden en amateurs, geologen en archeologen, uit 17 landen.
De Symposia brachten een aantal studies en onderzoeken op gang in verschillende landen en werden een traditie, die nog steeds voortgang vindt.
In 1983 volgde Engeland in Brighton, in 1987 Frankrijk in Bordeaux en in 1991 Spanje in Madrid e.a.
Volgende Symposia over vuursteen in andere landen staan alweer op het programma.

Op uitnodiging van het British Museum voerde de Werkgroep in 1973, 1974, 1975 en 1976 met veel succes opgravingen uit in de prehistorische Vuursteenmijnen te Grimes Graves, op de grens van Suffolk en Norfolk.
Van 21 december 1974 tot 29 juni 1975 vormden de resultaten van deze campagnes een belangrijk bestanddeel van een expositie in het British Museum. Een wel zeer bijzondere eer!
Een betrekkelijk kleine Werkgroep van amateurs verzette dus niet alleen bergen werk, maar vergat ook niet om aandacht te besteden aan het uitbreiden van haar kennis en om die ook uit te dragen bij anderen.

33.8. Kalkbranderijen.

Een amateurgeoloog uit Zuid-Limburg, van beroep chemicus, verdiepte zich in de geschiedenis van dekalkbranderijen in het Limburgse kalkgebied, met de bijbehorende kalksteenwinning. Hij zocht uit, aan welke soorten kalksteen men de voorkeur gaf en waarom.
Het bleek hem, dat de kwaliteit van de Nederlandse gebrande kalk feitelijk niet goed kon concurreren met die uit b.v. België en Frankrijk. Dit verklaart de opbloei in Nederland van het kalkbranden gedurende de 1e en de 2e Wereldoorlog en de ondergang na deze oorlogen.
Onze amateur verzamelde een uitvoerige documentatie, waarvoor hij veel gegevens vond in kranten, folders, advertenties e.d.
Een en ander resulteerde in een aantal rijk met dia’s gestoffeerde en goed gedocumenteerde lezingen en in publicaties.

33.9. Pleistocene zoogdieren .

Een amateurgeoloog uit Hoofddorp verzamelde vooral resten van Pleistocene zoogdieren. Tijdens het Pleistoceen,dat samen met het Holoceen het Kwartair vormt, is Nederland rijk geweest aan omvangrijke kudden grotezoogdieren, zoals mammoeten, neushoorns, reuzenherten, paarden, edelherten, damherten, bosolifanten en diverse roofdieren, zoals grottenberen, leeuwen en hyena’s.
Bijna dagelijks worden er resten van deze zoogdieren in onze bodem en de bodem van de Noordzee gevonden.
De nadruk van de verzameling van onze amateurpaleontoloog ligt op de minder spectaculaire skeletonderdelen van grote zoogdieren, die in het verleden niet of nauwelijks werden verzameld. Enerzijds omdat ze te klein waren en over het hoofd werden gezien, anderzijds omdat men ze niet interessant vond.
In een tientaljaren werd een omvangrijke verzameling opgebouwd, met een nauwkeurige documentatie van vondstomstandigheden e.d.
De wens groeide, de fossielen wetenschappelijk te laten onderzoeken, waardoor er samenwerking ontstond met professionele zoogdierpaleontologen te Leiden en Utrecht.
Dit resulteerde in de oprichting van de unieke en bloeiende Werkgroep Pleistocene Zoogdieren. Amateurs en beroepspaleontologen werken hierin nauw samen. Het mes snijdt van twee kanten: de wetenschapper levert know-how, de amateur kent en zoekt de vindplaatsen, verzamelingen e.d.

Fig.61. Kudde wolharige mammoeten uit het Laat-Pleistoceen waagt zich in het ondiepe water van een overstromende Maas bij ‘s-Hertogenbosch.
Tekening van J.P. Brinkerink, 1990. Collectie Dick Mol, Hoofddorp.

De NGV werkt ook goed met de Werkgroep samen.
Door het werk van de Werkgroep is er een goed en aardig compleet inzicht verkregen in het bestand aan zoogdieren, dat in de diverse koude en warme perioden van het Pleistoceen ons land bewoonde.
Duidelijk is geworden, dat mammoeten en met name de wolharige mammoet zeer massaal voorkwam in onze regionen. Na de Sovjet-Unie wordt Nederland nu gezien als hèt Mammoetland.
Onze amateur ontving voor zijn zeer nuttige en gedegen werk in 1987 de ‘P. van der Lijn-onderscheiding’.

33.10. Ertswinning nabij onze zuidgrens.

Een amateur in Zuid-Limburg verzamelde een grote hoeveelheid geologische en geschIedkundige gegevens over de voor heel Europa belangrijke ertsmijnbouw in de omgeving van Bleiberg/La Calamine, in het tegenwoordige Moresnet in België, juist ten Zuiden van de Nederlandse grens. De ertsen komen hier voor in Devonische en Onder- en Boven-Carbonische gesteenten.
Hij trachtte en tracht nog een zo volledig mogelijk inzicht te krijgen in de geologie van de ertsvoorkomens. Daarnaast bestudeert hij de geschiedenis van de winning.
Enkele publicaties en een groot aantal boeiende lezingen waren het resultaat.

33.11. Krijtfossielen beschreven .

Een destijds amateur uit Noord-Limburg begon al vroeg met het verzamelen, bestuderen en beschrijven van fossielen uit het Krijt, vooral uit Zuid-Limburg.
Zijn aanpak is dermate wetenschappelijk en grondig, dat hij in vakkringen als autoriteit wordt gezien op het gebied van krijtfossielen. En niet alleen in Nederland. Hij is behalve lid van de Nederlandse Geologische Vereniging, ook op uitnodiging lid van verscheidene, ook buitenlandse, studiegroepen en instituten.
De voormalige Rijks Geologische Dienst verzekerde zich van zijn medewerking aan een publicatieproject over krijtfossielen.
Zijn eigen publicaties blinken uit door gedetailleerdheid en volledige beschrijving van kenmerken der fossielen, vondstomstandigheden en nieuwste gegevens.
Zijn verdiensten voor de beoefening der geologie werden in 1989 erkend, door de toekenning van de ‘P. van der Lijnonderscheiding’.

33.12. De stratigrafie van het Krijt.

Een geoloog uit Zuid-Limburg was al als jongen, evenals zijn broer, druk bezig met geologie. Doordat hij dat goed deed, kreeg hij gelegenheid zich beroepsmatig met geologie te gaan bezighouden.
Eerst ondergronds in de mijnbedrijven, daarna bij de voormalige Rijks Geologische Dienst.
Daarnaast besteedde hij veel vrije tijd aan geologie. Hierbij valt het op, dat hij veel over heeft voor het inwijden en begeleiden van amateurs. Hij hield veel lezingen, determineerde ontelbare vondsten van anderen, gaf cursussen en leidde honderden excursies.
Zijn grote wetenschappelijke verdiensten liggen vooral op het gebied van de stratigrafie van het Krijt. De door hem na jarenlange intensieve arbeid opgestelde stratigrafische indeling van het Krijt is algemeen erkend en wordt internationaal toegepast.
Daarnaast bouwde hij een unieke collectie Krijt-fossielen op, die zijn stratigrafie a.h.w. stoffeert, illustreert en afrondt.
Deze collectie is verworven door de Gemeente Maastricht en ondergebracht in het Natuur Historisch Museum te Maastricht.
De wetenschappelijke verdiensten van onze amateur/vakmangeoloog, jaren lang medebestuurslid en mederedakteur van de NGV, vonden erkenning door de toekenning van de eervolle ‘Koninklijke/Shell Prijs 1987′.

33.13. Het ontstaan van een museum.

Een amateur in Overijssel, van beroep timmerman, deed jarenlang waarnemingen in zijn omgeving. Hij verzamelde van grondboringen, het opnemen van bodemprofielen en het verzamelen van zwerfstenen.
Hierover publiceerde hij ook in Grondboor & Hamer.
Toen zijn vondsten zich ophoopten, besloot hij eigenhandig een museum te bouwen, in te richten en te exploiteren. Zo ontstond het Geologisch Streekmuseum ‘De IJsselvallei’ te Olst. Onze amateur draagt op deze wijze bij aan het toegankelijk maken van de geologie voor een groter publiek.

33.14. Grondboringen in Zuid-Holland.

Een amateurgeoloog uit Brielle verdiept zich zeer actief in de Kwartaire geologie van zijn omgeving.
Met eigen middelen, zowel financieel als technisch, voert hij vele tientallen meters diepe boringen uit, waarvan hij de resultaten uiterst nauwkeurig registreert.
De uit deze boringen afkomstige fossielen zijn van groot wetenschappelijk belang. Ze geven een overzicht van de Kwartaire flora en fauna en verschaffen een beter inzicht in de stratigrafie van het gebied.
De betreffende amateur is lid van de Werkgroep Pleistocene Zoogdieren en van de Werkgroep Tertiaire en Kwartaire Geologie.
Voor zijn belangrijke werk ontving hij in 1986 de ‘P. van der Lijn-onderscheiding’.

33.15 Van amateur tot onderzoeker en informatiebron .

Een jongetje in Noord-Nederland begon al na zijn kleutertijd stenen te zoeken. Toen hij opgroeide, begon hij rond 1960 boeken te lezen over geologie. Uit het Keienboek van van der Lijn leerde hij, dat hij a.h.w. bovenop de zwerfstenen en de noordelijke kalksteenfossielen woonde. Met steun van de amateur Bernard Boelens ontwikkelde hij zich tot een uitstekend amateurgeoloog. Als specialist in Trilobieten en andere fossielgroepen wordt hij in de latere drukken van het Keienboek inmiddels zelf herhaaldelijk vermeld!
Het werd hem duidelijk, dat de oorsprong van de Groningse Ordovicische kalkstenen niet alleen gezocht moet worden in het oostelijke Oostzeegebied ten westen. van de eilanden Saarema en Dagö, maar ook in de Botnische Golf ver ten noorden. van de Alands-eilanden.
Hij ondernam veel zoektochten langs de Oostzeekusten en verzamelde vrijwel alle larvale stadia van olinide Trilobieten.
Na in 1969 met leden van de Nederlandse Geologische Vereniging afdeling Groningen te hebben geassisteerd bij het sorteren van door een verhuizing door elkaar geraakte collecties van het Natuurhistorisch Museum in Groningen, werd hij bij dit museum aangesteld als medewerker.
Hierdoor kon hij zijn als amateur begonnen hobby tot zijn vak maken en zijn geologische kennis verbreden en verdiepen.
Hij was en is in de gelegenheid en steeds bereid, om zijn kennis over geologie, botanie, landschap, enz. in dienst te stellen van ontelbare amateurs, door middel van cursussen, presentaties, lezingen, publicaties en gedurende een aantal jaren als eindredacteur van ‘Grondboor & Hamer’, het blad van de NGV.
Een fraai voorbeeld van iemand, die als amateur begon en later veel anderen inspireerde en op weg hielp in de geologie.

___________________________________________________________________

        Cretaceous 3_Late_Cret[1] stratigraphy <—pdf

 ( en creationisme )

Gobe <—

       meteorieten inslag <–DOC

overzicht stromatolieten early life <—Doc

°

GESCHIEDENIS

evolutiebiologen >—

De oorsprong van de menselijke beschaving.docx (20.8 KB)

wetenschapsgeschiedenis   <—-TAG

°

Over tsjok45
Gepensioneerd . Improviserend jazzmuzikant . Instant composer. Jamsession fanaat Gentenaar in hart en nieren

46 Responses to INHOUD G

  1. Pingback: IJSTIJDEN « Tsjok's blog

  2. Pingback: Planeet aarde « Tsjok's blog

  3. Pingback: RUBE GOLDBERG « Tsjok's blog

  4. Pingback: KNOCK OUT MUIZEN « Tsjok's blog

  5. Pingback: NaDarwin GEOLOGIE « Tsjok's blog

  6. Pingback: METEORIETEN EN ASTEROIDEN « Tsjok's blog

  7. Pingback: GENETISCHE REPARATIES | Tsjok's blog

  8. Pingback: PERMAFROST | Tsjok's blog

  9. Pingback: Geologie in Telegramstijl B | Tsjok's blog

  10. Pingback: GEOLOGIE IN TELEGRAMSTIJL A | Tsjok's blog

  11. Pingback: GEOLOGIE IN TELEGRAMSTIJL INLEIDEND | Tsjok's blog

  12. Pingback: GEOLOGIE IN TELEGRAMSTIJL C | Tsjok's blog

  13. Pingback: Groepsgedrag / zwermintelligentie/ robots | Tsjok's blog

  14. Pingback: GEOLOGIE TREFWOORD G | Tsjok's blog

  15. Pingback: GEOLOGIE TREFWOORD C | Tsjok's blog

  16. Pingback: HOX GENEN | Tsjok's blog

  17. Pingback: GEOLOGIE TREFWOORD T | Tsjok's blog

  18. Pingback: GEOLOGIE TREFWOORD R | Tsjok's blog

  19. Pingback: GEOLOGIE TREFWOORD Z | Tsjok's blog

  20. Pingback: GEOLOGIE TREFWOORD H | Tsjok's blog

  21. Pingback: MICROBIEELE ZWARTE MATERIE | Tsjok's blog

  22. Pingback: Geologie trefwoord J | Tsjok's blog

  23. Pingback: Geologie trefwoord D | Tsjok's blog

  24. Pingback: GEOLOGIE TREFWOORD E | Tsjok's blog

  25. Pingback: GEOLOGIE TREFWOORD S | Tsjok's blog

  26. Pingback: GEOLOGIE TREFWOORD K | Tsjok's blog

  27. Pingback: GEOLOGIE TREFWOORD F | Tsjok's blog

  28. Pingback: GIST | Tsjok's blog

  29. Pingback: Aardbevingen | Tsjok's blog

  30. Pingback: ORKANEN | Tsjok's blog

  31. Pingback: Geologie trefwoord N | Tsjok's blog

  32. Pingback: Geologie trefwoord M | Tsjok's blog

  33. Pingback: GEOLOGIE TREFWOORD P | Tsjok's blog

  34. Pingback: GEOLOGIE UVWat | Tsjok's blog

  35. Pingback: uitstervingen | Tsjok's blog

  36. Pingback: Geologie Trefwoord L | Tsjok's blog

  37. Pingback: VERKLARENDE WOORDENLIJST PALEONTOLOGIE A | Tsjok's blog

  38. Pingback: Verklarende woordenlijst Paleontologie B | Tsjok's blog

  39. Pingback: Tsjok's blog

  40. Pingback: VERKLARENDE WOORDENLIJST PALEONTOLOGIE C | Tsjok's blog

  41. Pingback: VERKLARENDE WOORDENLIJST PALEONTOLOGIE E | Tsjok's blog

  42. Pingback: gesteenten | Tsjok's blog

  43. Pingback: ATACAMA walvis massagraf | Tsjok's blog

  44. Pingback: DNA | Tsjok's blog

  45. Pingback: Heterosomen of geslachts chromosomen | Tsjok's blog

  46. Pingback: FIRN | Tsjok's blog

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: