Overgang naar het genus HOMO . AUSTRALOPITHECUS SEDIBA


INHOUD —-> https://tsjok45.wordpress.com/2012/09/03/evodisku/

Australopethicus sediba     Oermens      Mensapen      Australopithecus

zie ook =
Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.<Australopithecus SEDIBA
Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.<STERKFONTEIN 2010
Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.<Denisova : ZUID SIBERIË
Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.<DENISOVA – mens

http://www.aaas.org/news/releases/2010/0408sp_fossil.shtml
http://www.eurekalert.org/pub_releases/2010-04/dlnl-itd040810.php 

Daar is ie dan

Hill slopes surrounding the newly discovered Malapa site in South Africa. 

landscape Hill slopes surrounding the newly discovered Malapa site in South Africa.
Credit and Larger Version

Cradle of Humankind (P.Dirks) A view across the Cradle of Humankind

Photo of excavations at Malapa, South Africa.

Excavations at Malapa, within the Cradle of Humankind World Heritage Site in South Africa.
Credit and Larger Version

Photo of scientists working at the Malapa site near Johannesburg, South Africa.
Scientists working at the Malapa site near Johannesburg, South Africa.
Credit and Larger Version

Photo showing excavated blocks rich in fossil remains from Malapa.
Excavated blocks rich in fossil remains from Malapa.
Credit and Larger Version

ancient-human1-h


Korte Samenvatting :

Belangrijk : De gevonden mensachtigen leefden tussen de 1,78 en 1,95 miljoen jaar geleden en kunnen wel eens vele vragen omtrent de evolutie van aap naar mens beantwoorden.

Berger :
“Australopithecus sediba is ongetwijfeld een overgangssoort met een mozaïek aan kenmerken die later ook door de mensachtigen in de lijn van het mensengeslacht werden gedeeld,”
vertelt Berger.

Uiterlijk

 

The skeletons of Australopithecussediba.
The more complete skeleton of the adolescent male (MH1) is on the left, and the less complete adult (MH2) is on the right. From Berger et al, 2010.
Associated skeletal elements of MH1 (left) and MH2 (right), in approximate anatomical position, superimposed over an illustration of an idealized Auafricanus skeleton (with some adjustment for differences in body proportions). The proximal right tibia of MH1 has been reconstructed from a natural cast of the proximal metaphysis.

De twee gedeeltelijke skeletten, van een volwassen vrouw ( MH2 )en een adolescente jongen,(MH 1) beide circa 1,30 meter lang, zijn de compleetste Australopitheci die ooit zijn gevonden. Opgegraven zijn onder meer een vrij complete schedel met aangezicht, een onderkaak, sleutelbeen , schouder ,armen , vingerkootjes , een bekken, gedeelten van een dijbeen , een fragment van de knie , een enkel.
De gevonden mensachtigen hebben net als apen lange armen en sterke handen.

Uit beide skeletten is een ( voorlopig ? ) holotype samengesteld


http://www.sciencemag.org/content/vol328/issue5975/images/small/328_195_F4.gif

Fig. 4. Representative ossa coxae, in lateral view, from left to right, of Auafarensis (AL 288-1), Au. africanus (Sts 14), Au. sediba (MH1), and H. erectus (KNM-WT 15000). The specimens are oriented so that the iliac blades all lie in the plane of the photograph (which thus leads to differences between specimens in the orientation of the acetabula and ischial tuberosities). MH1 possesses derived, Homo-like morphology compared to other australopithecines, including a relative reduction in the weight transfer distance from the sacroiliac (yellow) to hip (circle) joints; expansion of the retroauricular surface of the ilium (blue arrows) (determined by striking a line from the center of the sphere representing the femoral head to the most distant point on the posterior ilium; the superior arrow marks the terminus of this line, and the inferior arrow marks the intersection of this line with the most anterior point on the auricular face); narrowing of the tuberoacetabular sulcus (delimited by yellow arrows); and pronouncement of the acetabulocristal (green arrows) and acetabulosacral buttresses.

Hun vooruitgeschoven bekken is ver ontwikkeld en ze hebben lange benen waardoor ze in staat waren om te stappen en net als een mens te rennen.
Naar schatting waren de mensachtigen zo’n 1,27 meter groot, maar van het kind wordt verondersteld dat het nog niet volgroeid zou .

Het brein van de jonge mannelijke mensachtige was ongeveer tussen de 420 en 450 kubieke centimeters groot.
Dat is veel kleiner dan dat van de moderne mens met een grootte van 1200 tot 1600 kubieke centimeters.
De tanden zijn klein en ogen zeer modern , maar de knobbels op de kiezen zijn eerder aapachtig


Fig. 1. Craniodental elements of Au. sediba. UW88-50 (MH1) juvenile cranium in (A) superior, (B) frontal, and (C) left lateral views. (D) UW88-8 (MH1) juvenile mandible in right lateral view, (E) UW88-54 (MH2) adult mandible in right lateral view, (F) UW88-8 mandible in occlusal view, (G) UW 88-54 mandible in occlusal view, and (H) UW 88-50 right maxilla in occlusal view (scale bars are in centimeters)

“Dit fossiel geeft ons een uitzonderlijk gedetailleerd kijkje in een nieuw hoofdstuk van de menselijke evolutie toen mensachtigen niet langer afhankelijk waren van een leven in de bomen, maar op de grond gingen leven.” 

Er werden naast de mensachtigen nog fossielen van 25 andere soorten gevonden, waaronder een wilde kat( sabeltandkat ) , een bruine hyena, een wilde hond, een antilope en een paard.

(Gastbijdrage Bart Klink ) 

vingers? tenen?

” ….Ook in het postcranium (alles onder de schedel) is een interessante melange te vinden.
Au. sediba had een klein postuur (slechts 1,3 meter) en relatief lange armen.
Het pelvis (bekken) daarentegen doet weer meer aan Homo denken, net als de relatief lange benen.

Deze aanpassingen ‘anticiperen’ op de veranderingen in het pelvis die bij Homo ergaster/erectus (een latere Homosoort) aangetroffen worden, wat waarschijnlijk verband houdt met een energetisch efficiëntere manier van bipedalisme (rechtop lopen).
Het voetskelet is echter weer primitief (meer Australopithecusachtig).

Opmerkelijk genoeg wordt er niets over de vingers en tenen geschreven. Deze zijn bij Homo min of mee recht, maar bij de Australopithecussoorten gekromd, een aanpassing aan het leven in bomen.

Au. sediba bevestigt dat kenmerkende eigenschappen van de moderne mens (vooral bipedalisme en grote hersenenniet tegelijk ontstaan zijn. Deze soort liep al behoorlijk goed rechtop, maar met een schedelinhoud die net iets groter is dan die van een chimpansee.
Zo’n mix van kenmerken in evolutionaire overgangen komt vaak voor en wordt mozaïeke evolutie genoemd. ”

Er zijn dus -tot nu toe- géén mensapen/mens-achtigen gevonden, die op NIET op 2 benen liepen,
maar WEL significant > 400 cc hersenen hadden. Dus: grote hersenen wordt door bipedalisme voorafgegaan en niet andersom. :

Mensapen die normaal zich als viervoeter gedragen op de grond, kunnen makkelijk tijdelijk zich bipedaal voortbewegen wanneer ze bv door laag waterlopen zoals die beroemde filmopnames van David Attenborough laten zien (gorilla’s).
Eventjes tijdelijk je hersenen vergroten. is er niet bij ….

Maar het equivalent van tijdelijke bipedaliteit kan niet de tijdelijke vergroting van hersens zijn
maar wel wat je een ‘brainwave’ zou kunnen noemen: een tijdelijk, beter gebruik van je hersens.( ook van “geniale ” individuen uit de groep die een ontdekking doen die iedereen daarna naboots) Helemaal in overeenstemming ook met ‘gradualisme’. De evolutie van de mens bestaat uit een reeks (kleine) heldere momenten!( en beginnende doorgave van “cultuur”= net zoals die japanse makaken die zoete aardappels wassen ) zoiets?

Voor bipedaliteit tel ik in de literatuur plm 15 verklaringen, voor grote hersens minstens 25.
Het is in ieder geval achteraf duidelijk dat die de meeste voordelen blijken te hebben!

Overigens, volgens biomechanisch onderzoek levert een sterke achillespees past het echte voordeel op, tenminste als je hard wil lopen.
Rechtoplopen levert ook de meeste verkoeling en lijkt daarmee een voorwaarde om het grote hoofd koel te houden( de behouden haardos is daar ook een goed middel voor .)
Er zijn inmiddels hele bibliotheken volgeschreven over bipedaliteit.

( anecdote )”…..de beroemde frauduleuze schedel van ‘Pildown man’ werd aangevoerd als bewijs dat de mens al heel snel een grote herseninhoud had gekregenIn werkelijkheid blijkt dit dus pas relatief laat gebeurd te zijn.”

08 apr 2010

Het genus Homo heeft nieuwe “voorouder ” ?

De Australopithecus sediba liep al goed rechtop, maar kon dankzij zijn lange, aapachtige armen ook in bomen slingeren. Deze nieuwe mensachtige leefde twee miljoen jaar geleden in Zuidelijk Afrika.
Wellicht gaat het om een kandidaat- voorouder van het mensengeslacht Homo.

‘Sediba’ betekent ‘fontein’ in het Zuid-Sotho, een taal die in het gebied rond de vindplaatst veel wordt gesproken. De vondst zou als een fontein nieuwe gegevens over de evolutie van de eerste mensen moeten uitspuien.
Een koosnaampje – genre ‘Lucy’ of ‘Ardi’ – heeft Au. sediba nog niet
(omdat het australopithecus jongetje , gevonden is door een knaap en in zuid afrika , wensen de wetenschappers de keus van het koosnaampje over te laten aan de “kinderen van Zuid Afrika” )

Het vakblad Science pakte groot uit met het nieuws over de vondst en de eerste analyses van twee skeletten van de Australopithecus sediba.

UPDATE / (tsjok45)
op Australopithecus SEDIBA 


RESEARCH ARTICLES

Australopithecus sediba: A New Species of Homo-Like Australopith from South Africa

Lee R. Berger, Darryl J. de Ruiter, Steven E. Churchill, Peter Schmid, Kristian J. Carlson, Paul H. G. M. Dirks, and Job M. Kibii (9 April 2010)
Science 328 (5975), 195. [DOI: 10.1126/science.1184944]
Abstract » | Full Text » | PDF » | Supporting Online Material » | Podcast Interview »
RESEARCH ARTICLES
Geological Setting and Age of Australopithecus sediba from Southern Africa
Paul H. G. M. Dirks, Job M. Kibii, Brian F. Kuhn, Christine Steininger, Steven E. Churchill, Jan D. Kramers, Robyn Pickering, Daniel L. Farber, Anne-Sophie Mériaux, Andy I. R. Herries, Geoffrey C. P. King, and Lee R. Berger (9 April 2010)
Science 328 (5975), 205. [DOI: 10.1126/science.1184950]
Abstract » | Full Text » | PDF » | Supporting Online Material » De fossielen – twee, weliswaar gedeeltelijke maar goed bewaarde skeletten mét schedel – werden in augustus 2008 gevonden in een een kalksteengrot in Malapa, in het gebied ten noorden van de Zuid-Afrikaanse hoofdstad Johannesburg dat archeologen ook wel ‘de wieg van de mensheid’ noemen. Het gaat om de skeletten van een volwassen vrouw en een jongen (van ongeveer 12 jaar) die vermoedelijk samen omkwamen, mogelijk door door een door een vrij dodelijke val en/of (erop volgende ? ) verdrinking. Een sterk stromend riviertje sleurde hun lichamen vrijwel onmiddellijk na hun dood een 15 meter dieper gelegen grot in, getuige de nagenoeg intacte staat van hun skeletten.Gastbijdrage Bart KlinkDe auteurs van het tweede stuk (Dirks et al.) schrijven maar heel weinig over de taphonomie ( in dit geval hoe beide sebida specima , een fossiel geworden zijn); ze opperen slechts een hypothese.
Het grotcomplex is afgesloten en(tegenwoordig ? ) alleen toegankelijk door de gaten van bovenaf. Aan de grote hoeveelheid fossielen van andere dieren te zien, vielen er regelmatige dieren in die er blijkbaar niet meer uit konden komen. Het lijkt erop dat de twee homininen hetzelfde lot beschoren is geweest. Er is geen melding van botbreuken.De skeletten waren deels gearticuleerd, want wil zeggen dat de botten nog op hun ‘natuurlijk’ plek zaten.
Dan kun je gemakkelijk bepalen wat bij welke individu hoort.
Het lijk er inderdaad op dat beide skeletten ( een volwassen vrouw en een knaap / moeder en zoon ? ) ongeveer even groot waren toen ze stierven. Ik denk dat dit komt door het grote seksuele dimorfisme in Australopithecus

A diagram of how the skeletons of Australopithecus sediba came to be preserved in the Malapa cave deposit. From Dirks et al, 2010.

Op grond van de sedimentlaag waarin de fossielen werden gevonden, concludeert een internationaal onderzoeksteam dat déze A. sediba tussen 1,95 en 1,78 miljoen jaar geleden moet geleefd hebben. Dat is ruim een miljoen jaar na Lucy, de bekendste Australopithecus afarensis, en niet zolang voordat de Homo erectus fossielen een ( tot op heden bekende ) maximale ouderdomsgrens van diens eerste verschijnen vaststelden

(Gastbijdrage Bart Klink)
http://evolutie.blog.com/2010/04/10/een-nieuwe-mensensoort-wanneer-kun-je-spreken-van-een-mens/

” …..De fossielen zijn met drie verschillende methoden gedateerd (Dirks et al., 2010).
De radioactieve datering met de uranium-lood-methode kwam uit op een maximumleeftijd van 2 miljoen jaar.
De aanwezigheid van de sabeltandkat Megantereon wijst op een minimumleeftijd van 1,5 miljoen jaar.
Datering aan de hand van paleomagnetisme preciseerde de ouderdom tot 1,95-1,78 miljoen jaar geleden. Een ouderdom van net onder de 2 miljoen jaar is daarmee het meest waarschijnlijk, wat vrij jong is voor een Australopithecusfossiel. Dit plaatst Au. sediba midden in de overgang van Australopithecus naar Homo …”

Omdat het de eerste vondst is van Au. sediba, kunnen de onderzoekers nog niet zeggen of het om late, dan wel vroege individuen van de nieuwe soort gaat.
Maar dat het om een nieuwe soort mensachtige gaat, daarover bestaat geen twijfel.

Zoon deed vondst
Lee Berger, de Amerikaanse antropoloog van de universiteit van Witwatersrand die de ontdekker is van Au. sediba, beschrijft in een telefonische persbabbel hoe zijn 9-jaar oude zoon op 15 augustus 2008 de fossielen vond.

‘Die dag nam ik Matthew mee naar de site waar we toen aan het werk waren, in de buurt van Malupu. Plots hoorde ik hem roepen dat hij een been had gevonden, in een klein dalletje vlakbij de ingang van een kleine grot. Toen ik het zag, dacht ik eerst aan een bot van een antilope, want daar hebben we er hier al honderdduizenden van gevonden. Maar toen ik beter keek, zag ik duidelijk een mensachtig kaakbeen uit het zand steken.’


 
Professor Lee Berger, University of the Witwatersrand, en zoon , Matthew, naast het skelet van de juveniele Sediba ( Maropeng,/ Johannesburg,) , April 8, 2010.

Berger omschrijft Au. sediba als ‘een mozaïek van kenmerken’( zie appendix ) , een mengeling van het “primitievere” Australopithecus geslacht en het moderne mensengenus Homo.
De antropoloog wil nog niet gezegd hebben dat het zeker om een rechtstreekse voorouder van Homo erectus of Homo ergaster gaat, maar hij houdt er duidelijk wel rekening mee.
Maar het kan ook een voorouder zijn van andere, ons onbekende Homo-soorten. Of Au. sediba behoort tot een aparte groep die net als Homo is ontstaan uit Australopithecus, maar die in de loop van de evolutie is uitgestorven.’

Als Au. sediba geen voorouder was, maar een soort verre neef van de eerste Homo-soorten, verklaart dit mogelijk de erg vroege datering van de Homo erectus-skeletten van de Georgische site Dmanisi, die ook bijna twee miljoen jaar oud zijn.

Er zijn trouwens ook in afrika leden van het genus homo gevonden die ouder zijn dan de nu gevonden australopithecus (een lid van het apart genus australopithecinen( van het africanus / gracilis type ? zie daarover john Hawks ) dus , en die niet behoort tot het homo-genus ) o.a. is er Homo habillis ( en Rudolfensis waarvan we ook niet weten” of ze vroege of late vertegenwoordiger zijn van hun respectievelijke soorten ” )

Fragmenten van een homo habilis schedel Skull 1470
Deze’ schedel is een beetje ouder dan de gevonden Australopithecus Sediba fossielen

 

” Het is nogal gewaagd en moeilijk te be-argumenteren dat Sediba een voorouder is van het genus homo is , wanneer de soort later ( minstens een half miljoen jaar na ) ten tonele verschijnt dan de eerste leden van het homo geslacht ,” zei anthropologist Brian Richmond of George Washington University in Washington, D.C

Lees over alle verder nog komende en beginnende controverses het goede blog van Laelaps
http://scienceblogs.com/laelaps/2010/04/close_to_homo_-_the_announceme.php

Kleine
 tanden, lange armen

A. sediba heeft een rechtopstaande neus en kleine tanden, wat hij gemeen heeft met Homo erectus en H.habilis. Maar de schedelinhoud is verrassend klein (tussen 420 en 450 kubieke centimeter) en dat is dan weer typisch voor Australopithecus, net als het relatief grote voorhoofd.

De uitzonderlijk lange armen van A. sediba wijzen erop dat deze mensachtige nog in bomen slingerde – of dat tenminste kon als er gevaar dreigde op de grond. Maar het bekken doet dan weer denken aan Homo erectus, en de onderzoekers zijn ervan overtuigd dat A. sediba uitstekend

rechtop kon lopen.
Waarom ze de nieuwe soort dan plaatsen binnen Australopithecus, en niet binnen Homo?
Er is de kleine schedelinhoud
en
‘De erg lange, aapachtige armen tonen aan dat A. sediba nog prima in bomen kon leven, iets waartoe zelfs de vroegste Homo erectus niet in staat was. Dat heeft ons uiteindelijk over de streep getrokken’,
zegt Lee Berger.De twee skeletten zijn dermate goed bewaard, dat er zelfs nog sporen van organisch materiaal aanwezig zijn. Berger: ‘We sluiten niet uit dat we stukjes DNA kunnen isoleren, of misschien enkele proteïnen. De komende maanden zal er sowieso veel onderzoek over A. sediba verschijnen. Een zestigtal onderzoekers hebben gewacht op deze bekendmaking om hun onderzoek te publiceren.’
UPDATE / (tsjok45)
op Australopithecus SEDIBA (sst)De vooropgestelde werkhypothese

Volgens Berger is Au Sediba en ‘goede kandidaat’ voor de overgang( zie de opmerkingen over missing link in de appendix ) tussen de Australopithecinen en vroege vertegenwoordigers van het geslacht Homo, zoals Homo habilis. (De soort zou aan de basis liggen van het genus homo ) 

  OUDERDOM DIVERSE FOSSIELEN



Volgens een groep paleo-antropologen is het geslacht Homo ruim twee miljoen jaar geleden uit de Australopitheci ontstaan.
De moderne mens, Homo sapiens, is 200 duizend jaar oud.

( Gerdien De Jong )
” ….Omstreeks twee miljoen jaar geleden bestonden er een aantal soorten homininen, mensachtigen, in Afrika.
Er is weer een nieuwe soort aan het assortiment toegevoegd.
Dit is de plaats van Australopithecus sediba in de indeling van de fossiele soorten:


SK 847 specimen
SK 847 specimenPhotograph by David Brill.SK847 (Swartskrans 1969 ) is een andere voorgestelde link met de latere homo sapiens

http://humanorigins.si.edu/evidence/human-fossils/fossils/sk-847
Voorkanthttp://books.google.be/books?id=F3zBzr4JjYwC&dq=SK847&source=gbs_navlinks_s

Gastbijdrage Bart Klink)

afstamming?

” ….Berger meent dat de overgang naar Homo is gemaakt via de Au. africanus.
Deze soort leefde ook in Zuid-Afrika tussen ongeveer 3 en 2,4 miljoen jaar gelden en is daarmee de meest waarschijnlijke voorouder.
Au. sediba laat dus een mengeling zien van primitieve (Australopithecus-) en afgeleide (Homo-) kenmerken.
De vraag is alleen welke Homosoort waarschijnlijk de afstammeling is van Au. sediba.
De auteurs houden twee mogelijkheden open:
H. habilis en H. erectus.
Qua leeftijd zijn beide opties mogelijk, al is er van H. habilis materiaal bekend dat ouder is dan Au. sediba. Dit zegt echter weinig, want deze fossielen hoeven niet de eerste representanten te zijn van deze soort. 

Misschien zullen in de toekomst fossielen van Au. sediba gevonden worden die ouder zijn dan de oudste van H. habilisHet bepalen van afstammingsrelaties blijft lastig.
Misschien is Au. sadiba wel een doodlopende tak geweest.

conclusie

Deze vondsten wijzen op twee belangrijke punten.
Ten eerste dat er meerdere soorten homininen hebben bestaan rond de 2 miljoen jaar
geleden. Niet alleen robuuste Australopithecussoorten, maar ook de slanke Au. africanus.
Daarnaast hebben H. habilis en H. ergaster/erectus in die tijd naast elkaar bestaan en is er nog een andere soort die vaak tot Homo wordt gerekend (H. rudolfensis). 

Au. sediba is daar nu bij gekomen. Hoe meer fossielen gevonden worden, hoe duidelijker wordt dat de evolutie van de mens niet in één lijn heeft geleid naar de moderne mens. Uit dit verouderde beeld stamt ook de term ‘missing link’ (ontbrekende schakel), wat in de huidige opvattingen een onzinnig begrip is gewordenDe evolutie van de mens is een boom met vele uitgestorven takken en meerdere soorten die naast elkaar hebben bestaan. …”

prof. Dr. Gerdien De Jong 
http://evolutiebiologie.blogspot.com/2010/04/australopithecus-sediba.html http://en.wikipedia.org/wiki/Australopithecus_sediba

http://tsjok45.multiply.com/photos/album/728/australopithecus_

Tim White :
“De karakteristieken die A. sediba deelt met Homo ,zijn nogal aan de magere kant : ze kunnen zelfs toegeschreven worden aan de juveniele status van het belangrijkste skelet en vallen waarschijnlijk binnen de normale variaties binnen australopithecine
soorten “( =Bijvoorbeeld de hersenen van de knaap zouden wel eens grotendeels volgroeid kunnen geweest zijn , dat is aannemelijk ) 

Dat Sediba aan de basis ligt van het geslacht homo , is daarom nogal betwijfelbaar

Binnenkort uitsluitsel ?
Er zijn echter nog twee andere ( fragmentaire )skeletten gevonden … maar daar is nog niets over gepubliceert
(en er zouden mogelijk nog skeletten in de breccie vastzitten …..)
UPDATE / (tsjok45)
op Australopithecus SEDIBA 

APPENDIX en noten 

1.- Over mozaiken en evolutie
zie het prachtige blog en blogartikel van 
Terrence
http://www.vkblog.nl/bericht/309928/Evolutie_doet_aan_moza%EFeken.#commentaar
waaruit het volgende 

Evolutie doet aan mozaïeken.
vrijdag 9 april 2010 door Terrence

Inleiding.

Evolutie werkt bijna nooit op alle eigenschappen tegelijk. Sommige eigenschappen ondergaan evolutie terwijl andere eigenschappen nauwelijks veranderen. Een voorbeeld hiervan is makkelijk te bedenken. Een populatie organismen migreert naar een kouder gebied. De kenmerken die ervoor zorgen dat het organisme warm blijven ondergaan positieve selectie (deze worden over generaties steeds meer aanwezig in een populatie). Langer haar, dikker haar, dikkere vetlaag e.d. zijn een paar van deze kenmerken. Kenmerken die in deze omgeving ook goed werken (het gebit of lengte van bepaalde ledematen om even wat voorbeelden te noemen) evolueren nauwelijks of niet. Zo krijg je een mozaïek van kenmerken die heel erg veranderd zijn en kenmerken die nauwelijks veranderd zijn sinds de populatie migreerde naar deze koude omgeving.

Onze voorouders vertoonden mozaïeke evolutie.

Een werkelijk voorbeeld is de evolutie van de mens. Australopithecus is een geslacht van organismen die een vrij kleine hersencapaciteit hadden in vergelijking met de moderne mens (350-450cc in Australopithecus en 1100-1500cc inHomo sapiens). Echter liepen ze al wel rechtop te zien aan vele kenmerken die te vinden zijn in het bekken, benen en ruggengraat (Latimer & Lovejoy, 2005; Thorpe et al., 2007; Whitcome et al., 2007). Rechtop lopen evolueerde eerder dan de hersencapaciteit die pas evolueerde toen de eerste echte mensen (Homo) op het toneel verschenen. De manier waarop vrouwen baren bij onze soort is nog veel later ontstaan, na de splitsing tussen de Neanderthaler en onze soort zo’n 660.000 (+-140.000) jaar geleden (Green et al., 2008, Weaver & Hublin, 2009).

Een skelet van Lucy, hij/zij behoort tot de soort Australopithecus afarensis. Dit was een van de eerste skelletten die lieten zien dat rechtoplopen al vroeg was geëvolueerd. De hersencapaciteit was echter nog maar ongeveer 400cc. ”

(voor nog andere vooorbeelden van mozaik evolutie zie bovenstaand blog-artikel )

2.- AUSTRALOPITHECUS

_

Enkele reconstructie’ s van een paranthropus (a bosei) twee vroege homo’s = rudolfiensis , en erectus , australopithecus afarensis
“Lucy”(onderaan rechts ) is een reconstructie olv Donald Johnson

Ook oreopithecus b staat erbij ; omdat deze fossiele aap de eerste fossiele primaat is , die reeds rechtop liep ;

OREOPITHECUS BAMBOLII

Uit het Boven-Mioceen of Onder-Plioceen van Toscane was reeds sinds 1871 Oreopithecus bambolii bekend, doch men rekende deze tot de Smalneusapen.

Sedert 1949 echter heeft hörzeler vele nieuwe vondsten gedaan en van hem is de theorie afkomstig dat Oreopithecus een vroege Hominide is. Indien dit juist is, zou de stam van de Hominiden reeds ruim 10 miljoen jaar oud zijn. Hörzeler’s opvattingen worden door sommige onderzoekers gedeeld (o.a. Heberer, Köhlin), door anderen echter bestreden (o.a. Von Koenigswald, Valois). Het is ook mogelijk datOreopithecus geen voorvader van de Hominidae is, maar een vroege zijtak.

De Oreopithecus bambolii had een vlak breed gezicht, kleine hoektanden en nogal brede bekkenbeenderen. Vooral dat laatste vond Hörzeler een bewijs dat het dier op twee benen liep. Het komt namelijk alleen voor bij Hominiden (de mens en mensachtigen). Later is het skelet verder onderzocht en toen bleek dat het dier lange armen had en gewrichten die lijken op die van een orang-oetan. Het leefde dus in bomen in plaats van op de grond. Dat kan kloppen, want de omgeving waar het skelet is gevonden, was moerassig en bosrijk. Omdat het dier dus niet op twee benen liep, werd het niet langer beschouwd als voorouder van de mens. 
In 1997 hebben twee Spaanse onderzoekers (M. Köhler en S. Moyà-Solà) de botten die van het dier gevonden zijn, nog eens grondig onderzocht. Zij kwamen tot de conclusie dat de Oreopithecus bambolii geen voorouder van de mens is, al liep hij wel degelijk gewoonlijk op twee benen.
M.a.w . : Het dier zou ( samen met andere primaten ) wel bipedaal kunnen zijn , maar dat zou ook een geval van convergente evolutie vertegenwoordigen ….echter de afstammelingen van O bambooli stierven ondertussen allen uit
Toch was dit een belangrijke ontdekking omdat we nu voor het eerst onszelf met een ander tweebenig dier kunnen vergelijken. Dat is temeer van belang omdat onze voorouders, toen de Oreopithecus al op twee benen liep, nog viervoetige boomklimmers waren (en pas vier miljoen jaar later op twee benen begonnen te lopen ? .)

Gastbijdrage Bart Klink)
” ….De australopithecines zijn onder te verdelen in een robuuste groep (Au ‘Robustus ‘ : zeer stevige schedel, fors kaakapparaat en grote kiezen, ook wel als apart geslacht Paranthropusgegroepeerd) en een slanke groep,( Au ‘gracilis’ ) die deze robuuste kenmerken niet heeft.

Au. sediba is duidelijk te onderscheiden van de robuuste groep, maar lijkt erg op Au. africanus uit de slanke groep.
Toch zijn er ook verschillen met deze soort: de schedel is relatief breder,
het gezicht minder prognaat (de snuitpartij steekt minder naar voren),
de jukbeenderen steken minder zijwaarts uit en de boog boven de oogkassen (De wenkbrauwboog : torus supraorbitalis) is verschillend.
Ook zijn de tanden vrij klein vergeleken met Au. africanus.
Al deze kenmerken doen Au. sediba lijken op Homo.

Toch zijn er volgens de auteurs genoeg Australopithecuskenmerken om de beschreven soort binnen dit geslacht te plaatsen.
De voornaamste reden is de kleine schedelinhoud van 420 cc [net iets groter dan een chimpansee, red.]. De fossielen die doorgaans aan H. habilis ( persoonlijke noot : waarvan sommigen menen dat ie ook binnen het australopithecus-genus past ) worden toegeschreven, hebben een schedelinhoud die ongeveer tussen de 500 en 600 cc ligt, wat dus iets groter is. ….)

3.- reacties uit de wetenschappelijke wereld

What, if anything, is Australopithecus sediba?
http://johnhawks.net/weblog/fossils/sediba/malapa-berger-description-2010.html

Photo Album australopithecus

……The cranium of MH1 has more resemblances at Sterkfontein. To be sure, it is an 11-13-year-old juvenile and more gracile in some respects than any of the Sterkfontein crania. But take a look at it next to Sts 71:

MH1 next to Sts 71, frontal viewMH1 (left) next to Sts 71 (right)

They’re not identical, naturally. Sts 71 has higher temporal lines, a slightly smaller vault, and more prominent cheeks. It also has more postorbital constriction compared to MH1, though that isn’t obvious from this angle. MH1 has a true superorbital torus, Sts 71 has at best a shade of one. But you can see the similarities — the angle of the zygomatic process of the maxilla, the narrow and concave interorbital region, the tall and narrow orbits. MH1 has no prominent anterior pillars (bony swellings on either side of the nasal aperture), but Sts 71 is not very different in this region. Sts 71 has bigger teeth.

Consider also Sts 52:

MH1 next to Sts 71, frontal viewMH1 (left) next to Sts 52 (right)

Again, Sts 52 has anterior pillars and bigger teeth, but the shape of the face is very comparable between these two. The nasal bones in particular are similar in this pair, almost “pinched” at the midline, with a lateral expansion both superiorly and inferiorly.

We can do a similar exercise for most of the features of the MH1 cranium. What is exceptional, in the context of the Sterkfontein sample, is the overall gracility of the masticatory apparatus …….

One important thing that is not in the least bit exceptional:
Its brain. An endocranial volume estimate of 420 ml (from CT reconstruction) puts MH1 at the bottom of the range of variation at Sterkfontein — the best-known skull from Sterkfontein, Sts 5, has a volume of 485 ml, while STW 505 has a volume larger than 550 ml.

By contrast, the smallest endocranial volume known for early Homo is KNM-ER 1813, at 510 ml.
That specimen is extreme: the next smallest is 585.

The vault fits in A. africanus, most of the facial features have comparable specimens in the Sterkfontein sample, with some exceptions, and the postcranial skeleton is unexceptional. The teeth are mostly within the range at Sterkfontein with some exceptions. But the mandible — like those few facial characters — stands out.

Australopithecus sediba — a new species within Australopithecus — then seems like a fair diagnosis.
The craniodental derived features are of the sort that would usually justify a new species.
Heck, in the case of Kenyanthropus, even more minor differences in the face and size of teeth from contemporary A. afarensis caused Leakey and colleagues (2001) to name a new genus….

( G Korthof )
Wat is een mens?

” ….Ook maakt deze vondst opnieuw duidelijk dat hoe meer fossielen er gevonden worden, hoe vager de grenzen worden.
Er zijn zowel argumenten om Au. sediba in Australopithecus als in Homo te plaatsen.
Paleoantropoloog Donald Johanson, de ontdekker van het beroemde fossiel Lucy (dat tot Au. afarensis behoort), opteert voor het laatste. 

In combinatie met de andere fossielen rond deze overgang is de grens min of meer arbitrair geworden.
Dit is ook wat je mag verwachten op grond van evolutie.
Evolutie zorgt voor een continuüm tussen voorouders en afstammelingen, wat ook te zien is in de fossielen, als er daar genoeg van gevonden zijn tenminste.
Dit grensprobleem is inherent aan evolutie.
Ik blijf me er dan ook over verbazen dat er om dit punt zo fel gestreden wordt onder paleoantropologen (Lewin & Foley, 2004).

De grens tussen Australopithecus en Homo is misschien wel extra controversieel omdat het over de grens tussen mens en niet-mens gaat: wanneer kun je spreken van een mens?
Blijkbaar ligt dit niet alleen gevoelig bij creationisten, maar ook bij paleontologen die zich bezighouden met de evolutie van de mens….”

-een reactie van Donald Johnson is hier te vinden
sciam april 2010 Donalsd (Tsjok45)
Discoverer of ‘Lucy’ raises questions about Australopithecus sediba, the new human species from South Africa

zie ook
Lewin & Foley (2004), Principles of human evolution, Blackwell Publishing 

FAQ & glossary (Tsjok45)

evolutionary tree by Peter Schmid

Evolutionaire stamboom volgens ( de Zuid afrikaan) Dr Peter Schmid

Au sediba , Homo Habillis en Homo rudolfensis ,zijn (in deze stamboom )de mogedlijke kandidaten waaruit de
homo ergaster
 zou zijn geevolueerd

Overigens is (zijn de eerste identificeerbare sporen ) van “Homo sapiens ” ong -280.000 Y ( al dan niet ontwikkeld aan de afrikaanse (zuid-)oostelijke regio uit een afrikaanse tak van de Heidelbergensis( deze hypothetische stazmboom ) ,en de H antecessor ….. of zelfs ( volgens andere paleo antropologen uit de over de gehele ” oude wereld verspreide ) H Erectus )gevonden

Op te merken valt verder dat ook H . Neanderthalensis al langer dan vandaag , werd/ wordt ingeschat (door sommige antropologen ) , als een subspecies
http://en.wikipedia.org/wiki/Neanderthal_man

Fedor Steeman 22-04-2010

……De Neanderthaler is mogelijk een ondersoort. So what!?
Dat is niet bepaald een probleem voor evolutie.
De grens tussen de soorten moet ergens getrokken worden.
Dit was overigens ook de consensus onder wetenschappers zo’n jaar of dertig geleden. Toen sprak men al van Homo sapiens neanderthalensis Ook op http://en.wikipedia.org/wiki/Neanderthal_man , valt te lezen dat: “Neanderthals are either classified as a subspecies of humans[…]or as a separate species […]” zie ook —> over het inschatten/ herkennen van echte wetenschappelijke controversies :
http://anticreato.multiply.com/notes/item/19
NOTES c  : CONTROVERSEN
http://sandwalk.blogspot.com/2010/04/argue-both-sides.html
LARRY MORAN_Argue Both SidesOne of the distinguishing features of a true scientific controversy is that there are good arguments on both sides. In my class on controversies and misconceptions, I teach my students that they have to recognize a real scientific controversy and, when they do, they should be prepared to argue both sides. That’s the only way to demonstrate that they understand the issues.Unfortunately, this simple concept is not widely practiced—even among scientists. Quite often we see a case being made for one side without even acknowledging that there’s plenty of evidence for the opposing view.Take for example ;”Junk DNA” . The current literature is full of claims about the demise of junk DNA. The claim is based on some recent findings but nobody ever mentions the older evidence that has to be refuted. When you’re advocating a new model you have to do two things:(1) present evidence in favor of the old model, and(2) demonstrate that evidence against your “new” model should be rejected.You can’t do one without the other.This rule ONLY applies to controversies within science.                 In many cases, the ( debunking of the apologists’ ) trick is to recognize a “real” scientific controversy from one that only appears to be a scientific controversy.
( Note ) ……many Creationists and ID-ots want to ” teach ” false controversies ; in reality the promotion of non-scientific cvontroversies ( as genuine scientific controversies ) are good “strawman building ” devices
09-09-2011    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.<  UPDATE Australopithecus Sediba

Wetenschappers ontdekten in 2008 een nieuwe kandidaat ( dichtverwante ) voorloper van het genus homo ( waarbinnen dus ook de mens) :
De vondsten bestonden toen uit een fossiele jongen en een vrouw van de soort australopithecus Sediba
(lees er hier meer over). Ondertussen zijn fragmenten van meerdere individuen opgegraven = ruim 220 botten van deze vroege mensachtigen zijn gevonden, waaronder skeletonderdelen van nog drie individuen, maar die zijn nog niet grondig onderzocht. De verslagen van reeds uitgevoerde vervolgsonderzoeken gaan daarom voornamelijk over die eerste vrouw en jongen, mogelijk haar zoon 

De Australopithecus sediba is qua lichaamsbouw een mogelijke overgang tussen een australopithecus (1)
en het genus homo en beschikt over een mozaik van primitieve en moderne lichaamsfuncties. De ontdekkingen en het (nog lopende ) vervolgonderzoek werpt een heel nieuw licht op de evolutie van het genus homo
In Science verschenen deze week de eerste( kennisgeving) artikelen ….en daarbij opstartende discussies bij de huidige stand van het onderzoek

© afp
De Zuid-Afrikaanse professor Lee Berger vond de resten in 2008 in een grot in Zuid-Afrika.
Hij leidt sindsdien het onderzoek naar de soort, die Australopithecus sediba is genoemd. Er doen meer dan tachtig wetenschappers, studenten en technici aan mee

De mensachtige Australopithecus sediba leefde precies 1,977 miljoen jaar geleden ( veel vroeger dan tot nu toe werd aangenomen als datum voor een vroegste voorloper van homo ) . Zijn voeten en armen waren nog heel aapachtig, z’n handen en hersenen veel menselijker.
Na diepgaand (vervolg) onderzoek door wetenschappers vanover de hele wereld, zijn de paleoantropologen het erover eens geraakt dat het een van de meest belangwekkende vondsten in de menselijke stam-geschiedenis is.

HAND

 

Abstract

http://www.sciencemag.org/content/333/6048/1411

 Hand bones from a single individual with a clear taxonomic affiliation are scarce in the hominin fossil record, which has hampered understanding the evolution of manipulative abilities in hominins. Here we describe and analyze a nearly complete wrist and hand of an adult female [Malapa Hominin 2 (MH2)] Australopithecus sediba from Malapa, South Africa (1.977 million years ago). The hand presents a suite of Australopithecus-like features, such as a strong flexor apparatus associated with arboreal locomotion, and Homo-like features, such as a long thumb and short fingers associated with precision gripping and possibly stone tool production. Comparisons to other fossil hominins suggest that there were at least two distinct hand morphotypes around the Plio-Pleistocene transition. The MH2 fossils suggest that Au. sediba may represent a basal condition associated with early stone tool use and production.

        

“We hebben de meest complete hand van één individu van eender welke oude voorvader van de moderne mens die ooit ontdekt werd”, zegt Berger.

“En ze lijkt erg veel op een menselijke hand, met kleinere vingers en een lange duim. We krijgen nu een beter inzicht in het moment waarop onze grip, wat ons als mens zo uniek maakt, dat ons in staat stelt om piano te spelen, te schilderen, te typen, gereedschap uit steen te maken of handen te schudden, evolueert. “

De armen van Au. sediba waren lang en primitief, en wat dat betreft leek deze soort meer op een chimpansee dan op een mens. Maar aan die armen zaten opmerkelijk menselijke handen, met een relatief lange duim. Geschikt voor de fijne motoriek die je nodig hebt om bijvoorbeeld stenen werktuigen te fabriceren, meent Berger.

Nog volgens Berger had de soort een klein maar verrassend ontwikkeld brein en een modern bekken,
( de breedte van het geboortekanaal en de grote van de schedel zijn bij rechtoplopende mensachtigen , op elkaar afgestemd )

HEUP 

Abstract

http://www.sciencemag.org/content/333/6048/1407 The fossil record of the hominin pelvis reflects important evolutionary changes in locomotion and parturition. The partial pelves of two individuals of Australopithecus sediba were reconstructed from previously reported finds and new material. These remains share some features with australopiths, such as large biacetabular diameter, small sacral and coxal joints, and long pubic rami. The specimens also share derived features with Homo, including more vertically oriented and sigmoid-shaped iliac blades, greater robusticity of the iliac body, sinusoidal anterior iliac borders, shortened ischia, and more superiorly oriented pubic rami. These derived features appear in a species with a small adult brain size, suggesting that the birthing of larger-brained babies was not driving the evolution of the pelvis at this time.

© Peter Schmid / Lee Berger, Universiteit van WitwatersrandDe gereconstrueerde heupen van de jongen (links) en de vrouw (rechts).

Opvallend is dat het bekken al meer op dat van het Homo-geslacht lijkt (vertikaler, S-vorm) terwijl de schedel van sediba nog zo klein als een pompelmoes was.
Deze vondst zet dus een breed aanvaarde theorie op de helling dat het bekken van Homo zich anders ging ontwikkelen om kinderen met grotere herseninhoud te kunnen baren.
Misschien was het efficiënter rechtop lopen bepalend voor de ontwikkeling van een vertikaler bekken, menen de onderzoekers. (rvb)

Sediba kon perfect rechtop lopen, maar was ook nog een boomklimmer.
Dat laatste kon zelfs de vroegste Homo erectus niet meer.

Tegelijkertijd is de stand van de heupbotten duidelijk menselijker dan die van Lucy, de beroemde Australopitecus die een miljoen jaar eerder in het huidige Kenia leefde.
Vergelijk met de gereconstrueerde heupen van

reconstructed pelvis of

BSN49/P27 pelvis, top, compared to AL 288-1, bottom

BSN49/P27, ( vroege ) “homo erectus” uit Gona (boven)
en AL 288-1, “Lucy” ( onder )

 Lucy’s fossil pelvis -fragments


BREIN 

http://www.sciencemag.org/content/333/6048/1402

Abstract

http://www.sciencemag.org/content/333/6048/1417 The virtual endocast of MH1 (Australopithecus sediba), obtained from high-quality synchrotron scanning, reveals generally australopith-like convolutional patterns on the frontal lobes but also some foreshadowing of features of the human frontal lobes, such as posterior repositioning of the olfactory bulbs. Principal component analysis of orbitofrontal dimensions on australopith endocasts (MH1, Sts 5, and Sts 60) indicates that among these, MH1 orbitofrontal shape and organization align most closely with human endocasts. These results are consistent with gradual neural reorganization of the orbitofrontal region in the transition from Australopithecus to Homo, but given the small volume of the MH1 endocast, they are not consistent with gradual brain enlargement before the transition.

(voornamelijk de schedel van de jongen is diepgaand onderzocht ) 

De schedel van de jongen, die een jaar of negen geweest zal zijn, is supernauwkeurig in beeld gebracht met röntgenstraling van het Europese synchrotron in Grenoble (Frankrijk).
Vooral de binnenkant is belangrijk, want die verraadt heel veel over de vorm van de hersenen.

Qua grootte verschilden de hersenen nauwelijk van een chimpansee: 420 cc ongeveer
Maar de vorm is wel opmerkelijk anders.
De voorste delen, waar het betere denkwerk bij ons plaatsvindt, zijn duidelijk vergroot.
En dat geldt ook voor een gebied achter de linkerslaap, bij ons belangrijk voor sociaal gedrag en taal.
De onderzoekers zien dit als aanwijzingen dat de ‘vermenselijking’ van de hersenen al een eind op weg was.

Voet en Enkel

Abstract

A well-preserved and articulated partial foot and ankle of Australopithecus sediba, including an associated complete adult distal tibia, talus, and calcaneus, have been discovered at the Malapa site, South Africa, and reported in direct association with the female paratype Malapa Hominin 2. These fossils reveal a mosaic of primitive and derived features that are distinct from those seen in other hominins. The ankle (talocrural) joint is mostly humanlike in form and inferred function, and there is some evidence for a humanlike arch and Achilles tendon. However, Au. sediba is apelike in possessing a more gracile calcaneal body and a more robust medial malleolus than expected. These observations suggest, if present models of foot function are correct, that Au. sediba may have practiced a unique form of bipedalism and some degree of arboreality. Given the combination of features in the Au. sediba foot, as well as comparisons between Au. sediba and older hominins, homoplasy is implied in the acquisition of bipedal adaptations in the hominin foot.

DE HIEL
van de gevonden sediba exemplaren is echter nogal aapachtig en waarop het lastig lopen moet zijn geweest. Bij mensen is de hiel plat, zodat het gewicht op een groot oppervlak kan steunen, maar zij hadden een heel smalle, gekromde hiel. Toch waren hun enkels juist wel heel geschikt om mee rechtop te lopen.
Een prachtvoorbeeld van mozaik-kenmerken dus …

Al deze kenmerken, en zijn geologische leeftijd maken hem tot beste kandidaat om als onze oudste voorvader beschouwd te worden”, aldus Berger.

“Nog meer dan vorige ontdekkingen als de homo habilis.”

De leeftijd van de aardlaag die direct boven hun botten is afgezet. Die dateert van 1,977 miljoen jaar geleden, kon een geochemicus achterhalen – en hooguit tweeduizend jaar vroeger of later. Metingen aan uranium, dat vervalt tot lood, maakten de bepaling zo verbijsterend nauwkeurig.

Omdat de skeletten zo goed bewaard zijn gebleven, met ledematen die nog aan elkaar moeten hebben gezeten toen ze bedolven raakten, is dat ook de leeftijd van de vrouw en jongen zelf. 

Ze zijn daarmee iets ouder dan Berger in eerste instantie dacht, en dat komt hem goed uit. Het maakt deze soort namelijk tot een mogelijke voorouder van ons genus homo .

Abstract

http://www.sciencemag.org/content/333/6048/1421 Newly exposed cave sediments at the Malapa site include a flowstone layer capping the sedimentary unit containing the Australopithecus sediba fossils. Uranium-lead dating of the flowstone, combined with paleomagnetic and stratigraphic analysis of the flowstone and underlying sediments, provides a tightly constrained date of 1.977 ± 0.002 million years ago (Ma) for these fossils. This refined dating suggests that Au. sediba from Malapa predates the earliest uncontested evidence for Homo in Africa.

comparing-sebida-afarensis-erectus-990

Australopithecus , Homo of iets anders ?
SAMENVATTING door Gerdien De JONG
http://www.sterrenstof.info/?p=1573#comments

Er zijn behoorlijke verschillen tussen A. sediba en H. sapiens – anders was A. sediba direct wel in Homo geplaatst.

Uit de oorspronkelijke beschrijving, Science 9 april 2010:
These exact differences also align Au. sediba with the genus Homo (see SOM text S2 for hypodigms used in this study). However, we consider Au. sediba to be more appropriately positioned within Australopithecus, based on the following craniodental features: small cranial capacity, pronounced glabelar region, patent premaxillary suture, moderate canine jugum with canine fossa, small anterior nasal spine, steeply inclined zygomaticoalveolar crest, high masseter origin, moderate development of the mesial marginal ridge of the maxillary central incisor, and relatively closely spaced premolar and molar cusps. (griezel!; betekent een nogal aapachtig gezicht, onder andere:http://ngm.nationalgeographic.com/2011/08/malapa-fossils/fischman-text)

Uit de News Focus van Science van 9 september 2011:

Au. sediba’s hand still flexes in a way similar to the hands of apes that climb trees. And it came with a long, primitive arm that suggests it often hoisted itself up into trees, Berger says. But he also points out that Au. sediba’s fingers are relatively short, like his, and suggests that they worked with its long thumb to precisely grip objects such as stone tools.

The angle of the pelvic blades is more vertical in the reconstruction, and they are S-shaped like a human’s pelvis rather than that of Lucy, Berger says. But other traits, such as the diameter of the hip socket and the small size of the birth canal and sacral joint of the pubis, are like those in Australopithecus.

As Aiello noted, the heel is very primitive: When Au. sediba walked upright, it had to put its weight on a small, angled surface rather than on a broad, flat heel bone, which must have affected the way it walked. The new heel “is particularly strange and quite unlike any other hominid,” says paleoanthropologist Bruce Latimer of Case Western. Yet it had more mobility in its ankle, so its knee would have been directly over the foot when it walked upright. Jungers agrees that the foot is a “marvelous mosaic” of primitive and modern traits.

Algemene info:
http://blogs.discovermagazine.com/loom/2011/09/08/the-verge-of-human/

en een serie posts op:
http://johnhawks.net/weblog

Eerdere blogposts over de Malapa skeletten, na hun aankondiging in 2010:
http://evolutiebiologie.blogspot.com/2010/04/australopithecus-sediba.html
http://scienceblogs.com/laelaps/2010/04/close_to_homo_-_the_announceme.php#more
http://evolutie.blog.com/2010/04/10/een-nieuwe-mensensoort-wanneer-kun-je-spreken-van-een-mens/

Vandaag is er ( nog) geen uitsluitsel over wie nu de ” dichtste ” voorloper is van het genus homo

Homo erectus wordt algemeen beschouwd als meest waarschijnlijke eerste volwaardige vertegenwoordiger van het geslacht , maar of die nu zelf afstamt van de homo habilis (= een fossiel met eveneens een mozaiek aan kenmerken waardoor sommigen H Habilis rangschikken onder de australopithecinen en weer anderen denken aan een vroege vertegenwoordiger van het geslacht homo ….)
of van de Homo Rudolfenis is nog steeds niet al te duidelijk

Rudolfensis werd trouwens ook al in verband gebracht met de enigmatische Ngandong -mens (2) ( een zuid-oost aziatische H. Erectus ) en de vermeende verwante afstammelingen uit diens voorouderlijke lijn ( Homo georgicus ?Dmanisi ? of hebben die alleen maar europese afstammelingen ? ) waaronder de chinese Dali- mens en zelfs de mens van Denisova (bekend van vingerkootje en genetische bijdragen aan zuid-oost aziaten en melanesiers )

Denisova
 zou ook wel een Midden aziatische afstammeling kunnen zijn van oude afrikaanse ( archaische H erectus ?) emigranten .
Ook homo floresiensis past misschien in dat “afstammelingen van pre-erectus afrikaanse emigranten ” , hoekje ….

Volgens de zuid-afrikaanse wetenschappers rond Berger is de australopithecus sediba nu een meer waarschijnlijke overgangs-kandidaat tussen australopithecus en het genus Homo .
Maar het laatste woord is nog niet gezegd …
( Berger en Clark ( zie hieronder ) stellen al een tijdje de eigen kandidaat voor , na de ontdekking van “little Foot “)

De fossielen passen echter niet naadloos in de grote puzzel die er al lag.
Er is bijvoorbeeld nog een kaak van 2,3 miljoen jaar oud (3) gevonden die aan Homo wordt toegeschreven, en die kan natuurlijk niet aan een afstammeling van de vondsten van Berger hebben toebehoord.

Berger denkt dat het etiket ‘Homo er ten onrechte op is geplakt en vindt dat het best een lid van de Australopithecus-familie kan zijn geweest.

Het blijft ook een beetje een woordenspel, natuurlijk. De stamboom waaruit de mens is voortgekomen, blijkt steeds weer ingewikkelder dan gedacht. Paleontologen willen graag een helder overzicht met uitgestorven en doorevoluerende soorten, maar die zal er nooit komen.

Wat in de hele discussie lijkt te worden vergeten, is de mogelijkheid dat de menssoorten voortdurend met elkaar kruisten. Van de moderne mens is dankzij DNA-onderzoek sinds kort bekend dat hij na vertrek uit Afrika vruchtbare seks heeft gehad met twee andere menstypen (Neanderthalers en de Denisova-mens). Ook binnen Afrika wijzen genetische analyses erop dat er zo’n 35 duizend jaar geleden waarschijnlijk vermenging met oudere menssoorten is opgetreden.

Vlak na de splitsing van mens en chimpansee moet zoiets ook gebeurd zijn, concludeerden genetici in 2006. Het zou vreemd zijn als er in Afrika ook daarna niet af en toe seks buiten de (vage) soortgrenzen is geweest.

© afp
NIEUWE VONDSTEN  V/H KAROBO SKELET  2012
The rock containing the skeleton.of A sediba
The rock containing the skeleton.

Professor Lee Berger,announcement at the Shanghai Science and Technology Museum in Shanghai, China on 13 July 2012.

“We have discovered parts of a jaw and critical aspects of the body including what appear to be a complete femur (thigh bone), ribs, vertebrae and other important limb elements, some never before seen in such completeness in the human fossil record,” says Berger. “This discovery will almost certainly make Karabo the most complete early human ancestor skeleton ever discovered. We are obviously quite excited as it appears that we now have some of the most critical and complete remains of the skeleton, albeit encased in solid rock. It’s a big day for us as a team and for our field as a whole.”

De botten van de in 2008 ontdekte mensachtige Australopithecus sediba vertonen zowel menselijke als aapachtige trekjes.

Die vondst vormt daarmee een uitgesproken voorbeeld van menselijke evolutie en een  goede transitionnal  tussen aap en mens.

Die conclusie presenteert het tijdschrift  Science  12  april 2013  in een begeleidend artikel bij zes wetenschappelijke publicaties over deze mensachtige.

http://www.sciencemag.org/content/340/6129/163.full

Cover image expansion

COVER Reconstruction of a ~2-million-year-old Australopithecus sediba skeleton (height: ~1.3 meters) based on fossils from the Malapa Hominin 1 (MH1), MH2, and MH4 specimens from Malapa, Gauteng, South Africa. Brown indicates discovered fossils. Au. Sediba exhibits a mosaic morphology distinct from that of other australopiths and early Homo. See pages 132 and 163, as well as www.sciencemag.org/extra/sediba. Reconstruction: Peter Schmid and casting technicians at the University of the Witwatersrand’s Evolutionary Studies Institute; Photo: Brett Eloff, courtesy of Lee R. Berger and the University of the Witwatersrand

De onderzoeksteams studeerden vier jaar op de botten van drie verschillende Australopitheci sediba: een jonge man, een volwassen vrouw en een niet definieerbare volwassene. De tanden vertonen menselijke en aapachtige trekken. Het bekken is mensachtig, evenals de handen, maar de voeten hebben meer weg van die van een chimpansee. Ook had hij een meer flexibele onderrug dan wij. 

Vooral het gebit van Australopethicus sediba verschilt duidelijk van de primitievere Australopethicus africanus, die tussen drie en twee miljoen jaar geleden ook in Zuid-Afrika leefde en meer aapachtige trekjes had.

Doordat de eigenschappen van Australopithecus sediba een mozaïek vormen van aapachtige en menselijke trekken, hebben de wetenschappers moeite met het indelen van deze mensachtige, schrijven ze.

Vermoedelijk was sediba een tussensoort voorafgegaan door Australopithecus africanus en later opgevolgd door de succesnummers Homo habilis of Homo erectus, voorgangers van de Homo sapiens waar wij toe behoren.

Door: NU.nl/Jop de Vrieze  | Bekijk op de kaart

http://phys.org/news/2013-04-australopithecus-sediba-hominid-reveals-human.html

Composite reconstruction of Au. sediba based on recovered material from MH1, MH2 and MH4 and based upon the research presented in the accompanying manuscripts. As all individuals recovered to date are approximately the same size, size correction was not necessary. Femoral length was established by digitally measuring a complete femur of MH1 still encased in rock. For comparison, small-bodied female modern H. sapiens on left, Male Pan troglodytes on right. Credit: Lee Berger, University of the WitwatersrandRead more at: http://phys.org/news/2013-04-australopithecus-sediba-hominid-reveals-human.html#jCp
BBC  artikel met video
°
_______________________________________________________________________
LITTLE FOOT
ER zit echter nog een ander belangrijk mensachtig zuid-afrikaans australopithecus fossiel / (mogelijke kandidaat overgangsvorm ) in het zoutvat …. StW 573 met de koosnaam little foot
Na 15 jaar intensieve opgravingen werd een rotsblok gevonden waarin duidelijk goed bewaarde schedel , arm , hand , onderste ledematen , pelvis , ribben en verschillende ruggewervels werden onderscheiden …een fossiel dat aansloot bij de 15 jaar eerder ontdekte (voet) botten van een nieuwe australopithecus in de reserves van een museum …. De ontdekkers van ddeze naald in de hooiberg dachten dat al na twee maanden de gerecupereerde en losgebikte grotbewoner uit Sterkfontein-caves , zou kunnen worden voorgesteld … Maar het uitprepareren is blijkbaar ook vandaag nog , steeds niet volledig afgelopen ? …Wetenschappers verwachten nog altijd dat ” little foot ” veel heeft te vertellen over de evolutie van de mensachtigen … maar wat precies , blijft een groot mysterie ….
Maar laat dat de pret niet bederven … immers ook ardipithecus gaf slechts na zeer lange voorbereidingen en studies uiteindelijk zijn” mysterie” prijs … Paleoantropologie is net als de rest van de wetenschap niet hetzelfde als eventjes iets opzoeken in een boekje of bibliotheekje en al helemaal niet in een mythisch boekje Tot nu toe zijn slechts een paar initieerende artikeltjes verschenen (4)… de onderzoekers zijn trouwens al een tijdje wat vast gelopen in een aanslepend debat over de ouderdom van Little foot waarbij het gaat om een ouderdomsbeapling tussen de uiitersten – 3.3 MY en – 2.2 MY met als voorlopige uitslag iets rond die 2 miljoen … ( 5)
http://www.cosmosmagazine.com/news/912/hominid-fossil-grows-younger (© Maropeng)
de schedel in situ…
“Little Foot” bezit nog steeds 32 tanden op hun oorspronkelijke plaats image(© Maropeng)

Een van de ontdekkers van deze( volgens hem ) nieuwe supplementaire australopithecinnen – tak
+ kandidaat overgangsvorm naar homo , Professor Ron Clarke tijdens de eerste uitprepareer-arbeid
http://www.maropeng.co.za/index.php/exhibition_guide/littlefoot/

http://en.wikipedia.org/wiki/Little_Foot

Press Release: December 9, 1998 http://virtual.yosemite.cc.ca.us/anthro/news/major_fossil_find_at_sterkfontei.htm
http://www.washingtonpost.com/wp-srv/national/daily/dec98/safrica10.htm

StW 573

According to Clarke, Little Foot does not belong to the species Australopithecus afarensis or Australopithecus africanus, but to a unique Australopithecus species previously found at Makapansgat and Sterkfontein Member Four

According to Clarke, Little Foot does not belong to the species Australopithecus afarensis or Australopithecus africanus, but to a unique Australopithecus species previously found at Makapansgat and Sterkfontein Member Four

(MLD 46) from Member 4, Makapansgat,

 

The above picture is from: Clarke (2008) Latest information on Sterkfontein’s Australopithecus skeleton and a new look at Australopithecus. South African Journal of Science 104, November/December 2008

UPDATE 

 15/03/2014
Alexander Verstraete
De Australopithecus Little Foot die in 1997 in Zuid-Afrika is ontdekt, zou wel degelijk ruim 3 miljoen jaar oud zijn en daarmee op min of meer hetzelfde moment als de beroemde Australopithecus Lucy hebben geleefd. Dat blijkt uit nieuw onderzoek uitgevoerd door Zuid-Afrikaanse en Franse wetenschappers. Eerder werd aangenomen dat Little Foot veel jonger was.

De Australopithecus wordt algemeen aanvaard als een verre voorouder van de moderne mens. De primitieve soort leefde tussen 4 en 1,5 miljoen jaar geleden in Afrika. Het beroemdste fossiel van de Australopithecus werd in 1974 in Ethiopië gevonden en kreeg de naam Lucy. Zij leefde zo’n 3,2 miljoen jaar geleden.

Het fossiele skelet van Little Foot werd in 1997 ontdekt in de grotten van Sterkfontein in Zuid-Afrika door professor Ron Clarke en zijn team van de Universiteit van de Witwatersrand. De euforie was groot, want nooit eerder waren overblijfselen van een Australopithecus ontdekt die zo volledig waren als het skelet van Little Foot.

Toch zou het enige tijd duren vooraleer de eerste onderzoeksresultaten werden vrijgegeven. Little Foot zat immers volledig in hard gesteente ingekapseld. Het vergde jaren om de botten met een uiterste precisie uit hun “gevangenis” te kappen. In 2011 brak Clarke het fossiele skelet ten lange leste met rots en al uit de grot om de analyse in het laboratorium te kunnen verderzetten.

Bladerdeeg

Alsof dit de zaken nog niet genoeg vertraagde, bestond lange tijd veel discussie over de precieze leeftijd van Little Foot. Clarke zelf meende van meet af aan dat de Australopithecus zo’n 3 miljoen jaar oud was, maar dat werd in 2006 door een ander team tegengesproken op basis van analyses van het gesteente rondom Little Foot.

Hoewel de site waar Little Foot werd gevonden doorheen de jaren flink werd verstoord, onder meer door mijnwerkers in de 19e eeuw, ging het concurrerende team ervan uit dat de ondergrond oorspronkelijk een nette “bladerdeeg” van meerdere lagen gesteente was. Door de lagen vlak boven en vlak onder Little Foot de dateren, meenden ze de leeftijd van de Australopithecus te kunnen vaststellen. Op basis hiervan beweerden ze dat Little Foot 2,2 miljoen jaar oud was.

Gruyèrekaas

Clarke was niet overtuigd door deze bevindingen en schakelde op zijn beurt de specialist Laurent Bruxelles in. Hij ging dieper in op de geschiedenis van de grotten van Sterkfontein en stelde vast dat de site naast een “bladerdeeg”-structuur ook veel weg had van een Gruyèrekaas. Doorheen de tijd is meer dan eens een grot ingestort waarna die met puin werd gevuld. Andere gaten werden dan weer tergend traag gedempt door insijpelend water dat nieuwe kalksteen afzette.

Deze bevindingen wierpen een nieuw licht op de werkelijke leeftijd van Little Foot. De Australopithecus is op een gegeven moment immers zelf het “slachtoffer” van een verzakking geworden waardoor het fossiel ter hoogte van de dijbenen in twee is gebroken. De ruimte die hierdoor vrijkwam, is veel later door nieuwe kalksteen opgevuld.

Het team dat in 2006 de datering uitvoerde, zou zich verkeerdelijk op die recentere kalksteen hebben gebaseerd om de leeftijd van Little Foot vast te stellen. Bruxelles concludeert mede hierdoor dat de Australopithecus wel degelijk veel ouder is dan 2,2 miljoen jaar. Op basis van zijn stratigrafisch onderzoek is de leeftijd van Little Foot nu vastgelegd op ruim 3 miljoen jaar. Dit betekent dat hij min of meer op hetzelfde moment als Lucy leefde én dat de voorouders van de mens mogelijk niet uitsluitend in het oosten van Afrika voorkwamen, maar ook in het zuiden van het continent.

http://news.sciencemag.org/africa/2014/03/little-foot-fossil-could-be-human-ancestor

Australopithecus, “Little Foot” foot bones, (StW 573), Sterkfontein, 1994. Credit: Mike Peel, CC-BY-SA-4.0.

http://phys.org/news/2014-03-stratigraphic-foot-oldest-australopithecus.html

little foot 1

little foot

(1) a. sediba is een vertegenwoordiger van een mogelijke vierde tak binnen de australopithecenen
– er zijn de duidelijk verschillende australopithecinen : ( de voorouderlijke a anamensis ) —> Parantropus ( a.robustus ) , en de groep ;
 a. afarensis a. africanus (a gracilis ) en nu ook a.sediba

Ook H Habilis wordt soms tot een aparte vijfde australopithecinen tak gerekend
(mogelijk te verbinden met de Sediba ? )

De opbouwende discussies en de hypothetische scenario-building worden zo langzaam maar zeker , steeds ingewikkelder

(2) Volgens sommigen is de ngandong mens een kruising tussen plaatselijke erectus-mensen en ( archaissiche ) sapiens rassen

Definition: The Ngandong hominin skulls are eleven skull caps, remains of human ancestors found in 1931 near the Solo River in Java, Indonesia. They are a part of the human ancestry puzzle because the morphology of the skulls appears to fit both Homo erectus or an archaic form of Homo sapiens.


(3)
over die kaak werd heel wat misleidende heibel gemaakt door de creationist Harun Yahya ; hij probeerde deze kaak ( met de officieele naam A.L.666-1 beeld ehij ook af in zijn “atlas ” ) maar dan als een archaische ” echte ” mens (homo sapiens , sapiesn ) te verkopen en als een onmogelijk anachronisme dat de dierlijke afstamming van diezelfde mens op losse schroeven zet …
Volgens hem was deze kaak een kaak van een spiens en niet van een “(mens) aap ” zoals al die anderen ( bijvoorbeeld ook habilis ) wél zijn .
Een bewijs dat de mens “apart” is ” geschapen ” en niet verwant is aan de apen …

en dus geheel in lijn met de oude aarde creationisten 

Uiteraard is die kaak A.L.666-1 de eerste bekende bovenkaak met duidelijke kenmerken van het GENUS Homo … waartoe ook de Homo Habillis (en de latere sapiens ) behoort …. De Kaak zelf zou kunnen afkomstig zijn een mannelijk exemplaar van een “voorouderelijke soort ” Habillis
http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/9209580

(Een oudere onderkant uit zambia zou eveneens een vroege homo-achtige zijn , maar dat is zeer omstreden )

De bovenkaak van Hadar werd gevonden in de nabijheid van olduvai-werktuigen
Hier een verslag van de ontdekking
http://www.archaeology.org/9701/newsbriefs/homo.html

(4) 
bijvoorbeeld eentje over een komplete “australopithecus hand ” in 1999 ( wat toch goed vergelijkingsmateriaal moet opleveren met de nu uitgeprepareerde sediba hand )

SAJS  

Het fossiel is lange tijd in situ gebleven omdat men meende de ouderdomsbepalingen te kunnen verfijnen door de stalagmiet en stalamietvorming te plaatse eerst grondig te gaan bestuderen ….

(5) De 2.2 MY limiet plaats het little foot fossiel in dezelfde tijd als de andere mogelijke overgangvormen tussen (Zuid afrikaanse ) australopithecinen en het genus homo ….van een van de vroegste (oudste ) australiopithecinen is hij misschien wel tegenwoordig een van de meest reccente geworden …. 

De diskussie zelf heeft nog geologische betekenis , maar is tegenwoordig niet meer relevant voor paleoantropologen …

Immers
de eerste fossiele vondsten van de Homo Habilis zijn echter juist “Habilis ” genoemd omdat de fossielen werden beschouwd als de” eerste veronderstelde mensachtige ” die de toenmalig als “oudste” bevonden “bewerkte ” stenen werktuigen had gemaakt …

Ondertussen weten we dat zelfs chimps stenen (maar nog onbewerkte ? ) werktuigen gebruiken ….het gebruik van “stenen ” werktuigen is dus geen eigenschap die uitsluitend onstond bij mensachtige dieren die daardoor plots mensen (althans van het geslacht homo ) kunnen worden genoemd ….
Bovendien zijn er ondertussen ook al veel oudere olduvai “stenen werktuigen ” ontdekt dan de bewerkte werkuigen … en wel in Oost afrikaans (afarensis en parantropus ?) gebied het centralere oost afrikaanse Olduvai Gorge (Tanzania ) )

http://www.amnh.org/exhibitions/permanent/humanorigins/history/early.php

Around 2.5 million years ago, something new appears in the record: stone tools. These early tools are not much to look at—just sharp-edged flakes of rock. Yet their appearance marks a major advance in human evolution. They signal the beginnings of basic technological thought, as our ancient relatives needed insight into which stones made better tools and how best to knock off cutting flakes. Having tools to cut meat from animal bones also opened up new possibilities for these hominids in their struggle for survival.

DAILY LIFE, 1.8 MILLION YEARS AGO
Making their home on the open grassland of southern Africa, early members of the species Paranthropus robustus may have used the interiors, or cores, of antelope horns as tools.

 2-04b_tools_4_6_b.jpg
© AMNH Exhibitions

TOOLS FROM OLDUVAI GORGE
Scientists named the most primitive kind of stone tool after Olduvai Gorge, Tanzania, where many such implements had been found. Most of these tools seem to have been simple sharp-edged flakes knocked off larger stone “cores.” Many cores were also used as tools.

EARLY STONE TOOLMAKERS

The invention of stone tools represents a significant advance in human evolution, signaling that our ancestors had developed mental capacities beyond those of modern apes. For many years, researchers linked the first stone tools with the relatively large-brained species Homo habilis, or “handy man.” But a number of other hominids lived in Africa around 2.5 million years ago and should also be considered possible toolmakers. Indeed, it now seems quite likely that the first toolmakers had small brains and archaically proportioned bodies.

“HANDY MAN”
Paleoanthropologists Louis and Mary Leakey discovered a lower jaw at Olduvai Gorge, Tanzania. Additional cranial fragments suggested that this individual had a slightly larger brain than other early African hominids known at the time. Reasoning that this larger-brained species was capable of making the stone tools previously found at the site, the Leakeys named it Homo habilis, or “handy man.”

OUDSTE DUBBELZIJDIGE ” BEWERKTE ” VUISTBIJL

http://www.wetenschap24.nl/nieuws/artikelen/2011/augustus/Handbijl-van-1-76-miljoen-jaar-oud.html

Het maken van gereedschappen zit de mens in het bloed, we doen het al minstens zo’n 2,5 miljoen jaar. Aanvankelijk ging het om eenvoudige werktuigen; ronde stenen die met een paar klappen van een andere steen een scherpe kant kregen. Deze periode van de oudste stenen werktuigen ter wereld staat bekend als het Oldowan.

Later ontstonden hoogwaardiger gereedschappen, die behalve met steen ook werden vervaardigd met been, geweien en hout. Die periode staat bekend als het Acheuléen. Maar wanneer begon die periode precies? Franse archeologen hebben nu een aantal handbijlen uit het Acheuléen gevonden die 1,76 miljoen jaar oud zijn, schrijven ze in Nature. Ze vonden de gereedschappen in het huidige Kenia, vlakbij het Turkana meer.

De handbijlen zijn 350.000 jaar ouder dan vergelijkbare gereedschappen die eerder in Ethiopië werden gevonden, aldus de archeologen in het artikel. Het Acheuléen begint daarom veel eerder dan tot dusver werd aangenomen. Dat klinkt spectaculair, maar is het dat ook?

De Nederlandse archeoloog Wil Roebroeks is niet overtuigd. ‘Ik ben een beetje verbaasd dat het onderzoek op deze manier in Nature terecht is gekomen. Ik ken eerdere artikelen van deze archeologen waarin ze vergelijkbare vondsten dateren op 1,65 miljoen jaar oud. Het is dus een beetje vreemd dat ze hun vondst alleen met de Ethiopische vondsten vergelijken.’

Maar volgens Christopper Lepre, hoofdauteur van het artikel in Nature, gaat Roebroeks te kort door de bocht: ‘Er waren inderdaad wel vermoedens dat het Acheuléen ouder zou zijn, maar de beslissende gegevens die laten zien dat deze periode eerder dan 1,7 miljoen jaar is begonnen, waren tot dusver niet gepubliceerd in wetenschappelijke bladen.’

Na elkaar of naast elkaar?
Wat verder opvalt aan de Franse vondst, is dat er gereedschappen uit zowel het Oldowan als het Acheuléen werden aangetroffen. De eenvoudige technologie is dus blijkbaar niet onmiddellijk verdrongen door de geavanceerdere. Beide technieken hebben naast elkaar bestaan.

Niet zo vreemd, vindt Roebroeks. ‘De Franse onderzoekers zijn geneigd om verschillende technologieën te koppelen aan verschillende menstypen. De ene groep zou over de eerste technologie beschikken, de andere over de tweede. Maar er is ook een stroming die denkt dat verschillende technologieën afhankelijk van de situatie werden ingezet: eenvoudige werktuigen voor simpele klusjes, meer ontwikkelde apparatuur als de omstandigheden daarom vroegen. Ook op andere plekken zijn de verschillende technologieën naast elkaar gevonden, op soms maar een paar honderd meter afstand van elkaar.’

Maar die laatste interpretatie is wel weer moeilijker te rijmen met vondsten buiten Afrika. De eerste mensen verlieten het Afrikaanse continent zo´n anderhalf miljoen jaar geleden al voor het eerst. De overblijfselen uit die tijd laten echter alleen de vroege technologie zien, niet de latere. Dat past goed bij de hypothese dat de groepen mensen die Afrika verlieten alleen over de vroege techniek beschikten.

Christopher Lepre sluit zelfs niet uit dat de groepen die slechts over de oudere technologie beschikten, van het Afrikaanse continent zijn verdreven: ‘Het is mogelijk dat groepen die het zonder de Acheuléense technologie moesten stellen, gedwongen werden om elders een leven op te bouwen’, aldus Lepre.

Maar in de archeologie is weinig echt zeker. Morgen kan een nieuwe vondst worden gedaan die weer een nieuw perspectief biedt op de vroege evolutie van de mens. Een handbijl bijvoorbeeld die laat zien dat de vroege migranten toch over de technieken uit het Acheuléen beschikten. Zeker is nu wel dat die technieken ouder zijn dan tot dusver werd aangenomen.

Christopher Lepre e.a., ‘An earlier origin for the Acheulian’, in Nature, 1 september 2011.

Update, 2 september: Noorderlicht heeft inmiddels inzage gehad in een aantal bronnen waaruit blijkt dat het vroegere begin van het Acheuléen niet zo opzienbarend is als Nature ons doet geloven. In Comptes Rendus Palevol schreef Hélène Roche al in 2003 al over dezelfde site als waar Lepre nu over heeft gepubliceerd in Nature. Ze komt daarbij uit op een ouderdom van tussen de 1,65 miljoen en 1,79 miljoen jaar, waardoor het ‘zonder twijfel een van de oudste Acheuléense assemblages in Afrika is’.

Nog opvallender is dat een van de mede-onderzoekers van Lepre, Sonia Harmand, vier jaar geleden precies dezelfde handbijlen beschrijft die nu weer in het Nature-artikel aan bod komen. In Mitteilungen der Gesellschaft für Urgeschichte schrijft ze de handbijlen in 2007 een ouderdom toe van 1,65 miljoen jaar.

Vreemd dus dat de vondsten in het Nature-artikel alleen met een Ethiopische vondst worden vergeleken. En vreemd ook dat Nature het zo groot op de cover plaatste. ‘De Nature reviewers hebben hier een steek laten vallen’, concludeert Wil Roebroeks, waarbij hij wel aantekent dat Lepre en consorten qua dateringsmethoden uitstekend werk hebben afgeleverd.


De redenen waarom “Little foot ” en co ook geen mogelijke olduvai -cultuur , zouden hebben gehad zijn lang niet duidelijk …. ZEker wanneer men ook Habilis gaat beschouwen als : slechts een “andere” jongere australopithecus 

LITTLE FOOT 

http://www.talkorigins.org/faqs/homs/littlefoot.html

Bijlagen:
http://www.massey.ac.nz/~alock/175316new/lecture_notes/lecture_12/humanevollect.html 

A Sediba  at onder meer boomschors

 28 juni 2012  

Onze voorouder Australopithecus sediba at planten, maar ook houtachtige structuren zoals boomschors. Dat concluderen onderzoekers. Het is voor het eerst dat er direct bewijs wordt gevonden van het dieet van onze voorouders.

Wetenschappers van met Max Planck Instituut bestudeerden de resten van Australopithecus sediba. Het gaat om de bekende twee zuidafrikaanse  fossielen “Moeder & zoon ” : zo’n twee miljoen jaar geleden belandden ze in een zinkgat. Hun resten raakten in het sediment begraven en zijn ondanks hun hoge leeftijd uitzonderlijk goed bewaard gebleven.

Tandplak
Zo uitzonderlijk goed dat zelfs de tandplak nog te analyseren viel. En dat hebben de onderzoekers nu gedaan, zo meldt het blad Nature. Tandplak is gemineraliseerd materiaal dat zich aan de tanden hecht. Het kan een goed beeld geven van wat mensen aten

. “Het is het eerste echte directe bewijs van wat onze oude voorouders in hun mond stopten en kauwden, oftewel wat ze aten,” vertelt onderzoeker Lee Berger.

Tandplak op de tanden van A. sediba. Foto: Amanda Berger.
Het dieet
Aan de tanden van de twee voorouders was al wel een beetje af te leiden wat deze aten. Maar de tandplak gaf echt duidelijkheid. In de tandplak vonden de onderzoekers sporen van planten terug. De voorouders van de mens bleken onder meer bladeren, gras, fruit en boomschors te eten.

Verrassend
En dat is heel verrassend. Het dieet van A. sediba is namelijk heel anders dan dat van andere menselijke voorouders die ongeveer in dezelfde tijd leefden

. “De resultaten wijzen op een heel ander dieet dan dat van andere vroege mensachtigen en doen denken aan het dieet van de moderne chimpansee,” vertelt onderzoeker Matt Sponheimer. Daarmee is het dieet van A. sediba heel anders dan dat van bijvoorbeeld Australopithecus.

En dat is heel verrassend, omdat er verder toch wel wat overeenkomsten zijn tussen A. sediba en Australopithecus.

Hetzelfde geldt voor de mensachtigen uit het geslacht Homo. 

A. sediba doet op basis van zijn dieet niet zozeer denken aan een mensachtige, maar eerder aan een dier dat handig gebruik maakte van de grondstoffen die het bos te bieden had.

“Persoonlijk vond ik het bewijs voor de consumptie van boomschors het meest verrassend” merkt Berger  “.Maar primatologen weten al jaren  dat primaten – waaronder apen van de chimpansee-tak  – in tijden van voedselschaarste boomschors eten, …ik had  echt niet verwacht dat het op het menu van een vroege voorouder van de mens zou staan.”

…….Australopithecus sediba dined on wood: Food particles stuck on the teeth of a fossil of A. sediba revealed the nearly two-million-year-old hominid ate wood—something not yet found in any other hominid species. A. sediba was found in South Africa in 2010 and is a candidate for ancestor of the genus Homo…..

Read more: http://blogs.smithsonianmag.com/hominids/category/homo/neanderthals/#ixzz2IiSRJyyn

Over tsjok45
Gepensioneerd . Improviserend jazzmuzikant . Instant composer. Jamsession fanaat Gentenaar in hart en nieren

One Response to Overgang naar het genus HOMO . AUSTRALOPITHECUS SEDIBA

  1. Pingback: AUSTRALOPITHECUS | Tsjok's blog

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: